Etablissements de crédit

Transcription

Etablissements de crédit
REGLEMENT VAN DE COMMISSIE
VOOR HET BANK-, FINANCIE- EN
ASSURANTIEWEZEN VAN
17 OKTOBER 2006 OVER HET
REGLEMENT OP HET EIGEN
VERMOGEN VAN DE
KREDIETINSTELLINGEN EN DE
BELEGGINGSONDERNEMINGEN
REGLEMENT DE LA COMMISSION
BANCAIRE, FINANCIERE ET DES
ASSURANCES DU
17 OCTOBRE 2006 CONCERNANT
LE REGLEMENT RELATIF AUX
FONDS PROPRES DES
ETABLISSEMENTS DE CREDIT ET
DES ENTREPRISES
D’INVESTISSEMENT
DE COMMISSIE VOOR HET BANK-,
LA
COMMISSION
BANCAIRE,
FINANCIE- EN ASSURANTIEWEZEN, FINANCIERE ET DES ASSURANCES,
Gelet op de wet van 22 maart 1993 op het Vu la loi du 22 mars 1993 relative au
statuut van en het toezicht op de statut et au contrôle des établissements de
kredietinstellingen, inzonderheid op de crédit, notamment les articles 43 et 80 ;
artikelen 43 en 80;
Gelet op de wet van 6 april 1995 inzake
het statuut van en het toezicht op de
beleggingsondernemingen,
de
bemiddelaars en beleggingsadviseurs,
inzonderheid op de artikelen 90, 91 en
95;
Vu la loi du 6 avril 1995 relative au statut
des entreprises d’investissement et à leur
contrôle, aux intermédiaires et conseillers
en
placements,
notamment,
les
articles 90, 91 et 95 ;
Gelet op de richtlijn 2006/48/EG van
14 juni 2006 betreffende de toegang tot
en de uitoefening van de werkzaamheden
van kredietinstellingen;
Vu
la
directive 2006/48/CE
du
14 juin 2006 concernant l’accès à
l’activité des établissements de crédit et
son exercice ;
la
directive 2006/49/CE
du
Gelet op de richtlijn 2006/49/EG van Vu
14 juni 2006
inzake
de 14 juin 2006 sur l’adéquation des fonds
kapitaaltoereikendheid
van propres des entreprises d’investissement
beleggingsondernemingen
en et des établissements de crédit ;
kredietinstellingen;
Gelet op het advies van de Nationale Vu l’avis de la Banque Nationale de
Bank van België;
Belgique;
Gelet op de raadpleging van de Vu la consultation des établissements de
kredietinstellingen
en
de crédit et des entreprises d’investissement
par
leur
association
beleggingsondernemingen
via
hun représentés
professionnelle ;
beroepsvereniging,
1
BESLUIT :
TITEL I : TOEPASSINGSGEBIED EN
DEFINITIES
ARRETE :
TITRE I : CHAMPS D’APPLICATION ET
DEFINITIONS
Hoofdstuk 1 : Toepassingsgebied
Chapitre 1 : Champs d'application
Art. I.1
Art. I.1
Sauf indications contraires, les
Tenzij anders is aangegeven, zijn de
bepalingen van dit reglement van dispositions du présent règlement
s’appliquent :
toepassing op :
1° de kredietinstellingen in de zin van 1° Aux établissements de crédit au sens
de l’article 1er, alinéa 2, 1° et visés
artikel 1, tweede lid, 1°, en bedoeld in
aux titres II et IV de la loi du
titel II en titel IV van de wet van
22 mars 1993 relative au statut et au
22 maart 1993 op het statuut van en
contrôle des établissements de crédit ;
het toezicht op de kredietinstellingen;
2° de beleggingsondernemingen in de 2° Aux entreprises d’investissement au
sens de l’article 44, alinéa 1 et visés
zin van artikel 44, eerste lid, en
aux titres II et IV de la loi du
bedoeld in titels II en IV van de wet
6 avril 1995 relative au statut et au
van 6 april 1995 inzake het statuut
contrôle
des
entreprises
van en het toezicht op de
d’investissement et à leur contrôle,
beleggingsondernemingen,
de
aux intermédiaires et conseillers en
bemiddelaars en beleggingsadviseurs,
placement ; pour autant qu’elles
voor zover zij een vergunning hebben
disposent d’un agrément en tant que
verkregen als beursvennootschap,
société de bourse ou société de
vennootschap voor vermogensbeheer;
gestion de fortune ;
en Belgique
3° de bijkantoren in België van 3° Aux succursales
d’entreprises
d’investissement
beleggingsondernemingen
die
relevant du droit d’Etats qui ne sont
ressorteren onder het recht van Staten
pas membres de l’Union Européenne,
die geen lid zijn van de Europese
visées au livre II, titre IV de la loi du
Unie, bedoeld in boek II, titel IV van
6 avril 1995 relative au statut et au
de wet van 6 april 1995 inzake het
contrôle d’entreprise d’investissement
statuut van en het toezicht op de
et à leur contrôle, aux intermédiaires
beleggingsondernemingen,
de
et conseillers en placements, et qui
bemiddelaars en beleggingsadviseurs
ont obtenu auprès de la CBFA,
en die van de CBFA een vergunning
l’agrément de société de bourse ou de
hebben
verkregen
als
gestion de fortune, ou de société de
beursvennootschap,
vennootschap
placement d’ordres en instruments
voor
vermogensbeheer
of
financiers.
vennootschap voor plaatsing van
orders in financiële instrumenten.
De in het eerste lid bedoelde
instellingen
worden
hierna
“de 1er
Les établissements visés à l’alinéa
sont dénommés ci-après « les
2
instellingen” genoemd.
établissements ».
Titel III,
hoofdstuk 3,
en
artikel XIII.3 zijn echter van toepassing
op de instellingen voor elektronisch geld
bedoeld in artikel 1, tweede lid, 2°, van
de wet van 22 maart 1993.
Le chapitre 3 du titre III ainsi que
l’article XIII.3 sont toutefois applicables
aux
établissements
de
monnaie
électronique visés à l’article 1er, alinéa 2,
2°, de la loi du 22 mars 1993.
Hoofdstuk 2: Definities
Chapitre 2 : Définitions
Art.I.2
Art. I.2
Voor de toepassing van dit reglement
wordt verstaan onder:
Aux fins du présent règlement, on
entend par :
(1) “kredietinstelling”: een onderneming
waarvan de werkzaamheden bestaan in
het van het publiek in ontvangst nemen
van
deposito's
of
van
andere
terugbetaalbare gelden en het verlenen
van kredieten voor eigen rekening als
gedefinieerd in artikel 1 van de wet van
22 maart 1993 op het statuut van en het
toezicht op de kredietinstellingen;
(1) «Etablissement de crédit»: une
entreprise dont l'activité consiste à
recevoir du public des dépôts ou d'autres
fonds remboursables et à octroyer des
crédits pour son propre compte tel que
défini par l’article 1 de la loi du
22 mars 1993 relative au statut et au
contrôle des établissements de crédit ;
(2) “bevoegde autoriteiten”: de nationale
autoriteiten die, op grond van wettelijke
of
bestuursrechtelijke
bepalingen,
bevoegd zijn om toezicht uit te oefenen
op de instellingen;
(2) «Autorités compétentes», on entend
les autorités nationales habilitées en
vertu d'une loi ou d'une réglementation à
surveiller les établissements ;
(3) “bijkantoor”: een bedrijfszetel die een
deel zonder rechtspersoonlijkheid vormt
van een instelling en rechtstreeks, geheel
of gedeeltelijk, handelingen verricht die
eigen zijn aan de werkzaamheden van een
instelling;
(3) «Succursale»: un siège d'exploitation
qui constitue une partie dépourvue de
personnalité juridique d'un établissement
et qui effectue directement, en tout ou en
partie, les opérations inhérentes à
l'activité d'un établissement ;
(4) “financiële
instelling”:
een
onderneming die geen instelling is en
waarvan de hoofdwerkzaamheid bestaat
in het verwerven van deelnemingen of in
het uitoefenen van een of meer van de
onder artikel 3, § 2, punten 2 tot en met
12 van de wet van 22 maart 1993
opgenomen werkzaamheden;
(4) «Etablissement
financier»:
une
entreprise, autre qu'un établissement, dont
l'activité principale consiste à prendre des
participations ou à exercer une ou
plusieurs activités visées à l’article 3, § 2
à 12 de la loi du 22 mars 1993 ;
(5) ”lidstaat”: lidstaat van de Europese
Unie;
(5) «Etat membre»: Etat membre de
l’Union Européenne ;
(5bis) “lidstaat
(5bis) «Etat membre d'origine»: l'Etat
van
herkomst”:
de
3
lidstaat waarin aan een instelling een
vergunning is verleend;
membre dans lequel un établissement a
été agréé ;
(6) “derde land” : staat die geen lidstaat
is;
(6) «Pays tiers»: Etat qui n’est pas un
Etat membre ;
(7) “zeggenschap” : het verband dat
bestaat tussen een moederonderneming
en een dochteronderneming, zoals
bepaald bij het koninklijk besluit van
23 september 1992 op de jaarrekening
van de kredietinstellingen, of een verband
van dezelfde aard tussen een natuurlijke
of rechtspersoon en een onderneming;
(7) «Contrôle»: le lien qui existe entre
une entreprise mère et une filiale, tel que
prévu
par
l’arrêté
royal
du
23 septembre 1992 relatif aux comptes
annuels des établissements de crédit, ou
une relation de même nature entre toute
personne physique ou morale et une
entreprise ;
(8) “deelneming” voor de toepassing van
artikel II.1, § 4 : een deelneming zoals
gedefinieerd in de reglementering op de
jaarrekening van de kredietinstellingen of
de beleggingsondernemingen. Voor de
toepassing van artikel II.1, § 4 wordt
onweerlegbaar
als
deelneming
beschouwd,
het
rechtstreekse
of
onrechtstreekse
bezit
van
maatschappelijke rechten die 20 % of
meer
vertegenwoordigen
van
de
stemrechten of het kapitaal van een
onderneming;
(8) «Participation»
aux
fins
de
l'application de l'article II.1, § 4 : une
participation telle que définie dans la
réglementation relative aux comptes
annuels des établissements de crédit ou
des entreprises d’investissement. Pour
l’application de l’article II.1, § 4, est
considéré de manière irréfragable comme
constitutif d’une participation le fait de
détenir, directement ou indirectement,
des droits sociaux qui représentent 20 %
ou plus des droits de vote ou du capital
d’une entreprise ;
(9) “moederonderneming”
:
een
moederonderneming in de zin van
artikel 3 van het koninklijk besluit van
23 september 1992 op de geconsolideerde
jaarrekening van de kredietinstellingen en
de beleggingsondernemingen;
(9) «Entreprise mère»: les entreprises
mères telles que mentionnées à l’article 3
de l’arrêté royal du 23 septembre 1992
relatif aux comptes consolidés des
établissements de crédit et des entreprises
d’investissement ;
(10) “dochteronderneming”
:
een
dochteronderneming in de zin van de
bepalingen van het koninklijk besluit van
23 september 1992 op de jaarrekening
van de kredietinstellingen, alsook iedere
onderneming
waarop
een
moederonderneming, naar de mening van
de CBFA, feitelijk een overheersende
invloed
uitoefent.
Elke
dochteronderneming
van
een
dochteronderneming
wordt
ook
beschouwd als een dochter van de
moederonderneming die aan het hoofd
van deze ondernemingen staat;
(10) «Filiale»: une entreprise filiale au
sens des dispositions de l’arrêté royal du
23 septembre 1992 relatifs aux comptes
annuels des établissements de crédit,
ainsi que toute entreprise sur laquelle une
entreprise mère exerce effectivement, de
l'avis de la CBFA, une influence
dominante. Toute entreprise filiale d'une
entreprise filiale est aussi considérée
comme celle de l'entreprise mère qui est
à la tête de ces entreprises ;
4
(11) “moederinstelling in een lidstaat” :
een instelling die een instelling of een
financiële
instelling
als
dochteronderneming heeft, of die een
deelneming in zo een instelling heeft, en
die zelf geen dochteronderneming is van
een andere instelling waaraan in dezelfde
lidstaat een vergunning is verleend, of
van een in dezelfde lidstaat opgerichte
financiële holding;
(11) «Etablissement mère dans un Etat
membre»: un établissement qui a comme
filiale un établissement ou un
établissement financier, ou qui détient
une
participation
dans
un
tel
établissement, et qui n’est pas lui-même
une filiale d’un autre établissement agréé
dans le même Etat membre ou d’une
compagnie financière constituée dans le
même Etat membre ;
(12) “financiële moederholding in een
lidstaat”: een financiële holding die zelf
geen dochteronderneming is van een
instelling waaraan in dezelfde lidstaat een
vergunning is verleend, of van een andere
financiële holding die in dezelfde lidstaat
is opgericht;
(12) «Compagnie financière mère dans
un Etat membre»: une compagnie
financière qui n’est pas elle-même une
filiale d’un établissement agréé dans le
même Etat membre ou d’une autre
compagnie financière constituée dans le
même Etat membre ;
(13) “EU-moederinstelling”:
een
moederinstelling in een lidstaat die geen
dochteronderneming is van een andere
instelling waarin in één van de lidstaten
een vergunning is verleend, of van een in
één van de lidstaten opgerichte financiële
holding;
(13) «Etablissement mère dans l’UE»:
un établissement mère dans un Etat
membre, qui n’est pas une filiale d’un
autre établissement agréé dans un Etat
membre ou d’une compagnie financière
constituée dans un Etat membre ;
(14) “financiële EU-moederholding”: een
financiële moederholding in een lidstaat
die geen dochteronderneming is van een
instelling waaraan in een lidstaat een
vergunning is verleend, of van een andere
financiële holding die in een lidstaat is
opgericht;
(14) «Compagnie financière mère dans
l’UE»: une compagnie financière mère
dans un Etat membre, qui n’est pas une
filiale d’un établissement agréé dans un
Etat membre ou d’une autre compagnie
financière constituée dans un Etat
membre ;
(15) “financiële holding” : een financiële
instelling
waarvan
de
dochterondernemingen uitsluitend of
hoofdzakelijk instellingen of financiële
instellingen zijn, waarbij ten minste één
van die dochterondernemingen een
instelling is, en die geen gemengde
financiële holding is in de zin van
artikel 49bis
van
de
wet
van
22 maart 1993 of artikel 95bis van de wet
van 6 april 1995;
(15) «Compagnie financière »: un
établissement
financier
dont
les
entreprises filiales sont exclusivement ou
principalement des établissements ou des
établissements financiers, l'une au moins
de ces filiales étant un établissement, et
qui n'est pas une compagnie financière
mixte au sens de l’article 49 bis de la loi
du 22 mars 1993 ou 95 bis de la loi du
6 avril 1995 ;
(16) “gemengde financiële holding”: een
moederonderneming die geen financiële
holding of een moederonderneming is, en
(16) «Compagnie financière mixte»: une
entreprise mère, autre qu'une compagnie
financière holding ou un établissement
5
die aan het hoofd staat van een financiële
groep als gedefinieerd in artikel 49bis van
de wet van 22 maart 1993 of artikel 95bis
van de wet van 6 april 1995;
mère, à la tête d’un groupe financier tel
que définit à l’article 49 bis de la loi du
22 mars 1993 ou 95 bis de la loi du
6 avril 1995 ;
(17) “onderneming die nevendiensten
verricht” : een onderneming bedoeld in
artikel 32, § 4, 5°, van de wet van
22 maart 1993;
(17) «Entreprise
de
services
auxiliaires»: une entreprise telle que visée
par l’article 32 § 4, 5° de la loi du
22 mars 1993 ;
(18) “CBFA” : de Commissie voor het
Bank-, Financie- en Assurantiewezen;
(18) «CBFA»: la Commission bancaire,
financière et des assurances ;
(19) “wet van 22 maart 1993”: de wet
van 22 maart 1993 op het statuut van en
het toezicht op de kredietinstellingen;
(19) « Loi du 22 mars 1993 » : loi du
22 mars 1993 relative au statut et au
contrôle des établissements de crédit ;
(20) “wet van 6 april 1995” : de wet
van 6 april 1995 inzake het statuut van en
het
toezicht
op
de
beleggingsondernemingen,
de
bemiddelaars en beleggingsadviseurs.
(20) « Loi du 6 avril 1995 » : loi du
6 avril 1995 relative au statut des
entreprises d’investissement et à leur
contrôle et au contrôle des intermédiaires
et conseillers en placement.
Voor de toepassing van titel III wordt
de volgende definitie verduidelijkt
Aux fins du titre III , la définition
suivante est précisée
(21) “vreemde
middelen”:
het
opvraagbaar passief, vermeerderd met de
verplichtingen uit gemobiliseerde activa.
(21) «Fonds de tiers» : le passif exigible
augmenté des engagements du chef
d'actifs immobilisés.
Onder de vreemde middelen worden de
voorzieningen voor risico's en kosten, de
achtergestelde
schulden
en
de
reconstitutiefondsen,
alsook,
in
voorkomend geval, de wiskundige
reserves
met
betrekking
tot
levensverzekeringsen
kapitalisatiecontracten
gevoegd
bij
hypothecaire leningen, echter niet
opgenomen.
Les fonds de tiers ne comprennent
toutefois pas les provisions pour risques
et charges, les dettes subordonnées, les
fonds de reconstitution, ni, le cas
échéant, les réserves mathématiques
relatives aux contrats d'assurance-vie ou
de capitalisation annexés à des prêts
hypothécaires.
Voor de toepassing van titels V en VI
worden de volgende definities
verduidelijkt
(22) “publiekrechtelijke
entiteiten”:
administratieve
organen
zonder
winstoogmerk
die
verantwoording
Aux fins des titres V et VI, les
définitions suivantes sont précisées
(22) «Entités du secteur public»: les
organismes
administratifs
non
commerciaux qui rendent compte de
6
moeten afleggen aan de centrale,
regionale of lokale overheid of aan
overheden die, naar het oordeel van de
bevoegde
autoriteiten,
dezelfde
verantwoordelijkheden dragen als de
regionale en lokale overheden, of nietcommerciële ondernemingen die in het
bezit zijn van centrale overheden en
uitdrukkelijke
waarborgregelingen
hebben, met inbegrip van bij wet
geregelde autonome organen met
zelfbestuur die onder openbaar toezicht
staan;
leurs actes à l'administration centrale ou
aux autorités régionales ou locales, ou
aux autorités qui, de l’avis des autorités
compétentes exercent les mêmes
responsabilités que des autorités
régionales ou locales ou les entreprises
non commerciales détenues par des
administrations centrales, qui disposent
de systèmes de garanties formels, y
compris les organismes autonomes régis
par la loi et soumis à un contrôle public;
(23) “centrale banken” : daartoe wordt,
tenzij anders aangegeven, ook de
Europese Centrale Bank gerekend;
(23) «Banques centrales»: sauf mention
contraire, inclut également la Banque
centrale européenne ;
(24) “verwateringsrisico” : het risico
dat een kortlopende vordering afneemt
door geldelijke of niet-geldelijke
kredieten aan de debiteur;
(24) «Risque de dilution»: le risque que
le montant d’une créance se trouve réduit
par l’octroi de crédits, sous la forme de
liquidités ou sous une autre forme, au
débiteur ;
(25) “omrekeningsfactor of CF” : de
verhouding tussen het momenteel
onbenutte bedrag van een kredietlijn
waarop een aanbevolen limiet van
toepassing is en dat opgenomen wordt en
open staat bij wanbetaling, en het
momenteel onbenutte bedrag van de
kredietlijn, waarbij de omvang van de
kredietlijn wordt bepaald door de
aanbevolen limiet, tenzij de nietaanbevolen limiet hoger ligt, of de factor
die wordt toegepast op de andere
buitenbalansposten dan de kredietlijnen
die het mogelijk maken het bedrag van de
risicopositie te bepalen conform de
bepalingen van titels V en VI;
(25) «Facteur de conversion ou CFs»: le
rapport entre la partie non prélevée d’une
ligne de crédit soumise à une limite
autorisée, qui sera prélevée et exposée en
cas de défaut, et la partie actuellement
non prélevée de cette ligne de crédit en
général, l’importance de la ligne étant
déterminée par la limite autorisée, à
moins que la limite non autorisée soit
supérieure ; ou le facteur appliqué aux
opérations hors bilan autres que les
lignes de crédit permettant de déterminer
le montant de l’exposition conformément
aux dispositions des titres V et VI ;
(26) “kredietrisicomatiging” : een door
een instelling gehanteerde techniek ter
beperking van het kredietrisico dat
verbonden is aan een of meer
risicoposities die de instelling blijft
houden;
(26) «Atténuation du risque de crédit»:
une
technique
utilisée
par
un
établissement pour réduire le risque de
crédit associé à une ou plusieurs
expositions qu’il conserve ;
(27) “volgestorte kredietprotectie” : een
techniek
van
kredietrisicomatiging
waarbij het kredietrisico dat verbonden is
(27) «Protection financée du crédit»: une
technique d’atténuation du risque de
crédit selon laquelle le risque de crédit
7
aan de risicopositie van een instelling,
wordt beperkt dankzij het recht van de
instelling om, bij wanbetaling van de
wederpartij of bij andere specifieke
kredietgebeurtenissen (“credit events”) in
verband met de wederpartij, bepaalde
activa of posten te liquideren, over te
nemen, daarvan het eigendom te
verwerven of te behouden, dan wel de
risicopositiewaarde te verlagen tot of
deze te vervangen door het verschil
tussen de risicopositie zelf en een
vordering op de instelling;
associé à l’exposition d’un établissement
se trouve réduit par le droit qu’a celui-ci
– en cas de défaut de la contrepartie ou
en cas de survenue d’autres événements
prédéterminés concernant la contrepartie
– de liquider certains montants ou actifs,
d'obtenir leur transfert, de se les
approprier ou de les conserver, ou de
réduire le montant de l’exposition de la
différence entre celui-ci et le montant
d’une créance qui serait détenue sur
l’établissement ou de le remplacer par le
résultat de cette différence ;
(28) “niet-volgestorte kredietprotectie”
: een techniek van kredietrisicomatiging
waarbij het kredietrisico dat verbonden is
aan de risicopositie van een instelling,
wordt beperkt dankzij de garantie van een
derde partij om een bepaald bedrag uit te
keren bij wanbetaling van de leningnemer
of bij andere specifieke gebeurtenissen;
(28) «Protection non financée du crédit»:
une technique d’atténuation du risque de
crédit selon laquelle le risque de crédit
associé à l’exposition d’un établissement
se trouve réduit par l’engagement d’un
tiers à payer un montant en cas de défaut
de l’emprunteur ou en cas de survenue
d’autres événements prédéterminés ;
(28bis) “gedekte leningstransactie” : een
transactie die aanleiding geeft tot het
ontstaan van een risico dat is gedekt door
middel van een zekerheidsovereenkomst
die geen bepaling bevat waarbij aan de
instelling het recht wordt verleend
frequent margebetalingen te ontvangen;
(28bis) «Opération de prêt garantie»:
toute opération qui génère un risque,
garanti par une sûreté ne prévoyant pas
de disposition conférant à l’établissement
le droit de recevoir fréquemment une
marge ;
(28ter)“kapitaalmarktgerelateerde
transactie” : een transactie die aanleiding
geeft tot het ontstaan van een risico dat is
gedekt
door
middel
van
een
zekerheidsovereenkomst die een bepaling
bevat waarbij aan de instelling het recht
wordt verleend frequent margebetalingen
te ontvangen;
(28ter) «Opération ajustée aux conditions
du marché»: toute opération qui génère
un risque, garanti par une sûreté
prévoyant une disposition conférant à
l’établissement le droit de recevoir
fréquemment une marge.
(29) “met
contanten
vergelijkbaar
instrument” : een certificaat van deposito
of soortgelijk papier dat door een
leningverstrekkende
kredietinstelling
wordt uitgegeven;
(29) «Instrument financier assimilé à des
liquidités»: un certificat de dépôt ou un
autre instrument similaire émis par
l’établissement de crédit prêteur ;
(30) “erkende markt”: een markt die door
de bevoegde autoriteiten als zodanig is
erkend en die aan de volgende
voorwaarden voldoet:
(30) «Marché reconnu»: un marché qui
est reconnu comme tel par les autorités
compétentes,
et qui
remplit
les
conditions suivantes :
8
a) ze werkt regelmatig;
a) il fonctionne régulièrement ;
b) ze is onderworpen aan door de
bevoegde autoriteiten van het land
van herkomst van de markt
opgestelde
of
goedgekeurde
bepalingen waarin de voorwaarden
voor de werking van en de toegang tot
de markt zijn vastgelegd, alsook de
voorwaarden waaraan contracten
moeten voldoen om daadwerkelijk op
de markt te kunnen worden
verhandeld;
b) des règles, établies ou approuvées par
les autorités appropriées du pays
d'origine du marché définissent les
conditions de fonctionnement du
marché, les conditions d'accès au
marché, ainsi que les conditions que
doit remplir un contrat avant de
pouvoir être effectivement négocié
sur le marché ;
c) ze beschikt over een clearingregeling
op grond waarvan de in artikel V.5.
vermelde afgeleide instrumenten die
op die markt worden verhandeld,
onderworpen zijn aan dagelijkse
margeverplichtingen die, naar het
oordeel van de bevoegde autoriteiten,
een adequate bescherming bieden.
c) il dispose d'un mécanisme de
compensation selon lequel les
instruments
dérivés
visés
à
l’article V.5. qui y sont négociés,
sont soumis à des exigences en
matière de marges journalières qui
offrent une
protection
jugée
appropriée
par
les
autorités
compétentes.
De CBFA stelt, voor de toepassing van
dit reglement, de lijst van de betrokken
Belgische markten op;
La CBFA établit, aux fins du présent
règlement, la liste des marchés belges qui
sont visés.
(31) “clearing member” : een lid van de
beurs of van de clearinginstelling dat een
rechtstreekse contractuele verhouding
heeft met de centrale wederpartij
(“market guarantor”);
(31) «Membre compensateur»: un
membre de la bourse ou de la chambre
de compensation, qui a un lien
contractuel direct avec la contrepartie
centrale (qui garantit la bonne fin des
opérations) ;
(32)
“verwacht verlies of EL”
(expected loss): de verhouding tussen het
verlies op een risicopositie dat bij een
eventuele
wanbetaling
van
een
wederpartij of bij verwatering over een
periode van een jaar te verwachten is, en
het uitstaande bedrag bij wanbetaling;
(32) «Perte anticipée ou EL » (Expected
Loss): le rapport entre la perte attendue
sur une exposition en cas de défaut d’une
contrepartie ou en cas de dilution sur une
période d’un an et le montant exposé en
cas de défaut ;
(33) “kans op wanbetaling of PD” : de
kans dat een wederpartij over een periode
van een jaar in gebreke blijft;
(33) «Probabilité de défaut ou PD»: la
probabilité de défaut d’une contrepartie
sur une période d’un an ;
(34) “verlies” : economisch verlies, met
inbegrip
van de gevolgen van
aanzienlijke kortingen, en omvangrijke
(34) «Perte»: une perte économique, y
compris les effets de décote importants et
les coûts directs et indirects importants
liés au recouvrement des montants à
9
directe en indirecte incassokosten;
percevoir au titre d’un instrument ;
(35) “verlies bij wanbetaling of LGD”: de
verhouding tussen het verlies op een
risicopositie als gevolg van wanbetaling
door een wederpartij en het uitstaande
bedrag bij wanbetaling.
(35) «Perte en cas de défaut ou LGD»: le
rapport entre la perte subie sur une
exposition en raison du défaut d’une
contrepartie et le montant exposé au
moment du défaut.
Voor de toepassing van hoofdstuk 3 van
titel V worden de volgende definities
verduidelijkt
Aux fins du chapitre 3 du titre V, les
définitions suivantes sont précisées
Algemene termen
Termes généraux
(36) “wederpartijrisico”
(counterparty
credit risk – CCR) : het risico dat de
wederpartij bij een transactie in gebreke
blijft vóór de definitieve afwikkeling van
de met de transactie samenhangende
kasstromen heeft plaatsgevonden;
(36) « Risque
de
crédit
de
la
contrepartie » : (CCR) le risque que la
contrepartie à une transaction fasse
défaut avant le règlement définitif des
flux de trésorerie liés à la transaction ;
(37) “centrale wederpartij” : een entiteit
die wettelijk als een tussenpartij fungeert
tussen wederpartijen bij contracten op een
of meer financiële markten en koper van
elke verkoper en verkoper van elke koper
wordt.
(37) « Contrepartie centrale » : une entité
qui s’interpose conformément au droit
entre des contreparties à des contrats
négociés sur un ou plusieurs marchés
financiers en devenant l’acheteur vis-àvis de tout vendeur et le vendeur vis-à-vis
de tout acheteur.
Transactietypen
Types de transactions
(38) “transacties
met
uitgestelde
afwikkeling”: transacties waarbij een
wederpartij toezegt een hoeveelheid
effecten, grondstoffen of deviezen te
leveren tegen contanten, andere financiële
instrumenten of grondstoffen, of vice
versa, op een afwikkelings- of
leveringsdatum waarvoor contractueel is
vastgesteld dat deze datum later is dan de
marktstandaard voor de betreffende
transactie en dan vijf werkdagen na de
datum waarop de instelling de transactie
verricht;
(38) « Transactions
à
règlement
différé » : des transactions dans le cadre
desquelles une contrepartie s’engage à
livrer une valeur mobilière, un produit de
base ou un certain montant de devises
contre des espèces ou d’autres
instruments financiers ou produits de
base, ou l’inverse, à une date de
règlement ou de livraison dont il est
contractuellement précisé qu’elle est
postérieure à la norme du marché la plus
basse relativement à cette opération
particulière et cinq jours ouvrables après
la date à laquelle l’établissement a noué
la transaction ;
(39) “margeleningstransacties”:
transacties waarbij een instelling krediet
verleent voor de aan- of verkoop, het
aanhouden of het verhandelen van
effecten. Andere leningen die door
(39) « Opération de prêt avec appel de
marge » : une transaction par laquelle un
établissement octroie un crédit en
relation avec l’achat, la vente, le portage
ou la négociation de titres.
Une
10
effecten gedekt zijn, vallen niet onder
margeleningstransacties.
opération de prêt avec appel de marge ne
comporte pas d’autres prêts qui se
trouvent être couverts par une sûreté sous
forme de titres ;
Samenstel van verrekenbare transacties, Ensemble de compensation
samenstel van afdekkingsinstrumenten en couverture et termes connexes
daarmee verband houdende termen
ou
de
(40) “samenstel
van
verrekenbare
transacties” (netting set) : een groep met
een en dezelfde wederpartij gesloten
transacties die onderworpen zijn aan een
in
rechte
uitvoerbare
bilaterale
nettingovereenkomst en waarvan de
netting in het kader van titel V,
hoofdstuk 3, afdeling II, en titel V,
hoofdstuk 5, in aanmerking wordt
genomen. Elke transactie die niet
onderworpen is aan een in rechte
uitvoerbare
bilaterale
nettingovereenkomst en waarvan de
netting in het kader van titel V,
hoofdstuk 3, afdeling II, in aanmerking
wordt genomen, wordt voor de toepassing
van deze bepalingen als een apart
samenstel van verrekenbare transacties
beschouwd. De nettingovereenkomsten
omvatten de schuldvernieuwings- of
schuldvergelijkingsovereenkomsten.
(40) « Ensemble de compensation » : un
groupe de transactions conclues avec une
même contrepartie, faisant l’objet d’un
accord de netting bilatéral exécutoire et
dont le netting est reconnu en vertu du
titre V, chapitre 3, section II et du titre V,
chapitre 5. Toute transaction qui ne fait
pas l’objet d’un accord de netting
bilatéral exécutoire et dont le netting est
reconnu en vertu du chapitre 3, section II
du titre V devrait être considérée aux fins
de la présente réglementation, comme
étant en elle-même un ensemble de
compensation. Les accords ou convention
de netting couvrent les conventions de
novation ou de compensation.
In het kader van de in artikel V.9
vastgestelde methode kunnen alle
samenstellen van verrekenbare transacties
met een en dezelfde wederpartij worden
behandeld als één samenstel indien de
negatieve gesimuleerde marktwaarden
van de afzonderlijke samenstellen van
verrekenbare transacties bij de raming
van de verwachte risicopositie (EE) op 0
worden bepaald.";
Dans le cadre la méthode fixée à
l'article V.9., tous les ensembles de
compensation conclus avec une même
contrepartie peuvent être traités comme
un même ensemble de compensation si
les valeurs de marché simulées négatives
de chaque ensemble de compensation
sont fixées à zéro dans l’estimation de
l’exposition anticipée (EE).
(41) “uitstaande
positie”
:
een
risicobedrag
dat,
volgens
de
standaardmethode, aan een transactie
wordt toegekend in titel V, hoofdstuk 3,
op basis van een vooraf bepaald
algoritme;
(41) « Position en risque » : le montant
de risque attribué à une transaction en
vertu de la méthode standard présentée
au chapitre 3 du titre V, en application
d’un algorithme prédéterminé ;
(42) “samenstel
van
afdekkingsinstrumenten” (hedging set) :
een groep risicoposities uit hoofde van
(42) « Ensemble de couverture » :
l’ensemble des positions en risque
découlant des transactions qui relèvent
11
transacties die tot eenzelfde samenstel
van verrekenbare transacties behoren en
waarvan alleen het saldo relevant is voor
de bepaling van de waarde van de
risicopositie volgens de in titel V,
hoofdstuk
3
beschreven
standaardmethode;
d’un même ensemble de compensation et
dont seul le solde est pertinent aux fins
du calcul de la valeur exposée au risque
conformément à la méthode standard
présentée au chapitre 3 du titre V ;
(43)
”margeovereenkomst”:
een
contractuele overeenkomst of een aantal
clausules in een overeenkomst op grond
waarvan een eerste wederpartij een
zekerheid moet verstrekken aan een
tweede
wederpartij
wanneer
een
risicopositie van deze tweede wederpartij
op de eerste wederpartij een bepaalde
hoogte overschrijdt;
(43) « Accord de marge » : un accord
contractuel en vertu duquel, ou les
dispositions d’un accord en vertu
desquelles, une première contrepartie
fournit une sûreté à une deuxième
contrepartie lorsqu’une exposition de la
deuxième contrepartie envers la première
dépasse un certain montant ;
(44) “margedrempel” : het hoogste
bedrag dat een uitstaande risicopositie
mag bereiken voor een partij het recht
heeft een zekerheid te eisen;
(44) « Seuil de marge » : le montant
d’un risque en cours au-delà duquel une
partie a le droit d’obtenir une sûreté ;
(45) “marge-risicoperiode”
(margin
period of risk) : de periode vanaf de
laatste ruil van zekerheden ter dekking
van een samenstel van verrekenbare
transacties met een wederpartij in staat
van wanbetaling totdat de betrokken
wederpartij is geliquideerd en het
resulterende marktrisico opnieuw is
afgedekt;
(45) « Période de marge en risque » : le
laps de temps s’écoulant entre le dernier
échange de sûretés couvrant un ensemble
de compensation pour lesquelles une
contrepartie est en défaut et le moment
où cette contrepartie fait l’objet d’une
déchéance du terme et où le risque de
marché en résultant fait l’objet d’une
nouvelle couverture ;
(46) “effectieve looptijd volgens de op
een intern model berustende methode,
voor een samenstel van verrekenbare
transacties met een looptijd van meer dan
een jaar” : de verhouding tussen de som
van de verwachte risicoposities over de
looptijd van de transacties van een
samenstel van verrekenbare transacties
gedisconteerd tegen het risicovrije
rendement, gedeeld door de som van de
verwachte risicoposities over een jaar van
een
samenstel
van
verrekenbare
transacties gedisconteerd tegen het
risicovrije rendement. Deze effectieve
looptijd mag worden aangepast voor het
doorrolrisico
door
de
verwachte
risicopositie te vervangen door de
effectief verwachte risicopositie over een
(46) « Echéance effective selon la
méthode du modèle interne d’un
ensemble de compensation ayant une
échéance supérieure à un an » : le rapport
entre la somme des expositions
anticipées sur la durée de vie des
transactions relevant d’un ensemble de
compensation, actualisée sur la base du
taux de rendement sans risque, et la
somme des expositions anticipées sur
une durée d’un an afférents à cet
ensemble de compensation, actualisée
sur la base du même taux.
Cette
échéance effective peut être ajustée afin
de tenir compte du risque de
refinancement en remplaçant l’exposition
anticipée par l’exposition anticipée
effective pour des horizons de prévision
12
prognosehorizon van minder dan een jaar;
inférieurs à un an ;
(47) “cross-product-verrekening” : de
opneming van transacties met betrekking
tot verschillende productcategorieën in
hetzelfde samenstel van verrekenbare
transacties overeenkomstig de in titel V,
hoofdstuk 3, vervatte regels voor crossproduct-verrekening;
(47) « Compensation multiproduits » :
le regroupement, dans un même
ensemble
de
compensation,
de
transactions portant sur différentes
catégories de produits, conformément
aux
règles
de
compensation
multiproduits énoncées au chapitre 3 du
titre V ;
(48) “actuele marktwaarde” (current
market
value
–
CMV)
:
de
nettomarktwaarde van de portefeuille van
transacties binnen het samenstel van
verrekenbare
transacties
met
de
wederpartij. Bij de berekening van de
CMV worden zowel positieve als
negatieve marktwaarden gebruikt.
(48) « Valeur de marché courante »
(current market value, CMV) : la valeur
de marché nette du portefeuille des
transactions relevant d’un ensemble de
compensation avec la contrepartie. Les
valeurs de marché tant positives que
négatives sont prises en compte dans le
calcul de la CMV.
Verdelingen
Distributions
(49) “verdeling van marktwaarden” : de
prognose
van
de
waarschijnlijkheidsverdeling
van
nettomarktwaarden van transacties binnen
een
samenstel
van
verrekenbare
transacties voor een datum in de toekomst
(de prognosehorizon) in het licht van de
gerealiseerde marktwaarde van die
transacties tot op heden;
(49) « Distribution des valeurs de
marché » : l’estimation de la loi de
distribution des valeurs de marché nettes
des transactions relevant d’un ensemble
de compensation à une date future
(l’horizon de prévision), compte tenu de
leur valeur de réalisation sur le marché
jusqu’à présent ;
(50) “verdeling van risicoposities” : de
prognose
van
de
waarschijnlijkheidsverdeling
van
marktwaarden waarbij de verwachte
negatieve nettomarktwaarden door nul
worden vervangen;
(50) « Distribution des expositions » :
l’estimation de la loi de distribution de
valeurs de marché, générée en fixant à
zéro les cas anticipés de valeur de
marché nette négative ;
(51) “risiconeutrale
verdeling”:
een
verdeling
van
marktwaarden
of
risicoposities tijdens een periode in de
toekomst, waarbij de verdeling wordt
berekend aan de hand van impliciete
marktwaarden,
zoals
impliciete
volatiliteiten;
(51) « Distribution neutre en termes de
risque » : la distribution future de valeurs
de marché ou d’expositions, calculée sur
la base de valeurs de marché implicites,
telles que des volatilités implicites ;
(52) “werkelijke verdeling” : een
verdeling
van
marktwaarden
of
risicoposities tijdens een periode in de
toekomst waarbij de verdeling wordt
(52) « Distribution
effective » :
la
distribution future de valeurs de marché
ou d’expositions, calculée sur la base de
valeurs historiques ou réalisées, telles
13
berekend aan de hand van historische of
gerealiseerde waarden, zoals volatiliteiten
die zijn berekend op basis van prijs- of
koerswijzigingen die zich in het verleden
hebben voorgedaan.
Metingen
van
aanpassingen
risicoposities
que des volatilités mesurées sur la base
des variations passées des prix ou des
taux.
en Mesures des expositions et ajustements
(53) “actuele risicopositie”: gelijk aan nul
of, indien deze groter is, de marktwaarde
van een transactie of een portefeuille van
transacties binnen een samenstel van
verrekenbare
transacties
met
een
wederpartij die verloren zou gaan indien
de wederpartij in gebreke blijft, ervan
uitgaande dat bij een faillissement niets
van de waarde van die transacties kan
worden teruggevorderd;
(53) « Exposition courante » : la valeur
de marché positive d’une transaction ou
d’un portefeuille de transactions relevant
d’un ensemble de compensation avec une
contrepartie qui serait perdue en cas de
défaut de la contrepartie, dans
l’hypothèse où aucun recouvrement de la
valeur de ces transactions n’est possible
en cas de faillite ;
(54) “maximumrisicopositie” : een hoog
percentiel van de verdeling van
risicoposities op een bepaalde datum in
de toekomst vóór de vervaldatum van de
langstlopende
transactie
van
het
samenstel van verrekenbare transacties;
(54) « Exposition maximale » : le
centile supérieur de la distribution des
expositions à toute date future antérieure
à l’échéance la plus éloignée des
transactions relevant de l’ensemble de
compensation ;
(55) “verwachte risicopositie” (EE) : het
gemiddelde van de verdeling van
risicoposities op een bepaalde datum in
de toekomst vóór de vervaldatum van de
langstlopende
transactie
van
het
samenstel van verrekenbare transacties;
(55) « Exposition anticipée (EE) » : la
moyenne de la distribution des
expositions à toute date future antérieure
à l’échéance la plus éloignée des
transactions relevant de l’ensemble de
compensation ;
(56) “effectieve verwachte risicopositie
op een specifieke datum” (effectieve EE) :
de hoogste verwachte risicopositie die
zich voordoet op die datum of op een
eerdere datum. Bij wijze van alternatief
kan een dergelijke risicopositie voor een
specifieke
datum
ook
worden
gedefinieerd
als
de
verwachte
risicopositie op die datum of de effectieve
risicopositie op de eerdere datum, al
naargelang welke waarde het grootst is;
(56) « Exposition anticipée effective à
une date donnée (Effective EE)» :
l’exposition anticipée maximale à la date
en question ou à toute date antérieure.
Peut également se définir, pour une date
donnée, comme étant la plus grande des
deux valeurs suivantes : l’exposition
anticipée à cette date ou l’exposition
effective à une date antérieure ;
(57) “verwachte positieve risicopositie”
(expected positive exposure of EPE) : het
gewogen gemiddelde in de tijd van de
verwachte risicoposities waarbij de
gewichten het proportionele aandeel van
een afzonderlijke verwachte risicopositie
in
het
volledige
tijdsinterval
(57) « Exposition positive anticipée »
(expected positive exposure ou EPE) : la
moyenne pondérée dans le temps des
expositions anticipées, les coefficients de
pondération correspondant à la fraction
de l’intervalle de temps considéré que
représente chaque exposition anticipée.
14
vertegenwoordigen. Bij de berekening
van het minimumeigenvermogensvereiste
wordt het gemiddelde genomen over het
eerste jaar of over de duur van het
langstlopende contract van het samenstel
van verrekenbare transacties, als alle
contracten binnen het samenstel van
verrekenbare transacties over minder dan
een jaar vervallen;
Lors du calcul de l’exigence minimale de
fonds propres, la moyenne est calculée
sur la première année ou, si tous les
contrats relevant de l’ensemble de
compensation viennent à échéance avant
une année, sur la durée de vie du contrat
ayant échéance la plus longue dans
l’ensemble de compensation ;
(58) “effectieve verwachte positieve
risicopositie” (effectieve EPE)
: het
gewogen gemiddelde in de tijd van de
effectieve verwachte risicoposities over
het eerste jaar of, als alle contracten
binnen het samenstel van verrekenbare
transacties over minder dan een jaar
vervallen, over de duur van het
langstlopende contract van het samenstel
van verrekenbare transacties, waarbij de
gewichten het proportionele aandeel van
een afzonderlijke verwachte risicopositie
in
het
volledige
tijdsinterval
vertegenwoordigen;
(58) « Exposition positive anticipée
effective » (effective EPE) : la moyenne
pondérée dans le temps des expositions
anticipées effectives sur la première
année ou, si tous les contrats relevant de
l’ensemble de compensation viennent à
échéance avant une année, sur la durée
de vie du contrat ayant l’échéance la plus
longue
dans
l’ensemble
de
compensation, les coefficients de
pondération correspondant à la fraction
de l’intervalle de temps considéré que
représente chaque exposition anticipée ;
(59) “aanpassing
van
de
kredietwaardering” (credit valuation
adjustment - CVA) : een aanpassing van
de gemiddelde marktwaardering van een
portefeuille van transacties met een
wederpartij.
Deze
aanpassing
weerspiegelt de marktwaarde van het
kredietrisico dat voortvloeit uit nietnakoming
van
contractuele
overeenkomsten met een wederpartij.
Deze aanpassing kan een afspiegeling
vormen van de marktwaarde van het
wederpartijrisico of van de marktwaarde
van het kredietrisico van zowel de
instelling als de wederpartij;
(59) « Ajustement de l’évaluation de
crédit » (credit valuation adjustment CVA) : l’ajustement de l’évaluation au
cours moyen du marché du portefeuille
des transactions conclues avec une
contrepartie. Cet ajustement reflète la
valeur de marché du risque de crédit
imputable à toute incapacité de respecter
les accords contractuels
avec une
contrepartie. Il peut refléter la valeur de
marché du risque de crédit de la
contrepartie ou celle du risque de crédit
de l’établissement et de la contrepartie ;
(60) “eenzijdige aanpassing van de
kredietwaardering” : een aanpassing van
de kredietwaardering die de marktwaarde
van het kredietrisico van de wederpartij
voor de instelling weerspiegelt, maar niet
de marktwaarde van het kredietrisico van
de instelling voor de wederpartij.
(60) « Ajustement
unilatéral
de
l’évaluation de crédit » : l’ajustement de
l’évaluation de crédit reflétant la valeur
de marché du risque de crédit que
représente
la
contrepartie
pour
l’établissement, mais non la valeur de
marché du risque de crédit que représente
l’établissement pour la contrepartie.
15
Met
het
wederpartijrisico Risques liés au risque de crédit de la
samenhangende risico’s
contrepartie
(61) “doorrolrisico”:
het
bedrag
waarmee
de
verwachte
positieve
risicopositie is onderschat wanneer wordt
verwacht dat toekomstige transacties met
een wederpartij een permanent karakter
krijgen. De extra risicopositie die uit deze
toekomstige transacties voortvloeit, wordt
niet meegenomen in de berekening van
de verwachte positieve risicopositie;
(61) « Risque de refinancement » : la
mesure dans laquelle l’exposition
positive anticipée est sous-estimée
lorsqu’il est prévu que les transactions
futures avec une contrepartie seront
conduites sur une base continue.
L’exposition supplémentaire générée par
ces transactions futures n’est pas pris en
compte dans le calcul de l’exposition
positive anticipée ;
(62) “algemeen wrong-way risico”: het
risico dat ontstaat wanneer de kans op
wanbetaling van de wederpartijen een
positieve
correlatie
vertoont
met
algemene marktrisicofactoren;
(62) « Risque général de corrélation » :
le risque survenant lorsque la probabilité
de défaut
de contreparties est
positivement corrélée à des facteurs
généraux de risques de marché ;
(63) “specifiek wrong-way risico” : het
risico
dat
ontstaat
wanneer
de
risicopositie op een bepaalde wederpartij
vanwege de aard van de transacties met
die wederpartij een positieve correlatie
vertoont met de kans op wanbetaling van
de betrokken wederpartij. Een instelling
wordt geacht een specifiek wrong-way
risico te lopen als wordt verwacht dat de
toekomstige risicopositie op een bepaalde
wederpartij hoog zal zijn en wanneer de
kans op wanbetaling van de wederpartij
ook groot is.
(63) « Risque
spécifique
de
corrélation », le risque survenant lorsque
l’exposition envers une contrepartie
donnée est positivement corrélée à la
probabilité de
défaut
de cette
contrepartie, en raison de la nature des
transactions conclues avec elle. Un
établissement est
réputé exposé au
risque spécifique de corrélation s’il est
anticipé que l’exposition future envers
une contrepartie donnée sera élevée et
lorsque la probabilité de défaut de la
contrepartie est elle aussi élevée.
Voor de toepassing van titel VII worden
de volgende definities verduidelijkt
Aux fins du titre VII, les définitions
suivantes sont précisées
(64) “traditionele
effectisering
:
effectisering waarbij de geëffectiseerde
risicoposities in economische zin worden
overgedragen
aan
een
effectiseringsvehikel dat effecten uitgeeft.
Daartoe wordt het eigendom van de
geëffectiseerde risicoposities door de
initiërende
instelling
of
via
subdeelneming
overgedragen.
De
uitgegeven effecten vormen voor de
initiërende
instelling
geen
betalingsverplichting;
(64) «Titrisation
classique» :
une
titrisation impliquant le transfert
économique des expositions titrisées à
une entité de titrisation qui émet des
titres. L’opération suppose le transfert de
la propriété des expositions titrisées par
l’établissement initiateur ou une sous
participation. Les titres émis ne
représentent pas d’obligations de
paiement pour l’établissement initiateur ;
(65) “synthetische
effectisering”
: (65) «Titrisation synthétique» : une
effectisering waarbij de onderverdeling in titrisation où la subdivision en tranches
16
tranches geschiedt door middel van
kredietderivaten of garanties. De pool van
risicoposities verdwijnt niet uit de balans
van de initiërende instelling;
est réalisée via l’utilisation de dérivés de
crédit ou de garanties et où l’ensemble
des expositions n’est pas sorti du bilan de
l’établissement initiateur ;
(66)
”tranche”:
een
contractueel
vastgesteld segment van het kredietrisico
van een risicopositie of van een aantal
risicoposities, waarbij een positie in dit
segment een groter of kleiner verliesrisico
meebrengt dan een positie van dezelfde
omvang in elk ander segment, als
tenminste geen rekening wordt gehouden
met de kredietprotectie die door derden
rechtstreeks aan de houders van de
posities in dit segment of in andere
segmenten wordt geboden;
(66) «Tranche» : une fraction, établie
contractuellement, du risque de crédit
associé à une exposition ou à un certain
nombre d’expositions, une position
détenue sur cette fraction comportant un
risque de perte de crédit supérieur ou
inférieur à celui qu’implique une position
de même montant détenue dans toute
autre fraction, sans tenir compte de la
protection de crédit directement offerte
par des tiers aux détenteurs de positions
dans la fraction considérée ou d’autres
fractions ;
(67)
”effectiseringspositie”:
een
risicopositie in het kader van een
effectisering;
(67) «Position de titrisation» : une
exposition sur une opération de
titrisation ;
(68) “initiërende instelling”:
(68) «Etablissement initiateur» :
a) ofwel een onderneming die zelf of via
verwante ondernemingen direct of
indirect betrokken is geweest bij de
oorspronkelijke
overeenkomst
waarmee de verplichtingen of de
potentiële verplichtingen van de
debiteur of potentiële debiteur zijn
ontstaan die tot effectisering van
risicoposities hebben geleid;
a) soit une entité qui, par elle-même ou
par l’intermédiaire d’entités liées, a
pris
part
directement
ou
indirectement à l’accord d’origine
ayant
donné
naissance
aux
obligations
ou
obligations
potentielles du débiteur ou débiteur
potentiel et donnant lieu à
l’exposition titrisée ;
b) ofwel een onderneming die de b) soit une entité qui achète les
expositions d’un tiers pour les
risicoposities van een derde koopt, in
inscrire à son bilan, puis qui les
haar balans opneemt en daarna
titrise.
effectiseert;
(69) “sponsor” :
een niet-initiërende
instelling die een door activa gedekt
commercieelpapierprogramma of een
andere effectiseringsregeling, waarbij
risicoposities van derden worden gekocht,
uitgeeft en beheert;
(69) «Sponsor» : un établissement, autre
qu’un établissement initiateur, qui établit
et gère un programme de papier
commercial adossé à des actifs ou un
autre dispositif de titrisation qui rachète
les expositions de tiers ;
(70) “kredietverbetering”
:
contractuele
regeling
waarbij
kredietkwaliteit
van
(70) «Rehaussement du crédit»: un
contrat améliorant la qualité de crédit
d’une position de
titrisation
par
een
de
een
17
effectiseringspositie
verbetert
ten
opzichte van een situatie waarin van een
dergelijke regeling geen sprake zou zijn
geweest;
daartoe
worden
ook
verbeteringen gerekend die worden
gerealiseerd door meer achtergestelde
tranches in de effectisering en door
andere soorten kredietprotectie;
rapport à ce qu’elle aurait été sans
rehaussement, y compris le rehaussement
obtenu par la présence de tranches de
titrisation de rang inférieur et d'autres
types de protection du crédit ;
(71) “effectiseringsvehikel”
:
een
vennootschap, trust of een ander soort
onderneming die geen instelling is, die is
opgericht
voor
een
of
meer
effectiseringen, waarvan de activiteiten
beperkt blijven tot hetgeen noodzakelijk
is voor de realisatie van dit doel, waarvan
de constructie bedoeld is om de
verplichtingen te scheiden van die van de
initiërende instelling, en waarvan de
economische eigenaars hun deelneming
mogen belenen of verkopen zonder dat
daar voorwaarden aan verbonden zijn;
(71) «Entité de titrisation» : une fiducie
ou une entité, autre qu’un établissement,
qui est organisée de façon à réaliser une
ou plusieurs titrisations, dont les activités
sont limitées à la réalisation de cet
objectif, dont la structure vise à isoler ses
obligations de celles de l'établissement
initiateur et pour laquelle ceux qui y
détiennent des intérêts peuvent gager ou
échanger lesdits intérêts sans restriction ;
(72) “overgebleven
rentemarge”
:
financieringsvergoedingen en andere
vergoedingen die met betrekking tot
geëffectiseerde
risicoposities
zijn
ontvangen, minus kosten en uitgaven;
(72) «Marge nette» : la somme des
produits
financiers
et
autres
rémunérations perçues en rapport avec les
expositions titrisées, nets des coûts et
charges ;
(73) “opschoon-calloptie”
:
een
contractuele optie die de initiërende
instelling
het
recht
geeft
de
effectiseringsposities terug te kopen of af
te lossen vóór alle onderliggende
risicoposities zijn terugbetaald, wanneer
het
bedrag
van
de
uitstaande
risicoposities beneden een bepaald niveau
daalt;
(73) «Option de retrait anticipé» : une
option contractuelle qui permet à
l’établissement initiateur de racheter ou
de clôturer les positions de titrisation
avant le remboursement intégral des
expositions
sous-jacentes,
lorsque
l’encours de celles-ci tombe sous un
niveau déterminé ;
(74) “liquiditeitsfaciliteit”
:
een
effectiseringspositie die voortvloeit uit
een contractueel vastgelegde afspraak om
middelen ter beschikking te stellen ten
einde de continuïteit van de kasstroom
ten behoeve van de beleggers te
waarborgen;
(74) «Facilité de trésorerie», la position
de titrisation qui découle d’un accord
contractuel de financement
visant
à
garantir la ponctualité des flux de
paiements en faveur des investisseurs ;
(75) “kirb” : 8% van de gewogen
risicobedragen die, overeenkomstig de
bepalingen van titel VI met betrekking tot
de geëffectiseerde risicoposities zouden
(75) «Kirb» : 8 % de la somme
montants des expositions pondérés,
qu’ils auraient été calculés pour
expositions titrisées conformément
des
tels
les
aux
18
zijn
berekend
indien
zij
niet
geëffectiseerd zouden zijn, vermeerderd
met het bedrag van de overeenkomstig
die titel berekende verwachte verliezen
die met deze risicoposities verband
houden;
dispositions du titre VI en l’absence de
titrisation, et des pertes anticipées
associées à ces expositions, calculées
conformément audit titre ;
(76) “ratingbenadering” : de methode
waarbij de gewogen risicobedragen voor
effectiseringsposities
overeenkomstig
artikel VII.27 worden berekend;
(76) «Méthode
fondée
sur
les
notations» : la méthode de calcul des
montants des expositions pondérés
associés aux positions de titrisation
exposée à l’article VII.27 ;
(77) “benadering
met
toezichthoudersformule” : de methode
waarbij de gewogen risicobedragen voor
effectiseringsposities
overeenkomstig
artikel VII.28 worden berekend;
(77) «Méthode
de
la
formule
prudentielle» : la méthode de calcul des
montants des expositions pondérés pour
les positions de titrisation exposée à
l’article VII.28 ;
(78) “positie
zonder
rating
(kredietbeoordeling)”
:
een
effectiseringspositie
waarvoor
geen
kredietbeoordeling van een erkende
EKBI, zoals omschreven in artikel VII.4,
beschikbaar is;
(78) «Position non notée» : une position
de titrisation ne faisant pas l’objet d’une
évaluation du crédit éligible établie par
un OEEC éligible au sens de
l’article VII.4 ;
(79) “positie
met
een
rating
(kredietbeoordeling)”
:
een
effectiseringspositie
waarvoor
een
kredietbeoordeling van een erkende
EKBI, zoals omschreven in artikel VII.4,
beschikbaar is;
(79) «Position notée» : une position de
titrisation faisant l’objet d’une évaluation
du crédit éligible établie par un OEEC
éligible au sens de l’article VII.4 ;
(80) “door
activa
gedekt
commercieelpapierprogramma
(hierna
“ABCP-programma”)”:
een
effectiseringsprogramma in het kader
waarvan effecten worden uitgegeven,
voornamelijk
in
de
vorm
van
commercieel
papier
met
een
oorspronkelijke looptijd van een jaar of
minder.
(80) «Programme de papier commercial
adossé
à
des
actifs»
(ci-après
«programme ABCP»): un
programme
de titrisation représenté par des titres
prenant essentiellement la forme de
papier commercial ayant une durée
initiale inférieure ou égale à un an.
Voor de toepassing van titel
VIII wordt de volgende definitie
verduidelijkt
(81) “operationeel risico”: het risico van
verliezen als gevolg van tekortschietende
of falende interne processen, mensen en
systemen of als gevolg van externe
Aux fins du titre VIII, la définition
suivante est précisée
(81) «Risque opérationnel» : le risque de
pertes découlant d’une inadéquation ou
d’une défaillance des processus, des
personnes et des systèmes internes ou
19
gebeurtenissen.
Juridische
worden er ook toe gerekend.
risico´s d’événements extérieurs, y compris le
risque juridique.
Voor de toepassing van titel IX worden
de volgende definities verduidelijkt
(82) “delta” : de verandering in de
waarde van een optie ingevolge een
geringe verandering in de waarde van het
onderliggende instrument;
Aux fins du titre IX, les définitions
suivantes sont précisées
(82) «Delta» : la variation de la valeur
d'une option suite à une faible variation
de la valeur de l'instrument sous-jacent
auquel l'option se réfère ;
(83) “gamma” : de gevoeligheid van de (83) «Gamma», la sensibilité de la valeur
waarde van een optie voor de d'une option par rapport au taux de
schommelingen van de delta;
variation du delta ;
(84) “vega” : de gevoeligheid van de (84) «Vega» : la sensibilité de la valeur
waarde van een optie voor een d'une option par rapport à une variation
volatiliteitsschommeling;
de volatilité ;
(85) “afgeleide buitenbeursinstrumenten (85) «Instruments dérivés hors bourse»,
(over-the-counter-instrumenten)” : de des instruments dérivés qui n'ont pas été
afgeleide instrumenten die niet worden négociés sur un marché organisé ;
verhandeld op een erkende markt ;
(86) “financieel instrument” : een van de
instrumenten als bedoeld in artikel 1, §§ 1
en 2, van de wet van 6 april 1995 inzake
het statuut van en het toezicht op de
beleggingsondernemingen,
de
bemiddelaars en beleggingsadviseurs;
(86) «Instrument financier» : un des
instruments visés à l'article 1er, § 1 et § 2,
de la loi du 6 avril 1995 relative au statut
et
au
contrôle
des
entreprises
d'investissement et à leur contrôle, aux
intermédiaires
et
conseillers
en
placements ;
(87) “risicoweging” : de risicograden die
van toepassing zijn op de betrokken
wederpartijen,
overeenkomstig
de
titels V, VI en VII;
(87) «Pondérations du risque» : les
degrés de risque applicables aux
contreparties considérées, tels que définis
par les titres V, VI et VII ;
(88) “algemeen risico” : het risico van
een prijsverandering van een financieel
instrument als gevolg van een wijziging
in de rentestand (bij een obligatie of een
ander schuldinstrument dan wel bij een
afgeleid instrument op een obligatie of op
een ander schuldinstrument), of als
gevolg
van
een
algemene
koersontwikkeling op de markt van de
aandelen of andere effecten die met
aandelen kunnen worden gelijkgesteld die
geen verband houdt met enigerlei
specifieke aspecten van de betrokken
(88) «Risque général» : le risque d'une
variation de la valeur de marché d'un
instrument financier, provoquée par une
fluctuation du niveau des taux d'intérêt
(dans le cas d'une obligation ou autre titre
de créance ou d'un instrument dérivé sur
obligation ou autre titre de créance), ou
par un mouvement général du marché des
actions ou autres valeurs assimilables à
des actions non imputables à certaines
caractéristiques spécifiques des valeurs
concernées (dans le cas d'une action ou
autre valeur assimilable à une action ou
20
waardepapieren (bij een aandeel of een d'un instrument dérivé sur action ou autre
ander effect dat met een aandeel kan valeur assimilable à une action) ;
worden gelijkgesteld, dan wel bij een
afgeleid instrument op een aandeel of op
een ander effect dat met een aandeel kan
worden gelijkgesteld);
(89) “specifiek risico” : het risico van een
prijsverandering van een financieel
instrument als gevolg van factoren die
verband houden met de emittent ervan of,
in het geval van een afgeleid instrument,
de emittent van het onderliggende
instrument;
(89) «Risque spécifique» : le risque
d'une variation de la valeur de marché
d'un instrument financier sous l'influence
de facteurs liés à son émetteur ou, dans le
cas d'un instrument dérivé, à l'émetteur de
l'instrument sous-jacent ;
(90) “voorraadfinanciering” : posities
waarbij fysieke voorraden op termijn
worden
verkocht
en
de
financieringskosten tot de datum van de
termijnverkoop zijn vastgelegd;
(90) «Financement de stocks» : des
positions où le stock physique a été vendu
à terme et où le coût du financement est
gelé jusqu’à la date de la vente à terme ;
(91) “retrocessieovereenkomst”
en
“omgekeerde retrocessieovereenkomst” :
een overeenkomst waarbij een instelling
of
haar
wederpartij
effecten,
grondstoffen, of gegarandeerde rechten
betreffende de eigendom van effecten of
grondstoffen overdraagt, mits die garantie
is gegeven door een erkende markt die
houder is van de rechten betreffende de
effecten of grondstoffen, en de
overeenkomst een instelling niet toestaat
een bepaald effect of een bepaalde
grondstof aan meer dan één wederpartij
tegelijkertijd over te dragen of toe te
zeggen, onder de verbintenis deze
effecten of grondstoffen (of vervangende
effecten of grondstoffen met dezelfde
kenmerken) tegen een vastgestelde prijs
op een door de overdragende instelling
bepaald of te bepalen tijdstip in de
toekomst terug te kopen; deze wordt
aangemerkt
als
een
“retrocessieovereenkomst”
voor
de
instelling die de effecten of grondstoffen
verkoopt, en als een “omgekeerde
retrocessieovereenkomst”
voor
de
instelling die de effecten of grondstoffen
koopt;
(91) «Mise en pension» et «prise en
pension» : une opération par laquelle un
établissement ou sa contrepartie transfère
des titres, des produits de base ou des
droits garantis relatifs à la propriété de
titres ou de produits de base, lorsque cette
garantie est émise par un marché reconnu
qui détient les droits sur les titres ou les
produits de base et que l’opération ne
permet pas à un établissement de
transférer ou de donner en gage un titre
ou un produit de base à plus d’une
contrepartie à la fois, en s’engageant à les
racheter (ou à racheter des titres ou des
produits de base présentant les mêmes
caractéristiques) à un prix déterminé et à
une date future fixée ou à fixer par
l’établissement qui effectue le transfert.
C’est une opération de “mise en pension”
pour l’établissement qui vend les titres ou
les produits de base, et une opération de
“prise en pension” pour l’établissement
qui les achète ;
21
(92) “verstrekte
effectenof
grondstoffenlening” en “opgenomen
effecten- of grondstoffenlening” : een
transactie waarbij een instelling of haar
wederpartij effecten of grondstoffen
overdraagt tegen een passende zekerheid,
onder de verbintenis dat de leningnemer
op een tijdstip in de toekomst of wanneer
de overdragende instelling daarom
verzoekt, gelijkwaardige effecten of
grondstoffen teruglevert; deze wordt
aangemerkt als een “verstrekte effectenof grondstoffenlening” voor de instelling
die de effecten of grondstoffen
overdraagt, en als een “opgenomen
effecten- of grondstoffenlening” voor de
instelling waaraan de effecten of
grondstoffen worden overgedragen.
Hoofdstuk 3 : Definitie
handelsportefeuille
van
(92) «Prêt de titres ou de produits de
base» : et «emprunt de titres ou de
produits de base», une transaction par
laquelle un établissement ou sa
contrepartie transfère des titres ou des
produits de base contre remise d’une
garantie
appropriée,
l’emprunteur
s’engageant à restituer des titres ou des
produits de base équivalents à une date
future ou lorsque l’établissement qui
transfère les titres ou les produits de base
le lui demandera. C’est un “prêt de titres
ou de produits de base” pour
l’établissement qui transfère les titres ou
les produits de base, et un “emprunt de
titres ou de produits de base” pour
l’établissement auquel ceux-ci sont
transférés.
de Chapitre 3 : Définition du portefeuille
de négociation
Afdeling I – Algemene definitie
Section I – Définition générale
Art. I.3
Art. I.3
§ 1. De
handelsportefeuille
bestaat uit alle posities in financiële
instrumenten en grondstoffen die worden
aangehouden, hetzij met de intentie om te
handelen, hetzij ter afdekking van andere
elementen van de handelsportefeuille.
Deze instrumenten dienen vrij te zijn van
beperkende clausules ten aanzien van hun
verhandelbaarheid en hun marktrisico’s
of afdekbaar te zijn.
§ 1. Le
portefeuille
de
négociation est constitué des positions sur
instruments financiers et produits de base
détenues à des fins de négociation ou
dans le but de couvrir d’autres éléments
du portefeuille de négociation. Ces
instruments doivent être libres de clauses
restreignant leur négociabilité et leurs
risques de marché doivent pouvoir être
couverts.
§ 2. Ingenomen posities met
de intentie om te handelen, zijn posities
die worden ingenomen om op korte
termijn weer te worden afgestoten en/of
met de bedoeling op korte termijn een
voordeel te behalen uit bestaande of
verwachte verschillen tussen de aankoopen verkoopprijzen of uit andere koers- of
renteschommelingen. Deze omvatten de
posities voor eigen rekening en de
posities uit hoofde van de dienstverlening
aan cliënten en van het onderhouden van
een markt.
§ 2. Les positions détenues à
des fins de négociation sont celles
délibérément détenues en vue d’une
cession à court terme et/ou dans
l’intention de tirer profit d’écarts à court
terme, réels ou anticipés, entre cours
acheteurs et cours vendeurs ou d’autres
variations des cours ou des taux d’intérêt.
Elles englobent les positions pour compte
propre et les positions liées aux activités
pour le compte de la clientèle et aux
activités de teneur de marché.
22
§ 3. De intentie om te
handelen zal blijken uit de strategieën,
beleidsmaatregelen en procedures die
door de instelling zijn ingevoerd om de
positie of de portefeuille overeenkomstig
artikel I.5 te beheren.
§ 3. La finalité de négociation
est démontrée sur la base des stratégies,
politiques et procédures mises en place
par l’établissement pour gérer la position
ou le portefeuille, conformément à
l’article I.5.
§ 4. De instellingen zorgen
voor de inrichting en instandhouding van
systemen en controles om hun
handelsportefeuille
te
beheren
overeenkomstig de artikelen I.5 tot I.7.
§ 4. Les établissements mettent
en place et maintiennent des systèmes et
mécanismes de contrôle afin de gérer leur
portefeuille
de
négociation,
conformément aux articles I.5 à I.7.
§ 5. Interne
afdekkings§ 5. Les couvertures internes
transacties mogen worden opgenomen in peuvent être incluses dans le portefeuille
de handelsportefeuille, in welk geval de négociation, auquel cas l’article I.8
artikel I.8 van toepassing is.
s’applique.
§ 6. De handelsportefeuille
§ 6. Le
portefeuille
bestaat ook uit de risico’s in verband met: négociation comprend également
risques liés :
de
les
(a) de
niet-afgewikkelde
transacties,bedoeld in artikel IX.1;
(a) aux opérations non dénouées,
visés par l’article IX.1 ;
(b) de leveringen zonder tegenprestaties, bedoeld in artikel IX.3;
(b) aux transactions incomplètes,
visés par l’article IX.3 ;
(c) de
afgeleide
buitenbeursinstrumenten,
bedoeld
in
artikel IX.4;
(c) aux instruments dérivés hors
bourse, visés par l’article IX.4 ;
(d) retrocessieovereenkomsten
en
verstrekte
effectenen
grondstoffenleningen,
die
betrekking hebben op tot de
handelsportefeuille
behorende
effecten of grondstoffen, bedoeld
in artikel IX.4;
(d) aux opérations de mise en
pension et aux prêts de titres ou
de produits de base portant sur
des titres ou produits de base
compris dans le portefeuille de
négociation qui sont visés par
l’article IX.4 ;
(e) omgekeerde retrocessieovereenkomsten en opgenomen effectenen grondstoffenleningen, die zijn
gesloten in het kader van de
handelsportefeuille en voldoen
aan de voorwaarden, bedoeld in
artikel IX.5;
(e) aux opérations de prise en
pension et aux emprunts de
titres ou de produits de base
conclus dans le cadre du
portefeuille de négociation et
qui satisfont aux conditions
prévues par l’article IX.5 ;
(f) de in artikel IX.4 bedoelde
margeleningstransacties op basis
van effecten of grondstoffen van de
(f)
les opérations de prêts avec
appel de marge fondées sur des
valeurs mobilières ou des
23
handelsportefeuille;
(g) de in artikel IX.4 bedoelde
transacties
met
uitgestelde
afwikkeling
die
in
de
handelsportefeuille
zijn
opgenomen.
produits de base du portefeuille
de
négociation visées
par
l’article IX.4 ;
(g) les transactions à règlement
différé du portefeuille de
négociation
visées
par
l’article IX.4.
Art. I.4
Art. I.4
§ 1. Wanneer de in artikel I.9
bedoelde regeling niet van toepassing is
op de instelling, waardeert zij haar
handelsportefeuille
dagelijks
tegen
marktwaarde.
§ 1. Lorsqu'il ne relève pas du
régime prévu par l'article I.9, un
établissement évalue quotidiennement
son portefeuille de négociation à sa
valeur de marché.
§ 2. Op
alle
in
de
handelsportefeuille opgenomen posities
worden conservatieve waarderingsregels
in de zin van de artikelen I.6 en I.7
toegepast. Deze regels verplichten de
instellingen ertoe aan elke positie in de
handelsportefeuille een waarde toe te
kennen die de actuele marktwaarde
adequaat weerspiegelt.
§ 2. Toutes les positions du
portefeuille de négociation font l’objet de
règles
de
valorisation
prudentes,
conformément aux articles I.6 et I.7. Ces
règles obligent les établissements à faire
en sorte que l’évaluation de chaque
position reflète correctement sa valeur de
marché.
§ 3. Bij ontstentenis van
marktprijzen die vlot beschikbaar zijn
volgens een toereikende frequentie
conform het bepaalde bij § 1, mogen de
instellingen andere waarderingsmethoden
gebruiken,
mits
deze
methoden
voldoende voorzichtig zijn, onverminderd
de boekhoudrechtelijke bepalingen ter
zake, en door de CBFA zijn goedgekeurd.
§ 3. Lorsqu'il n'existe pas de
prix du marché aisément disponibles à
une fréquence suffisante conformément à
ce qui est prévu au § 1, les établissements
peuvent utiliser d’autres méthodes
d’évaluation pour autant que celles-ci
soient suffisamment prudentes, sans
préjudice des dispositions légales en
matière comptable, et qu'elles aient été
soumises à l’avis de la CBFA.
§ 4. Op grond van de aard van
de verrichtingen en bij niet-naleving van
de bepalingen van de artikelen I.3 tot I.7,
kan de CBFA eisen dat welbepaalde
elementen of categorieën van elementen
in de handelsportefeuille worden
opgenomen, of zich ertegen verzetten dat
die elementen of categorieën van
elementen in de handelsportefeuille
worden opgenomen.
§ 4. En raison de la nature des
opérations et en cas de non respect des
dispositions des articles I.3 à I.7, la
CBFA
peut
imposer
l'inclusion
d'éléments ou catégories d'éléments dans
le portefeuille de négociation, ou
s'opposer à leur inclusion dans le
portefeuille de négociation.
24
Afdeling II – Doelstelling van de Section II – Finalité du portefeuille de
négociation
handelsportefeuille
Art. I.5
Art. I.5
§ 1. Les positions ou les
§ 1. De
volgende
voorschriften worden in acht genomen portefeuilles détenus à des fins de
met betrekking tot de posities of de négociation remplissent les conditions
portefeuilles die worden aangehouden suivantes :
met de intentie om te handelen:
(a)
ten
aanzien
van
de
betrokken
posities
of
portefeuilles wordt een goed
gedocumenteerde en door de
effectieve
leiding
goedgekeurde
handelsstrategie
gevolgd,
waarin
een
verwachte
tijdshorizon
voor
het
aanhouden van posities of
portefeuilles is vastgesteld;
(a)
La position ou le portefeuille
fait l’objet d’une stratégie de
négociation,
clairement
consignée par écrit et
approuvée par la direction
effective,
qui
précise
l’horizon
de
détention
envisagé ;
(b)
voor het actieve beheer van
de
ingenomen
posities
gelden duidelijk omschreven
gedragslijnen en procedures,
die onder andere bepalen :
(b)
Des politiques et procédures
de gestion active de la
position sont clairement
définies
et
prévoient
notamment ce qui suit :
(i) welke
posities
een
marktenzaal mag innemen;
(i) les positions sont prises en
salle des marchés ;
(ii) welke
positielimieten
gelden
en
hoe
de
toereikendheid
daarvan
wordt gevolgd; ook de
toereikendheid van die
limieten ten opzichte van de
vastgestelde strategie wordt
gevolgd;
(ii) les positions sont soumises à
des limites, dont le caractère
adéquat fait l’objet d’un
suivi. L’adéquation de ces
limites par rapport à la
stratégie développée fait
également
l’objet
d’un
suivi ;
(iii)dat
handelaars
met
inachtneming
van
de
vastgestelde
strategie
autonoom posities kunnen
innemen/beheren binnen de
overeengekomen limieten;
(iii)les
opérateurs
peuvent
prendre/gérer des positions
de façon autonome, dans des
limites prédéterminées et
conformément à la stratégie
convenue ;
(iv) dat, als onderdeel van het
risicobeheerproces van de
(iv) les positions sont notifiées à
la direction effective dans le
25
cadre du processus
gestion des risques
l’établissement ;
instelling, aan de effectieve
leiding wordt gerapporteerd
over de posities;
(v) dat de posities actief
worden bewaakt op basis
van
marktinformatiebronnen.
De
verhandelbaarheid of de
risicocomponenten of de
afdekbaarheid
van
de
posities worden beoordeeld,
met inbegrip van de
kwaliteit
en
de
beschikbaarheid
van
marktinformatie voor het
waarderingsproces, de op
de markt gerealiseerde
omzet en de omvang van de
op de markt verhandelde
posities.
(c)
er
gelden
duidelijk
omschreven gedragslijnen
en procedures voor de
toetsing van de posities aan
de handelsstrategie van de
instelling, die omvatten
onder andere het bewaken
van het volume van de
verrichtingen
en
van
verouderde posities in de
handelsportefeuille van de
instelling en van het
resultaat dat die posities
opleveren.
§2. Voor de toepassing van
§ 1 beschikken de instellingen over een
helder omschreven beleid en dito
procedures om te bepalen welke posities
voor
de
berekening
van
hun
eigenvermogensvereisten
worden
opgenomen in de handelsportefeuille,
overeenkomstig de normen in artikel I.3
en rekening houdend met het vermogen
en de aanpak van de instelling op het
gebied van risicobeheer. De naleving van
dit beleid en van deze procedures wordt
volledig gedocumenteerd en periodiek
aan een interne audit onderworpen.
de
de
(v) les positions font l’objet
d’un suivi actif par référence
aux sources d’information
du marché. La négociabilité
des positions ou de leurs
composantes de risque ou la
possibilité de les couvrir
sont évaluées, y compris
pour ce qui concerne la
qualité et la disponibilité des
informations de marché
servant
au
processus
d’évaluation, le volume du
marché et la taille des
positions négociées sur le
marché.
(c)
Des politiques et procédures
clairement
définies
permettent de surveiller les
positions par rapport à la
stratégie de négociation de
l’établissement, y compris le
suivi du volume des
opérations et des positions
du
portefeuille
de
négociation, et du résultat
qu’elles génèrent.
§2.
Aux fins du § 1, les
établissements disposent de politiques et
de procédures clairement définies visant à
déterminer les positions à inclure dans le
portefeuille de négociation aux fins du
calcul de leurs exigences de fonds
propres, conformément aux critères
établis à l'article I.3 et compte tenu des
capacités et pratiques de l'établissement
en matière de gestion des risques. Le
respect de ces politiques et procédures est
dûment documenté et fait l'objet d'un
rapport d'audit interne périodique.
26
§ 3. De
instellingen
beschikken over een helder omschreven
beleid en procedures voor het algemene
beheer van de handelsportefeuille. Via dit
beleid en deze procedures worden ten
minste aangepakt:
§ 3. Les
établissements
disposent de politiques et de procédures
clairement définies concernant la gestion
générale du portefeuille de négociation.
Ces procédures et politiques portent au
minimum sur les questions suivantes :
de activiteiten die door de
instelling
worden
beschouwd
als
handelsactiviteiten en als
onderdeel
van
de
handelsportefeuille met het
oog op de berekening van de
eigenvermogensvereisten;
(a)
quelles
activités
sont
considérées
par
l'établissement
comme
relevant de la négociation et
du
portefeuille
de
négociation aux fins du
calcul des exigences de
fonds propres ;
(b) de mate waarin een positie
dagelijks tegen marktprijzen
kan worden gewaardeerd via
verwijzing naar een actieve,
liquide tweerichtingsmarkt;
(b)
dans quelle mesure une
position
peut-elle
être
quotidiennement réévaluée
au prix du marché, en
référence à un marché
liquide et actif à double
sens ;
(c)
(c)
pour les positions qui sont
réévaluées par rapport au
modèle, dans quelle mesure
l'établissement peut-il :
(a)
voor tegen modelprijzen
gewaardeerde posities de
mate waarin de instelling in
staat is:
(i) alle materiële risico's van
de positie te bepalen;
(i) identifier tous les risques
significatifs liés à la
position ;
(ii) alle materiële risico's van
de positie af te dekken
door
middel
van
instrumenten waarvoor
een
actieve,
liquide
tweerichtingsmarkt
bestaat; en
(ii) couvrir tous les risques
significatifs liés à la
position
au
moyen
d'instruments
pour
lesquels
un
marché
liquide et actif, à double
sens, existe, et ;
(iii)
(iii) betrouwbare ramingen af
te leiden voor de
voornaamste in het model
gebruikte
veronderstellingen
en
parameters.
(d)
de
mate
waarin
een
instelling in staat en
verplicht is voor de positie
(d)
établir des estimations
fiables concernant les
hypothèses
et
les
paramètres clés utilisés
dans le modèle
dans
quelle
mesure
l'établissement peut-il, et
doit-il,
générer
des
27
évaluations concernant la
position qui puisse faire
l'objet
d'une
validation
externe
d'une
manière
cohérente ;
beoordelingen te produceren
die
extern
op
samenhangende
wijze
kunnen worden gevalideerd;
(e)
de mate waarin de wettelijke
beperkingen
of
andere
operationele
eisen
het
vermogen van de instelling
aantasten op korte termijn
liquidatie of afdekking van
de
positie
te
bewerkstelligen;
(e)
dans quelle mesure des
restrictions juridiques ou
d'autres
exigences
de
fonctionnement
auraientelles pour effet d'entraver la
capacité de l'institution à
procéder à la liquidation ou
à la couverture de la position
à court terme ;
(f)
de
mate
waarin
een
instelling in staat en
verplicht is om de positie
actief te beheren in het kader
van haar handelsactiviteiten;
en
(f)
dans
quelle
mesure
l'établissement peut-il, et
doit-il, gérer activement la
position dans le cadre de ses
opérations de négociation ;
et
(g)
de
mate
waarin
de
instellingen
risico's
of
posities kan overdragen
tussen de handelsportefeuille
en
de
niethandelsportefeuille, en de
criteria die van toepassing
zijn
op
dit
soort
overdrachten.
(g)
dans quelle mesure les
institutions
peuvent-elles
transférer le risque ou la
position entre portefeuille de
négociation et portefeuille
hors négociation, et quels
critères sont applicables
dans ce contexte.
Afdeling III – Evaluatie van de posities, Section III – Evaluation des positions,
systemen en controles
systèmes et contrôles
Art. I.6
Art. I.6
§ 1. De instellingen zorgen
voor de inrichting en instandhouding van
een passende organisatie om de risico’s
verbonden aan en de resultaten van de
handelsactiviteiten op een onafhankelijke
en correcte wijze te meten, controleren en
beoordelen.
§ 1. Les établissements mettent
en place - et maintiennent – une
organisation adéquate pour mesurer,
contrôler et apprécier, de manière
indépendante et correcte, les risques et
les résultats des activités de négociation.
§ 2. Deze
systemen
en
controles bestaan minimaal uit de
volgende elementen met betrekking tot de
waardering van de posities en de toetsing
van
de
resultaten
van
de
§ 2. Ces systèmes et contrôles
comprennent au moins les éléments
suivants en ce qui concerne la
valorisation des positions et la mesure des
résultats des activités de négociation :
28
handelsactiviteiten:
(a)
gedocumenteerde
gedragslijnen en procedures
voor het waarderingsproces.
Dit omvat een duidelijke
afbakening
van
de
bevoegdheden
van
de
verschillende domeinen die
bij de waardering betrokken
zijn,
marktinformatiebronnen en
beoordeling
van
de
deugdelijkheid
ervan,
frequentie
van
onafhankelijke
waarderingen, timing van
slotkoersen, procedures voor
het
aanpassen
van
waarderingen,
procedures
voor ad hoc verificaties en
verificaties aan het einde
van de maand
(b)
duidelijke en onafhankelijke
(d.w.z. onafhankelijk van de
marktenzaal)
rapporteringslijnen voor de
afdeling
die
verantwoordelijk is voor het
waarderingsproces. Aan het
einde
van
de
rapporteringsketen staat een
lid van de effectieve leiding.
(a)
Des politiques et procédures
d’évaluation consignées par
écrit,
qui
définissent
notamment de façon précise
les
responsabilités
des
différentes
unités
contribuant
à
la
détermination
des
évaluations, les sources
d’informations de marché et
l’examen de leur pertinence,
la fréquence des évaluations
indépendantes, l’heure des
prix
de
clôture,
les
procédures d’ajustement des
évaluations, les procédures
de vérification au cas par cas
et de fin de mois ;
(b) Un circuit d’information
clair et indépendant (de la
salle
des
marchés)
permettant
au
service
responsable du processus
d’évaluation de rendre des
comptes.
Ce
circuit
d’information
remonte
jusqu’à un membre de la
direction effective.
Art. I.7
Art. I.7
§ 1. Waarderen
tegen
marktwaarde (“mark to market”) in de
zin van artikel I.4 is het minstens
dagelijks bepalen van de waarde van
posities op basis van direct beschikbare
slotkoersen,
afkomstig
van
onafhankelijke bronnen. Daarbij kan
worden gedacht aan beurskoersen, prijzen
in de schermenhandel of noteringen van
een aantal onafhankelijke gereputeerde
effectenmakelaars.
§ 1. Par «évaluation à la valeur
de marché» au sens de l’article I.4, on
entend l’évaluation au moins quotidienne
des positions aux cours de liquidation
directement disponibles et provenant de
sources indépendantes, par exemple:
cours boursiers, cotations électroniques,
cotations fournies par plusieurs courtiers
indépendants de renom.
§ 2. Bij waardering tegen
§ 2. Aux fins de l’évaluation
marktwaarde wordt gebruik gemaakt van aux prix du marché, l’établissement
29
de bied- of de vraagprijs, naargelang van
wat het voorzichtigst is, tenzij de
instelling een belangrijke marktmaker is
in het betrokken financieel instrument of
de betrokken grondstof en zijn positie kan
liquideren
tegen
de
gemiddelde
marktkoers.
retient le plus prudent du cours vendeur
ou du cours acheteur, sauf s’il est un
teneur de marché important dans le type
d’instrument financier ou de produit de
base considéré, et qu’il est en mesure de
liquider sa position au cours moyen du
marché.
§ 3. Wanneer
waardering
tegen marktwaarde niet mogelijk is,
dienen
instellingen
hun
posities/portefeuilles te waarderen op
basis van een modellenbenadering
alvorens zij de voorschriften voor de
handelsportefeuille
toepassen.
Waardering
op
basis
van
een
modellenbenadering (“mark to model”)
is het door middel van benchmarking,
extrapolatie
of
een
andere
berekeningswijze bepalen van de waarde
op basis van informatie uit de markt.
§ 3. Lorsqu’une évaluation aux
prix du marché n’est pas possible, les
établissements doivent évaluer leurs
positions/portefeuilles par référence à un
modèle, avant d’appliquer le traitement
réservé au portefeuille de négociation.
Par «évaluation par référence à un
modèle», on entend toute évaluation
établie par référence, extrapolée ou
calculée de toute autre manière à partir
d’informations de marché.
§ 4. Bij waardering op basis
§ 4. En cas d’évaluation par
van een modellenbenadering dient aan de référence à un modèle, les conditions civolgende voorwaarden voldaan te zijn :
après doivent être remplies:
(a)
de effectieve leiding heeft
kennis
van
de
bestanddelen
van
de
handelsportefeuille
waarvoor waardering op
basis
van
een
modellenbenadering wordt
toegepast en is bekend met
de
graad
van
de
onzekerheid die zulks
meebrengt met betrekking
tot de marktwaarde van de
posities en het niveau van
de resultaten van de
activiteit;
(a)
la direction effective a
connaissance des éléments
du
portefeuille
de
négociation valorisés par
référence à un modèle et le
degré d’incertitude ainsi
créé dans la valeur de
marché des positions et le
niveau de résultat de
l’activité ;
(b)
de
gebruikte
marktgegevens zijn, voor
zover
mogelijk,
in
overeenstemming met de
marktinformatie over de
positie
die
wordt
gewaardeerd, en met de
parameters
van
het
(b)
les données de marché
utilisées sont, dans la
mesure
du
possible,
consistantes
avec
les
informations de marché
relatives à la position
évaluée, ainsi qu’avec les
paramètres du modèle
30
d’évaluation.
Ces
paramètres font l’objet
d’un
réexamen
périodique ;
waarderingsmodel.
Die
parameters
worden
periodiek getoetst;
(c)
waar zij beschikbaar zijn,
worden
waarderingsmethoden
gebruikt die voor bepaalde
financiële instrumenten of
grondstoffen als vaste
marktpraktijk
worden
beschouwd;
(c)
les méthodes d’évaluation
couramment acceptées sur
le marché pour des
instruments financiers ou
des produits de base
déterminés sont utilisées,
lorsqu’elles
sont
disponibles ;
(d)
modellen die door de
instelling zelf worden
ontwikkeld, berusten op
deugdelijke hypothesen,
die zijn geanalyseerd en
getest door entiteiten of
afdelingen die voldoende
gekwalificeerd zijn en die
niet
bij
het
ontwikkelingsproces
betrokken zijn;
(d)
lorsque le modèle est
élaboré par l’établissement
même, il repose sur des
hypothèses
appropriées,
examinées et testées par
des
entités
ou
départements
dûment
qualifiés, indépendants du
processus
de
développement ;
(e)
er
zijn
formele
controleprocedures voor
veranderingen ingesteld en
er wordt een beveiligd
exemplaar van het model
bewaard, dat periodiek
wordt gebruikt om de
uitgevoerde waarderingen
te verifiëren;
(e)
des procédures formelles
de
contrôle
des
modifications sont mises
en place et une copie
sécurisée du modèle est
conservée
et
utilisée
régulièrement pour vérifier
les évaluations effectuées ;
(f)
de
dienst
die
verantwoordelijk is voor
het risicobeheer, is op de
hoogte
van
de
tekortkomingen van de
gebruikte modellen en
weet hoe ermee rekening
te houden in de resultaten
van de waardering. Over
de
impact
van die
tekortkomingen
wordt
periodiek
informatie
verstrekt aan de effectieve
leiding;
(f)
le service responsable de la
gestion des risques connaît
les faiblesses des modèles
utilisés et sait comment en
tenir compte dans les
résultats de l’évaluation.
Ces faiblesses font l’objet
d’une
information
périodique, quant à leur
impact, à la direction
effective;
31
(g)
het
model
wordt
onderworpen aan een
periodiek onderzoek naar
de nauwkeurigheid van de
resultaten (bv. op het vlak
van de blijvende relevantie
van de hypothesen, de
analyse van winst en
verlies
versus
risicofactoren,
de
vergelijking
van
de
daadwerkelijke sluitprijzen
met de modeluitkomsten).
(g)
le modèle fait l’objet d’un
examen périodique destiné
à déterminer la qualité de
ses performances (par
exemple, pour contrôler
que
les
hypothèses
demeurent
appropriées,
analyser les profits et les
pertes par rapport aux
facteurs
de
risque,
comparer les valeurs de
liquidation effectives avec
les résultats du modèle).
In verband met punt d) geldt dat het
model wordt ontwikkeld en erkend door
van de marktenzaal onafhankelijke
entiteiten. Het testen van het model
geschiedt op onafhankelijke wijze. Dit
omvat het valideren van de wiskundige
formules, de hypothesen en de
implementatie
van
de
computerprogrammatuur.
Aux fins du point d), le modèle est
développé ou approuvé par des unités
indépendantes de la salle des marchés. Il
est testé de manière indépendante, ce qui
inclut la validation des calculs
mathématiques, des hypothèses et de la
programmation informatique.
§ 5. Naast
de
dagelijkse
waardering tegen marktprijzen of op basis
van een modellenbenadering dient ook
een onafhankelijke prijsverificatie plaats
te vinden. Hierbij worden marktprijzen of
door het model gebruikte gegevens op
regelmatige basis gecontroleerd op hun
nauwkeurigheid en onafhankelijkheid. De
verificatie
van
marktprijzen
en
modelinputs dient minstens maandelijks
(of, afhankelijk van de aard van de
handelsportefeuilleverrichtingen, met een
grotere frequentie) door een van de
marktenzaal onafhankelijke eenheid te
worden
verricht.
Wanneer
geen
onafhankelijke
bronnen
van
prijsinformatie beschikbaar zijn of de
bronnen van prijsinformatie een veeleer
subjectief karakter vertonen, kunnen
voorzorgsmaatregelen,
zoals
de
aanpassing van de waarderingen,
aangewezen zijn.
§ 5. Une
vérification
indépendante des prix est effectuée en
plus de l’évaluation quotidienne aux prix
du marché ou de l’évaluation par
référence à un modèle. Elle consiste à
vérifier périodiquement la précision et
l’indépendance des prix du marché et des
données utilisées par le modèle. La
vérification des prix du marché et des
données alimentant le modèle doit être
effectuée par une unité indépendante de
la salle des marchés, au moins une fois
par mois (ou plus fréquemment, selon la
nature des opérations du portefeuille de
négociation). Lorsque des sources de prix
indépendantes ne sont pas disponibles ou
que les sources de prix disponibles sont
plus subjectives, il peut être approprié
d’adopter les mesures de prudence telles
qu’une correction d’évaluation.
§ 6. De instellingen zorgen
§ 6. Les établissements mettent
voor de inrichting en instandhouding van en place et maintiennent des procédures
procedures die het mogelijk maken te permettant d’assurer que la valeur de
32
garanderen dat de marktwaarde die in
aanmerking wordt genomen bij de
vaststelling van het reglementair eigen
vermogen
en
de
eigenvermogensvereisten, als voorzichtig
kan worden gekwalificeerd. Bij hun
beoordeling houden de instellingen
inzonderheid rekening met de volgende
elementen:
niet-benutte
kredietspreidingswinsten,
liquidatiekosten, operationele risico’s,
vervroegde beëindiging, beleggings- en
financieringskosten,
toekomstige
administratiekosten en, indien van
toepassing, aan het model gebonden
risico.
marché retenue est prudente dans le cadre
de la détermination des fonds propres
règlementaires et des exigences en fonds
propres. Ils tiennent notamment compte
dans leur appréciation des éléments
suivants : marges de crédit constatées
d’avance, coûts de liquidation, risque
opérationnel, résiliation anticipée, coûts
d’investissement et de financement, frais
administratifs futurs et, le cas échéant,
risque de modèle.
§ 7. Posities kunnen minder
liquide worden als gevolg van
marktgebeurtenissen
en
instellingsgerelateerde
situaties,
bijvoorbeeld
geconcentreerde
en/of
langdurige posities.
§ 7. Des positions peuvent
devenir moins liquides en raison
d’événements sur les marchés ou de
situations propres aux établissements, tel
que le fait d’avoir des positions très
concentrées ou prolongées.
Bij de beoordeling van de markwaarde
van minder liquide posten, houden de
instellingen rekening met een aantal
verschillende factoren. Deze omvatten de
termijnen die nodig zijn om de
positie/risicobestanddelen binnen de
positie af te dekken, de volatiliteit en het
gemiddelde van de spread tussen bied- en
vraagprijzen, de beschikbaarheid van
marktnoteringen (aantal marktmakers en
hun identiteit), de volatiliteit en het
gemiddelde van de handelsvolumes,
marktconcentraties, de veroudering van
posities de mate waarin de waardering
gebeurt
op
basis
van
een
modellenbenadering en het effect van
andere modelrisico’s.
Lorsqu’ils déterminent la valeur de
marché des positions moins liquides les
établissements doivent tenir compte de
plusieurs facteurs dont : les délais requis
pour couvrir ces positions ou les risques
qu’elles comportent, la volatilité et la
moyenne des écarts prix vendeur/prix
acheteur, la disponibilité des cotations de
marché (nombre et identité des teneurs de
marché), la volatilité et la moyenne des
volumes négociés, les concentrations de
marché, le classement chronologique des
positions, la mesure dans laquelle
l’évaluation repose sur des évaluations
par référence à un modèle, ainsi que
l’impact des autres risques inhérents aux
modèles
§ 8. Wanneer de instellingen
gebruik maken van waarderingen door
derden of waardering op basis van een
modellenbenadering, beoordelen zij of
het
noodzakelijk
is
een
waarderingsaanpassing te verrichten.
§ 8. Les établissements qui
utilisent les évaluations de tiers ou qui
évaluent par référence à un modèle,
déterminent l’opportunité de procéder à
des ajustements d’évaluations.
§ 9. Lorsque
cela
est
§ 9. Indien
nodig
en
onverminderd de bepalingen van het nécessaire, et sans préjudice des
boekhoudrecht, passen de instellingen de dispositions du droit comptable, les
33
marktwaarden aan of voeren zij
waardeverminderingen door om rekening
te kunnen houden met de in de §§ 5 tot 8
vermelde
elementen.
Met
die
aanpassingen en waardeverminderingen
wordt rekening gehouden bij de bepaling
van het eigen vermogen als bedoeld in
titel II.
établissements ajustent les valeurs de
marché ou procèdent à des réductions de
valeur pour tenir compte des éléments
mentionnés aux §§ 5 à 8. Ces ajustements
et réductions de valeur sont pris en
compte pour la détermination des fonds
propres visés au titre II.
§ 10. Wanneer
de
boekhoudregels verschillen van de in dit
artikel vastgestelde waarderingsregels,
waardoor
het
reglementair
eigen
vermogen
op
basis
van
de
boekhoudnormen
overschat
wordt,
corrigeert de instelling haar eigen
vermogen. De CBFA kan een instelling,
in
het
kader
van
de
uitvoeringsmaatregelen van artikel II.1,
§ 1, 1°, b), vii, vragen die correctie door
te voeren.
§ 10. Lorsque
les
règles
comptables
diffèrent
des
règles
d’évaluation énoncées au présent article,
de telle sorte que sur base des normes
comptables
les
fonds
propres
règlementaires
sont
surestimés,
l’établissement applique une correction à
ses fonds propres. La CBFA peut
demander à un établissement, dans le
cadre des mesures d’application de
l’article II.1, §1er, 1°, b), vii d’appliquer
cette correction.
Afdeling IV – Interne afdekkingen
Section IV – Couvertures internes
Art. I.8
Art. I.8
§ 1. Een
intern
afdekkingsinstrument is een positie
waarmee de risicocomponent van een
positie of een reeks posities in de niethandelsportefeuille materieel of compleet
wordt gecompenseerd. Posities die
ontstaan zijn als gevolg van interne
afdekkingsinstrumenten
kunnen
in
aanmerking komen voor toepassing van
de
voorschriften
voor
de
handelsportefeuille indien zij worden
ingenomen met de intentie om te
handelen en mits aan de algemene criteria
inzake intentie om te handelen en
conservatieve
waardering
van
respectievelijk de artikelen I.4 en I.5 is
voldaan. In het bijzonder:
§ 1. Une couverture interne est
une position qui compense sensiblement
ou totalement le risque associé à une
position ou à un groupe de positions ne
relevant pas du portefeuille de
négociation. Les positions découlant de
couvertures internes peuvent bénéficier
du traitement réservé aux éléments du
portefeuille de négociation, pour autant
qu’elles soient détenues à des fins de
négociation et que les conditions
générales en matière de finalité de
négociation et d’évaluation prudente
énoncées aux articles I.4 et I.5 soient
remplies. En particulier :
(a)
hebben
interne
afdekkingsinstrumenten niet in
de eerste plaats tot doel om
eigenvermogensvereisten
te
ontlopen of te verminderen;
(a) elles ne doivent avoir pour
objectif premier d’éluder ou
de réduire les exigences de
fonds propres ;
34
(b) worden
interne
afdekkingsinstrumenten naar
behoren gedocumenteerd en
onderworpen aan bijzondere
interne
goedkeuringsen
auditingprocedures;
(c)
wordt de interne transactie
afgewikkeld
tegen
marktvoorwaarden;
(b) elles doivent être étayées par
des documents appropriés et
soumises à des procédures
internes
spécifiques
d’approbation
et
de
contrôle ;
(c) la transaction interne doit
être effectuée aux conditions
du marché ;
(d) wordt het overgrote deel van
het
aan
het
interne
afdekkingsinstrument
verbonden marktrisico, met
inachtneming
van
de
toegestane limieten, dynamisch
beheerd
in
de
handelsportefeuille;
(d) la majeure partie du risque
de marché généré par la
couverture interne doit être
gérée de façon dynamique à
l’intérieur du portefeuille de
négociation, dans les limites
autorisées ;
(e)
worden de interne transacties
zorgvuldig opgevolgd. De
deugdelijkheid
van
de
monitoring wordt gewaarborgd
door middel van adequate
procedures.
(e) les transactions internes
doivent faire l’objet d’un
suivi attentif. Ce suivi doit
reposer sur des procédures
adéquates.
§ 2. De in § 1 beschreven
behandeling
is
van
toepassing,
onverminderd
de
eigenvermogensvereisten
die
van
toepassing zijn op het bestanddeel van de
interne
afdekking
van
de
aan
verrichtingen verbonden kredietrisico’s
die niet behoren tot de handelsportefeuille
zoals voorzien in artikel V.27 (zie interne
dekking van het kredietrisico).
§ 2. Le traitement visé au § 1
s’applique sans préjudice des exigences
de fonds propres applicables au volet de
la couverture interne des risques de crédit
d’opérations qui ne relèvent pas du
portefeuille de négociation tel que prévu
par l’article V.27 (cf. couverture interne
du risque de crédit).
§ 3. Wanneer een instelling
een kredietrisicopositie buiten de
handelsportefeuille afdekt met een
kredietderivaat
dat
in
haar
handelsportefeuille is opgenomen (met
behulp
van
een
intern
afdekkingsinstrument), dan mag, in
afwijking van §§ 1 en 2, de risicopositie
buiten de handelsportefeuille voor de
berekening van eigenvermogensvereisten
niet als afgedekt worden beschouwd,
tenzij de instelling van een toelaatbare
§ 3. Par
dérogation
aux
paragraphes 1
et
2,
lorsqu’un
établissement couvre une exposition de
crédit hors portefeuille de négociation au
moyen d’un dérivé de crédit enregistré
dans son portefeuille de négociation (via
une couverture interne), l’exposition hors
portefeuille de négociation est réputée
non couverte aux fins du calcul des
exigences de fonds propres, sauf si
l’établissement acquiert auprès d’un tiers,
fournisseur éligible de protection, un
35
derde
protectieverschaffer
een
kredietderivaat koopt dat voldoet aan de
vereisten van Titel V, hoofdstuk V met
betrekking tot de risicopositie buiten de
handelsportefeuille.
Ingeval
een
dergelijke protectie vanwege een derde
wordt gekocht en voor de berekening van
de eigenvermogensvereisten als een
afdekkingsinstrument
van
een
risicopositie buiten de handelsportefeuille
wordt erkend, wordt, onverminderd
artikel IX.11, tweede zin, voor de
berekening van eigenvermogensvereisten
noch het interne, noch het externe
afdekkingsinstrument in de vorm van een
kredietderivaat in de handelsportefeuille
opgenomen.
dérivé de crédit répondant aux critères
telles qu’exposée au titre V, chapitre V en
ce qui concerne l’exposition hors
portefeuille
de
négociation.
Sans
préjudice de la deuxième phrase de
l'article IX.11, lorsqu’une telle protection
d’un tiers est achetée et reconnue en tant
que couverture d’une exposition hors
portefeuille de négociation aux fins du
calcul des exigences de fonds propres, ni
la couverture interne ni la couverture
externe par un dérivé de crédit n’est
incluse dans le portefeuille de négociation
aux fins de ce calcul.
Afdeling V – Vrijstelling (De minimis)
Section V – Exemption (De minimis)
Art. I.9
Art. I.9
De instellingen die voldoen aan de
volgende voorwaarden, kunnen de in
titel IX, hoofdstukken 1 tot 5 bedoelde
eigenvermogensvereisten met betrekking
tot
hun
handelsportefeuille,
met
uitzondering van de niet-afgewikkelde
transacties en de leveringen zonder
tegenprestatie als bedoeld in titel IX,
hoofdstuk 1, afdeling I, berekenen
overeenkomstig titels V en VI in plaats
van overeenkomstig de bepalingen van
titel IX. Deze bepaling is mutatis
mutandis van toepassing op de normen
die voortvloeien uit titel X.
Les établissements qui répondent aux
conditions suivantes peuvent calculer les
exigences en fonds propres relatives à
leur portefeuille de négociation visées
aux chapitres 1 à 5 du titre IX, à
l’exception des opérations non dénouées
et transactions incomplètes visées au
titre IX,
chapitre
1,
section
I,
conformément aux titres V et VI, plutôt
que selon les dispositions du titre IX.
Cette disposition s'applique mutatis
mutandis aux normes résultant du titre X.
De in het eerste lid bedoelde Les conditions visées au premier alinéa
voorwaarden zijn de volgende :
sont les suivantes :
1° het
totaal
van
de 1° le portefeuille de négociation
n'excède pas normalement 5 % de
handelsportefeuilleposities bedraagt
l'ensemble de leurs opérations ;
normaal niet meer dan 5 % van hun
totale bedrijf;
2° het
totaal
van
de 2° le total des positions du portefeuille
de négociation ne dépasse pas
handelsportefeuilleposities bedraagt
normalement 15 millions EUR ;
normaal niet meer dan 15 miljoen
EUR;
3° de handelsportefeuille bedraagt nooit 3° le portefeuille de négociation
n'excède à aucun moment 6 % de
meer dan 6 % van hun totale bedrijf
l'ensemble de leurs opérations et le
en
het
totaal
van
hun
36
handelsportefeuilleposities bedraagt
nooit meer dan 20 miljoen EUR.
total des positions du portefeuille de
négociation n'excède à aucun moment
20 millions EUR.
Art. I.10
Art. I.10
§ 1. Om het aandeel van de
handelsportefeuilleactiviteiten
ten
opzichte van hun totale bedrijf als
bedoeld in artikel I.9 te berekenen,
baseren de instellingen zich op het
gecombineerde bedrag van de balans- en
de buitenbalansposten, met uitzondering
van de buitenbalansverrichtingen die
geen krediet- of marktrisico impliceren.
§ 1. Pour calculer, aux fins de
l'article I.9, la part que représente le
portefeuille
de
négociation
dans
l'ensemble de leurs opérations, les
établissements se référeront au total du
bilan et du hors bilan, à l'exception des
opérations hors bilan qui n'impliquent pas
de risque de crédit ou de marché.
§ 2. Pour l'évaluation du volume
§ 2. Bij de berekening van de
omvang van de balans- en de des opérations de bilan et hors bilan :
buitenbalansactiviteiten :
-
worden de obligaties en
andere
schuldinstrumenten
gewaardeerd
tegen
marktwaarde
of
tegen
nominale waarde;
-
les obligations et autres
titres de créance sont pris en
compte sur base de leur
valeur de marché ou de leur
valeur nominale ;
-
worden de aandelen en andere
effecten die met aandelen
kunnen worden gelijkgesteld,
gewaardeerd
tegen
marktwaarde; en
-
les actions et autres valeurs
assimilables sont prises en
compte sur base de leur
valeur de marché ; et
-
worden
de
afgeleide
instrumenten
gewaardeerd
tegen de nominale waarde of
de marktwaarde van de
onderliggende instrumenten.
-
les instruments dérivés sont
pris en compte selon la
valeur nominale ou la valeur
de marché des instruments
sous-jacents.
Lange en korte posities worden Les positions longues et courtes sont
samengevoegd, ongeacht of zij positief of additionnées quel que soit leur signe.
negatief zijn.
Art. I.11
Art. I.11
Indien een instelling voor langere
tijd een van beide of beide in artikel I.9,
tweede lid, 1° en 2° gestelde
grenswaarden overschrijdt, of een van
beide of beide in artikel I.9, tweede lid, 3°
gestelde grenswaarden overschrijdt, moet
Au cas où un établissement
dépasserait, au-delà d'une courte période,
l'une des limites ou les deux limites
fixées à l'article I.9, alinéa 2, 1° et 2°, ou
dépasserait l'une des limites ou les deux
limites fixées à l'article I.9, alinéa 2, 3°,
37
zij,
wat
haar
handelsportefeuilleactiviteiten
betreft,
voldoen aan de vereisten van titel IX,
hoofdstukken 2 tot 5.
l'établissement en question doit se
conformer aux exigences définies aux
chapitres 2 à 5 du titre IX en ce qui
concerne son portefeuille de négociation.
Art. I.12.
Art. I.12.
La CBFA peut, par voie de
De CBFA kan via circulaire de
begrippen uit dit reglement nader circulaire, expliciter les notions utilisées
dans le présent règlement.
preciseren.
38
TITEL II : DEFINITIE VAN HET
EIGEN VERMOGEN
Art. II.1
TITRE II : DEFINITION
DES FONDS PROPRES
Art. II.1
§ 1. Als bestanddelen van het
§ 1. Sont pris en considération
eigen vermogen worden in aanmerking comme éléments des fonds propres :
genomen:
1° Het eigen vermogen sensu stricto,
bestaande uit de onder a) vermelde
bestanddelen en na aftrek van de onder b)
vermelde posten en toevoeging van de
onder c) vermelde bestanddelen.
a) op te nemen bestanddelen:
1° Les fonds propres sensu stricto, se
composant des éléments mentionnés
sous a) et après déduction des postes
mentionnés sous b) et addition des
éléments mentionnés sous c).
a) Eléments à inclure :
het gestort kapitaal in de zin van
het vennootschapsrecht plus de
daarmee
verbonden
uitgiftepremies, voor zover het
verliezen
in
doorgaande
bedrijfsvoering volledig opvangt
en het in geval van faillissement
of vereffening achtergesteld is bij
alle andere schuldvorderingen;
i) Le capital, au sens du droit
des sociétés, pour autant
qu’il ait été versé, augmenté
du compte des primes
d’émission y afférent, qu’il
absorbe intégralement les
pertes
en
continuité
d’exploitation
et
qu’il
occupe un rang inférieur par
rapport à toutes les autres
créances en cas de faillite
ou de liquidation.
ii) de reserves en de overgedragen
winst ;
ii) Les réserves et le bénéfice
reporté ;
i)
algemene
iii) Le fonds pour risques bancaires généraux ;
iv) De tussentijdse winst van het
boekjaar
mag
worden
opgenomen in het eigen
vermogen sensu stricto in
zoverre zij is gecontroleerd
door
de
erkende
commissaris(sen)-revisor(en)
van de instelling en alle
voorzienbare
kosten
en
dividenden
ervan
zijn
afgetrokken.
iv) Le bénéfice intérimaire de
l’exercice peut être inclus
dans les fonds propres sensu
stricto dans la mesure où il
a été vérifié par le ou les
commissaires-réviseurs
agréés de l’établissement et
qu’il est net de toutes
charges
et
dividendes
prévisibles.
iii) het fonds voor
bankrisico’s;
In
afwachting
van
de
toerekening ervan, mag ook het
positieve resultaat van het
laatste afgesloten boekjaar,
Le résultat positif du dernier
exercice
clôturé, dans
l’attente de son affectation,
diminué de la distribution
attendue de dividendes peut
39
être également inclus, dans
les mêmes conditions, dans
les fonds propres sensu
stricto.
verminderd
met
de
te
verwachten dividenduitkering,
onder dezelfde voorwaarden,
worden opgenomen in het
eigen vermogen sensu stricto.
b) af te trekken posten :
i)
het verlies van het boekjaar en
het overgedragen verlies ;
b) Postes à déduire :
i)
La perte de l'exercice et la
perte reportée ;
ii) de oprichtingskosten ;
ii) Les frais d'établissement ;
iii) de immateriële vaste activa,
met inbegrip van de goodwill ;
iii) Les
immobilisations
incorpo-relles, y compris
les goodwills ;
iv) de eigen aandelen van de instelling ;
iv) Les actions propres de
l'éta-blissement ;
v) de mogelijke en voorzienbare
verliezen en kosten waarvoor,
naar het oordeel van de CBFA,
niet
de
nodige
waardeverminderingen werden
geboekt
of voorzieningen
gevormd ;
v) Les pertes et charges
possibles et prévisibles
pour lesquelles, de l'avis
de la CBFA, les réductions
de valeur nécessaires n'ont
pas été actées ou les
provisions
nécessaires
constituées ;
vi) in het geval van een initiërende
instelling van een effectisering,
de
nettowinsten
die
voortvloeien
uit
de
kapitalisering
van
het
toekomstige inkomen van de
geëffectiseerde activa en die de
kredietverbetering
van
effectiseringsposities vormen ;
vi) Dans
le
cas
d’un
établissement
initiateur
d’une titrisation, les gains
nets qui découlent de la
capitalisation du revenu
futur des actifs titrisés et
constituent
le
rehaussement de crédit de
positions de titrisation ;
vii) de
waardeaanpassingen
vermeld in artikel I.7, § 10 ;
vii) Les ajustements de valeurs
visés à l’article I.7, § 10 ;
viii) voor de instellingen die de
bedragen van hun vereisten
inzake eigen vermogen voor
kredietrisico’s
berekenen
conform de bepalingen van
titel VI, 50 % van de negatieve
bedragen die het resultaat zijn
van de berekening vermeld in
artikel VI.47 en van de
verwachte
verliezen
op
aandelen
bepaald
in
artikel VI.44
van
het
reglement ;
viii) Pour les établissements qui
calculent les montants de
leurs exigences en fonds
propres pour risques de
crédit conformément aux
dispositions du titre VI, 50
% des montants négatifs
résultant du calcul visé à
l’article VI.47 et des
montants
de
pertes
anticipées sur actions
définies à l’article VI.44
du règlement ;
40
ix) 50 % van de bestanddelen
vermeld in § 4.
ix) 50 % des éléments
mentionnés au § .
c) de aan de instelling gestorte
fondsen
aangetrokken
via
schuldtitels met onbepaalde looptijd
en andere financieringsinstrumenten
die de in § 2 bepaalde voorwaarden
vervullen om als bestanddeel van
het eigen vermogen sensu stricto in
aanmerking te komen.
c) Les
fonds
versés
à
l’établissement au moyen de
titres à durée indéterminée et
d’autres
instruments
de
financement qui remplissent les
conditions pour une inclusion
dans les fonds propres sensu
stricto telles que définies au
§ 2.
Deze instrumenten
aanmerking:
komen
in
Ces instruments sont pris en
compte :
i. ten belope van maximum 15 %
van de som van de bestanddelen
vermeld in de punten a) tot c), na
aftrek van de bestanddelen
vermeld in b), zonder rekening
te houden met het bedrag
vermeld in b), viii) en ix) voor
de instrumenten waarvoor is
voorzien in een gematigde, door
de
CBFA
bepaalde
aflossingsprikkel
voor
de
instelling;
i. à concurrence maximum de
15 % de la somme des
éléments visés aux points a)
à c), déduction faite des
éléments mentionnés en b)
sans tenir compte du
montant visé au b), viii) et
ix) pour les instruments
présentant une incitation
modérée,
telle
que
déterminée par la CBFA,
encourageant
l’établissement
à
rembourser ;
ii. à concurrence de 35 % de la
somme des éléments visés
aux points a) à c), déduction
faite
des
éléments
mentionnés en b) sans tenir
compte du montant visé au
b), viii) et ix) pour les
instruments ne présentant
pas une incitation modérée,
telle que déterminée par la
CBFA,
encourageant
l’établissement
à
rembourser.
Pour
la
vérification du respect de la
limite de 35 %, les
instruments visés au point i
ci-dessus sont pris en
considération.
ii. ten belope van 35 % van de som
van de bestanddelen vermeld in
de punten a) tot c), na aftrek van
de bestanddelen vermeld in b),
zonder rekening te houden met
het bedrag vermeld in b), viii) en
ix) voor de instrumenten
waarvoor niet is voorzien in een
gematigde, door de CBFA
bepaalde aflossingsprikkel voor
de instelling. Voor de toetsing
van de naleving van de limiet
van 35 % worden de in punt i.
bedoelde
instrumenten
in
aanmerking genomen;
iii. ten belope van 50 % van de som
van de bestanddelen vermeld in
iii. à concurrence de 50 % de la
somme des éléments visés
41
de punten a) tot c), na aftrek van
de bestanddelen vermeld in b),
zonder rekening te houden met
het bedrag vermeld in b), viii) en
ix), wanneer de instrumenten
waarvoor niet is voorzien in een
gematigde, door de CBFA
bepaalde aflossingsprikkel voor
de instelling, in noodsituaties
binnen een vooraf bepaalde
marge geconverteerd moeten
worden en op initiatief van de
bevoegde autoriteiten in het licht
van de financiële positie en de
solvabiliteitspositie
van
de
emittent
te
allen
tijde
geconverteerd mogen worden in
bestanddelen
genoemd
in
artikel II.1, § 1, al. 1, a), i). Voor
de toetsing van de naleving van
de limiet van 50 % worden de in
punt i. bedoelde instrumenten in
aanmerking genomen.
aux points a) à c), déduction
faite
des
éléments
mentionnés en b) sans tenir
compte du montant visé au
b), viii) et ix) lorsque les
instruments ne présentant
pas une incitation modérée,
telle que déterminée par la
CBFA,
encourageant
l’établissement
à
rembourser, doivent être
convertis dans des situations
d’urgence, et peuvent l’être
à l’initiative de l’autorité
compétente, à tout moment,
sur la base de la situation
financière
et
de
la
solvabilité de l’émetteur, en
éléments
visés
à
l’article II.1, § 1, al. 1, a), i),
dans
une
fourchette
prédéterminée. Pour la
vérification du respect de la
limite
de
50 %,
les
instruments visés au i) et ii)
ci-dessus sont pris en
considération.
Bij overschrijding van een limiet
waarvan sprake in voornoemde
punten i tot iii wordt het surplus in
aanmerking genomen bij de
aanvullende bestanddelen van het
eigen vermogen als in § 1, 2°,
tweede lid, c), bedoelde gestorte
fondsen
aangetrokken
via
schuldtitels met onbepaalde looptijd
en wordt het in aanmerking
genomen bij de berekening van de
naleving van de limiet die op die
instrumenten van toepassing is
krachtens § 1, 2°, tweede lid.";
En cas de dépassement d'une
limite visée au point i à iii. cidessus, le surplus est pris en
compte au titre d'éléments
complémentaires des fonds
propres comme des fonds
recueillis au moyen de titres à
durée indéterminées visés au
§ 1°, 2°, al. 2, c) et sont pris en
compte pour le calcul du
respect de la limite applicable à
ces instruments en vertu du
§1°, 2°, al. 2.
De naleving van de voorwaarden voor Le
respect
des
conditions
gelijkstelling wordt voorafgaand door de d’assimilation fait l’objet d’un
CBFA gecontroleerd.
contrôle préalable de la CBFA.
2° De aanvullende bestanddelen van het 2° Les éléments complémentaires
eigen vermogen die samengesteld zijn uit des fonds propres se composant des
de bestanddelen vermeld onder a) tot e), na éléments mentionnés sous a) à e),
42
aftrek van de bestanddelen bedoeld in f) en déduction faite des éléments définis en
g).
f) et g).
Onverminderd de bepalingen van punt d),
wordt het totaal van de bestanddelen
vermeld in de punten a) tot e)
overgenomen ten belope van hoogstens
100% van het eigen vermogen sensu stricto
beschreven in 1° afgezien van de aftrek
voorzien in § 1, 1°, b), viii) en ix) :
Sans préjudice du point d), le total des
éléments visés par les points a) à e)
sont repris à concurrence de 100 % au
plus des fonds propres sensu stricto
définis au 1° abstraction faite de la
déduction prévue au § 1, 1°, b), viii) et
ix) :
a)
de herwaarderingsmeerwaarden;
a) Les
plus-values
réévaluation ;
b)
het intern zekerheidsfonds ;
b) Le fonds interne de sécurité;
c)
de gestorte fondsen aangetrokken
via schuldtitels met onbepaalde
looptijd
en
andere
financieringsinstrumenten
die
voldoen aan de voorwaarden
voorzien in § 2 ; alsook de in § 1,
c) vermelde gestorte fondsen voor
het deel dat wordt uitgesloten uit
het eigen vermogen sensu stricto
omdat de voor die bestanddelen
geldende limieten bereikt zijn;
c) Les fonds versés recueillis au
moyen de titres à durée
indéterminée
et
d'autres
instruments de financement et
remplissant les conditions
prévues au § 3 ; ainsi que les
fonds versés mentionnés au §
1, c) pour la partie qui est
exclue des fonds propres sensu
stricto en raison de la
saturation
des
limites
applicables à ces éléments ;
d)
de achtergestelde schulden, alsook
de cumulatief preferente aandelen
met vaste looptijd, die voldoen
aan de voorwaarden voorzien in §
4, evenwel beperkt tot een bedrag
van hoogstens 50 % van het eigen
vermogen
sensu
stricto
gedefinieerd in 1° supra afgezien
van de aftrek voorzien in § 1, 1°,
b), viii) et ix) ;
Het bedrag waarvoor de hier
bedoelde bestanddelen worden in
aanmerking genomen, wordt
geleidelijk afgebouwd in de loop
van de laatste vijf jaar die de
datum
van
terugbetaling
voorafgaan, zodat dit bedrag op
het einde van het vijfde, vierde,
derde, tweede en laatste jaar vóór
de terugbetalingdatum niet hoger
is dan respectievelijk 80 %, 60 %,
40 %, 20 % en 0 % van het bedrag
d)
de
Les dettes subordonnées ainsi
que les actions préférentielles
cumulatives à échéance fixe
qui remplissent les conditions
prévues au § 4, leur montant
étant toutefois limité à 50 % au
plus des fonds propres sensu
stricto définis au 1° ci-dessus
abstraction
faite
de
la
déduction
prévue
au § 1, 1°, b), viii) et ix) ;
Le montant pour lequel les
éléments visés ici sont pris en
considération,
est
progressivement réduit au
cours des cinq dernières années
précédant
la
date
de
remboursement, afin que ce
montant ne soit pas supérieur, à
la fin de la cinquième,
quatrième, troisième, deuxième
et dernière année précédant la
date de remboursement, à
43
van de lening.
e) voor de instellingen die hun
gewogen risicobedragen conform de
bepalingen van titel VI berekenen,
kunnen de positieve bedragen die
het resultaat zijn van de berekening
vermeld in artikel VI.47, voor
maximum 0,6 % van de bedragen
van deze gewogen risico’s, worden
erkend als andere bestanddelen van
het aanvullend eigen vermogen. Te
dien einde, zijn de gewogen
risicobedragen berekend voor de
effectiseringsposities waarop een
risicoweging van 1250 % wordt
toegepast met toepassing van titel
VII, hoofdstuk 4, niet inbegrepen in
de gewogen risicobedragen. Voor
deze instellingen wordt het intern
zekerheidsfonds vermeld in punt b)
hierboven, meegerekend in het
aanvullend eigen vermogen op
grond van deze beschikking.
respectivement 80 %, 60 %, 40
%, 20 % et 0 % du montant du
prêt.
e)
Pour les établissements qui
calculent les montants de leurs
risques
pondérés
conformément aux dispositions
du titre VI, les montants
positifs résultant du calcul visé
à l’article VI.47 peuvent,
jusqu’à concurrence de 0,6 %
des montants desdits risques
pondérés,
être
reconnus
comme autres éléments des
fonds
propres
complémentaires. À cet effet,
les montants des risques
pondérés n’incluent pas ceux
calculés pour les positions de
titrisation affectées d’une
pondération de risque de
1250 % conformément au
chapitre 4 du titre VII. Pour ces
établissements, le fonds interne
de sécurité visé au point b) cidessus est inclus dans les fonds
propres complémentaires sur
base de la présente disposition.
f) voor de instellingen die het bedrag
van het vereiste eigen vermogen
voor het kredietrisico berekenen
conform de bepalingen van titel VI,
50 % van de negatieve bedragen die
het resultaat zijn van de berekening
vermeld in artikel VI.47 en van de
verwachte verliezen op aandelen
gedefinieerd in artikel VI.44 van het
reglement. Dit bestanddeel moet
van het aanvullend eigen vermogen
worden afgetrokken. Indien deze
bedragen groter zijn dan de som van
de bestanddelen vermeld in a) tot e),
wordt
het
verschil
volledig
afgetrokken van het eigen vermogen
sensu stricto.
f) Pour les établissements qui
calculent les montants de leurs
exigences en fonds propres
pour
risques
de
crédit
conformément aux dispositions
du titre VI, 50 % des montants
négatifs résultant du calcul visé
à l’article VI.47 et des
montants de pertes anticipées
sur actions définies à l’article
VI.44 du règlement. Cet
élément est à déduire des fonds
propres
complémentaires.
Lorsque ces montants sont
supérieurs à la somme des
éléments mentionnés de a) à e),
la différence est déduite
entièrement des fonds propres
sensu stricto.
g) 50 % van de bestanddelen vermeld
in § 5 moeten worden afgetrokken
g) 50 % des éléments mentionnés
au § 5 sont à déduire des fonds
44
van het aanvullend eigen vermogen.
Als dit bedrag hoger is dan de som
van de bestanddelen vermeld in a)
tot e), na aftrek van het bedrag
bedoeld in f), wordt het verschil
volledig afgetrokken van het eigen
vermogen sensu stricto.
propres
complémentaires.
Lorsque ce montant est
supérieur à la somme des
éléments mentionnés de a) à e),
déduction faire du montant
visé en f), la différence est
déduite entièrement des fonds
propres sensu stricto.
De bestanddelen opgesomd in 2° a) en b)
van deze paragraaf moeten onmiddellijk en
zonder beperking door de instelling kunnen
worden aangewend om de risico’s of
verliezen te dekken van zodra deze zich
voordoen. Bovendien, worden deze
bestanddelen, alsook deze vermeld in 1°, c)
en in 2°, c) en d) evenals in artikel II.3, § 1,
derde lid, 3° slechts in aanmerking
genomen
na
aftrek
van
de
belastingslatenties, in de mate dat die het
bedrag verlagen ten belope waarvan de
bestanddelen kunnen worden aangewend
ter dekking van de risico’s of verliezen.
Les éléments énumérés au 2° a) et b)
du présent paragraphe doivent pouvoir
être utilisés immédiatement et sans
restriction par l'établissement pour
couvrir les risques ou pertes dès que
ceux-ci se présentent. En outre, ces
éléments, ainsi que ceux visés au 1°,c)
et au 2° c) et d), ainsi qu’à
l’article II.3, § 1, al. 3, 3° ne sont pris
en considération qu'après déduction
des latences fiscales, dans la mesure
où celles-ci réduisent le montant à
concurrence duquel les éléments
peuvent être affectés à la couverture
de risques ou de pertes.
§ 2. Les instruments visés au
§ 2. De in § 1, eerste lid, 1°, c),
§
1,
al.
1, 1°, c), sont conformes aux
bedoelde instrumenten stemmen overeen
met de in voornoemde punten a) tot d) exigences énoncées aux points a) à d)
ci-dessous :
vastgelegde vereisten:
a) Les instruments sont à échéance
a) De instrumenten hebben geen
indéterminée ou ont une durée
vervaldatum of hebben een
initiale d’au moins trente ans. Ils
oorspronkelijke looptijd van ten
peuvent inclure une ou plusieurs
minste dertig jaar. De instrumenten
options de rachat à la seule
kunnen een of meer, uitsluitend op
discrétion de l’émetteur, mais ne
initiatief van de uitgevende
peuvent pas être remboursés
instelling uit te oefenen callopties
dans un délai inférieur à cinq ans
omvatten maar worden ten vroegste
à compter de la date d’émission.
vijf jaar na de datum van uitgifte
Si les dispositions régissant les
afgelost. Als de bepalingen die voor
instruments
à
échéance
instrumenten zonder vervaldatum
indéterminée prévoient une
gelden, voorzien in een gematigde,
incitation modérée, telle que
door de CBFA te beoordelen
déterminée par la CBFA,
aflossingsprikkel voor de instelling,
encourageant l’établissement à
mag die prikkel zich ten vroegste
rembourser, cette incitation ne
tien jaar na de datum van uitgifte
peut survenir dans les dix ans
voordoen. De bepalingen die voor
suivant la date d’émission. Les
instrumenten met vervaldatum
dispositions
régissant
les
gelden, staan niet toe dat van die
instruments
à
échéance
instrumenten een prikkel tot
déterminée n’autorisent pas
aflossing op een andere datum dan
d’incitation au remboursement à
45
de vervaldatum uitgaat.
une date autre que la date
d’échéance.
Zowel instrumenten met als
instrumenten zonder vervaldatum
kunnen alleen met voorafgaande
toestemming van de CBFA worden
teruggekocht of afgelost. De CBFA
kan deze toestemming verlenen
mits het verzoek op initiatief van de
instelling wordt gedaan en noch de
financiële
positie,
noch
de
solvabiliteitspositie
van
de
instelling al te zeer wordt aangetast.
De CBFA kan van instellingen
verlangen dat zij het instrument
vervangen door in § 1, eerste lid,
1°, a), of § 1, eerste lid, 1°, c),
bedoelde bestanddelen van dezelfde
of een betere kwaliteit.
Les instruments à échéance
déterminée et à échéance
indéterminée ne peuvent être
rachetés ou remboursés qu’avec
l’accord préalable de la CBFA.
Celle-ci
peut
accorder
l’autorisation à condition que la
demande soit faite à l’initiative
de l’établissement et que ni les
conditions financières ni la
solvabilité de l’établissement
n’en soient indûment affectées.
La CBFA peut imposer aux
établissements de remplacer
l’instrument par des éléments de
qualité identique ou supérieure
visés au § 1, al. 1, 1°, a), ou § 1,
al. 1, 1°, c),.
b) De CBFA kan verlangen dat de
aflossing van instrumenten met
vervaldatum wordt opgeschort als
de
instelling
niet
aan de
eigenvermogensvereisten
van
artikel III.1 of XV.1 of aan de
concentratienormen van artikel III.4
voldoet en kan verlangen dat
aflossing op andere tijdstippen
wordt opgeschort op grond van de
financiële
positie
en
de
solvabiliteitspositie
van
de
instelling.
b) La CBFA peut exiger la
suspension du remboursement
des instruments à échéance
déterminée si l’établissement de
crédit ne satisfait pas aux
exigences de fonds propres
prévues à l’article III.1, ou
XV.1., et à d’autres moments en
raison de la situation financière
et de la solvabilité des
établissements de crédit.
c)
De CBFA kan te allen tijde
toestemming verlenen voor een
vroegtijdige
aflossing
van
instrumenten met of zonder
vervaldatum
ingeval
de
toepasselijke fiscale behandeling of
indeling van deze instrumenten
volgens de regelgeving een
wijziging ondergaat die bij uitgifte
niet was voorzien.
c) La CBFA peut autoriser à tout
moment
le
remboursement
anticipé
d’instruments
à
échéance déterminée ou à
échéance indéterminée en cas de
modification, non prévue à la
date de l’émission, du traitement
fiscal ou de la classification
réglementaire
de
ces
instruments.
d) De bepalingen die voor het
instrument gelden, bieden de
instelling de mogelijkheid om de
rente- of dividenduitkering zo nodig
d) Les
dispositions
régissant
l’instrument
autorisent
l’établissement à annuler, au
besoin, le paiement des intérêts
46
voor onbepaalde tijd en op nietcumulatieve basis te annuleren.
ou des dividendes pour une
durée illimitée, sur une base non
cumulative.
De
instelling
dient
dergelijke
uitkeringen echter te annuleren als zij
niet
voldoet
aan
de
eigenvermogensvereisten
van
artikel III.1 of XV.1.
Toutefois, l’établissement doit
annuler ces paiements s’il ne
satisfait pas aux exigences de
fonds propres prévues à
l’article III.1 ou XV.1.
De CBFA kan verlangen dat de
rente- of dividenduitkering op
grond van de financiële positie en
de solvabiliteitspositie van de
instelling wordt geannuleerd. Het
annuleren van de rente- of
dividenduitkering
doet
geen
afbreuk aan het recht van de
instelling om de rente- of
dividenduitkering te vervangen
door een betaling in de vorm van
een instrument als bedoeld in § 1,
eerste lid, 1°, a), mits de instelling
daardoor haar financiële middelen
kan behouden. De CBFA kan aan
die
vervanging
voorwaarden
verbinden.
La
CBFA
peut
exiger
l’annulation de ces paiements
sur la base de la situation
financière et de la solvabilité de
l’établissement.
Une
telle
annulation ne porte pas atteinte
au droit de l’établissement de
remplacer le paiement de
l’intérêt ou du dividende par un
paiement sous la forme d’un
instrument visé au § 1, al. 1, 1°,
a),, à condition que ce
mécanisme
permette
à
l’établissement de crédit de
préserver
ses
ressources
financières. Ce remplacement
peut faire l’objet de conditions
particulières établies par la
CBFA.
e)
De bepalingen die voor het
instrument gelden, schrijven voor
dat de hoofdsom en nietuitgekeerde rente of dividend van
dien aard moeten zijn dat verliezen
ermee worden opgevangen, terwijl
de instelling tegelijkertijd ook haar
activiteiten kan voortzetten, en dat
ze geen belemmering vormen voor
de herkapitalisatie van de instelling
met passende mechanismen.
e) Les
dispositions
régissant
l’instrument
prévoient
la
capacité du principal, des
intérêts non versés ou du
dividende à absorber des pertes
et à ne pas faire obstacle à la
recapitalisation
de
l’établissement de crédit au
moyen
de
mécanismes
appropriés
f)
Bij het faillissement of de
vereffening van de instelling zijn de
instrumenten achtergesteld bij de in
onderstaande §§ 3 en 4 bedoelde
bestanddelen.
f) En cas de faillite ou de
liquidation de l’établissement de
crédit, les instruments occupent
un rang inférieur à celui des
éléments visés au§ 3 et 4 ciaprès.
47
§ 3. De § 1, eerste lid, 2°, c)
vermelde
schuldtitels
en
financieringsinstrumenten
dienen
te
beantwoorden aan de hiernavolgende
voorwaarden, waarvan de naleving vooraf
wordt gecontroleerd door de CBFA :
§ 3. Les titres et instruments
de financement mentionnés au § 1er,
1er alinéa, 2°, c), doivent remplir les
conditions suivantes dont le respect
fait l'objet d'un contrôle préalable par
la CBFA :
a) geen terugbetaling is mogelijk op
initiatief van de schuldeiser of
zonder
de
voorafgaande
toestemming van de CBFA ;
a) Ils ne peuvent être remboursés
à l'initiative du créancier ou
sans l'accord préalable de la
CBFA ;
b) de fondsen worden verstrekt op
achtergestelde basis ; dit betekent
dat in situaties van samenloop van
alle schuldeisers op het gehele
vermogen van de debiteur of de
emittent, met name bij diens
faillissement,
aanvraag
tot
gerechtelijk akkoord of vrijwillige
of gedwongen vereffening, de
achtergestelde
schuldeiser
onherroepelijk afstand doet van zijn
recht op een gelijke behandeling ten
opzichte van de andere nietbevoorrechte schuldeisers ; de
achtergestelde
schuldeiser
aanvaardt, met andere woorden, dat
de debiteur of de emittent, in
diezelfde situaties van samenloop,
slechts verplicht is hem te betalen
nadat
vooraf
alle
andere
schuldeisers zijn betaald of dat de
hiervoor nodige sommen hiertoe in
consignatie zijn gegeven ;
b) Les fonds sont accordés sur
une base subordonnée ; cela
signifie que dans des situations
de concours de tous les
créanciers sur l'ensemble du
patrimoine du débiteur ou de
l'émetteur, notamment en cas
de faillite, demande de
concordat
judiciaire
ou
liquidation
volontaire
ou
forcée de ces derniers, le
créancier subordonné renonce
irrévocablement à son droit
d'égalité de traitement par
rapport aux autres créanciers
chirographaires ; en d'autres
termes,
le
créancier
subordonné accepte que le
débiteur ou l'émetteur, dans ces
mêmes situations de concours,
soit uniquement tenu de payer
après que tous les autres
créanciers ont été payés ou que
les sommes nécessaires à cet
effet ont été données en
consignation ;
c) de achterstelling is eveneens van
toepassing op de verschuldigde
periodieke vergoeding ;
c) La subordination s'applique
également à la rémunération
périodiquement due ;
d) de debiteur of emittent heeft het
recht
de
betaling
van de
verschuldigde
periodieke
vergoeding uit te stellen ;
d) Le débiteur ou l'émetteur a le
droit de différer le paiement de
la
rémunération
périodiquement due ;
e) de fondsen en de nog verschuldigde
periodieke vergoeding kunnen
worden aangewend tot aanzuivering
van verliezen, dit terwijl de debiteur
of emittent zijn werkzaamheden kan
e) Les fonds et la rémunération
périodique encore due peuvent
être affectés à l'apurement de
pertes, tout en permettant au
débiteur ou à l'émetteur de
48
voortzetten.
poursuivre ses activités.
§ 4. De in § 1, eerste lid, 2°, d)
vermelde achtergestelde schulden en
cumulatief preferente aandelen, dienen te
beantwoorden aan de hiernavolgende
voorwaarden waarvan de naleving vooraf
wordt gecontroleerd door de CBFA :
§ 4. Les dettes subordonnées
et
les
actions
préférentielles
cumulatives mentionnées au § 1er, 1er
alinéa, 2°, d), doivent remplir les
conditions suivantes dont le respect
fait l'objet d'un contrôle préalable par
la CBFA :
a) vervroegde terugbetaling is enkel
mogelijk op initiatief van de
debiteur en met de voorafgaande
toestemming van de CBFA ;
a) Elles
ne
peuvent
être
remboursées anticipativement
qu'à l'initiative du débiteur et
avec l'accord préalable de la
CBFA ;
b) hun
oorspronkelijke
looptijd
bedraagt minstens 5 jaar ; is de
looptijd onbepaald, dan bedraagt de
opzeggingstermijn tenminste 5 jaar;
b) Leur durée initiale s'élève à au
moins 5 ans ; si la durée est
indéterminée, le délai de
préavis
s'élève à au
moins 5 ans;
c) de fondsen zijn verstrekt
achtergestelde
basis,
gedefinieerd in § 2, b), supra ;
op
als
c) Les fonds sont accordés sur
une base subordonnée, telle
que définie au § 2, b), supra ;
d) de overeenkomst
mag geen
bepalingen
bevatten krachtens
dewelke de schuld in bepaalde
omstandigheden,
buiten
de
vereffening van de instelling, vóór
de overeengekomen datum moet
worden terugbetaald.
d) Le contrat ne peut pas
comporter
de
clauses
prévoyant que, dans des
circonstances
déterminées
autres que la liquidation de
l'établissement, la dette devra
être
remboursée
avant
l'échéance convenue.
§ 5. Aftrek
van
het
eigen
vermogen
§ 5.
propres
Déduction
des
fonds
De bestanddelen die moeten afgetrokken
worden van het eigen vermogen sensu
stricto conform § 1, eerste lid, b), ix) en
van het aanvullend eigen vermogen
krachtens § 1, eerste lid, 2°, g) worden
hierna gedefinieerd :
Les éléments à déduire des fonds
propres sensu stricto conformément au
§ 1, alinéa 1, b), ix) et des fonds
propres
complémentaires
conformément au § 1, alinéa 1, 2°, g)
sont définis ci-dessous :
1° De aandelen en deelbewijzen van
kredietinstellingen,
beleggingsondernemingen,
beheersvennootschappen van instellingen
voor
collectieve
beleggingen,
vereffeningsinstellingen en de
met
vereffeningsinstellingen
gelijkgestelde
instellingen, of van andere financiële
instellingen waarvan het gewone bedrijf
bestaat uit het verlenen van kredieten of uit
1° Les
actions
et
parts
d’établissements
de
crédit,
d’entreprises d'investissement, de
sociétés de gestion d’organismes de
placement collectif, d’organismes de
liquidation et organismes assimilés, ou
d'autres établissements financiers dont
l'activité courante consiste en l'octroi
de crédits ou dans la conclusion
d'autres opérations qui sont prises en
49
het afsluiten van andere verrichtingen die considération pour le calcul des
in aanmerking worden genomen voor de exigences résultant du présent
berekening van de vereisten die règlement pour autant :
voortvloeien uit dit reglement voor zover :
de gehouden aandelen en
deelbewijzen meer dan 10 %
vertegenwoordigen
van
de
stemrechten of van het kapitaal
van betrokken ondernemingen
of;
que les actions et parts
détenues représentent plus
de 10 % des droits de vote
ou du capital des entreprises
concernées ou;
deze aandelen en deelbewijzen
betrekking hebben op verbonden
ondernemingen
of
ondernemingen waarmee een
deelnemingsverhouding bestaat
in
de
zin
van
de
boekhoudkundige bepalingen.
que ces actions et parts
concernent des entreprises
liées ou avec liens de
participations au sens des
dispositions comptables.
De vaste verbintenissen om aandelen te
verwerven of deel te nemen aan
kapitaalsverhogingen
komen
in
aanmerking voor de toepassing van
onderhavig punt, van 2° en 5°bis,
behoudens specifieke beslissing van de
CBFA.
Les engagements fermes d’acquérir
des actions ou de participer à des
augmentations de capital sont pris en
considération pour l’application du
présent point, du 2° et 5° bis, sauf
décision spécifique de la CBFA.
2° Deelnemingen
in
verbonden
ondernemingen
en
ondernemingen
waarmee een deelnemingsverhouding
bestaat,
wanneer
het
gaat
om
verzekeringsondernemingen,
herverzekeringsondernemingen
of
verzekeringsholdings, met een ander bedrijf
dan bedoeld in 1° supra ;
2° Les participations dans des
entreprises liées et des entreprises avec
lesquelles il existe un lien de
participation,
lorsqu'il
s'agit
d'entreprises
d'assurances,
d’entreprises de réassurance ou de
sociétés holding d’assurance, exerçant
une activité autre que celle visée au 1°
ci-dessus ;
3° De instrumenten en vorderingen
bedoeld in § 1, eerste lid, 1°, c) en § 1,
eerste lid, 2°, c) en d), die betrekking
hebben op de in 1° hiervoor vermelde
ondernemingen ;
3° Les instruments et créances visés
au § 1er, 1er alinéa, 1°, c) et § 1er, 1er
alinéa, 2°, c) et d), et portant sur les
entreprises mentionnées au 1° cidessus ;
4° De instrumenten en vorderingen
bedoeld artikel II.3, § 1, vierde lid, 3°, die
betrekking hebben op de in 1° hiervoor
vermelde ondernemingen ;
4° Les instruments et créances visés
à l'article II.3, § 1er, 4ème alinéa, 3°,
et portant sur les entreprises
mentionnées au 1° ci-dessus ;
4°bis De achtergestelde vorderingen en
de instrumenten die betrekking hebben op
in 2° bedoelde ondernemingen, zoals
bedoeld in artikel 15 bis, § 1, 5°, 6° en 7°
4°bis Les créances subordonnées et
les instruments portants sur les
entreprises mentionnées au 2° cidessus, tels que visés à l’article 15 bis,
50
van de wet van 9 juli 1975 op de controle § 1er, 5°, 6° et 7° de la loi du
van de verzekeringsondernemingen;
9 juillet 1975 relative au contrôle des
entreprises d’assurances ;
5° De aandelen en deelbewijzen van
kredietinstellingen,
beleggingsondernemingen,
beheersvennootschappen van instellingen
voor
collectieve
beleggingen,
vereffeningsinstellingen en de
met
vereffeningsinstellingen
gelijkgestelde
instellingen en van andere financiële
instellingen als bedoeld in 1° hiervoor,
maar die geen verbonden ondernemingen
zijn
en
waarmee
evenmin
een
deelnemingsverhouding bestaat, alsook de
in § 1, eerste lid, 1°, c en in § 1, eerste lid,
2°, c) en d), en in artikel II.3, § 1, vierde
lid, 3° bedoelde vorderingen op en
instrumenten uitgegeven door zulke
instellingen, voor het gedeelte van het
totaal van de hier bedoelde aandelen en
deelbewijzen, vorderingen en instrumenten
dat groter is dan 10 % van het eigen
vermogen als gedefinieerd in § 1, van de
instelling waarvoor dit reglement geldt,
afgezien van de aftrek voorzien in § 1,
1°,b), ix) en 2°, g).
5° Les
actions
et
parts
d'établissements
de
crédit,
d'entreprises d'investissement, des
sociétés de gestion d’organismes de
placement collectif, les organismes de
liquidation et assimilés et d'autres
établissements financiers tels que
visés au 1° ci-dessus, mais qui ne sont
ni des entreprises liées, ni des
entreprises avec lesquelles il existe un
lien de participation ainsi que les
créances et les instruments visés au §
1, 1er alinéa, 1°, c et au § 1er, 1er alinéa,
2°, c) et d), et à l'article II.3, § 1er,
4ème alinéa, 3°, émis par ces
établissements, pour la partie du total
des actions et parts, créances et
instruments visés ici qui dépasse 10 %
des fonds propres, tels que définis au §
1er, de l'établissement soumis aux
dispositions du présent règlement,
abstraction faite de la déduction
prévue au § 1, 1°,b), ix) et 2° g).
De aandelen van de handelsportefeuille
worden niet meegerekend wanneer de
instelling « markthouder » is voor de
betrokken aandelen.
Les actions du portefeuille de
négociation ne sont pas prises en
compte lorsque l’établissement est
« teneur de marché » pour les actions
en question.
5°bis De deelnemingen in verbonden
ondernemingen
en
ondernemingen
waarmee een deelnemingsverhouding
bestaat, wanneer het gaat om gemengde
financiële
holdings,
evenals
de
bestanddelen vermeld in 3°, 4° en 4°bis
uitgegeven door deze gemengde financiële
holdings ;
5°bis Les participations dans des
entreprises liées et des entreprises
avec lesquelles il existe un lien de
participation, lorsqu’il s’agit de
compagnies financières mixtes, ainsi
que les éléments visés aux 3°, 4° et 4°
bis émis par ces compagnies
financières mixtes ;
6°
De bestanddelen van het eigen
vermogen van de instelling die worden
gehouden door ondernemingen waarin zij
deelneemt
of
dochterondernemingen
daarvan,
tenzij
deze
bestanddelen
aanvullende bestanddelen van het eigen
vermogen zijn als bedoeld § 1, eerste lid,
2° en in artikel II.3, § 1, vierde lid, 3°, of
6° Les éléments des fonds propres
de l'établissement qui sont détenus par
des entreprises dans lesquelles
l'établissement a une participation, ou
par des filiales de celles-ci, à moins
que ces éléments ne soient des
éléments complémentaires des fonds
propres tels que visés au § 1er,
51
de herbesteding zijn van werkmiddelen die
bedoelde
ondernemingen
als
financieringsvehikels specifiek daartoe bij
derden hebben opgenomen en waarover
deze
derden
uitdrukkelijk
zijn
geïnformeerd ;
alinéa 1er, 2°, et à l'art. II.3, § 1, 4ème
al., 3°, et qu'ils ne constituent le
remploi de moyens que les entreprises
visées ont récoltés spécifiquement à
cette fin comme véhicules de
financement auprès de tiers et à
propos desquels ces tiers ont été
expressément informés ;
7° De vorderingen en overige activa, met
inbegrip van de toekomstige vorderingen
en overige toekomstige activa buiten deze
bedoeld in 1° tot 5°bis supra, op verbonden
ondernemingen
en
ondernemingen
waarmee een deelnemingsverhouding
bestaat, alsook de verplichtingen voor
rekening van of ten gunste van zulke
ondernemingen, tenzij deze vorderingen,
overige activa en verplichtingen, naar hun
aard en voorwaarden, verantwoorde
courante bankverrichtingen zijn ;
7° Les créances et les autres actifs, y
compris les créances et autres actifs
futurs, autres que ceux visés aux
points 1° à 5° bis ci-dessus, sur des
entreprises liées et des entreprises
avec lesquelles il existe un lien de
participation,
ainsi
que
les
engagements pour le compte ou en
faveur de ces entreprises, à moins que
ces créances, ces autres actifs et ces
engagements ne soient, quant à leur
nature et à leurs conditions, justifiées
comme opérations bancaires courantes
;
8° Wat betreft de kredietinstellingen, het
aandelenbezit in ondernemingen waarvan
het bedrag per post, of het totaalbedrag van
de posten, de begrenzingen overschrijdt
bedoeld in artikel 32, § 5, eerste lid, van de
wet van 22 maart 1993 op het statuut en de
controle van de kredietinstellingen, of deze
bedoeld in artikel 146 van dezelfde wet met
betrekking tot de in dit artikel bedoelde
instellingen, ten belope van het bedrag van
deze overschrijding.
8° En ce qui concerne les
établissements de crédit, les droits
d'associés
détenus
dans
des
entreprises, dont le montant par poste
ou le montant total des postes dépasse
les limites prévues à l'article 32, § 5,
alinéa 1er, de la loi du 22 mars 1993
relative aux statut et au contrôle des
établissements de crédit, ou celles
prévues à l'article 146 de cette même
loi en ce qui concerne les
établissements visés dans cet article, à
concurrence du montant de ce
dépassement.
De CBFA kan de instelling vrijstellen van
de verplichting om de in 1° tot 5°bis van
deze paragraaf bedoelde aandelen en
deelbewijzen, instrumenten en vorderingen
af te trekken, wanneer het bezit ervan
kadert in een sanerings- of reddingsoperatie
van bedoelde ondernemingen.
La
CBFA
peut
dispenser
l'établissement de l'obligation de
déduire les actions et parts,
instruments et créances visés aux 1° à
5°bis du présent §, lorsque leur
détention se situe dans le cadre d'une
opération d'assainissement ou de
sauvetage des entreprises visées.
§ 6. De CBFA kan een instelling
toestemming geven om de in artikel II.1.,
§ 1, eerste lid, 1°, c), in artikel II.1., § 1,
eerste lid, 2°, tweede lid, en in
§ 6. La CBFA peut autoriser un
établissement
à
dépasser
provisoirement, dans des situations
d'urgence, les limites visées à
52
artikel II.1,§ 1, eerste lid, 2°, tweede lid, d) l'article II.1., § 1, al. 1, 1°,c), à
genoemde limieten in noodsituaties l'article II.1., § 1, al.1, 2°,al. 2 et à
l'article § 1, II.1, al.1, 2°; al. 2, d).
tijdelijk te overschrijden.
Art. II.2
Art. II.2
§ 1. De
instellingen
die
onderworpen zijn aan een toezicht op
geconsolideerde basis als bedoeld in
artikel 49 van de wet van 22 maart 1993,
van artikel 95 van de wet van 6 april 1995
of aan een gelijkgestelde geconsolideerde
controle, zijn, voor de berekening van het
eigen vermogen op vennootschappelijke
basis, vrijgesteld van de aftrek van de
bestanddelen vermeld in artikel II.1, § 4, 1°
tot 4°bis en 5°bis wanneer volgende
voorwaarden vervuld zijn :
§ 1. Les établissements qui
sont soumis à une surveillance sur
base consolidée au sens de l’article 49
de la loi du 22 mars 1993, de
l’article 95 de la loi du 6 avril 1995 ou
à un contrôle consolidé équivalent,
sont dispensés, pour le calcul des
fonds propres sur base sociale, de
procéder aux déductions des éléments
visés à l’article II.1, § 4, 1° à 4°bis et
5° bis lorsque les conditions suivantes
sont remplies :
-
de bestanddelen hebben betrekking
op
ondernemingen
die
zijn
inbegrepen in de toezichtskring van
de instelling op geconsolideerde
basis;
-
les éléments ont trait à des
entreprises qui sont inclues
dans le périmètre de la
surveillance
sur
base
consolidée de l’établissement ;
-
de instelling heeft het recht het
grootste deel van de leden van de
raad van bestuur te benoemen of te
ontslagen en bezit tenminste 50 %
van de stemrechten op de algemene
vergadering ;
-
l’établissement a le droit de
nommer ou de révoquer la
majorité des membres du
conseil
d’administration et
détient au minimum 50 % des
droits de vote à l’assemblée
générale ;
-
er bestaat, in rechte of in feite, geen
enkele
praktische
hinderpaal,
huidige of toekomstige, voor de
snelle overdracht van eigen
vermogen of voor de terugebtaling
op vervaldag van passiva door de
dochteronderneming
aan
haar
moederinstelling.
-
il n'existe, en droit ou en fait,
aucun obstacle pratique, actuel
ou prévu, au transfert rapide de
fonds
propres
ou
au
remboursement, à l'échéance,
de passifs par la filiale à son
établissement mère.
In dat geval worden bovenvermelde Dans ce cas, les éléments susvisés qui
bestanddelen die niet worden afgetrokken ne sont pas déduits des fonds propres
van het eigen vermogen in aanmerking sont pris en compte :
genomen :
-
als financiële vaste activa voor wat
betreft het vereiste bedoeld in
artikel III.1, § 1, 1° ;
-
comme
immobilisations
financières pour l’exigence
visée à l’article III.1, § 1, 1° ;
53
worden zij onderworpen aan een
vereiste inzake kredietrisico, zoals
voorzien in titel IV, gelijkwaardig
aan 8 % * 400 % * van de
boekwaarde van de bestanddelen
die
wordt
meegerekend
overeenkomstig de bepalingen van
titel IV.
- font l’objet d’une exigence
pour risque de crédit, telle
que prévue au titre IV,
équivalent à 8 % * 400 % *
la valeur comptable des
éléments pris en compte
définies conformément aux
dispositions du titre IV.
§ 2. De instellingen die zijn
onderworpen aan een aanvullend toezicht
in de zin van artikel 49 bis van de wet van
22 maart 1993 of van artikel 95 bis van de
wet van 6 april 1995 of aan een
evenwaardige controle, zijn, voor de
berekening van het eigen vermogen op
geconsolideerde basis, vrijgesteld van de
aftrek van de bestanddelen bedoeld in
artikel II.1, § 4, al 1, 2° , 4°bis en 5° bis
wanneer zij betrekking hebben op
verbonden ondernemingen die in het
toepassingsveld van het geconsolideerd of
aanvullend toezicht vallen.
§ 2. Les établissements qui
sont soumis à une surveillance sur
base complémentaire au sens de
l’article 49 bis de la loi du
22 mars 1993 ou de l’article 95 bis de
la loi du 6 avril 1995 ou à un contrôle
équivalent, sont dispensés, pour le
calcul des fonds propres sur base
consolidée,
de
procéder
aux
déductions des éléments visés à
l’article II.1, § 4, al. 1, 2°, 4°bis et 5°
bis lorsqu’elles ont trait à des
entreprises liées qui relèvent du champ
d’application de la surveillance
consolidée ou complémentaire.
-
In dergelijk geval worden bovenvermelde Dans ce cas, les éléments susvisés qui
bestanddelen, die niet worden afgetrokken ne sont pas déduits des fonds propres
sont pris en compte :
van het eigen vermogen, meegerekend:
-
als financiële vaste activa voor wat
betreft het vereiste bedoeld in
artikel III.1, § 1, 1° ;
- comme
immobilisations
financières pour l’exigence
visée
au
titre
III,
article III.1 ; § 1, 1° ;
-
worden zij onderworpen aan een
vereiste voor kredietrisico zoals
voorzien in titel IV, gelijk aan 8 %
* 400 % * van de boekwaarde van
de
bestanddelen
die
wordt
meegerekend overeenkomstig de
bepalingen van titel IV.
- font l’objet d’une exigence
pour risque de crédit, telle que
prévue au titre IV, équivalent à
8 % * 400 % * la valeur
comptable des éléments prise
en
compte
définie
conformément aux dispositions
du titre IV.
Art. II.3
Art. II.3
§ 1. Onverminderd
de
toepassing van artikel II.1, mag een
instelling die gehouden is te voldoen aan de
vereisten inzake eigen vermogen krachtens
titel IX, hoofdstukken 2 tot 7, artikel III.2
en artikel III.5, kiezen voor een andere
definitie van het eigen vermogen om aan
deze vereisten te voldoen.
§ 1. Sans
préjudice
de
l'article II.1, un établissement qui est
tenu de respecter les exigences en
fonds propres résultant des chapitres 2
à 7 du titre IX, de l’article III.2 et de
l’article III.5, peut utiliser une autre
définition des fonds propres pour
couvrir ces exigences.
54
Geen enkel onderdeel van het aldus Aucune partie des fonds propres ainsi
beschikbaar
eigen
vermogen
mag disponibles ne peut être utilisée
tegelijkertijd worden gebruikt om andere simultanément pour se conformer à
vereisten inzake eigen vermogen na te d'autres exigences en fonds propres.
komen.
De bepalingen van deze paragraaf zijn
mutatis mutandis van toepassing op de
begrenzingsnormen bepaald in artikel III.4
voor wat betreft de bestanddelen die deel
uitmaken van de handelsportefeuille.
Les dispositions de ce paragraphe
s'appliquent mutatis mutandis aux
normes de limitation fixées à
l'article III.4 pour ce qui concerne les
éléments appartenant au portefeuille
de négociation.
De definitie vermeld in het eerste lid van La définition visée au premier alinéa
deze
paragraaf
omvat
volgende du présent paragraphe comprend les
éléments suivants :
bestanddelen:
1° het eigen vermogen zoals gedefinieerd
in artikelen II.1, II.2, II.3 en II.4 dat niet is
aangewend voor de dekking van de risico’s
die voortvloeien uit de titels IV tot VIII en
de risico’s bedoeld in titel IX, hoofdstuk 1;
1° Les fonds propres tels que définis
aux articles II.1, II.2, II.3 et II.4 non
affectés à la couverture des risques
découlant des titres IV à VIII et des
risques visés au chapitre 1 du titre IX ;
2° de
nettowinst
van
de
handelsportefeuille van de instelling, na
aftrek van alle voorzienbare kosten of
dividenden en verminderd met de verliezen
op haar andere werkzaamheden, voor zover
dit bedrag niet reeds is opgenomen in de in
1° supra bedoelde bestanddelen;
2° Les bénéfices nets du portefeuille
de négociation de l'établissement,
libres de toutes charges ou dividendes
prévisibles, moins les pertes des autres
activités, pour autant que ces montants
n'aient pas été pris en compte dans
l'élément visé au 1° ;
3° De in § 2 bedoelde achtergestelde
schulden en de in § 4 bedoelde elementen,
onder voorbehoud van de in §§ 2 tot 4
opgesomde voorwaarden.
3° Les dettes subordonnées visées au
§ 2 et les éléments visés au § 4, sous
réserve des conditions énoncées aux
§§ 2 à 4.
§ 2. De in § 1, vierde lid, 3°,
vermelde achtergestelde schulden dienen te
beantwoorden aan de hiernavolgende
voorwaarden waarvan de naleving vooraf
wordt gecontroleerd door de CBFA:
§ 2. Les dettes subordonnées
visées au § 1, 4ème alinéa, 3°, doivent
remplir les conditions suivantes dont
le respect fait l'objet d'un contrôle
préalable par la CBFA :
a) hun oorspronkelijke looptijd bedraagt a) leur durée initiale s'élève à au
moins deux ans ; si la durée est
minstens 2 jaar; is de looptijd
indéterminée, le délai de préavis
onbepaald,
dan
bedraagt
de
s'élève à au moins deux ans ;
opzeggingstermijn ten minste twee jaar;
b) zij zijn integraal gestort en de b) elles sont intégralement versées et
le contrat de prêt ne comporte
leningsovereenkomst
bevat
geen
aucune clause prévoyant que, dans
bepalingen op grond waarvan de schuld
des circonstances déterminées
in bepaalde omstandigheden, buiten de
autres que la liquidation de
vereffening van de instelling, vóór de
l'établissement, la dette devra être
overeengekomen datum moet worden
remboursée
avant
l'échéance
terugbetaald, tenzij de CBFA daarmee
55
vooraf heeft ingestemd;
convenue, sauf accord préalable de
la CBFA ;
c) noch het hoofdbedrag van, noch de c) ni le principal, ni les intérêts de ces
dettes subordonnées ne peuvent
verschuldigde interesten op die
être
remboursés
si
ce
achtergestelde schulden mogen worden
remboursement implique que les
terugbetaald indien het eigen vermogen
fonds propres de l'établissement
van de betrokken instelling door die
considéré tombent alors à un
terugbetaling minder dan 100% van de
niveau inférieur à 100 % des
in artikel III.1 gedefinieerde vereisten
exigences fixées à l'article III.1 ;
bedraagt;
d) de
fondsen zijn
verstrekt
op d) les fonds sont accordés sur une
base subordonnée, telle que définie
achtergestelde basis zoals gedefinieerd
à l'article II.1, § 2, b).
in artikel II.1, § 2, b).
De instelling stelt de CBFA in kennis van
alle terugbetalingen op die achtergestelde
schulden zodra het eigen vermogen van de
instelling minder bedraagt dan 120% van
de in artikel III.1 gedefinieerde vereisten.
L'établissement notifie à la CBFA tous
les remboursements sur ces dettes
subordonnées dès que les fonds
propres de l'établissement deviennent
inférieurs à 120 % des exigences
fixées à l'article III.1.
§ 3. De in § 1, vierde lid, 3°,
bedoelde schulden worden in aanmerking
genomen ten belope van 200 % van het
resterende eigen vermogen sensu stricto,
voor het beantwoorden aan de in titel IX,
hoofdstukken 2 tot 7, in artikel III.2 en in
artikel III.5, bedoelde eigenvermogensvereisten.
§ 3. Les dettes visées au § 1,
4ème alinéa, 3°, sont prises en
considération
au
maximum
à
concurrence de 200 % des fonds
propres sensu stricto résiduels en vue
de satisfaire aux exigences en fonds
propres visées aux chapitres 2 à 7 du
titre IX, de l’article III.2
et à
l’article III.5.
§ 4. De instelling kan de in § 1,
vierde lid, 3°, bedoelde achtergestelde
schulden vervangen door elementen van
dezelfde aard bedoeld in artikel II.1, § 1,
eerste lid, 2°, a) tot d), en die elders niet in
aanmerking worden genomen voor de
berekening van het eigen vermogen, binnen
de grenzen vermeld in § 3.
§ 4. L'établissement
peut
remplacer les dettes subordonnées
visées au § 1, 4ème alinéa, 3°, par des
éléments de la nature de ceux visés à
l'article II.1, § 1, 1er alinéa, 2°, a) à d),
et qui ne sont pas pris par ailleurs en
compte pour la détermination des
fonds propres, dans les limites prévues
au § 3.
Art. II. 4
Art. II. 4
Specifieke
bestanddelen
van
geconsolideerd eigen vermogen
het Eléments spécifiques
propres consolidés
Voor de berekening van het eigen
vermogen op geconsolideerde basis,
worden
de
negatieve
consolidatieverschillen,
de
negatieve
verschillen na vermogensmutatie en de
negatieve
omrekeningsverschillen
opgenomen als bestanddeel van het eigen
des
fonds
Pour le calcul des fonds propres sur
base consolidée, les écarts de
consolidation, de mise en équivalence
et de conversion négatifs font partie
des fonds propres sensu stricto ; en
revanche, s'ils sont positifs, ces écarts
sont déduits pour le calcul des fonds
56
vermogen sensu stricto ; bedoelde propres sensu stricto.
verschillen worden echter afgetrokken voor
de berekening van het eigen vermogen
sensu stricto als zij positief zijn.
Voor de berekening van het eigen
vermogen op geconsolideerde basis,
worden de belangen van derden in het
eigen vermogen van geconsolideerde
dochterondernemingen
integraal
toegevoegd aan het eigen vermogen sensu
stricto op geconsolideerde basis onder
voorbehoud van wat hierna wordt bepaald,
onverminderd artikel II.5, 10 ° :
Pour le calcul des fonds propres sur
base consolidée, les intérêts de tiers
dans les fonds propres de filiales
consolidées
sont
intégralement
incorporés dans les fonds propres
consolidés sensu stricto sous réserve
de ce qui est précisé ci-dessous, sans
préjudice de l’article II.5, 10 ° :
-
voor de belangen van derden die
de in artikel II.1, § 1, 1°, a) en c),
en in artikel II.1, § 1, 2°, c) en d),
bedoelde
instrumenten
vertegenwoordigen
die
zijn
uitgegeven
door
verbonden
ondernemingen, gelden, om in het
eigen vermogen te worden
opgenomen,
dezelfde
voorwaarden en limieten als voor
de rechtstreeks door de instelling
uitgegeven instrumenten;;
-
les
intérêts
de
tiers
représentatifs d’instruments
visés à l’article II.1, § 1, 1°,
a) et c) ; ainsi qu'au § II.1.,
§ 1; 2°, c) et d) émis par des
entreprises liées sont soumis
aux mêmes conditions et
limites d’inclusion dans les
fonds propres que si les
instruments avaient été émis
directement
par
l’établissement ;
-
de CBFA kan de opneming van
belangen van derden in het eigen
vermogen op geconsolideerde
basis beperken, indien zij van
oordeel
is
dat
die
eigenvermogensbestanddelen niet
effectief bijdragen tot de dekking
van de in dit reglement vermelde
vereisten.
-
la CBFA peut
limiter
l’inclusion d’intérêts de tiers
dans les fonds propres
consolidés dans la mesure où
elle estime que ces éléments
de
fonds
propres
ne
contribuent pas effectivement
à la couverture des exigences
en fonds propres visées par le
présent règlement.
Art. II.5
Art. II.5
Voor de instellingen die de internationale
standaarden voor jaarrekeningen normen
gebruiken bij de opstelling van de
periodieke verslagen op geconsolideerde
basis die zij met toepassing van artikel 44
van de wet van 22 maart 1993 of van
artikel 91 van de wet van 6 april 1995, aan
de CBFA richten, wordt het bij de
artikelen II.1 tot II.4, gedefinieerde eigen
vermogen aangepast als volgt :
Pour les établissements qui utilisent
les normes comptables internationales
pour l’établissement de leurs rapports
périodiques adressés à la CBFA,
notamment en application de l’article
44 de la loi du 22 mars 1993 ou de
l’article 91 de la loi du 6 avril 1995,
les fonds propres sur base consolidée,
tels que définis par les articles II.1 à
II.4, font l’objet des ajustements
57
suivants :
1° De aan de instelling gestorte fondsen
aangetrokken
via
schuldtitels
met
onbepaalde
looptijd
en
andere
financieringsinstrumenten
die,
met
toepassing van artikelen II.1 en II.3, in het
eigen vermogen van de instelling op
vennootschappelijke basis worden of
zouden worden opgenomen, mogen, met
toepassing
van
de
internationele
standaarden voor de jaarrekeningen, in het
reglementair
eigen
vermogen
op
geconsolideerde basis worden opgenomen,
ongeacht hun verwerkingswijze. Wanneer,
met toepassing van de artikelen II.1 en II.3,
reglementaire limieten gelden voor de
opneming van die bestanddelen in het eigen
vermogen op vennootschappelijke basis,
gelden die limieten mutatis mutandis ook
op geconsolideerde basis.
1° Les fonds versés à l’établissement
au moyen de titres à durée
indéterminée et d’autres instruments
de financement qui sont ou seraient
inclus dans les fonds propres sur base
sociale
de
l’établissement
en
application des articles II.1 et II.3
peuvent être inclus dans les fonds
propres réglementaires sur base
consolidée quel que soit leur
traitement comptable en application
des
normes
comptables
internationales. Lorsque ces éléments
sont
soumis
à
des
limites
réglementaires quant à leur inclusion
dans les fonds propres sur base sociale
en application des dispositions des
articles II.1 et II.3, ces limites
s’appliquent mutatis mutandis sur base
consolidée.
2° Parallel met het 1° en onverminderd de
bepalingen van artikel II.1 en II.3, worden
de aan de instelling gestorte fondsen
aangetrokken
via
schuldtitels
met
onbepaalde looptijd of schuldtitels die
converteerbaar zijn in aandelen van de
emittent,
en
via
andere
financieringsinstrumenten die in het
boekhoudkundig eigen vermogen op
geconsolideerde basis worden opgenomen
met toepassing van de internationale
standaarden
voor
jaarrekeningen,
uitgesloten uit het reglementair eigen
vermogen op geconsolideerde basis, in
zoverre zij, met toepassing van de
artikelen II.1 en II.3, niet in het eigen
vermogen op vennootschappelijke basis
worden of zouden worden opgenomen.
2° De manière symétrique au 1°, et
sans préjudice des dispositions de
l’article II.1 et II.3, les fonds versés à
l’établissement au moyen de titres à
durée indéterminée ou convertibles en
actions de l’émetteur et au moyen
d’autres instruments de financement
qui sont repris dans les fonds propres
comptables sur base consolidée en
application des normes comptables
internationales sont exclus des fonds
propres réglementaires sur base
consolidée dans la mesure où ils ne
sont ou ne seraient pas inclus dans les
fonds propres sur base sociale en
application des articles II.1 et II.3.
Hier worden voornamelijk de in eigen
aandelen converteerbare schulden en de
bedragen
met
betrekking
tot
de
baisseposities in eigen aandelen bedoeld,
die in het boekhoudkundig eigen vermogen
op geconsolideerde basis worden geboekt.
Het aandeel van de converteerbare
Sont notamment visés la part des
dettes convertibles en actions propres,
ainsi que les montants afférents à des
positions à la baisse en actions
propres, qui sont comptabilisés dans
les fonds propres comptables sur base
consolidée. La part des dettes
58
schulden mag echter in het reglementaire
eigen vermogen worden opgenomen in
zoverre de converteerbare schuld zelf in het
eigen vermogen sensu stricto of in het
aanvullend
eigen
vermogen
wordt
opgenomen conform de artikelen II.1 en
II.3.
convertibles peut toutefois être incluse
dans les fonds propres réglementaires
dans la mesure où la dette convertible
est elle-même incluse dans les fonds
propres
sensu
stricto
ou
complémentaires conformément aux
dispositions des articles II.1 et II.3.
3° De niet-gerealiseerde meer- of
minderwaarden
op
de
afgeleide
instrumenten die als dekking van de
kasstromen
worden
gekwalificeerd,
worden uitgesloten uit het reglementair
eigen vermogen.
3° Les plus- ou moins-values non
réalisées sur des instruments dérivés
qualifiés de couverture de flux de
trésorerie sont exclues des fonds
propres réglementaires.
4° De verwerking van de nietgerealiseerde meer- of minderwaarden op
voor verkoop beschikbare financiële activa
die bij de herwaarderingsreserves worden
geboekt, wordt aangepast als volgt:
4° Les plus- ou moins-values non
réalisées sur des actifs financiers
disponibles à la vente, enregistrées
comptablement dans les réserves de
réévaluation sont retraitées comme
suit :
-
de niet-gerealiseerde meer- of
minderwaarden op vastrentende
effecten en kredieten worden niet
opgenomen in het reglementair
eigen vermogen;
- les plus- ou moins-values non
réalisées sur des titres à revenu
fixe et des crédits ne sont pas
reprises dans les fonds propres
réglementaires;
-
de niet-gerealiseerde meerwaarde
na belasting op aandelen en
andere niet-vastrentende effecten
wordt
opgenomen
in
het
aanvullend eigen vermogen ten
belope van 90 % van haar
boekwaarde na aftrek van de
belastingslatenties.
De
meerwaarde wordt op nettobasis
berekend op alle betrokken
financiële activa. Een eventuele
minderwaarde wordt afgetrokken
van het eigen vermogen sensu
stricto.
- la plus-value non réalisée nette
d’impôt sur des actions et
autres titres à revenu variable
est reprise dans les fonds
propres complémentaires à
concurrence de 90 % de sa
valeur
comptable
après
déduction des latences fiscales.
La plus-value est calculée sur
base nette sur l’ensemble des
actifs financiers concernés. En
cas de moins-value, celle-ci est
déduite des fonds propres
sensu stricto.
5° De niet-gerealiseerde meer- of
minderwaarden op schuldinstrumenten van
de instelling die verband houden met
veranderingen in het eigen kredietrisico
van de instelling en die bij de resultaten of
de reserves worden geboekt (schommeling
ten opzichte van vorig jaar) omdat gebruik
wordt gemaakt van de optie om financiële
instrumenten tegen reële waarde te
waarderen, worden niet in aanmerking
5° Les plus- ou moins-values non
réalisées sur des instruments de dettes
de l’établissement, liées à des
changements du risque de crédit
propre
de
l’établissement
et
enregistrées en résultat ou en réserves
(variation de l’année précédente) du
fait de la valorisation à la juste valeur
de ces instruments , ne sont pas prises
en compte dans les fonds propres
59
genomen in
vermogen.
het
reglementair
eigen réglementaires.
6° De niet-gerealiseerde meerwaarden op
vastgoedbeleggingen worden afgetrokken
van het eigen vermogen sensu stricto en
opgenomen in het aanvullend eigen
vermogen ten belope van 90 % van hun
boekwaarde,
na
aftrek
van
de
belastingslatenties. De niet-gerealiseerde
minderwaarden worden afgetrokken van
het eigen vermogen sensu stricto. De meerof minderwaarden worden activa per activa
bepaald.
6° Les plus-values non réalisées sur
des immeubles de placement sont
déduites des fonds propres sensu
stricto et sont incluses dans les fonds
propres
complémentaires
à
concurrence de 90 % de leur valeur
comptable, après déduction des
latences fiscales. Les moins-values
non réalisées sont déduites des fonds
propres sensu stricto. Les plus- ou
moins-values sont déterminées actif
par actif.
7° De niet-gerealiseerde meerwaarden op
materiële vaste activa worden afgetrokken
van het eigen vermogen sensu stricto en
opgenomen in het aanvullend eigen
vermogen ten belope van 90 % van hun
boekhoudwaarde, na aftrek van de
belastingslatenties. De niet-gerealiseerde
minderwaarden worden afgetrokken van
het eigen vermogen sensu stricto. De meerof minderwaarden worden bepaald activa
per activa.
7° Les plus-values non réalisées sur
des immobilisations corporelles sont
déduites des fonds propres sensu
stricto et sont incluses dans les fonds
propres
complémentaires
à
concurrence de 90 % de leur valeur
comptable, après déduction des
latences fiscales. Les moins-values
non réalisées sont déduites des fonds
propres sensu stricto. Les plus- ou
moins-values sont déterminées actif
par actif.
8° De uitgestelde belastingvorderingen
met betrekking tot bestanddelen die in
aanmerking worden genomen in het eigen
vermogen, in verband waarmee de
instelling, aan de hand van de geraamde
belastbare winst voor de volgende vijf
fiscale boekjaren, niet kan aantonen dat zij
ze zou kunnen gebruiken, of met
betrekking tot het gedeelte dat groter is dan
10% van het eigen vermogen sensu stricto
op
geconsolideerde
basis,
worden
afgetrokken van het eigen vermogen sensu
stricto.
8° Les actifs d’impôts différés,
portant sur des éléments pris en
compte dans les fonds propres, pour
lesquels l’établissement ne peut
démontrer, sur base des prévisions de
bénéfice imposable des cinq prochains
exercices fiscaux qu’il serait à même
de les utiliser, ou pour la partie
excédant 10 % des fonds propres
sensu stricto sur base consolidée, sont
déduits des fonds propres sensu
stricto.
9° De activa die worden geboekt met
betrekking tot de financiering van
toegezegdpensioenregelingen,
worden
afgetrokken van het eigen vermogen sensu
stricto in zoverre de instelling niet kan
aantonen dat als gevolg daarvan
toekomstige economische voordelen voor
haar beschikbaar zijn in de vorm van een
verlaging van haar toekomstige bijdragen
9° Les actifs comptabilisés au titre
du financement des régimes de retraite
à prestations définies sont à déduire
des fonds propres sensu stricto dans la
mesure où l’établissement ne peut
démontrer qu’il peut en attendre des
avantages économiques sous forme
d’une diminution de ses cotisations
futures ou d’un remboursement en
60
in contanten, hetzij rechtstreeks aan haar,
hetzij onrechtstreeks aan een andere
regeling die met een tekort te kampen zou
hebben. De CBFA kan eisen dat die activa
geheel of gedeeltelijk worden afgetrokken,
indien zij vaststelt dat de door de instelling
gemaakte inschatting van de mogelijkheid
om economische voordeel te halen uit deze
activa, onvoldoende gefundeerd is.
trésorerie, soit directement, soit
indirectement par affectation à un
régime de retraite qui serait en déficit.
La CBFA peut requérir la déduction
de ces actifs, en partie ou en totalité, si
elle constate que l’estimation faite par
l’établissement quant à la possibilité
de tirer des avantages économiques de
ces actifs est insuffisamment fondée.
10° De belangen van derden gelden 10° Les intérêts de tiers font l’objet
dezelfde aanpassingen als vermeld in de des mêmes retraitements que ceux
repris aux points 1° à 9°.
punten 1° tot 9°.
11° De CBFA kan van een instelling eisen
dat zij de niet-gerealiseerde winsten en
verliezen die voortvloeien uit het feit dat
gebruik wordt gemaakt van de optie om
financiële instrumenten tegen reële waarde
te waarderen, niet opneemt in het
reglementair eigen vermogen, indien zij
van oordeel is dat de betrokken instelling
daarvan niet op passende wijze gebruik
maakt, waardoor haar reglementair eigen
vermogen op ongerechtvaardigde wijze kan
worden aangedikt.
11° La CBFA peut exiger d’un
établissement de ne pas inclure dans
ses fonds propres réglementaires les
gains et pertes non réalisés résultant
de l’application de l’option de la
valorisation à la juste valeur des
instruments financiers si elle estime
que l’utilisation qui en est faite est
inadéquate et peut avoir pour effet
d’accroître de manière injustifiée les
fonds propres réglementaires.
Art. II.6
Art. II.6
In afwijking van de bepaling van
artikel II.1, § 1,1°, b), ix) en van artikel
II.1, § 1, 2°, g), kunnen de instellingen tot
31 december 2012, voortgaan met de aftrek
van de deelnemingen bedoeld in
artikel II.1, § 5, eerste lid, 2° , van de
totaliteit van het eigen vermogen bepaald in
de artikelen II.1, II.2, II.4 en II.5 .
Par dérogation à la disposition de
l’article II.1, § 1, 1° b), ix) et de
l’article II.1, § 1, 2°, g), les
établissements peuvent continuer,
jusqu’au 31 décembre 2012, à déduire
de la totalité des fonds propres définis
aux articles II.1, II.2, II.4 et II.5, les
participations visées à l’article II.1,
§ 5, al 1, 2° .
61
TITEL III: REGLEMENTAIRE
COEFFICIENTEN EN
BEGRENZINGSNORMEN
Hoofdstuk 1:
Toezicht
vennootschappelijke basis
TITRE III : COEFFICIENTS
REGLEMENTAIRES ET NORMES DE
LIMITATION
op Chapitre 1 :
sociale
Surveillance
sur
base
Afdeling I – Solvabiliteitscoëfficiënten
Section I – Coefficients de solvabilité
Art. III.1
Art. III.1
§ 1. Het eigen vermogen van een
§ 1. Les fonds propres, tels que
instelling, als omschreven in de définis aux articles II.1 à II.2 d’un
artikelen II.1 tot II.2 :
établissement :
1° moet steeds groter zijn dan of gelijk 1° doivent en permanence être au moins
égaux au total des actifs immobilisés,
zijn aan het totaal van de vaste activa,
à l'exclusion des actifs qui, en
met uitsluiting van de activa die met
application de l'article II.1, sont à
toepassing van artikel II.1, voor de
déduire pour le calcul des fonds
berekening van het eigen vermogen
propres ;
moeten worden afgetrokken ;
Voor de instellingen die de internationale
standaarden
voor
jaarrekeningen
gebruiken, stemt de waarde die in
aanmerking moet worden genomen voor
het in het eerste lid bedoelde vereiste
overeen met het bedrag van het eigen
vermogen, als omschreven in titel II, dat
de instelling verliest bij volledige
afschrijving van de betrokken activa.
Pour les établissements qui utilisent les
normes comptables internationales, la
valeur à prendre en compte pour
l’exigence visée à l’alinéa 1 correspond
au montant de fonds propres, tel que
défini au titre II, que l’établissement
perdra en cas d’amortissement total des
actifs concernés.
2° moet steeds voldoen aan de algemene 2° doivent en permanence satisfaire au
coefficient général de solvabilité
solvabiliteitscoëfficiënt berekend op
calculé sur la base des fonds de tiers
basis van de vreemde middelen met
en application de l'échelle suivante :
toepassing van de volgende schaal:
eerste schijf:
tot en met 25.000.000 €
première tranche :
6 % jusqu'à 25.000.000 €
tweede schijf:
> 25.000.000
125.000.000 €
deuxième tranche :
4%
derde schijf:
> 125.000.000
250.000.000 €
3%
meer dan 1.250.000.000 €
125.000.000 €
4%
> 125.000.000
250.000.000 €
3%
quatrième tranche :
1.250.000.000 € 2,5 %
vijfde schijf:
> 25.000.000
troisième tranche :
vierde schijf:
> 250.000.000
6%
> 250.000.000
1.250.000.000 € 2,5 %
cinquième tranche :
2 % plus de 1.250.000.000 €
2%
62
3° moet steeds groter zijn dan of gelijk 3° doivent en permanence être au moins
égaux à la somme des exigences
zijn aan de som van de vereisten die
résultant
voortvloeien uit
artikel II.2,
§1
en
2
(deelnemingen die niet worden
afgetrokken van het eigen
vermogen)
de l’article II.2, § 1 et 2
(participations non déduites des
fonds propres)
artikel III.5 (overschrijding van de
normen ter begrenzing van de
risicoconcentratie)
de l’article III.5 (dépassement des
normes de concentration des
risques)
titel IV
(kredieten
verwateringsrisico van posities
buiten de handelsportefeuille)
du titre IV (risque de crédit et de
dilution des expositions hors
portefeuille de négociation)
titel VIII (operationeel risico)
du titre VIII (risque opérationnel)
titel IX
(afwikkelingsen
wederpartijrisico, marktrisico’s).
du titre IX (risque de règlement et
de contrepartie, risques de
marché)
De eigenvermogensbestanddelen
(Tier 3) vermeld in artikel II.3
kunnen worden aangewend voor
de dekking van de vereisten voor
marktrisico’s, als bedoeld in
titel IX, hoofdstukken 2 tot 7, en
in artikel III.5.
Par référence à l’article II.3, les
éléments de fonds propres (Tier 3)
mentionnés dans cet article
peuvent servir à la couverture des
exigences pour risques de marché
visées aux chapitres 2 à 7 du
titre IX et à l’article III.5
§ 2. De vereisten die voortvloeien
§ 2. Les exigences résultant :
uit:
-
§ 1, 1° en 2° van dit artikel,
-
du § 1er, 1° et 2° du présent article,
-
titel VIII,
-
du titre VIII,
-
hoofdstuk 1, afdeling I, uit de hoofdstukken 6 en 7, en, in
voorkomend geval, uit titel IX,
hoofdstukken 8 en 9,
de la section I du chapitre 1, des
chapitres 6 et 7, et le cas échéant des
chapitres 8 et 9 du titre IX,
sont calculées sur l'ensemble de
worden berekend op het gehele
l'activité de l'établissement.
bedrijf van de instelling.
De vereisten die voortvloeien uit de
titels IV, V, VI en VII worden berekend
op het gehele bedrijf van de instelling,
met
uitzondering
van
de
handelsportefeuille.
Les exigences résultant des titres IV, V,
VI, et VII sont calculées sur l'ensemble
de l'activité de l'établissement à
l'exception du portefeuille de négociation.
63
De vereisten die voortvloeien uit
hoofdstuk 1,
afdeling II,
uit
de
hoofdstukken 2, 3, 4, 5 en, in
voorkomend
geval,
uit
titel IX,
hoofdstukken 8 en 9 en uit artikel III.5
worden
berekend
op
de
handelsportefeuille van de instelling.
Les exigences résultant de la section II du
chapitre 1, des chapitres 2, 3, 4, 5 et, le
cas échéant, 8 et 9 du titre IX et de
l’article III.5 sont calculées sur le
portefeuille
de
négociation
de
l'établissement.
Art. III.2
Art. III.2
Onverminderd de naleving van
het bepaalde in artikel III.1, moet het
eigen
vermogen
van
beleggingsondernemingen die beschikken
over
een
vergunning
als
beursvennootschap, vennootschap voor
vermogensbeheer of vennootschap voor
plaatsing van orders in financiële
instrumenten, steeds gelijk zijn aan een
vierde van de algemene kosten van het
voorafgaande jaar.
Sans préjudice du respect des
dispositions reprises à l’article III.1, les
fonds
propres
des
entreprises
d’investissement disposant d’un agrément
en tant que sociétés de bourse, société de
gestion de fortune ou de sociétés de
placement en instruments financiers,
doivent en permanence être égaux au
quart des frais généraux de l’année
précédente.
Wanneer de instelling haar werkzaamheden minder dan één jaar heeft
uitgeoefend, met inbegrip van de dag
waarop zij die werkzaamheden heeft
aangevat,
bedraagt
het
eigenvermogensvereiste een vierde van
het bedrag van de algemene kosten
waarin het financieel plan voorziet.
Lorsque l’établissement a exercé
son activité pendant moins d’un an, y
compris le jour du début de son activité,
l’exigence en fonds propres est égale à un
quart du montant des frais généraux
prévu dans son programme d’activité.
La CBFA pourra
De CBFA kan eisen dat dit plan
ajustement à ce programme.
wordt aangepast.
exiger
un
Pour l’application du présent
Voor de toepassing van dit artikel
omvatten de algemene kosten die in article, les frais généraux pris en
considération sont constitués :
aanmerking worden genomen :
1°
diverse goederen en diensten;
1°
des biens et services divers ;
2°
de bezoldigingen, sociale lasten 2°
en pensioenen;
des
rémunérations,
sociales et pensions ;
3°
de
afschrijvingen, 3°
waardeverminderingen
en
voorzieningen voor risico’s en
kosten;
des amortissements, réductions de
valeur et provisions pour risques et
charges ;
4°
de andere bedrijfskosten, met 4°
uitzondering van de bedragen
waarvan de instelling aantoont dat
zij rechtstreeks verband houden
des autres charges d’exploitation à
l’exception des montants dont
l’établissement établit qu’ils sont
directement liés au volume
charges
64
met het bedrijfsvolume.
d’activité.
De
CBFA
kan
die
berekeningsgrondslag aanpassen bij een
relevante wijziging in de werkzaamheden
van de instelling ten aanzien van het
voorafgaande jaar.
La CBFA peut ajuster cette base
de calcul en cas de modification
significative
de
l’activité
de
l’établissement par rapport à l’année
précédente.
Art. III.3
Art. III.3
Par dérogation à l’article III.1,
In afwijking van artikel III.1, § 1,
§ 1, 3°, les fonds propres des :
3°, moet het eigen vermogen van:
1°
beleggingsondernemingen
die 1°
beschikken over een vergunning
als
vennootschap
voor
vermogensbeheer;
entreprises
d’investissement
disposant d’un agrément de
société de gestion de fortune ;
2°
beleggingsondernemingen
die 2°
beschikken over een vergunning
als beursvennootschap en die geen
posities mogen innemen voor
eigen rekening, geen uitgiften van
financiële instrumenten mogen
overnemen of borg mogen staan
voor de plaatsing hiervan;
entreprises
d’investissement
disposant d’un agrément en tant
que société de bourse et qui ne
peuvent pas prendre des positions
pour compte propre, prendre
ferme des émissions d’instruments
financiers
ou
garantir
le
placement de ces émissions ;
3°
beleggingsondernemingen
die 3°
beschikken over een vergunning
als vennootschap voor plaatsing
van
orders
in
financiële
instrumenten;
entreprises
d’investissement
disposant d’un agrément en tant
que de société de placement
d’ordres
en
instruments
financiers ;
4°
in België gevestigde bijkantoren 4°
van beleggingsondernemingen die
ressorteren onder Staten die geen
lid zijn van de Europese Unie en
die een statuut hebben dat
gelijkwaardig is aan dat van de
vennootschappen bedoeld in 1° tot
3° hierboven.
les succursales en Belgique
d’entreprises
d’investissement
relevant du droit d’Etat qui ne
sont pas membres de la
Communauté européenne et qui
disposent d’un statut équivalent
aux sociétés visées au 1° à 3° cidessus.
doivent être en permanence égaux
steeds minstens gelijk zijn aan het
ou supérieurs au plus élevé des deux
hoogste van de twee volgende bedragen:
montants ci-après :
(a) het totaal van de vereisten
bedoeld in artikel III.1, § 1, 3°,
met uitsluiting van de vereisten
die voortvloeien uit titel VIII
(operationeel risico);
(a) la somme des exigences
prévues à l’article III.1, § 1, 3°
exclusion faite des exigences
découlant du titre VIII (risque
opérationnel) ;
65
(b) het
vereiste
artikel III.2.
bedoeld
in
(b) l’exigence
l’article III.2.
prévue
à
Afdeling II – Normen ter begrenzing Section II – Normes de limitation de la
concentration des risques
van de risicoconcentratie
Art. III.4
Art. III.4
§ 1. Les établissements constitués
§ 1. De instellingen die zijn
opgericht als vennootschap naar Belgisch sous la forme d'une société de droit belge,
à l'exception :
recht, met uitzondering van:
1°
beleggingsondernemingen
die 1°
beschikken over een vergunning
als
vennootschap
voor
vermogensbeheer
en
beleggingsadvies ;
des entreprises d'investissement
agréées en qualité de société de
gestion de portefeuille et de
conseil en investissement ;
2°
beleggingsondernemingen
die 2°
beschikken over een vergunning
als beursvennootschap en die geen
posities mogen innemen voor
eigen rekening, geen uitgiften van
financiële instrumenten mogen
overnemen of borg mogen staan
voor de plaatsing hiervan;
des entreprises d'investissement
agréées en qualité de société de
bourse, mais non autorisées à
assumer des expositions pour leur
propre compte, à prendre ferme
des
émissions
d'instruments
financiers ou à garantir le
placement de ces émissions ;
moeten het geheel van de risico's
op eenzelfde wederpartij, na
toepassing van artikel X.7 tot en
met X.12 beperken tot 25 % van
hun eigen vermogen.
doivent limiter l'ensemble des
risques
sur
une
même
contrepartie, tenant compte de
l'application des articles X.7 à
X.12 inclus, à 25 % de leurs fonds
propres.
Wanneer de wederpartij een
instelling is of wanneer een groep van
verbonden cliënten een of meer
instellingen omvat, kan deze waarde niet
meer bedragen dan 25 % van het eigen
vermogen van de instelling of - als dit
hoger is - 150 miljoen EUR, voor zover
de som van de waarde van de posities,
met inaanmerkingneming van het effect
van
de
kredietrisicomatiging
overeenkomstig de artikelen X.7 tot en
met X.12, jegens alle verbonden cliënten
die geen instelling zijn, niet meer
bedraagt dan 25 % van het eigen
vermogen van de instelling.
Lorsque la contrepartie est un
établissement ou lorsqu'un groupe de
clients liés comprend un ou plusieurs
établissements, cette valeur ne peut
dépasser un montant correspondant à
25 %
des
fonds
propres
de
l'établissement ou 150 millions d'EUR, le
montant le plus élevé étant retenu, à
condition que la somme des valeurs
exposées au risque, après prise en
considération des effets de l'atténuation
du risque de crédit conformément aux
articles X.7 à X.12, à l'égard de tous les
clients liés qui ne sont pas des
établissements ne dépasse pas 25 % des
fonds propres de l'établissement
Indien
het
bedrag
150 miljoen EUR meer bedraagt
Lorsque
le
montant
de
150 millions d'EUR est supérieur à 25 %
van
dan
66
25 % van het eigen vermogen van de
instelling, mag de waarde van de positie,
met inaanmerkingneming van het effect
van
de
kredietrisicomatiging
overeenkomstig de artikelen X.7 tot en
met X.12, een redelijke limiet, gelet op
het eigen vermogen van de instelling niet
te boven gaan. Deze limiet wordt door de
instellingen bepaald in overeenstemming
met de gedragslijnen en procedures
bedoeld in titel XII met het oog op het
aanpakken
en
beheersen
van
concentratierisico's, en mag niet meer
bedragen dan 100 % van het eigen
vermogen van de instelling.
des fonds propres de l'établissement, la
valeur exposée au risque après prise en
considération des effets de l'atténuation
du risque de crédit conformément aux
articles X.7 à X.12 ne peut dépasser une
limite raisonnable par rapport aux fonds
propres de l'établissement. Cette limite
est déterminée par les établissements,
conformément
aux
politiques
et
procédures visées au titre XII, afin de
gérer et de maîtriser le risque de
concentration, et elle ne peut pas être
supérieure à 100 % des fonds propres de
l'établissement. " ;
§ 2. Voor de toepassing van § 1
wordt het eigen vermogen gedefinieerd
conform de bepalingen van titel II maar
wordt geen rekening gehouden met de
bestanddelen vermeld :
§ 2. Pour l’application du § 1er, les
fonds propres sont définis conformément
aux dispositions du titre II mais il est fait
abstraction des éléments mentionnés :
-
in artikel II.1, § 1, 1°, b, viii en
§ 1,
2°,
f)
(tekort
aan
waardeverminderingen
en
voorzieningen ten opzichte van de
gemiddelde verliezen voor de
instellingen
die
de
eigenvermogensvereisten voor het
krediet- en het verwateringsrisico
op basis van interne modellen
berekenen,
en
gemiddelde
verliezen op aandelen)
-
à l’article II.1, § 1, 1°, b, viii et
§ 1, 2°, f) (insuffisance de
réductions de valeurs et provisions
par rapport aux pertes moyennes
pour les établissements calculant
les exigences en fonds propres
pour risque de crédit et de dilution
sur base de modèles internes et
pertes moyennes sur actions)
-
in artikel II.1, § 1, 2°, e) (teveel
aan waardeverminderingen en
voorzieningen ten opzichte van de
gemiddelde verliezen voor de
instellingen
die
de
eigenvermogensvereisten voor het
krediet- en het verwateringsrisico
op basis van interne modellen
berekenen).
-
à l’article II.1, § 1, 2°, e) (surplus
de réductions de valeurs et
provisions par rapport aux pertes
moyennes pour les établissements
calculant les exigences en fonds
propres pour risque de crédit et de
dilution sur base de modèles
internes)
§ 3. [opgeheven
§ 4. De instellingen die, met
toepassing van artikel 77 van de wet van
6 april 1995 of met toepassing van een
soortgelijke buitenlandse bepaling, de
door hun cliënteel toevertrouwde
middelen moeten herbeleggen op
specifieke wijze, mogen de in § 1,
§ 3. [abrogé
§ 4. Les établissements qui, par
application de l'article 77 de la loi du
6 avril 1995 ou d'une disposition
étrangère équivalente, sont tenus à un
remploi spécifique des fonds confiés par
leur clientèle peuvent dépasser les limites
prévues aux § 1er aux conditions
67
bedoelde
begrenzingen
onder
de suivantes :
volgende voorwaarden overschrijden :
1°
de
overschrijding
van
de 1°
begrenzingen vloeit enkel voort
uit de middelen waarop de
herbeleggingsverplichting
van
toepassing is ;
le dépassement des limites
provient uniquement des fonds
visés
par
l'obligation
de
replacement ;
2°
de
wederpartij
is
een 2°
kredietinstelling
of
een
beleggingsonderneming waaraan
een
weging
kan
worden
toegekend
die
voor
haar
vorderingen overeenstemt met de
in de tabellen 4 en 5 van
artikel V.16,
§ 6,
bedoelde
kredietwaardigheidscategorie 3 en
die instelling beschikt niet over
een kredietbeoordeling voor de
korte termijn die conform
artikel V.16, § 6 leidt tot een
minder gunstig risicogewicht ;
la
contrepartie
est
un
établissement de crédit ou une
entreprise d'investissement qui
peut bénéficier d’une pondération
équivalente à celle prévue par
l’échelon 3 pour ses créances
conformément aux tableaux 4 et 5
de
l’article V.16, § 6. et cet
établissement ne dispose pas
d’une évaluation de crédit à court
terme entraînant une pondération
moins favorable conformément à
l’article V.16, § 6 ;
3°
het geheel van de risico's op die
wederpartij mag niet meer
bedragen dan 16.000.000 €.
3°
l'ensemble des risques sur cette
contrepartie ne peut excéder
16.000.000 €.
§ 5. Onverminderd
artikel III.5,
indien zich ingevolge uitzonderlijke
omstandigheden overschrijdingen van de
in de voorgaande paragrafen bepaalde
begrenzingen voordoen,
dient
de
betrokken instelling deze uiterlijk binnen
een tijdsspanne van zes maanden na hun
ontstaan weg te werken. Zij neemt de
nodige
maatregelen
om
de
risicoconcentratie op de wederpartij in
kwestie in de toekomst binnen de
voorgeschreven begrenzingen te houden.
§ 5. Sans
préjudice
de
l'article III.5, si en raison de circonstances
exceptionnelles, un établissement dépasse
les limites prévues aux paragraphes
précédents,
il
doit
résorber
ce
dépassement au plus tard dans les six
mois à compter de sa survenance. Il
prendra les mesures nécessaires pour
maintenir, à l'avenir, dans les limites
prescrites la concentration des risques sur
la contrepartie en question.
Art. III.5.
Art. III.5.
Un établissement peut dépasser les
Een instelling mag de in
artikel III.4 vastgestelde begrenzingen limites prévues par l'article III.4, sous
overschrijden, mits tegelijkertijd aan de réserve que les conditions suivantes
soient remplies simultanément :
volgende voorwaarden wordt voldaan:
1°
het
risico
buiten
de 1°
handelsportefeuille op eenzelfde
wederpartij overschrijdt niet de in
artikel III.4 gestelde begrenzingen,
le risque hors portefeuille de
négociation à l'égard d'une même
contrepartie ne dépasse pas les
limites fixées par l'article III.4,
68
2°
berekend in verhouding tot het
eigen vermogen als omschreven in
de artikelen II.1 en II.2 dat de
overschrijding
zich
integraal
voordoet
binnen
de
handelsportefeuille ;
calculées par rapport aux fonds
propres au sens de l'article II.1 et
II.2, de telle sorte que le
dépassement résulte entièrement du
portefeuille de négociation ;
de instelling voldoet aan een 2°
aanvullend eigenvermogensvereiste
ter dekking van de overschrijding
van de in artikel III.4, § 1, en § 4,
gestelde begrenzing ;
l'établissement répond à une
exigence supplémentaire pour le
dépassement par rapport à la limite
fixée par l'article III.4, §§ 1 et 4 ; " ;
Dit vereiste wordt berekend door uit het
totale risico op eenzelfde wederpartij
binnen de handelsportefeuille, de
bestanddelen te selecteren waarvoor de
hoogste eigenvermogensvereisten gelden
ter dekking van het specifieke risico of
van het wederpartijrisico, als bedoeld in
titel IX, hoofdstukken 1 tot 4, en waarvan
de som gelijk is aan het bedrag van de in
1° bedoelde overschrijding ;
On calcule celle-ci en sélection dans le
risque global, découlant du portefeuille
de négociation, à l'égard de la même
contrepartie concernée, les éléments qui
entraînent les exigences de risque
spécifique ou de contrepartie les plus
élevées visées aux chapitres 1 à 4 du
titre IX, et dont la somme égale le
montant du dépassement visé au 1° cidessus ;
Wanneer de overschrijding niet langer
duurt dan 10 dagen, bedraagt het
aanvullend
eigenvermogensvereiste
200 % van de in het vorige lid bedoelde
vereisten voor deze bestanddelen;
Lorsque le dépassement n'a pas duré plus
de 10 jours, l'exigence en fonds propres
supplémentaire s'élève à 200 % des
exigences visées à l'alinéa précédent, sur
ces éléments ;
Vanaf de tiende dag na het ontstaan van
de
overschrijding
worden
de
bestanddelen van de overschrijding die
volgens de bovenstaande criteria zijn
geselecteerd, ondergebracht op de
passende lijn van de tabel hieronder, in
stijgende
volgorde
van
eigenvermogensvereiste ter dekking van
het specifieke risico, als bedoeld in
titel IX, hoofdstukken 2 en 3;
Dès le dixième jour suivant l'apparition
du dépassement, les éléments de celui-ci,
sélectionnés selon les critères indiqués cidessus, sont imputés à la ligne adéquate
du tableau ci-dessous, dans l'ordre
croissant des exigences pour risque
spécifique visées aux chapitres 2 et 3 du
titre IX ;
De instelling moet dan voldoen aan een
aanvullend eigenvermogensvereiste dat
gelijk is aan de som van de vereisten ter
dekking van de specifieke risico’s
bedoeld in titel IX, hoofdstukken 2 en 3,
vermenigvuldigd met de overeenkomstige
factor uit kolom 2 van de hiernavolgende
tabel:
L'établissement satisfait alors à une
exigence
en
fonds
propres
supplémentaire égale à la somme des
exigences de risque spécifique visées aux
chapitres 2 et 3 du titre IX, multipliée par
le coefficient figurant dans la colonne 2
du tableau :
69
Overschrijding van de
begrenzingen
(op basis van een
percentage van het
eigen vermogen)
(1)
gedeelte tot 40 %
gedeelte tussen 40 %
en 60 %
gedeelte tussen 60 %
en 80 %
gedeelte tussen 80 %
en 100 %
gedeelte tussen 100 %
en 250 %
gedeelte boven 250 %
Factoren
(2)
200 %
300 %
400 %
500 %
Dépassement des
limites
(sur
base
d’un
pourcentage
des
fonds propres)
(1)
jusqu’à 40 %
entre 40 % et 60 %
entre 60 % et 80 %
entre 80 % et 100 %
entre
100 %
et
250 %
au-delà de 250 %
Coefficients
(2)
200 %
300 %
400 %
500 %
600 %
900 %
600 %
900 %
3°
wanneer niet meer dan tien dagen 3°
zijn verstreken sedert het ontstaan
van de overschrijding, zal het risico
op eenzelfde wederpartij binnen de
handelsportefeuille
niet
meer
bedragen dan 500 % van het eigen
vermogen van de instelling;
lorsque dix jours ou moins se sont
écoulés depuis l'apparition du
dépassement, le risque découlant du
portefeuille de négociation à l'égard
de la même contrepartie en question
ne dépasse pas 500 % des fonds
propres de l'établissement ;
4°
alle overschrijdingen binnen de 4°
handelsportefeuille die langer dan
tien dagen duren, bedragen samen
niet meer dan 600 % van het eigen
vermogen van die instelling;
tout dépassement découlant du
portefeuille de négociation, qui a
duré plus de dix jours n'excède pas,
au total, 600 % des fonds propres de
l'établissement ;
5°
wanneer de instelling deze risico's 5°
tijdelijk
naar
een
andere
onderneming, al dan niet behorend
tot dezelfde groep, overdraagt en/of
door middel van kunstmatige
transacties waardoor de risico's
binnen de periode van tien dagen
worden beëindigd en een nieuw
risico wordt gecreëerd, blijft zij
onderworpen aan het in het dit
artikel
bedoeld
aanvullend
eigenvermogensvereiste alsof zij de
risico's had behouden.
lorsque l'établissement transfère
temporairement les risques en
question vers une autre société,
qu'elle soit du même groupe ou non,
et/ou en effectuant des opérations
artificielles visant à faire disparaître
les risques pendant la période de dix
jours et à créer un nouveau risque, il
reste
soumis
à
l'exigence
complémentaire visées au présent
article comme si les risques avaient
été conservés. ".
Afdeling III – Specifieke bepalingen
Section III – Dispositions spécifiques
Art. III.6
Art. III.6
La CBFA peut autoriser au cas par
De CBFA mag op ad-hocbasis
toestaan dat een moederinstelling een of cas un établissement mère à intégrer une
meer verbonden dochterondernemingen ou plusieurs filiales pour la vérification
70
in aanmerking neemt voor de toetsing van
de naleving van de in dit hoofdstuk
bedoelde eigenvermogensvereisten op
vennootschappelijke basis, indien die
dochterondernemingen aan de volgende
voorwaarden voldoen:
du respect des exigences en fonds propres
sur base sociale visées par le présent
chapitre lorsque ces filiales remplissent
les conditions suivantes :
-
De moederinstelling toont tot
genoegen van de CBFA aan, met
opgaaf van alle omstandigheden
en regelingen (ook wettelijke), dat
er geen feitelijke, praktische of
juridische
belemmeringen
aanwezig of te voorzien zijn die
een onmiddellijke overdracht van
eigen vermogen of terugbetaling
van passiva door de dochteronderneming aan haar moederonderneming, kunnen verhinderen
wanneer die verschuldigd zijn;
-
L'établissement mère prouve de
façon circonstanciée à la CBFA
l'existence des conditions et
dispositions, y compris juridiques,
en vertu desquelles il n'existe, en
droit ou en fait, aucun obstacle
pratique, actuel ou prévu, au
transfert rapide de fonds propres
ou
au
remboursement,
à
l'échéance, de passifs par la filiale
à son établissement mère ;
-
De risicobeoordelings-, meet- en
controleprocedures die relevant
zijn voor het geconsolideerde
toezicht
omvatten
de
moederinstelling
en
de
dochteronderneming;
-
Les procédures d’évaluation, de
mesure et de contrôle des risques
utiles aux fins de la surveillance
consolidée
couvrent
l’établissement mère et la filiale ;
-
De moederonderneming heeft het
recht om het grootste deel van de
leden van de raad van bestuur aan
te stellen of te ontslaan;
-
L’entreprise mère a le droit de
nommer ou de révoquer la
majorité des membres du conseil
d’administration ;
-
Hun betekenisvolle risico’s en
passiva zijn ten aanzien van de
moederinstelling.
-
Les risques ou passifs significatifs
sont à l’égard de l’établissement
mère.
Hoofdstuk 2:
Toezicht
geconsolideerde basis
op Chapitre 2 :
consolidée
Surveillance
sur
base
Art. III.7
Art. III.7
Onverminderd de naleving van de
eigenvermogensvereisten
op
vennootschappelijke
basis
conform
hoofdstuk 1 van deze titel, moeten de
instellingen die moederonderneming zijn
de bij hoofdstuk 1 voorgeschreven
verplichtingen naleven op basis van hun
geconsolideerde positie.
Voor de berekening van het eigen
vermogen op geconsolideerde basis wordt
Sans préjudice du respect des exigences
en fonds propres sur base sociale
conformément au chapitre 1 du présent
titre, les établissements qui sont des
entreprises mères, sont tenus de respecter
les obligations prévues au chapitre 1 sur
la base de leur situation consolidée.
Pour le calcul des fonds propres
consolidés, il est tenu compte des
71
rekening gehouden met de specifieke dispositions spécifiques reprises dans les
articles II.4 à II.5.
bepalingen van de artikelen II.4 tot II.5.
dispositions
de
l'article I.9
Het bepaalde bij artikel I.9 is van Les
overeenkomstige toepassing op de positie s'appliquent mutatis mutandis sur base
consolidée.
op geconsolideerde basis.
Voor de toepassing van de bepalingen
van dit hoofdstuk wordt onder
geconsolideerde positie verstaan, de
geconsolideerde positie als gedefinieerd
in artikel 49 van de wet van
22 maart 1993 voor kredietinstellingen, in
artikel 95 van de wet van 6 april 1995
voor
beleggingsondernemingen,
in
artikel 25 van het koninklijk besluit van
26 september 2005 houdende het statuut
van de vereffeningsinstellingen en de met
vereffeningsinstellingen
gelijkgestelde
instellingen voor de instellingen waarop
dit koninklijk besluit van toepassing is, en
in hun uitvoeringsbesluiten, onverminderd het bepaalde bij artikel III.8.
Pour l'application des dispositions du
présent chapitre, la situation consolidée
s'entend au sens de la définition qui en est
donnée dans l'article 49 de la loi du
22 mars 1993 pour les établissements de
crédit, de l’article 95 de la loi du
6 avril 1995
pour
les
entreprises
d’investissement, de l’article 25 de
l’arrêté royal du 26 septembre 2005
relatif au statut des organismes de
liquidation et des organismes assimilés à
des organismes de liquidation pour les
établissements qui y sont visés, ainsi que
dans leurs arrêtés d'exécution, sans
préjudice des dispositions prévues à
l'article III.8.
Art. III.8
Art. III.8
§ 1. 1°
Om
het
eigenvermogensvereiste
op
geconsolideerde basis te berekenen voor
de
toepassing
van
titel IX,
hoofdstukken 2 tot 9, worden de vereisten
opgeteld die op vennootschappelijke
basis zijn berekend voor elk van de in de
consolidatie opgenomen ondernemingen.
§ 1. 1° Afin de calculer l'exigence
en fonds propres sur base consolidée au
regard des chapitres 2 à 9 du titre IX, il
est procédé à l'addition des exigences
calculées sur base sociale pour chacune
des entreprises comprises dans la
consolidation.
2° Voor de berekening op
geconsolideerde basis van het geheel van
de risico’s op eenzelfde wederpartij,
worden de bestanddelen bedoeld in
artikel X.3, § 2 van elk van de in de
consolidatie opgenomen ondernemingen
zonder compensatie opgeteld.
2° Pour le calcul sur base
consolidée de l'ensemble des risques sur
une même contrepartie, les éléments visés
à l'article X.3, § 2 de chacune des
entreprises
comprises
dans
la
consolidation sont additionnés sans
compensation.
3° Voor de toepassing van
artikel I.9 op geconsolideerde basis,
worden de handelsportefeuille en de
posities van de handelsportefeuille van
elk van de in de consolidatie opgenomen
ondernemingen zonder compensatie
opgeteld.
3° Pour l'application sur base
consolidée de l’article I.9, le portefeuille
de négociation et les positions du
portefeuille de négociation de chacune
des entreprises comprises dans la
consolidation sont additionnés sans
compensation.
§ 2. In
afwijking
van
§ 1,
1°
§ 2. Toutefois, par dérogation au
72
hierboven is, na voorafgaand akkoord van
de CBFA, compensatie tussen de posities
van de in de consolidatie opgenomen
ondernemingen niettemin toegestaan
overeenkomstig het bepaalde bij titel IX,
hoofdstukken 2 tot 9, voor zover:
§ 1, 1° ci-dessus, la compensation entre
les positions des entreprises comprises
dans la consolidation est autorisée,
moyennant l'accord préalable de la
CBFA, conformément aux règles
énoncées aux chapitres 2 à 9 du titre IX,
pour autant que :
-
het beheer en de opvolging van de - la gestion et le suivi des positions
posities volledig op geïntegreerde
soient intégrés au niveau du groupe, et
wijze op groepsniveau gebeuren, en
que
-
er geen belemmeringen zijn voor de - il n'y ait pas d'obstacle aux transferts
overdracht van middelen tussen de de fonds entre les entreprises dont les
ondernemingen waarvan de posities positions font l'objet d'une compensation.
worden gecompenseerd.
Art. III.9
Art. III.9
Indien op de datum van inwerkingtreding
van dit reglement niet voldaan is aan de
in artikel III.1, § 1, 1° bedoelde vereisten
op vennootschappelijke basis, kan de
CBFA aan de betrokken instellingen op
ad-hocbasis een termijn opleggen
waarbinnen het op de datum van
inwerkingtreding vastgestelde tekort moet
zijn weggewerkt. Die termijn mag niet
later eindigen dan op 31.12.2009 en
tijdens de periode van de door de CBFA
toegestane termijn moet het eigen
vermogen ten minste de som van de
volgende bestanddelen dekken: 100 %
van de in artikel II.2, § 1 bedoelde
financiële vaste activa die niet worden
afgetrokken van het eigen vermogen en
75 % van de overige vaste activa, waarbij
de waarde van de betrokken activa
berekend wordt conform artikel III.1, §1,
1°. Bij wijze van alternatief kan de CBFA
toestaan dat de betrokken instellingen het
bedoelde vereiste blijven naleven zoals
dit van toepassing was in het reglement
van de CBFA van 5 december 1995 op
het eigen vermogen van de kredietinstellingen.
En cas de non respect des exigences
visées à l’article III.1, § 1, 1° sur base
sociale à la date d’entrée en application
de la présente réglementation, la CBFA
peut accorder, au cas par cas, aux
établissements concernés un délai pour
résorber l’insuffisance constatée à la date
d’entrée. Ce délai ne peut aller au-delà du
31.12.2009 et durant la période couvrant
le délai octroyé par la CBFA, les fonds
propres doivent au moins couvrir la
somme des éléments suivants : 100 % des
actifs financiers immobilisés visés à
l’article II.2, § 1 qui ne sont pas déduits
de fonds propres et 75 % des autres actifs
immobilisés ; la valeur des actifs
concernés étant définie conformément
aux dispositions de l’article III.1, § 1, 1°.
Alternativement, la CBFA peut autoriser
les établissements concernés à continuer à
respecter l’exigence visée telle qu’elle
était d’application dans le règlement de la
CBFA du 5 décembre 1995 relatif aux
fonds propres des établissements de
crédit.
Hoofdstuk 3:
Instellingen
elektronisch geld
Etablissements
voor Chapitre 3 :
monnaie électronique
de
Afdeling I – Markt- en operationele Section I – Risques de marchés et
risques opérationnels
risico’s
73
Art. III.10
Art. III.10
Het eigen vermogen van een instelling
voor elektronisch geld, voor de
beleggingen die zij verrichten, moet
steeds groter zijn dan of gelijk aan de
som van de vereisten die voortvloeien uit
titel VIII en titel IX, hoofdstukken 1 tot 7,
van dit reglement.
Les fonds propres d’un établissement de
monnaie
électronique,
pour
les
placements qu’ils effectuent, doivent en
permanence être au moins égaux à la
somme des exigences résultant du
titre VIII et des chapitres 1 à 7 du titre IX
du présent règlement.
Afdeling II – Solvabiliteitscoëfficiënten Section II – Coefficients de solvabilité
et normes de limitation
en begrenzingsnormen
Art. III.11
Art. III.11
Artikel III.1, § 1, 2°, is van toepassing op L’article III.1, § 1er, 2°, est applicable aux
de instellingen voor elektronisch geld.
établissements de monnaie électronique.
De door een instelling voor elektronisch
geld verrichte beleggingen in de
bestanddelen als bedoeld in artikel III.13,
§ 2, 2° en 3°, zijn ten hoogste gelijk aan
twintig keer haar eigen vermogen.
Les placements effectués par un
établissement de monnaie électronique
dans des éléments visés à l’article III.13,
§ 2, 2° et 3°, ne peuvent dépasser vingt
fois ses fonds propres.
Art. III.12
Art. III.12
Zonder minder te bedragen dan het
wettelijk vereiste minimumkapitaal, mag
het eigen vermogen van een instelling
voor elektronisch geld nooit minder
bedragen dan 2 % van het hoogste van de
volgende twee bedragen : het bedrag van
haar totale financiële verplichtingen die
verband
houden
met
uitstaand
elektronisch geld, of het gemiddelde van
dat bedrag over de laatste zes maanden.
Sans être inférieurs au capital minimum
requis par la loi, les fonds propres d’un
établissement de monnaie électronique ne
peuvent jamais être inférieurs à 2 % du
plus élevé des deux montants suivants : le
montant courant ou le montant moyen, au
cours des six mois qui précèdent, du total
des engagements financiers liés à la
monnaie électronique en circulation.
Wanneer de instelling voor elektronisch
geld haar werkzaamheden nog geen zes
maanden uitoefent, mag haar eigen
vermogen nooit minder bedragen dan 2 %
van het hoogste van de volgende twee
bedragen : het bedrag van haar financiële
verplichtingen die verband houden met
uitstaand elektronisch geld, of de na zes
maanden nagestreefde omvang van dat
bedrag zoals vermeld in haar financieel
plan, nadat daarin de eventueel door de
CBFA gevraagde wijzigingen zijn
aangebracht.
Lorsque l’établissement de monnaie
électronique ne compte pas six mois
d’activité, ses fonds propres ne peuvent
jamais être inférieurs à 2 % du plus élevé
des deux montants suivants : le montant
courant ou le total visé pour six mois de
ses engagements financiers liés à la
monnaie électronique en circulation tel
qu’il ressort de son plan financier, après
ajustement éventuel requis par la CBFA.
74
Art. III.13
Art. III.13
§ 1. L’article III.4 est applicable
§ 1. Artikel III.4 is van toepassing
établissements
de
monnaie
op de instellingen voor elektronisch geld. aux
électronique.
§ 2. De
instellingen
voor
§ 2. Les
établissements
de
elektronisch geld mogen uitsluitend monnaie électronique ne peuvent faire
beleggen in de volgende activa:
des placements que dans les actifs
suivants :
1°
De bestanddelen die met toepassing 1°
van de bepalingen van titel V een
risicoweging van 0 % krijgen, met
uitsluiting van de vorderingen op
multilaterale ontwikkelingsbanken;
Les éléments qui en application des
dispositions du titre V bénéficient
d’une pondération des risques de
0 % à l’exclusion des créances sur
les banques multilatérales de
développement ;
2°
De in artikel V.16, § 6 bedoelde 2°
bestanddelen, voor zover de
wederpartij een kredietinstelling is
die van een erkende EKBI een
kredietbeoordeling heeft gekregen
die minstens overeenstemt met de in
de tabellen van die paragraaf
bedoelde
kredietwaardigheidscategorie 3;
Les éléments visés à l’article V.16,
§ 6 pour autant que la contrepartie
soit un établissement de crédit qui
dispose d’une évaluation de crédit,
établie par un OEEC éligible, au
moins équivalente à l’échelon 3 des
tableaux repris dans ce paragraphe ;
3°
De in de artikelen IX.25 en IX.26 3°
bedoelde
bestanddelen
die
maximum een risicoweging van
1.6 % kunnen krijgen, voor zover
zij als voldoende liquide worden
beschouwd en zij niet zijn uitgegeven door ondernemingen die in
de betrokken instelling voor
elektronisch
geld
een
gekwalificeerde
deelneming
bezitten in de zin van artikel 3, § 1,
3°, van de wet van 22 maart 1993,
of die moeten worden opgenomen
in de geconsolideerde jaarrekening
van die ondernemingen die een
gekwalificeerde
deelneming
bezitten.
Les
éléments
visés
aux
articles IX.25 et IX.26 qui peuvent
bénéficier d’une pondération de
1.6 % maximum dans la mesure où
ils
sont
considérés
comme
suffisamment liquides et qu’ils ne
sont pas émis par des entreprises qui
détiennent
une
participation
qualifiée au sens de l’article 3, § 1er,
3°, de la loi du 22 mars 1993 dans
l’établissement
de
monnaie
électronique considéré, ou qui
doivent être inclus dans les comptes
consolidés de ces entreprises
détenant une participation qualifiée.
§ 3. Voor de toepassing van de
artikelen III.10 en III.11 worden de
actiefbestanddelen als bedoeld in § 2
gewaardeerd tegen kostprijs of - indien
zij lager is - tegen marktwaarde.
§ 3. Pour
les
besoins
des
articles III.10 et III.11, les éléments
d’actif visés au § 2 sont évalués à leur
prix d’acquisition ou, si elle est plus
faible, à la valeur du marché.
75
TITEL IV: KREDIET- EN
VERWATERINGSRISICO VAN
RISICOPOSITIES BUITEN DE
HANDELSPORTEFEUILLE
TITRE IV : RISQUE DE CRÉDIT ET DE
DILUTION DES EXPOSITIONS HORS
PORTEFEUILLE DE NÉGOCIATION
Art. IV.1
Art. IV.1
§ 1. Het vereiste voor het
krediet- en verwateringsrisico als bedoeld
in artikel III.1, § 1, 3°, heeft betrekking
op
alle
balansen
buitenbalansrisicoposities, inclusief de
afgeleide instrumenten, wanneer zij niet
tot de handelsportefeuille behoren en niet
van het eigen vermogen zijn afgetrokken
met toepassing van de bepalingen van
titel II.
§ 1. L’exigence pour risque de
crédit et de dilution visé à l’article III.1,
§1, 3° porte sur l’ensemble des
expositions, du bilan ou hors bilan, y
inclus les instruments dérivés, si elles ne
font pas partie du portefeuille de
négociation et si elles n’ont pas été
déduites des fonds propres en application
des dispositions du titre II.
§ 2. L’exigence pour risque de
§ 2. Het vereiste voor het
krediet- en verwateringsrisico als bedoeld crédit et de dilution visé à l’article III.1,
in artikel III.1, § 1, 3° wordt als volgt § 1, 3° est calculée comme suit :
berekend :
8 % x gewogen risicovolume
8 % x volume pondéré des risques
Art. IV.2
Art. IV.2
§ 1. Bij de berekening van de
gewogen risicovolumes onderscheiden de
instellingen de effectiseringsverrichtingen
van alle verrichtingen buiten de
handelsportefeuille.
§ 1. Pour calculer le volume
pondéré des risques, les établissements
distinguent les opérations de titrisation de
l’ensemble
des
opérations
hors
portefeuille de négociation.
§ 2. Het
gewogen
risicovolume van de risicoposities buiten
de
handelsportefeuille
die
niet
beantwoorden aan de definitie van
effectiseringsverrichting wordt berekend,
hetzij aan de hand van de in titel V
bedoelde standaardbenadering, hetzij aan
de hand van de in titel VI bedoelde
interneratingbenadering, hetzij aan de
hand van een combinatie van beide
benaderingen onder voorbehoud van de
bepalingen van deze titel.
§ 2. Le volume pondéré des
risques des expositions hors portefeuille
de négociation qui ne répondent pas à la
définition d’opération de titrisation est
calculé au moyen soit de l’approche
standard visée au titre V, soit de
l’approche notation interne visée au
titre VI, soit d’une combinaison de ces
deux approches sous réserve des
dispositions du présent titre.
§ 3. Voor de toepassing van
de
in
titel
VI
bedoelde
interneratingbenadering, en voor de
toepassing van die benadering in
combinatie met de in titel V bedoelde
§ 3. L’utilisation
d’une
approche notation interne visée au
titre VI, et son utilisation combinée avec
l’approche standard visée au titre V, est
subordonnée à l’autorisation préalable de
76
standaardbenadering, is de voorafgaande la CBFA, sous réserve de ce qui est
toestemming van de CBFA vereist, onder précisé au titre XI.
voorbehoud van de bepalingen van
titel XI.
§ 4. Het
gewogen
risicovolume van de in artikel IV.3
gedefinieerde risicoposities ingevolge
effectisering wordt berekend op basis van
de bepalingen van titel VII, die ook
voorzien in de mogelijkheid om een
standaardbenadering
of
een
interneratingbenadering toe te passen.
Ook voor de toepassing van een
interneratingbenadering op dergelijke
verrichtingen is de voorafgaande
toestemming van de CBFA vereist.
§ 4. Le volume pondéré des
risques des expositions de titrisation
définies à l’article IV.3 est calculé sur
base des dispositions du titre VII qui
prévoient également la possibilité
d’utiliser une approche standard ou une
approche notation interne. L’utilisation
d’une l’approche notation interne pour ce
type
d’opérations
est
également
subordonnée à l’autorisation préalable de
la CBFA.
Onverminderd de specifieke bepalingen
van titel VII past een instelling, wanneer
zij de interneratingbenadering toepast bij
de
berekening
van
de
eigenvermogensvereisten
voor
de
risicoposities
buiten
de
handelsportefeuille
die
niet
als
effectiseringsverrichtingen
worden
gekwalificeerd, ook de in titel VII
vermelde interneratingbenadering toe
voor
de
risicoposities
ingevolge
effectisering
met
gelijkaardige
onderliggende risicoposities.
Sans
préjudice
des
dispositions
spécifiques du titre VII, lorsqu’un
établissement utilise l’approche notation
interne pour calculer les exigences en
fonds propres des expositions hors
portefeuille de négociation et non
qualifiées d’opérations de titrisation, il
utilise également l’approche notation
interne du titre VII pour les expositions
de titrisation ayant pour sous-jacent des
expositions de nature identique.
Art. IV. 3
Art. IV. 3
Een effectiseringsverrichting is een
verrichting of een regeling waarbij het
kredietrisico van een risicopositie of een
geheel
van
risicoposities
wordt
onderverdeeld in tranches, en die de
volgende kenmerken vertoont:
Une opération de «titrisation» est une
transaction par laquelle, ou un dispositif
par lequel, le risque de crédit associé à
une exposition ou à un ensemble
d’expositions est subdivisé en tranches, et
qui
présente
les
caractéristiques
suivantes :
a)
de in het kader van de
verrichting of de regeling
uitgevoerde
betalingen
hangen af van de prestatie
van de risicopositie of het
geheel van risicoposities ;
a)
les paiements effectués
dans le cadre de la
transaction ou du dispositif
dépendent
de
la
performance
de
l’exposition
ou
de
l’ensemble
des
expositions ;
77
b)
b)
de rangorde van de
tranches is bepalend voor
de verdeling van de
verliezen
tijdens
de
looptijd van de verrichting
of de regeling.
la
subordination
des
tranches
détermine
la
répartition
des
pertes
pendant la durée de vie de
la transaction ou du
dispositif.
Art. IV.4
Art. IV.4
§ 1. De in artikel IV.2, § 3
bedoelde voorafgaande toestemming
wordt enkel verleend als de CBFA ervan
overtuigd is dat de door de instelling
gehanteerde systemen voor het beheer en
de interne rating van kredietrisicoposities
solide zijn, zorgvuldig worden toegepast
en inzonderheid voldoen aan de volgende
normen en aan die waarvan sprake in
titel VI :
§ 1. L’autorisation
préalable
prévue à l’article IV.2, § 3 n’est donnée
que si la CBFA a l’assurance que les
systèmes de gestion et de notation
internes dont dispose l’établissement pour
les expositions au risque crédit sont sains,
mis en œuvre avec intégrité et, en
particulier, satisfont aux critères suivants
et à ceux précisés au titre VI :
a) de ratingsystemen van de
instelling maken een relevante
beoordeling van de kenmerken
van de debiteur en van de
verrichting mogelijk, alsook een
bruikbare risicodifferentiatie en
een precieze en coherente
becijfering van de risico’s;
a)
Les systèmes de notation de
l’établissement permettent une
évaluation
pertinente
des
caractéristiques du débiteur et
de la transaction, ainsi qu’une
différenciation valable et une
quantification
précise
et
cohérente des risques ;
b) de voor de berekening van de
eigenvermogensvereisten
gehanteerde interne ratings en
ramingen van de omvang van de
wanbetalingen en de verliezen,
alsook
de
daarmee
samenhangende systemen en
procedures spelen een essentiële
rol bij het risicobeheer en de
besluitvorming, alsook bij de
kredietacceptatie,
de
interne
toewijzing
van
het
eigen
vermogen en het deugdelijk
bestuur van de instelling ;
b)
Les notations internes et les
estimations de défauts et de
pertes utilisées dans le calcul
des exigences de fonds propres
et les systèmes et processus liés
jouent un rôle essentiel dans la
gestion des risques et le
processus décisionnel, ainsi que
dans
le
mécanisme
d’approbation du crédit, la
répartition interne des fonds
propres et le gouvernement
d’entreprise de l’établissement ;
c) de instelling beschikt over een
voor
haar
ratingsystemen
verantwoordelijke
eenheid
kredietrisicobeheersing
die
voldoende onafhankelijk is en
gevrijwaard
wordt
van
c)
L’établissement dispose d’une
unité de contrôle du risque de
crédit qui est responsable de ses
systèmes de notation et qui est
suffisamment indépendante et
dégagée de toute influence
78
ongewenste invloeden;
inopportune ;
d) de instelling verzamelt en
registreert alle gegevens die
bijdragen tot een efficiënte
ondersteuning
van
haar
procedures voor de meting en het
beheer van het kredietrisico;
d)
L’établissement collecte et
enregistre toutes les données de
nature à étayer efficacement ses
procédures de mesure et de
gestion du risque de crédit ;
e) de instelling documenteert haar
ratingsystemen
en
de
onderliggende
beweegredenen
voor de opzet, en valideert die
systemen.
e) L’établissement constitue une
documentation sur ses systèmes
de notation et les motifs qui soustendent leur conception, et il
valide les systèmes en question.
§ 2. Indien
een
EUmoederinstelling
en
haar
dochterondernemingen of een financiële
EU-moederholding
en
haar
dochterondernemingen
de
interneratingbenadering
centraal
toepassen, kan de CBFA erin toestemmen
dat de moeder- en dochteronderneming
samen voldoen aan de in deze titel en in
titel VI, hoofdstuk 9 vastgelegde
minimumvereisten.
§ 2. Lorsque l’établissement est
filiale d’un autre établissement ou d’une
compagnie financière dans l’UE et que
l’approche notation interne est appliquée
sur une base unifiée, la CBFA peut
permettre que les exigences minimales
fixées dans le présent titre et au chapitre 9
du titre VI, soient remplies par
l’entreprise mère et ses filiales
considérées ensemble.
§ 3. Een instelling die een
aanvraag
indient
om
de
interneratingbenadering
te
mogen
toepassen, dient aan te tonen dat zij, voor
de betrokken risicopositiecategorieën, al
ten minste drie jaar vóór zij in
aanmerking komt voor het recht om die
benadering toe te passen, ratingsystemen
hanteert voor de interne risicometing en
het interne risicobeheer die in grote lijnen
overeenstemmen met de in deze titel en in
titel VI, hoofdstuk 9 vastgelegde
minimumvereisten.
§ 3. Un
établissement
qui
sollicite le droit d’appliquer l’approche
notation interne doit démontrer qu’il a
utilisé, pour les catégories d’expositions
qui en relèvent, aux fins de la mesure et
de la gestion internes des risques, des
systèmes
de
notation
largement
conformes aux exigences minimales
fixées dans le présent titre et dans le
chapitre 9 du titre VI durant au moins les
trois années qui ont précédé sa
qualification à ce droit.
Voor de instellingen die een aanvraag
indienen om de interneratingbenadering
vóór 2010 te mogen toepassen, kan de
CBFA een
verkorting
van die
toepassingsperiode toestaan. Die periode
mag echter niet korter zijn dan één jaar
tot 31 december 2009.
Pour les établissements demandant
d’appliquer l’approche notation interne
avant 2010, la CBFA peut autoriser une
réduction de la période d’utilisation sans
pour autant que cette période soit
inférieure
à
1
an
jusqu’au
31 décembre 2009.
§ 4. Een
instelling
die
§ 4. Un
établissement
qui
verzoekt om haar eigen ramingen van sollicite le droit d’utiliser ses propres
79
verliezen
bij
wanbetaling
en/of
conversiefactoren te mogen gebruiken,
dient aan te tonen dat zij al ten minste
drie jaar vóór zij in aanmerking komt
voor het recht om dat te doen, eigen
ramingen van verliezen bij wanbetaling
en/of conversiefactoren maakt en
gebruikt, en wel op een wijze die in grote
lijnen overeenstemt met de in deze titel
en in titel VI, hoofdstuk 9 vermelde
minimumvereisten voor het gebruik van
eigen ramingen van de desbetreffende
parameters.
estimations des pertes en cas de défaut
et/ou facteurs de conversion doit
démontrer qu’il a estimé et employé ses
propres estimations des pertes en cas de
défaut et/ou facteurs de conversion d’une
manière largement conforme aux
exigences minimales fixées en la matière
dans le présent titre et le chapitre 9 du
titre VI durant au moins les trois années
qui ont précédé sa qualification à ce droit.
Voor instellingen die een aanvraag
indienen om de interneratingbenadering
vóór 2009 te mogen toepassen voor de in
het vorige lid bedoelde parameters, kan
de CBFA een verkorting van die
toepassingsperiode toestaan. De periode
mag echter niet korter zijn dan twee jaar
tot 31 december 2008.
Pour les établissements demandant
d’appliquer l’approche notation interne
pour les paramètres visés à l’alinéa
précédent avant 2009, la CBFA peut
autoriser une réduction de la période
d’utilisation sans pour autant que cette
période soit inférieure à 2 ans jusqu’au 31
décembre 2008.
§ 5. Als een instelling zich
niet langer conformeert aan de in deze
onderafdeling en in titel VI vastgelegde
vereisten, legt zij onverwijld een
herstelplan voor aan de CBFA, of toont
zij aan dat de impact van de niet-naleving
verwaarloosbaar is.
§ 5.
Lorsqu’un établissement
ne se conforme plus aux exigences fixées
dans la présente sous-section et dans le
titre VI, il présente à la CBFA un plan de
redressement rapide de la situation ou il
démontre que les effets de cette nonconformité sont négligeables.
Art. IV.5
Art. IV.5
§ 1. Onverminderd artikel
IV.8 voeren de instellingen, alsook elke
moederonderneming
en
haar
dochterondernemingen,
de
interneratingbenadering op consistente
wijze in voor al hun risicoposities.
§ 1. Sans
préjudice
de
l’article IV.8, les établissements, et toute
entreprise mère et ses filiales, mettent en
œuvre l’approche notation interne de
manière consistante pour toutes leurs
expositions.
Onder voorbehoud van de toestemming
van de CBFA kan die invoering
stapsgewijs
gebeuren
voor
elke
risicopositiecategorie als bedoeld in
artikel
VI.2,
binnen
eenzelfde
bedrijfseenheid, voor de verschillende
bedrijfseenheden van eenzelfde groep of,
wanneer gebruik wordt gemaakt van
eigen ramingen van verliezen bij
wanbetaling of conversiefactoren voor de
berekening van risicowegingen, voor de
Sous réserve de l’approbation de la
CBFA, cette mise en œuvre peut se faire
de façon séquentielle pour chacune des
catégories
d’expositions
visées
à
l’article VI.2 du titre VI, à l’intérieur
d’une même unité d’exploitation, pour les
différentes unités d’exploitation d’un
même groupe ou, en cas d’utilisation
d’estimations propres des pertes en cas de
défaut ou facteurs de conversion aux fins
du calcul des pondérations de risque, pour
80
risico’s op de ondernemingen, de les risques sur les entreprises, les
les
administrations
instellingen, de centrale overheden en de établissements,
centrales et les banques centrales.
centrale banken.
Wat de categorie van de risicoposities op
de retailcliënteel betreft als bedoeld in
artikel VI.2, § 1, (d), is een stapsgewijze
invoering
toegestaan
volgens
de
subcategorieën waarvan sprake in de
toelichting bij de artikel VI.2, §§ 4 en 5.
Dans le cas de la catégorie d’expositions
sur la clientèle de détail visée à
l’article VI.2,
§1
(d)
du
titre VI, la mise en œuvre peut se faire
progressivement selon les sous-catégories
décrites dans le commentaire des
paragraphes 4 et 5 de l’article VI.2.
§ 2. De in § 1 bedoelde
invoering vindt plaats binnen een met de
CBFA overeen te komen redelijke termijn
en onder strikte voorwaarden die door de
CBFA
worden
vastgelegd.
Deze
voorwaarden moeten ervoor zorgen dat
de in § 1 geboden flexibiliteit niet
selectief wordt gebruikt met de bedoeling
de minimale eigenvermogensvereisten
(cherry picking) die van toepassing zijn
op risicopositiecategorieën of op
entiteiten die nog niet onder de
interneratingbenadering vallen, dan wel
het gebruik van eigen ramingen van
verliezen
bij
wanbetaling
of
conversiefactoren te verminderen.
§ 2. La mise en œuvre visée au
paragraphe 1 est effectuée dans un délai
raisonnable, à convenir avec la CBFA.
Elle a lieu à des conditions strictes, fixées
par la CBFA. Ces conditions visent à
garantir que la souplesse accordée au
paragraphe 1 n’est pas utilisée de façon
sélective, dans le but de réduire les
exigences minimales de fonds propres
(cherry
picking)
applicables
aux
catégories d’expositions ou aux entités
qui doivent encore être inclus dans
l’approche
notation
interne
ou
l’utilisation des propres estimations des
pertes en cas de défaut et facteurs de
conversion.
Art. IV.6
Art. IV.6
Onverminderd de artikelen IV.8 en II.2
passen de
instellingen die een
interneratingbenadering toepassen op om
het even welke risicopositiecategorie, die
benadering parallel daarmee ook toe op
de risicoposities in de vorm van aandelen
buiten de handelsportefeuille.
Sans préjudice des articles IV.8 et II.2,
les établissements qui appliquent
l’approche notation interne à une
catégorie
d’expositions
quelconque
l’appliquent
parallèlement
aux
expositions sous forme d’actions hors
portefeuille de négociation.
Art. IV.7
Art. IV.7
Instellingen die, krachtens artikel IV.4,
toestemming hebben gekregen om de
interneratingbenadering toe te passen,
vallen, voor de berekening van hun
gewogen
risicovolume
voor
het
kredietrisico, niet terug op de bepalingen
van titel V, behalve om behoorlijk
gemotiveerde redenen en op voorwaarde
dat de CBFA daarvoor toestemming
verleent.
Les établissements qui ont obtenu le
droit, en vertu de l’article IV.4, d’utiliser
l’approche notation interne ne retournent
pas aux dispositions du titre V pour le
calcul de leur volume pondéré des risques
relatif au risque de crédit, sauf pour un
motif dûment justifié et à condition que la
CBFA l’autorise.
81
Instellingen die, krachtens artikel IV.4,
toestemming hebben gekregen om hun
eigen ramingen van verliezen bij
wanbetaling en conversiefactoren te
gebruiken, vallen niet terug op de in de
artikelen VI.7, VI.12, § 2, VI.24 en VI.34
vermelde verliezen bij wanbetaling en
conversiefactoren, behalve om behoorlijk
gemotiveerde redenen en op voorwaarde
dat de CBFA daarvoor toestemming
verleent.
Les établissements qui ont obtenu le
droit, en vertu de l’article IV.4, d’utiliser
leurs propres estimations des pertes en
cas de défaut et facteurs de conversion,
ne retournent pas aux valeurs des pertes
en cas de défaut et facteurs de conversion
visés aux articles VI.7, VI.12, § 2, VI.24
et VI.34 sauf pour un motif dûment
justifié et à condition que la CBFA
l’autorise.
Art. IV.8
Art. IV.8
§ 1. Onder voorbehoud van
de voorafgaande goedkeuring door de
CBFA, kunnen instellingen die, voor de
berekening
van
het
gewogen
risicovolume en van de verwachte
verliezen
voor
een
of
meer
risicopositiecategorieën,
de
interneratingbenadering
mogen
toepassen, voor de berekening van het
gewogen risicovolume voor de hierna
bedoelde
risicoposities
buiten de
handelsportefeuille, de in titel V
beschreven benadering toepassen op :
§ 1. Sous
réserve
de
l’autorisation préalable de la CBFA, les
établissements
autorisés à utiliser
l’approche notation interne pour le calcul
du volume pondéré des risques et des
pertes anticipées afférents à une ou
plusieurs
catégories
d’expositions
peuvent appliquer l’approche décrite au
titre V pour calculer le volume pondéré
des risques pour les expositions hors
portefeuille de négociation visées cidessous :
a)
de in artikel VI.2, § 1, a),
bedoelde risicopositiecategorie,
als het aantal belangrijke
wederpartijen beperkt is en het
voor
de
instelling
een
buitensporige verplichting zou
betekenen om voor deze
wederpartijen
een
ratingsysteem in te voeren;
b) de in artikel VI.2, § 1, b),
bedoelde risicopositiecategorie,
als het aantal belangrijke
wederpartijen beperkt is en het
voor
de
instelling
een
buitensporige verplichting zou
betekenen om voor deze
wederpartijen
een
ratingsysteem in te voeren;
a)
A la catégorie d’expositions
visée à l’article VI.2, § 1,
point a), lorsque le nombre de
contreparties importantes est
limité et que la mise en œuvre
d’un système de notation pour
ces
contreparties
représenterait une contrainte
excessive
pour
l'établissement ;
b) A la catégorie d’expositions
visée à l’article VI.2, § 1,
point b), lorsque le nombre de
contreparties importantes est
limité et que la mise en œuvre
d’un système de notation pour
ces
contreparties
représenterait une contrainte
excessive
pour
l'établissement ;
82
c)
c)
de risicoposities ingenomen in
weinig
belangrijke
bedrijfseenheden
en
de
risicopositiecategorieën met
beperkte omvang en beperkt
risicoprofiel.
Aux expositions prises dans
des unités d’exploitation peu
importantes, ainsi qu'aux
catégories d’expositions peu
importantes en termes de
taille et de profil de risque
perçu.
Voor de toepassing van dit punt wordt
de risicopositiecategorie in aandelen van
een instelling als materieel beschouwd
als de totale waarde ervan, met
uitzondering van de in § 2, d) van dit
artikel bedoelde risicoposities in
aandelen die zijn ingenomen in het
kader van overheidsprogramma’s, in het
voorgaande jaar gemiddeld meer dan 10
% van het eigen vermogen van de
instelling bedraagt. Als het aantal
risicoposities in aandelen minder dan
tien individuele deelnemingen bedraagt,
wordt de drempel teruggebracht tot 5 %
van het eigen vermogen van de
instelling.
Aux fins de ce point, la catégorie
d’expositions
sur
actions
d’un
établissement est considérée comme
importante si la valeur agrégée desdits
risques, à l’exclusion des expositions
sur actions pris dans le cadre des
programmes législatifs visés au point
d), § 2 du présent article dépasse en
moyenne, sur l’exercice écoulé, 10 %
des fonds propres de l’établissement. Si
le nombre de ces expositions sur actions
est inférieur à 10 participations
distinctes, le seuil est ramené à 5 % des
fonds propres de l’établissement.
§ 2. Instellingen die, bij de
berekening
van
het
gewogen
risicovolume en de verwachte verliezen
voor een of meer risicocategorieën, de
interneratingbenadering mogen hanteren,
mogen, bij de berekening van het
gewogen risicovolume voor de hierna
bedoelde
risicoposities
buiten de
handelsportefeuille, de in titel V
beschreven benadering toepassen op:
§ 2. Les
établissements
autorisés à utiliser l’approche notation
interne pour le calcul du volume pondérés
des risques et des pertes anticipées
afférents à une ou plusieurs catégories de
risques peuvent appliquer l’approche
décrite au titre V pour calculer le volume
pondéré des risques pour les expositions
hors portefeuille de négociation visées cidessous :
a)
de risicoposities op de centrale
overheid, regionale overheden,
lagere
overheden
en
administratieve organen in de
lidstaten van de EU, op
voorwaarde dat voor deze
risicoposities een risicoweging
van 0 % geldt met toepassing van
artikel V.16.
a)
Aux
expositions
sur
l'administration centrale des Etats
membres de l'UE et sur leurs
autorités régionales et locales et
organismes administratifs, que
celles-ci
bénéficient
d’une
pondération
à
0
%
en application de
l’article V.16.
b)
de risicoposities van een instelling
op een wederpartij die haar
moederonderneming,
haar
dochteronderneming
of
een
b)
Aux
expositions
sur
une
contrepartie qui est l’entreprise
mère de l’établissement, sa filiale
ou une filiale de son entreprise
83
mère, à condition qu’il s’agisse
d’un
établissement,
d’une
compagnie
financière,
d’un
établissement financier, d’une
société de gestion d’organismes
de placement collectif ou d’une
entreprise de services auxiliaires
soumis(e) à des exigences
prudentielles appropriées.
dochteronderneming van haar
moederonderneming is, mits het
bij deze wederpartij om een
instelling, een financiële holding,
een financiële instelling, een
beheervennootschap
van
instellingen
voor
collectieve
belegging of een onderneming die
nevendiensten
verricht,
gaat
waarop passende prudentiële
voorschriften van toepassing zijn.
c)
de risicoposities op aandelen van
entiteiten waarvan de vorderingen
krachtens artikel V.16 voor een
risicoweging van 0 % in
aanmerking komen (inclusief de
instellingen met een openbaar
karakter
waarvoor
een
risicoweging van 0 % geldt).
c)
Aux expositions sur des actions
d’entités dont les créances
relèvent d’une pondération de
risque zéro en vertu de l’article
V.16. (y compris les organismes
à caractère public auxquels une
pondération zéro peut être
appliquée);
d)
de risicoposities op aandelen die
zijn ingenomen in het kader van
overheidsprogramma´s
ter
promotie
van
bepaalde
economische sectoren, waarbij de
instelling omvangrijke subsidies
ontvangt voor haar beleggingen,
maar waarbij ook een bepaalde
vorm van overheidstoezicht wordt
ingevoerd en beperkingen worden
opgelegd aan die beleggingen. De
hier bedoelde uitsluiting is
beperkt tot een totaal van 10 %
van het oorspronkelijke eigen
vermogen plus het aanvullende
eigen vermogen.
d)
Aux expositions sur actions
détenues dans le cadre de
programmes législatifs visant à
promouvoir certains secteurs de
l'économie, qui accordent des
subventions
importantes
à
l’établissement
pour
les
investissements qu’il réalise,
mais impliquent aussi une
certaine forme de contrôle public
et imposent des restrictions
auxdits
investissements.
L’exclusion ici prévue est limitée
à un total de 10 % des fonds
propres de base et des fonds
propres complémentaires.
e)
tot 31 december 2017, de
risicoposities op aandelen die op
31 december 2007 worden
gehouden door een instelling. De
vrijgestelde positie wordt gemeten
door het aantal aandelen op
31 december 2007 te nemen en
daarbij het aantal aandelen op te
tellen
die
rechtstreeks
voortvloeien uit het bezit van die
activa mits zij het proportionele
belang
in
de
betrokken
e)
Jusqu’au 31 décembre 2017, aux
expositions sur actions détenues
par un établissement en date du
31 décembre 2007. La position
exemptée sera évaluée en
fonction du nombre d’actions au
31 décembre 2007
auquel
s’ajouteront
les
actions
supplémentaires
provenant
directement de la détention de ces
actifs dans la mesure où elles
n’augmenteront pas la part
84
f)
onderneming niet uitbreiden.
proportionnelle possédée
l’entreprise concernée.
Als, ingevolge een verwerving,
het proportionele gewicht van
aandelen
in
een
bepaalde
risicopositie toeneemt, geldt de
vrijstelling
niet
voor
het
overtollige deel. De vrijstelling
geldt evenmin voor activa die
worden verkocht en daarna
opnieuw worden gekocht, ook al
genoten zij oorspronkelijk deze
vrijstelling.
Si, par suite d’une acquisition, la
part proportionnelle d’actions
dans une exposition donnée
augmente, la partie excédentaire
ne sera pas exemptée. De même,
l’exemption ne vaudra pas pour
les actifs qui ont été vendus, puis
rachetés, même s’ils ont pu en
bénéficier à l’origine.
de in artikel V.16, § 6, 7°,
gedefinieerde risicoposities die
aan de daar gestelde voorwaarden
voldoen, alsook de garanties en
tegengaranties verstrekt door een
lidstaat
overeenkomstig
artikel V.37, § 2.
f)
a)
de wederpartij is een instelling of
een financiële holding, een
financiële
instelling,
een
vermogensbeheerder
of
een
onderneming die nevendiensten
verricht,
waarop
passende
Aux expositions définies à
l’article V.16, § 6, 7° remplissant
les conditions qui y sont
énoncées ainsi qu’aux garanties
fournies et contre garanties par un
Etat membre conformément à
l’article V.37, § 2.
" Art. IV.9.
"Art. IV.9.
Met
uitzondering
van
risicoposities waardoor verplichtingen
ontstaan in de vorm van de in Titel II
genoemde
eigenvermogensbestanddelen, mag de
CBFA de risicoposities van een
instelling op een wederpartij die haar
moederonderneming,
haar
dochteronderneming
of
een
dochteronderneming
van
haar
moederonderneming, dan wel een
onderneming die is verbonden door
een relatie zoals bedoeld in artikel 11
van
het
Wetboek
van
Vennootschappen is, vrijstellen van de
eigenvermogensvereisten voor het in
artikel IV.1 bedoelde krediet- en
verwateringsrisico, mits aan de
volgende voorwaarden is voldaan:
dans
À l'exception des expositions
donnant lieu à des passifs prenant la
forme des éléments de fonds propres
visés au titre II, la CBFA peut exempter
d'exigences en fonds propres pour risque
de crédit et de dilution visé à
l'article IV.1 les expositions d'un
établissement sur une contrepartie qui
est son entreprise mère, sa filiale, une
filiale de son entreprise mère ou une
entreprise liée par une relation au sens
de l'article 11 du Code des sociétés, sous
réserve que les conditions suivantes
soient remplies :
a)
la
contrepartie
est
un
établissement ou une compagnie
financière
holding,
un
établissement financier, une
société de gestion de portefeuille
ou une entreprise de services
85
prudentiële voorschriften
toepassing zijn;
van
auxiliaires
soumis
à
des
exigences
prudentielles
appropriées ;
b)
de wederpartij is integraal
opgenomen
in
dezelfde
consolidatie als de instelling;
b)
elle est intégralement incluse
dans le même périmètre de
consolidation que l'établissement
de crédit ;
c)
de wederpartij is onderworpen aan
dezelfde
risicobeoordelings-,
meet- en controleprocedures als
de instelling;
c)
elle est soumise aux mêmes
procédures
d'évaluation,
de
mesure et de contrôle des risques
que l'établissement ;
d)
de wederpartij is gevestigd in
dezelfde lidstaat als de instelling;
en
d)
elle est établie dans le même Etat
membre que l'établissement ; et
e)
er is geen feitelijke of juridische
belemmering aanwezig of te
voorzien die een onmiddellijke
overdracht van eigen vermogen of
terugbetaling van passiva door de
wederpartij aan de instelling kan
verhinderen.".
e)
il n'existe, en droit ou en fait,
aucun obstacle significatif, actuel
ou prévu, au transfert rapide de
fonds
propres
ou
au
remboursement rapide de passifs
par
la
contrepartie
à
l'établissement. ".
86
TITEL V : DEFINITIE VAN HET
GEWOGEN KREDIETRISICOVOLUME:
STANDAARDBENADERING
TITRE V : DÉFINITION DU VOLUME
PONDÉRÉ DES RISQUES DE CRÉDIT :
MÉTHODE STANDARD
Hoofdstuk 1 : Algemene beginselen
Chapitre 1 : Principes généraux
Art. V.1.
Art. V.1.
Het gewogen risicovolume is als
volgt gedefinieerd:
Le volume pondéré des risques est
défini comme suit :
Risicopositiewaarde * Risicoweging
Valeur exposée au risque * Pondération
des risques
Hoofdstuk 2: Definitie
risicopositiewaarde
van
de Chapitre 2 : Définition de la valeur
exposée au risque
Afdeling I – Algemene beginselen
Section I – Principes généraux
Art. V.2
Art. V.2
§ 1. La valeur exposée au
§ 1. De risicopositiewaarde
is afhankelijk van de aard van de risque dépend de la nature des expositions
risicoposities. Er worden vier soorten qui sont de quatre types, en l’occurrence :
risicoposities onderscheiden, namelijk :
1° de activa, waarmee de
actiefbestanddelen
worden
bedoeld met uitzondering van
de
bestanddelen
die
gerelateerd zijn aan afgeleide
instrumenten en aan de
transacties als bedoeld in het
onderstaande 4°;
1° les
actifs c’est-à-dire
les
éléments d’actifs exclusion
faite des éléments relatifs à
des instruments dérivés et aux
opérations visées au 4° cidessous ;
2° de buitenbalansverrichtingen
als bedoeld in artikel V.4.,
met uitzondering van de
afgeleide instrumenten;
2° les opérations hors bilan telles
que visées à l’article V.4.
exclusion faite des instruments
dérivés ;
3° de
afgeleide
buitenbeursinstrumenten als
gedefinieerd in artikel V.5;
3° les instruments dérivés de gré
à gré tels que définis à
l’article V.5 ;
4° de risicoposities ingevolge
retrocessieovereenkomsten,
transacties inzake verstrekte
of opgenomen effecten- of
grondstoffenleningen,
transacties met uitgestelde
afwikkeling
en
margeleningstransacties.
4° les expositions résultant des
opérations de pension, des
opérations
de
prêt
ou
d’emprunt de titres ou de
produits
de
base,
des
transactions
à
règlement
différé et des opérations de
prêt avec appel de marge.
87
§ 2. Sans préjudice du § 3, la
§ 2. Onverminderd § 3 wordt
de
risicopositiewaarde
van
de valeur exposée au risque des différentes
verschillende risicoposities als volgt expositions est déterminée comme suit :
bepaald:
De risicopositiewaarde van een
actiefbestanddeel
is
haar
balanswaarde, na aftrek van de
specifieke voorzieningen die aan
het actief of het geheel van de
actiefbestanddelen
kunnen
worden toegewezen.
La valeur exposée au risque d'un
élément d’actif correspond à sa
valeur de bilan nette de
provisions
spécifiques
attribuables à l’actif ou à
l’ensemble des actifs.
De risicopositiewaarde van een
in
artikel
V.4
bedoelde
buitenbalanspost is de nominale
waarde van de verplichting, na
aftrek
van
de
specifieke
voorzieningen, vermenigvuldigd
met een omrekeningsfactor. Deze
omrekeningsfactoren
worden
bepaald door de aard van de
transactie, als vastgesteld in
afdeling II van dit hoofdstuk.
La valeur exposée au risque d'un
élément hors bilan visé à
l’article V.4.
correspond
au
montant
nominal
de
l’engagement, net des provisions
spécifiques, multiplié par un
facteur de conversion.
Ces
facteurs de conversion sont
définis en fonction de la nature de
l’opération telle que prévue à la
section II du présent chapitre.
De risicopositiewaarde van een
afgeleid
instrument
wordt
bepaald volgens een van de vier
methoden
uiteengezet
in
hoofdstuk 3, die rekening houden
met
de
gevolgen
van
schuldvernieuwingscontracten en
andere nettingovereenkomsten;
deze methoden worden ook
gehanteerd voor transacties met
uitgestelde afwikkeling.
La valeur exposée au risque d’un
instrument dérivé est déterminée
conformément à l'une des quatre
méthodes
présentées
au
chapitre 3, les effets de contrats
de novation et autres conventions
de netting étant pris en
considération aux fins de ces
méthodes ; ces mêmes méthodes
sont applicables aux transactions
à règlement différé.
De risicopositiewaarde van
retrocessieovereenkomsten,
transacties inzake verstrekte
opgenomen
effectengrondstoffenleningen
en
margeleningstransacties
vastgelegd in hoofdstuk
afdeling IV, van deze titel.
de
de
of
of
de
is
5,
La valeur exposée au risque des
opérations de pension, des
opérations de prêt ou d’emprunt
de titres ou de produits de base, et
des opérations de prêt avec appel
de marge est définie à la
section IV du chapitre 5 du
présent titre.
Onverminderd de bepalingen in
de twee laatste bovenstaande
streepjes,
wordt
de
risicopositiewaarde
van
de
uitstaande kredietrisicoposities,
Nonobstant les deux derniers tirets
ci-dessus, la valeur exposée au
risque des expositions de crédit en
cours, telle que déterminée par la
CBFA, avec une contrepartie
88
zoals bepaald door de CBFA,
met een centrale wederpartij,
bepaald
overeenkomstig
artikel V.5, § 9, op voorwaarde
dat de wederpartijrisicoposities
van de centrale wederpartij ten
aanzien van alle deelnemers aan
haar
regelingen,
dagelijks
volledig door zekerheden worden
gedekt.
centrale est calculée conformément
à l'article V.5, § 9, à condition que
les expositions de crédit de
contrepartie supportées par la
contrepartie centrale vis-à-vis de
tous les participants aux accords
qu'elle a conclus soient pleinement
couvertes par des sûretés sur une
base quotidienne.
Mits toestemming van de CBFA,
mag de risicopositiewaarde van
de retrocessieovereenkomsten,
de transacties inzake verstrekte
of opgenomen effecten- of
grondstoffenleningen en de
margeleningstransacties worden
bepaald conform artikel V.9. van
hoofdstuk 3.
Sous réserve de l’autorisation de la
CBFA, la valeur exposée au risque
des opérations de pension, des
opérations de prêt ou d’emprunt de
titres ou de produits de base, et des
opérations de prêt avec appel de
marge peut être déterminée
conformément à l’article V.9 du
chapitre 3.
Bij leaseovereenkomsten is de
waarde van de risicopositie gelijk
aan
de
gedisconteerde
minimumleasebetalingen.
Minimumleasebetalingen zijn de
betalingen
gedurende
de
leasetermijn die de leasenemer
moet betalen of kan worden
verplicht te betalen, alsmede alle
gunstige koopopties (dit zijn
opties
die
naar
alle
waarschijnlijkheid
worden
uitgeoefend).
Ook
alle
gegarandeerde restwaarden die
voldoen
aan
de
reeks
voorwaarden in artikel V.25 met
betrekking tot de toelaatbare
protectieverschaffers alsmede de
minimumvereisten
voor
de
erkenning van andere soorten
garanties in artikelen V. 35 tot en
met
V.37,
zijn
in
de
minimumleasebetalingen
inbegrepen. Deze vorderingen
worden
overeenkomstig
artikel V.15 in de desbetreffende
categorie ondergebracht.
La valeur exposée au risque des
crédits-bails
correspond
aux
paiements minimaux actualisés
qu’ils génèrent. Les paiements
minimaux au titre de crédits-bails
sont les paiements que le preneur
est ou peut être tenu d’effectuer
pendant la durée du contrat de
crédit-bail, ainsi que toute option
d’achat avantageuse (c’est-à-dire
option
dont
l’exercice
est
raisonnablement certain). Toute
valeur
résiduelle
garantie
remplissant les conditions énoncées
à
l’article V.25
concernant
l’éligibilité des fournisseurs de
protection, ainsi que les exigences
minimales aux fins de la
reconnaissance d’autres types de
garanties,
énoncées
aux
articles V.35 à V.37, doit également
être incluse dans les paiements
minimaux au titre de crédits-bails.
Ces expositions sont classées dans
la catégorie d’exposition pertinente
conformément à l’article V.15.
§ 3. Indien een bestanddeel
gegarandeerd is door een volgestorte
§ 3. Lorsqu’un élément fait
l’objet d’une protection financée du crédit
89
kredietprotectie als bedoeld in hoofdstuk
5, mag de risicopositiewaarde van dit
bestanddeel conform de bepalingen van
dit hoofdstuk worden aangepast.
visée au chapitre 5, la valeur exposée au
risque qui lui est applicable peut être
modifiée conformément aux dispositions
de ce chapitre.
Art. V.3
Art. V.3
De
instellingen
die
de
internationale
boekhoudregels
toepassen,
berekenen
de
risicopositiewaarde derwijze dat zo dicht
mogelijk wordt aangeleund bij de
definitie in artikel V.2.
Les établissements qui appliquent
les normes comptables internationales
calculent la valeur exposée au risque afin
de refléter au mieux la définition reprise à
l’article V.2.
Afdeling II : Definitie
omrekeningsfactoren
van
de Section II : Définition des facteurs de
conversion.
Art. V.4
Art. V.4
De buitenbalansverrichtingen die
in aanmerking worden genomen voor
het gewogen risicovolume en de
omrekeningsfactoren die erop van
toepassing zijn, zijn de volgende :
Les opérations hors bilan prises en
compte dans le volume pondéré des
risques et les facteurs de conversion qui
s’y appliquent sont les suivants :
1° Honderd percent van
1° Cent pour cent
a)
de verplichtingen op grond van
accepten;
a)
Des
engagements
d'acceptations ;
b)
de
verplichtingen
met
kredietvervangend
karakter,
waardoor de instelling de
verbintenis van een derde moet
nakomen of een vervangende
geldsom moet betalen indien
deze derde zijn verplichtingen
niet nakomt;
b)
Des engagements à caractère de
substitut de crédit en vertu
desquels l'établissement est tenu
d'honorer l'engagement d'un tiers
ou de payer une somme de
remplacement si ce tiers n'honore
pas ses engagements ;
c)
de verplichtingen voor de
instelling, voortvloeiend uit
transacties in kredietderivaten,
om een bedrag te betalen ingeval
een onderliggende wederpartij
bij die transacties in gebreke
blijft;
c)
Des
engagements
résultant
d’opérations en dérivés de crédit
en vertu desquels l’établissement
est tenu de verser une somme en
cas de survenance du défaut d’une
contrepartie sous-jacente à ces
opérations ;
d)
de activa bezwaard met zakelijke
zekerheden voor rekening van
d)
Des actifs grevés de sûretés réelles
pour le compte de tiers, dans le cas
du
chef
90
où la sûreté a le caractère de
substitut de crédit ;
derden, indien de zekerheid een
kredietvervangend
karakter
heeft;
e)
de toekomstige vorderingen
ingevolge contantverrichtingen
in uitvoering en ingevolge vaste
verbintenissen
wegens
termijnverrichtingen, buiten de
in artikel V.4, 2°, f) bedoelde
geschreven
opties
en
de
afgeleide
instrumenten
als
gedefinieerd in artikel V.5;
e)
Les créances futures résultant
d'opérations au comptant en voie
de liquidation et d'engagements
fermes du chef d'opérations à
terme, autres que les options
émises visées à l’article V.4, 2°, f)
et les instruments dérivés définis
au V.5.
f)
het onbetaalde deel van nietvolgestorte aandelen en effecten;
f)
La fraction non versée d'actions et
de titres partiellement libérés ;
g)
de retrocessieovereenkomsten en
andere verkopen met verbintenis
tot wederinkoop.
g)
Les mises en pension et autres
cessions avec engagement de
reprise.
2° Vijftig percent van
2° Cinquante pour cent
a)
de
verplichtingen
wegens
documentaire kredieten met
kredietrisico voor de instelling
die niet beantwoorden aan de
definitie in 3° van deze
paragraaf;
a)
Des engagements résultant de
crédits documentaires avec risque
de crédit pour l'établissement et ne
répondant pas à la définition
donnée au 3° du présent
paragraphe ;
b)
de
verplichtingen
zonder
kredietvervangend
karakter,
waardoor de instelling de
verbintenis van een derde moet
nakomen of een vervangende
geldsom moet betalen indien
deze derde zijn verplichtingen
niet nakomt;
b)
Des engagements n'ayant pas le
caractère de substitut de crédit en
vertu desquels l'établissement est
tenu d'honorer l'engagement d'un
tiers ou de payer une somme de
remplacement si ce tiers n'honore
pas ses engagements ;
c)
de activa bezwaard met zakelijke
zekerheden voor rekening van
derden, indien de zekerheid geen
kredietvervangend
karakter
heeft;
c)
Des actifs grevés de sûretés réelles
pour le compte de tiers, dans le cas
où la sûreté n'a pas le caractère de
substitut de crédit ;
d)
het onbenut gedeelte van de
verplichtingen wegens betekende
kredietlijnen
met
een
oorspronkelijke looptijd van
d)
De la partie inutilisée des
engagements du fait de lignes de
crédit confirmées d'une durée
initiale supérieure à un an qui ne
91
3°
meer dan één jaar die niet op elk
ogenblik, onvoorwaardelijk en
zonder
vooropzeg
kunnen
worden beëindigd of die niet
voorzien in een automatische
beëindiging ingeval de kwaliteit
van
de
ontlener
erop
achteruitgaat;
peuvent être annulées sans
condition, à tout moment et sans
préavis, ou qui ne prévoient pas
d’annulation automatique en cas
de détérioration de la qualité de
l’emprunteur ;
e) het onbenut gedeelte van de
verplichtingen wegens betekende
kredietlijnen
waardoor
de
instelling een emittent van
verhandelbaar kortlopend papier
toezegt de vervangende of
aanvullende
financiering
te
verschaffen, indien deze emittent
de gewenste financiering niet
heeft verkregen door uitgifte van
dergelijk papier op de markt;
e) De la partie inutilisée des
engagements du fait de lignes de
crédit confirmées par lesquelles
l'établissement promet à un
émetteur de papier négociable à
court terme de lui accorder le
financement de remplacement ou
complémentaire
lorsque
cet
émetteur n'a pas obtenu le
financement
souhaité
par
l'émission de tel papier dans le
marché ;
f) de verplichtingen ingevolge
geschreven putopties op effecten
en ander waardepapier.
f) Des engagements résultant de
l'émission d'options put sur des
valeurs mobilières et autres titres
négociables.
Twintig percent van
3°
Vingt pour cent
a) de
verplichtingen
wegens
documentaire kredieten met
kredietrisico voor de instelling,
voor zover de instelling een
tegenwerpelijk pandrecht of een
ander gelijkwaardig recht heeft
op de onderliggende goederen en
het krediet een uitdovend
karakter heeft;
a) Des engagements résultant de
crédits documentaires avec risque
de crédit pour l'établissement, dans
la mesure où l'établissement a un
droit de gage opposable ou un
autre droit équivalent sur les biens
sous-jacents et où le crédit
présente un caractère "self
liquidating".
b) het onbenut gedeelte van de
verplichtingen wegens betekende
kredietlijnen
met
een
oorspronkelijke looptijd van
minder dan of gelijk aan één jaar
die niet op elk ogenblik,
onvoorwaardelijk en zonder
vooropzeg
kunnen
worden
beëindigd of die niet voorzien in
b) De la partie inutilisée des
engagements du fait de lignes de
crédit confirmées d'une durée
initiale inférieure ou égale à un an
et qui ne peuvent être annulées
sans condition, à tout moment et
sans préavis, ou qui ne prévoient
pas d’annulation automatique en
cas de détérioration de la qualité
92
een automatische beëindiging
ingeval de kwaliteit van de
ontlener erop achteruitgaat.
de l’emprunteur ;
Hoofdstuk 3 : Bepaling van de
risicopositiewaarde van afgeleide
instrumenten,
retrocessieovereenkomsten, transacties inzake verstrekte
of
opgenomen
effectenof
grondstoffenleningen, transacties met
uitgestelde
afwikkeling
en
margeleningstransacties.
Chapitre 3 : Calcul des expositions sur
instruments dérivés, opérations de
pension, opérations d’emprunt ou de
prêts de titres ou de produits de base,
transactions à règlement différé et
opérations de prêts avec appel de marge
Afdeling I – Algemene beginselen
Section I – Principes généraux
Art. V.5
Art. V.5
§ 1. Onder voorbehoud van
de §§ 2 tot 7 berekenen de instellingen
de risicopositiewaarde van de hieronder
vermelde afgeleide instrumenten aan de
hand van een van de in de artikelen V.6
tot V.9 beschreven methoden, voor zover
het afgeleide instrumenten (OTCderivaten) betreft.
§ 1. Sous réserve des § 2 à § 7,
les établissements calculent la valeur
exposée au risque des instruments dérivés
mentionnés ci-dessous en appliquant l'une
des
méthodes
présentées
aux
articles V.6 à V.9, pour autant qu’il
s’agisse d’instruments dérivés.
De afgeleide instrumenten omvatten de Les instruments dérivés reprennent les
volgende contracten:
contrats suivants :
1°. Rentecontracten:
a) Renteswaps
munt;
1°. Les contrats sur taux d'intérêt:
eenzelfde
a) Échanges de taux d'intérêt
dans une même devise ;
b) Variabele renteswaps van
verschillende
aard
(basisswaps);
b) Échanges de taux d'intérêt
variables
de
différente
nature (échanges de base) ;
c) Rentecontracten op termijn
(FRA's);
c) Contrats à terme de taux
d'intérêt ;
d) Interest-futureverrichtingen;
d) Contrats financiers à terme
sur taux d'intérêt ;
e) Bekomen opties op rente;
e) Options achetées sur taux
d'intérêt ;
f) Andere
contracten.
gelijkaardige
f) Autres contrats de même
nature.
betrekking
2°. Les contrats sur taux de change
2°. Contracten
die
in
93
hebben op wisselkoersen of goud:
et contrats sur or:
a) Valuta- en renteswaps (in
verschillende munten);
a) Échanges de taux d'intérêt
(dans
des
devises
différentes) ;
b) Wisselverrichtingen
termijn ;
b) Opérations
terme ;
op
de
change
à
c) Valuta-future-verrichtingen;
c) Contrats financiers à terme
sur devises ;
d) Bekomen opties op valuta’s;
d) Options
achetées ;
e) Andere
contracten;
gelijkaardige
e) Autres contrats de même
nature ;
f) Goudcontracten
van
dezelfde aard als contracten
van het type a) tot e).
f) Contrats sur or de même
nature que les contrats de
types a) à e).
3°. Gelijkaardige contracten als
vermeld in de punten 1.a) tot 1.e) en 2.a)
tot 2.d) met betrekking tot andere
referentiebestanddelen
of
indexen,
waaronder ten minste alle instrumenten
opgesomd in de punten 4 tot 7, 9 en 10
van afdeling C van bijlage I van
richtlijn 2004/39/EG die niet zijn
vermeld in de bovenstaande punten 1 en
2.
3°. Les contrats de même nature
que ceux énumérés aux points 1 a) à 1 e)
et 2 a) à 2 d) concernant d'autres éléments
de référence ou indices, y compris, au
moins, tous les instruments énumérés aux
points 4 à 7, 9 et 10 de la section C de
l'annexe I de la directive 2004/39/CE qui
ne sont pas inclus aux points 1 et 2 cidessus.
§ 2. De instellingen die niet
in aanmerking komen voor de
behandeling overeenkomstig titel I,
hoofdstuk 3, afdeling V, mogen de in
artikel V.7 beschreven methode niet
toepassen.
§ 2. Les établissements qui ne
bénéficient pas du traitement prévu à la
section V du chapitre 3 du titre I ne sont
pas autorisés à utiliser la méthode décrite
à l’article V.7.
Voor
de
bepaling
van
de
risicopositiewaarde bij de contracten
bedoeld in § 1, tweede lid, 3°, mogen de
instellingen de in artikel V.7 beschreven
methode niet toepassen.
Pour calculer la valeur exposée au risque
des contrats énumérés au § 1, al. 2, 3°, les
établissements ne sont pas autorisés à
utiliser la méthode décrite à l’article V.7.
§ 3. Het
gecombineerde
gebruik van de in de artikelen V.6 tot
V.9 beschreven methoden is op
permanente basis toegestaan binnen
eenzelfde groep maar niet binnen
eenzelfde rechtspersoon. In de gevallen
§ 3. L'utilisation combinée des
méthodes présentées aux articles V.6 à
V.9 est autorisée sur une base permanente
au sein d'un groupe, mais non au sein
d'une seule et même entité juridique.
L'utilisation combinée des méthodes
sur
devises
94
als bedoeld in § 7 en in artikel V.8, § 19
is het gecombineerde gebruik van de in
de artikelen V.6 en V.8 beschreven
methoden binnen een rechtspersoon
echter wel toegestaan.
décrites aux articles V.6 et V.8 au sein
d'une entité juridique est toutefois
autorisée dans les cas prévus au § 7 et à
l’article V.8, § 19.
§ 4. Behoudens
voorafgaande instemming van de CBFA,
mogen de instellingen voor de bepaling
van de risicopositiewaarde van de
volgende transacties eveneens gebruik
maken van de internemodellenmethode
die is beschreven in artikel V.9:
§ 4. Sous réserve de l'accord
préalable de la CBFA, les établissements
peuvent également calculer la valeur
exposée au risque des opérations suivantes
selon la méthode du modèle interne
décrite à l’article V.9 :
i)
ii)
iii)
iv)
afgeleide instrumenten;
retrocessieovereenkomsten;
opgenomen of verstrekte
grondstoffen- of effectenleningen;
margeleningstransacties;
v) transacties met uitgestelde
afwikkeling.
i) des instruments dérivés,
ii) des opérations de pension,
iii) des opérations de prêt ou
d'emprunt de titres ou de
produits de base,
iv) des opérations de prêts avec
appel de marge, et
v) des opérations à règlement
différé.
§ 5. Wanneer een instelling
protectie in de vorm van een
kredietderivaat koopt ter afdekking van
een
risicopositie
in
de
niethandelsportefeuille
of
van
een
wederpartijrisicopositie, mag zij haar
eigenvermogensvereisten
voor
het
afgedekte
activum
berekenen
overeenkomstig hoofdstuk 5, afdeling IV
of, mits de CBFA daarmee instemt,
overeenkomstig artikel VI.9, § 3 of
artikel VI.97.
§ 5. Lorsqu'un
établissement
achète une protection fondée sur des
dérivés de crédit contre une exposition
inhérente à des activités autres que de
négociation, ou contre une exposition de
crédit de contrepartie, il peut calculer ses
exigences de fonds propres afférentes à
l'actif
couvert
conformément
au
chapitre 5, section IV. ou, sous réserve de
l’accord de la CBFA, conformément à
l'article VI.9, § 3 ou à l'article VI.97.
In deze gevallen, en indien de optie die
wordt verleend door artikel IX.11,
tweede zin, niet wordt toegepast, wordt
de
risicopositiewaarde
wat
het
wederpartijrisico betreft voor deze
kredietderivaten op nul bepaald
Dans ces cas, et lorsque l’option prévue à
l’article IX.11, deuxième phrase, n’est pas
appliquée, la valeur exposée au risque en
ce qui concerne le risque de crédit de la
contrepartie pour ces dérivés de crédit est
fixée à zéro.
Een instelling mag er echter voor kiezen
om voor de berekening van de
eigenvermogensvereisten
voor
het
wederpartijrisico consequent rekening te
houden
met
alle
niet
in de
handelsportefeuille
opgenomen
kredietderivaten die zijn gekocht als
Toutefois, un établissement peut choisir
d’inclure de façon cohérente, aux fins du
calcul des exigences minimales de fonds
propres afférentes au risque de crédit de la
contrepartie, tous les dérivés de crédit non
inclus dans le portefeuille de négociation
et achetés pour servir de protection contre
95
protectie voor een risicopositie in de
niet-handelsportefeuille of voor een
wederpartijrisicopositie wanneer de
kredietprotectie op grond van dit
reglement is erkend.
une exposition inhérente à des activités
autres que de négociation ou contre une
exposition de crédit de contrepartie,
lorsque la protection du crédit est
reconnue en vertu du présent règlement.
De
wederpartijrisicopositiewaarde
afkomstig
uit
de
verkochte
kredietverzuimswaps
in
de
niethandelsportefeuille wordt, indien die
worden behandeld als door de instelling
verleende kredietprotectie en een
eigenvermogensvereiste
voor
kredietrisico geldt voor het volle
notionele bedrag, bepaald op nul.
La valeur exposée au risque de crédit de
contrepartie
résultant
de
contrats
d'échange sur défaut vendus hors
portefeuille de négociation, qui sont traités
comme une protection de crédit fournie
par l'établissement, et sous réserve d'une
exigence de fonds propres pour risque de
crédit couvrant la totalité du montant
notionnel, est fixée à zéro.
§ 6. Volgens alle in de
artikelen V.6 tot V.9 uiteengezette
methoden is de risicopositiewaarde voor
een bepaalde wederpartij gelijk aan de
som van de risicopositiewaarden die
worden berekend voor ieder samenstel
van verrekenbare transacties met die
wederpartij.
§6.
Dans toutes les méthodes
décrites aux articles V.6 à V.9, la valeur
exposée au risque pour une contrepartie
donnée est égale à la somme des valeurs
exposées au risque calculées pour chaque
ensemble de compensation conclu avec
cette contrepartie.
§ 7. Risicoposities
die
voortkomen
uit
transacties
met
uitgestelde afwikkeling kunnen worden
berekend volgens de methoden die
worden uiteengezet in de artikelen V.6
tot V.9, ongeacht de methode die is
gekozen voor de behandeling van
verrichtingen
in
afgeleide
buitenbeursinstrumenten,
retrocessieovereenkomsten, opgenomen
of
verstrekte
effectenof
grondstoffenleningen
en
margeleningstransacties.
§ 7. Les expositions liées aux
transactions à règlement différé peuvent
être calculées en utilisant l'une des
méthodes décrites aux articles V.6 à V.9,
quelles que soient les méthodes retenues
pour traiter les opérations de gré à gré sur
instruments dérivés, les opérations de
pension ainsi que de prêt et d'emprunt de
titres ou de produits de base et de prêt
avec appel de marge.
§ 8. Voor
de
methoden
vermeld in de artikelen V.6 en V.7 geldt
dat de instellingen ervoor moeten zorgen
dat de in aanmerking te nemen notionele
waarde een geschikte maatstaf is voor
het risico dat aan het contract verbonden
is. Indien bijvoorbeeld in het contract
een
vermenigvuldiging
van
de
kasstromen bepaald is, moet de notionele
waarde worden aangepast om rekening
te houden met de gevolgen van deze
§ 8. Pour les méthodes décrites
aux articles V.6 et V.7, les établissements
doivent s'assurer que le montant notionnel
à prendre en compte donne une indication
adéquate du risque inhérent au contrat. Si,
par exemple, le contrat prévoit une
multiplication des flux de trésorerie, le
montant notionnel doit être ajusté pour
tenir compte des effets de cette
multiplication sur la structure de risque de
ce contrat.
96
vermenigvuldiging
risicostructuur van
contract.
voor
de
het betrokken
§ 9. Voor
het
wederpartijrisico
kan
een
risicopositiewaarde van nul worden
toegekend aan derivatencontracten of
retrocessieovereenkomsten, transacties
inzake
verstrekte
of opgenomen
effectenof
grondstoffenleningen,
transacties met uitgestelde afwikkeling
en margeleningstransacties die uitstaan
bij een centrale wederpartij en die door
deze centrale wederpartij niet zijn
verworpen.
Voorts
kan
een
risicopositiewaarde van nul worden
toegekend aan kredietrisicoposities ten
aanzien van centrale wederpartijen die
voortkomen uit derivatencontracten,
retrocessieovereenkomsten, transacties
inzake
verstrekte
of opgenomen
effectenof
grondstoffenleningen,
transacties met uitgestelde afwikkeling
en margeleningstransacties of andere
risicoposities, zoals bepaald door de
CBFA, die de instelling heeft uitstaan bij
de
centrale
wederpartij.
De
wederpartijrisicoposities van de centrale
wederpartij ten aanzien van alle
deelnemers aan haar regelingen, worden
dagelijkse volledig door zekerheden
gedekt.
§ 9. En ce qui concerne le
risque de crédit de contrepartie, une
valeur exposée au risque de zéro peut être
attribuée aux contrats dérivés ou aux
opérations de pension, aux opérations de
prêt ou d'emprunt de titres ou de produits
de base, aux transactions à règlement
différé et aux opérations de prêt avec
appel de marge qui sont en cours avec
une contrepartie centrale et qui n'ont pas
été rejetées par celle-ci. En outre, une
valeur exposée au risque de zéro peut être
attribuée aux expositions de crédit
vis-à-vis de contreparties centrales qui
résultent de contrats dérivés, d'opérations
de pension, d'opérations de prêt ou
d'emprunt de titres ou de produits de base,
de transactions à règlement différé et
d'opérations de prêt avec appel de marge
ou autres expositions, déterminées par la
CBFA, qui sont en cours entre
l'établissement et la contrepartie centrale.
Les expositions de la contrepartie centrale
au risque de crédit de contrepartie envers
tous les participants aux accords conclus
sont intégralement et quotidiennement
couvertes par des sûretés.
Art. V.6
Art. V.6
Methode gebaseerd op de waardering Méthode de l’évaluation au prix de
marché
tegen marktwaarde
De risicopositiewaarde is gelijk
La valeur exposée au risque
aan de som van de volgende elementen : correspond à la somme des éléments
suivants :
1°. Premier élément : le coût de
1°. Eerste element : de actuele
vervangingskost op basis van de remplacement actuel sur la base de la
marktwaarde ("marking to market") van valeur de marché
("marking
to
de verrichtingen met een positieve market") des opérations à valeur positive ;
waarde;
2°. Second élément : l’exposition de
2°. Tweede element : het
potentieel toekomstig kredietrisico, i.e. crédit potentielle future, c'est-à-dire le
het
product
verkregen
door produit résultant de la multiplication du
97
principal notionnel ou de la valeur sousjacente de chacune des opérations en cours
par leur pourcentage respectif, sauf dans le
cas d’échanges de taux d’intérêt
«variable/variable» dans une même
devise, où seul le coût de remplacement
sera calculé.
vermenigvuldiging van de notionele
hoofdsom of van de onderliggende
waarde van elk van de uitstaande
verrichtingen met hun respectief
percentage, met uitzondering van op
eenzelfde munt betrekking hebbende
"floating floating-renteswaps" waarvoor
alleen de vervangingskost wordt
berekend.
Het percentage wordt als volgt bepaald Le pourcentage est déterminé comme suit,
sur la base de la durée résiduelle :
op basis van de resterende looptijd :
TABEL (3)
Rentecontracten
Contracten die
betrekking
hebben op
wisselkoersen of
goud
Contracten die
betrekking
hebben op
aande-len
Contracten die
betrekking
hebben
op
andere edele
metalen dan
goud
Contracten die
betrekking
hebben
op
andere
grondstof-fen
dan
edele
metalen (2)
Een jaar of 0 %
korter
1%
6%
7%
10 %
Een tot vijf 0,5 %
jaar
5%
8%
7%
12 %
Langer dan 1,5 %
vijf jaar
7,5 %
10 %
8%
15 %
Resterende
looptijd
(1)
TABLEAU (3)
Durée résiduelle
(1)
Contrats
sur taux
d'intérêt
Contrats sur
taux de
change et
sur or
Contrats
sur titres de
propriété
Contrats sur
métaux
précieux
autres que
l'or
Contrats sur
produits de
base autres
que les
métaux
précieux (2)
Un an ou moins
0%
1%
6%
7%
10 %
De plus d'un an à
cinq ans
0,5 %
5%
8%
7%
12 %
Plus de cinq
ans
1,5 %
7,5 %
10 %
8%
15 %
98
1) Voor verrichtingen die zo zijn gestructureerd
dat op gespecificeerde betalingsdata de
risicopositie wordt afgewikkeld, en waarvan
de voorwaarden zodanig worden herzien dat
de marktwaarde van de verrichting op deze
gespecificeerde data nihil is, is de resterende
looptijd gelijk aan de periode tot de volgende
herzieningsdatum. Voor verrichtingen op
rente die aan deze criteria voldoen en een
resterende looptijd van meer dan een jaar
hebben, mag het percentage evenwel niet
lager zijn dan 0,5 %.
(2) De
termijnverrichtingen
op
andere
grondstoffen dan edele metalen, alsook de
termijnverrichtingen die niet reeds tot een
van in de tabel vermelde categorieën behoren
en die van gelijke aard zijn, moeten hier
worden opgenomen (bv. termijnverrichtingen
op grondstoffen).
(3) Voor transacties waarbij de hoofdsom meer
dan eens wordt betaald, dienen de vermelde
percentages te worden vermenigvuldigd met
het resterende aantal betalingen dat volgens
het contract nog moet worden verricht.
(1) Pour les opérations qui sont structurées de
manière à régler le risque qui subsiste après
certaines dates de paiement déterminées et
dont les termes sont révisés de telle sorte que
leur valeur de marché soit, à ces dates,
ramenée à zéro, la durée résiduelle est égale à
la période restant à courir jusqu'à la prochaine
date de révision des termes. Dans le cas
d'opérations sur taux d'intérêt qui satisfont à
ces critères et dont la durée restant à courir est
supérieure à un an, le pourcentage ne peut
toutefois être inférieur à 0,5 %.
(2) Sont à reprendre ici les opérations à terme sur
produits de base autres que des métaux
précieux, ainsi que les opérations à terme qui
ne relèvent pas d'une autre catégorie
mentionnée dans le tableau et qui sont de
nature similaire (par exemple, les opérations à
terme sur produits de base).
(3) Pour les opérations prévoyant de multiples
échanges de principal, les pourcentages
mentionnés sont à multiplier par le nombre
de paiements restant à effectuer en vertu du
contrat.
Art V.7
Art. V.7
Oorspronkelijke vorderingsmethode
Méthode du risque initial
De risicopositiewaarde wordt berekend
door de notionele hoofdsommen van
ieder instrument te vermenigvuldigen
met de in de onderstaande tabel
genoemde percentages:
La valeur exposée au risque est
obtenue en multipliant le montant du
principal notionnel de chaque instrument
par les pourcentages inscrits dans le
tableau ci-dessous :
Looptijd (1)
TABEL
Rentecontracten
Contracten
die
betrekking
hebben op
wisselkoersen of
goud
Een jaar of
korter
0,5 %
2%
Langer dan
een jaar doch
niet langer
dan twee jaar
1%
5%
Verhoging
voor
ieder
jaar extra
1%
3%
99
TABLEAU
Échéance (1)
Contrats
sur taux
d'intérêt
Contrats
sur taux de
change et
sur or
Un an ou moins
0,5 %
2%
Plus d'un an et pas
plus de deux ans
1%
5%
Pour chaque année
supplémentaire
1%
3%
100
(1) Voor verrichtingen op valuta of goud, de
oorspronkelijke looptijd ; voor verrichtingen
op rente, de resterende looptijd.
(1) Pour les opérations sur devises ou sur or, la
durée initiale ; pour les opérations sur taux
d'intérêt, la durée résiduelle.
Art V.8
Art. V.8
Standaardmethode
Méthode standard
Berekeningswijze
Méthode de calcul
§ 1. De
standaardmethode
(SM) mag uitsluitend worden gebruikt
voor afgeleide buitenbeursinstrumenten
en
transacties
met
uitgestelde
afwikkeling. De risicopositie wordt
afzonderlijk berekend voor elk samenstel
van verrekenbare transacties. Zij wordt
als
volgt
bepaald,
zonder
inaanmerkingneming van zekerheden:
§ 1. La méthode standard (MS)
ne peut être appliquée qu'aux instruments
dérivés négociés de gré à gré et aux
transactions à règlement différé. La valeur
exposée au risque est calculée séparément
pour chaque ensemble de compensation.
Ce calcul est effectué net des sûretés,
conformément à la formule suivante:
Risicopositiewaarde =
Valeur exposée au risque =
* max CMV
CMC ;
RPT ij
j
i
RPC lj * CCRM j
l
101
où:
waarbij:
d.i. waarbij:
CMV = valeur de marché courante
du portefeuille des transactions
relevant
de
l’ensemble
de
compensation
avec
une
contrepartie sans prise en compte
des sûretés ;
c'est-à-dire où:
CMV
CMV
CMV = de actuele marktwaarde
van
de
portefeuille
van
transacties binnen het samenstel
van verrekenbare transacties
met de wederpartij;
CMVi
i
CMVi
i
CMVi is gelijk aan de actuele
marktwaarde van transactie i;
CMC is gelijk aan de actuele
marktwaarde van de zekerheden die aan
het
samenstel
van
verrekenbare
transacties zijn toegewezen;
d.i. waarbij:
CMC
CMCl
l
CMVi = valeur de marché courante de la
transaction i ;
CMC = valeur de marché courante des
sûretés affectées à l'ensemble de
compensation ;
c'est-à-dire où:
CMC
CMCl
l
waarbij CMCl gelijk is aan de actuele
marktwaarde van zekerheid l;
i = de index die verwijst naar de
transactie;
l = de index die verwijst naar de
zekerheden;
j = de index die verwijst naar de
categorie waartoe het samenstel van
afdekkingsinstrumenten behoort. Deze
samenstellen
van
afdekkingsinstrumenten
stemmen
overeen met risicofactoren waarvoor de
risicoposities met een tegengesteld teken
kunnen worden gesaldeerd zodat een
netto uitstaande positie wordt verkregen
waarop vervolgens de meting van de
risicopositie wordt gebaseerd;
CMCl = valeur de marché courante des
sûretés l;
i = indice désignant la transaction ;
l = indice désignant les sûretés ;
j = indice désignant la catégorie
d'ensemble de couverture. Ces ensembles
de couverture correspondent à des facteurs
de risque pour lesquels des positions en
risque de signe opposé peuvent être
compensées de façon à obtenir une
position en risque nette sur laquelle la
mesure de l’exposition peut ensuite être
fondée ;
RPTij = de uit
transactie
i RPTij = position en risque associée à la
voortvloeiende uitstaande positie met transaction i par rapport à l’ensemble de
betrekking tot het samenstel van couverture j ;
afdekkingsinstrumenten j;
RPClj = de uit
zekerheid
l RPClj = position en risque associée aux
voortvloeiende uitstaande positie met sûretés l compte tenu de l'ensemble de
betrekking tot het samenstel van couverture j ;
afdekkingsinstrumenten j;
CCRMj
=
de CCRMj = multiplicateur du risque de
102
wederpartijrisicovermenigvuldigingsfact crédit de contrepartie (CCR) visé au
or van de tabel in § 18 met betrekking tot tableau du §18 pour l’ensemble de
het
samenstel
van couverture j ;
afdekkingsinstrumenten j ;
= 1,4.
= 1,4.
Zekerheden die van een wederpartij
worden ontvangen, hebben een positief
teken.
Zekerheden die aan een
wederpartij worden verleend, hebben een
negatief teken.
Les sûretés reçues d'une contrepartie sont
affectées d'un signe positif. Les sûretés
données à une contrepartie sont affectées
d'un signe négatif.
Zekerheden die voor deze methode
worden erkend, vallen onder de
zekerheden die gegeven kunnen worden
in het kader van de artikelen V.23, § 3 en
IX.9.
Les sûretés reconnues dans le contexte de
cette méthode se limitent aux sûretés
éligibles conformément aux articles V. 23,
§3 et IX.9.
Berekening van de uitstaande positie
Calcul de la position en risque
§ 2. Wanneer een transactie
met een lineair risicoprofiel die op een
afgeleid
buitenbeursinstrument
betrekking heeft, voorziet in de levering
van een financieel instrument tegen
betaling, dan wordt de betaling het
betalingsgedeelte
“payment
leg”
genoemd. Transacties die voorzien in de
ruil van twee betalingen bestaan uit twee
betalingsgedeelten.
De
betalingsgedeelten
bestaan
uit
contractueel
overeengekomen
brutobetalingen, met inbegrip van het
notionele bedrag van de transactie. De
instellingen mogen voorbijgaan aan het
renterisico van betalingsgedeelten met
een resterende looptijd van minder dan
een jaar ten behoeve van de volgende
berekeningen. De instellingen mogen
transacties die bestaan uit twee
betalingsgedeelten die luiden in dezelfde
munt, zoals renteswaps, als één totale
transactie beschouwen. De procedure
voor betalingsgedeelten geldt voor de
totale transactie
§ 2. Lorsqu'une transaction de
gré à gré à profil de risque linéaire portant
sur un instrument dérivé prévoit l’échange
d’un instrument financier contre un
paiement, la partie de la transaction
afférente au paiement est appelée
«branche de paiement». Les transactions
prévoyant l’échange d’un paiement contre
un autre paiement consistent donc en deux
branches de paiement. Ces branches de
paiement correspondent aux paiements
bruts contractuellement convenus, y
compris le montant notionnel de la
transaction. Les établissements peuvent
faire abstraction du risque de taux d'intérêt
des branches de paiement dont l'échéance
courante est inférieure à un an aux fins des
calculs ci-après.
Les établissements
peuvent traiter les transactions consistant
en deux branches de paiement libellées
dans la même monnaie, par exemple les
swaps sur taux d'intérêt, comme une
transaction unique agrégée. Le traitement
des branches de paiement s'applique à la
transaction agrégée.
§ 3. Transacties met een
§ 3. Les transactions à profil de
lineair risicoprofiel waarbij aandelen risque linéaire ayant pour instrument
(met inbegrip van aandelenindexen), financier sous-jacent des actions (y
103
goud, andere edele metalen of andere
grondstoffen als onderliggend financieel
instrument fungeren, krijgen een
uitstaande positie in het desbetreffende
aandeel
(of
de
desbetreffende
aandelenindex) of de desbetreffende
grondstof (met inbegrip van goud en
andere edele metalen) toegewezen en
een uitstaande rentepositie voor het
betalingsgedeelte.
Indien
het
betalingsgedeelte in een vreemde munt
luidt, krijgt dit bovendien een uitstaande
positie in de desbetreffende munt
toegewezen.
compris des indices d’actions), de l’or,
d’autres métaux précieux ou d’autres
produits de base se voient attribuer une
position en risque sur l'action (ou l’indice
d'actions) ou le produit de base (y compris
l’or et les autres métaux précieux)
concerné(e), tandis que leur branche de
paiement se voit attribuer une position en
risque de taux d’intérêt. Si la branche de
paiement est libellée en devise, elle se
voit, en outre, attribuer une position en
risque libellée dans cette devise.
§ 4. Transacties met een
lineair
risicoprofiel
waarbij
een
schuldtitel als het onderliggende
instrument
fungeert,
krijgen een
uitstaande
rentepositie
voor
de
schuldtitel en een andere uitstaande
rentepositie voor het betalingsgedeelte
toegewezen. Bij transacties met een
lineair risicoprofiel die voorzien in de
ruil van twee betalingen (met inbegrip
van valutatermijntransacties), krijgt elk
van beide betalingsgedeelten aan een
uitstaande rentepositie toegewezen.
Indien de onderliggende schuldtitel in
een vreemde munt luidt, krijgt de
schuldtitel een uitstaande positie in de
desbetreffende munt toegewezen. Indien
een betalingsgedeelte in een vreemde
munt luidt, krijgt ook dit een uitstaande
positie in de desbetreffende munt
toegewezen. Aan de post die uit een
valutabasisswap voortvloeit, wordt een
waarde van nul toegekend.
§ 4. Les transactions à profil de
risque linéaire ayant pour instrument
financier sous-jacent un titre de créance se
voient attribuer une position en risque de
taux d’intérêt pour ce titre de créance et
une autre position en risque de taux
d’intérêt pour la branche de paiement. Les
transactions à profil de risque linéaire
prévoyant l’échange d'un paiement contre
un autre paiement (y compris les contrats
de change à terme) se voient attribuer une
position en risque de taux d'intérêt pour
chacune de leurs branches de paiement. Si
le titre de créance sous-jacent est libellé en
devise, il se voit attribuer une position en
risque libellée dans cette devise. Si la
branche de paiement est libellée en devise,
elle se voit également attribuer une
position en risque libellée dans cette
devise. Toute opération de swap de
change de base reçoit une valeur exposée
au risque de zéro.
§ 5. Behalve
voor
schuldtitels is de omvang van een
uitstaande positie die voortvloeit uit een
transactie met een lineair risicoprofiel
gelijk aan de effectieve notionele waarde
(marktprijs maal hoeveelheid) van de
onderliggende financiële instrumenten
(met
inbegrip
van grondstoffen)
omgerekend in de nationale munt van de
instelling.
§ 5. La mesure de la position
en risque associée à une transaction à
profil de risque linéaire correspond à la
valeur notionnelle effective (prix de
marché x quantité) des instruments
financiers sous-jacents (produits de base
compris), telle que convertie dans la
monnaie domestique de l'établissement,
sauf dans le cas des titres de créance.
104
§ 6. Voor schuldtitels en
betalingsgedeelten is de omvang van de
uitstaande positie gelijk aan de effectieve
notionele waarde van de niet-vervallen
brutobetalingen (inclusief het notionele
bedrag) omgerekend in de nationale
munt van de instelling, vermenigvuldigd
met
de
gewijzigde
duur
van,
respectievelijk, de schuldtitel of het
betalingsgedeelte.
§ 6. Pour les titres de créance et
les branches de paiement, la mesure de la
position en risque correspond à la valeur
notionnelle effective des paiements bruts
non échus (montant notionnel compris),
telle que convertie dans la monnaie
nationale
de
l’établissement,
puis
multipliée par la duration modifiée du titre
de créance ou de la branche de paiement,
selon le cas.
§ 7. De omvang van een
uitstaande positie die voortvloeit uit een
kredietverzuimswap is de notionele
waarde van de als referentie fungerende
schuldtitel vermenigvuldigd met de
resterende
looptijd
van
de
kredietverzuimswap.
§ 7. La mesure de la position
en risque associée à un contrat d’échange
sur défaut (credit default swap) correspond
à la valeur notionnelle du titre de créance
de référence, multipliée par l’échéance
résiduelle du contrat d’échange sur défaut.
§ 8. De omvang van een
uitstaande positie die voortvloeit uit een
afgeleid buitenbeursinstrument met een
niet-lineair risicoprofiel (met inbegrip
van opties en swaptions), is gelijk aan
het deltaequivalent van de effectieve
notionele waarde van het onderliggende
financiële instrument van de transactie,
behalve indien het gaat om een
onderliggende schuldtitel.
§ 8. La mesure de la position
en risque associée à un instrument dérivé
négocié de gré à gré et à profil de risque
non linéaire (y compris les options et les
options sur swaps) est égale à l’équivalent
delta de la valeur notionnelle effective de
l'instrument financier sous-jacent à la
transaction, sauf si le sous-jacent est un
titre de créance.
§ 9. De omvang van een
uitstaande positie die voortvloeit uit een
afgeleid buitenbeursinstrument met een
niet-lineair risicoprofiel (met inbegrip
van opties en swaptions) waarvan de
onderliggende waarde een schuldtitel of
een betalingsgedeelte is, is gelijk aan het
deltaequivalent van de effectieve
notionele waarde van het financiële
instrument of het betalingsgedeelte
vermenigvuldigd met de gewijzigde
looptijd
van,
respectievelijk,
de
schuldtitel of het betalingsgedeelte.
§ 9. La mesure de la position
en risque associée à un instrument dérivé
négocié de gré à gré et à profil de risque
non linéaire (y compris les options et les
options sur swaps) ayant pour sous-jacent
un titre de créance ou une branche de
paiement est égale à l'équivalent delta de
la valeur notionnelle effective de ce titre
de créance ou de cette branche de
paiement, multipliée par la duration
modifiée du titre de créance ou de la
branche de paiement, selon le cas.
§ 10. Voor de vaststelling van
uitstaande posities worden van een
wederpartij
ontvangen
zekerheden
behandeld als een claim op de
wederpartij
krachtens
een
derivatencontract (lange positie) die
§ 10. Pour la détermination des
positions en risque, les sûretés reçues
d'une contrepartie doivent être traitées
comme des créances sur la contrepartie au
titre d'un contrat sur instrument dérivé
(position longue) venant à échéance le
105
vandaag vervalt, terwijl uitgegeven
zekerheden behandeld worden als een
verplichting aan de wederpartij (korte
positie), die vandaag vervalt.
jour même, alors que les sûretés données
sont à traiter comme des obligations à
l'égard de la contrepartie (position courte)
venant à échéance le jour même.
§ 11. De instellingen mogen
de volgende formules gebruiken om de
omvang en de aard van een uitstaande
positie te bepalen:
a) Voor alle andere
instrumenten dan schuldtitels:
§ 11. Les établissements peuvent
utiliser les formules suivantes pour
déterminer la taille et le signe d'une
position en risque:
a) Pour
tous
les
instruments autres que les titres de
créance:
effectieve
notionele
deltaequivalent =
p ref
waarde
V
p
of valeur notionnelle effective ou équivalent
delta =
V
p ref
p
waarbij
où:
Pref = waarde van het onderliggend Pref = prix de l'instrument sous-jacent,
instrument
uitgedrukt
in
de exprimé dans la monnaie de référence;
referentiemunt;
V = waarde van het financieel
instrument (in het geval van een optie:
prijs van de optie; in het geval van een
transactie met een lineair risicoprofiel:
waarde van het onderliggend instrument
zelf);
p = waarde van het onderliggend
instrument, uitgedrukt in dezelfde munt
als V;
b) Voor de schuldtitels
en
betalingsgedeelden
van
alle
transacties:
effectieve
notionele
waarde
vermenigvuldigd met de modified
duration, of
deltaequivalent in notionele waarde,
vermenigvuldigd met de modified
duration
V
r
waarbij:
V = waarde van het financieel
instrument (in het geval van een optie:
prijs van de optie; in het geval van een
transactie met een lineair risicoprofiel:
V = valeur de l'instrument financier (s'il
s'agit d'une option: prix de l'option; s'il
s'agit d'une transaction à profil de risque
linéaire: valeur de l'instrument sous-jacent
lui-même);
p = prix de l'instrument sous-jacent,
exprimé dans la même monnaie que V;
b) Pour les titres de
créance et les branches de paiement de
toutes les transactions:
valeur notionnelle effective multipliée par
la duration modifiée, ou
équivalent delta en valeur notionnelle
multiplié par la duration modifiée
V
r
où:
V = valeur de l'instrument financier (dans
le cas d'une option: prix de l'option; dans
le cas d'une transaction à profil de risque
linéaire: valeur de l'instrument sous-jacent
106
respectievelijk
waarde
van
het
onderliggend instrument zelf of van het
betalingsgedeelte);
ou de la branche de paiement, suivant le
cas);
r = renteniveau.
r = taux d'intérêt.
Als V wordt uitgedrukt in een andere
munt dan de referentiemunt, moet het
derivaat worden omgezet in de
referentiemunt door vermenigvuldiging
met de relevante wisselkoers.
Si V est libellé dans une monnaie autre
que la monnaie de référence, l'instrument
dérivé doit être converti dans la monnaie
de référence en appliquant le taux de
change pertinent.
§ 12. De uitstaande posities
worden gegroepeerd in samenstellen van
afdekkingsinstrumenten.
Voor
elk
samenstel van afdekkingsinstrumenten
wordt de nettorisicopositie (d.i. het
absolute bedrag van de som van de
resulterende risicoposities) berekend, en
weergegeven door:
§ 12. Les positions en risque
sont regroupées par ensembles de
couverture. Pour chaque ensemble de
couverture, on calcule la position en
risque nette, c’est-à-dire la valeur absolue
de la somme des positions en risque
résultantes. Cette position en risque nette
est représentée par
RPTij
i
RPClj
RPTij
l
in de formules
paragraaf 1.
i
zoals
bedoeld
RPClj
l
in dans les formules reprises au § 1.
§ 13. Voor
uitstaande
renteposities die voortvloeien uit
gelddeposito's die van een wederpartij
als zekerheid zijn ontvangen, uit
betalingsgedeelten en onderliggende
schuldtitels, waarop volgens artikel
IX.25 een eigenvermogensvereiste van
ten hoogste 1,60% van toepassing is, zijn
er
zes
samenstellen
van
afdekkingsinstrumenten voor elke munt,
zoals geschetst in de tabel hieronder.
Samenstellen
van
afdekkingsinstrumenten
worden
gedefinieerd door middel van een
combinatie van de criteria "looptijd" en
"referentierentetarieven".
§ 13. Pour les positions en risque
de taux d’intérêt associées aux dépôts
d'espèces reçus d'une contrepartie à titre
de sûreté, aux branches de paiement et aux
titres de créance sous-jacents auxquels
s’applique une exigence de fonds propres
inférieure ou égale à 1,60 %
conformément à l’article IX.25, on
distingue, dans chaque monnaie, six
ensembles de couverture exposés dans le
tableau ci-dessous. Ces ensembles de
couverture sont définis par une
combinaison des facteurs «échéance» et
«taux d’intérêt référencés».
107
Tabel
Rentetarieven
waarvoor
rente
op
overheidspapier
als
referentierentetarief
fungeert
Looptijd
Looptijd
Looptijd
Rentetarieven
waarvoor
rente
op
nietoverheidspapier als
referentierentetarief
fungeert
<= 1 jaar
<= 1 jaar
> 1 jaar - <= > 1 jaar - <=
5 jaar
5 jaar
> 5 jaar
> 5 jaar
Tableau:
Taux
d’intérêt
référencés
par rapport
aux taux du
secteur
public
Taux
d’intérêt
référencés
par rapport à
un autre taux
Echéance
<= 1 an
<= 1 an
Echéance
>1an - <= >1an
5ans
5ans
Echéance
>5 ans
-
<=
>5 ans
§ 14. Voor
uitstaande
renteposities die voortvloeien uit
onderliggende
schuldtitels
of
betalingsgedeelten en waarvan het
rentetarief gekoppeld is aan een
referentierentetarief dat een algemeen
marktrenteniveau weerspiegelt, is de
resterende looptijd gelijk aan de duur
van het tijdsinterval tot de volgende
aanpassing van het rentetarief. In alle
overige gevallen is hij gelijk aan de
resterende looptijd van de onderliggende
schuldtitel of, in het geval van een
betalingsgedeelte, de resterende looptijd
van de transactie.
§ 14. Pour les positions en risque
de taux d’intérêt associées à des titres de
créance sous-jacents ou à des branches de
paiement pour lesquels le taux d’intérêt est
lié à un taux d’intérêt de référence
représentatif du niveau général des taux
sur le marché, l’échéance résiduelle
correspond à la durée de l’intervalle
restant à courir jusqu'au prochain
réajustement du taux d'intérêt. Dans tous
les autres cas, elle correspond à la durée
de vie résiduelle du titre de créance sousjacent ou, pour une branche de paiement, à
la durée de vie résiduelle de la transaction.
§ 15. Er is één samenstel van
afdekkingsinstrumenten
voor
elke
uitgevende
instelling
van
een
referentieschuldtitel
die
als
onderliggende
waarde
van
een
kredietverzuimswap
fungeert.
Korfkredietverzuimswaps voor het n-de
kredietverzuim worden als volgt
behandeld:
§ 15. Il y a un seul ensemble de
couverture pour chaque émetteur d’un titre
de créance de référence sous-jacent à un
contrat d’échange sur défaut. Les contrats
d’échange sur défaut " au énième défaut "
fondés sur un panier d’instruments sont
traités comme suit :
a)
de omvang van een
risicopositie in een referentieschuldtitel
in een korf die als onderliggende waarde
van een kredietverzuimswap voor het nde kredietverzuim fungeert, is de
effectieve notionele waarde van de
referentieschuldtitel, vermenigvuldigd
a)
la mesure de la position en
risque pour un titre de créance de
référence dans un panier sous-jacent à un
contrat d’échange sur défaut " au énième
défaut " correspond à la valeur notionnelle
effective du titre de créance de référence,
multipliée par la duration modifiée du
108
met de gewijzigde duur van het n-de dérivé " au énième défaut " en ce qui
kredietverzuimderivaat als gevolg van concerne une variation de la marge de
crédit du titre de créance de référence
een verandering in de creditspread
b)
er is één samenstel van
afdekkingsinstrumenten
voor
elke
referentieschuldtitel in een korf die als
onderliggende waarde van een bepaalde
kredietverzuimswap voor het n-de
kredietverzuim fungeert; de uitstaande
posities
die
uit
verschillende
kredietverzuimswaps voor het n-de
kredietverzuim voortvloeien, worden
niet in hetzelfde samenstel van
afdekkingsinstrumenten opgenomen;
b)
il y a un seul ensemble de
couverture pour chaque titre de créance de
référence dans un panier sous-jacent à un
contrat d’échange sur défaut " au énième
défaut " ; les positions en risque associées
à différents contrats d’échange sur défaut
" au énième défaut " ne sont pas comprises
dans le même ensemble de couverture ;
c)
de
wederpartijrisicovermenigvuldigingsfactor voor elk samenstel van
afdekkingsinstrumenten voor een van de
referentieschuldtitels van een derivaat
voor het n-de kredietverzuim bedraagt
0,3 % voor referentieschuldtitels die van
een door de CBFA krachtens dit
reglement
erkende
EKBI
een
kredietbeoordeling hebben gekregen die
overeenkomt
met
kredietwaardigheidscategorie 1 tot 3, en
0,6 % voor andere schuldinstrumenten.
c)
le multiplicateur du risque
de crédit de contrepartie applicable à
chaque ensemble de couverture créé pour
l’un des titres de créance de référence d’un
dérivatif " au énième défaut " est égal à
0,3 % pour les titres de créance de
référence qui ont une évaluation de crédit
établie par un OEEC reconnu par la CBFA
en vertu du présent règlement équivalente
à un échelon 1 à 3 de qualité de crédit, et
est égal à 0,6 % pour les autres titres de
créance.
§ 16. Voor
uitstaande
renteposities die voortvloeien uit
gelddeposito's die bij een wederpartij als
zekerheid
worden
ondergebracht,
wanneer
deze
wederpartij
geen
schuldverplichtingen van een laag
specifiek risico en uit onderliggende
schuldtitels heeft, waarop volgens
artikel IX.25 van titel IX
een
eigenvermogensvereiste van meer dan
1,60% van toepassing is, is er een
samenstel van afdekkingsinstrumenten
voor elke uitgevende instelling. Wanneer
een betalingsgedeelte is geënt op zulk
een schuldtitel, is er eveneens een
samenstel van afdekkingsinstrumenten
voor elke uitgevende instelling van de
referentieschuldtitel. De instellingen
mogen
uitstaande
posities
die
voortvloeien uit schuldtitels van een
§ 16. S’agissant des positions en
risque de taux d’intérêt associées aux
dépôts d'espèces confiés à titre de sûreté à
une contrepartie lorsque celle-ci n'a pas
d'obligation à faible risque spécifique à
payer en cours ainsi que des positions
associées à des titres de créance, auxquels
s’applique une exigence de fonds propres
supérieure à 1,60 % conformément à
l’article IX.25 du titre IX, il y a un seul
ensemble de couverture par émetteur.
Lorsque des branches de paiement imitent
de tels titres de créance, il y a également
un seul ensemble de couverture pour
chaque émetteur d'un titre de créance de
référence. Les établissements peuvent
attribuer à un même ensemble de
couverture les positions en risque
découlant des titres de créance d’un
émetteur donné ou des titres de créance de
109
bepaalde uitgevende instelling of uit
referentieschuldtitels
van
dezelfde
uitgevende
instelling
waarop
betalingsgedeelten zijn geënt of die als
onderliggende
waarde
van
een
kredietverzuimswap
fungeren,
in
hetzelfde
samenstel
van
afdekkingsinstrumenten onderbrengen
référence d’un même émetteur qui sont
imités par des branches de paiement ou
qui sont sous-jacents à un contrat
d'échange sur défaut.
§ 17. Andere onderliggende
financiële instrumenten dan schuldtitels
worden alleen in dezelfde respectieve
samenstellen
van
afdekkingsinstrumenten ondergebracht
indien het identieke of vergelijkbare
instrumenten betreft. In alle andere
gevallen worden zij in afzonderlijke
samenstellen
van
afdekkingsinstrumenten ondergebracht.
De
vergelijkbaarheid
van
de
instrumenten wordt als volgt vastgesteld:
§ 17. Les instruments financiers
sous-jacents autres que des titres de
créance sont respectivement affectés à un
même ensemble de couverture à la
condition d’être identiques ou similaires.
Dans tous les autres cas, ils sont affectés à
des ensembles de couverture distincts. La
similarité des instruments est établie
comme suit:
- wat
aandelen
betreft,
zijn
vergelijkbare
instrumenten,
instrumenten
van
dezelfde
uitgevende
instelling.
Een
aandelenindex wordt als een
afzonderlijke uitgevende instelling
behandeld;
- dans le cas d’actions, sont similaires
des instruments émis par le même
émetteur. Un indice d’actions est
traité comme un émetteur distinct ;
- wat edele metalen betreft, zijn
vergelijkbare
instrumenten,
instrumenten van hetzelfde metaal.
Een index voor edele metalen wordt
als een afzonderlijk edel metaal
behandeld;
- dans le cas des métaux précieux, sont
similaires des instruments portant sur
un même métal. Un indice de métaux
précieux est traité comme un métal
précieux distinct ;
- wat elektrische energie betreft, zijn
vergelijkbare
instrumenten
de
leveringsrechten en verplichtingen
die verwijzen naar hetzelfde piekof dallaadtijdinterval binnen een
periode van 24 uur; en
- dans le cas de l’électricité, les
instruments semblables sont les
droits et obligations de fourniture
afférents à la même période de
charge (pic ou creux) sur une période
de 24 heures ; et
- wat grondstoffen betreft, zijn
vergelijkbare
instrumenten,
instrumenten
van
dezelfde
grondstof. Een grondstoffenindex
wordt
als een afzonderlijke
grondstof behandeld.
- dans le cas des produits de base, sont
similaires des instruments portant sur
un même produit de base. Un indice
de produits de base est traité comme
un produit de base distinct.
110
§ 18. De wederpartijrisicovermenigvuldigingsfactoren
(CCR
multipliers – CCRM) voor de
verschillende
categorieën
van
samenstellen
van
afdekkingsinstrumenten
worden
vastgelegd zoals in de onderstaande tabel
is aangegeven:
Tabel:
Categorieën
van CCR
samenstellen
van
afdekkingsinstrumenten
1. Rentetarieven
0,2 %
2. Rentetarieven voor 0,3 %
uitstaande posities die
voortvloeien uit een
referentieschuldtitel die
als
onderliggende
waarde
van
een
kredietverzuimswap
fungeert en waarop
volgens artikel IX.25
een
eigenvermogensvereiste
van ten hoogste 1,60%
van toepassing is
3. Rentetarieven voor
uitstaande posities die
voortvloeien uit een
schuldtitel
of
een
referentieschuldtitel
waarop
volgens
artikel IX.25
een
eigenvermogensvereiste
van meer dan 1,60 %
van toepassing is
4. Wisselkoersen
5. Elektrische energie
6. Goud
7. Aandelen
8. Edele metalen (met
uitzondering van goud)
9. Andere
grondstoffen (exclusief
edele
metalen
en
elektrische energie)
0,6 %
2,5 %
4,0 %
5,0 %
7,0 %
8,5 %
10,0 %
§ 18. Les multiplicateurs du
risque de crédit de contrepartie (CCR
multipliés, CCRM) applicables aux
différents ensembles de couverture sont
indiqués dans le tableau ci-dessous:
Tableau:
Catégorie d'ensembles
de couverture
1. Taux d'intérêt
2. Taux d’intérêt en cas
de positions en risque
associées à un titre de
créance de référence qui
est sous-jacent à un
contrat d'échange sur
défaut et qui fait l'objet
d'une exigence de fonds
propres inférieure ou
égale
à
1,60
%
conformément à l’article
IX.25
3. Taux d’intérêt en cas
de positions en risque
associées à un titre de
créance ou à un titre de
créance de référence
faisant l'objet d'une
exigence
de
fonds
propres supérieure à
1,60 % conformément à
l’article IX.25
4. Taux de change
5. Électricité
6. Or
7. Actions
8. Métaux précieux (sauf
or)
9. Produits de base
autres
que
métaux
précieux et électricité
10. Instruments sousjacents à des instruments
dérivés négociés de gré à
gré ne relevant d’aucune
des catégories ci-dessus
CCR
0,2 %
0,3 %
0,6 %
2,5 %
4,0 %
5,0 %
7,0 %
8,5 %
10,0 %
10,0 %
111
10. Tot geen enkele van 10,0%
de
bovengenoemde
categorieën behorende
onderliggende
instrumenten
van
afgeleide
buitenbeursinstrumenten
Onderliggende instrumenten van OTCderivaten als bedoeld in punt 10 van de
bovenstaande
tabel,
worden
in
afzonderlijke
samenstellen
van
afdekkingsinstrumenten ondergebracht,
waarbij elk verschillend onderliggend
financieel instrument in een apart
samenstel wordt ondergebracht.
Les instruments financiers sous-jacents à
des instruments dérivés négociés de gré à
gré, tels que visés au tableau ci-dessus,
point 10, sont affectés à des ensembles de
couverture distincts pour chaque catégorie
d'instruments financiers sous-jacents.
§ 19. Er kunnen transacties
met een niet-lineair risicoprofiel
voorkomen waarvoor de instelling geen
delta of, in het geval waarin schuldtitels
of betalingsgedeelten als onderliggende
waarde fungeren, geen modified duration
kan bepalen met behulp van een model
dat door de CBFA is goedgekeurd voor
de bepaling van de minimum
eigenvermogensvereisten
voor
het
marktrisico. In dergelijke gevallen dient
de in artikel V.6 beschreven methode te
worden toegepast. Netting wordt niet in
aanmerking
genomen,
d.w.z.
de
risicopositiewaarde wordt bepaald alsof
er een samenstel van verrekenbare
transacties bestaat dat enkel de
betreffende transactie behelst.
§ 19. Pour les transactions à
profil de risque non linéaire ou les
branches de paiement et les transactions
ayant des titres de créance pour sousjacents pour lesquelles l’établissement ne
peut déterminer, respectivement, le delta
ou la duration modifiée en utilisant un
modèle approuvé par la CBFA aux fins du
calcul des exigences minimales de fonds
propres pour risque de marché, il est fait
usage de la méthode présentée à
l’article V.6. Le netting n’est pas reconnu,
c'est-à-dire que la valeur exposée au risque
est déterminée comme s'il s'agissait d'un
ensemble de compensation ne comprenant
que la transaction considérée.
§ 20. Een instelling beschikt
over interne procedures om te verifiëren
of een transactie valt onder een in rechte
uitvoerbare nettingovereenkomst die aan
de toepasselijke vereisten van artikel
V.10
voldoet,
voordat
zij
de
desbetreffende
transactie
in
het
samenstel van verrekenbare transacties
opneemt.
§ 20. Un établissement dispose
de procédures internes lui permettant de
vérifier, préalablement à l’inclusion d’une
transaction dans un ensemble de
compensation, que celle-ci est couverte
par un accord de netting exécutoire qui
satisfait aux exigences applicables
exposées à l’article V.10.
§ 21. Een
instelling
die
§ 21. Un
établissement
qui
gebruik maakt van zekerheden om haar recourt à des sûretés pour atténuer son
wederpartijrisicopositie te verminderen, exposition de crédit de contrepartie
beschikt over interne procedures om te dispose de procédures internes lui
112
verifiëren of een zekerheid aan de
rechtszekerheidseisen van hoofdstuk 5
van deze titel voldoet voordat zij het
effect van de desbetreffende zekerheid in
haar berekeningen meeneemt.
permettant de vérifier, préalablement à la
prise en compte de ces sûretés dans ces
calculs, que celles-ci satisfont aux normes
de sécurité juridique exposées au
chapitre 5 du présent titre.
Art V.9
Art. V.9
Internemodellenmethode
Méthode modèle interne
Algemene beginselen
Principes généraux
§ 1. Als de CBFA daarvoor
toestemming verleent, mogen de
instellingen de internemodellenmethode
(IMM)
gebruiken
om
de
risicopositiewaarde te berekenen voor de
in artikel V.5, § 1 bedoelde transacties,
voor de in artikel V.5, § 4, ii), iii) en iv)
bedoelde transacties of voor de in
artikel V.5, § 4, i) tot iv) bedoelde
transacties. In elk van deze gevallen
mogen ook de in artikel V.5, § 4 v)
bedoelde transacties worden opgenomen.
In afwijking van het bepaalde in
artikel V.5, § 3, mogen de instellingen
besluiten deze methode niet toe te passen
indien het risico onbestaand of te
verwaarlozen is. Om de IMM toe te
passen voldoet een instelling aan de
§ 1. Sous réserve de l'accord de
la CBFA, les établissements peuvent
utiliser la méthode du modèle interne
(MMI) pour calculer la valeur exposée au
risque des transactions de l’article V.5, §1,
ou pour les transactions de l’article V.5,
§4 ii), iii) et iv), ou pour les transactions
de l’article V.5, §4 i) à iv). Dans chacun
de ces cas, les transactions visées à
l’article V.5, §4 v), peuvent également se
voir appliquer cette méthode. Nonobstant
l’article V .5, §3, les établissements
peuvent décider de ne pas appliquer cette
méthode lorsque le risque est inexistant ou
insignifiant. Pour l'application de la
méthode du modèle interne, les
établissements satisfont aux exigences
énoncées ci-après.
onderstaande vereisten.
§ 2. Als de CBFA daarvoor
toestemming verleent, mag de IMM
stapsgewijze voor verschillende soorten
transacties worden toegepast. Gedurende
deze periode mogen de instellingen de in
artikel V.6 of V.8 bedoelde methoden
gebruiken.
§ 2. Sous réserve de l'accord de
la CBFA, l'application de la MMI peut
s'effectuer par séquences pour différents
types de transactions.
Durant cette
période, les établissements peuvent
appliquer les méthodes visées à
l’article V.6 ou V.8.
In afwijking van het bepaalde in de rest Nonobstant le reste du présent article, les
van dit artikel, hoeven de instellingen établissements ne sont pas tenus d'utiliser
geen gebruik te maken van een bepaald un modèle spécifique.
soort model.
§ 3. Voor alle afgeleide
OTC-transacties en transacties met
uitgestelde afwikkeling waarvoor een
instelling geen toestemming heeft
ontvangen om de IMM te gebruiken,
§ 3. Pour toutes les transactions
sur instruments dérivés négociés de gré à
gré et pour les transactions à règlement
différé pour lesquelles l'établissement n'a
pas reçu l'autorisation d'utiliser la MMI, il
113
gebruikt zij de in artikel V.6 of V.8
bedoelde methoden. Het gecombineerde
gebruik van beide methoden is
toegestaan op permanente basis binnen
een groep. Het gecombineerde gebruik
van beide methoden binnen een
rechtspersoon is slechts toegestaan
wanneer een van de methoden wordt
gebruikt voor de in artikel V.8, § 19
uiteengezette gevallen.
applique les méthodes visées à l’article
V.6 ou V.8. L'application combinée de
ces deux méthodes est autorisée de
manière permanente au sein d'un groupe.
L'utilisation combinée des deux méthodes
au sein d'une entité juridique n'est
autorisée que si l'une des méthodes est
utilisée pour les cas prévus à l’article V.8,
§ 19.
§ 4. Instellingen
die
toestemming hebben gekregen om de
IMM te gebruiken, keren niet terug tot
het gebruik van de in artikel V.6 of V.8
bedoelde methoden, tenzij om behoorlijk
gemotiveerde
redenen
en
mits
toestemming van de CBFA. Wanneer
een instelling niet langer voldoet aan de
in dit deel vastgelegde vereisten, legt zij
onverwijld een herstelplan voor aan de
CBFA, of toont zij aan dat de impact van
niet-naleving verwaarloosbaar is.
§ 4. Les établissements qui ont
obtenu l'autorisation d'appliquer la MMI
ne peuvent revenir aux méthodes visées à
l’article V.6 ou V.8 sauf motif dûment
justifié et sous réserve de l'accord de la
CBFA. Si un établissement cesse de se
conformer aux exigences énoncées dans la
présente partie, il soumet à la CBFA un
plan de retour à la conformité dans un
délai raisonnable ou prouve que son
inobservation est sans effet notable.
Berekening van de risicopositiewaarde
Calcul de la valeur exposée au risque
§ 5. De risicopositiewaarde
wordt gemeten op het niveau van het
samenstel van verrekenbare transacties.
Het
model
specificeert
de
prognoseverdeling voor veranderingen in
de marktwaarde van het samenstel van
verrekenbare transacties die toe te
schrijven zijn aan veranderingen in
marktvariabelen zoals rentetarieven,
wisselkoersen enz. Vervolgens berekent
het model de uit het samenstel van
verrekenbare transacties voortvloeiende
risicopositiewaarde in het licht van de
veranderingen in de marktvariabelen op
elke datum in de toekomst. In het geval
van
wederpartijen
met
margeverplichtingen kan het model ook
met toekomstige overdrachten van
zekerheden rekening houden.
§ 5.
La valeur exposée au
risque est mesurée au niveau de l'ensemble
de compensation. Le modèle établit la
distribution prévisionnelle des fluctuations
de la valeur de marché de l'ensemble de
compensation qui sont imputables aux
fluctuations de variables de marché telles
que les taux d'intérêt et les taux de change.
Il calcule ensuite la valeur exposée au
risque de l'ensemble de compensation à
toute date future, compte tenu des
fluctuations des variables de marché.
Pour les contreparties couvertes par une
sûreté en vertu d'un accord de marge, le
modèle peut également tenir compte des
évolutions futures de cette sûreté.
§ 6. De instellingen mogen
§ 6. Les établissements peuvent
een toelaatbare financiële zekerheid, tenir compte des sûretés financières
zoals bedoeld in artikel V.23, § 3 en in éligibles
telles
que
définies
à
artikel IX.9,
opnemen in hun
114
prognoseverdeling voor veranderingen in
de marktwaarde van het samenstel van
verrekenbare transacties, indien wordt
voldaan
aan
de
kwantitatieve,
kwalitatieve en informatievereisten voor
de IMM voor wat betreft de zekerheid.
l’article V.23, §3, et celles visées à
l’article IX.9 dans leur distribution
prévisionnelle concernant les fluctuations
de la valeur de marché de l'ensemble de
compensation à condition que la sûreté
réponde aux exigences quantitatives,
qualitatives et en matière d'information
prévues pour la MMI.
§ 7. De risicopositiewaarde
§ 7. La valeur exposée au
wordt berekend als het product van de risque est calculée comme étant égale au
factor
en de effectieve verwachte produit du facteur et de l’exposition
positieve risicopositie (effectieve EPE):
positive
anticipée
effective
(Effective EPE):
Risicopositiewaarde =
EPE
exposée
× effectieve valeur
x Effective EPE
waarbij:
alfa ( ) gelijk is aan 1,4 al kan de
CBFA een hogere
opleggen, en de
effectieve
EPE
wordt
berekend
uitgaande van de veronderstelling dat de
verwachte
risicopositie
(EEt)
overeenstemt met de gemiddelde
risicopositie op een toekomstige datum t,
waarbij het gemiddelde gebaseerd wordt
op de mogelijke toekomstige waarden
van de relevante marktrisicofactoren.
Het interne model raamt EE op een reeks
toekomstige data t1, t2, t3, enz.
au
risque
=
où
alpha ( ) est égal à 1.4, la CBFA
pouvant toutefois exiger une valeur
supérieure, et l’exposition positive
anticipée effective (Effective EPE) est
calculée en partant de l’hypothèse que
l’exposition anticipée (expected exposure
EEt) correspond à l’exposition moyenne à
une date future t, cette moyenne étant
basée sur les valeurs futures possibles des
facteurs de risque de marché pertinents.
Le modèle interne estime EE à une série
de dates futures t1, t2, t3, etc.
§ 8. De effectieve EE wordt
§ 8. L’exposition
anticipée
recursief berekend op de volgende wijze: effective (Effective EE) est calculée par
récurrence, comme suit:
Effectieve EEtk = max(effectieve EEtk1; EEtk)
waarbij:
de actuele datum aangeduid wordt als t0
en de effectieve EEt0 gelijk is aan de
actuele risicopositie op t0.
Effective EEtk = max (Effective EEtk-1;
EEtk)
où
t0 désigne la date actuelle et où
l’exposition anticipée effective à t0
(Effective EEt0) est égale à l’exposition
actuelle.
§ 9. Hierbij is de effectieve
EPE gelijk aan de gemiddelde effectieve
EE tijdens het eerste jaar van het
toekomstige risico. Indien alle contracten
die tot het samenstel van verrekenbare
transacties behoren, binnen een jaar
vervallen, is de EPE het gemiddelde van
§ 9. A cet égard, l’exposition
positive anticipée effective (Effective
EPE) correspond à la valeur moyenne de
l’exposition anticipée effective (Effective
EE) durant la première année de
l’exposition future. Si tous les contrats
inclus dans l'ensemble de compensation
115
de verwachte risicoposities totdat alle
contracten vervallen die tot het
samenstel van verrekenbare transacties
behoren. De effectieve EPE wordt
berekend als het gewogen gemiddelde
van de effectieve EE's, aan de hand van
volgende formule:
ont une échéance de moins d'un an,
l’exposition positive anticipée (EPE) est
égale à la moyenne des expositions
anticipées (EE) jusqu'à l'échéance du
dernier de ces contrats. L’exposition
positive anticipée effective (Effective
EPE) est calculée comme étant égal à la
moyenne pondérée des expositions
anticipées effectives (Effective EE), selon
la formule suivante:
min 1 year ; maturity
EffectiveEPE
min 1 year ; maturity
EffectiveE E tk * t k EffectiveEPE
k 1
EffectiveEEtk * tk
k 1
waarbij:
de wegingen tk = tk – tk-1 het mogelijk
maken om rekening te houden met het
geval
waarin
de
toekomstige
risicopositie wordt berekend op data die
niet gelijk verdeeld zijn in de tijd.
où
les pondérations
tk = tk – tk-1
permettent de tenir compte du cas dans
lequel l’exposition future est calculée à
des dates qui ne sont pas uniformément
réparties dans le temps.
§ 10. De
verwachte
risicopositie of de maximumrisicopositie
wordt berekend op basis van een
verdeling van risicoposities die rekening
houdt met de mogelijke niet-normaliteit
van de verdeling van de risicoposities.
§ 10. Les
mesures
de
l’exposition anticipée ou de l’exposition
maximale sont calculées sur la base d'une
distribution des expositions tenant compte
de l'éventuelle non-normalité de cette
distribution
§ 11. De instellingen mogen
voor elke wederpartij een berekening
gebruiken die conservatiever is dan het
product van en de effectieve EPE, in
plaats van het product van
en de
effectieve EPE dat wordt berekend
volgens bovenstaande vergelijking.
§ 11. Les établissements peuvent
utiliser une mesure plus prudente que le
produit du facteur et de l’exposition
positive anticipée effective (Effective
EPE) calculée selon la formule énoncée
plus haut, pour chaque contrepartie.
§ 12. In afwijking van § 7
mag de CBFA de instellingen toestaan
eigen ramingen van
te hanteren,
waarbij
ten minste 1,2 bedraagt en
gelijk is aan de verhouding tussen het
bedrag aan eigen vermogen dat wordt
verkregen na uitvoering van een
volledige simulatie van de risicopositie
op alle wederpartijen (teller) en het op
basis van de EPE berekende bedrag aan
eigen vermogen (noemer). In de noemer
wordt de EPE gebruikt alsof het een
vaste omloop betreft. De instellingen
tonen aan dat bij hun interne ramingen
van
in de teller rekening wordt
gehouden met materiële bronnen van
§ 12. Nonobstant le §7, la CBFA
peut autoriser les établissements à utiliser
leurs propres estimations d'alpha ( ), sous
réserve d'une valeur plancher de 1,2; est
alors égal au ratio entre le montant des
fonds propres résultant d'une estimation
globale d’une l’exposition de crédit de
contrepartie sur toutes les contreparties
(numérateur) et le montant des fonds
propres basé sur l’exposition positive
anticipée (EPE) (dénominateur).
Au
dénominateur, celui-ci est utilisé comme
s'il s'agissait d'un encours fixe.
Les
établissements démontrent que leurs
estimations internes d' tiennent compte,
au numérateur, des sources importantes de
116
stochastische
afhankelijkheid
na
verdeling van de marktwaarden van de
transacties of van de portefeuilles van
transacties over de wederpartijen. Bij de
interne ramingen van wordt rekening
gehouden met de granulariteit van de
portefeuilles.
dépendance stochastique après distribution
des valeurs de marché des transactions ou
des portefeuilles de transactions entre
contreparties. Les estimations internes d'
tiennent compte de la granularité des
portefeuilles.
§ 13. Een instelling zorgt
ervoor dat de teller en de noemer van
op consequente wijze worden berekend
wat de modelleringsmethode, de
parameterspecificaties
en
de
portefeuillesamenstelling betreft. De
gevolgde benadering berust op de door
de
instelling
gevolgde
interne
benadering ten aanzien van het eigen
vermogen, is goed gedocumenteerd en is
tevens aan onafhankelijke validatie
onderworpen. Voorts onderwerpen de
instellingen hun ramingen ten minste om
de drie maanden aan een nieuw
onderzoek.
Dit
onderzoek
vindt
veelvuldiger
plaats
wanneer
de
samenstelling van de portefeuille varieert
in de tijd. De instellingen evalueren
tevens het modelrisico.
§ 13. Les établissements veillent
à ce que le numérateur et le dénominateur
d' soient calculés de façon cohérente au
regard de la méthode de modélisation, des
spécifications de paramètres et de la
composition de leurs portefeuilles. La
méthode utilisée doit être fondée sur
l'approche interne de chaque établissement
en matière de fonds propres et elle doit
faire l'objet d'une documentation détaillée
et d'une validation indépendante. En
outre, les établissements doivent revoir
leurs estimations au moins une fois par
trimestre, voire plus fréquemment lorsque
la composition de leurs portefeuilles
évolue dans le temps. Les établissements
évaluent aussi le risque lié au modèle.
§ 14. In voorkomend geval
zouden de volatiliteiten en correlaties
van de marktrisicofactoren die bij de
gezamenlijke raming van het markt- en
kredietrisico worden gebruikt, rekening
moeten
houden
met
de
kredietrisicofactor om de mogelijke
toename van de volatiliteit of de
correlatie in een economische baisse tot
uiting te laten komen.
§ 14. Le cas échéant, les
volatilités et les corrélations de facteurs de
risque de marché utilisés dans l'estimation
commune du risque de marché et du
risque de crédit devraient tenir compte du
facteur de risque de crédit afin de refléter
l'augmentation potentielle de la volatilité
ou de la corrélation en cas de
retournement
de
la
conjoncture
économique.
§ 15. Indien het samenstel van
verrekenbare transacties aan een
margeovereenkomst onderworpen is,
maken de instellingen gebruik van een
van de volgende EPE-metingen:
§ 15. Si
l'ensemble
de
compensation fait l'objet d'un accord de
marge, les établissements utilisent une des
mesures suivantes de l’exposition positive
anticipée:
(a)
L’exposition
positive
(a) de
effectieve
EPE
zonder rekening te houden met de anticipée effective (Effective EPE), sans
prise en compte de l'accord de marge,
margeovereenkomst;
(b)
Le seuil, s'il est positif, fixé
(b) de
in
de
margeovereenkomst
vastgelegde dans l'accord de marge, augmenté d'une
tenant
compte
de
drempel, indien deze positief is, majoration
117
vermeerderd met een opslagfactor die de
potentiële stijging van de risicopositie
over de margerisicoperiode weerspiegelt.
De opslagfactor wordt berekend als de
verwachte
stijging
over
de
margerisicoperiode van de uit het
samenstel van verrekenbare transacties
voortvloeiende risicopositie, uitgaande
van een actuele positie van nul. Bij deze
berekening
wordt
een
margerisicoperiode van ten minste vijf
werkdagen gehanteerd voor samenstellen
van verrekenbare transacties die slechts
bestaan uit retrocessie-achtige transacties
die onderworpen zijn aan dagelijkse
bijkomende marges en dagelijkse
berekening van de marktwaarde, en van
ten minste tien werkdagen voor alle
andere samenstellen van verrekenbare
transacties;
(c) indien het model bij de
raming van EE rekening houdt met de
gevolgen van margestortingen, mag de
EE van het model rechtstreeks in de
vergelijking van § 8 worden gebruikt,
mits de CBFA daarmee instemt.
Minimumvereisten
modellen
voor
l'augmentation potentielle de l’exposition
durant la période de marge en risque. La
majoration est égale à l'augmentation
anticipée de l’exposition de l'ensemble de
compensation, à partir d'une exposition
courante de zéro, sur la période de marge
en risque.
Un plancher de 5 jours
ouvrables pour les ensembles de
compensation constitués seulement de
transactions de type pension, avec appel
de marge quotidien et calcul de la valeur
de marché, et de 10 jours ouvrables pour
tous
les
autres
ensembles
de
compensation, est prévu pour la période
de marge en risque utilisée à cette fin,
(c)
Si le modèle tient compte
des effets de la marge pour estimer
l’exposition anticipée, la mesure de
celle-ci peut être utilisée directement dans
la formule reprise au §8, sous réserve de
l’approbation de la CBFA.
EPE- Exigences minimales applicables aux
modèles de calcul de l’exposition
positive anticipée
§ 16. Het EPE-model van een
§ 16. Tout modèle de calcul de
instelling voldoet aan de operationele l’exposition positive anticipée utilisé par
vereisten, zoals bedoeld in de §§ 17 tot un établissement doit satisfaire aux
41.
exigences opérationnelles énoncées aux
§§ 17 à 41.
Beheer van het wederpartijrisico
Gestion du risque
contrepartie (CCR)
de
crédit
de
§ 17. De instelling heeft een
afdeling risicobeheer die belast is met
het ontwerpen en implementeren van
haar
wederpartijrisicobeheersysteem,
met inbegrip van de initiële en
doorlopende validatie van het model.
Deze afdeling controleert de integriteit
van de inputgegevens. Tevens dient zij
de rapporten op te stellen en te
analyseren die betrekking hebben op de
uitkomsten van het risicometingsmodel
en waarin onder meer de relatie tussen
§ 17. L'établissement
dispose
d'une unité de gestion des risques chargée
de la conception et de la mise en œuvre de
son système de gestion du risque de crédit
de contrepartie, y compris en ce qui
concerne la validation initiale puis
continue du modèle. Cette unité contrôle
l'intégrité des données entrées dans le
modèle; elle élabore et analyse les
rapports sur les résultats générés par ce
modèle d'évaluation des risques de
l'établissement, dont un rapport évaluant la
118
risicopositiemetingen en krediet- en
transactielimieten wordt beoordeeld.
Deze afdeling is onafhankelijk van de
afdelingen die verantwoordelijk zijn
voor het ontstaan, de vernieuwing en de
verhandeling van risicoposities, staat niet
bloot aan ongewenste invloeden,
beschikt over voldoende en geschikt
personeel en rapporteert rechtstreeks aan
de effectieve leiding van de instelling.
De werkzaamheden van deze afdeling
zijn in hoge mate in het dagelijkse
kredietrisicobeheerproces
van
de
instelling geïntegreerd. Het resultaat van
zijn werkzaamheden moet dan ook een
geïntegreerd onderdeel vormen van het
proces van planning, opvolging en
beheersing van het krediet- en algemeen
risicoprofiel van de instelling.
corrélation entre la mesure de l’exposition
et les limites de crédit et de négociation.
Elle est indépendante des unités chargées
de la création, du renouvellement ou de la
négociation des expositions et libre de
toute influence inopportune. Elle est
dotée de ressources humaines adéquates.
Elle rend compte directement à la
direction effective de l'établissement. Ses
travaux sont étroitement intégrés au
processus de gestion quotidienne du risque
de crédit de l'établissement. Le résultat de
ses travaux fait, par conséquent, partie
intégrante du processus de planification,
de suivi et de contrôle du profil de risque
de l’établissement, sur le plan général
comme celui du risque de crédit.
§ 18. Het beleid en de
procedures en systemen voor het
wederpartijrisicobeheer van de instelling
zijn solide qua concept en worden op
integere wijze toegepast. Een solide
wederpartijrisicobeheerkader omvat de
vaststelling, de meting, het beheer, de
goedkeuring en de interne rapportage
van dit risico.
§ 18. L'établissement dispose de
politiques, de procédures et de systèmes
de gestion du risque de crédit de
contrepartie qui sont sains d'un point de
vue conceptuel et qui sont mis en œuvre
avec intégrité. Un cadre sain, en matière
de gestion du risque de crédit de
contrepartie, suppose l'identification, la
mesure, la gestion, l'approbation et le
reporting interne de ce risque.
§ 19. Het beleid van de
instelling op het gebied van het
risicobeheer houdt rekening met het
marktrisico, het liquiditeitsrisico en de
juridische en operationele risico’s die
aan het wederpartijrisico verbonden
kunnen zijn. Vooraleer zich te verbinden
tegenover een wederpartij, toetst de
instelling zijn kredietwaardigheid en
houdt ze naar behoren rekening met het
kredietrisico vóór en na afwikkeling.
Deze risico’s worden zo volledig
mogelijk beheerd op het niveau van de
wederpartij (risicoposities op de
wederpartij worden geaggregeerd met
andere kredietrisicoposities) en van de
onderneming.
§ 19. Les politiques de gestion
des risques de l'établissement tiennent
compte du risque de marché, du risque de
liquidité et des risques juridiques et
opérationnels qui peuvent être liés au
risque de crédit de contrepartie. Avant de
s'engager
avec
une
contrepartie,
l'établissement évalue la qualité de sa
signature et tient dûment compte du risque
de crédit avant et après règlement. Ces
risques sont gérés le plus complètement
possible au niveau de la contrepartie (par
une agrégation des expositions envers
cette contrepartie avec d'autres expositions
de crédit) ainsi qu'à l'échelle de
l'entreprise.
§ 20. Het
hoogste
§ 20. L'organe d'administration
bestuursorgaan en de effectieve leiding et la direction effective de l'établissement
119
zijn
actief
betrokken
bij
het
wederpartijrisicobeheersingsproces en
beschouwen dit als een essentieel
onderdeel van de activiteit waaraan
aanzienlijk middelen moeten worden
toegewezen. De effectieve leiding is zich
bewust van de beperkingen en aannames
van het gebruikte model en van het
mogelijke
effect
ervan
op
de
betrouwbaarheid van de uitkomsten. Zij
houdt tevens rekening met de
onzekerheden van de marktomgeving en
operationele kwesties, en is op de hoogte
van de wijze waarop die in het model
zijn geïntegreerd
prennent une part active dans le processus
de contrôle du risque de crédit de
contrepartie et traitent celui-ci comme un
volet essentiel de l'activité, auquel des
ressources importantes doivent être
consacrées. La direction effective connaît
les limites du modèle utilisé et les
hypothèses sur lesquelles il repose; elle a
conscience de l'impact que ces limites et
hypothèses peuvent avoir sur la fiabilité
des résultats obtenus. Elle tient également
compte
des
incertitudes
de
l'environnement de marché et des
questions opérationnelles et sait comment
elles sont intégrées dans le modèle.
§ 21. De dagelijkse rapporten
over de wederpartijrisicoposities van de
instelling worden bekeken door een
leidingniveau dat hoog genoeg geplaatst
is en voldoende bevoegdheden heeft om
een afbouw op te leggen van de door
afzonderlijke
kredietbeheerders
of
handelaren besliste risicoposities of van
de totale wederpartijrisicopositie van de
instelling.
§ 21. Les rapports quotidiens
concernant l'exposition de l'établissement
au risque de crédit de contrepartie sont
visés par un niveau d'encadrement
suffisamment élevé et jouissant d'une
autorité suffisante pour faire appliquer tant
les réductions de position décidées par les
gestionnaires de crédit ou des négociateurs
à titre individuel que les réductions de
l'exposition globale de l'établissement au
risque de crédit de contrepartie.
§ 22. Het
wederpartijrisicobeheersysteem van de instelling wordt
gehanteerd in combinatie met interne
krediet- en handelslimieten. De kredieten handelslimieten zijn aan het
risicometingsmodel van de instelling
gerelateerd op een wijze die consistent is
in de tijd en die goed wordt begrepen
door kredietbeheerders, handelaren en de
effectieve leiding.
§ 22. Le système de gestion du
risque de crédit de contrepartie de
l'établissement est utilisé en conjonction
avec les limites internes en matière de
crédit et de négociation. Ces limites
s'articulent avec le modèle d'évaluation
des risques de l'établissement d'une
manière qui est cohérente dans la durée et
qui est bien comprise des gestionnaires de
crédit, des négociateurs et de la direction
effective.
§ 23. De
wederpartijrisicopositiemeting van de instelling houdt
rekening met het dagelijkse en intra-day
gebruik van kredietlijnen. De instelling
meet haar actuele risicopositie met en
zonder
inaanmerkingneming
van
gestelde zekerheden. Op het niveau van
de portefeuille en de wederpartij
berekent en bewaakt de instelling de
maximumrisicopositie of de potentiële
toekomstige risicopositie (potential
§ 23. Pour
mesurer
son
exposition de crédit de contrepartie,
l’établissement tient compte de l’usage
journalier et intra journalier des lignes de
crédit. Il mesure son exposition courante
brute et nette des sûretés détenues. Au
niveau tant du portefeuille que des
contreparties, l’établissement calcule et
contrôle son exposition maximale ou son
exposition future potentielle (PFE), sur la
base de l’intervalle de confiance qu’il a
120
future exposure – PFE) voor het door
haar gekozen betrouwbaarheidsinterval.
De instelling houdt rekening met grote
of geconcentreerde risicoposities, met
inbegrip van die per groep van
verbonden wederpartijen, per sector, per
markt enz.
choisi. Il tient compte des positions
importantes ou concentrées, notamment
par groupe de contreparties liées, par
secteur, par marché, etc.
§ 24. Ter aanvulling van de
wederpartijrisicoanalyse beschikt de
instelling over een ordelijk en strikt
programma van crisissimulaties dat
gebaseerd is op de dagelijkse uitkomsten
van haar risicometingsmodel. De
resultaten van deze crisissimulaties
worden periodiek beoordeeld door de
effectieve leiding en worden verwerkt in
het beleid en in de limieten inzake
wederpartijrisico die door de effectieve
leiding en het hoogste bestuursorgaan
worden vastgelegd. Wanneer uit de
crisissimulaties blijkt dat er sprake is van
bijzondere kwetsbaarheid voor een
bepaalde
samenloop
van
omstandigheden,
worden
terstond
maatregelen genomen om deze risico’s
op passende wijze te beheren.
§ 24. L’établissement met en
place un programme de simulation de
crise systématique et rigoureux, qui
complète l’analyse du risque de crédit de
contrepartie sur la base des résultats
générés quotidiennement par son modèle
d’évaluation des risques. Les résultats de
cette simulation de crise sont examinés
périodiquement par la direction effective
et ils sont pris en compte dans les
politiques et les limites en matière de
risque de crédit de contrepartie arrêtées
par la direction effective et l’organe
d’administration. Lorsqu'une simulation
de crise fait apparaître une vulnérabilité
particulière à un ensemble donné
d’événements,
des
mesures
sont
rapidement adoptées en vue d’une gestion
adéquate de ces risques.
§ 25. De instelling beschikt
over een procedure voor het doen
naleven van een schriftelijk vastgelegd
geheel van interne beleidslijnen,
controlevoorschriften en procedures die
betrekking hebben op de werking van
het wederpartijrisicobeheersysteem. Dit
systeem is goed gedocumenteerd en
voorziet in een beschrijving van de
empirische technieken die voor de
meting van dit risico worden gehanteerd.
§ 25. L'établissement met en
place une routine visant à assurer le
respect d’un ensemble de politiques, de
contrôles et de procédures internes
consignés par écrit et se rapportant au
fonctionnement du système de gestion du
risque de crédit de contrepartie. Ledit
système fait l’objet d’une documentation
détaillée, contenant une explication des
techniques empiriques utilisées pour
mesurer ce risque.
§ 26. Als onderdeel van haar
eigen interneauditproces gaat de
instelling periodiek over tot een
onafhankelijk onderzoek van haar
wederpartijrisicobeheersysteem.
Dit
onderzoek heeft betrekking op de
afdelingen
belast
met
de
marktactiviteiten
en
het
wederpartijrisicobeheer. Het algehele
wederpartijrisicobeheerproces
wordt
§ 26. L’établissement procède
régulièrement à une analyse indépendante
de son système de gestion du risque de
crédit de contrepartie, via son propre
processus d'audit interne. Cette analyse
porte sur les unités chargées de l’activité
de marché et de la gestion des risques de
crédit de contrepartie. Un examen du
processus global de gestion du risque de
crédit de contrepartie a lieu à intervalles
121
periodiek
onderworpen
aan
een réguliers; au minimum,
onderzoek. Dit onderzoek heeft ten spécifiquement sur:
minste betrekking op de volgende
specifieke punten:
il
porte
(a) L’adéquation
de
la
(a) de toereikendheid van de
documentatie
over
het documentation relative au système et au
wederparijrisicobeheersysteem en het processus de gestion du risque de crédit de
contrepartie;
wederparijrisicobeheerproces;
(b) L’organisation de l’unité de
(b) de organisatie van de
gestion des risques de crédit de
afdeling wederpartijrisicobeheer;
contrepartie;
(c) L’intégration des mesures du
(c) de integratie van de
wederpartijrisicometingen
in
het risque de crédit de contrepartie à la
gestion quotidienne des risques;
dagelijkse risicobeheer;
(d) Les procédures d’approbation
(d) het proces voor de
fiattering van risicowaarderingsmodellen des modèles de tarification du risque et
en waarderingssystemen die door het des systèmes d'évaluation utilisés par le
personeel
in
backen front-office et le back-office;
frontofficeafdelingen worden gebruikt;
(e) de
validatie
significante
wijzigingen
in
wederpartijrisicometingsproces;
(e) La validation de toute
van
het modification significative apportée au
processus d’évaluation du risque de crédit
de contrepartie;
(f) de mate waarin
wederpartijrisico’s
in
risicometingsmodel verwerkt zijn;
(f) La mesure dans laquelle le
de
d'évaluation
des
risques
het modèle
appréhende le risque de crédit de
contrepartie;
(g) L’intégrité
du
(g) de deugdelijkheid van het
d’information de gestion;
beheersinformatiesysteem;
système
(h) L’exactitude et l’exhaustivité
(h) de nauwkeurigheid en
volledigheid
van wederpartijrisico- des données relatives au risque de crédit
de contrepartie;
gegevens;
(i) Le contrôle de la cohérence,
(i) de controle van de
consistentie,
tijdigheid
en de l'actualité et de la fiabilité des données
betrouwbaarheid
van
de utilisées dans le modèle interne, ainsi que
gegevensbronnen die voor de interne de l'indépendance de ces sources;
modellen worden gebruikt, alsmede van
de
onafhankelijkheid
van
deze
gegevensbronnen;
(j) L’exactitude et le caractère
(j) de nauwkeurigheid en
correctheid van de aannames inzake approprié des hypothèses utilisées en
volatiliteit en correlatie;
122
matière de volatilité et de corrélation;
(k) L’exactitude
des
(k) de nauwkeurigheid van de
waarderings- en risicotransformatie- relatifs à l’évaluation et
transformation des risques;
berekeningen;
calculs
à la
(l) La vérification de l'exactitude
(l) de verificatie of het
model accuraat is door veelvuldige du modèle par de fréquents contrôles a
posteriori.
backtesting.
Gebruikscriteria
Critères d'utilisation
§ 27. De verdeling van de
risicoposities die voortvloeit uit het
model dat wordt gebruikt om de
effectieve EPE te berekenen, wordt in
hoge
mate
in
het
dagelijkse
wederpartijrisicobeheerproces van de
instelling geïntegreerd. De uitkomsten
van het model spelen derhalve een
essentiële rol in de procedures inzake de
kredietgoedkeuring,
het
wederpartijrisicobeheer,
de
interne
eigenvermogensallocatie
en
het
deugdelijk bestuur van de instelling.
§ 27. La
distribution
des
expositions établie par le modèle interne
utilisé aux fins du calcul de l’exposition
positive anticipée effective (Effective
EPE) est étroitement intégrée au processus
de gestion quotidienne du risque de crédit
de contrepartie. Les résultats produits par
le modèle jouent ainsi un rôle essentiel
dans les procédures d’approbation des
crédits, de gestion du risque de crédit de
contrepartie, d’allocation interne des fonds
propres et de gouvernement d’entreprise
de l’établissement.
§ 28. De instelling registreert
haar gebruik van modellen waaruit een
verdeling van wederpartijrisicoposities
resulteert. De instelling moet derhalve
kunnen aantonen dat zij voor de
berekening van de verdeling van
risicoposities waarop de EPE-berekening
is gebaseerd, gedurende ten minste een
jaar voordat de CBFA haar toestemming
verleent, gebruik heeft gemaakt van een
model dat in grote lijnen voldoet aan de
minimumvereisten vermeld in dit artikel.
§ 28. L’établissement conserve
l’enregistrement de toute utilisation d’un
modèle lui permettant d'établir la
distribution de ses expositions de crédit de
contrepartie. Il démontre par ce moyen
qu’il a utilisé, pendant un an au moins
avant l’approbation par la CBFA, un
modèle satisfaisant largement aux
exigences minimales énoncées au présent
article pour calculer les distributions sur la
base desquelles il évalue son exposition
positive anticipée (EPE).
§ 29. Het gehanteerde model
waaruit
de
verdeling
van
de
wederpartijrisicoposities
resulteert,
maakt deel uit van een kader voor het
wederpartijrisicobeheer
dat
de
vaststelling, de meting, het beheer, de
goedkeuring en de interne rapportage
van het wederpartijrisico omvat. Dit
kader behelst tevens de meting van het
gebruik van kredietlijnen (waarbij
wederpartijrisicoposities met andere
kredietrisicoposities
worden
geaggregeerd)
en
de
interne
§ 29. Le modèle utilisé pour
établir la distribution des expositions de
crédit de contrepartie fait partie intégrante
d’un cadre de gestion du risque de
contrepartie comprenant l’identification, la
mesure, la gestion, l’approbation et le
reporting interne de ce risque. Dans ce
cadre sont également mesurés l’usage qui
est fait des lignes de crédit (par une
agrégation des expositions de crédit de
contrepartie avec d’autres expositions de
crédit) et l’allocation des fonds propres.
Outre son exposition positive anticipée
123
eigenvermogensallocatie.
Naast
de
verwachte positieve risicopositie (EPE)
meet en beheert de instelling ook haar
actuele risicopositie. In voorkomend
geval meet de instelling die actuele
risicopositie
met
en
zonder
inaanmerkingneming
van
gestelde
zekerheden. Aan de gebruikscriteria is
voldaan indien de instelling gebruik
maakt
van
andere
wederpartijrisicometingen, zoals de
maximumrisicopositie of de potentiële
toekomstige risicopositie (potential
future exposure – PFE) op basis van de
verdeling van de risicoposities die
voortvloeit uit hetzelfde model als voor
de berekening van de EPE.
(EPE), l’établissement mesure et gère son
exposition courante. Le cas échéant, cette
exposition courante est mesurée brute et
nette
des
sûretés
détenues.
L’établissement satisfait aux critères
d’utilisation s’il utilise d’autres mesures
du risque de crédit de contrepartie, comme
l’exposition maximale ou l’exposition
future potentielle, sur la base de la
distribution des expositions générée par le
même modèle que celui qu'il utilise pour
calculer l’exposition positive anticipée.
§ 30. De instelling is in staat
de EE dagelijks te ramen, tenzij zij aan
de CBFA kan aantonen dat haar
wederpartijrisicoposities een minder
frequente berekening rechtvaardigen. Zij
berekent haar EE langs het tijdsprofiel
van prognosehorizonten waarin adequaat
de tijdsstructuur van de toekomstige
kasstromen en de looptijd van de
contracten tot uiting komen, en op een
wijze die consistent is met het belang en
de samenstelling van de risicoposities.
§ 30. L’établissement doit être
en mesure d’estimer quotidiennement son
exposition anticipée si nécessaire, à moins
qu’il ne démontre à la CBFA que son
exposition au risque de crédit de
contrepartie justifie un calcul moins
fréquent.
Il calcule également son
exposition anticipée selon un profil
temporel d'horizons prévisionnels reflétant
convenablement la structure temporelle
des flux de liquidités et des échéances des
contrats à venir, et ce d'une manière
appropriée à l'importance et à la
composition des expositions.
§ 31. Een risicopositie wordt
gemeten, opgevolgd en beheerst over de
hele duur van alle contracten van het
samenstel van verrekenbare transacties
(en niet alleen over een tijdshorizon van
een jaar). Wanneer de looptijd van de
risicopositie de tijdshorizon van een jaar
overtreft, beschikt de instelling over
procedures voor het onderkennen en
beheersen
van
de
wederpartijrisicoposities. De voorspelde
toename van de risicopositie is een input
in het door de instelling gebruikte
interne berekeningsmodel voor het eigen
vermogen.
§ 31. L’exposition est mesurée,
suivie et contrôlée sur toute la durée de vie
de tous les contrats inclus dans l'ensemble
de compensation (et non pas seulement à
l'horizon d'un an). L’établissement met en
place des procédures lui permettant
d’identifier et de contrôler l’exposition de
crédit de contrepartie lorsque l’exposition
dépasse l’horizon annuel.
En outre,
l’augmentation
prévisionnelle
de
l’exposition est intégrée dans son modèle
interne de calcul des fonds propres.
124
Crisissimulaties (Stresstests)
Simulation de crise
§ 32. De instelling beschikt
over deugdelijke procedures voor het
verrichten van crisissimulaties bij de
beoordeling
van
de
eigenvermogenstoereikendheid voor het
wederpartijrisico. Deze metingen worden
vergeleken met de EPE-meting en door
de instelling als een onderdeel van de in
titel XII bedoelde procedure beschouwd.
Bij het verrichten van crisissimulaties
wordt door de instelling tevens nagegaan
welke mogelijke gebeurtenissen of
toekomstige
veranderingen
in
economische
omstandigheden
ongunstige gevolgen kunnen hebben
voor de kredietrisicoposities van de
instelling en wordt beoordeeld in
hoeverre de instelling tegen dergelijke
veranderingen bestand is.
§ 32. L’établissement se dote de
solides processus de simulation de crise,
qu’il
applique
lorsqu’il
évalue
l’adéquation de ses fonds propres aux
risques de crédit de contrepartie. Ces
mesures sont comparées à celle de
l’exposition positive anticipée et elles sont
considérées, par l’établissement, comme
faisant partie intégrante du processus visé
au titre XII. Les simulations de crise
doivent
également
permettre
à
l’établissement de détecter les événements
possibles ou les modifications éventuelles
de la conjoncture économique qui
pourraient avoir des conséquences
préjudiciables sur ses expositions de crédit
et d’apprécier sa capacité à y faire face.
§ 33. De instelling verricht
crisissimulaties die betrekking hebben
op haar wederpartijrisicoposities en die
tegelijk
op
markten
kredietrisicofactoren slaan. In de
simulaties met betrekking tot het
wederpartijrisico
wordt
rekening
gehouden met het concentratierisico (ten
aanzien van een enkele wederpartij of
groepen van wederpartijen),
het
correlatierisico tussen markt- en
kredietrisico en het risico dat de
liquidatie van de posities op de
wederpartij een marktbeweging kan
veroorzaken. Bij deze simulaties moet
ook rekening kunnen worden gehouden
met
het
effect
van
dergelijke
marktbewegingen op de eigen posities
van de instelling, die dit effect meeneemt
in
de
beoordeling
van
het
wederpartijrisico.
§ 33. L’établissement soumet à
des simulations de crise ses expositions de
crédit de contrepartie, y compris à des
simulations testant conjointement les
facteurs inhérents aux risques de marché
et de crédit. Ces simulations tiennent
compte du risque de concentration (envers
une seule contrepartie ou un groupe de
contreparties), du risque de corrélation
entre risques de marché et risques de
crédit, et du risque de voir la liquidation
des positions d’une contrepartie provoquer
un mouvement du marché.
Les
simulations doivent aussi permettre
d’analyser l’impact d’un tel mouvement
de marché sur les propres positions de
l’établissement, et le résultat de cette
analyse est pris en compte dans
l’évaluation du risque de crédit de
contrepartie.
Wrong-way risico
Risque de corrélation
§ 34. De instelling houdt
§ 34. L’établissement
prend
terdege rekening met risicoposities die dûment en considération les expositions
aanleiding geven tot het ontstaan van een donnant lieu à un niveau important de
significant algemeen wrong-way risico.
risque de corrélation générale.
125
§ 35. De instelling beschikt
over procedures om specifieke gevallen
van wrong-way risico’s te onderkennen,
te bewaken en te beheersen zodra een
begin wordt gemaakt met een transactie
en tijdens de gehele duur van de
transactie.
Deugdelijkheid
van
modelleringsprocedure
§ 35. L'établissement dispose de
procédures lui permettant d’identifier, de
suivre et de contrôler les cas d’exposition
à un risque de corrélation spécifique, du
début d’une transaction jusqu’à son
échéance.
de Intégrité du processus de modélisation
§ 36. Het model weerspiegelt
de voorwaarden en specificaties van een
transactie op passende, volledige en
conservatieve wijze. Deze voorwaarden
omvatten onder meer maar zijn niet
beperkt tot contractuele notionele
bedragen, looptijd, referentieactiva,
margeovereenkomsten
en
nettingovereenkomsten. De voorwaarden
en specificaties worden geregistreerd in
een beveiligde gegevensbank die
onderworpen is aan een formele en
periodieke audit. De voorwaarden en
specificaties voor het erkennen van
nettingovereenkomsten vereisen de
aftekening door juridisch personeel om
de uitvoerbaarheid in rechte van de
netting te verifiëren, alsmede het
invoeren in de gegevensbank door een
onafhankelijke afdeling. Ook de
transmissie van de gegevens over de
transactievoorwaarden en -specificaties
naar het model wordt aan een interne
audit onderworpen en er bestaan formele
afstemmingsprocessen tussen het model
en de brongegevenssystemen om
voortdurend te verifiëren of de
transactievoorwaarden en -specificaties
op correcte of althans conservatieve
wijze in de EPE worden weerspiegeld.
§ 36. Le modèle interne reflète
les conditions et spécifications des
transactions de façon actualisée, complète
et prudente. Ces conditions incluent, au
moins, les montants notionnels des
contrats, leur échéance, les actifs de
référence, les accords de marge et les
accords de netting. Ces conditions et
spécifications sont enregistrées dans une
base de données qui fait l'objet d'un audit
formel à intervalles réguliers.
Le
processus de reconnaissance des accords
de netting prévoit le visa de juristes à
l'effet de s'assurer du caractère exécutoire
du netting, qui est enregistré dans la base
de données par une unité indépendante.
La transmission des conditions et
spécifications de la transaction au modèle
interne est également soumise à un audit
interne. L’établissement met en place des
procédures de réconciliation formelle
entre le modèle interne et les systèmes
sources, afin de vérifier en continu que les
conditions
et
spécifications
des
transactions sont prises en compte dans le
calcul de l’exposition positive anticipée de
façon correcte ou, à tout le moins,
prudente.
§ 37. Het interne model maakt
gebruik van actuele marktgegevens om
actuele risicoposities te berekenen.
Wanneer historische gegevens worden
gehanteerd om de volatiliteit en de
correlaties te ramen, moeten historische
gegevens over een periode van ten
§ 37. Le modèle utilise des
données de marché actuelles pour calculer
les expositions courantes. Lorsque des
données historiques sont utilisées aux fins
des estimations de volatilité et de
corrélation, elles couvrent au moins trois
années et sont actualisées une fois par
126
minste drie jaar worden gebruikt en
dienen die elk kwartaal te worden
geactualiseerd of vaker indien de
marktomstandigheden dit vereisen. De
gegevens bestrijken het gehele spectrum
van economische omstandigheden, zoals
een volledige economische cyclus. Een
onafhankelijke afdeling valideert de prijs
vastgelegd door de bedrijfslijnen. De
gegevens worden onafhankelijk van de
bedrijfslijnen verkregen, tijdig en
volledig in het model ingevoerd en
bewaard in een beveiligde gegevensbank
die aan een formele en periodieke audit
onderworpen is. De instelling beschikt
tevens over een goed ontwikkelde
procedure tot waarborg van de
gegevensintegriteit om de gegevens te
schonen voor fouten en/of anomalieën.
Indien in het model gebruik maakt van
benaderende
in de plaats
van
daadwerkelijke marktgegevens, onder
meer voor nieuwe producten waarvoor
geen gegevens van ouder dan drie jaar
beschikbaar zijn, wordt in de interne
beleidslijnen
aangegeven
welke
geschikte benaderende gegevens zijn en
toont de instelling op empirische wijze
aan dat de benaderende gegevens een
conservatief beeld geven van het
onderliggende risico onder ongunstige
marktomstandigheden. Indien het model
het effect van een zekerheid op de
veranderingen van de marktwaarde van
het
samenstel
van
verrekenbare
transacties omvat, beschikt de instelling
over gepaste historische gegevens om de
volatiliteit van de zekerheid in het model
te vatten.
trimestre, voire plus fréquemment si les
conditions de marché le justifient. Les
données couvrent toute une série de
conditions économiques, par exemple un
cycle économique complet. Une unité
indépendante de l’unité chargée de
l'activité valide le prix établi par cette
dernière. Les données sont recueillies
indépendamment des branches d’activité,
entrées dans le modèle interne en temps
utile et de façon exhaustive et elles sont
conservées dans une base de données qui
fait l’objet d’un audit formel à intervalles
réguliers. L’établissement dispose, en
outre, d’une procédure bien établie de
vérification de l’intégrité des données, lui
permettant de nettoyer celles-ci de toute
erreur et/ou anomalie constatée. Dans la
mesure où le modèle interne repose, en
fait de données de marché, sur des
approximations, notamment pour les
nouveaux produits pour lesquels des
données historiques couvrant trois années
sont susceptibles de faire défaut, les
politiques internes définissent quelles
approximations sont appropriées, et
l’établissement démontre empiriquement
qu’elles donnent une représentation
prudente du risque sous-jacent dans des
conditions de marché défavorables. Si le
modèle tient compte de l'effet de la sûreté
sur les fluctuations de la valeur de marché
de
l'ensemble
de
compensation,
l'établissement dispose de données
historiques appropriées pour modéliser la
volatilité de la sûreté.
§ 38. Het
model
is
onderworpen aan een validatieproces.
Het proces wordt duidelijk omschreven
in de beleidslijnen en procedures van de
instelling. In het kader van het
validatieproces wordt gespecificeerd
welke nazichten nodig zijn om de
deugdelijkheid van het model te
waarborgen en welke omstandigheden
leiden tot afwijkingen van de aannames
§ 38. Le modèle fait l'objet d’un
processus de validation. Ce processus
s’articule clairement avec les politiques et
procédures de l’établissement. Il spécifie
le type de vérifications nécessaires pour
garantir l'intégrité du modèle et déterminer
les conditions dans lesquelles les
hypothèses ne sont plus respectées et
peuvent dès lors aboutir à une sousestimation de l’exposition positive
127
en
kunnen
resulteren
in
een anticipée. Le processus de validation
onderschatting van de EPE. In het kader englobe un examen de l’exhaustivité du
van het validatieproces wordt nagegaan modèle.
of het model alomvattend is.
§ 39. De instelling bewaakt de
relevante risico’s en beschikt over
procedures om haar EPE-raming aan te
passen wanneer deze risicoposities
significant worden. Dit omvat onder
meer het volgende:
§ 39. L’établissement contrôle
les risques pertinents et dispose de
procédures lui permettant d’ajuster son
estimation de l’exposition positive
anticipée lorsque les expositions en
question deviennent significatives. Ceci
implique que:
a) l’établissement identifie et
(a) de instelling onderkent en
beheert haar specifieke blootstelling aan gère ses expositions de corrélation
spécifique ;
wrong-way risico’s;
(b) in
het
geval
van
risicoposities
met
een
stijgend
risicoprofiel na een jaar vergelijkt de
instelling regelmatig de EPE-raming
over een jaar met de EPE over de
looptijd van de positie;
b) dans le cas des expositions à
profil de risque croissant après un an,
l’établissement compare régulièrement
son estimation de l’exposition positive
anticipée sur un an avec son estimation de
cette exposition sur toute sa durée ;
(c) in
het
geval
van
risicoposities met een korte restlooptijd
(minder dan een jaar) vergelijkt de
instelling
regelmatig
de
vervangingskosten (actueel risico) en het
gerealiseerde risicoprofiel en/of slaat zij
gegevens op die een dergelijke
vergelijking mogelijk maken.
c) dans le cas des expositions à
échéance
de
moins
d’un
an,
l’établissement compare régulièrement le
coût de remplacement (exposition
courante) avec le profil de l’exposition
réalisée et/ou enregistre des données
permettant une telle comparaison.
§ 40. Een instelling beschikt
over interne procedures om te verifiëren
of een transactie valt onder een in rechte
uitvoerbare nettingovereenkomst die aan
de toepasselijke vereisten van artikel
V.10
voldoet
voordat
zij
de
desbetreffende
transactie
in
een
samenstel van verrekenbare transacties
opneemt.
§ 40. Un établissement dispose
de procédures internes lui permettant de
vérifier, préalablement à l’inclusion d’une
transaction dans un ensemble de
compensation, que celle-ci est couverte
par un accord de netting exécutoire qui
satisfait aux exigences énoncées à
l’article V.10.
§ 41. Een
instelling
die
gebruik maakt van zekerheden om haar
wederpartijrisico
te
verminderen,
beschikt over interne procedures om te
verifiëren of een zekerheid aan de
rechtszekerheidseisen van hoofdstuk 5
voldoet voordat zij het effect van de
desbetreffende zekerheid in haar
berekeningen meeneemt.
§ 41. Un
établissement
qui
recourt à des sûretés pour atténuer son
exposition de crédit de contrepartie
dispose de procédures internes lui
permettant de vérifier, préalablement à la
prise en compte de ces sûretés dans ces
calculs, que celles-ci satisfont aux normes
de sécurité juridique énoncées au
chapitre 5.
128
Validatievereisten
voor
berekeningsmodellen
EPE- Exigences de validation applicables aux
modèles de calcul de l’exposition
positive anticipée
§ 42. Het
EPE§ 42. Le modèle de calcul de
berekeningsmodel van een instelling l’exposition positive anticipée utilisé par
voldoet
aan
de
onderstaande un établissement doit satisfaire aux
validatievereisten:
exigences de validation suivantes:
-
De kwalitatieve validatievereisten van titel IX, hoofdstuk 8;
Les critères de validation qualitatifs
énoncés au chapitre 8 du titre IX ;
-
Rentetarieven,
wisselkoersen, aandelenkoersen, grondstoffen en
andere marktrisicofactoren worden
over
lange
tijdshorizonten
gepronosticeerd voor de meting van
de wederpartijrisicopositie. De
prestatie van het prognosemodel
voor de marktrisicofactoren wordt
over
een
lange
tijdshorizon
gevalideerd;
Aux fins de la mesure de l’exposition
au risque de crédit de contrepartie,
les prévisions relatives aux taux
d’intérêt, aux taux de change, aux
cours des actions, aux produits de
base et aux autres facteurs de risque
de marché sont établies sur de
longues périodes. La performance du
modèle de prévision des facteurs de
risque de marché est également
validée sur une longue période ;
-
De
prijsmodellen
voor
de berekening
van
de
wederpartijrisicopositie
in
een
bepaald
scenario
waarbij
marktrisicofactoren
toekomstige
schokken ondergaan, worden getest
in het kader van het validatieproces
van het model. In prijsmodellen
voor
opties
wordt
rekening
gehouden met de niet-lineariteit van
de optiewaarde ten opzichte van
marktrisicofactoren;
Les modèles de tarification utilisés
pour calculer l’exposition de crédit
de contrepartie, dans un scénario
donné de prévision des chocs futurs
devant affecter les facteurs de risque
de marché, sont testés dans le cadre
du processus de validation du
modèle. Les modèles de tarification
appliqués aux options tiennent
compte du caractère non linéaire de
la valeur des options au regard des
facteurs de risque de marché ;
-
In het EPE-berekeningsmodel wordt transactiespecifieke
informatie
verwerkt om risicoposities te
aggregeren op het niveau van het
samenstel
van
verrekenbare
transacties. De instelling verifieert
of de transacties in het model in het
passende
samenstel
van
verrekenbare
transacties
zijn
ondergebracht;
Le modèle de calcul de l’exposition
positive anticipée intègre des
informations spécifiques à chaque
transaction, de manière à pouvoir
agréger les expositions au niveau de
l'ensemble
de
compensation.
L’établissement veille à ce que, dans
le cadre du modèle, chaque
transaction soit affectée au bon
ensemble de compensation ;
-
Het EPE-berekeningsmodel bevat ook transactiespecifieke informatie
om
het
effect
van
margeovereenkomsten
in
aanmerking te nemen. Het houdt
Le modèle de calcul de l’exposition
positive anticipée intègre également
des informations spécifiques à
chaque transaction afin de capturer
les effets des accords de marge. Il
129
rekening met zowel het actuele
bedrag van de marge als met
toekomstige margestortingen tussen
wederpartijen. Het model houdt
tevens rekening met de aard van de
margeovereenkomsten (unilateraal
of bilateraal), de frequentie van de
margeopvragingen,
de
margerisicoperiode,
de
minimumomvang van de niet door
margestortingen
gedekte
risicopositie die de instelling bereid
is
te
accepteren
en
het
minimumbedrag
van
elke
overdracht. Een dergelijk model
modelleert de verandering in de
marktwaarde van de gestelde
zekerheden of past de regels toe van
hoofdstuk 5;
tient compte aussi bien du montant
actuel de marge que du montant de
marge qui pourrait être transféré
entre contreparties à l’avenir. Il tient
également compte de la nature des
accords de marge (unilatérale ou
bilatérale), de la fréquence des appels
de marge, de la période de marge en
risque, du seuil d’exposition hors
marge que l'établissement est prêt à
accepter et du montant minimal de
tout transfert. Enfin, soit il modélise
les variations, aux prix du marché, de
la valeur des sûretés accordées, soit il
applique les règles exposées au
chapitre 5 ;
-
In het kader van het validatieproces van het model wordt een statische,
op historische gegevens gebaseerde
backtesting
uitgevoerd
op
representatieve
wederpartijportefeuilles.
De
instelling verricht deze backtesting
regelmatig
op
een
aantal
representatieve
(feitelijke
of
hypothetische)
wederpartijportefeuilles.
Deze
representatieve portefeuilles worden
gekozen op grond van hun
gevoeligheid voor de wezenlijke
correlatie- en risicofactoren waaraan
de instelling is blootgesteld;
Des contrôles a posteriori de type
statique, fondés sur des données
historiques et portant sur des
portefeuilles
représentatifs
de
contrepartie font partie intégrante du
processus de validation du modèle.
A
intervalles
réguliers,
l’établissement soumet à de tels
contrôles un certain nombre de
portefeuilles
représentatifs
de
contrepartie (réels ou hypothétiques).
Ces portefeuilles représentatifs sont
choisis sur la base de leur sensibilité
aux corrélations et facteurs de risque
significatifs auxquels l’établissement
est exposé;
-
Indien uit de backtesting blijkt dat het model niet precies genoeg is,
trekt
de
CBFA
de
modelgoedkeuring in of legt zij
passende maatregelen op om ervoor
te zorgen dat het model onmiddellijk
wordt verbeterd. Zij kan tevens
eisen dat voldoende eigen vermogen
wordt aangehouden overeenkomstig
de bepalingen van titel XII.
Si ces contrôles font apparaître que le
modèle n'est pas suffisamment
précis, la CBFA révoque l'agrément
dont bénéficie le modèle ou impose
des mesures destinées à faire en sorte
que le modèle soit amélioré sans
délai. Elle peut aussi exiger une
augmentation des exigences en fonds
propres
conformément
aux
dispositions du titre XII.
130
Afdeling II – Schuldvernieuwings- Section II – Contrats de novation et
de
compensation
overeenkomsten en schuldvergelij- conventions
kingsovereenkomsten
(contractual (contractual netting)
netting)
Art V.10
Art. V.10
§ 1. Voor de toepassing van
deze
afdeling
wordt
onder
“nettingovereenkomst”,
een
schuldvernieuwingsof
schuldvergelijkingsovereenkomst
verstaan, onder "wederpartij" elke
persoon (met inbegrip van natuurlijke
personen) die bekwaam is een
nettingovereenkomst te sluiten, en onder
"crossproductnettingovereenkomst" een
schriftelijke
bilaterale
nettingovereenkomst
tussen
een
instelling en een wederpartij waarbij een
enkele juridische verbintenis tot stand
komt die alle daarin opgenomen en tot
verschillende productsoorten behorende
bilaterale
raamovereenkomsten
en
transacties dekt. Crossproductnetting
geldt niet voor andere nettingtransacties
dan op bilaterale basis.
§ 1. Aux fins de la présente
section, on entend par « conventions de
netting » les conventions de novation ou
de compensation, par «contrepartie» toute
personne (y compris les personnes
physiques) qui peut juridiquement
conclure une convention de netting, et par
« convention de netting multiproduits »
toute convention de netting bilatérale
écrite conclue entre un établissement et
une contrepartie créant une obligation
juridique unique s'étendant à tous les
accords cadres bilatéraux et toutes les
transactions que cette convention inclut
qui portent sur différentes catégories de
produits. Les opérations de netting autres
que bilatérales ne sont pas comprises dans
les conventions de netting multiproduits.
Met het oog op crossproductnetting Aux fins du netting multiproduits, les
worden de volgende producten geacht tot transactions et contrats ci-après sont
considérés comme des catégories de
verschillende categorieën te behoren:
produits différentes:
i) retrocessietransacties,
omgekeerde
retrocessietransacties, transacties
inzake verstrekte of opgenomen
effectenof
grondstoffenleningen;
i) les opérations de pension, les
opérations de pension inverses, les
opérations de prêt ou d'emprunt de
titres ou de produits de base;
ii) margeleningstransacties; en
ii) les opérations de prêt avec appel
de marge; et
iii) de in artikel V.5, § 1 genoemde
contracten.
iii) les
contrats
l'article V.5, §1.
énumérés
à
§ 2. 1°. Indien een instelling
§ 2. 1° Pour le calcul de la
met een wederpartij een bilaterale valeur exposée au risque, lorsqu'un
schuldvernieuwingsof établissement a conclu avec une
schuldvergelijkingsovereenkomst heeft contrepartie une convention bilatérale de
131
gesloten, mogen, voor de berekening van
de
risicopositiewaarde
en
mits
voorafgaande toestemming van de
CBFA, de uit deze overeenkomst
resulterende nettobedragen als berekend
op de in § 3 bepaalde wijze, worden
gewogen in plaats van de betreffende
brutobedragen.
novation ou de compensation, les
montants nets résultant de cette
convention, calculés de la manière
déterminée au §3, peuvent, moyennant
l'accord préalable de la CBFA, être
pondérés à la place des montants bruts
concernés.
Het eerste lid is van toepassing
op crossproductnettingovereenkomsten
voor instellingen die van de CBFA
toestemming hebben gekregen om de in
artikel V.9 beschreven methode te
hanteren, voor onder die methode
begrepen
transacties.
Onderlinge
nettingtransacties tussen leden van een
groep worden niet erkend voor de
berekening
van
de
eigenvermogensvereisten
L’alinéa 1 est applicable aux
conventions de netting multiproduits
conclues par des établissements autorisés
par la CBFA à utiliser la méthode décrite
dans l’article V.9, pour les transactions
relevant du champ d’application de ladite
méthode. Le netting de transactions
effectuées par des membres d’un groupe
n’est pas admis aux fins du calcul des
exigences en fonds propres.
2°. Onder
"bilaterale
schuldvernieuwingsovereenkomst"
wordt een overeenkomst verstaan tussen
een instelling en haar wederpartij, op
grond waarvan wederkerige vorderingen
en verplichtingen van de partijen
automatisch worden verrekend, waarbij
de schuldvernieuwing telkens wanneer
zij van toepassing is, leidt tot de
vaststelling van één enkel nettobedrag
waardoor een juridisch bindende nieuwe
verbintenis ontstaat die de vroegere
verbintenissen vervangt.
2°. Par
conventions
bilatérales de novation, il y a lieu
d'entendre les conventions conclues entre
un établissement et sa contrepartie, aux
termes desquelles les droits et obligations
réciproques
des
parties
sont
automatiquement compensés de sorte que
la novation entraîne la fixation d'un
montant net unique à chaque fois qu'il y a
novation et la création d'un nouvel
engagement
unique,
juridiquement
contraignant, qui se substitue aux
engagements antérieurs.
3°. Opdat
de
CBFA
risicoverminderend
karakter
bilaterale
schuldvernieuwingsschuldvergelijkingsovereenkomsten
kunnen
erkennen,
moeten
overeenkomsten voldoen aan
volgende voorwaarden :
3°. Pour que la CBFA puisse
reconnaître un effet de réduction de risque
à des conventions bilatérales de novation
ou de compensation, ces conventions
doivent remplir les conditions suivantes :
het
van
en
zou
deze
de
(i) De instelling heeft met haar (i)
wederpartij
een
schuldvernieuwingsof
schuldvergelijkingsovereenkomst
gesloten, waaruit één enkele
juridische verplichting ontstaat die
alle onder die overeenkomst
L'établissement a conclu avec sa
contrepartie une convention de
novation ou de compensation
créant, à l'égard de toutes les
opérations couvertes par cette
convention, une obligation juridique
unique
telle
que,
en
cas
132
vallende verrichtingen bestrijkt,
zodat, ingeval de wederpartij niet
aan haar verplichtingen voldoet
ingevolge in gebreke blijven,
faillissement, liquidatie of andere
soortgelijke omstandigheden, de
instelling slechts een vordering tot
ontvangst of een verplichting tot
betaling heeft ten belope van het
nettobedrag
van
de
tegen
marktwaarde
gewaardeerde
positieve en negatieve waarden van
de
verschillende
onder
de
overeenkomst
vallende
verrichtingen;
d'inexécution de ses obligations par
la contrepartie pour cause de
défaillance,
de
faillite,
de
liquidation ou de toute autre
circonstance
semblable,
l'établissement aurait le droit ou
l'obligation, selon le cas, de recevoir
ou de payer uniquement le montant
net des valeurs positives et
négatives, évaluées au prix du
marché, des différentes opérations
couvertes par la convention ;
(ii) De instelling heeft de CBFA (ii)
schriftelijke en met redenen
omklede juridische adviezen ter
beschikking gesteld, waaruit blijkt
dat, in geval van een geschil, de
bevoegde
rechterlijke
en
bestuurlijke autoriteiten tot de
bevinding zouden komen dat, in de
in (i) beschreven gevallen, de
vorderingen en verplichtingen van
de instelling beperkt zijn tot het
nettobedrag als bedoeld in (i),
krachtens :
L'établissement a fourni à la CBFA
des avis juridiques, écrits et dûment
motivés, établissant que, en cas de
litige, les juridictions et les autorités
administratives
compétentes
considéreraient que, dans les cas
décrits au point (i), les créances et
les dettes de l'établissement sont
limitées au montant net mentionné
au point (i), selon :
- het recht van het rechtsgebied
waarin de wederpartij statutair is
opgericht en, indien het een
buitenlands bijkantoor van een
onderneming betreft, tevens het
recht van het rechtsgebied waarin
het bijkantoor is gevestigd;
-
le droit applicable sur le
territoire où la contrepartie a son
siège statutaire, mais aussi, si
une succursale étrangère d'une
entreprise est concernée, selon
le droit applicable sur le
territoire où ladite succursale
est située ;
- het recht dat toepassing is op de
afzonderlijke
onder
de
overeenkomst
vallende
verrichtingen;
-
le droit qui régit les différentes
opérations couvertes par la
convention,
- het recht dat van toepassing is op
elke
overeenkomst
die
noodzakelijk is ter uitvoering van
de
schuldvernieuwing
of
schuldvergelijking;
-
le droit qui régit toute
convention nécessaire pour
exécuter la novation ou la
compensation ;
- de bedoelde juridische adviezen
-
les avis juridiques visés peuvent,
133
mogen, mits goedkeuring van de
CBFA,
per
type
van
schuldvernieuwing
of
schuldvergelijking
worden
opgesteld;
moyennant l'approbation de la
CBFA, être établis par type de
novation ou de compensation.
dispose
(iii) De instelling beschikt over (iii) L'établissement
procédures adéquates pour
passende procedures om de
régulièrement, compte tenu
rechtsgeldigheid van de door haar
modifications éventuelles
gesloten
overeenkomsten
législation applicable, la
voortdurend te toetsen aan
juridique des
conventions
eventuele wijzigingen in de
conclues ;
toepasselijke wetgeving;
de
vérifier
des
de la
validité
qu'il a
(iv) De instelling bewaart alle vereiste (iv) L’établissement conserve tous les
documentatie in haar dossiers;
documents requis dans ses dossiers ;
prend
en
(v) De effecten van de netting worden (v) L'établissement
considération les effets du netting
als factor meegewogen in de raming
lorsqu'il calcule son
exposition
van de instelling van de totale
au risque de crédit agrégé pour
kredietrisicoposities
voor
elke
chaque contrepartie et il gère son
wederpartij en de instelling beheert
risque de crédit à
l'égard
des
haar wederpartijkredietrisico op die
contreparties sur cette base;
basis;
(vi) Het
kredietrisico
voor
elke (vi) Le risque de crédit à l'égard de
chaque contrepartie est agrégé de
wederpartij wordt samengevoegd
façon à obtenir une seule exposition
om vanuit juridisch oogpunt te
d’un point de vue juridique pour
komen tot één enkele risicopositie
toutes les transactions. La valeur
voor alle transacties. Deze optelling
agrégée ainsi obtenue est prise en
wordt als factor meegewogen in de
considération dans les procédures en
procedures inzake kredietlimieten
matière de limites de crédit et
en eigenvermogensvereisten.
d'exigences en fonds propres.
(vii) De overeenkomsten bevatten geen (vii) Les conventions ne contiennent pas
beding op grond waarvan een niet
de clause permettant à une partie non
in gebreke zijnde partij slechts
défaillante de
n'effectuer que des
beperkte betalingen of geen
paiements limités, voire aucun
betalingen aan de boedel van de in
paiement, à la masse de la
gebreke zijnde wederpartij moet
contrepartie
défaillante (clause
verrichten
(zogenaamde
dite "walkaway").
"walkaway"-clausule).
4°. De
CBFA
zal
het
risicoverminderend karakter slechts
erkennen op voorwaarde dat ieder van de
betrokken toezichthoudende autoriteiten
overtuigd is van de rechtsgeldigheid van
de
schuldvernieuwing
of
schuldvergelijking
krachtens de
4° La CBFA ne reconnaîtra
l'effet de réduction de risque qu'à la
condition que chacune des autorités de
contrôle concernée soit convaincue de la
validité juridique de la novation ou de la
compensation au regard des différents
134
toepasselijke rechtsstelsels.
droits applicables.
5°. Onverminderd
het
5° Outre les dispositions
bovenstaande,
moeten
ci-dessus, les conventions de netting
crossproductnettingovereenkomsten
multiproduits doivent satisfaire aux
beantwoorden aan de volgende criteria:
critères ci-après:
a) het in punt 3°, i) bedoelde
nettobedrag is het nettobedrag
van de positieve en negatieve
uitverkoopwaarden (close out
values) van de eventuele
opgenomen
afzonderlijke
bilaterale raamovereenkomst en
van de tegen marktwaarde
gewaardeerde positieve en
negatieve waarden van de
afzonderlijke transacties (de
“Crossproductnettowaarde”);
a) Le solde net mentionné au
point 3°, i) est le solde net des
valeurs positives et négatives
de sortie de tout accord cadre
bilatéral individuel qui y est
inclus et des valeurs positives
et négatives de marché des
transactions individuelles (ou
"valeur nette multiproduits");
b) het in punt 3°, ii) bedoelde
schriftelijke en met redenen
omklede
juridisch
advies
behelst de geldigheid en
juridische uitvoerbaarheid van
het
geheel
van
de
crossproductnettingovereenkom
st, en het effect ervan op de
essentiële bepalingen van elke
erin opgenomen afzonderlijke
bilaterale raamovereenkomst.
Een juridisch advies wordt als
zodanig erkend door de
juridische gemeenschap in de
lidstaat die de instelling een
vergunning heeft verleend of
door een “memorandum of law”
waarin alle relevante aspecten
naar
behoren
worden
gemotiveerd;
b) Les avis juridiques écrits et
dûment motivés mentionnés au
point 3°, ii) attestent la validité
et l'opposabilité de l'ensemble
de la convention de netting
multiproduits conformément à
ses modalités et détaillent son
incidence sur les clauses
importantes de tout accord
cadre bilatéral individuel que
celle-ci inclut.
Un avis
juridique est généralement
reconnu comme tel par la
communauté juridique de l'Etat
membre
dans
lequel
l'établissement est agréé ou par
un énoncé du droit applicable
("memorandum
of
law")
procédant à une analyse
dûment motivée de toutes les
questions pertinentes en la
matière;
c) de instelling beschikt over de in
punt 3, iii) bedoelde procedures
om te verifiëren dat elke
transactie die in het samenstel
van verrekenbare transacties
moet worden opgenomen, wordt
gedekt door een juridisch
c) L'établissement met en place
les procédures visées au
point 3°, iii) lui permettant de
vérifier que toute transaction à
inclure dans un ensemble de
compensation est couverte par
un avis juridique;
135
advies;
d) bij het in aanmerking nemen
van
de
crossproductnettingovereenkom
st blijft de instelling de
vereisten naleven voor de
erkenning
van
bilaterale
nettingovereenkomsten en de
vereisten van hoofdstuk 5 voor
de
erkenning
van
kredietrisicomatiging, zoals van
toepassing, met betrekking tot
elke opgenomen afzonderlijke
bilaterale raamovereenkomst en
transactie.
§ 3. Gevolgen
inaanmerkingneming
van
de
Met het oog op de toepassing van de
artikelen V.8 en V.9 worden de
nettingovereenkomsten erkend zoals
daarin omschreven.
d) L'établissement, prenant en
compte la convention de
netting
multiproduits,
continue à satisfaire aux
exigences en matière de
reconnaissance
des
conventions
de
netting
bilatérales
et
des
dispositions du chapitre 5 en
matière de reconnaissance
des méthodes d'atténuation
du risque de crédit, le cas
échéant, pour chaque accord
cadre bilatéral individuel et
chaque
transaction
individuelle y inclus.
§ 3.
Effets de la reconnaissance
La reconnaissance des conventions de
netting aux fins des articles V.8 et V.9
s’effectue de la manière décrite dans ces
articles.
Met het oog op de toepassing van de Les montants nets aux fins des articles V.6
artikelen V.6 en V.7 worden de et V.7 sont calculés de la manière
nettobedragen op de volgende wijze suivante:
berekend :
Schuldvernieuwingsovereenkomsten :
Conventions de novation :
Bij toepassing van de methode als
bedoeld in artikel V.6, worden het eerste
en het tweede element berekend door de
schuldvernieuwingsovereenkomst
in
aanmerking te nemen.
Pour l'application de la méthode visée à
l’article V.6, les premier et second
éléments sont calculés en tenant compte
de la convention de novation.
Bij toepassing van de methode als
bedoeld in artikel V.7, wordt de
theoretische
hoofdsom
of
de
onderliggende
waarde
berekend,
rekening
houdend
met
de
schuldvernieuwingsovereenkomst.
Pour l'application de la méthode visée à
l’article V.7, le principal notionnel ou la
valeur sous-jacente est calculé en tenant
compte de la convention de novation.
Schuldvergelijkingsovereenkomsten
Conventions de compensation
Bij toepassing van de methode als Pour l'application de la méthode visée à
bedoeld in artikel V.6 kan, voor de l’article V.6, le coût de remplacement des
berekening van het eerste element, de opérations couvertes par la convention de
136
vervangingskost voor verrichtingen die
onder
een
schuldvergelijkingsovereenkomst vallen,
worden berekend door de actuele
theoretische nettovervangingskost die uit
de
overeenkomst
resulteert,
in
aanmerking te nemen; wanneer de
schuldvergelijking
tot
een
nettoverplichting
leidt
voor
de
berekenende instelling, wordt de
vervangingskost beschouwd als gelijk
aan zero.
compensation peut, pour le calcul du
premier élément, être calculé en tenant
compte du coût de remplacement net
théorique actuel résultant
de la
convention ; lorsque la compensation
conduit à une obligation nette pour
l'établissement qui calcule le coût de
remplacement
net,
le
coût
de
remplacement est considéré comme égal à
zéro.
Het tweede element, het potentieel
toekomstig kredietrisico van de onder de
schuldvergelijkingsovereenkomst
vallende verrichtingen, wordt berekend
met toepassing van de formule :
Le second élément, le risque de crédit
potentiel futur des opérations couvertes
par la convention de compensation, est
calculé par application de la formule
‘PKRverlaagd
=
(0,4*PKRbruto)
(0,6*NBR*PKRbruto)’
+ ‘PCEred
=
(0,4*PCEgross)
(0,6*NGR*PCEgross)’,
+
waarbij :
formule dans laquelle :
PKRverlaagd = het verlaagde bedrag van
het potentieel toekomstig kredietrisico
van de verrichtingen met eenzelfde
wederpartij die onder een juridisch
geldende
bilaterale
schuldvergelijkingsovereenkomst vallen;
PCEred = le montant réduit du risque de
crédit potentiel futur de toutes les
opérations effectuées avec
une
contrepartie donnée qui sont couvertes par
une convention de compensation bilatérale
juridiquement valable ;
PKRbruto = de som van de bedragen van
de potentiële toekomstige kredietrisico’s
van elk van de verrichtingen met
dezelfde wederpartij die onder de
juridisch
geldende
bilaterale
schuldvergelijkingsovereenkomst vallen,
en welke bedragen worden berekend met
toepassing van de in artikel V.6
vermelde eerste methode;
PCEgross = la somme des montants des
risques de crédit potentiels futurs de toutes
les opérations effectuées avec une
contrepartie donnée qui sont couvertes par
la convention de compensation bilatérale
juridiquement valable, montants calculés
par application de la première méthode
mentionnée à l’article V.6 ;
NBR = “netto-/brutoratio”, zijnde het
quotiënt van de nettovervangingswaarde
van de verrichtingen die onder de
bilaterale
schuldvergelijkingsovereenkomst met de
wederpartij vallen (teller) en de
brutovervangingswaarde van dezelfde
verrichtingen die onder bedoelde
schuldvergelijkingsovereenkomst
met
die wederpartij vallen (noemer).
NGR = le “ratio net/brut”, à savoir le
quotient du coût de remplacement net des
opérations
couvertes par la convention
de compensation bilatérale conclue avec la
contrepartie (numérateur)
par le coût
de remplacement brut des mêmes
opérations couvertes par la convention de
compensation visée conclue avec cette
contrepartie (dénominateur).
137
Voor de berekening van het potentieel
toekomstig
kredietrisico
volgens
bovenstaande formule mogen de onder
de
schuldvergelijkingsovereenkomst
vallende perfect matchende contracten
worden beschouwd als één enkel
contract, waarvan de theoretische
hoofdsom gelijk is aan de nettoopbrengsten.
Perfect
matchende
contracten zijn termijnverrichtingen op
valuta (of soortgelijke verrichtingen)
waarvan de theoretische hoofdsom gelijk
is aan de kasstromen, waarbij de
kasstromen op dezelfde datum vervallen
en geheel of gedeeltelijk in dezelfde
valuta luiden.
Aux fins du calcul du risque de crédit
potentiel futur selon la formule indiquée
ci-dessus, les contrats parfaitement
correspondants inclus dans la convention
de compensation peuvent être considérés
comme formant un seul contrat dont le
principal notionnel équivaut à leur
montant net. Les contrats parfaitement
correspondants sont des opérations à
terme sur devises (ou des opérations
similaires) dont le principal notionnel est
égal aux flux de trésorerie lorsque ceux-ci
sont exigibles le même jour et libellés
entièrement ou partiellement dans la
même monnaie.
Bij toepassing van de methode als Pour l'application de la méthode visée à
bedoeld in artikel V.7 :
l’article V.7 :
worden
onder
een
schuldvergelijkingsovereenkomst
vallende perfect matchende contracten
beschouwd als één enkel contract
waarvan de theoretische hoofdsom gelijk
is aan de netto-opbrengsten; de in
artikel V.7 bepaalde percentages zijn op
overeenkomstige
wijze
van
toepassing;
Les
contrats
parfaitement
correspondants inclus dans une convention
de compensation sont considérés comme
formant un seul contrat, dont le principal
notionnel est égal à leur montant net; les
pourcentages fixés à l’article V.7 sont
applicables par analogie;
Pour les autres opérations reprises
voor alle overige in de tabel
bedoelde
transacties,
zijn
de dans le tableau suivant, les pourcentages
hiernavolgende
percentages
van suivants sont applicables :
·toepassing:
TABEL
Looptijd
(1)
1 jaar
> 1 jaar en
2 jaar
per
bijkomende periode
van
maximum
1 jaar
Verrichtingen
op rente
Verrichtingen
op
valuta of
goud
0,35 %
1,50 %
0,75 %
3,75 %
0,75 %
2,25 %
TABLEAU
Durée (1)
Un an ou moins
Plus d'un an et
pas plus de
deux ans
Pour chaque
année
supplémentaire
0,35 %
0,75 %
Opérations
sur
devises
ou sur
or
1,50 %
3,75 %
0,75 %
2,25 %
Opérations
sur taux
d'intérêt
138
(1) Voor verrichtingen op valuta of goud, de
oorspronkelijke looptijd; voor verrichtingen op
rente, de resterende looptijd.
(1) Pour les opérations sur devises et sur or, la
durée initiale ; pour les opérations sur taux
d'intérêt, la durée résiduelle.
Hoofdstuk 4 : Bepaling van de
risicowegingen
Chapitre
4:
Définition
pondérations des risques
Afdeling I - Algemene beginselen
Section I - Principes généraux
Art. V.11
Art. V.11
§ 1. Overeenkomstig
artikel V.1 worden voor de berekening
van het gewogen risicovolume wegingen
toegepast op alle risicoposities waarvan
de
waarde
bepaald
wordt
overeenkomstig hoofdstuk 2, tenzij die
risicoposities op basis van titel II in
mindering worden gebracht op het eigen
vermogen of tenzij hun weging bepaald
is in artikel II.2.
§ 1. Conformément
à
l’article V.1, pour calculer le montant du
volume pondéré des risques, des
pondérations sont appliquées à toutes les
expositions dont la valeur est déterminée
conformément au chapitre 2, à moins
qu’elles ne soient déduites des fonds
propres conformément aux dispositions du
titre II ou que leur pondération soit définie
à l’article II.2.
De toegepaste weging hangt af van de
categorie waarin de risicopositie is
ondergebracht
overeenkomstig
artikel V.15, en, in de mate als bepaald
in artikel V.16, van zijn kredietwaardigheid.
La pondération appliquée dépend de la
catégorie dans laquelle chaque exposition
est classée conformément à l’article V.15
et, dans la mesure prescrite à
l’article V.16, de sa qualité du crédit.
Voor
de
bepaling
van
de
kredietwaardigheid
mogen
de
kredietbeoordelingen
van
externe
kredietbeoordelingsinstellingen
(EKBI´s)
worden
gebruikt
overeenkomstig de artikelen V.12 tot
V.14 of de kredietbeoordelingen van
exportkredietverzekeringsmaatschappijen, volgens de modaliteiten
beschreven in artikel V.16, §1, 6° en 7°.
La qualité du crédit peut être déterminée
par référence aux évaluations effectuées
par les organismes externes d’évaluation
du crédit (OEEC) conformément aux
dispositions des articles V.12 à V.14 ou à
celles réalisées par les organismes de
crédit à l'exportation selon les modalités
décrites à l’article V.16, §1, 6° et 7°.
des
§ 2. De weging van een
§ 2. Lorsqu’une exposition fait
risicopositie die het voorwerp uitmaakt l’objet d’une protection du crédit, la
van kredietprotectie, mag op basis van pondération qui lui est applicable peut être
hoofdstuk 5 worden aangepast.
modifiée conformément au chapitre 5.
§ 3. De
risicoposities
waarvoor
in
afdeling
II
geen
risicowegingen zijn opgenomen, krijgen
een weging van 100 %, behoudens
indien ze betrekking hebben op
effectiseringsverrichtingen of indien ze
§ 3.
Les expositions, en dehors
de celles portant sur des opérations de
titrisation et de celles déduites directement
des fonds propres ou visées à l’article II.2,
pour lesquelles des pondérations de risque
ne sont pas prévues dans la section II, sont
139
rechtstreeks in mindering worden affectées d’une pondération de 100 %.
gebracht op het eigen vermogen of
bedoeld zijn in artikel II.2.
Art. V.12
Art. V.12
§ 1. Een
externe
kredietbeoordeling mag voor de bepaling
van de weging van een risicopositie op
basis van artikel V.11 slechts worden
gebruikt als de EKBI die de beoordeling
toekent, door de CBFA is erkend als
zijnde geschikt voor die doeleinden
(hierna "erkende EKBI").
§ 1. Une évaluation externe du
crédit ne peut être utilisée pour déterminer
la pondération applicable à une exposition
donnée conformément à l’article V.11 que
si l’OEEC qui la fournit a été reconnu
comme éligible à cet effet par la CBFA
(ci-après «OEEC éligible»).
§ 2. De CBFA erkent een
EKBI als zijnde geschikt voor de
doeleinden van artikel V.11 slechts als
ze zich ervan heeft overtuigd dat de
beoordelingsmethodiek van de instelling
voldoet aan de criteria objectiviteit,
onafhankelijkheid, doorlopende toetsing
en transparantie en dat de toegekende
kredietbeoordelingen betrouwbaar en
transparant zijn. Daartoe houdt de CBFA
rekening met de technische criteria in
hoofdstuk 6. Wanneer een EKBI is
geregistreerd als kredietratingbureau
overeenkomstig
Verordening
(EG)
nr. 1060/2009
van het
Europees
Parlement
en
de
Raad
van
16 september 2009
over
Kredietratingbureaus, gaat de CBFA
ervan uit dat de beoordelingsmethodiek
van deze instelling aan de criteria van
objectiviteit,
onafhankelijkheid,
doorlopende toetsing en transparantie
voldoet.
§ 2. La CBFA ne reconnaît un
OEEC comme éligible aux fins de
l’article V.11 que si elle a l’assurance,
d’une part, que sa méthode d’évaluation
satisfait aux exigences d'objectivité,
d'indépendance, de contrôle continu et de
transparence et, d’autre part, que les
évaluations du crédit qui en résultent
satisfont à la double exigence de
crédibilité et de transparence. A cet effet,
la CBFA tient compte des critères
techniques
exposés
au
chapitre 6.
Lorsqu’un OEEC est enregistré en tant
qu’agence de notation de crédit
conformément
au règlement
(CE)
n° 1060/2009 du Parlement européen et du
Conseil du 16 septembre 2009 sur les
agences de notation de crédit, la CBFA
considère que la méthode d’évaluation de
cet organisme satisfait aux exigences
d'objectivité, d'indépendance, de contrôle
continu et de transparence.
§ 3. Als
de
bevoegde
autoriteiten van een lidstaat een EKBI
hebben erkend, mag de CBFA die
erkenning overnemen en hoeft ze niet
zelf een evaluatie te verrichten.
§ 3. Lorsqu’un OEEC a été
reconnu comme éligible par les autorités
compétentes d’un Etat membre, la CBFA
peut le reconnaître comme tel, sans
procéder elle-même à une évaluation.
Art. V.13
Art. V.13
§ 1. De CBFA bepaalt op
§ 1. La CBFA décide, en tenant
basis van de technische criteria in compte des critères techniques exposés au
hoofdstuk 6 in welke in afdeling II van chapitre 6 à quels échelons de qualité du
140
dit
hoofdstuk
genoemde
kredietwaardigheidscategorie
de
desbetreffende kredietbeoordelingen van
een erkende EKBI moeten worden
ondergebracht.
crédit, tels que présentés à la section II du
présent chapitre, il convient d’associer les
évaluations pertinentes du crédit établies
par un OEEC éligible.
§ 2. Als
de
bevoegde
autoriteiten van een lidstaat de
onderbrenging op basis van § 1 hebben
bepaald, mag de CBFA die overnemen
en hoeft ze niet zelf een onderbrenging
te bepalen.
§ 2. Lorsque
les
autorités
compétentes d’un État membre ont pris
une décision en vertu du §1, la CBFA peut
reconnaître cette décision, sans procéder à
sa propre évaluation.
Art. V.14
Art. V.14
§ 1. Als een instelling voor
de berekening van de gewogen
risicobedragen de kredietbeoordelingen
van
EKBI´s
of
van
exportkredietverzekeringsmaatschappijen gebruikt, dient ze consequent en op
basis van hoofdstuk 6, afdeling II te
werk gegaan. De instelling mag die
kredietbeoordelingen
niet
selectief
gebruiken.
§ 1. Lorsqu’un établissement
utilise les évaluations de crédit établies par
un OEEC ou un organisme de crédit à
l’exportation pour calculer les montants
des expositions pondérés, il le fait de
manière cohérente et conforme au
chapitre 6, section II. Il ne peut utiliser ces
évaluations de crédit de manière sélective.
§ 2. De instellingen maken
gebruik
van
aangevraagde
kredietbeoordelingen. Met toestemming
van de CBFA mogen ze echter ook
gebruikmaken van niet-aangevraagde
beoordelingen.
§ 2. Les établissements utilisent
des évaluations de crédit sollicitées. Avec
l’autorisation de la CBFA, ils peuvent
toutefois utiliser des évaluations non
sollicitées.
Afdeling II - Bepaling van
wegingen
naargelang
van
wederpartijen
de Section II – Définition des pondérations
de en fonction des contreparties
Art. V.15
Art. V.15
§ 1. Chaque
exposition
§ 1. Elke risicopositie die
niet tot de handelsportefeuille behoort, n’appartenant pas au portefeuille de
wordt ondergebracht in een van de négociation est classée dans l’une des
catégories des expositions suivantes:
volgende risicopositiecategorieën :
a)
risicoposities
op
centrale
overheden of centrale banken;
a)
expositions sur les administrations
centrales ou les banques centrales;
b)
risicoposities op regionale of
lokale overheden ;
b)
expositions sur les
régionales ou locales;
c)
risicoposities
c)
expositions sur les entités du
op
autorités
141
publiekrechtelijke entiteiten;
secteur public;
d)
risicoposities op multilaterale
ontwikkelingsbanken;
d)
expositions sur les banques
multilatérales de développement;
e)
risicoposities op internationale
organisaties;
e)
expositions sur les organisations
internationales;
f)
risicoposities op instellingen;
f)
expositions sur les établissements;
g)
risicoposities op ondernemingen;
g)
expositions sur les entreprises;
h)
risicoposities op retailcliënteel
h)
expositions sur la clientèle de
détail;
i)
door een onroerend goed gedekte
risicoposities;
i)
expositions garanties par un bien
immobilier;
j)
betalingsachterstallen;
j)
arriérés de paiement;
k)
risicoposities behorend tot de
reglementaire categorieën met
een hoog risico;
k)
expositions relevant des catégories
réglementaires
présentant
un
risque élevé;
l)
risicoposities in de vorm van
gedekte obligaties;
l)
expositions
sous
la
d'obligations garanties ;
forme
m) effectiseringsposities;
m) positions de titrisation ;
n)
kortlopende risicoposities op
instellingen en ondernemingen;
n)
expositions à court terme sur les
établissements et les entreprises;
o)
risicoposities in de vorm van
instellingen voor collectieve
belegging (ICB’s);
o)
expositions
sous
d’organismes
de
collectif (OPC);
p)
overige posten.
p)
autres éléments.
la
forme
placement
§ 2. Om in de categorie
§ 2. Pour pouvoir relever de la
risicoposities op retailcliënteel, als catégorie des expositions sur la clientèle
bedoeld in § 1, h), ondergebracht te de détail visée au §1, h), une exposition
kunnen worden, moet een risicopositie doit remplir les conditions suivantes:
aan de volgende voorwaarden voldoen :
a)
zij moet betrekking hebben op een
of meer individuele natuurlijke
personen of op een kleine of
middelgrote onderneming ;
a) elle doit être à l’égard d’un ou de
plusieurs particuliers ou d’une
petite ou moyenne entreprise;
b)
zij moet deel uitmaken van een
groot pakket risicoposities met
ongeveer dezelfde kenmerken zodat
het risico dat aan dergelijke
b) elle doit être incluse dans un grand
nombre d’expositions présentant
des caractéristiques similaires, de
telle sorte que les risques qui y
142
leningen verbonden is, aanzienlijk
wordt beperkt;
c)
het totale bedrag dat de debiteur of
groep van verbonden cliënten aan
de
instelling
en
haar
moederondernemingen
en
dochterondernemingen
verschuldigd is, met inbegrip van
de achterstallige vorderingen, maar
exclusief risicoposities gedekt door
zekerheden in de vorm van nietzakelijk onroerend goed, mag
volgens de informatie van de
instelling niet meer dan een miljoen
euro bedragen. De instelling moet
gepaste maatregelen nemen om aan
die informatie te komen.
sont liés soient fortement réduits;
c) le
montant
total
dû
à
l’établissement ainsi qu’à ses
entreprises mères et à ses filiales, y
compris tout engagement échu, par
le client débiteur ou le groupe de
clients débiteurs liés, à l’exclusion
des expositions garanties par un
bien immobilier résidentiel, ne doit
pas excéder, à la connaissance de
l’établissement,
un
million
d’euros. L’établissement
doit
prendre toute mesure raisonnable
pour s’en assurer.
Effecten
kunnen
niet
worden Les valeurs mobilières ne peuvent relever
ondergebracht
in
de
categorie de la catégorie des expositions sur la
clientèle de détail.
risicoposities op retailcliënteel.
§ 3. De actuele waarde van
de minimale betalingen in verband met
consumptieve leasing kan worden
ingedeeld bij de categorie risicoposities
op retailcliënteel.
§ 3. La valeur actuelle des
paiements minimaux au titre de contrats
de location avec la clientèle de détail peut
être classée dans la catégorie des
expositions sur la clientèle de détail.
Art. V.16
Art. V.16
§ 1. RISICOPOSITIES
OP
CENTRALE OVERHEDEN EN CENTRALE
BANKEN
§ 1. EXPOSITIONS SUR LES
ADMINISTRATIONS CENTRALES ET LES
BANQUES CENTRALES
1° Onverminderd de punten 2° tot 7°
mag aan risicoposities op centrale
overheden en centrale banken geen
risicoweging van minder dan 100%
worden toegekend.
1° Sans préjudice des points 2 à 7, les
expositions sur les administrations
centrales et les banques centrales ne
peuvent recevoir une pondération de
risque inférieure à 100 %.
2° Onder
voorbehoud
van de
punten 3°, 4° en 5° wordt aan
risicoposities op centrale overheden en
centrale
banken
waarvoor
een
kredietbeoordeling van een aangewezen
EKBI beschikbaar is, overeenkomstig
tabel 1 een weging toegekend in
overeenstemming met de onderbrenging
door
de
CBFA
van
de
kredietbeoordelingen
van
erkende
EKBI's in zes categorieën van een
2° Sous réserve des points 3, 4 et 5, les
expositions sur les administrations
centrales et les banques centrales pour
lesquelles existe une évaluation de crédit
établie par un OEEC désigné reçoivent
une pondération attribuée conformément
au tableau 1, selon la répartition, effectuée
par la CBFA, des évaluations de crédit
établies par les OEEC éligibles en six
échelons d’une échelle d’évaluation de la
qualité du crédit.
143
kredietwaardigheidsbeoordelingsschaal.
Tabel 1
Kredietwaardigheidscategorie
1
2
3
4
5
6
Risicoweging
0%
20%
50%
100%
100%
150%
Tableau 1
Echelon de qualité du
crédit
1
2
3
4
5
6
Pondération de risque
0%
20%
50%
100%
100%
150%
144
3° Aan risicoposities op centrale
overheden en centrale banken van de
lidstaten die luiden in de nationale munt
en die gefinancierd zijn in de nationale
munt van die centrale overheid en
centrale bank wordt een weging van 0%
toegekend.
3° Les
expositions
sur
les
administrations centrales et les banques
centrales des Etats membres qui sont
libellées et financées dans la monnaie
nationale de cette administration centrale
et de cette banque centrale reçoivent une
pondération de 0%.
Tot 31 december 2015 wordt voor
risicoposities op de centrale overheden
en centrale banken van de lidstaten
luidende en gefinancierd in de nationale
munt van eender welke lidstaat dezelfde
weging toegepast als zou worden
toegepast op dergelijke risicoposities
luidende en gefinancierd in hun
nationale munt.
Jusqu’au 31 décembre 2015, les
expositions sur les administrations
centrales et les banques centrales des Etats
membres, qui sont libellées et financées
dans la monnaie nationale de tout Etat
membre, reçoivent la même pondération
que celle qui s’appliquerait à de pareilles
expositions libellées et financées en leur
monnaie nationale.
4° Wanneer de bevoegde autoriteiten
van een derde land met een externe
kredietbeoordeling van een niveau van
investment grade of hoger een toezichten regelgevingsstelsel hebben dat ten
minste gelijkwaardig is aan de stelsels
die in de Europese Unie worden
toegepast en zij aan in de nationale munt
luidende en gefinancierde risicoposities
op de centrale overheid en centrale bank
van dat land een lagere weging
toekennen dan in de punten 1° en 2° is
aangegeven, mogen de instellingen de
weging van dergelijke risicoposities op
dezelfde wijze vastleggen indien de
CBFA hiertegen geen bezwaar heeft.
4° Lorsque les autorités compétentes
d’un pays tiers, disposant d’une notation
externe au moins investment grade,
appliquent des dispositions réglementaires
et prudentielles au moins équivalentes à
celles en vigueur
dans
l’Union
européenne, et attribuent une pondération
inférieure à celle visée aux points 1 et 2
aux expositions sur son administration
centrale et sa banque centrale qui sont
libellées et financées dans sa monnaie
nationale, les établissements peuvent
pondérer ces expositions de la même
façon si la CBFA ne soulève pas
d’objection à cette pondération.
5° Aan risicoposities op de Europese 5° Les expositions sur la Banque
Centrale Bank wordt een weging van 0% centrale européenne reçoivent une
toegekend.
pondération de 0 %.
Gebruik van kredietbeoordelingen Utilisation des évaluations de crédit
van
exportkredietverzekerings- établies par les organismes de crédit à
l’exportation (OCE)
maatschappijen
6° De instellingen mogen rekening
houden met de kredietbeoordelingen van
een
exportkredietverzekeringsmaatschappij als aan een van de volgende
voorwaarden is voldaan:
6° Les établissements peuvent tenir
compte des évaluations de crédit établies
par un organisme de crédit à l’exportation
si l’une des deux conditions suivantes est
remplie:
145
a) de kredietbeoordeling is een via
een consensus tot stand gekomen
risicoscore
van
exportkredietverzekeringsmaatschappij
en die deelnemen aan de
“Arrangement on Guidelines for
officially
supported
export
credits” van de OESO ; of
a)
L’évaluation de crédit est une note
de risque consensuelle établie par
des organismes de crédit à
l’exportation
participant
à
l’«Arrangement relatif à des lignes
directrices pour les crédits à
l’exportation bénéficiant d’un
soutien public» de l’OCDE; ou
b) de
exportkredietverzekeringsmaatschappij publiceert haar
kredietbeoordelingen en houdt
zich aan de OESO-methodologie;
de
kredietbeoordeling
is
gekoppeld aan een van de acht
minimumexportverzekeringspre
mies (MEVP's) waarin de OESOmethodologie voorziet.
b)
L’organisme
de
crédit
à
l’exportation
publie
ses
évaluations de crédit et adhère à la
méthode agréée par l’OCDE, et
son évaluation est associée à l’une
des huit primes minimales
d’assurance
à
l’exportation
(PMAE) que cette méthode établit.
7° Aan risicoposities waarvoor voor
wegingsdoeleinden rekening wordt
gehouden met een kredietbeoordeling
van een exportkredietverzekeringsmaatschappij, wordt een weging
toegekend overeenkomstig tabel 2.
7° Les expositions pour lesquelles une
évaluation de crédit établie par un
organisme de crédit à l’exportation est
prise en compte à des fins de pondération
reçoivent une pondération attribuée
conformément au tableau 2.
Tabel 2
MEVP
0
1
Risicoweging
0% 0%
2
3
4
5
6
7
20
%
50%
100%
100%
100%
150%
6
7
Tableau 2
PMAE
0
1
Pondéra 0% 0%
-tion de
risque
2
3
4
5
20%
50%
100%
100% 100%
150%
146
§2.
RISICOPOSITIES
OP
REGIONALE EN LOKALE OVERHEDEN
§2. EXPOSITIONS SUR LES
AUTORITÉS RÉGIONALES ET LOCALES
1° Onverminderd de punten 2° en 3°
wordt aan risicoposities op regionale en
lokale overheden overeenkomstig tabel 3
een weging toegekend op basis van de
kredietwaardigheidscategorie
waarin
risicoposities op hun centrale overheid
zijn ondergebracht.
1° Sans préjudice des points 2 et 3, les
expositions sur les autorités régionales et
locales reçoivent une pondération qui
dépend de l’échelon de qualité crédit
attribué aux expositions sur leur
administration centrale conformément au
tableau 3.
Tabel 3
1
Kredietwaardigheidscategorie
toegekend aan
de
centrale
overheid
2
3
4
5
6
Risicoweging
50%
100%
100%
100%
150%
20%
Tableau 3
Echelon
de 1
qualité du crédit
attribué
à
l'administration
centrale
2
3
4
5
6
Pondération
risque
50%
100%
100%
100%
150%
du 20%
147
2° In afwijking van punt 1° worden
risicoposities op de Gemeenschappen en
Gewesten in België behandeld als
risicoposities op de centrale overheid
bedoeld in § 1, 2° en 3°.
2° Par dérogation au 1°, les expositions
sur les Communautés et Régions belges
sont traitées comme des expositions sur
l’administration centrale visées au § 1, 2°
et 3°.
3°
In afwijking van punt 1° mogen
risicoposities op regionale en lokale
overheden van een andere lidstaat van de
Europese Unie worden behandeld als
risicoposities op de centrale overheid,
voor zover de bevoegde autoriteiten van
die lidstaat die risicoposities behandelen
als risicoposities op de centrale overheid
van die lidstaat.
3°
Par dérogation au point 1°, les
expositions sur les autorités régionales et
locales d’un autre Etat membre de l’Union
européenne peuvent être traitées comme
des expositions sur l’administration
centrale pour autant que les autorités
compétentes de cet Etat membre traitent
ces expositions comme des expositions sur
son administration centrale.
4° In afwijking van punt 1°, wanneer
de bevoegde autoriteiten van een derde
land met een externe kredietbeoordeling
van een niveau van investment grade of
hoger
een
toezichten
regelgevingsstelsel hebben dat ten
minste gelijkwaardig is aan de stelsels
die in de Europese Unie worden
toegepast en zij risicoposities op
regionale en lokale overheden van dat
derde land behandelen als risicoposities
op de centrale overheid van dat land,
mogen de instellingen de weging van
hun risicoposities op de betrokken
regionale en lokale overheden op
dezelfde wijze vastleggen indien de
CBFA hiertegen geen bezwaar heeft.
4° Par dérogation au point 1°, lorsque
les autorités compétentes d’un pays tiers,
disposant d’une notation externe au moins
investment
grade,
appliquent
des
dispositions
réglementaires
et
prudentielles au moins équivalentes à
celles en vigueur
dans
l’Union
européenne, et traitent les expositions sur
les autorités régionales et locales de ce
pays tiers comme des expositions sur son
administration centrale, les établissements
peuvent pondérer de la même façon leurs
expositions
sur
lesdites
autorités
régionales et locales si la CBFA ne
soulève pas d’objection à cette
pondération.
5° Indien een lidstaat risicoposities
heeft op kerken en godsdienstige
gemeenschappen die een rechtspersoon
van publiek recht van een lidstaat zijn,
worden
die
risicoposities
overeenkomstig punt 1° behandeld als
risicoposities op regionale en lokale
overheden, voor zover de bevoegde
autoriteiten van de betrokken lidstaat
ermee instemmen dat ze zo worden
behandeld.
5° Les expositions sur les églises et les
communautés religieuses constituées sous
la forme de personnes morales en droit
public d’un Etat membre, sont traitées
comme des expositions sur des autorités
régionales et locales, conformément au
point 1°, pour autant que les autorités
compétentes de l’Etat membre en question
autorisent de les traiter comme telles.
148
§3.
RISICOPOSITIES
OP
PUBLIEKRECHTELIJKE ENTITEITEN
§3. EXPOSITIONS SUR
ENTITES DU SECTEUR PUBLIC
LES
1° Onverminderd de punten 2° tot 5°
wordt
aan
risicoposities
op
publiekrechtelijke entiteiten een weging
van 100% toegekend.
1° Sans préjudice des points 2 à 5, les
expositions sur les entités du secteur
public reçoivent une pondération de
100 %.
2°
2°
a) Aan risicoposities op de in
punt b) bepaalde Belgische
publiekrechtelijke
entiteiten
wordt overeenkomstig tabel 3
een weging toegekend op basis
van
de
kredietwaardigheidscategorie waarin de
risicoposities op de lokale
overheden zijn ondergebracht.
a)
Les expositions sur les entités
du secteur public belge définies
au point b) reçoivent une
pondération qui dépend de
l’échelon de qualité du crédit
attribué aux expositions sur les
autorités locales conformément
au tableau 3.
b) Belgische
publiekrechtelijke
entiteiten worden gedefinieerd
als :
b)
Les entités du secteur public
belge sont définies comme :
1. Overheidsbedrijven of overheden
met
rechtspersoonlijkheid,
openbare
instellingen
en
publiekrechtelijke verenigingen
of iedere andere overheidsdienst
met rechtspersoonlijkheid.
1. Les régies ou administrations
personnalisées, les établissements
publics et les associations de droit
public ou tout autre service public
personnalisé.
2. Administratieve overheden die
opdrachten van openbare dienst
vervullen die tot de bevoegdheid
behoren van de Gewesten, de
Gemeenschappen, de provincies
of de gemeenten.
2. Les
autorités
administratives
exerçant des missions de service
public relevant des compétences
des
Régions,
Communautés,
provinces ou communes.
3. Overheidsondernemingen zonder
commercieel
oogmerk
die
eigendom zijn van de Staat of
van een overheidsdienst van de
Staat met rechtspersoonlijkheid
en die verbintenissen aangaan die
formeel gewaarborgd worden
door de Staat, een Gewest of een
Gemeenschap.
3. Les entreprises publiques à objet
non commercial détenues par
l’Etat ou par un service public
personnalisé étatique, et dont les
engagements bénéficient d’une
garantie formelle accordée par
l’Etat, une Région ou une
Communauté.
3° In uitzonderlijke omstandigheden 3° Dans des cas exceptionnels, les
kunnen risicoposities op Belgische expositions sur des entités du secteur
149
publiekrechtelijke entiteiten worden
behandeld als risicoposities op de
Belgische Staat, indien er tussen die
risicoposities geen verschil in risico
bestaat wegens het bestaan van een
passende Staatswaarborg.
public belge peuvent être traitées comme
des expositions sur l’Etat belge lorsqu’il
n’existe pas de différence de risque entre
ces expositions en raison de l’existence
d’une garantie adéquate de l’Etat.
4° Wanneer de bevoegde autoriteiten
van een lidstaat van de Europese Unie
gebruik maken van de mogelijkheid om
de weging van de risicoposities op
publiekrechtelijke entiteiten van hun
Staat op dezelfde wijze vast te leggen als
die van de risicoposities op instellingen,
d.w.z. hetzij op basis van de externe
kredietbeoordeling van de centrale
overheid, hetzij op basis van de externe
kredietbeoordeling van de entiteit zelf, of
als die van risicoposities op de centrale
overheid op wier grondgebied die
gevestigd zijn, mogen de instellingen de
weging van hun risicoposities op de
betrokken publiekrechtelijke entiteiten
op dezelfde wijze vastleggen.
4° Lorsque les autorités compétentes
d’un Etat membre de l’Union européenne
exercent la faculté de pondérer les
expositions sur des entités du secteur
public de leur Etat comme des expositions
sur des établissements, c’est-à-dire soit en
fonction de la notation externe de
l’administration centrale, soit en fonction
de la notation externe de l’entité ellemême, ou comme des expositions sur
l’administration
centrale
dans
la
juridiction de laquelle celles-ci sont
établies, les établissements peuvent
pondérer de la même façon leurs
expositions sur lesdites entités du secteur
public.
5° Wanneer de bevoegde autoriteiten
van een derde land met een externe
kredietbeoordeling van een niveau van
investment grade of hoger een toezichten regelgevingsstelsel hebben dat ten
minste gelijkwaardig is aan de stelsels
die in de Europese Unie worden
toegepast en zij risicoposities op hun
publiekrechtelijke entiteiten behandelen
als risicoposities op instellingen, d.w.z.
hetzij op basis van de externe
kredietbeoordeling van de centrale
overheid, hetzij op basis van de externe
kredietbeoordeling van de entiteit zelf,
mogen de instellingen de weging van
hun risicoposities op de betrokken
publiekrechtelijke entiteiten op dezelfde
wijze vastleggen indien de CBFA
hiertegen geen bezwaar heeft.
5° Lorsque les autorités compétentes
d’un pays tiers, disposant d’une notation
externe au moins investment grade,
appliquent des dispositions réglementaires
et prudentielles au moins équivalentes à
celles en vigueur
dans
l’Union
européenne, et traitent les expositions sur
des entités du secteur public comme des
expositions sur des établissements, c’està-dire soit en fonction de la notation
externe de l’administration centrale, soit
en fonction de la notation externe de
l’entité elle-même, les établissements
peuvent pondérer de la même façon leurs
expositions sur lesdites entités du secteur
public si la CBFA ne soulève pas
d’objection à cette pondération.
150
§ 4. RISICOPOSITIES
MULTILATERALE
ONTWIKKELINGSBANKEN
OP
§ 4.
EXPOSITIONS SUR
BANQUES
MULTILATÉRALES
DÉVELOPPEMENT
LES
DE
1° Voor de toepassing van titel V
worden
de
Inter-Amerikaanse
Investeringsmaatschappij, de Zwarte
Zee-Handels- en Ontwikkelingsbank en
de Midden-Amerikaanse Bank voor
economische integratie als multilaterale
ontwikkelingsbanken
aangemerkt
(MOB’s).
1° Aux fins du titre V, la Société
interaméricaine d’investissement,
la
Banque de commerce et de développement
de la mer Noire et la Banque
centraméricaine d’intégration économique
sont
assimilées
à
des
banques
multilatérales de développement (BMD).
2° Onverminderd de punten 3° en 4°
worden risicoposities op multilaterale
ontwikkelingsbanken op dezelfde wijze
behandeld
als
risicoposities
op
instellingen, overeenkomstig § 6. De
preferentiële behandeling van de in § 6,
4°,
gespecificeerde
kortlopende
risicoposities is niet van toepassing
2° Sans préjudice des points 3° et 4°, les
expositions sur les banques multilatérales
de développement reçoivent le même
traitement que celui réservé aux
expositions sur des établissements
conformément au §6. Le traitement
préférentiel réservé aux expositions à
court terme en vertu du §6, 4° ne
s’applique pas.
3° Aan risicoposities in de vorm van
niet-achtergestelde schuldvorderingen op
de door de CBFA bepaalde multilaterale
ontwikkelingsbanken wordt een weging
van 0% toegekend :
3° Les expositions sous forme de
créances non subordonnées sur les
banques multilatérales de développement
déterminées par la CBFA reçoivent une
pondération de 0 %:
4° Op het niet-volgestorte gedeelte van
de inschrijvingen op het kapitaal van het
Europees Investeringsfonds wordt een
weging van 20% toegepast.
4° Une pondération de risque de 20 %
est appliquée à la fraction non libérée de
toute participation prise dans le Fonds
européen d’investissement.
§ 5.
RISICOPOSITIES
INTERNATIONALE ORGANISATIES
OP
§ 5.
EXPOSITIONS SUR LES
ORGANISATIONS INTERNATIONALES
Aan risicoposities op de volgende Les expositions sur les organisations
internationale organisaties wordt een internationales suivantes reçoivent une
pondération de 0 %:
weging van 0% toegekend:
a) de Europese Gemeenschap;
a) la Communauté européenne;
b) het
Internationaal
Fonds;
b) le Fonds monétaire international;
Monetair
151
c) de Bank voor
Betalingen.
Internationale
§ 6. RISICOPOSITIES
INSTELLINGEN
OP
c) la
Banque
internationaux.
des
§ 6.
EXPOSITIONS
ETABLISSEMENTS
règlements
SUR
LES
1° Onverminderd
de
overige
bepalingen van deze paragraaf wordt aan
risicoposities op financiële instellingen
waaraan vergunning is verleend en
waarop toezicht wordt uitgeoefend door
de
bevoegde
autoriteiten
die
verantwoordelijk
zijn
voor
de
vergunningverlening aan en het toezicht
op instellingen, en die onderworpen zijn
aan prudentiële eisen die gelijkwaardig
zijn aan die welke voor instellingen
gelden, dezelfde weging toegekend als
aan risicoposities op instellingen.
1° Sans préjudice des autres dispositions
du présent paragraphe, les expositions sur
les établissements financiers qui sont,
d’une part, agréés et surveillés par les
autorités compétentes chargées de
l’agrément et de la surveillance des
établissements et, d’autre part, soumis à
des exigences prudentielles équivalentes à
celles applicables aux établissements, sont
pondérées comme des expositions sur des
établissements.
2° De weging van risicoposities op een
instelling
zonder
externe
kredietbeoordeling mag niet lager zijn
dan de weging die op risicoposities op de
centrale overheid wordt toegepast.
2° Les expositions sur un établissement
non noté ne peuvent recevoir une
pondération inférieure à celle appliquée
aux expositions sur l’administration
centrale
3° Aan risicoposities op instellingen
met een resterende effectieve looptijd
van meer dan drie maanden waarvoor
een
kredietbeoordeling
van
een
aangewezen EKBI beschikbaar is, wordt
een weging toegekend overeenkomstig
tabel 4, in overeenstemming met de
onderbrenging door de CBFA van de
kredietbeoordelingen
van
erkende
EKBI's in zes categorieën van een
kredietwaardigheidsbeoordelingsschaal.
Aan risicoposities op instellingen met
een oorspronkelijke effectieve looptijd
van meer dan drie maanden waarvoor
een
kredietbeoordeling
van
een
aangewezen EKBI beschikbaar is, wordt
een weging toegekend overeenkomstig
tabel 4, in overeenstemming met de
onderbrenging door de CBFA van de
kredietbeoordelingen
van
erkende
EKBI's in zes categorieën van een
kredietwaardigheidsbeoordelingsschaal.
3° Les
expositions
sur
des
établissements qui ont une échéance
résiduelle effective supérieure à trois mois
et pour lesquels existe une évaluation de
crédit établie par un OEEC désigné
reçoivent une pondération attribuée
conformément au tableau 4, selon la
répartition, effectuée par la CBFA, des
évaluations de crédit établies par les
OEEC éligibles en six échelons d’une
échelle d’évaluation de la qualité du
crédit.
152
Onverminderd punt 2° wordt aan
dergelijke risicoposities op instellingen
zonder externe kredietbeoordeling een
minimale weging van 50% toegekend.
Sans préjudice du point 2°, les expositions
visées ci-dessus sur des établissements
non notés reçoivent une pondération
minimale de 50 %.
Tabel 4
Kredietwaardigheidscategorie
1
2
3
4
5
6
Risicoweging
20%
50%
50%
100%
100%
150%
Tableau 4
Echelon
de 1
qualité du crédit
2
3
4
5
6
Pondération
risque
50%
50%
100%
100%
150%
de 20%
153
4° Onverminderd punt 5° wordt aan
risicoposities op instellingen met een
resterende effectieve looptijd van ten
hoogste drie maanden waarvoor een
kredietbeoordeling van een aangewezen
EKBI beschikbaar is, een weging
toegekend overeenkomstig tabel 5, in
overeenstemming met de onderbrenging
door
de
CBFA
van
de
kredietbeoordelingen
van
erkende
EKBI's in zes categorieën van een
kredietwaardigheidsbeoordelingsschaal.
4° Sans préjudice du point 5°, les
expositions sur des établissements qui ont
une
échéance
résiduelle
effective
inférieure ou égale à trois mois et pour
lesquels existe une évaluation de crédit
établie par un OEEC désigné reçoivent
une pondération attribuée conformément
au tableau 5, selon la répartition, effectuée
par la CBFA, des évaluations de crédit
établies par les OEEC éligibles en six
échelons d’une échelle d’évaluation de la
qualité du crédit. au tableau 5, selon la
répartition, effectuée par la CBFA, des
évaluations de crédit établies par les
OEEC éligibles en six échelons d’une
échelle d’évaluation de la qualité du
crédit.
Onverminderd de punten 2° en 5° wordt
aan risicoposities op instellingen zonder
externe kredietbeoordeling met een
oorspronkelijke effectieve looptijd van
ten hoogste drie maanden een minimale
weging van 20 % toegekend.
Sans préjudice des points 2° et 5°, les
expositions sur des établissements non
notés qui ont une échéance initiale
effective inférieure ou égale à trois mois
reçoivent une pondération minimale de
20 %.
154
Tabel 5
Kredietwaardigheidscategorie
1
2
3
4
5
6
Risicoweging
20%
20%
20%
50%
50%
150%
Tableau 5
Echelon
qualité
crédit
de 1
du
Pondération de 20%
risque
2
3
4
5
6
20%
20%
50%
50%
150%
5° Les expositions pour lesquelles existe
une évaluation de crédit à court terme à
court terme établies par les OEEC
éligibles en six échelons d’une échelle
d’évaluation de la qualité du crédit.
5° Aan risicoposities waarvoor een
kredietbeoordeling voor de korte termijn
van een aangewezen EKBI beschikbaar
is, wordt overeenkomstig tabel 6 een
weging toegekend in overeenstemming
met de onderbrenging door de CBFA
van de kredietbeoordelingen voor de
korte termijn van erkende EKBI’s in zes
categorieën
van
een
kredietwaardigheidsbeoordelingsschaal.
Tabel 6
Kredietwaardigheidscategorie
1
2
3
4
5
6
Risicoweging
20%
50%
100%
150%
150%
150%
Tableau 6
Echelon
qualité
crédit
Pondération
de risque
de 1
du
20%
2
3
4
5
6
50%
100%
150%
150%
150%
155
Indien er een kredietbeoordeling voor de
korte termijn bestaat voor specifieke
risicoposities en indien die leidt tot de
toepassing
van
een
weging,
overeenkomstig tabel 6, die gunstiger is
dan of gelijk aan de weging die
voortvloeit uit de toepassing van de in
punt 4° gespecificeerde algemene
preferentiële
behandeling
van
kortlopende risicoposities, dan wordt, in
afwijking van het eerste lid, uitsluitend
voor die specifieke risicopositie van die
kredietbeoordeling gebruik gemaakt.
Voor de andere risicoposities met een
oorspronkelijke effectieve looptijd van
minder dan drie maanden wordt de in
punt 4° gespecificeerde algemene
preferentiële behandeling toegepast
Par dérogation au 1er alinéa, lorsqu’il y a
une évaluation à court terme portant sur
des expositions spécifiques et qu’elle
entraîne l’application d’une pondération,
en application du tableau 6, plus favorable
ou égale à celle prévue par le traitement
préférentiel
général
réservé
aux
expositions à court terme en vertu du
point 4°, ladite évaluation à court terme
est utilisée à cette fin précise uniquement.
Les autres expositions d’une durée initiale
effective de moins de trois mois se voient
réserver le traitement préférentiel général
prévu au point 4°.
Indien er een kredietbeoordeling voor de
korte termijn bestaat voor specifieke
risicoposities en indien die leidt tot de
toepassing
van
een
weging,
overeenkomstig tabel 6, die minder
gunstig is dan de weging die voortvloeit
uit de toepassing van de in punt 4°
gespecificeerde algemene preferentiële
behandeling
van
kortlopende
risicoposities, dan wordt, in afwijking
van het eerste lid, geen gebruik gemaakt
van
de
algemene
preferentiële
behandeling
van
kortlopende
risicoposities en wordt aan alle
risicoposities met een oorspronkelijke
looptijd van minder dan drie maanden
waarvoor er geen kredietbeoordeling
bestaat, dezelfde weging toegekend als
de weging die voortvloeit uit de
toepassing van tabel 6.
Par dérogation au 1er alinéa, lorsqu’il y a
une évaluation à court terme portant sur
des expositions spécifiques et qu’elle
entraîne l’application d’une pondération,
en application du tableau 6, moins
favorable que celle prévue par le
traitement préférentiel général réservé aux
expositions à court terme en vertu du point
4°, ledit traitement préférentiel ne
s’applique pas, et toutes les expositions
d’une durée initiale de moins de trois mois
non notées reçoivent la même pondération
que celle définie en application du
tableau 6.
6° Indien er geen kredietbeoordeling
voor kortlopende risicoposities bestaat,
zijn de bepalingen van punt 4° van
toepassing op elke risicopositie met een
resterende looptijd van ten hoogste drie
maanden en niet alleen op risicoposities
met een oorspronkelijke looptijd van ten
hoogste drie maanden.
6° Lorsqu’il n’y a pas d’évaluation des
expositions à court terme, les dispositions
du 4° s’appliquent à toute exposition ayant
une durée résiduelle de 3 mois au plus et
pas seulement à celles qui ont une durée
initiale de 3 mois au plus.
156
7° Onverminderd artikel II.2 wordt aan
risicoposities in de vorm van aandelen
die aan een erkende markt zijn genoteerd
en in de vorm van door instellingen
uitgegeven
reglementaire
eigenvermogensinstrumenten
overeenkomstig punt 3° (tabel 4) een
risicoweging toegekend, die niet lager
mag zijn dan 100%, tenzij die
risicoposities in mindering zijn gebracht
op het eigen vermogen. Wanneer de
aandelen niet aan een erkende markt zijn
genoteerd, bedraagt de minimale weging
150%.
7° Sauf déduction des fonds propres et
sans préjudice de l’article II.2, les
expositions sous forme d’actions cotées
sur un marché reconnu ou d’instruments
de fonds propres réglementaires émis par
des
établissements
reçoivent
une
pondération de risque basée sur le point 3°
(tableau 4) avec un minimum de 100 %.
Lorsque les actions ne sont pas cotées sur
un marché reconnu, la pondération
minimale est de 150 %.
8° Wanneer een risicopositie op een
instelling de vorm heeft van door de
Europese Centrale Bank of door de
centrale bank van een lidstaat
voorgeschreven door de instelling aan te
houden minimumreserves, past de
instelling de weging toe die van
toepassing zou zijn op risicoposities op
de centrale bank van de lidstaat in
kwestie, mits :
8° Lorsqu’une exposition sur un
établissement revêt la forme de réserves
obligatoires imposées par la Banque
centrale européenne ou par la banque
centrale d’un Etat membre et devant être
détenues
par
cet
établissement,
l’établissement applique la pondération
qui serait appliquée aux expositions sur la
banque centrale de l’Etat membre
concerné à condition :
a) de reserves worden aangehouden
overeenkomstig
Verordening
(EG) nr. 1745/2003 van de
Europese Centrale Bank van
12 september 2003 inzake de
toepassing
van
reserveverplichtingen of een
latere vervangende verordening,
of overeenkomstig nationale
voorschriften
die
in
alle
wezenlijke opzichten gelijkwaardig zijn met de voorschriften
van die verordening; en
a) que les réserves soient constituées
conformément au règlement (CE)
n° 1745/2003 de la Banque centrale
européenne du 12 septembre 2003
concernant
l’application
des
réserves obligatoires ou à un
règlement
le
remplaçant
ultérieurement ou conformément
aux prescriptions nationales qui sont
équivalentes à ce règlement pour
tous les aspects de fond ; et
b) de reserves in geval van
faillissement of insolventie van
de instelling waar ze worden
aangehouden tijdig en volledig
aan de
instelling worden
terugbetaald en niet beschikbaar
zijn
om
aan
andere
verplichtingen van de instelling
te voldoen.
b) qu’en
cas
de
faillite
ou
d’insolvabilité de l’établissement
dans lequel les réserves sont
détenues, les réserves soient
reversées à l’établissement dans leur
intégralité et dans les meilleurs
délais et ne servent pas à faire face à
d’autres
engagements
de
l’établissement.
157
§ 7.
RISICOPOSITIES
ONDERNEMINGEN
OP
1°
Onverminderd de punten 3° en 4°
wordt aan risicoposities waarvoor een
kredietbeoordeling van een aangewezen
EKBI beschikbaar is, overeenkomstig
tabel 7 een weging toegekend in
overeenstemming met de onderbrenging
door
de
CBFA
van
de
kredietbeoordelingen
van
erkende
EKBI’s in zes categorieën van een
kredietwaardigheidsbeoordelingsschaal.
§ 7. EXPOSITIONS
ENTREPRISES
SUR
LES
1°
Sans préjudice des points 3° et 4°,
les expositions pour lesquelles existe une
évaluation de crédit établie par un OEEC
désigné reçoivent une pondération
attribuée
conformément
au
tableau 7, selon la répartition, effectuée
par la CBFA, des évaluations de crédit
établies par les OEEC éligibles en six
échelons.
Tabel 7
Kredietwaardigheidscategorie
1
2
3
4
5
6
Risicoweging
20%
50%
100%
100%
150%
150%
Tableau 7
Echelon
de 1
qualité du crédit
2
3
4
5
6
Pondération
risque
50%
100%
100%
150%
150%
de 20%
158
2° Aan risicoposities waarvoor geen
kredietbeoordeling van een erkende
EKBI beschikbaar is, wordt een weging
van 100 % of de weging van de
risicoposities op de centrale overheid
van het land waar de onderneming
gevestigd is, toegekend, naargelang
welke weging de hoogste is.
2° Les expositions pour lesquelles il
n’existe pas d’évaluation de crédit établie
par un OEEC éligible reçoivent la plus
élevée des pondérations entre une
pondération de 100 % et celle appliquée
aux expositions sur l’administration
centrale du pays où est située l’entreprise.
3°
Aan risicoposities op een
onderneming
waarvoor
een
kredietbeoordeling voor de korte termijn
van een aangewezen EKBI beschikbaar
is, wordt overeenkomstig tabel 8 een
weging toegekend in overeenstemming
met de onderbrenging door de CBFA
van de kredietbeoordelingen van erkende
EKBI’s in zes categorieën van een
kredietwaardigheidsbeoordelingsschaal.
3° Les expositions sur les entreprises
pour lesquelles existe une évaluation de
crédit à court terme établie par un OEEC
désigné reçoivent une pondération
attribuée conformément au tableau 8 selon
la répartition, effectuée par la CBFA, des
évaluations de crédit établies par les
OEEC éligibles en six échelons d’une
échelle d’évaluation de la qualité du
crédit.
Tabel 8
Kredietwaardigheidscategorie
1
2
3
4
5
6
Risicoweging
20%
50%
100%
150%
150%
150%
Tableau 8
Échelon
qualité
crédit
de 1
du
Pondération de 20%
risque
2
3
4
5
6
50%
100%
150%
150%
150%
159
4° Tenzij ze in mindering zijn gebracht
op het eigen vermogen en onverminderd
de bepalingen van artikel II.2 wordt aan
risicoposities in de vorm van aandelen
die aan een erkende markt zijn genoteerd
en in de vorm van door ondernemingen
uitgegeven achtergestelde instrumenten
overeenkomstig punt 1° (tabel 7) een
risicoweging toegekend die niet lager
mag zijn dan 100 %. Wanneer de
aandelen niet aan een erkende markt zijn
genoteerd, bedraagt de minimale weging
150 %
4° Sauf déduction des fonds propres et
sans préjudice des dispositions de
l’article II.2, les expositions sous forme
d’actions cotées sur un marché reconnu ou
d’instruments subordonnés émis par des
entreprises reçoivent une pondération de
risque basée sur le point 1° (tableau 7)
avec un minimum de 100 %. Lorsque les
actions ne sont pas cotées sur un marché
reconnu, la pondération minimale est de
150 %.
§ 8. RISICOPOSITIES
RETAILCLIËNTEEL
§ 8. EXPOSITIONS
CLIENTÈLE DE DÉTAIL
OP
SUR
LA
Aan risicoposities die aan de in Les expositions répondant aux critères
artikel V.15, §§ 2 en 3, opgesomde énumérés à l’article V.15, §§ 2 et 3, sont
criteria voldoen, wordt een weging van pondérées à 75 %.
75 % toegekend.
§ 9. DOOR EEN ONROEREND
GOED GEDEKTE RISICOPOSITIES
§ 9. EXPOSITIONS GARANTIES
PAR UN BIEN IMMOBILIER
1° Onverminderd de punten 2° tot 17°
wordt aan risicoposities die volledig door
onroerend goed zijn gedekt, een weging
van 100 % toegekend.
1°
Sans préjudice des points 2 à 17,
les expositions pleinement garanties par
une sûreté immobilière reçoivent une
pondération de 100 %.
Door hypotheken op niet-zakelijk Expositions
garanties
par
une
onroerend goed gedekte risicoposities
hypothèque sur immobilier résidentiel
2°
Aan risicoposities of delen van
risicoposities waarvoor ten behoeve van
de CBFA naar behoren is aangetoond dat
zij geheel en volledig zijn gedekt door
hypotheken op niet-zakelijk onroerend
goed dat wordt of zal worden bewoond
of verhuurd door de eigenaar of de
economische rechthebbende in het geval
van
een
particuliere
beleggingsmaatschappij
(« personal
investment company »), wordt een
weging van 35 % toegekend.
2°
Les expositions ou toute partie
d’exposition pleinement garanties, à la
satisfaction de la CBFA, par une
hypothèque sur un bien immobilier
résidentiel qui est ou sera occupé ou
donné en location par le propriétaire ou le
propriétaire-bénéficiaire dans le cas
d’entreprises d’investissement à caractère
personnel
(« personal
investment
companies ») reçoivent une pondération
de 35 %.
3° Aan risicoposities die geheel en
volledig zijn gedekt door aandelen in
Finse ondernemingen voor de bouw van
woningen, die werkzaam zijn volgens de
Finse wet op woningbouwverenigingen
van 1991 of latere gelijkwaardige
3°
Les
expositions
pleinement
garanties par des parts dans des sociétés
finlandaises
de
logement
opérant
conformément à la loi finlandaise de 1991
sur les sociétés de logement ou à toute
législation ultérieure équivalente, dans le
160
wetgeving, ten aanzien van niet-zakelijk
onroerend goed dat wordt of zal worden
bewoond of verhuurd door de eigenaar,
wordt een weging van 35% toegekend,
voor zover een dergelijke weging is
toegestaan door de plaatselijke bevoegde
autoriteiten.
cas de biens immobiliers résidentiels qui
sont ou seront occupés ou donnés en
location par le propriétaire, reçoivent une
pondération de 35 %, dans la mesure où
une telle pondération est autorisée par les
autorités compétentes locales.
4° Aan risicoposities op een huurder in
het kader van leasingtransacties met
betrekking
tot
een
niet-zakelijk
onroerend goed, waarin de instelling de
verhuurder is en de huurder een
koopoptie heeft, wordt een weging van
35 % toegekend, mits de risicopositie
van de instelling geheel en volledig is
gedekt door de eigendom van het
onroerend goed.
4° Les expositions sur le locataire dans
le cadre d’opérations de crédit-bail
immobilier résidentiel dans lesquelles
l’établissement est le bailleur et le
locataire a une option d’achat, reçoivent
une pondération de 35 %, pour autant que
le risque de l’établissement soit
pleinement garanti par la propriété du
bien.
5° Voor de toepassing van de punten 5° Aux fins des points 2° à 4°, les
suivantes
doivent
être
2° tot 4° moet aan de volgende conditions
rencontrées:
voorwaarden zijn voldaan:
a)
de waarde van het onroerend
goed hangt niet in wezenlijke
mate af van de kredietwaardigheid van de debiteur.
Dit vereiste sluit geen situaties
uit waarin louter macroeconomische
factoren
een
negatief effect hebben op zowel
de waarde van het onroerend
goed als het betalingsgedrag van
de debiteur;
a)
La valeur du bien immobilier
ne dépend pas sensiblement
de la qualité du crédit du
débiteur. Cette exigence ne
concerne pas les cas dans
lesquels
des
facteurs
purement macroéconomiques
affectent tant la valeur dudit
bien immobilier que la
performance du débiteur;
b)
het risico van de leningnemer
hangt niet in wezenlijke mate af
van het rendement van het
onderliggend onroerend goed of
project, maar veeleer van de
onderliggende capaciteit van de
leningnemer om de schuld uit
andere bronnen terug te betalen.
De terugbetaling van de
faciliteit als zodanig hangt niet
in wezenlijke mate af van
enigerlei kasstroom die wordt
gegenereerd
door
het
onderliggend onroerend goed
dat als zekerheid fungeert;
b)
Le risque de l’emprunteur ne
dépend pas sensiblement de la
performance
du
bien
immobilier ou du projet sousjacent, mais plutôt de sa
capacité
sous-jacente
à
rembourser sa dette à partir
d'autres sources. En tant que
tel, le remboursement du
crédit
ne
dépend
pas
sensiblement d’un éventuel
flux de trésorerie généré par
le bien immobilier sous-jacent
servant de sûreté;
161
c)
de
minimumvereisten
van
artikel V.32, en, in voorkomend
geval, artikel V.33, en de
waarderingsregels
van
artikel V.72, zijn in acht
genomen;
d)
de waarde van het onroerend
goed is aanzienlijk hoger dan de
risicopositiewaarde.
6° Voor risicoposities die geheel en
volledig gedekt zijn door hypotheken op
in België gelegen niet-zakelijk onroerend
goed, kan de CBFA ontheffing verlenen
van de in punt 5° b), gestelde
voorwaarde, mits wordt aangetoond dat
er sprake is van een goed ontwikkelde en
reeds geruime tijd bestaande markt voor
niet-zakelijk onroerend goed met
verliescijfers die voldoende laag zijn om
een dergelijke behandeling te wettigen.
7° Wanneer de bevoegde autoriteiten
van een lidstaat van de in punt 6°
geboden mogelijkheid gebruik maken,
mogen de instellingen een weging van
35 %
toepassen
op
dergelijke
risicoposities die geheel en volledig
gedekt zijn door hypotheken op nietzakelijk onroerend goed gelegen in
bedoelde lidstaat.
c)
Les exigences minimales
fixées à l’article V.32, et le
cas échéant, à l’article V.33,
et les règles d'évaluation
énoncées à l’article V.72, sont
respectées;
d)
La valeur du bien immobilier
dépasse,
d’une
marge
substantielle,
celle
des
expositions.
6° La CBFA peut exonérer de la
condition énoncée au point 5° b) les
expositions pleinement garanties par une
hypothèque sur un bien immobilier
résidentiel situé en Belgique, s’il lui est
démontré qu’il y existe de longue date un
marché de l’immobilier résidentiel bien
développé, avec des taux de pertes
suffisamment faibles pour justifier un tel
traitement.
7° Lorsque les autorités compétentes
d’un Etat membre exercent la faculté
prévue au point 6°, les établissements
peuvent appliquer une pondération de
35 % à de telles expositions pleinement
garanties par une hypothèque sur un bien
immobilier résidentiel situé dans cet Etat.
garanties
par
une
Door
hypotheken
op
zakelijk Expositions
hypothèque sur immobilier commercial
onroerend goed gedekte risicoposities
8° Aan risicoposities of delen van
risicoposities waarvoor ten behoeve van
de CBFA naar behoren is aangetoond dat
zij geheel en volledig zijn gedekt door
hypotheken op in België gelegen
kantoorgebouwen of andere ruimten die
bestemd zijn voor de uitoefening van een
handelsactiviteit, wordt een weging van
50 % toegekend.
8° Les expositions ou toute partie
d’exposition pleinement garanties, à la
satisfaction de la CBFA, par une
hypothèque sur des bureaux ou d’autres
locaux alloués à l’exercice d’une activité
commerciale situés en Belgique reçoivent
une pondération de 50 %.
9° Aan risicoposities die geheel en 9° Les expositions pleinement garanties
volledig zijn gedekt door aandelen in par des parts dans des sociétés finlandaises
Finse ondernemingen voor de bouw van de logement opérant conformément à la
162
woningen die werkzaam zijn volgens de
Finse wet op woningbouwverenigingen
van 1991 of latere gelijkwaardige
wetgeving,
ten
aanzien
van
kantoorgebouwen of andere ruimten die
bestemd zijn voor de uitoefening van een
handelsactiviteit wordt een weging van
50 % toegekend, voor zover een
dergelijke weging is toegestaan door de
plaatselijke bevoegde autoriteiten.
loi finlandaise de 1991 sur les sociétés de
logement ou à toute législation ultérieure
équivalente, dans le cas de bureaux ou
d’autres locaux alloués à l’exercice d’une
activité commerciale, reçoivent une
pondération de 50 %, dans la mesure où
une telle pondération est autorisée par les
autorités compétentes locales.
10° Aan risicoposities die verband
houden met leasingtransacties van
onroerende goederen die betrekking
hebben
op
in
België
gelegen
kantoorgebouwen of andere ruimten die
bestemd zijn voor de uitoefening van een
handelsactiviteit en waarin de instelling
de verhuurder is en de huurder een
koopoptie heeft, wordt een weging van
50 % toegekend, mits de risicopositie
van de instelling geheel en volledig is
gedekt door de eigendom van het
onroerend goed.
10° Les expositions relatives à des
opérations de crédit-bail immobilier
portant sur des bureaux ou d’autres locaux
alloués à l’exercice d’une activité
commerciale situés en Belgique, dans
lesquelles l’établissement est le bailleur et
le locataire a une option d’achat,
reçoivent une pondération de 50 % pour
autant que l’exposition de l’établissement
soit pleinement garantie par la propriété
du bien.
11° De toepassing van de punten 8° tot 11° L’application des points 8° à 10° est
10° is onderworpen aan de volgende soumise aux conditions suivantes:
voorwaarden:
a) De waarde van het onroerend
goed hangt niet in wezenlijke
mate af van de kredietwaardigheid van de debiteur.
Dit vereiste sluit geen situaties
uit waarin louter macroeconomische
factoren
een
negatief effect hebben op zowel
de waarde van het onroerend
goed als het betalingsgedrag van
de debiteur;
a) La valeur du bien immobilier ne
dépend pas substantiellement de
la qualité du crédit du débiteur.
Cette exigence ne concerne pas
les cas dans lesquels des facteurs
purement
macroéconomiques
affectent tant la valeur dudit bien
immobilier que la performance
du débiteur;
b) Het risico van de leningnemer
hangt niet in wezenlijke mate af
van het rendement van het
onderliggend onroerend goed of
project, maar veeleer van de
onderliggende capaciteit van de
leningnemer om de schuld uit
b) Le risque de l’emprunteur ne
dépend pas sensiblement de la
performance du bien immobilier
ou du projet sous-jacent, mais
plutôt de sa capacité
à
rembourser sa dette à partir
d'autres sources. En tant que tel,
163
andere bronnen terug te betalen.
De terugbetaling van de
faciliteit als zodanig hangt niet
in wezenlijke mate af van
enigerlei kasstroom die wordt
gegenereerd
door
het
onderliggend onroerend goed
dat als zekerheid fungeert;
le remboursement du crédit ne
dépend pas sensiblement d’un
éventuel flux de trésorerie généré
par le bien immobilier sousjacent servant de sûreté;
c) De
minimumvereisten van
artikel V.32, en in voorkomend
geval van artikel V.33, en de
waarderingsregels
van
artikel V.72, zijn in acht
genomen.
c) Les exigences minimales à
l’article V.32, et le cas échéant, à
l’article V.33, et les règles
d'évaluation
énoncées
à
l’article V.72, sont respectées.
12° De weging van 50 % is van
toepassing op het gedeelte van de lening
dat niet hoger ligt dan een limiet
berekend volgens punt a) of punt b) :
12° La pondération de 50 % s'applique à
la partie du prêt qui ne dépasse pas une
limite calculée selon le point a) ou le
point b):
a) 50% van de marktwaarde van
het onroerend goed in kwestie;
a) 50 % de la valeur de marché du
bien immobilier concerné;
b) 50% van de marktwaarde van
het onroerend goed of, indien
dit bedrag lager uitvalt, 60 %
van de hypotheekwaarde in
lidstaten die bij wettelijke of
reglementaire bepalingen strikte
criteria voor de berekening van
de hypotheekwaarden hebben
vastgesteld.
b) 50 % de la valeur de marché du
bien immobilier ou 60 % de sa
valeur hypothécaire, selon celle
de ces deux valeurs qui est la
plus basse, dans les Etats
membres qui ont défini, dans des
dispositions
législatives
ou
réglementaires,
des critères
d'évaluation rigoureux de la
valeur hypothécaire.
13°
Op het gedeelte van de lening dat 13° Une pondération de 100 % est
boven de in punt 12° bedoelde limieten appliquée à la partie du prêt qui dépasse
ligt, is een weging van 100 % van les limites fixées au point 12°.
toepassing.
14° Wanneer de bevoegde autoriteiten
van een lidstaat van een in de punten 8°
tot 10° geboden mogelijkheid gebruik
maken, mogen de instellingen een
weging van 50% toepassen op dergelijke
risicoposities die geheel en volledig
gedekt zijn door hypotheken op zakelijk
onroerend goed dat zich in die Staat
bevindt.
14° Lorsque les autorités compétentes
d’un Etat membre exercent la faculté
prévue aux points 8° à 10°, les
établissements peuvent appliquer une
pondération de 50 % à de telles
expositions pleinement garanties par une
hypothèque sur un bien immobilier
commercial situé dans cet Etat.
164
15° Voor risicoposities die geheel en
volledig gedekt zijn door hypotheken op
in België gelegen zakelijk onroerend
goed, kan de CBFA ontheffing verlenen
van de in punt 11° b), gestelde
voorwaarde, mits wordt aangetoond dat
er sprake is van een goed ontwikkelde en
reeds geruime tijd bestaande markt voor
zakelijk
onroerend
goed
met
verliescijfers die de volgende maxima
niet overtreffen :
15° La CBFA peut exonérer de la
condition énoncée au point 11° b) les
expositions pleinement garanties par une
hypothèque sur un bien immobilier
commercial situé en Belgique, s’il lui est
démontré qu’il y existe de longue date un
marché de l’immobilier commercial bien
développé, avec des taux de pertes qui ne
dépassent pas les limites suivantes:
a)
verliezen die voortvloeien uit
leningen die
gegarandeerd
worden door zakelijk onroerend
goed tot 50% van de
marktwaarde
(of,
in
voorkomend geval en indien dit
bedrag lager uitvalt, 60 % van
de hypotheekwaarde) mogen
niet meer zijn dan 0,3 % van de
in een gegeven jaar uitstaande
leningen, die gegarandeerd
worden door zakelijk onroerend
goed;
a) Les pertes générées par les prêts
garantis
par
des
biens
immobiliers
commerciaux
jusqu’à 50 % de la valeur de
marché (ou, le cas échéant, 60 %
de la valeur hypothécaire, si cette
valeur est plus faible) ne
dépassent pas 0,3 % de l’encours
des prêts garantis par des biens
immobiliers commerciaux sur un
exercice donné;
b)
de
totale
verliezen
die
voortvloeien uit leningen die
gegarandeerd worden door
zakelijk onroerend goed, mogen
niet hoger liggen dan 0,5% van
de in een gegeven jaar
uitstaande
leningen,
die
gegarandeerd worden door
zakelijk onroerend goed.
b) Les pertes globales générées par
les prêts garantis par des biens
immobiliers commerciaux ne
dépassent pas 0,5 % de l’encours
des prêts garantis par des biens
immobiliers commerciaux sur un
exercice donné.
16° Indien in een gegeven jaar niet aan
een van beide in punt 15° genoemde
limieten is voldaan, kan niet langer
gebruik worden gemaakt van punt 15° en
is de in punt 11° b) gestelde voorwaarde
van toepassing totdat in een volgend jaar
aan de in punt 15° gestelde voorwaarden
wordt voldaan.
16° Lorsqu’aucune des limites fixées au
point 15° n’est respectée durant un
exercice donné, le droit d’utiliser le point
15° cesse, et la condition énoncée au
point 11° b) est applicable jusqu’à ce que
les conditions prévues au point 15° soient
remplies au cours d’un exercice ultérieur.
17° Wanneer de bevoegde autoriteiten
van een lidstaat van de in punt 15°
geboden mogelijkheid gebruik maken,
mogen de instellingen een weging van
17° Lorsque les autorités compétentes
d’un Etat membre exercent la faculté
prévue au point 15°, les établissements
peuvent appliquer une pondération de
165
50 %
toepassen
op
dergelijke 50 % à de telles expositions pleinement
risicoposities die geheel en volledig garanties par une hypothèque sur un bien
gedekt zijn door hypotheken op zakelijk immobilier commercial situé dans cet Etat.
onroerend goed dat zich in die Staat
bevindt.
§ 10. BETALINGSACHTERSTALLEN
1° Onverminderd het bepaalde in de
punten 2° tot 4° wordt aan het nietgedekte gedeelte van een risicopositie
die meer dan 90 dagen achterstallig is,
die zich boven een door de CBFA
bepaalde drempelwaarde bevindt en die
een redelijk risiconiveau inhoudt, een
weging toegekend van:
§ 10.
ARRIÉRES DE PAIEMENT
1° Sans préjudice des dispositions des
points 2° à 4°, la fraction non garantie
d’une exposition échue depuis plus de
90 jours, supérieure à un seuil défini par la
CBFA et reflétant un niveau raisonnable
de risque, reçoit une pondération de:
a) 150 %
indien
de
waardeverminderingen minder
dan 20% van het niet-gedekte
gedeelte van de risicopositie
vóór
waardeverminderingen
bedragen;
a)
150 % si les corrections de valeur
représentent moins de 20 % de la
fraction
non
garantie
de
l’exposition,
avant
déduction
desdites corrections;
b) 100 %
indien
de
waardeverminderingen
niet
minder dan 20 % van het nietgedekte gedeelte van de
risicopositie
vóór
waardeverminderingen
bedragen.
b)
100 % si les corrections de valeur
représentent au moins 20 % de la
fraction
non
garantie
de
l’exposition,
avant
déduction
desdites corrections.
2° Voor de bepaling van het gedekte
gedeelte van de achterstallige post zijn
de toelaatbare zekerheden en garanties
die welke toelaatbaar zijn voor de
kredietrisicomatiging.
2° Aux fins de définir la fraction
garantie de l’élément échu, les sûretés et
garanties éligibles sont celles éligibles
pour l'atténuation du risque de crédit.
3° Aan de in § 9, 2° tot 7° bedoelde
risicoposities die meer dan 90 dagen
achterstallig zijn, wordt een weging
toegekend
van
100 %
exclusief
waardeverminderingen.
Indien
de
waardeverminderingen niet minder dan
20 % van de risicoposities vóór waardeverminderingen bedragen, wordt op de
rest van de risicoposities een weging van
50 % toegepast.
3°
Les expositions visées au §9, 2° à
7° reçoivent une pondération de 100 %,
nettes de corrections de valeur, si elles
sont échues depuis plus de 90 jours.
Lorsque les corrections de valeur
représentent au moins 20 % de
l’exposition, avant déduction desdites
corrections, la pondération applicable à la
fraction restante de l’exposition est de
50 %.
166
4° Aan de in § 9, 8° tot 17°, bedoelde 4° Les expositions visées au §9, 8° à 17°
risicoposities die meer dan 90 dagen reçoivent une pondération de 100 % si
achterstallig zijn, wordt een weging van elles sont échues depuis plus de 90 jours.
100 % toegekend.
5° Voor risicoposities op wederpartijen
die in een andere lidstaat van de
Europese Unie zijn gevestigd, waar de
bevoegde autoriteiten andere bepalingen
hebben aangenomen dan die welke in de
vorige punten zijn opgenomen inzake
betalingsachterstallen,
mogen
de
instellingen die bepalingen toepassen op
de risicoposities in kwestie.
5° Pour les expositions sur des
contreparties sises dans un autre Etat
membre de l’Union européenne, lorsque
les autorités compétentes de cet Etat ont
adopté des dispositions différentes de
celles prévues par les points précédents en
matière d’arriérés de paiement, les
établissements peuvent appliquer ces
dispositions aux expositions en question.
§ 11. RISICOPOSITIES
BEHOREND TOT DE REGLEMENTAIRE
CATEGORIEËN MET EEN HOOG RISICO
§ 11. EXPOSITIONS RELEVANT
DES CATÉGORIES RÉGLEMENTAIRES
PRESENTANT UN RISQUE ELEVE
1° Voor sommige categorieën van
risicoposities die een landenrisico of een
verhoogd transferrisico inhouden kan de
CBFA de in dit artikel V.16 bepaalde
weging via circulaire verhogen wanneer
met dat risico onvoldoende rekening
wordt gehouden in de kredietbeoordeling
van een EKBI of wanneer er voor de
risicopositie geen kredietbeoordeling
beschikbaar is.
1° Par voie de circulaire, la CBFA peut
augmenter la pondération prévue dans le
présent article V.16 pour certaines
catégories d’expositions présentant un
risque-pays ou de transfert accru lorsque
ce risque n’est pas pris en compte de
manière suffisante par l’évaluation de
crédit accordée par un OEEC ou lorsque
l’exposition ne fait pas l’objet d’une
évaluation crédit.
2° Aan
niet-achterstallige
risicoposities, met uitzondering van
aandelen en achtergestelde schuldvorderingen
of
gelijkaardige
instrumenten, waaraan overeenkomstig
het bepaalde in de voorgaande
afdelingen een weging van 150 % wordt
toegekend
en
waarvoor
waardeverminderingen zijn vastgesteld,
wordt een weging toegekend van :
2° Les
expositions
non
échues,
exclusion faite des actions et des créances
subordonnées ou instruments similaires,
qui doivent recevoir une pondération de
150 % en vertu des dispositions des
précédentes sections et pour lesquels des
corrections de valeur ont été calculées se
voient attribuer une pondération de:
a)
100 %
indien
de
waardeverminderingen
niet
minder dan 20% van de
risicopositiewaarde
vóór
waardeverminderingen
bedragen;
a)
100 % si les corrections de
valeur représentent
au
moins 20 % de la valeur de
l’exposition, brute desdites
corrections;
b)
50 %
b)
50 % si les corrections de
indien
de
167
waardeverminderingen
niet
minder dan 50 % van de
risicopositiewaarde
vóór
waardeverminderingen
bedragen.
valeur représentent
au
moins 50 % de la valeur de
l’exposition, brute desdites
corrections.
§ 12. RISICOPOSITIES IN DE
VORM VAN GEDEKTE OBLIGATIES
§ 12. EXPOSITIONS SOUS LA
FORME D'OBLIGATIONS GARANTIES
1° Onder “gedekte obligaties” wordt
het volgende verstaan: obligaties als
omschreven in artikel 22, lid 4, van
Richtlijn 85/611/EEG (ICBE) en
afgedekt door middel van de volgende in
aanmerking komende activa:
1°
Par «obligations garanties», on
entend les obligations au sens de
l'article 22,
paragraphe 4,
de
la
directive 85/611/CEE (OPCVM), la sûreté
étant constituée par l'un des actifs éligibles
suivants:
a) Risicoposities op of gegarandeerd
door centrale overheden, centrale
banken,
publiekrechtelijke
entiteiten en regionale of lokale
overheden in de Europese Unie;
a)
Les expositions sur, ou garanties
par, des administrations centrales,
des banques centrales, des entités
du secteur public, et des autorités
régionales ou locales dans l’Union
européenne ;
b) Risicoposities op of gegarandeerd
door centrale overheden en
centrale banken van niet-EUlanden,
multilaterale
ontwikkelingsbanken,
internationale organisaties die in
aanmerking
komen
voor
kredietwaardigheidsbeoordelings
categorie 1 als vastgelegd in dit
hoofdstuk, en risicoposities op of
gegarandeerd
door
publiekrechtelijke entiteiten of regionale
of lokale overheden van niet-EUlanden, die overeenkomstig § 2,
1° en 2° en § 3, 2° en 3°
eenzelfde weging hebben als
risicoposities op instellingen of
centrale overheden en centrale
banken en die in aanmerking
komen voor kredietwaardigheidsbeoordelingscategorie
1
als
vastgelegd in dit hoofdstuk, en
risicoposities in de zin van deze
paragraaf die ten minste in
aanmerking komen voor de
kredietwaardigheidsbeoordelingscategorie
2
als
vastgelegd in dit hoofdstuk, mits
b)
Les expositions sur, ou garanties
par, des administrations centrales
et des banques centrales hors
Union européenne, des banques
multilatérales de développement,
des organisations internationales
qui relèvent du premier échelon
d’évaluation de la qualité du crédit
visé dans le présent chapitre, et les
expositions sur, ou garanties par,
des entités du secteur public ou des
autorités régionales ou locales hors
Union européenne lorsqu’elles
sont pondérées comme des
expositions sur des établissements
ou sur des administrations
centrales et des banques centrales
conformément au § 2, 1° et 2° et
au § 3, 2° et 3° et qu’elles relèvent
du premier échelon d’évaluation
de la qualité du crédit visé dans le
présent chapitre, et les expositions
au sens de ce paragraphe qui
relèvent au minimum du second
échelon d’évaluation de la qualité
du crédit visé dans le présent
chapitre, pour autant qu’ils
n’excèdent pas 20 % de l’encours
168
nominal des obligations garanties
des établissements émetteurs;
zij niet hoger liggen dan 20 %
van het nominale bedrag van de
uitstaande gedekte obligaties van
de uitgevende instellingen;
c) Risicoposities op instellingen die
in aanmerking komen voor
kredietwaardigheidsbeoordelingscategorie 1
als
vastgelegd in dit hoofdstuk. Het
totaalbedrag
van
dergelijke
risicoposities mag niet hoger
liggen dan 15 % van het
nominale
bedrag
van
de
uitstaande gedekte obligaties van
de uitgevende kredietinstelling.
Risicoposities die het gevolg zijn
van overdrachten en beheer van
betalingen van debiteuren, of
liquidatieopbrengsten, uit hoofde
van door onroerend goed gedekte
leningen aan houders van gedekte
obligaties, worden niet in
aanmerking genomen bij de
berekening van de limiet van
15 %.
Risicoposities
op
instellingen in de Europese Unie
met een looptijd van maximaal
100 dagen vallen niet onder het
vereiste van categorie 1, maar die
instellingen moeten ten minste in
aanmerking
komen
voor
kredietwaardigheidsbeoordelings
categorie 2 als vastgelegd in dit
hoofdstuk;
c)
Les
expositions
sur
des
établissements,
lorsqu’elles
relèvent du premier échelon
d’évaluation de la qualité du crédit
visé dans le présent chapitre. Le
total de ces expositions ne dépasse
pas 15 % de l’encours nominal des
obligations
garanties
de
l’établissement de crédit émetteur.
Les expositions générées par la
transmission et la gestion de
paiements des débiteurs, ou par
des produits de liquidation, de
prêts garantis par un bien
immobilier
aux
détenteurs
d'obligations garanties n'entrent
pas dans le calcul de cette limite
de 15 %. Les expositions sur des
établissements
dans
l’Union
européenne
d’une
échéance
n’excédant pas 100 jours ne sont
pas compris dans l’exigence du 1er
échelon, mais ces établissements
doivent relever au minimum du
second échelon d’évaluation de la
qualité du crédit visé dans le
présent chapitre;
d) Leningen die gedekt zijn door
niet-zakelijk onroerend goed of
door aandelen in de in § 9, 3°
bedoelde Finse ondernemingen
voor de bouw van woningen, tot
aan een waarde die de laagste is
van de hoofdsom van de
pandrechten in combinatie met
eerder verleende pandrechten, en
80% van de waarde van de in
pand gegeven goederen, of
bevoorrechte deelbewijzen die
worden uitgegeven door Franse
'Fonds Communs de Créances' of
door
gelijkwaardige
d)
Les prêts garantis par un bien
immobilier résidentiel ou par des
parts dans des sociétés finlandaises
de logement visées au § 9, 3°, pour
le montant correspondant au
minimum entre le montant
principal
des
hypothèques
correspondantes combinées à
toutes les hypothèques antérieures
et 80% de la valeur des biens
nantis,;ou les parts privilégiées
émises par des fonds communs de
créances français ou par des
organismes
de
titrisation
équivalents, régis par le droit d'un
169
effectiseringsinstellingen
die
onder de wetgeving van een
lidstaat ressorteren en die door
niet-zakelijk onroerend goed
gedekte
risicoposities
effectiseren, op voorwaarde dat
minstens 90% van de activa van
die
'Fonds
Communs
de
Créances' of gelijkwaardige
effectiseringsinstellingen
die
onder de wetgeving van een
lidstaat ressorteren, bestaan uit
hypotheken die gecombineerd
zijn met eventueel eerder
verleende pandrechten, binnen de
grens van de waarde die de
laagste is van de hoofdsom die
verschuldigd is uit hoofde van de
bevoorrechte deelbewijzen, de
hoofdsom van de pandrechten en
80 % van de waarde van de in
pand gegeven goederen, en mits
de deelbewijzen in aanmerking
komen
voor
de
kredietwaardigheidsbeoordelingscategorie
1
als
vastgelegd in dit hoofdstuk, voor
zover die deelbewijzen niet meer
bedragen dan 20 % van het
nominale
bedrag
van
de
uitstaande uitgifte ;;
Etat membre, qui réalisent la
titrisation des expositions sur
l'immobilier
résidentiel,
à
condition qu'au moins 90% des
actifs d’un tel fonds commun de
créances ou de l'organisme de
titrisation équivalent, régi par le
droit d'un Etat membre, soient
constitués d'hypothèques qui sont
combinées
à
toutes
les
hypothèques antérieures dans la
limite de la plus basse des valeurs
entre le principal dû au titre de
parts, le principal des hypothèques
et 80 % de la valeur des biens
nantis, et à condition que les parts
relèvent du premier échelon
d'évaluation de la qualité du crédit
visé dans le présent chapitre
lorsque la valeur de ces parts ne
dépasse pas 20 % de l’encours
nominal de l’émission;
Risicoposities die het gevolg zijn van de
overdracht en het beheer van betalingen
van
de
debiteur
van,
of
liquidatieopbrengsten uit hoofde van
leningen die gedekt zijn door in pand
gegeven bevoorrechte deelbewijzen of
door in pand gegeven schuldtitels,
worden niet in aanmerking genomen bij
de berekening van de grenswaarde van
90 %;
Les expositions générées par la
transmission et la gestion des paiements,
ou de produits de liquidation,
du
débiteur de prêts garantis par des biens
nantis en rapport avec des parts
privilégiées ou de titres de dette n’entrent
pas dans le calcul de la limite de 90 %;
e) Leningen die gedekt zijn door
zakelijk onroerend goed of door
aandelen in de in § 9, 9° bedoelde
Finse ondernemingen voor de
bouw van woningen, tot aan een
waarde die de laagste is van de
hoofdsom van de pandrechten in
e)
Les prêts garantis par un bien
immobilier commercial ou par des
parts dans des sociétés finlandaises
de logement visées au § 9, 9°, pour
le montant correspondant au
minimum entre le principal des
hypothèques
correspondantes,
170
combinatie met eerder verleende
pandrechten en 60 % van de
waarde van de in pand gegeven
goederen,
of
bevoorrechte
deelbewijzen
die
worden
uitgegeven door Franse 'Fonds
Communs de Créances' of door
gelijkwaardige
effectiseringsinstellingen
die
onder de wetgeving van een
lidstaat ressorteren en die door
zakelijk onroerend goed gedekte
risicoposities effectiseren, op
voorwaarde dat minstens 90 %
van de activa van die 'Fonds
Communs de Créances' of
gelijkwaardige
effectiseringsinstellingen
die
onder de wetgeving van een
lidstaat ressorteren, bestaan uit
hypotheken die gecombineerd
zijn met eventueel eerder
verleende pandrechten, binnen de
grens van de waarde die de
laagste is van de volgende
bedragen: de hoofdsom die
verschuldigd is uit hoofde van de
deelbewijzen, de hoofdsom van
de pandrechten, en 60% van de
waarde van de in pand gegeven
goederen,
en
mits
de
deelbewijzen in aanmerking
komen
voor
de
kredietwaardigheidsbeoordelingscategorie 1
als
vastgelegd in dit hoofdstuk, voor
zover die deelbewijzen niet meer
bedragen dan 20 % van het
nominale
bedrag
van
de
uitstaande uitgifte;
combinées
à
toutes
les
hypothèques antérieures, et 60 %
de la valeur des biens nantis,;ou les
parts privilégiées émises par des
fonds communs de créances
français ou par des organismes de
titrisation équivalents, régis par le
droit d'un Etat membre, qui
réalisent
la
titrisation
des
expositions
sur
l'immobilier
commercial, à condition qu'au
moins 90 % des actifs du fonds
commun de créances concerné ou
de l'organisme de titrisation
équivalent, régi par le droit d'un
État membre, soient constitués
d'hypothèques qui sont combinées
à
toutes
les
hypothèques
antérieures dans la limite de la plus
basse des valeurs entre le principal
dû au titre des parts, le principal
des hypothèques et 60 % de la
valeur des biens nantis, et à
condition que les parts relèvent du
premier échelon d'évaluation de la
qualité du crédit visé dans le
présent chapitre lorsque la valeur
de ces parts ne dépasse pas 20 %
de
l’encours
nominal
de
l’émission;
Risicoposities die het gevolg zijn
van de overdracht en het beheer
van betalingen van de debiteur
van, of liquidatieopbrengsten uit
hoofde van leningen die gedekt
zijn door in pand gegeven
bevoorrechte deelbewijzen of
door
in
pand
gegeven
schuldtitels, worden niet in
Les expositions générées par la
transmission et la gestion de
paiements du débiteur, ou de
produits de liquidation, de prêts
garantis par des biens nantis en
rapport avec des parts privilégiées
ou des titres de dette n’entrent pas
dans la limite de 90 %.
171
aanmerking genomen bij de
berekening van de grenswaarde
van 90 %.
f) Leningen die gedekt zijn door
een schip, voor zover de
overeenstemmende hypotheken
in combinatie met eerder
verleende hypotheken onder de
60 % van de waarde van het in
pand gegeven schip blijven.
f)
Les prêts garantis par un navire
pour autant que les hypothèques
correspondantes, combinées à
toutes les hypothèques antérieures,
ne dépassent pas 60 % de la valeur
du navire nanti.
Voor toepassing van deze bepaling wordt
onder "afgedekt" mede verstaan de
omstandigheden waarin de activa als
omschreven in de punten a) tot f)
wettelijk en uitsluitend zijn bestemd om
de houders van de obligaties tegen
verliezen te beschermen.
A cette fin, la "sûreté constituée" couvre
également les cas où les actifs visés aux
points a) à f) sont exclusivement
consacrés, par la loi, à la protection des
détenteurs d'obligations contre les pertes.
Tot 31 december 2010 is de in de punten
d) en e) vermelde limiet van 20 % voor
bevoorrechte deelbewijzen die zijn
uitgegeven
door
Franse
"Fonds
Communs de Créances" of door
gelijkwaardige effectiseringsinstellingen,
niet van toepassing voor zover voor die
bevoorrechte
deelbewijzen
een
kredietbeoordeling van een aangewezen
EKBI beschikbaar is die de gunstigste is
die de EKBI voor gedekte obligaties
toekent.
La limite de 20 % concernant les parts
privilégiées émises par des fonds
communs de créances français ou par des
organismes de titrisation équivalents,
comme précisé aux points d) et e), n'est
pas applicable jusqu'au 31 décembre 2010
à condition que ces parts privilégiées
bénéficient d'une évaluation de crédit
établie par un OEEC désigné qui
corresponde à la catégorie la plus
favorable d'évaluation de crédit établie par
cet OEEC à l'égard des obligations
garanties.
2° Met betrekking tot als zekerheid
voor gedekte obligaties verschaft
onroerend
goed
nemen
de
kredietinstellingen de minimumvereisten
van
artikel
V.32,
en
de
waarderingsregels van artikel V.72, in
acht.
2° Pour les biens immobiliers donnés en
sûreté
d’obligations
garanties,
les
établissements de crédit respectent les
exigences
minimales
fixées
à
l’article V.32, et les règles d’évaluations
énoncées à l’article V.72.
3° Onverminderd de punten 1° en 2°
komen ook gedekte obligaties die aan de
definitie van artikel 22, lid 4, van
Richtlijn 85/611/EEG voldoen en die
voor 31 december 2007 zijn uitgegeven,
tot op hun eindvervaldag voor de
preferentiële behandeling in aanmerking.
3° Nonobstant les points 1° et 2°, les
obligations garanties qui répondent à la
définition de l’article 22, paragraphe 4, de
la directive 85/611/CEE et qui sont émises
avant le 31 décembre 2007 peuvent aussi
bénéficier, jusqu’à leur échéance, du
traitement préférentiel.
4°
Bij de toekenning van een weging 4°
Les
obligations
garanties
sont
172
aan gedekte obligaties wordt uitgegaan
van de weging die is toegekend aan
bevoorrechte niet-gedekte risicoposities
op de kredietinstelling die de obligaties
uitgeeft,
waarbij
tussen
de
desbetreffende wegingen het volgende
verband geldt:
pondérées sur la base des pondérations
attribuées aux expositions prioritaires non
garanties sur l’établissement de crédit qui
les émet. Les correspondances suivantes
s'appliquent entre ces pondérations:
a)
indien aan de risicoposities op de
kredietinstelling een weging van
20 % wordt toegekend, wordt aan
de gedekte obligaties een weging
van 10 % toegekend ;
a)
lorsque les expositions sur
l'établissement de crédit reçoivent
une pondération de 20 %, une
pondération de 10 % est appliquée
aux obligations garanties;
b)
indien aan de risicoposities op de
kredietinstelling een weging van
50% wordt toegekend, wordt aan
de gedekte obligaties een weging
van 20% toegekend ;
b)
lorsque les expositions sur
l'établissement de crédit reçoivent
une pondération de 50%, une
pondération de 20% est appliquée
aux obligations garanties;
c)
indien aan de risicoposities op de
kredietinstelling een weging van
100% wordt toegekend, wordt
aan de gedekte obligaties een
weging van 50% toegekend ;
c)
lorsque les expositions sur
l'établissement de crédit reçoivent
une pondération de 100 %, une
pondération de 50 % est appliquée
aux obligations garanties;
d)
indien aan de risicoposities op de
kredietinstelling een weging van
150% wordt toegekend, wordt
aan de gedekte obligaties een
weging van 100% toegekend.
d)
lorsque les expositions sur
l'établissement de crédit reçoivent
une pondération de 150 %, une
pondération
de
100 %
est
appliquée
aux
obligations
garanties;
§ 13. RISICOPOSITIES IN DE
VORM VAN INSTELLINGEN VOOR
COLLECTIEVE BELEGGING (ICB’S)
§ 13. EXPOSITIONS SOUS LA
FORME D’ORGANISMES DE PLACEMENT
COLLECTIF (OPC)
1° Onverminderd het bepaalde in de
punten 2° tot 8° wordt aan risicoposities
in instellingen voor collectieve belegging
(ICB’s) een weging van 100 %
toegekend.
1°
Sans préjudice des points 2° à 8°,
les expositions dans des organismes de
placement collectif (OPC) reçoivent une
pondération de 100 %.
2°
Aan risicoposities in de vorm van
ICB’s waarvoor een kredietbeoordeling
van een aangewezen EKBI beschikbaar
is, wordt overeenkomstig tabel 9 een
weging toegekend in overeenstemming
met de onderbrenging door de CBFA
van de kredietbeoordelingen van erkende
EKBI’s in zes categorieën van een
kredietwaardigheidsbeoordelingsschaal.
2°
Les expositions sous la forme
d’OPC pour lesquelles existe une
évaluation de crédit établie par un OEEC
désigné reçoivent une pondération
attribuée conformément au tableau 9,
selon la répartition, effectuée par la
CBFA, des évaluations de crédit établies
par les OEEC éligibles en six échelons
d’une échelle d’évaluation de la qualité du
173
crédit.
Tabel 9
Kredietwaardigheidscategorie
1
2
3
4
5
6
Risicoweging
20%
50%
100%
100%
150%
150%
Tableau 9
Echelon
de 1
qualité du crédit
2
3
4
5
6
Pondération de 20%
risque
50%
100%
100%
150%
150%
174
3° Indien de CBFA van oordeel is dat
aan een positie in een ICB bijzonder
grote risico’s verbonden zijn, mag zij
eisen dat aan die positie een weging van
150 % wordt toegekend.
3° Lorsque la CBFA estime qu’une
position dans un OPC représente un risque
particulièrement élevé, elle peut exiger
que cette position reçoive une pondération
de 150 %.
4° De risicoweging van een ICB mag
door een instelling op de in de punten 6°
tot 8° beschreven wijze worden
vastgelegd, indien aan de volgende
toelaatbaarheidscriteria is voldaan :
4° Les
établissements
peuvent
déterminer la pondération de risque
applicable à un OPC conformément aux
points 6 à 8 lorsque les critères
d’éligibilité suivants sont remplis:
a) de ICB wordt beheerd door een
vennootschap waarop in een
lidstaat
toezicht
wordt
uitgeoefend of, voor een ICB
die beheerd wordt door een
vennootschap van een derde
land, de CBFA kan ze als
toelaatbaar beschouwen voor
zover :
a) L’OPC est géré par une société
assujettie à la surveillance d’un
Etat membre, ou, pour un OPC
géré par une société d’un pays
tiers, la CBFA peut le
considérer comme éligible dans
la mesure où :
i) de ICB wordt beheerd door
een
vennootschap
die
onderworpen is aan toezicht
dat gelijkwaardig wordt
geacht aan het toezicht
waarin
het
Gemeenschapsrecht
voorziet; en
ii) de samenwerking tussen de
bevoegde autoriteiten is
genoegzaam gewaarborgd ;
b) het prospectus of daarmee gelijk
te stellen document van de ICB
bevat:
c)
i)
l’OPC est géré par une
société assujettie à une
surveillance
jugée
équivalente à celle prévue
en droit communautaire; et
ii) une coopération suffisante
entre autorités compétentes
est assurée.
b) Le prospectus de l’OPC ou les
documents
équivalents
indiquent notamment:
i) de categorieën van activa
waarin de ICB
mag
beleggen;
i)
Les catégories d’actifs
dans lesquelles l’OPC est
autorisé à investir;
ii) de relatieve limieten en de
methoden om die te
berekenen, indien dergelijke
beleggingslimieten
van
toepassing zijn;
ii) En cas de limites aux
investissements, les limites
relatives appliquées et les
méthodes utilisées pour les
calculer;
over de bedrijfsactiviteiten van
c) L’activité de l’OPC fait l’objet
175
de ICB wordt ten minste
jaarlijks op zodanige wijze
verslag uitgebracht dat de activa
en
passiva,
alsmede
de
inkomsten en transacties over de
verslagperiode kunnen worden
beoordeeld.
d’un rapport au moins annuel,
qui vise à permettre une
évaluation de son bilan, de ses
résultats et de ses opérations
sur la période de référence.
5° Indien een ICB van een derde land
overeenkomstig punt 4° a), door een
bevoegde autoriteit van een andere
lidstaat als toelaatbaar wordt erkend, kan
de instelling van die erkenning gebruik
maken tenzij de CBFA bezwaar maakt.
5° Lorsqu’une autorité compétente d’un
autre Etat membre décide de reconnaître
un OPC d’un pays tiers comme éligible
conformément
au
point 4
a),
l’établissement
peut appliquer cette
décision sauf objection de la CBFA.
6° Wanneer de instelling op de hoogte
is van de onderliggende risicoposities
van een ICB, mag zij zich op die
onderliggende risicoposities baseren om
een gemiddelde weging voor de ICB te
berekenen.
6° Lorsqu’un
établissement
a
connaissance des expositions sousjacentes d’un OPC, il peut tenir
directement compte desdites expositions
sous-jacentes aux fins de calculer une
pondération moyenne à appliquer à cet
OPC.
7° Wanneer de instelling niet op de
hoogte is van de onderliggende
risicoposities van een ICB, mag zij een
gemiddelde weging voor de ICB
berekenen, mits zij zich houdt aan de
volgende regels: er wordt aangenomen
dat de ICB eerst tot de toegestane limiet
belegt in de risicopositiecategorieën
risicoposities waarvoor het hoogste
eigenvermogensvereiste
geldt,
en
vervolgens belegt in risicoposities
waarvoor een steeds verder afnemend
eigenvermogensvereiste geldt, totdat de
totale beleggingslimiet is bereikt.
7° Lorsque l’établissement n’a pas
connaissance des expositions sousjacentes de l’OPC, il peut calculer une
pondération moyenne à appliquer à cet
OPC, sous réserve des règles suivantes: il
est présumé que l’OPC investit d’abord,
dans toute la mesure autorisée par son
mandat, dans les catégories d’expositions
attirant la plus forte exigence de fonds
propres, puis continue par ordre
décroissant jusqu’à ce que la limite totale
de ses investissements soit atteinte.
8° Instellingen mogen een beroep doen
op een derde om overeenkomstig de in
de punten 6° en 7° beschreven methoden
een risicoweging voor de ICB te
berekenen en te rapporteren, mits de
juistheid van de berekening en de
rapportage op adequate wijze is
gewaarborgd.
8° Les établissements peuvent charger
un tiers de calculer et de déclarer,
conformément aux méthodes exposées aux
points 6 et 7, la pondération de risque
applicable à un OPC, sous réserve que
l’exactitude de ce calcul et de cette
déclaration soit adéquatement garantie.
176
§ 14.
§ 14. OVERIGE POSTEN
AUTRES ELEMENTS
1° Aan materiële activa wordt een 1° Les actifs corporels reçoivent une
weging van 100 % toegekend.
pondération de 100 %.
2° Aan overlopende posten waarvoor
de instelling niet in staat is om uit te
maken wie de wederpartij is, wordt een
weging van 100 % toegekend.
2° Les comptes de régularisation pour
lesquels un établissement n’est pas en
mesure de déterminer la contrepartie
reçoivent une pondération de 100 %.
3° Aan waarden ter incasso wordt een
weging van 20 % toegekend. Aan
kasmiddelen en gelijkwaardige posten
wordt een weging van 0 % toegekend
3° Les valeurs à l’encaissement
reçoivent une pondération de 20 %.
L’encaisse et les valeurs assimilées
reçoivent une pondération de 0 %.
4° Tenzij ze in mindering zijn
gebracht op het eigen vermogen en
onverminderd de bepalingen van
artikel II.2 wordt aan genoteerde
aandelen en achtergestelde risicoposities
die niet onder andere paragrafen van dit
artikel vallen, een weging toegekend die
niet lager mag zijn dan 100 %, Voor
risicoposities in de vorm van nietgenoteerde aandelen bedraagt de
minimale weging 150 %.
4° Sauf déduction des fonds propres et
sans préjudice aux dispositions de
l’article II.2, les actions cotées et les
expositions subordonnées qui ne sont pas
visées par les autres paragraphes du
présent article reçoivent une pondération
d’au moins 100 %. Les expositions sous
forme d’actions non cotées reçoivent une
pondération d’au moins 150 %.
5° Aan het goud dat in eigen kluizen
wordt bewaard of is toegewezen, voor
zover daar verplichtingen in de vorm van
goud tegenover staan, wordt een weging
van 0 % toegekend.
5° Les
réserves
d’or
détenues
matériellement ou sous dossier à
concurrence des montants couverts par des
passifs en or reçoivent une pondération de
0 %.
6° Bij aankoopverbintenissen op
termijn zijn de wegingen die welke
gelden voor de desbetreffende activa en
niet die welke gelden voor de
wederpartijen bij de transacties. Bij
retrocessieverrichtingen
en
andere
verkopen
met
verbintenis
tot
wederinkoop worden de afgestane activa
steeds gewogen, onverminderd de andere
bepalingen van deze titel met betrekking
tot het wederpartijrisico van die
transacties.
6° Dans le cas des engagements d'achat
à terme, les pondérations portent sur les
actifs eux-mêmes, et non sur les
contreparties aux transactions. Dans le cas
de mise en pension et autres cessions avec
engagement de reprise, les actifs cédés
font toujours l’objet d’une pondération
sans préjudice des autres dispositions du
présent titre relatif au traitement du risque
de contrepartie de ces transactions.
7°
Wanneer een instelling voor een 7°
Lorsqu’un établissement fournit une
177
reeks risicoposities kredietprotectie biedt
onder voorwaarde dat
de nde
wanbetaling op die risicoposities
aanleiding geeft tot betaling en dat die
kredietgebeurtenis de beëindiging van
het contract met zich brengt, zijn de in
titel VII, hoofdstuk 2, afdeling III
(effectisering) voorgeschreven wegingen
van toepassing indien voor het product
een externe kredietbeoordeling van een
erkende EKBI beschikbaar is. Indien er
voor het product geen externe kredietbeoordeling van een erkende EKBI
beschikbaar is, worden de wegingen van
alle beschermde risicoposities, op n-1
risicoposities na, geaggregeerd tot een
maximum van 1250% en vermenigvuldigd met het nominale bedrag van de
door het kredietderivaat geboden
protectie om het gewogen actiefbedrag te
verkrijgen. De n-1 risicoposities die bij
de aggregatie buiten beschouwing
worden gelaten, worden op de volgende
wijze geselecteerd: het betreft elke
risicopositie waarvan het gewogen
risicobedrag lager is dan het gewogen
risicobedrag van elke risicopositie die in
de aggregatie is opgenomen.
protection de crédit couvrant un certain
nombre d‘expositions aux conditions que
le nième cas de défaut parmi ces
expositions déclenche la protection et met
un terme au contrat, si le produit concerné
fait l’objet d’une évaluation externe du
crédit établie par un OEEC éligible, les
pondérations prescrites au titre VII,
chapitre 2, section III (titrisation) sont
appliquées. Si le produit n’a pas été noté
par un OEEC éligible, les pondérations
des expositions incluses dans le panier – à
l’exclusion de n-1 expositions – sont
agrégées jusqu’à concurrence de 1250 %,
puis multipliées par le montant nominal de
la protection fournie par le dérivé de
crédit, de manière à obtenir le montant de
l’actif pondéré. Les n-1 expositions qui
doivent être exclues de l’agrégat sont ainsi
déterminées qu'elles englobent chaque
exposition donnant lieu à un montant de
risque pondéré inférieur à celui de toute
exposition incluse dans l'agrégat.
8° Wanneer de vordering een 8° Lorsque l’exposition est une valeur
restwaarde van geleased goed is, wordt résiduelle de biens loués, la pondération
du risque est calculée comme suit :
de risicoweging als volgt berekend:
1/t * 100 %
1/t * 100 %
waarbij t gelijk is aan 1 of de op het où t est le nombre le plus grand entre 1 et
dichtstbijzijnde gehele getal afgeronde le nombre le plus proche d’années entières
en in jaren uitgedrukte resterende duur du crédit-bail restant à courir.
van de leaseovereenkomst, al naargelang
welke van beide getallen het hoogst is.
Hoofdstuk 5 : Kredietrisicomatiging
Chapitre 5 : Atténuation du risque de
crédit
Afdeling I – Algemene beginselen
Section I – Principes généraux
Art. V.17
Art. V.17
Voor de toepassing van dit hoofdstuk Aux fins du présent chapitre, on désigne
wordt
onder
"leningverstrekkende par
«établissement
prêteur»
178
qui
instelling" verstaan: de instelling die de l’établissement
risicopositie in kwestie aanhoudt, l’exposition considérée, que
ongeacht of daaraan een lening ten découle ou non d’un prêt.
grondslag ligt.
détient
celle-ci
Art. V.18
Art. V.18
De instellingen mogen conform dit
hoofdstuk
kredietrisicomatiging
in
aanmerking nemen bij de berekening van
hun gewogen risicovolume bedoeld in
artikel V.1.
Les établissements peuvent tenir compte
de l’atténuation du risque de crédit
conformément au présent chapitre
lorsqu’ils calculent les montants de leur
volume pondéré des risques visé à
l’article V.1.
Art. V.19
Art. V.19
§ 1. De
voor
de
kredietprotectie gehanteerde techniek in
combinatie met de maatregelen, stappen,
procedures en beleidslijnen van de
leningverstrekkende instelling, leiden tot
zekerheidsregelingen
die
in
alle
desbetreffende
rechtsgebieden
rechtsgeldig en uitvoerbaar zijn.
§ 1. La technique utilisée par
l’établissement prêteur pour fournir la
protection du crédit, de même que les
actions et mesures qu’il adopte et les
procédures et politiques qu’il met en
œuvre, doivent être propres à créer des
mécanismes de protection du crédit qui
soient
juridiquement
efficaces
et
exécutoires dans tous les pays concernés.
§ 2. L’établissement
prêteur
§ 2. De leningverstrekkende
instelling
neemt
alle
vereiste prend toute mesure appropriée pour
maatregelen om de effectiviteit van de assurer l’efficacité de la protection du
zekerheidsregeling te waarborgen en de crédit et traiter les risques liés.
daaraan verbonden risico´s te beperken.
§ 3. Bij
volgestorte
kredietprotectie mogen als zekerheid
alleen activa in aanmerking worden
genomen (toelaatbare activa) waarvan de
liquiditeit niet te wensen overlaat en
waarvan de waarde in de tijd gezien zo
stabiel is dat ze, gelet op de benadering
die gehanteerd wordt voor de berekening
van het gewogen risicovolume en gelet
op de toegestane mate van erkenning,
voldoende zekerheid bieden wat de
protectie van het krediet betreft. Alleen
de in afdeling II van dit hoofdstuk
genoemde activa komen voor deze
doeleinden in aanmerking.
§ 3. Dans
le
cas
d’une
protection financée du crédit, les actifs
servant de sûreté ne peuvent être pris en
compte («actifs éligibles») que s’ils sont
suffisamment liquides et que leur valeur
reste suffisamment stable sur la durée pour
donner un degré approprié d’assurance
quant au niveau de protection atteint,
compte tenu de l’approche utilisée pour
calculer le volume pondéré des risques et
du degré de prise en compte autorisé.
L’éligibilité est limitée aux actifs
répertoriés à la section II du présent
chapitre.
§ 4. Bij
volgestorte
§ 4. Dans
le
cas
d’une
kredietprotectie
heeft
de protection
financée
du
crédit,
leningverstrekkende instelling het recht l’établissement prêteur a le droit de
179
om bij in gebreke blijven, insolventie of
faillissement van de debiteur of indien
van toepassing, van de bewaarnemer van
de zekerheid alsook bij een andere
kredietgebeurtenis
die
in
de
documentatie van de transactie wordt
vermeld, de activa die als zekerheid
dienen, bijtijds te liquideren of te
behouden. De waarde van de activa die
als zekerheid worden gebruikt, mag niet
te zeer gecorreleerd zijn met de
kredietwaardigheid van de debiteur.
liquider en temps opportun ou de
conserver pour un temps opportun les
actifs dont découle la protection en cas de
défaut, d’insolvabilité ou de faillite du
débiteur ou, le cas échéant, du dépositaire
de la sûreté ainsi que lors de tout autre
événement affectant le crédit qui est visé
dans la documentation relative à la
transaction. Le degré de corrélation entre
la valeur des actifs dont découle la
protection et la qualité du crédit du
débiteur ne doit pas être excessif.
§ 5. Bij
niet-volgestorte
kredietprotectie mag de partij die ze
geeft slechts in aanmerking worden
genomen (toelaatbare partij) als ze
betrouwbaar
genoeg
is
en de
kredietprotectieovereenkomst
in de
desbetreffende
rechtsgebieden
rechtsgeldig en uitvoerbaar is; pas dan is
er, gelet op de benadering die gehanteerd
wordt voor de berekening van het
gewogen risicovolume en gelet op de
toegestane
mate
van
inaanmerkingneming,
sprake
van
voldoende zekerheid wat de protectie
van het krediet betreft. Alleen de in
afdeling II van dit hoofdstuk genoemde
protectieverschaffers
en
soorten
kredietprotectieovereenkomsten komen
voor deze doeleinden in aanmerking.
§ 5. Dans
le
cas
d’une
protection non financée du crédit, la partie
prenant l’engagement ne peut être
reconnue («partie éligible») que si elle est
suffisamment fiable et que la convention
de protection est juridiquement efficace et
exécutoire dans les pays concernés, de
façon à donner un degré approprié
d’assurance quant au niveau de protection
atteint, compte tenu de l’approche utilisée
pour calculer le volume pondéré des
risques et du degré de reconnaissance
autorisé. L’éligibilité est limitée aux
fournisseurs de protection et types de
conventions de protection répertoriés à la
section II du présent chapitre.
§ 6. Er dient te worden
§ 6. Les exigences minimales,
voldaan aan de in afdeling III van dit fixées à la section III du présent chapitre,
hoofdstuk vermelde minimumeisen.
doivent être remplies.
Art. V.20
Art. V.20
§ 1. Als aan artikel V.19
wordt voldaan, mag de berekening van
het gewogen risicovolume worden
gewijzigd
overeenkomstig
de
afdelingen IV tot VII.
§ 1. Lorsqu’il est satisfait aux
exigences de l’article V.19, le calcul du
volume pondéré des risques peut être
modifié conformément aux sections IV à
VII.
§ 2. Een
risicopositie
waarvoor een kredietrisicomatiging
wordt bekomen, levert in geen geval een
hoger gewogen risicobedrag op dan een
risicopositie
zonder
§ 2. Aucune exposition pour
laquelle une atténuation du risque de
crédit est obtenue ne donne lieu à un
montant pondéré supérieur à celui d'une
exposition identique qui ne fait pas l'objet
180
kredietrisicomatiging die in alle overige d'une atténuation du risque de crédit.
opzichten identiek is.
§ 3. Als
het
gewogen
risicovolume in het kader van de
hoofdstukken 1 tot 4 van deze titel al
rekening houdt met kredietprotectie,
wordt kredietprotectie in het kader van
dit hoofdstuk niet meer als zodanig in
aanmerking genomen.
§ 3. Lorsque le volume pondéré
des risques tient déjà compte de la
protection du crédit en vertu des
chapitres 1 à 4 du présent titre, celle-ci
n’est pas prise en compte plus avant au
titre du présent chapitre.
Afdeling II - Toelaatbaarheid
Section II - Eligibilité
ONDERAFDELING I
KREDIETPROTECTIE
SOUS-SECTION
CREDIT
–
VOLGESTORTE
I - PROTECTION
Art. V.21
Art. V.21
Verrekening van balansposten
Compensation au bilan
FINANCEE DU
§ 1. De verrekening op de
§ 1. Il peut être tenu compte de
balans van wederzijdse vorderingen la compensation au bilan des créances
tussen de instelling en haar wederpartij réciproques de l’établissement et de sa
kan als toelaatbaar worden aangemerkt.
contrepartie.
§ 2. Onverminderd
het
bepaalde in artikel V.22, is de
toelaatbaarheid beperkt tot wederzijdse
contante saldi. Alleen het gewogen
risicovolume uit hoofde van leningen en
deposito’s van de leningverstrekkende
instelling mag worden gewijzigd als
gevolg van een overeenkomst van
verrekening van balansposten.
§ 2. Sans
préjudice
de
l’article V.22, l’éligibilité est limitée aux
soldes en espèces réciproques. Seuls les
prêts et dépôts de l’établissement prêteur
peuvent faire l’objet d’une modification
du montant du volume pondéré des risques
en conséquence de
l’accord
de
compensation au bilan.
Art. V.22
Art. V.22
Kaderverrekeningsovereenkomsten
met
betrekking
tot
retrocessieovereenkomsten
en/of
verstrekte of opgenomen effecten- of
grondstoffenleningen en/of andere
kapitaalmarktgerelateerde transacties
Accords cadres de compensation
couvrant des opérations de pension
et/ou des opérations de prêt/emprunt de
titres ou de produits de base et/ou
d’autres opérations ajustées aux
conditions du marché
Bij instellingen die de in afdeling IV van
dit hoofdstuk beschreven uitgebreide
benadering van financiële zekerheden
toepassen, kan het effect van bilaterale
Les établissements qui adoptent la
méthode générale fondée sur les sûretés
financières en vertu de la section IV du
présent chapitre peuvent tenir compte des
181
verrekeningsovereenkomsten
met
betrekking
tot
retrocessieovereenkomsten, verstrekte of
opgenomen
effectenof
grondstoffenleningen
en/of
andere
kapitaalmarktgerelateerde
transacties
met een wederpartij in aanmerking
worden
genomen.
Onverminderd
titel IX, hoofdstuk 1, voldoen de in het
kader van dergelijke overeenkomsten
geaccepteerde zekerheden en geleende
effecten of grondstoffen aan de in
artikel V.23, §§ 2 en 3 vastgelegde
toelaatbaarheidvereisten
voor
zekerheden.
effets
d’accords
bilatéraux
de
compensation
conclus
avec
une
contrepartie et portant sur les opérations
de pensions, les opérations de prêt ou
d’emprunt de titres ou de produits de base
et/ou les opérations ajustées aux
conditions du marché. Sans préjudice du
chapitre 1 du titre IX, la sûreté prise et les
titres ou produits de base empruntés dans
le cadre de tels accords ne peuvent être
pris en compte que s’ils satisfont aux
exigences d’éligibilité des sûretés
énoncées à l’article V.23, §§ 2 et 3.
Art. V.23
Art. V.23
Zekerheden
Sûretés
§ 1. De toelaatbaarheid is
afhankelijk van het feit welke van beide
in afdeling IV beschreven benaderingen
worden toegepast: de eenvoudige
benadering dan wel de uitgebreide
benadering van financiële zekerheden.
Wat de retrocessieovereenkomsten en
verstrekte of opgenomen effecten- of
grondstoffenleningen betreft, is de
toelaatbaarheid ook afhankelijk van het
feit
of
de
transactie
in
de
handelsportefeuille dan wel in de niethandelsportefeuille is opgenomen.
§ 1. L’éligibilité dépend du
choix opéré, en vertu de la section IV,
entre méthode simple ou méthode
générale fondée sur les sûretés financières.
Dans le cas des opérations de pension et
des opérations de prêt ou d’emprunt de
titres ou de produits de base, elle dépend
de la question de savoir si l’opération est
comptabilisée dans le portefeuille de
négociation ou dans le portefeuille des
opérations autres que de négociation.
§ 2. Toelaatbaarheid bij alle
methoden
§ 2. Éligibilité dans le cadre de
toutes les méthodes
1° De
volgende
financiële
instrumenten kunnen bij alle methoden
als toelaatbare zekerheden worden
aangemerkt:
1° Les instruments financiers suivants
peuvent être reconnus comme sûretés
éligibles dans le cadre de toutes les
méthodes:
a) contanten gedeponeerd bij of met
contanten
vergelijkbare
instrumenten aangehouden door de
leningverstrekkende instelling;
a) les dépôts en espèces effectués
auprès de l’établissement prêteur et
les instruments assimilés à des
espèces qu’il détient;
b) schuldtitels
uitgegeven
door
centrale overheden of centrale
banken waarvan de effecten een
kredietbeoordeling hebben van een
b) les titres de créances émis par des
administrations centrales ou des
banques centrales dont les titres
font l’objet d’une évaluation de
182
voor de toepassing van deze titel
erkende
EKBI
of
exportkredietverzekeringsmaatsch
appij die door de CBFA is
ondergebracht
in
kredietwaardigheidscategorie 4 of
hoger conform de in hoofdstuk 4
vervatte voorschriften voor de
weging van de risicoposities op
centrale overheden en centrale
banken;
crédit établie par un OEEC ou un
organisme de crédit à l'exportation
reconnu comme éligible aux fins du
présent titre, dès lors que cette
évaluation est associée, par la
CBFA, à l’échelon 4 de qualité du
crédit ou à un échelon supérieur en
vertu des dispositions du chapitre 4
relatives à la pondération des
risques sur les administrations
centrales et les banques centrales;
c) schuldtitels
uitgegeven
door
instellingen waarvan de effecten
een kredietbeoordeling hebben van
een erkende EKBI die door de
CBFA is ondergebracht in
kredietwaardigheidscategorie 3 of
hoger conform de in hoofdstuk 4
vervatte voorschriften voor de
weging van de risicoposities op
instellingen;
c) les titres de créances émis par des
établissements dont les titres font
l’objet d’une évaluation de crédit
établie par un OEEC éligible, dès
lors que cette évaluation est
associée, par la CBFA, à
l’échelon 3 de qualité du crédit ou à
un échelon supérieur en vertu des
dispositions du chapitre 4 relatives
à la pondération des risques sur les
établissements;
d) schuldtitels
uitgegeven
door
andere entiteiten waarvan de
effecten een kredietbeoordeling
hebben van een erkende EKBI die
door de CBFA is ondergebracht in
kredietwaardigheidscategorie 3 of
hoger conform de in hoofdstuk 4
vervatte voorschriften voor de
weging van de risicoposities op
ondernemingen;
d) les titres de créances émis par
d’autres entités dont les titres font
l’objet d’une évaluation de crédit
établie par un OEEC éligible, dès
lors que cette évaluation est
associée, par la CBFA, à
l’échelon 3 de qualité du crédit ou à
un échelon supérieur en vertu des
dispositions du chapitre 4 relatives
à la pondération des risques sur les
entreprises;
e) schuldtitels
met
een
kredietbeoordeling voor de korte
termijn van een erkende EKBI die
door de CBFA is ondergebracht in
kredietwaardigheidscategorie 3 of
hoger conform de in hoofdstuk 4
vervatte voorschriften voor de
weging
van
kortlopende
risicoposities;
e) les titres de créances faisant l’objet
d’une évaluation de crédit à court
terme établie par un OEEC éligible,
dès lors que cette évaluation est
associée, par la CBFA, à
l’échelon 3 de qualité du crédit ou à
un échelon supérieur en vertu des
dispositions du chapitre 4 relatives
à la pondération des risques à court
terme;
f) aandelen
of
converteerbare
obligaties die in een belangrijke
index zijn opgenomen;
f) les
actions
ou
obligations
convertibles incluses dans un indice
important;
183
g) goud.
g)
l’or.
2° Voor de toepassing van punt b) 2° Aux fins du point b), les «obligations
wordt ervan uitgegaan dat “schuldtitels émises par des administrations centrales
uitgegeven door centrale overheden of ou des banques centrales» incluent:
centrale banken” de volgende soorten
schuldtitels omvatten:
i) schuldtitels uitgegeven door
regionale of lokale overheden
indien de risicoposities op deze
overheden
overeenkomstig
hoofdstuk 4 worden behandeld
als een risicoposities op de
centrale overheid in wier
rechtsgebied ze gevestigd zijn;
i)
les titres de créance émis par des
autorités régionales ou locales à
l’égard desquelles les expositions
sont
traitées
comme
des
expositions sur l’administration
centrale dans la juridiction de
laquelle ces autorités sont établies
en vertu du chapitre 4 ;
ii)
schuldtitels uitgegeven door
publiekrechtelijke entiteiten die
overeenkomstig artikel V.16,
§ 3, 3° worden beschouwd als
risicoposities op de centrale
overheden;
ii)
les titres de créance émis par des
entités du secteur public qui sont
considérées
comme
des
expositions
sur
les
administrations centrales en vertu
de l’article V.16, §3, 3° ;
iii)
schuldtitels uitgegeven door
multilaterale
ontwikkelingsbanken
waarop
overeenkomstig hoofdstuk 4 een
risicoweging van 0 % wordt
toegepast;
iii)
les titres de créance émis par des
banques
multilatérales
de
développement auxquelles une
pondération de 0 % est appliquée
en vertu du chapitre 4 ;
iv)
schuldtitels uitgegeven door
internationale
organisaties
waarop
overeenkomstig
hoofdstuk 4 een risicoweging
van 0 % wordt toegepast.
vi)
les titres de créance émises par
des organisations internationales
auxquelles une pondération de
0 % est appliquée en vertu du
chapitre 4 ;
Voor de toepassing van punt c) omvatten Aux fins du point c), les «obligations
“schuldtitels
uitgegeven
door émises par des établissements» incluent:
instellingen” de volgende soorten
schuldtitels:
i)
schuldtitels uitgegeven door
regionale of lokale overheden
indien de risicoposities op deze
overheden
overeenkomstig
hoofdstuk 4 niet worden
behandeld als een risicopositie
op de centrale overheid in wier
rechtsgebied de gevestigd zijn;
i)
les titres de créance émis par des
autorités régionales ou locales
autres que les expositions sur ces
autorités traitées comme une
exposition sur l’administration
centrale dans la juridiction de
laquelle elles sont établies en
vertu du chapitre 4 ;
184
ii)
schuldtitels uitgegeven door
publiekrechtelijke
entiteiten
indien de risicoposities op deze
entiteiten
overeenkomstig
artikel V.16, § 3, 2° worden
behandeld als een risicopositie
op lokale overheden;
ii)
les titres de créance émis par des
entités du secteur public à l’égard
desquelles les expositions sont
traitées comme des expositions
sur des autorités locales en vertu
de l’article V.16, §3, 2° ;
iii)
schuldtitels uitgegeven door
andere
multilaterale
ontwikkelingsbanken dan die
waarop
overeenkomstig
hoofdstuk 4 een risicoweging
van 0% wordt toegepast.
iii)
les titres de créance émis par des
banques
multilatérales
de
développement autres que celles
auxquelles une pondération de
0 % est appliquée en vertu du
chapitre 4.
3° Schuldtitels
uitgegeven
door
instellingen waarvan de effecten geen
kredietbeoordeling hebben van een
erkende EKBI, kunnen als toelaatbare
zekerheden worden aangemerkt indien
zij aan de volgende criteria voldoen:
3° Les titres de créance émis par des
établissements dont les titres ne font pas
l’objet d’une évaluation de crédit établie
par un OEEC éligible peuvent être
reconnus comme sûretés éligibles dès lors
qu’elles remplissent les conditions
suivantes:
a) zij zijn op een erkende markt
genoteerd;
a) ils sont cotés sur un marché
reconnu;
b) het betreft
schuld;
niet-achtergestelde
b) ils sont éligibles comme dette de
premier rang;
c) alle andere genoteerde effecten
van dezelfde rangorde van de
instelling
hebben
een
kredietbeoordeling
van
een
erkende EKBI die door de CBFA
is
ondergebracht
in
kredietwaardigheidscategorie 3 of
hoger conform de in hoofdstuk 4
vervatte voorschriften voor de
weging van risicoposities op
instellingen of voor de weging van
kortlopende risicoposities;
c) tous les autres titres notés et de
même rang émis par l’établissement
font l’objet, de la part d’un OEEC
éligible, d’une évaluation de crédit
qui est associée, par la CBFA, à
l’échelon 3 de qualité du crédit ou à
un échelon supérieur en vertu des
dispositions du chapitre 4 relatives
à la pondération des expositions sur
les
établissements
ou
des
expositions à court terme;
d) de leningverstrekkende instelling
beschikt niet over informatie
waaruit blijkt dat de uitgifte een
lagere kredietbeoordeling zou
verdienen dan die welke onder c)
is aangegeven;
d) l’établissement prêteur ne dispose
d’aucune information pouvant
suggérer que l’émission justifierait
une évaluation de crédit inférieure à
celle visée au point c);
e) de leningverstrekkende instelling
e) l’établissement peut démontrer à la
185
kan ten behoeve van de CBFA
naar behoren aantonen dat de
marktliquiditeit van het instrument
toereikend
is
voor
deze
doeleinden.
CBFA que la liquidité de marché de
l’instrument est suffisante à cette
fin.
4° Rechten van deelneming in
instellingen voor collectieve belegging
(ICB’s)
kunnen
als
toelaatbare
zekerheden worden aangemerkt indien
aan de volgende voorwaarden is
voldaan:
4° Les parts dans des organismes de
placement collectif (OPC) peuvent être
reconnues comme sûretés éligibles lorsque
les conditions suivantes sont remplies:
a)
de rechten van deelneming
hebben een dagelijkse publieke
koersnotering;
a)
ces parts font l’objet d’une
cotation publique journalière;
b)
de ICB mag alleen beleggen in
instrumenten
die
overeenkomstig § 2, 1° tot 3°
als toelaatbaar kunnen worden
aangemerkt.
b)
les investissements de l’OPC
considéré sont limités aux
instruments reconnus comme
éligibles en vertu du § 2, 1° à 3°.
Het gebruik (of potentiële gebruik) door
een ICB van afgeleide instrumenten om
toegestane beleggingen af te dekken, laat
de toelaatbaarheid van de rechten van
deelneming in deze instelling onverlet.
L’utilisation (ou l’utilisation potentielle),
par un OPC, d’instruments dérivés en
couverture d’investissements autorisés
n'empêche pas que les parts dans cet OPC
puissent être reconnues comme éligibles.
Indien de ICB niet alleen mag beleggen
in instrumenten die overeenkomstig de
1°, 2° en 3° van deze paragraaf als
toelaatbaar kunnen worden aangemerkt,
kunnen de rechten van deelneming ter
waarde van de in aanmerking komende
activa
als
zekerheden
worden
aangemerkt in de veronderstelling dat de
ICB tot de toegestane grens in niet in
aanmerking komende activa heeft
belegd. In de gevallen waarin niet in
aanmerking komende activa als gevolg
van uit eigendom voortvloeiende
verplichtingen
of
voorwaardelijke
verplichtingen een negatieve waarde
hebben, berekent de instelling de totale
waarde van de niet in aanmerking
komende activa en vermindert zij de
waarde van de in aanmerking komende
activa met de waarde van de niet in
aanmerking komende activa indien
Si les investissements de l’OPC ne sont
pas limités aux instruments reconnus
comme éligibles en vertu des points 1°, 2°
et 3° du présent paragraphe, les parts
peuvent être reconnues avec la valeur des
actifs éligibles comme sûretés dans
l’hypothèse où l’OPC a investi dans la
mesure maximale autorisée par son
mandat dans des actifs non éligibles. Dans
les cas où les actifs non éligibles peuvent
avoir une valeur négative en raison de
passifs ou de passifs éventuels découlant
de la propriété, l’établissement calcule la
valeur totale des actifs non éligibles et
diminue la valeur des actifs éligibles de
celle des actifs non éligibles lorsque cette
dernière présente un total négatif.
186
laatstgenoemde waarde in totaal negatief
is.
5° In verband met § 2, 1° b) tot
e), zij opgemerkt dat indien voor een
effect twee kredietbeoordelingen van
erkende EKBI’s beschikbaar zijn, de
minst gunstige kredietbeoordeling van
toepassing is. Indien voor een effect
meer dan twee kredietbeoordelingen van
erkende EKBI’s beschikbaar zijn, zijn de
twee gunstigste kredietbeoordelingen
van toepassing. Indien de twee
gunstigste
kredietbeoordelingen
verschillend zijn, is de minst gunstige
van beide van toepassing.
5° Concernant le §2, 1° b) à e),
lorsqu’un titre fait l’objet de deux
évaluations du crédit établies par des
OEEC éligibles, c’est l'évaluation la moins
favorable qui s’applique. Lorsqu’un titre
fait l’objet de plus de deux évaluations du
crédit établies par des OEEC éligibles, ce
sont les deux évaluations les plus
favorables qui s’appliquent. Si ces deux
évaluations sont différentes, c'est la moins
favorable qui est retenue.
§ 3. Bijkomende
§ 3. Éligibilité supplémentaire
toelaatbaarheid bij de uitgebreide au titre de la méthode générale fondée sur
benadering van financiële zekerheden
les sûretés financières
Indien een instelling gebruik maakt van
de in afdeling IV beschreven uitgebreide
benadering van financiële zekerheden,
kunnen naast de in § 2 genoemde
zekerheden ook de volgende financiële
instrumenten als toelaatbare zekerheden
worden aangemerkt:
Outre les sûretés visées au §2, lorsqu’un
établissement applique la méthode
générale fondée sur les sûretés financières
en vertu de la section IV, les instruments
financiers suivants peuvent être reconnus
comme sûretés éligibles:
a)
aandelen of converteerbare
obligaties die niet in een
belangrijke
index
zijn
opgenomen maar op een erkend
markt worden verhandeld;
a)
les actions ou obligations
convertibles non incluses dans un
indice important, mais négociées
sur un marché reconnu;
b)
rechten van deelneming in
instellingen voor collectieve
belegging (ICB’s) indien aan de
volgende
voorwaarden
is
voldaan:
b)
les parts dans des organismes de
placement
collectif
(OPC),
lorsque les conditions suivantes
sont remplies:
i) de rechten van deelneming
hebben
een
dagelijkse
publieke koersnotering; en
i) ces parts font l’objet d’une
cotation publique journalière;
et
ii) de ICB mag alleen beleggen
in
instrumenten
die
overeenkomstig § 2, 1° tot
ii) les investissements de l’OPC
considéré sont limités aux
instruments reconnus comme
187
3° als toelaatbaar kunnen
worden aangemerkt, en in
de onder a) bedoelde activa.
éligibles en vertu du §2, 1° à
3° et aux actifs visés au
point a) ci-dessus.
Het gebruik (of potentiële gebruik) door
een ICB van afgeleide instrumenten om
toegestane beleggingen af te dekken, laat
de toelaatbaarheid van de rechten van
deelneming in deze instelling onverlet.
L’utilisation (ou l’utilisation potentielle),
par un OPC, d’instruments dérivés en
couverture d’investissements autorisés
n'empêche pas que les parts dans cet OPC
puissent être reconnues comme éligibles.
Indien de ICB niet alleen mag beleggen
in instrumenten die overeenkomstig § 2,
1°, 2° en 3° als toelaatbaar kunnen
worden aangemerkt, en in de onder a)
van
deze
paragraaf
bedoelde
instrumenten, kunnen de rechten van
deelneming ter waarde van de in
aanmerking
komende
activa
als
zekerheden worden aangemerkt in de
veronderstelling dat de ICB tot de
toegestane grens in niet in aanmerking
komende activa heeft belegd. In de
gevallen waarin niet in aanmerking
komende activa als gevolg van uit
eigendom voortvloeiende verplichtingen
of voorwaardelijke verplichtingen een
negatieve waarde hebben, berekent de
instelling de totale waarde van de niet in
aanmerking
komende
activa
en
vermindert zij de waarde van de in
aanmerking komende activa met de
waarde van de niet in aanmerking
komende activa indien laatstgenoemde
waarde in totaal negatief is.
Si les investissements de l’OPC ne sont
pas limités aux instruments reconnus
comme éligibles en vertu du § 2, 1°, 2° et
3°, et aux actifs visés au point a) du
présent paragraphe, les parts peuvent être
reconnues avec la valeur des actifs
éligibles comme sûretés dans l’hypothèse
où l’OPC a investi dans la mesure
maximale autorisée par son mandat dans
des actifs non éligibles. Dans les cas où
les actifs non éligibles peuvent avoir une
valeur négative en raison de passifs ou de
passifs éventuels découlant de la propriété,
l’établissement calcule la valeur totale des
actifs non éligibles et diminue la valeur
des actifs éligibles de celle des actifs non
éligibles lorsque cette dernière présente un
total négatif.
Art. V.24
Art. V.24
Andere volgestorte kredietprotectie
Autres formes de protection financée du
crédit
§ 1. Dépôts
en
espèces
§ 1. Contanten gedeponeerd
bij of met contanten vergelijkbare effectués auprès d’un établissement tiers
financiële instrumenten aangehouden ou instruments financiers assimilés à des
espèces détenus par un établissement tiers
door een derde instelling
Contanten gedeponeerd bij of met
contanten
vergelijkbare
financiële
instrumenten die niet in het kader van
een
bewaringsovereenkomst
Les dépôts en espèces effectués auprès
d’un établissement tiers ou les instruments
financiers assimilés à des espèces détenus
par un établissement tiers en dehors d’un
188
aangehouden worden door een derde
instelling en die in pand gegeven zijn
aan de leningverstrekkende instelling,
kunnen als toelaatbare kredietprotectie
worden aangemerkt.
accord de conservation et nantis en faveur
de l’établissement prêteur peuvent être
reconnus comme une forme éligible de
protection du crédit.
§ 2. Polices d’assurance vie
§ 2. Aan
de
leningverstrekkende instelling in pand nanties en faveur de l’établissement
prêteur
gegeven levensverzekeringspolissen
Levensverzekeringspolissen die aan de
leningverstrekkende instelling in pand
zijn gegeven, kunnen als toelaatbare
kredietprotectie worden aangemerkt.
Les polices d’assurance vie nanties en
faveur de l’établissement prêteur peuvent
être reconnues comme une forme éligible
de protection du crédit.
§ 3. Op zicht terugkoopbare
§ 3. Instruments émis par un
instrumenten van een instelling
établissement et rachetables à vue
Door een derde instelling uitgegeven
instrumenten die op verzoek door die
instelling zullen worden teruggekocht,
kunnen als toelaatbare kredietprotectie
worden aangemerkt.
Les instruments qui sont émis par un
établissement tiers et qui seront rachetés,
sur demande, par cet établissement tiers
peuvent être considérés comme une forme
éligible de protection du crédit.
ONDERAFDELING II – NIET-VOLGESTORTE
KREDIETPROTECTIE
SOUS-SECTION
DU CREDIT
Art. V.25
Art. V.25
Toelaatbare protectieverschaffers
Éligibilité
protection
II – PROTECTION
des
NON FINANCEE
fournisseurs
de
§ 1. De volgende partijen
§ 1. Les
parties
suivantes
kunnen als toelaatbare verschaffers van peuvent
être
reconnues
comme
niet-volgestorte kredietprotectie worden fournisseurs éligibles d’une protection non
aangemerkt:
financée du crédit:
a) centrale overheden en centrale
banken;
a)
les administrations centrales et
banques centrales;
b) regionale en lokale overheden;
b)
les autorités régionales ou locales;
c) multilaterale
ontwikkelingsbanken;
c)
les banques multilatérales
développement;
d) internationale organisaties indien
aan de risicoposities op deze
organisaties
overeenkomstig
d)
les organisations internationales à
l’égard desquelles les expositions
reçoivent une pondération de 0 %
de
189
hoofdstuk 4 een weging van 0%
wordt toegekend;
en vertu du chapitre 4.
e) publiekrechtelijke
entiteiten
indien de risicoposities op deze
entiteiten worden behandeld als
risicoposities op instellingen,
m.a.w. hetzij volgens de externe
kredietbeoordeling
van
de
centrale overheid, hetzij volgens
de externe kredietbeoordeling
van de entiteit zelf, of als
risicoposities op de centrale
overheid
overeenkomstig
hoofdstuk 4;
e)
les entités du secteur public à
l’égard desquelles les expositions
sont
traitées
comme
des
expositions sur des établissements,
c’est-à-dire soit en fonction de la
notation
externe
de
l’administration centrale, soit en
fonction de la notation externe de
l’entité elle-même, ou comme des
expositions sur des administrations
centrales, en vertu du chapitre 4 ;
f) instellingen;
f)
les établissements;
g) andere ondernemingen, met
inbegrip
van
moederondernemingen,
dochterondernemingen
en
verbonden ondernemingen van
de
instelling,
die
een
kredietbeoordeling hebben van
een erkende EKBI die door de
CBFA is ondergebracht in
kredietwaardigheidscategorie 2
of hoger conform de in hoofdstuk
4 vervatte voorschriften voor het
toekennen van risicowegingen
aan
risicoposities
op
ondernemingen.
g)
les autres entreprises, y compris
l’entreprise mère, les filiales et les
entreprises
liées
de
l’établissement, qui font l’objet, de
la part d’un OEEC reconnu, d’une
évaluation de crédit qui est
associée, par la CBFA, à
l’échelon 2 de qualité du crédit ou
à un échelon supérieur en vertu des
dispositions du chapitre 4 relatives
à la pondération des expositions
sur les entreprises;
§ 2. In afwijking van § 1 en
onder voorbehoud van de goedkeuring
door de CBFA, kunnen andere financiële
instellingen ook worden aangemerkt als
toelaatbare verschaffers van nietvolgestorte kredietprotectie voor zover
zij, enerzijds, een vergunning hebben
verkregen en onder toezicht staan van de
CBFA of de bevoegde autoriteiten van
een andere lidstaat die verantwoordelijk
zijn voor de vergunningverlening aan en
het toezicht op de instellingen, en zij,
anderzijds, zijn onderworpen aan
prudentiële eisen die gelijkwaardig zijn
aan die welke voor de instellingen
gelden.
§ 2. Par dérogation au § 1, sous
réserve de l’approbation de la CBFA, les
autres établissements financiers peuvent
également
être
reconnus
comme
fournisseurs éligibles d’une protection non
financée du crédit pour autant qu’ils
soient, d’une part, agréés et surveillés par
la CBFA ou les autorités compétentes
d’un autre Etat membre chargées de
l’agrément et de la surveillance des
établissements et, d’autre part, soumis à
des exigences prudentielles équivalentes à
celles applicables aux établissements.
190
ONDERAFDELING III
KREDIETDERIVATEN
–
TYPEN
SOUS-SECTION
CREDIT
III – TYPES
DE DERIVES DE
Art. V.26
Art. V.26
§ 1. De volgende typen
kredietderivaten en instrumenten die
eventueel uit dergelijke kredietderivaten
zijn samengesteld of die economisch
effectief vergelijkbaar zijn, kunnen als
toelaatbaar worden aangemerkt:
§ 1. Les types suivants de
dérivés de crédit et les instruments qui
peuvent être composés de tels dérivés de
crédit ou qui sont en réalité similaires d’un
point de vue économique peuvent être
reconnus comme éligibles:
a)
kredietverzuimswaps
default swaps);
(credit
a)
les contrats d’échange sur défaut
(credit default swaps);
b)
totaleopbrengstenswaps (total
return swaps);
b)
les contrats d’échange sur
rendement global (total return
swaps);
c)
credit-linked notes voor zover
die
in
contanten
zijn
gefinancierd.
c)
les titres liés à un crédit (credit
linked notes), dans la mesure de
leur financement en espèces.
§ 2. Indien een instelling
kredietprotectie koopt in de vorm van
een totaleopbrengstenswap en de uit
hoofde van die swap ontvangen
nettobetalingen
als
nettoinkomsten
boekt, maar nalaat de daartegenover
staande waardevermindering van het
beschermde activum te boeken (door
middel van reducties van de reële waarde
of een toevoeging aan de reserves),
wordt de kredietprotectie niet in
aanmerking genomen.
§ 2.
Lorsqu’un
établissement
achète une protection de crédit prenant la
forme d’un total return swap et
comptabilise les paiements nets obtenus
sur ce swap en tant que revenu net, mais
n'enregistre
pas
la
détérioration
correspondante de la valeur de l'actif
protégé (soit par une réduction de la juste
valeur, soit par une augmentation des
réserves), il n'est pas tenu compte de cette
protection de crédit.
Art. V.27
Art. V.27
Indien een instelling gebruik maakt van
een intern afdekkingsinstrument in de
vorm van een kredietderivaat (en dus het
kredietrisico van een risicopositie in de
niet-handelsportefeuille afdekt met een
in de handelsportefeuille opgenomen
kredietderivaat), dan wordt de protectie
voor de toepassing van dit hoofdstuk
alleen in aanmerking genomen wanneer
het
naar
de
handelsportefeuille
overgehevelde kredietrisico aan een
derde of derden wordt overgedragen. In
Lorsqu’un établissement met en place une
couverture interne fondée sur un dérivé de
crédit – c’est-à-dire couvre le risque de
crédit inhérent à une exposition du
portefeuille des opérations autres que de
négociation par un dérivé de crédit
comptabilisé dans le portefeuille de
négociation –, le risque de crédit transféré
au portefeuille de négociation doit l’être
également à un tiers ou à des tiers pour
que la protection soit reconnue aux fins du
présent chapitre. Dans ces circonstances,
191
dergelijke omstandigheden en mits deze
overdracht voldoet aan de in dit
hoofdstuk vastgestelde vereisten voor de
inaanmerkingneming
van
kredietrisicomatiging, zijn de in de
afdelingen IV tot VII vervatte regels
voor de berekening van het gewogen
risicovolume bij aankoop van nietvolgestorte
kredietprotectie
van
toepassing.
sous réserve de conformité du transfert
avec les exigences relatives à la
reconnaissance de l’atténuation du risque
de crédit exposées dans le présent
chapitre, les règles de calcul des montants
du volume pondéré des risques en cas de
protection non financée du crédit, telles
qu’exposées aux sections IV à VII, sont
appliquées.
Afdeling III – Minimale vereisten
Section III – Exigences minimales
Art. V.28
Art. V.28
§ 1. De instelling toont ten
behoeve van de CBFA naar behoren aan
dat
zij
over
adequate
risicobeheerprocessen
beschikt
ter
beheersing van de risico’s waaraan zij
blootgesteld kan zijn als gevolg van
kredietrisicomatigingspraktijken.
§ 1.
Les établissements doivent
démontrer à la CBFA qu’ils disposent de
procédures adéquates de gestion des
risques, leur permettant de contrôler les
risques auxquels ils peuvent être exposés
en conséquence de la mise en œuvre de
pratiques d’atténuation du risque de crédit.
§ 2. Ondanks het feit dat
voor de berekening van gewogen
risicobedragen met kredietrisicomatiging
rekening wordt gehouden, blijven
instellingen overgaan tot een volledige
kredietrisicobeoordeling
van
de
onderliggende risicopositie en zijn zij in
staat ten behoeve van de CBFA naar
behoren aan te tonen dat aan dit vereiste
is
voldaan.
Bij
retrocessieovereenkomsten
en/of
verstrekte of opgenomen effecten- of
grondstoffenleningen wordt uitsluitend
voor de toepassing van dit deel
aangenomen dat de onderliggende
risicopositie het nettobedrag is.
§ 2.
Nonobstant
l’existence
d’une atténuation du risque de crédit prise
en compte aux fins du calcul des montants
de leurs expositions pondérés, les
établissements continuent à procéder à une
pleine évaluation du risque de crédit
inhérent à l’exposition sous-jacente et
restent en mesure de démontrer à la CBFA
qu’ils satisfont à cette exigence. Dans le
cas des opérations de pension et/ou des
opérations de prêt ou d'emprunt de titres
ou de produits de base, l’exposition sousjacente, aux fins du présent point
uniquement, est réputée être égale à son
montant net.
ONDERAFDELING
KREDIETPROTECTIE
SOUS-SECTION I – PROTECTION
I
–
VOLGESTORTE
FINANCEE DU
CREDIT
Art. V.29
Art. V.29
Overeenkomsten tot verrekening van
balansposten
(andere
dan
kaderverrekeningsovereenkomsten
met
betrekking
tot
Compensation
la
forme
compensation
de pension
au bilan (autre que sous
d’accords-cadres
de
couvrant les opérations
et/ou les opérations
192
retrocessieovereenkomsten
en/of
verstrekte of opgenomen effecten- of
grondstoffenleningen en/of andere
kapitaalmarktgerelateerde
transacties)
d'emprunt ou de prêt de titres ou de
produits de base et/ou les autres
opérations ajustées aux conditions du
marché)
Onder voorbehoud van de voorafgaande
toestemming van de CBFA kunnen, voor
de toepassing van hoofdstuk 5,
overeenkomsten tot verrekening van
balansposten
(andere
dan
kaderverrekeningsovereenkomsten met
betrekking
tot
retrocessieovereenkomsten
en/of
verstrekte of opgenomen effecten- of
grondstoffenleningen
en/of
andere
kapitaalmarktgerelateerde transacties) in
aanmerking worden genomen mits aan
de volgende voorwaarden is voldaan:
Sous réserve d’autorisation préalable de la
CBFA, un accord de compensation au
bilan (autre qu’un accord-cadre de
compensation couvrant les opérations de
pension, les opérations d'emprunt ou de
prêt de titres ou de produits de base et/ou
les autres opérations ajustées aux
conditions du marché) peut être pris en
compte aux fins du chapitre 5 dans la
mesure où les conditions suivantes sont
remplies:
a) de overeenkomsten zijn juridisch
rechtsgeldig en uitvoerbaar in
alle relevante jurisdicties, ook in
geval
van
insolventie
of
faillissement van een wederpartij;
a)
l’accord doit être valide en droit et
exécutoire dans tous les pays
concernés, y compris en cas
d’insolvabilité ou de faillite d’une
contrepartie;
b) de instelling is te allen tijde in
staat te bepalen welke activa en
passiva
onder
de
verrekeningsovereenkomst
vallen;
b)
l’établissement
doit
pouvoir
déterminer à tout moment les actifs
et passifs sur lesquels il porte;
c) de instelling volgt en controleert
de risico’s die aan de beëindiging
van
de
kredietprotectie
verbonden zijn;
c)
l’établissement doit suivre et
contrôler les risques liés à la
cessation de la protection de crédit;
d) de instelling volgt en controleert
de desbetreffende risicoposities
op nettobasis.
d)
l’établissement doit suivre et
contrôler
les
expositions
concernées sur une base nette.
Art. V.30
Art. V.30
Kaderverrekeningsovereenkomsten
met
betrekking
tot
retrocessieovereenkomsten
en/of
verstrekte of opgenomen effecten- of
grondstoffenleningen en/of andere
Accords-cadres
de
compensation
couvrant les opérations de pension et/ou
les opérations d'emprunt ou de prêt de
titres ou de produits de base et/ou les
autres
opérations
ajustées
aux
193
kapitaalmarktgerelateerde transacties
conditions du marché
§ 1. Onder voorbehoud van
de goedkeuring van de CBFA kunnen,
voor de toepassing van dit hoofdstuk,
kaderverrekeningsovereenkomsten met
betrekking
tot
retrocessieovereenkomsten
en/of
verstrekte of opgenomen effecten- of
grondstoffenleningen
en/of
andere
kapitaalmarktgerelateerde transacties in
aanmerking
worden genomen voor
zover deze overeenkomsten:
§ 1. Sous
réserve
de
l’approbation de la CBFA, un accordcadre de compensation couvrant les
opérations de pension et/ou les opérations
d'emprunt ou de prêt de titres ou de
produits de base et/ou les autres opérations
ajustées aux conditions du marché peut
être pris en compte aux fins du présent
chapitre dans la mesure où l’accord:
a)
juridisch rechtsgeldig en
uitvoerbaar zijn in alle
relevante jurisdicties, ook in
geval van insolventie of
faillissement
van
een
wederpartij;
a)
est valide en droit et
exécutoire dans tous les
pays concernés, y compris
en cas d’insolvabilité ou de
faillite d’une contrepartie;
b)
de niet in gebreke blijvende
partij het recht verlenen alle
in het kader van de
overeenkomst
verrichte
transacties
zo
spoedig
mogelijk te beëindigen en af
te wikkelen bij wanbetaling,
ook in geval van insolventie
of faillissement van de
wederpartij;
b)
donne à la partie non
défaillante le droit de
résilier et de dénouer
rapidement
toutes
les
transactions relevant de ses
dispositions, en cas de
défaut,
y
compris
d'insolvabilité ou de faillite,
de la contrepartie;
c) voorzien in de zodanige
verrekening van de winsten
en verliezen op in het kader
van
een
kaderverrekeningsovereenko
mst afgewikkelde transacties
dat uiteindelijk een enkel
nettobedrag wordt verkregen
dat door de ene partij aan de
andere verschuldigd is.
c)
prévoit la compensation des
gains et pertes enregistrés
sur
les
transactions
dénouées au titre de ses
dispositions, de telle sorte
qu’un montant net unique
soit dû par une partie à
l’autre.
§ 2. Tevens is voldaan aan
de in artikel V.31, §1 vastgelegde
minimumvereisten
voor
de
inaanmerkingneming van financiële
zekerheden bij de uitgebreide benadering
van financiële zekerheden.
§ 2. En outre, les exigences
minimales, exposées à l’article V.31, §1,
relatives à la reconnaissance des sûretés
financières en vertu de la méthode
générale fondée sur les sûretés financières
doivent être remplies.
194
Art. V.31
Art. V.31
Financiële zekerheden
Sûretés financières
§ 1. Exigences minimales pour
§ 1. Minimumvereisten voor
de inaanmerkingneming van financiële la reconnaissance des sûretés financières
zekerheden bij alle benaderingen en dans le cadre de toutes les méthodes.
methoden.
Financiële zekerheden en goud worden Aux fins de la reconnaissance des sûretés
slechts in aanmerking genomen indien financières et de l’or, les conditions
aan de onderstaande voorwaarden is suivantes doivent être remplies:
voldaan:
a) Lage correlatie
a) Faible corrélation
Tussen de kredietwaardigheid van
de debiteur en de waarde van de
zekerheid mag geen duidelijk
positieve correlatie bestaan. Door
de debiteur of een verbonden
groepsentiteit uitgegeven effecten
komen
niet
in
aanmerking.
Niettemin kunnen de eigen uitgiften
van de debiteur van gedekte
obligaties vallende onder het
bepaalde
in
hoofdstuk
4,
artikel V.15, § 12, punten 1 tot 3 in
aanmerking
worden
genomen
wanneer die als zekerheid voor
retrocessieovereenkomsten worden
gedeponeerd, mits aan het eerste lid
wordt voldaan.
La qualité du crédit du débiteur et la
valeur de la sûreté ne doivent pas
avoir de corrélation positive
significative. Les titres émis par le
débiteur, ou par toute entité liée
appartenant au même groupe, ne ont
pas éligibles. Néanmoins, les
obligations garanties émises par le
débiteur qui rentrent dans le cadre
du chapitre 4, article V.15, §12,
points 1° à 3°, peuvent être
reconnues comme éligibles lorsqu’il
s’agit de sûretés constituées pour
des opérations de pension, pour
autant que les dispositions du
premier alinéa du présent point
soient respectées.
b) Rechtszekerheid
b) Sécurité juridique
De instellingen vervullen alle
contractuele
en
wettelijke
voorwaarden en ondernemen alle
stappen die nodig zijn om de
zekerheidsovereenkomsten
uitvoerbaar te maken onder het
recht dat van toepassing is op hun
recht op de zekerheden.
Les établissements satisfont à toutes
les exigences contractuelles et
réglementaires
relatives
au
caractère exécutoire des contrats de
sûreté en vertu de la législation
applicable à leur intérêt dans ces
sûretés et prennent toute mesure
nécessaire pour garantir ledit
caractère.
De instellingen hebben voldoende
juridisch onderzoek gedaan dat de
Les établissements ont procédé à un
examen juridique suffisant pour
195
uitvoerbaarheid
van
de
zekerheidsovereenkomsten in alle
relevante jurisdicties bevestigt.
Indien nodig herhalen zij dit
onderzoek om zich ervan te
vergewissen dat de overeenkomsten
uitvoerbaar blijven.
confirmer l'opposabilité des contrats
de sûreté dans tous les pays
concernés. Le cas échéant, ils
reconduisent cet examen pour
garantir le maintien de cette
applicabilité.
c) Operationele vereisten
c) Exigences opérationnelles
De zekerheidsovereenkomsten zijn
adequaat gedocumenteerd en er
bestaat
een
duidelijke
en
deugdelijke procedure voor een zo
spoedig mogelijke uitwinning van
de zekerheden.
Les contrats de sûreté sont dûment
consignés par écrit et sont assortis
d’une procédure claire et fiable
concernant la réalisation rapide de
la sûreté.
De instellingen passen deugdelijke
procedures en processen toe ter
beheersing van de risico’s die uit
het gebruik van zekerheden
voortvloeien, zoals onder meer de
risico’s die aan een tekortschietende
of verminderde kredietprotectie
verbonden
zijn,
de
waarderingsrisico’s, de met de
opzegging van de kredietprotectie
samenhangende
risico’s,
de
concentratierisico’s die aan het
gebruik van zekerheden verbonden
zijn, en de interactie met het
algemene risicoprofiel van de
instelling.
Les établissements mettent en
œuvre des processus et procédures
adéquats en vue de contrôler les
risques découlant de l’utilisation de
sûretés – y compris le risque d’un
échec ou d’une détérioration de la
protection du crédit, les risques
d'évaluation, les risques liés à la
résiliation de la protection du crédit,
le risque de concentration découlant
de l’utilisation de sûretés et
l’interaction avec le profil de risque
global de l’établissement.
De
instellingen
leggen
de
beleidslijnen en praktijken die ten
aanzien van de aanvaarde typen
zekerheden en de aanvaarde
bedragen aan zekerheden worden
gevolgd, schriftelijk vast.
Les établissements disposent de
politiques
et
de
pratiques
consignées par écrit concernant les
types et les montants de sûreté
acceptés.
De instellingen berekenen de
marktwaarde van de zekerheden en
herwaarderen die ten minste
eenmaal om de zes maanden en
telkens als de instelling redenen
heeft om aan te nemen dat er zich
een significante daling van de
marktwaarde
ervan
heeft
voorgedaan.
Les établissements calculent la
valeur de marché des sûretés et la
revoient au moins tous les six mois,
ainsi que chaque fois qu'ils ont des
raisons de penser qu'une réduction
significative de cette valeur de
marché s’est produite.
196
Wanneer de zekerheden door een
derde
worden
aangehouden,
ondernemen de instellingen alle
stappen die redelijkerwijs mogen
worden verwacht om ervoor te
zorgen dat de betrokken derde de
zekerheden scheidt van zijn eigen
activa.
Lorsque la sûreté est détenue par un
tiers, l’établissement doit prendre
des mesures raisonnables pour
s'assurer que celui-ci distingue bien
la sûreté de ses propres actifs.
§ 2. Exigence
minimale
§ 2. Aanvullende
minimumvereisten
voor
de supplémentaire pour la reconnaissance des
inaanmerkingneming van financiële sûretés financières dans le cadre de la
zekerheden
bij
de
eenvoudige méthode simple
benadering van financiële zekerheden
Voor de inaanmerkingneming van
financiële zekerheden bij de eenvoudige
benadering van financiële zekerheden
geldt benevens de in § 1 vastgestelde
vereisten dat de resterende looptijd van
de protectie ten minste even lang moet
zijn als de resterende looptijd van de
risicopositie.
Outre les exigences énoncées au § 1, aux
fins de la reconnaissance des sûretés
financières dans le cadre de la méthode
simple, la durée résiduelle de la protection
doit être au moins aussi longue que celle
de l’exposition.
Art. V.32
Art. V.32
minimales
pour
la
Minimumvereisten
voor
de Exigences
inaanmerkingneming van zekerheden reconnaissance des sûretés immobilières
in de vorm van onroerend goed
Zekerheden in de vorm van onroerend Aux fins de la reconnaissance des sûretés
goed worden slechts in aanmerking immobilières, les conditions suivantes
genomen indien aan de onderstaande doivent être remplies.
voorwaarden is voldaan.
a) Rechtszekerheid
a) Sécurité juridique
De hypotheek of bezwaring is
uitvoerbaar in alle op het tijdstip van
de
sluiting
van
de
leningsovereenkomst
relevante
jurisdicties en is te gepasten tijde en
naar behoren geregistreerd. De
regeling neemt de vorm aan van een
aan derden tegenwerpbaar pandrecht
(dat wil zeggen dat aan alle
juridische vereisten voor de
vestiging van het pandrecht is
voldaan). De protectieovereenkomst
en de juridische procedure die eraan
L’hypothèque ou le gage est
exécutoire dans tous les pays
concernés à la date de conclusion
du contrat de crédit, et les droits y
afférents sont dûment et en temps
voulu enregistrés. Le contrat reflète
un
privilège
dûment
établi
(autrement
dit,
toutes
les
obligations juridiques relatives à
l'établissement de la garantie ont été
remplies). L’accord de protection et
la procédure juridique qui le soustend permettent à l'établissement de
197
ten grondslag ligt, stellen de
instelling in staat de waarde van de
protectie binnen een redelijke
tijdshorizon te realiseren.
réaliser la valeur de la protection
dans un délai raisonnable.
b) Controle van de waarde van het
onroerend goed
b) Contrôle de la valeur du bien
immobilier
De waarde van het onroerend goed
wordt frequent en ten minste
eenmaal per jaar gecontroleerd voor
zakelijk onroerend goed en eenmaal
per drie jaar voor niet-zakelijk
onroerend
goed.
Er
worden
frequentere controles uitgevoerd
wanneer de marktomstandigheden
significante
veranderingen
ondergaan. Er mogen statistische
methoden worden gehanteerd om de
waarde van het onroerend goed te
controleren en om na te gaan van
welk onroerend goed de waarde
moet
worden bijgesteld.
De
waardering van het onroerend goed
wordt gecontroleerd door een
onafhankelijke schatter wanneer
blijkt dat de waardering van het
onroerend goed vermoedelijk sterk
is gedaald in vergelijking met de
algemene marktprijzen. Bij leningen
die meer dan 3 miljoen euro
bedragen of meer dan 5% van het
eigen vermogen van de instelling
vertegenwoordigen,
wordt
de
waardering van het onroerend goed
ten minste om de drie jaar door een
onafhankelijke
schatter
gecontroleerd.
La valeur du bien est contrôlée à
intervalles rapprochés et au moins
une fois par an pour un bien
immobilier commercial et au moins
une fois tous les trois ans pour un
bien immobilier résidentiel. Un
contrôle plus fréquent est effectué
lorsque les conditions du marché
connaissent
des
changements
significatifs.
Des
méthodes
statistiques peuvent être employées
aux fins de ce contrôle et pour
répertorier les biens immobiliers
appelant
une
réévaluation.
L’évaluation du bien immobilier est
contrôlée par un expert indépendant
lorsque certaines informations
indiquent que sa valeur pourrait
avoir sensiblement décliné par
rapport aux prix généraux du
marché. Pour les prêts d’un montant
supérieur à 3 millions d'euros ou à
5% des fonds propres de
l'établissement, l’évaluation du bien
immobilier est contrôlée par un
expert indépendant au moins tous
les trois ans.
Onder “onafhankelijke schatter”
wordt een persoon verstaan die over
de
nodige
kwalificaties,
bekwaamheid en ervaring beschikt
om een taxatie uit te voeren en die
geen enkele rol vervult in het
kredietacceptatieproces.
Par «expert indépendant», on
entend une personne qui possède les
qualifications, la compétence et
l’expérience
nécessaires
pour
procéder à une évaluation et qui est
indépendante
du
processus
décisionnel relatif à l'octroi du
crédit.
c) Documentatie
c) Documentation
198
De typen niet-zakelijk en zakelijk
onroerend goed die door de
instelling worden aanvaard en haar
leningsbeleid ter zake zijn duidelijk
schriftelijk vastgelegd.
Les types de biens immobiliers
résidentiels et commerciaux qui
sont acceptés par l’établissement et
ses politiques de prêt à cet égard
sont clairement consignés par écrit.
d) Verzekering
d) Assurance
De
instelling
beschikt
over
procedures om te controleren of het
onroerend goed dat als protectie
wordt geaccepteerd, adequaat is
verzekerd tegen schade.
L’établissement
dispose
de
procédures lui permettant de
s’assurer que le bien immobilier
pris en garantie est dûment assuré
contre les dommages.
Art. V.33
Art. V.33
Minimumvereisten
voor
de Exigences minimales aux fins du
behandeling van risicoposities uit traitement des crédits-bails comme
hoofde van leaseovereenkomsten als expositions couvertes par une sûreté
door zekerheden gedekte risicoposities
Risicoposities
uit
hoofde
van
leaseovereenkomsten worden slechts
behandeld als gedekt door een zekerheid
die bestaat uit het geleasede onroerend
goed
indien
aan
de
volgende
voorwaarden is voldaan:
Pour que les expositions découlant
d’opérations de crédit-bail soient traitées
comme couvertes par une sûreté constituée
par le type de bien immobilier donné en
crédit-bail, les conditions suivantes
doivent être remplies :
a) er is voldaan aan de voorwaarden
van artikel V.32;
a)
il est satisfait aux conditions
énoncées à l’article V.32;
b) er is sprake van een deugdelijk
risicobeheer van de zijde van de
verhuurder met betrekking tot het
gebruik dat van het geleasede
actief wordt
gemaakt, de
ouderdom ervan en de voorziene
economische gebruiksduur, met
inbegrip van een passende
controle van de waarde van de
zekerheid;
b)
le bailleur met en œuvre une solide
gestion des risques concernant
l’usage qui est fait du bien donné
en crédit-bail, son ancienneté et la
durée
programmée
de
son
utilisation, en ce compris un
contrôle approprié de la valeur de
la sûreté;
c) er is voorzien in een deugdelijk
juridisch kader tot vaststelling
van de juridische eigendom van
de verhuurder van het actief en
van zijn vermogen om zijn
rechten als eigenaar spoedig te
c)
il existe un solide cadre juridique
qui attribue au bailleur la propriété
légale du bien et atteste de sa
capacité d’exercer rapidement ses
droits de propriétaire;
199
laten gelden; en
d) het verschil tussen de waarde van
het niet-afgeschreven bedrag en
de marktwaarde van de zekerheid
mag niet zodanig groot zijn dat
de aan het geleasede actief
toegeschreven
kredietrisicomatiging
wordt
overschat.
Art. V.34
d)
la différence entre la valeur du
montant non amorti et la valeur de
marché de la sûreté ne doit pas être
telle qu'elle exagère l'effet
d'atténuation du risque de crédit
attribué au bien donné en créditbail.
Art. V.34
minimales
pour
Minimumvereisten
voor
de Exigences
inaanmerkingneming van andere reconnaissance d’autres formes
protection financée du crédit
volgestorte kredietprotectie
la
de
§ 1. Dépôts
en
espèces
§ 1. Contanten gedeponeerd
bij of met contanten vergelijkbare effectués auprès d’un établissement tiers
instrumenten aangehouden door een ou instruments financiers assimilés à des
espèces détenus par un établissement tiers
derde instelling
De in artikel V.24, § 1 bedoelde
protectie komt pas voor de in
artikel V.73, § 1 beschreven behandeling
in aanmerking als aan de volgende
voorwaarden is voldaan:
a)
b)
c)
Pour pouvoir bénéficier du traitement
exposé à l’article V.73, §1, la protection
visée à l’article V.24, §1, doit satisfaire
aux conditions suivantes:
de
vordering
van
de
leningnemer op de derde
instelling is openlijk in pand
gegeven of overgedragen aan de
leningverstrekkende instelling
en die pandgeving of overdracht
is juridisch rechtsgeldig en
uitvoerbaar in alle relevante
jurisdicties;
de derde instelling is in kennis
gesteld van de pandgeving of
overdracht;
a)
la créance de l’emprunteur sur
l’établissement
tiers
est
ouvertement nantie en faveur de
l’établissement prêteur ou cédée à
celui-ci et un tel nantissement ou
une telle cession est valide en
droit et exécutoire dans tous les
pays concernés
b)
ce nantissement ou cette cession
est notifié(e) à l’établissement
tiers;
als gevolg van de kennisgeving
mag de derde instelling alleen
aan de leningverstrekkende
instelling betalingen doen, of
aan andere partijen als zij
daarvoor de toestemming heeft
gekregen
van
de
leningverstrekkende instelling;
c)
à la suite de cette notification,
l’établissement tiers ne peut
effectuer de paiements qu’auprès
de l’établissement prêteur ou
d’autres parties habilitées par
celui-ci;
200
d)
de pandgeving of overdracht is
onvoorwaardelijk
en
onherroepelijk.
d)
ce nantissement ou cette cession
est irrévocable et sans condition.
§ 2. Aan
de
leningverstrekkende instelling in pand
gegeven levensverzekeringspolissen
§ 2.
Polices d’assurance vie
nanties en faveur de l’établissement
prêteur
Aan de leningverstrekkende instelling in
pand
gegeven
levensverzekeringspolissen
worden
slechts in aanmerking genomen indien
aan de volgende voorwaarden is
voldaan:
Aux fins de la reconnaissance des polices
d’assurance vie nanties en faveur de
l’établissement prêteur, les conditions
suivantes doivent être remplies:
a) de levensverzekeringspolis is
openlijk in pand gegeven of
overgedragen
aan
de
leningverstrekkende instelling;
a)
la police d’assurance vie est
ouvertement nantie en faveur de
l’établissement prêteur ou cédée à
celui-ci ;
b) de onderneming waarbij de
levensverzekering is gesloten, is
in kennis gesteld van de
pandgeving of overdracht en mag
als gevolg daarvan niet de onder
de overeenkomst te betalen
bedragen uitkeren zonder de
toestemming
van
de
leningverstrekkende instelling;de
levensverzekeringspolis
is
openlijk in pand gegeven of
overgedragen
aan
de
leningverstrekkende instelling;
b)
l’entreprise
qui
fournit
l’assurance vie est informée de ce
nantissement ou de cette cession
et, en conséquence, ne peut verser
des sommes dues au titre du
contrat sans le consentement de
l’établissement prêteur ;
c) de leningverstrekkende instelling
heeft het recht de overeenkomst
op te zeggen en de afkoopwaarde
te
ontvangen
ingeval
de
leningnemer in gebreke blijft;
c)
l’établissement prêteur a le droit
de dénoncer la police et de
percevoir rapidement la valeur de
rachat en cas de défaut de
l'emprunteur ;
d) de leningverstrekkende instelling
wordt in kennis gesteld wanneer
de verzekeringnemer
nalaat
betalingen
onder
de
overeenkomst te verrichten;
d)
l’établissement prêteur est informé
de tout défaut de paiement du
preneur d’assurance intervenant
dans le cadre de la police ;
e) de kredietprotectie geldt voor de
gehele looptijd van de lening;
indien dit niet mogelijk is omdat
de
verzekeringsovereenkomst
reeds
voor
de
e)
la protection de crédit est fournie
pour toute la durée du prêt. Si cela
n’est pas possible parce que la
relation d’assurance prend fin
avant l’expiration de la relation de
201
crédit, l’établissement doit veiller
à ce que le montant résultant du
contrat d’assurance lui serve de
sûreté jusqu’à la fin de la durée du
contrat de crédit ;
kredietovereenkomst
afloopt,
moet de instelling erop toezien
dat
het
uit
de
verzekeringsovereenkomst
voortvloeiende bedrag tot het
einde van de looptijd van de
kredietovereenkomst
de
instelling als zekerheid dient;
f) de pandgeving of de overdracht
is juridisch rechtsgeldig en
uitvoerbaar in alle op het tijdstip
van de sluiting van de
leningsovereenkomst relevante
jurisdicties; d
f)
le nantissement ou la cession doit
être valide en droit et exécutoire
dans tous les pays concernés à la
date de la conclusion du contrat de
crédit ;
g) de
afkoopwaarde
wordt
aangegeven door de onderneming
waarbij de levensverzekering is
gesloten,
en
is
niet
verminderbaar;
g)
la valeur de rachat est déclarée par
l’entreprise qui fournit l’assurance
vie et est incompressible
h) de afkoopwaarde wordt zo
spoedig mogelijk betaald indien
daarom wordt verzocht;
h)
la valeur de rachat doit être versée
rapidement sur demande ;
i) er kan niet om betaling van de
afkoopwaarde worden verzocht
zonder de toestemming van de
instelling;
i)
la valeur de rachat ne peut être
demandée sans l’accord de
l’établissement ;
j) de onderneming waarbij de
levensverzekering is gesloten,
valt onder Richtlijn 2002/83/EG
en Richtlijn 2001/17/EG van het
Europees Parlement en de Raad
of staat onder toezicht van een
bevoegde autoriteit van een derde
land met een toezichts- en
regelgevingsstelsel dat ten minste
gelijkwaardig is aan de stelsels
die in de Gemeenschap worden
toegepast.";
j)
l’entreprise qui fournit l’assurance
vie
relève
de
la
directive 2002/83/CE et de la
directive 2001/17/CE
du
Parlement européen et du Conseil
ou est soumise à une surveillance
par une autorité compétente d’un
pays
tiers
appliquant
des
dispositions réglementaires et
prudentielles
au
moins
équivalentes à celles en vigueur
dans la Communauté.
ONDERAFDELING II – NIET-VOLGESTORTE
KREDIETPROTECTIE EN CREDIT-LINKED NOTES
SOUS-SECTION II – PROTECTION NON FINANCEE
DU CREDIT ET TITRES LIES A UN CREDIT
Art. V.35
Art. V.35
Voor
zowel
garanties
als Exigences communes aux garanties et
aux dérivés de crédit
kredietderivaten geldende vereisten
202
§ 1. Onder voorbehoud van
artikel V.36 wordt een kredietprotectie in
de vorm van een garantie of
kredietderivaat slechts in aanmerking
genomen indien aan de volgende
voorwaarden is voldaan:
§ 1. Sous
réserve
de
l’article V.36,
aux
fins
de
la
reconnaissance d’une protection de crédit
découlant d’une garantie ou d’un dérivé
de crédit, les conditions suivantes doivent
être remplies.
a) het gaat om een rechtstreekse
kredietprotectie;
a)
La protection de crédit
directe.
est
b) de
omvang
van
de
kredietprotectie is duidelijk
omschreven en onbetwistbaar;
b) Son étendue est clairement
définie et indubitable.
c) de
kredietprotectieovereenkomst
bevat geen enkele clausule
waarvan de naleving buiten de
directe
controle
van
de
leningverstrekkende instelling
valt en die:
c)
Le
contrat
établissant
la
protection de crédit ne contient
aucune clause dont le respect
échappe au contrôle direct du
prêteur et qui:
i) de protectieverschaffer in
staat stelt de protectie
unilateraal op te zeggen;
i)
permettrait au fournisseur de
la protection de dénoncer
unilatéralement celle-ci;
ii) tot een toename van de
effectieve kosten van de
protectie leidt wanneer de
kredietkwaliteit van de
beschermde
risicopositie
verslechtert;
ii) renchérirait le coût effectif
de la protection en cas de
détérioration de la qualité du
crédit
de
l’exposition
couverte;
iii) kan verhinderen dat de
protectieverschaffer
verplicht is spoedig te
betalen
ingeval
de
oorspronkelijke
debiteur
nalaat
verschuldigde
betalingen te verrichten; of
iii) pourrait
exonérer
le
fournisseur de la protection
de l’obligation de payer
rapidement, en cas de défaut
de paiement du débiteur
d’origine;
iv) het mogelijk kan maken dat
de protectieverschaffer de
looptijd
van
de
kredietprotectie reduceert;
iv) permettrait au fournisseur de
la protection d’en réduire la
durée.
203
d) de kredietprotectie is juridisch
rechtsgeldig en uitvoerbaar in
alle op het tijdstip van de
sluiting
van
de
leningsovereenkomst relevante
jurisdicties.
d) La protection de crédit doit être
valide en droit et exécutoire dans
tous les pays concernés à la date
de la conclusion du contrat de
crédit.
§ 2. De instelling moet ten
behoeve van de CBFA naar behoren
kunnen aantonen dat zij over systemen
beschikt om de potentiële concentratie
van uit haar gebruik van garanties of
kredietderivaten voortvloeiende risico’s
te beheren. De instelling moet tevens
kunnen demonstreren welke interactie er
bestaat tussen, enerzijds, haar strategie
ten aanzien van het gebruik van
kredietderivaten en garanties en,
anderzijds, het beheer van haar algemene
risicoprofiel.
§ 2. L’établissement doit être en
mesure de démontrer à la CBFA qu’il a
mis en place des systèmes lui permettant
de gérer toute concentration de risques
pouvant découler de son utilisation de
garanties ou de dérivés de crédit. Il doit
aussi être en mesure de démontrer
comment sa stratégie en matière
d’utilisation de garanties ou de dérivés de
crédit s'articule avec la gestion de son
profil de risque global.
Art. V.36
Art. V.36
Tegengaranties van de centrale Contregaranties fournies par les entités
overheid en andere publiekrechtelijke souveraines et autres entités du secteur
public
entiteiten
§ 1. Wanneer
een
risicopositie wordt beschermd door een
garantie met een tegengarantie van een
centrale overheid of een centrale bank,
van een regionale of lokale overheid of
een publiekrechtelijke entiteit indien de
risicoposities op deze overheden
overeenkomstig hoofdstuk 4 worden
behandeld als risicoposities op de
centrale overheid in wier rechtsgebied
deze gevestigd zijn, van een multilaterale
ontwikkelingsbank of een internationale
organisatie waaraan overeenkomstig
hoofdstuk 4 een risicoweging van 0 %
wordt
toegepast,
of
van
een
publiekrechtelijke entiteit indien de
risicoposities op die entiteit worden
behandeld
als
risicoposities
op
instellingen, mag de vordering worden
behandeld als een vordering die wordt
beschermd door een garantie die door de
entiteit in kwestie is verstrekt, mits aan
de volgende voorwaarden is voldaan:
§ 1. Lorsqu’une exposition est
protégée par une garantie qui est ellemême
contre-garantie
par
une
administration centrale ou une banque
centrale, par une autorité régionale ou
locale ou une entité du secteur public dont
le risque est traité comme un risque sur
l'administration centrale sur le territoire de
laquelle elle est établie en vertu du
chapitre 4, par une banque multilatérale de
développement ou une organisation
internationale à laquelle une pondération
de 0 % est appliquée en vertu du
chapitre 4, ou par une entité du secteur
public dont le risque est traité comme un
risque sur un établissement, cette
exposition peut être réputée protégée par
une garantie fournie par l’entité en
question, sous réserve que les conditions
suivantes soient remplies :
204
a)
de tegengarantie dekt alle
kredietrisicoaspecten van de
vordering;
a)
la contregarantie couvre tous les
éléments de risque de crédit de la
créance;
b)
zowel de oorspronkelijke
garantie als de tegengarantie
voldoet aan de in de artikelen
V.35 en V.37, § 1 gestelde
eisen,
behalve
dat
de
tegengarantie niet rechtstreeks
behoeft te zijn;
b)
tant la garantie d’origine que la
contregarantie
satisfont
aux
exigences en matière de garanties
énoncées aux articles V.35 et
V.37, §1, à cette réserve près que
la contregarantie n’a pas à être
directe;
c)
er moet ten behoeve van de
CBFA worden aangetoond dat
de dekking deugdelijk is en dat
niets
in
de
historische
gegevens erop wijst dat de
dekking van de tegengarantie
niet effectief gelijkwaardig is
aan die van een rechtstreekse
garantie door de entiteit in
kwestie.
c)
il doit être démontré à la CBFA
que la couverture fournie est
solide et qu’aucune donnée
historique
n’indique
que
l’efficacité de la contregarantie
n’est pas réellement équivalente à
celle d’une garantie directe de
l’entité en question.
§ 2. De behandeling van § 1
is ook van toepassing op een
risicopositie met een tegengarantie van
een andere dan de in die paragraaf
genoemde
entiteiten
indien
de
tegengarantie van de risicopositie op
haar beurt rechtstreeks wordt gedekt
door een van de genoemde entiteiten en
aan de in § 1 genoemde voorwaarden is
voldaan.
§ 2. Le traitement du § 1
s’applique également à une exposition
contregarantie par une entité non
énumérée à ce paragraphe si la
contregarantie de l’exposition est ellemême garantie directement par une des
entités mentionnées et si les conditions du
§ 1 sont satisfaites.
Art. V.37
Art. V.37
Aanvullende vereisten voor de Exigences supplémentaires
reconnaissance des garanties
inaanmerkingneming van garanties
pour
la
§ 1. Een garantie wordt
§ 1. Pour qu’une garantie soit
slechts in aanmerking genomen indien reconnue, les conditions suivantes doivent
tevens aan de volgende voorwaarden is aussi être remplies.
voldaan:
a) Dès le défaut et/ou l’absence de
a) Vanaf het ogenblik van de
paiement par la contrepartie
kwalificerende wanbetaling van
déclenchant
la
garantie,
en/of niet-betaling door de
l’établissement prêteur a le droit
wederpartij,
heeft
de
de poursuivre sans délai le garant
leningverstrekkende instelling
pour toute somme due au titre de
het recht zonder uitstel een
la créance pour laquelle la
vordering in te stellen tegen de
protection est fournie. Le
garantiegever voor de gelden
205
die verschuldigd zijn uit hoofde
van de vordering waarvoor de
protectie is verstrekt. De
leningverstrekkende instelling
behoeft niet eerst een vordering
tegen de debiteur in te stellen
opdat de garantiegever tot
betaling zou moeten overgaan.
paiement par le garant n’est pas
assujetti à l’obligation faite à
l’établissement prêteur d’engager
préalablement de telles poursuites
contre le débiteur
Bij
een
niet-volgestorte
kredietprotectie met betrekking
tot hypotheekleningen op nietzakelijk onroerend goed behoeft
slechts binnen een totale termijn
van 24 maanden te worden
voldaan aan de vereisten in
artikel V.35, § 1, c), iii) en in
het eerste lid van dit punt.
En cas de protection non financée
du crédit couvrant des prêts
hypothécaires sur des biens
immobiliers résidentiels, les
conditions énoncées à l’article
V.35, §1, c), iii), et au premier
alinéa du présent point, doivent
seulement être remplies dans un
délai de 24 mois.
b)
De garantie neemt de vorm aan
van een expliciet in een akte
opgenomen verbintenis die door
de garantiegever is aangegaan.
b) La garantie est une obligation
explicitement inscrite dans un
acte qui engage la responsabilité
du garant.
c)
Onder voorbehoud van de
volgende zin bestrijkt de
garantie alle soorten betalingen
die de debiteur uit hoofde van
de vordering geacht wordt te
verrichten. Wanneer bepaalde
soorten betalingen niet onder de
garantie vallen, wordt de in
aanmerking genomen waarde
van de garantie aangepast om
met de beperkte dekking
rekening te houden.
c) Sous réserve de la phrase
suivante, la garantie couvre tous
les types de paiement que le
débiteur est censé effectuer au
titre de la créance. Lorsque
certains types de paiement sont
exclus de la garantie, sa valeur
reconnue est ajustée en fonction
de cette limitation de couverture.
§ 2. Wat de garanties betreft
die in het kader van voor deze
doeleinden door de bevoegde autoriteiten
van een lidstaat erkende wederzijdse
garantieregelingen zijn verstrekt, dan
wel die zijn verstrekt of waarvoor een
tegengarantie is verschaft door de in
artikel V.36 bedoelde entiteiten, wordt
aangenomen dat aan de vereisten van
§ 1, a) is voldaan indien een van beide
onderstaande voorwaarden is vervuld:
§ 2. Dans le cas de garanties
délivrées dans le cadre de systèmes de
garantie mutuelle reconnus à cet effet par
les autorités compétentes d’un Etat
membre, ou fournis ou contregarantis par
les entités visées à l’article V.36, les
exigences énoncées au §1, a) sont réputées
satisfaites lorsque l’une des deux
conditions suivantes est remplie:
a)
de leningverstrekkende instelling
heeft recht op een spoedig door
a)
l’établissement prêteur a le droit
d’obtenir rapidement du garant
206
un
versement
provisionnel
calculé de manière à représenter
une solide estimation du montant
des pertes économiques, y
compris des pertes résultant d'un
défaut de paiement des intérêts et
autres types de versements que
l'emprunteur est tenu d'effectuer,
que l’établissement prêteur est
susceptible de supporter en
proportion de la couverture
fournie par la garantie;
de garantiegever te verrichten
voorlopige betaling die op
zodanige wijze is berekend dat zij
een deugdelijke raming vormt
van de omvang van het
economische
verlies
(met
inbegrip van de verliezen die
voortvloeien uit de niet-betaling
van rente en van andere soorten
betalingen die de leningnemer
verplicht is te verrichten) dat
vermoedelijk
door
de
leningverstrekkende instelling zal
worden geleden in verhouding tot
de door de garantie geboden
dekking;
b) de leningverstrekkende instelling
kan aantonen dat de door de
garantie geboden protectie tegen
verliezen, met inbegrip van de
verliezen die voortvloeien uit de
niet-betaling van interesten en
andere soorten betalingen die de
leningnemer verplicht is te
verrichten,
een
dergelijke
behandeling rechtvaardigt.
l’établissement peut démonter
que les
effets de protection
contre les pertes produits par la
garantie, y compris les pertes
résultant d’un défaut de paiement
des intérêts et d’autres types de
paiements que l’emprunteur est
tenu d’effectuer, justifient un tel
traitement.
Art. V.38
Art. V.38
Aanvullende vereisten
inaanmerkingneming
kredietderivaten
b)
voor
de Exigences supplémentaires pour
van reconnaissance des dérivés de crédit
la
§ 1. Een
kredietderivaat
§ 1. Pour qu’un dérivé de crédit
wordt slechts in aanmerking genomen soit reconnu, les conditions suivantes
indien tevens aan de volgende doivent aussi être remplies.
voorwaarden is voldaan:
a) Onder voorbehoud van punt b)
omvatten de in het kader van het
kredietderivaat gespecificeerde
kredietgebeurtenissen
(credit
events) ten minste:
i) niet-betaling van de bedragen
die verschuldigd zijn onder de
voorwaarden
van
de
onderliggende vordering die
gelden op het tijdstip van de
a)
Sous réserve du point b), les
événements de crédit prévus par
le dérivé de crédit incluent au
minimum:
i) le défaut de paiement des
montants dus en vertu des
clauses
de
la
créance
sous-jacente qui sont en
vigueur au moment de ce
207
niet-betaling
(waarbij
de
respijtperiode vrijwel even
lang is als of korter is dan de
respijtperiode
bij
de
onderliggende vordering);
défaut (avec un délai de grâce
étroitement aligné sur celui de
la créance sous-jacente, ou
plus court);
ii) het
faillissement,
de
insolventie of het onvermogen
van de debiteur om zijn
schulden te betalen, dan wel
zijn algemeen onvermogen of
de schriftelijke bekentenis van
zijn algemeen onvermogen om
zijn schulden te betalen
wanneer deze vervallen, en
analoge gebeurtenissen;
ii) la faillite, l’insolvabilité ou
l’incapacité du débiteur de
régler ses dettes, ou son
incapacité
ou
sa
reconnaissance par écrit de
son incapacité d'honorer,
d’une manière générale, ses
échéances de paiement, et
autres événements analogues;
iii) de herstructurering van de
onderliggende vordering die
een kwijtschelding of uitstel
van betaling van de hoofdsom,
de rente of provisies behelst
die
resulteert
in
een
kredietverlies (te weten een
waardeaanpassing of een
andere soortgelijke debitering
van
de
winsten
verliesrekening).
iii) la restructuration de la
créance
sous-jacente
impliquant l’annulation ou le
report du principal, des
intérêts ou des commissions
avec pour conséquence une
perte de crédit (à savoir une
correction de valeur ou autre
débit similaire porté au
compte de résultats).
b) Indien de in het kader van het
kredietderivaat gespecificeerde
kredietgebeurtenissen, niet de
onder a), punt iii), omschreven
herstructurering
van
de
onderliggende
vordering
omvatten,
mag
de
kredietprotectie desondanks toch
in aanmerking worden genomen,
mits de in aanmerking genomen
waarde wordt gereduceerd zoals
gespecificeerd in artikel V.74,
§ 1.
b) Lorsque les événements de crédit
prévus par le dérivé de crédit
n’incluent pas la restructuration de
la créance sous-jacente visée au
point a), iii), la protection de
crédit peut néanmoins être prise
en compte, sous réserve d’une
réduction de sa valeur reconnue
conformément à l’article V.74, § 1
c) In het geval van kredietderivaten
met afwikkeling in contanten
wordt
voorzien
in
een
deugdelijke
waarderingsprocedure om tot een
betrouwbare raming van het
verlies te komen, waarbij er
sprake is van een duidelijk
gespecificeerde periode voor de
c)
Dans le cas de dérivés de crédit
permettant un règlement en
espèces, une solide procédure
d’évaluation est mise en place
pour estimer les pertes de manière
fiable. Le délai d’évaluation de la
créance
sous-jacente
après
survenance d’un événement de
crédit est fixé de manière précise.
208
verkrijging van waarderingen van
de onderliggende vordering nadat
de kredietgebeurtenis zich heeft
voorgedaan.
d) Indien het recht en het vermogen
van de protectienemer om de
onderliggende vordering aan de
protectieverschaffer
over
te
dragen onontbeerlijk zijn voor de
afwikkeling,
wordt
in de
voorwaarden
van
de
onderliggende vordering bepaald
dat de voor een dergelijke
overdracht vereiste toestemming
niet op onredelijke gronden mag
worden geweigerd.
d) S’il est nécessaire, aux fins du
règlement, que l’acquéreur de la
protection ait le droit et la capacité
de transférer la créance sousjacente au fournisseur de la
protection, les conditions de ladite
créance sous-jacente prévoient
que l'autorisation requise pour un
tel transfert ne peut être indûment
refusée.
e) De identiteit van de partijen die
verantwoordelijk zijn voor de
bepaling of er zich een
kredietgebeurtenis
heeft
voorgedaan, wordt duidelijk
omschreven. Deze bepaling is
niet
de
uitsluitende
verantwoordelijkheid van de
protectieverschaffer.
De
protectienemer
heeft
het
recht/vermogen
om
de
protectieverschaffer in kennis te
stellen van het feit dat er zich een
kredietgebeurtenis
heeft
voorgedaan.
e)
§ 2. Een mismatch tussen de
onderliggende
vordering
en
de
referentievordering in het kader van het
kredietderivaat (dat wil zeggen de
vordering waarvan gebruik wordt
gemaakt voor de bepaling van de waarde
van de afwikkeling in contanten of de
leverbare vordering) of tussen de
onderliggende vordering en de vordering
waarvan gebruik wordt gemaakt om te
bepalen of er zich een kredietgebeurtenis
heeft voorgedaan, is alleen toelaatbaar
indien aan de volgende voorwaarden is
voldaan:
a)
de referentievordering of de
vordering waarvan gebruik
wordt gemaakt om te bepalen of
L’identité des parties chargées de
déterminer si un événement de
crédit s’est produit est clairement
établie. Cette détermination ne
relève
pas
de
la
seule
responsabilité du fournisseur de la
protection. L’acquéreur de la
protection a aussi le droit/la
capacité d’informer le fournisseur
de la survenance d’un événement
de crédit.
§ 2. Une asymétrie entre la
créance sous-jacente et la créance de
référence visée dans le contrat de dérivé
de crédit (c’est-à-dire la créance utilisée
pour déterminer la valeur du règlement en
espèces ou la valeur de l’actif livrable) ou
entre la créance sous-jacente et la créance
utilisée pour déterminer si un événement
de crédit s’est produit n’est autorisée que
si les conditions suivantes sont remplies:
a)
la créance de référence ou, le cas
échéant, la créance utilisée pour
déterminer si un événement de
209
crédit s'est produit a le même rang
que la créance sous-jacente ou un
rang inférieur;
er zich een kredietgebeurtenis
heeft voorgedaan, al naar
gelang
het
geval,
is
gelijkgesteld
met
of
achtergesteld
bij
de
onderliggende vordering;
b) de onderliggende vordering en
de referentievordering of de
vordering waarvan gebruik
wordt gemaakt om te bepalen of
er zich een kredietgebeurtenis
heeft voorgedaan, al naar
gelang het geval, hebben
dezelfde debiteur (dat wil
zeggen dezelfde rechtspersoon),
en er is voorzien in uitvoerbare
verbonden
kredietverzuimclausules
of
verbonden
onmiddellijk
opeisbaar-heidsclausules.
b)
la créance sous-jacente et la
créance de référence ou, le cas
échéant, la créance utilisée pour
déterminer si un événement de
crédit s’est produit émanent du
même débiteur (c’est-à-dire de la
même entité juridique), et il existe
des clauses exécutoires de défaut
lié ou d’exigibilité immédiate liée.
Afdeling IV – Berekening van het Section IV – Calcul des effets de
l’atténuation du risque de crédit
effect van de kredietrisicomatiging
Art. V.39
Art. V.39
§ 1. Onder voorbehoud van
de afdelingen V tot VII mag, wanneer
aan de bepalingen van de afdelingen II
en III is voldaan, de berekening van het
gewogen risicovolume overeenkomstig
hoofdstuk 4, met toepassing van de in dit
deel vervatte bepalingen worden
gewijzigd.
§ 1. Sous réserve des sections V
à VII, lorsque les conditions fixées aux
sections II et III sont remplies, le calcul
des montants du volume pondéré des
risques conformément au chapitre 4, peut
être modifié en application des
dispositions de la présente section.
§ 2. Contanten, effecten of
grondstoffen die in het kader van een
retrocessieovereenkomst
of
een
verstrekte of opgenomen effecten- of
grondstoffenlening zijn gekocht, geleend
of ontvangen, worden als zekerheden
behandeld.
§ 2. Les espèces et les titres ou
les produits de base achetés, empruntés ou
reçus dans le cadre d’une opération de
pension ou de prêt/emprunt de titres ou de
produits de base sont traités comme des
sûretés.
ONDERAFDELING
KREDIETPROTECTIE
SOUS-SECTION I – PROTECTION
I–
VOLGESTORTE
FINANCEE DU
CREDIT
Art. V. 40
Art. V. 40
Credit-linked notes
Titres liés à un crédit (credit linked
210
notes)
Beleggingen in credit-linked notes die
door de leningverstrekkende instelling
zijn uitgegeven kunnen als zekerheden in
de vorm van contanten worden
behandeld.
Les investissements en titres liés à un
crédit (credit linked notes) émis par
l'établissement prêteur sont traités comme
des sûretés en espèces.
Art. V.41
Art. V.41
Verrekening van balansposten
Compensation au bilan
Leningen en deposito’s bij de
leningverstrekkende instelling die op de
balans worden verrekend, moeten als
zekerheden in de vorm van contanten
worden behandeld.
Les prêts et les dépôts auprès de
l’établissement prêteur et qui font l'objet
d’une compensation au niveau du bilan
sont traités comme des sûretés en espèces
Art. V.42
Art. V.42
Kaderverrekeningsovereenkomsten
met
betrekking
tot
retrocessieovereenkomsten
en/of
verstrekte of opgenomen effecten- of
grondstoffenleningen en/of andere
kapitaalmarktgerelateerde transacties
Accords cadres de compensation
couvrant des opérations de pension
et/ou des opérations de prêt/emprunt de
titres ou de produits de base et/ou
d’autres opérations ajustées aux
conditions du marché
Voor de berekening van de volledig
aangepaste risicopositiewaarde, past de
instelling hetzij de benadering toe die
gebaseerd is op een volatiliteitscorrectie,
als toegelicht in de artikelen V.43 tot
V.45,
hetzij
de
internemodellenbenadering
waarvan
sprake in de artikelen V.46 tot V.51.
Pour calculer la valeur exposée au risque
pleinement
ajustée,
l’établissement
applique soit la méthode basée sur une
correction pour volatilité, exposée aux
articles V.43 à V.45, soit la méthode
fondée sur les modèles internes, exposée
aux articles V.46 à V.51.
Berekening volgens de benadering
waarbij de volatiliteitcorrecties door de
toezichthouder
worden
vastgesteld
(toezichthoudersbenadering) of volgens
de
benadering
waarbij
de
volatiliteitscorrecties op basis van eigen
ramingen
worden
vastgesteld
(eigenramingenbenadering).
Utilisation des corrections pour volatilité,
selon l’approche fondée sur les paramètres
prudentiels ou selon l’approche fondée sur
les « propres estimations »
Art. V.43
Art. V.43
Onder voorbehoud van de artikelen V.46 Sous réserve des articles V.46 à V.51, aux
tot V.51 worden, bij de berekening van fins du calcul de la valeur pleinement
211
de
volledig
aangepaste
risicopositiewaarde (E*) met betrekking
tot risicoposities die onder een erkende
kaderverrekeningsovereenkomst inzake
retrocessieovereenkomsten
en/of
verstrekte of opgenomen effecten- of
grondstoffenleningen
en/of
andere
kapitaalmarktgerelateerde
transacties
vallen,
de
toe
te
passen
volatiliteitscorrecties op de hieronder
beschreven wijze berekend, hetzij
volgens de toezichthoudersbenadering,
hetzij
volgens
de
eigenramingenbenadering zoals in de
artikelen V.58 tot V.71 betreffende de
uitgebreide benadering van financiële
zekerheden wordt beschreven. Voor de
toepassing
van
de
eigenramingenbenadering
gelden
dezelfde voorwaarden en vereisten als
die welke in het kader van de uitgebreide
benadering van financiële zekerheden
van toepassing zijn.
ajustée des montants exposés au risque
(E*) pour les expositions relevant d’un
accord cadre de compensation éligible qui
couvre des opérations de pension et/ou des
opérations de prêt/emprunt de titres ou de
produits de base et/ou d’autres opérations
ajustées aux conditions du marché, les
corrections pour volatilité applicables sont
calculées comme indiqué ci-après, selon
l’approche fondée sur les paramètres
prudentiels ou selon l'approche fondée sur
les
«propres
estimations»,
telles
qu’exposées aux articles V.58 à V.71 pour
la méthode générale fondée sur les sûretés
financières.
Pour
l’utilisation
de
l'approche fondée sur les «propres
estimations», les mêmes conditions et
exigences s’appliquent que dans le cadre
de la méthode générale fondée sur les
sûretés financières.
Art. V.44
Art. V.44
§ 1. De nettopositie in elk
type effect of grondstof wordt berekend
door van de totale waarde van de
effecten of grondstoffen van dat type die
ingevolge
de
kaderverrekeningsovereenkomst
zijn
uitgeleend, verkocht of geleverd, de
totale waarde van de op grond van die
overeenkomst geleende, gekochte of
ontvangen effecten of grondstoffen van
dat type af te trekken.
§ 1. La position nette dans une
catégorie de titres ou un produit de base
est calculée en soustrayant de la valeur
totale des titres ou des produits de base
relevant de ladite catégorie et prêtés,
vendus ou livrés en vertu de l’accord cadre
de compensation la valeur totale des titres
ou des produits de base relevant de la
même catégorie et empruntés, achetés ou
reçus en vertu dudit accord.
§ 2. Voor de toepassing van
§ 1 wordt onder “type effect”, de
effecten verstaan die door dezelfde
entiteit op dezelfde datum zijn
uitgegeven, die dezelfde looptijd hebben
en waarvoor dezelfde voorwaarden en
dezelfde liquidatieperiode gelden zoals
in de artikelen V.61 tot V.70 wordt
uiteengezet.
§ 2. Aux fins du § 1, on entend
par «catégorie de titres» un ensemble de
titres émis par le même émetteur, ayant la
même date d’émission, faisant l’objet des
mêmes conditions contractuelles et soumis
à la même période de liquidation, au sens
des articles V.61 à V.70.
212
Art. V.45
Art. V.45
§ 1. De nettopositie in elke
andere munt dan de vereffeningsmunt
van de kaderverrekeningsovereenkomst
wordt berekend door van de totale
waarde van de in die munt luidende
effecten
die
ingevolge
de
kaderverrekeningsovereenkomst
zijn
uitgeleend, verkocht of geleverd,
vermeerderd met het in die munt
luidende bedrag in contanten dat
ingevolge de overeenkomst is uitgeleend
of overgemaakt, de totale waarde van de
in die munt luidende effecten af te
trekken die ingevolge de overeenkomst
zijn geleend, gekocht of ontvangen,
vermeerderd met het bedrag in contanten
in die munt dat ingevolge de
overeenkomst is geleend of ontvangen.
§ 1. La position nette dans
chaque monnaie autre que la monnaie de
règlement de l’accord cadre de
compensation est calculée en soustrayant
de la valeur totale des titres libellés dans
ladite monnaie et prêtés, vendus ou livrés
en vertu de l’accord cadre de
compensation, augmentée des montants en
espèces libellés dans la même monnaie et
prêtés ou transférés en vertu dudit accord
cadre, la valeur totale des titres libellés
dans la monnaie considérée et empruntés,
achetés ou reçus en vertu de l’accord,
augmentée des montants en espèces
libellés dans la même monnaie et
empruntés ou reçus en vertu dudit accord.
§ 2. De volatiliteitscorrectie
die voor een bepaald type effect of
contantenpositie passend wordt geacht,
wordt toegepast op de positieve of
negatieve nettopositie in de effecten van
dat type.
§ 2. La
correction
pour
volatilité adaptée à une catégorie donnée
de titres ou de positions en espèces est
appliquée à la position nette, négative ou
positive, dans ladite catégorie.
§ 3. De volatiliteitscorrectie
in verband met het wisselkoersrisico (fx)
wordt toegepast op de positieve of
negatieve nettopositie in iedere andere
munt dan de vereffeningsmunt van de
kaderverrekeningsovereenkomst.
§ 3. La correction de volatilité
pour risque de change (fx) est appliquée à
la position nette, négative ou positive,
dans chaque monnaie autre que la
monnaie de règlement de l’accord cadre
de compensation.
§ 4. E* wordt berekend
§ 4. E* est calculé selon la
overeenkomstig de volgende formule:
formule suivante:
E* = max {0, [( (E) (C)) +
(|nettopositie in elk effect| x Hsec)+
|Efx| x H fx)]}
E* = max {0, [( (E) (C)) +
(|position nette dans chaque titre| x
Hsec)+ ( |Efx| x Hfx)]}
- E is de risicopositiewaarde die aan - E est la valeur exposée au risque qui
serait attribuée à chaque exposition
elke relevante risicopositie onder de
distincte relevant de
l'accord
kaderovereenkomst
zou
worden
cadre, en l'absence de protection du
toegekend bij afwezigheid van
crédit.
kredietprotectie.
- C is de waarde van de effecten of - C est la valeur des titres ou des produits
de base empruntés, achetés ou reçus, ou
grondstoffen die zijn geleend, gekocht
des espèces empruntées ou reçues, pour
of ontvangen dan wel van de
213
contanten die zijn geleend of
ontvangen met betrekking tot elk van
deze risicoposities.
chacune de ces expositions.
-
(E) is de som van alle E’s onder de - (E) est la somme de tous les E relevant
kaderovereenkomst.
de l’accord cadre.
-
(C) is de som van alle C’s onder de - (C) est la somme de tous les C
kaderovereenkomst.
relevant de l’accord cadre.
- Efx is de nettopositie (positief of - E est la position nette (positive ou
fx
negatief) in een bepaalde munt die niet
négative) dans une monnaie donnée,
de
vereffeningsmunt
van
de
autre que la monnaie
de
kaderovereenkomst is, als berekend
règlement de l’accord cadre, calculée
overeenkomstig § 1.
conformément au §1.
- Hsec is de volatiliteitscorrectie die voor - Hsec est la correction pour volatilité
adaptée à une catégorie particulière de
een bepaald type effect passend wordt
titres.
geacht.
- Hfx
is
wisselkoersvolatiliteitscorrectie.
- E* is de volledig
risicopositiewaarde.
Berekening
volgens
internemodellenbenadering.
de - Hfx est la correction de volatilité pour
risque de change.
aangepaste - E* est la valeur exposée au risque
pleinement ajustée.
de Utilisation de la méthode fondée sur les
modèles internes
Art. V.46
Art. V.46
Het kan instellingen worden toegestaan
om,
als
alternatief
voor
de
toezichthoudersbenadering
of
de
eigenramingenbenadering,
bij
de
berekening van de volledig aangepaste
risicopositiewaarde (E*) in het kader van
de toepassing van een erkende
kaderverrekeningsovereenkomst inzake
retrocessieovereenkomsten, verstrekte of
opgenomen
effectenof
grondstoffenleningen
en/of
andere
kapitaalmarktgerelateerde
transacties
met
uitzondering
van
derivatentransacties, gebruik te maken
van een benadering op basis van interne
modellen die rekening houdt met de
correlatie-effecten
tussen
effectenposities
die
onder
de
kaderverrekeningsovereenkomst vallen
evenals met de liquiditeit van de
Au lieu d’utiliser les corrections pour
volatilité selon l'approche fondée sur les
paramètres prudentiels ou selon l'approche
fondée sur les «propres estimations» aux
fins du calcul de la valeur exposée au
risque pleinement ajustée résultant d’un
accord cadre de compensation éligible qui
couvre des opérations de pension et/ou des
opérations de prêt/emprunt de titres ou de
produits de base et/ou d’autres opérations
ajustées aux conditions du marché à
l’exception des contrats dérivés, les
établissements peuvent être autorisés à
appliquer une méthode fondée sur des
modèles internes, qui tienne compte des
corrélations entre les positions sur titres
relevant
de
l’accord
cadre
de
compensation, ainsi que de la liquidité des
instruments concernés. Les modèles
internes utilisés dans ce contexte doivent
214
betrokken instrumenten. De bij deze
benadering gebruikte interne modellen
verschaffen ramingen van de potentiële
waardewijziging
van
niet
door
zekerheden gedekte posten ( E - C).
Mits de CBFA daarmee instemt, mogen
de instellingen hun interne modellen ook
gebruiken voor margeleningstransacties,
indien deze transacties vallen onder een
bilaterale
kaderverrekeningsovereenkomst
die
voldoet
aan
de
vereisten
van
hoofdstuk 3, afdeling II, van deze titel.
fournir des estimations de la variation
potentielle des valeurs exposées au risque
et non couvertes par des sûretés ( E C). Sous réserve de l’accord de la
CBFA, les établissements peuvent
également utiliser leurs modèles internes
pour les opérations de prêt avec appel de
marge, lorsque celles-ci sont couvertes par
un accord cadre de compensation bilatéral
remplissant les conditions prévues à la
section II du chapitre 3 du présent titre.
Art. V.47
Art. V.47
Indien een instelling opteert voor een
benadering op basis van interne
modellen, dan moet zij deze op alle
wederpartijen en effecten toepassen, met
uitzondering
van
immateriële
portefeuilles, ten aanzien waarvan zij
gebruik
kan
maken
van
de
toezichthoudersbenadering of van de
eigenramingenbenadering op de in de
artikelen V.43 tot V.45 beschreven
wijze.
Lorsqu’un
établissement
souhaite
appliquer une méthode fondée sur les
modèles internes, il doit le faire pour
toutes les contreparties et pour tous les
titres, exception faite des portefeuilles non
significatifs, pour lesquels il peut utiliser
les corrections pour volatilité calculées
selon l’approche fondée sur les paramètres
prudentiels ou selon l’approche fondée sur
les «propres estimations», comme indiqué
aux articles V.43 à V.45.
Art. V.48
Art. V.48
§ 1. De
internemodellenbenadering mag enkel
worden toegepast door instellingen
waaraan erkenning is verleend voor het
gebruik
van
een
intern
risicobeheermodel
overeenkomstig
titel IX, hoofdstuk 8.
§ 1. La méthode fondée sur les
modèles internes ne peut être appliquée
que par les établissements qui ont obtenu
la reconnaissance d’un modèle interne de
gestion des risques, conformément au
chapitre 8 du titre IX.
§ 2. De instellingen die van
de CBFA geen erkenning hebben
gekregen om overeenkomstig § 1 een
dergelijk model te gebruiken, kunnen
met het oog op de toepassing van deze
bepalingen, bij de CBFA een verzoek
indienen tot erkenning van een intern
risicometingsmodel.
§ 2. Les établissements qui
n’ont pas obtenu de la part de la CBFA la
reconnaissance nécessaire à l’utilisation
d'un tel modèle en vertu du §1 peuvent
solliciter auprès de la CBFA la
reconnaissance d’un modèle interne
d'évaluation des risques aux fins des
présentes dispositions.
§ 3. La reconnaissance n'est
§ 3. Deze erkenning wordt
uitsluitend gegeven indien de CBFA accordée que si la CBFA a l’assurance
ervan
overtuigd
is
dat
het que le système mis en place par
215
risicobeheersysteem van de instelling
voor het beheer van de risico’s die
voortvloeien uit de transacties die onder
de
kaderverrekeningsovereenkomst
vallen, qua concept solide is en op
integere wijze wordt toegepast en dat
met name aan de volgende kwalitatieve
normen wordt voldaan:
l’établissement pour la gestion des risques
découlant des opérations couvertes par
l’accord cadre de compensation est
conceptuellement solide, mis en œuvre
avec intégrité et, en particulier, satisfait
aux critères qualitatifs suivants:
het interne risicometingsmodel
dat voor de berekening van de
potentiële prijsvolatiliteit van de
transacties wordt gehanteerd, is
in hoge mate geïntegreerd in het
dagelijkse risicobeheerproces van
de instelling en dient als basis
voor de rapportering van
risicoposities aan de effectieve
leiding van de instelling;
a)
le modèle interne d’évaluation des
risques utilisé pour le calcul de la
volatilité potentielle des prix des
opérations
considérées
est
étroitement intégré au processus de
gestion quotidienne des risques de
l’établissement et sert de base à la
communication des expositions à
la
direction
effective
de
l’établissement;
b) de instelling heeft een afdeling
risicobeheer die onafhankelijk is
van de afdelingen belast met de
marktactiviteiten en rechtstreeks
rapporteert aan de effectieve
leiding (in voorkomend geval, het
directiecomité). De betrokken
afdeling is belast met het
ontwerpen en implementeren van
het risicobeheersysteem van de
instelling. Tevens moet deze
afdeling dagelijks rapporten
opstellen en analyseren over de
uitkomsten
van
het
risicometingsmodel en over de
maatregelen
die
voor
de
handelslimieten moeten worden
genomen;
b)
l'établissement dispose d'une unité
de gestion des risques, qui est
indépendante des unités chargées
de l’activité de marché et rend
compte directement à la direction
effective.
Cette
unité
est
responsable de la configuration et
de l'exploitation du système de
gestion
des
risques
de
l'établissement. Elle doit établir et
analyser les rapports quotidiens sur
les résultats produits par les
modèles d’évaluation des risques
et sur les mesures à prendre en ce
qui concerne les limites de
négociation;
c)
de dagelijkse rapporten die de
afdeling risicobeheer opstelt,
worden beoordeeld door een
leidingniveau dat voldoende
bevoegdheden heeft om een
vermindering van de ingenomen
posities of van de totale
risicopositie van de instelling op
te leggen;
c)
les rapports quotidiens produits par
l'unité de gestion des risques sont
examinés à un niveau de la
direction disposant d'une autorité
suffisante pour exiger la réduction
des positions prises et de
l’exposition générale au risque;
d) de instelling beschikt over
voldoende
personeel
dat
onderlegd is in het gebruik van
d)
l’établissement dispose, dans son
unité de gestion des risques, d’un
nombre suffisant de personnes
a)
216
geavanceerde modellen in de
afdeling risicobeheer;
formées à l’utilisation de modèles
sophistiqués;
e)
de instelling heeft procedures
vastgesteld voor de bewaking van
en het doen naleven van een
schriftelijk vastgelegde reeks
interne
beleidslijnen
en
controlevoorschriften,
die
betrekking hebben op de werking
van het risicometingssysteem als
geheel;
e)
l'établissement a établi des
procédures visant à assurer et à
surveiller le respect des documents
établissant les politiques et les
contrôles internes relatifs au
fonctionnement global du système
d’évaluation des risques;
f)
de modellen van de instelling
hebben in het verleden bewezen
redelijk accuraat te zijn bij het
meten van risico's, hetgeen kan
worden aangetoond door de
uitkomsten ervan achteraf te
testen ("backtesting") aan de
hand van gegevens over een
periode van ten minste een jaar;
f)
les
modèles
internes
de
l’établissement ont fait la preuve
d’une précision raisonnable dans
l’évaluation des risques, comme
l’atteste un contrôle ex post de
leurs résultats produits sur la base
de données remontant à au moins
un an;
g) de instelling voert frequent een
stringent
programma
van
crisissimulaties
uit;
de
uitkomsten van de tests worden
beoordeeld door de effectieve
leiding en worden verwerkt in het
beleid en in de limieten die door
haar bepaald worden;
g)
l'établissement
applique
fréquemment
un
programme
rigoureux de simulations de crise,
dont les résultats sont examinés
par la direction effective et se
reflètent dans les politiques et les
limites que cette dernière arrête;
h) als onderdeel van de periodieke
interne audit laat de instelling een
onafhankelijke evaluatie van het
risicometingssysteem uitvoeren.
Deze evaluatie moet betrekking
hebben op de afdelingen belast
met de marktactiviteiten en het
risicobeheer;
h)
l'établissement procède, dans le
cadre de son processus périodique
d'audit interne, à une analyse
indépendante de son système
d’évaluation des risques. Cette
analyse doit porter sur les unités
chargées de l’activité de marché et
de la gestion des risques;
i)
ten minste eenmaal per jaar moet
de instelling een evaluatie
uitvoeren van het algehele
risicobeheerproces;
i)
l’établissement procède au moins
une fois par an à un réexamen du
système de gestion des risques.
j)
het interne model moet voldoen
aan de eisen in artikel V.9, §§ 40
tot 42.
j) le modèle interne répond aux
exigences énoncées à l’article V.9,
§ 40 à § 42.
217
Art. V.49
Art. V.49
§ 1. Voor de berekening van
§ 1. Le calcul des variations
de potentiële waardewijziging gelden de potentielles de la valeur doit respecter les
volgende minimumvereisten:
spécifications minimales suivantes:
a) de potentiële waardewijziging
moet ten minste eenmaal per dag
berekend worden;
a) un calcul au moins quotidien des
variations potentielles de la valeur;
b) een
eenzijdig
betrouwbaarheidsinterval,
uitgedrukt
in
centielen, van 99%;
b) un niveau de confiance, exprimé en
centiles et unilatéral, de 99 %;
c) een liquidatieperiode van ten
minste 5 dagen of een equivalent
daarvan, behalve in geval van
andere
transacties
dan
effectenretrocessieovereenkomsten
of verstrekte of opgenomen
effectenleningen, waarvoor een
liquidatieperiode van 10 dagen of
een equivalent daarvan geldt;
c) une
période
de
liquidation
équivalant à 5 jours, portée à
10 jours pour les opérations autres
que les opérations de pension sur
titres ou de prêt/emprunt de titres;
d) een feitelijke observatieperiode
van ten minste een jaar, tenzij een
kortere
observatieperiode
gerechtvaardigd is op grond van
een aanmerkelijke toename van de
prijsvolatiliteit;
d) une période effective d'observation
d'au moins un an, à moins qu'une
période d'observation plus courte ne
soit justifiée par une augmentation
significative de la volatilité des
prix;
e) driemaandelijkse bijwerking van
het gegevensbestand.
e) une mise à jour trimestrielle des
données.
§ 2. Het
interne
§ 2. Le
modèle
interne
risicometingsmodel dient een voldoende d’évaluation des risques doit capturer un
aantal risicofactoren te bestrijken om alle nombre suffisant de facteurs de risque, de
wezenlijke koersrisico's te ondervangen. sorte qu’il couvre tous les risques de prix
d’une certaine importance.
§ 3. De
CBFA
kan
instellingen toestaan om, binnen
risicocategorieën
en
tussen
uiteenlopende
risicocategorieën,
empirische correlaties te hanteren indien
zij ervan overtuigd is dat het systeem
waarmee de instelling de correlaties
meet, solide is en op integere wijze
wordt toegepast.
§ 3. La CBFA peut autoriser les
établissements à recourir à des
corrélations empiriques à l'intérieur des
catégories de risques et entre celles-ci, si
elle estime que le système qu'utilise
l'établissement
pour
mesurer
ces
corrélations est sain et qu'il est mis en
oeuvre de manière intègre.
218
Art. V.50
Art. V.50
De
volledig
aangepaste
risicopositiewaarde
(E*)
voor
instellingen die gebruik maken van de
internemodellenbenadering
wordt
berekend op basis van de volgende
formule:
E* = max {0, [( E - C) +
(uitkomst van het interne
model)]}
Pour les établissements qui utilisent la
méthode fondée sur les modèles internes,
la valeur exposée au risque pleinement
ajustée (E*) est calculée selon la formule
suivante:
E is de risicopositiewaarde die aan elke
risicopositie
onder
de
kaderovereenkomst
zou
worden
toegekend
bij
afwezigheid
van
kredietprotectie.
E est la valeur exposée au risque qui serait
attribuée à chaque exposition distincte
relevant de l'accord cadre en l'absence de
protection du crédit.
C is de waarde van de effecten die zijn
geleend, gekocht of ontvangen dan wel
van de contanten die zijn geleend of
ontvangen met betrekking tot elk van
deze risicoposities.
C est la valeur des titres empruntés,
achetés ou reçus, ou des espèces
empruntées ou reçues, pour chacune de
ces expositions.
E* = max {0, [( E - C) +
(produit du modèle interne)]}
(E) is de som van alle E’s onder de
(E) est la somme de tous les E relevant
kaderovereenkomst.
de l’accord cadre.
(C) is de som van alle C’s onder de
kaderovereenkomst.
(C) est la somme de tous les C relevant
de l’accord cadre.
Art. V.51
Art. V.51
Bij de berekening van gewogen
risicobedragen op basis van interne
modellen maken de instellingen gebruik
van de modeluitkomsten van de
voorgaande werkdag.
Lorsqu’ils calculent les montants des
expositions pondérés sur la base d’un
modèle interne, les établissements utilisent
les estimations produites par le modèle
pour le jour ouvrable précédent.
Art. V.52
Art. V.52
E*, als berekend overeenkomstig de
artikelen V.43 tot V.51, wordt met het
oog op de toepassing van de artikelen
V.1 en V.2, beschouwd als de
risicopositiewaarde die voortvloeit uit de
transacties
die
onder
de
kaderverrekeningsovereenkomst vallen.
E* tel que calculé conformément
aux articles V.43 à V.51 est
considéré, aux fins des articles
V.1 et V.2, comme la valeur
exposée au risque de l’exposition
sur la contrepartie résultant des
opérations couvertes par l’accord
cadre de compensation.
219
Art. V.53
Art. V.53
Financiële zekerheden
Sûretés financières
Teneinde rekening te houden met de
financiële zekerheden, hebben de
instellingen de keuze tussen de
eenvoudige benadering als toegelicht in
de artikelen V.55 tot V.57 en de
uitgebreide benadering als uiteengezet in
de artikelen V.58 tot V.71
Pour tenir compte des sûretés financières,
les établissements ont le choix entre la
méthode simple exposée aux articles V.55
à V.57 et la méthode générale exposée aux
articles V.58 à V.7
Art. V.54
Art. V.54
De
eenvoudige
benadering
van
financiële zekerheden mag slechts
worden
toegepast
indien
de
risicogewogen activa overeenkomstig
hoofdstuk 4 worden berekend. Een
instelling mag niet zowel de eenvoudige
benadering van financiële zekerheden als
de uitgebreide benadering van financiële
zekerheden toepassen, behalve voor de
toepassing van artikelen IV.5, § 1 en
IV.8. Instellingen tonen de CBFA aan
dat een dergelijke uitzonderlijke
toepassing van beide methoden niet
selectief plaatsvindt met de bedoeling
lagere
minimumeigenvermogensvereisten
te
bewerkstellingen en evenmin tot
regelgevingsarbitrage leidt.
La méthode simple fondée sur les sûretés
financières n’est applicable que lorsque les
montants des expositions pondérés sont
calculés conformément au chapitre 4. Un
établissement
ne
peut
utiliser
simultanément la méthode simple fondée
sur les sûretés financières et la méthode
générale fondée sur les sûretés financières,
sauf aux fins des articles IV.5, § 1, et IV.8.
Les établissements doivent démontrer à la
CBFA
que
cette
application
exceptionnelle des deux méthodes
simultanément n’est pas utilisée de façon
sélective, dans le but de réduire les
exigences minimales en fonds propres et
n’entraîne pas d’arbitrage réglementaire.
Eenvoudige benadering van financiële
zekerheden
Méthode simple fondée sur les sûretés
financières
Art. V.55
Art. V.55
Volgens de eenvoudige benadering
wordt aan erkende financiële zekerheden
een waarde toegekend die gelijk is aan
hun marktwaarde zoals vastgesteld
overeenkomstig artikel V.31, § 1.
Dans le cadre de la méthode simple, toute
sûreté financière reconnue se voit attribuer
une valeur égale à sa valeur de marché,
déterminée conformément à l’article V.31,
§ 1.
Art. V.56
Art. V.56
De risicoweging die overeenkomstig
hoofdstuk 4 van deze Titel van
toepassing zou zijn indien de
kredietgever
een
rechtstreekse
La pondération de risque qui serait
applicable en vertu du chapitre 4 du
présent titre si l’établissement prêteur était
directement exposé au risque de la sûreté,
220
risicopositie in het zekerheidsinstrument
had, is van toepassing op die gedeelten
van risicopositiewaarden die door de
marktwaarde van erkende zekerheden
zijn gedekt. Voor dit doel bedraagt de
risicopositie van een in hoofdstuk 2,
afdeling II, vermelde buitenbalanspost
100 % van het bedrag, en niet van de in
die afdeling vermelde percentages. De
risicoweging van het door zekerheden
gedekte gedeelte bedraagt ten minste
20 %, behalve in de in artikel V.57
gespecificeerde gevallen. Aan het
resterende
gedeelte
van
de
risicopositiewaarde
wordt
de
risicoweging
toegekend
die
overeenkomstig
hoofdstuk 4
van
toepassing zou zijn op een niet-gedekte
risicopositie op de wederpartij.
s’applique aux fractions des valeurs
exposées au risque garanties par la valeur
de marché des sûretés reconnues. A ces
fins, la valeur exposée au risque d’un
élément de hors bilan visé au chapitre 2,
section II, s'élève à 100 % du montant et
non aux pourcentages prévus dans ladite
section. La pondération de risque
appliquée à la fraction couverte par la
sûreté est au minimum égale à 20 %, sous
réserve de l’article V.57. Le solde de la
valeur exposée au risque reçoit la
pondération qui serait applicable à une
exposition non garantie envers la
contrepartie en vertu du chapitre 4.
Art. V.57
Art. V.57
§ 1. Opérations de pension et
§ 1. Retrocessieovereenkomsten en verstrekte of opgenomen de prêt/emprunt de titres
effectenleningen
Op het door zekerheden gedekte gedeelte
van de risicopositie die voortvloeit uit
transacties die voldoen aan de in
artikel V.70 genoemde criteria, wordt
een risicoweging van 0% toegepast.
Indien de wederpartij bij de transactie
geen kerndeelnemer aan de markt is,
wordt een risicoweging van 10 %
toegepast.
Une pondération de 0 % est appliquée à la
fraction assortie d’une sûreté de
l’exposition découlant des opérations qui
remplissent les conditions énoncées à
l’article V.70. Si la contrepartie à
l'opération n’est pas un intervenant clé du
marché, une pondération de 10 % est
appliquée.
§ 2. Opérations sur dérivés de
§ 2. Transacties in afgeleide
buitenbeursinstrumenten die dagelijks gré à gré soumises à une réévaluation
tegen marktwaarde worden gewaardeerd quotidienne aux prix du marché
Op de overeenkomstig hoofdstuk 3 van
deze titel vastgestelde waarde van de in
artikel V.5, § 1 opgesomde afgeleide
instrumenten die dagelijks tegen
marktwaarde worden gewaardeerd en die
gedekt worden door zekerheden in de
vorm van contanten of door met
contanten vergelijkbare instrumenten
waarbij geen sprake is van een
valutamismatch wordt, naar gelang van
Une pondération de 0 % est appliquée,
dans la limite de la couverture par la
sûreté financière, aux valeurs exposées au
risque déterminées conformément au
chapitre 3 du présent titre pour les
instruments
dérivés
énumérés
à
l’article V.5, § 1 et faisant l’objet d’une
réévaluation quotidienne aux prix du
marché, garantis par des espèces ou des
instruments assimilés à des liquidités et ne
221
de reikwijdte van de zekerheidsstelling,
een risicoweging van 0% toegepast. Op
de waarde van transacties die gedekt
worden door zekerheden in de vorm van
door centrale overheden of centrale
banken uitgegeven schuldtitels waaraan
overeenkomstig hoofdstuk 4 een
risicoweging van 0 % wordt toegekend,
wordt, naar gelang van de reikwijdte van
de zekerheidsstelling, een risicoweging
van 10% toegepast.
présentant aucune asymétrie de devises.
Une pondération de 10 % est appliquée,
dans la limite de la couverture par la
sûreté financière, aux valeurs exposées au
risque des opérations considérées, qui sont
garanties par des titres de créance émis par
des administrations centrales ou par des
banques centrales et qui reçoivent une
pondération de risque de 0 % en vertu du
chapitre 4.
Voor de toepassing van deze paragraaf
wordt onder "schuldtitels uitgegeven
door centrale overheden of centrale
banken" verstaan:
Aux fins du présent paragraphe, les «titres
de créance émis par des administrations
centrales ou par des banques centrales»
incluent:
a)
schuldtitels uitgegeven door
regionale of lokale overheden
indien de risicoposities op deze
overheden
overeenkomstig
hoofdstuk 4 worden behandeld
als risicoposities op de centrale
overheid in wier rechtsgebied
deze gevestigd zijn;
a)
les titres de créance émis par des
autorités régionales ou locales dont
le risque est traité comme un
risque sur l’administration centrale
dans la juridiction de laquelle ces
autorités
sont
établies,
conformément au chapitre 4;
b)
schuldtitels uitgegeven door
multilaterale
ontwikkelingsbanken
waarop
overeenkomstig hoofdstuk 4 een
risicoweging van 0% van
toepassing is;
b)
les titres de créance émis par des
banques
multilatérales
de
développement auxquelles une
pondération de 0 % est appliquée
dans le cadre ou en vertu du
chapitre 4;
c)
schuldtitels uitgegeven door
internationale
organisaties
waarop
overeenkomstig
hoofdstuk 4 een risicoweging
van 0% van toepassing is.
c)
les titres de créance émis par des
organisations
internationales
auxquelles une pondération de 0 %
est appliquée en vertu du
chapitre 4.
§ 3. Andere transacties
Een risicoweging van 0 % mag worden
toegepast wanneer de risicopositie en de
zekerheid in dezelfde munt luiden en
indien de zekerheid:
a) ofwel een contantendeposito of
een met contanten vergelijkbaar
financieel instrument is;
§ 3.
Autres opérations
Une pondération de 0 % peut être
appliquée lorsque l’exposition et la sûreté
sont libellées dans la même monnaie, et
que:
a)
la sûreté est constituée par un
dépôt en espèces ou un instrument
financier assimilé à des liquidités,
222
ou que
b) ofwel de vorm heeft van door
centrale overheden of centrale
banken uitgegeven schuldtitels
die overeenkomstig hoofdstuk 4
in aanmerking komen voor een
risicoweging van 0%, en de
marktwaarde van deze zekerheid
met 20% is verlaagd.
Voor de toepassing van deze paragraaf
worden onder "schuldtitels uitgegeven
door centrale overheden of centrale
banken" ook de schuldtitels verstaan die
in § 2 worden genoemd.
b)
la sûreté est constituée par des
titres de créance émis par des
administrations centrales ou des
banques
centrales
pouvant
bénéficier d'une pondération de
risque de 0 % dans le cadre du
chapitre 4, et que sa valeur de
marché a fait l’objet d’une décote
de 20 %.
Aux fins du présent paragraphe, les «titres
de créance émis par des administrations
centrales ou par des banques centrales»
sont réputés inclure les titres indiqués au
§ 2.
Uitgebreide benadering van financiële Méthode générale fondée sur les sûretés
zekerheden
financières
Art. V. 58
Art. V. 58
Bij de waardering van financiële
zekerheden in het kader van de
uitgebreide benadering van financiële
zekerheden,
worden
volatiliteitscorrecties toegepast op de
marktwaarde van die zekerheden, zoals
in de artikelen V.61 tot V.70 hieronder
wordt uiteengezet, om rekening te
houden met de prijsvolatiliteit.
Lors de l’évaluation des sûretés
financières aux fins de la méthode
générale fondée sur les sûretés financières,
des corrections pour volatilité sont
appliquées à la valeur de marché desdites
sûretés, conformément aux articles V.61 à
V.70 ci-après, afin de tenir compte de la
volatilité des prix.
Art. V.59
Art. V.59
§ 1. Wanneer een zekerheid
in een andere munt luidt dan die van de
onderliggende risicopositie wordt, onder
voorbehoud van de in § 2 aan de orde
komende
behandeling
voor
valutamismatches in het geval van
transacties
in
afgeleide
buitenbeursinstrumenten als bedoeld in
artikel V.5, een correctie voor
muntvolatiliteit verricht naast de
volatiliteitscorrectie die passend wordt
geacht voor de desbetreffende zekerheid
overeenkomstig de artikelen V.61 tot
V.70.
§ 1. Sous réserve du traitement
prévu au § 2 pour les cas d’asymétrie de
devises dans les opérations sur
instruments dérivés de gré à gré visés à
l’article V.5, lorsque la sûreté est libellée
dans une monnaie autre que celle de
l’exposition sous-jacente, une correction
tenant compte de la volatilité des
monnaies est ajoutée à la correction pour
volatilité adaptée à la sûreté et calculée
conformément aux articles V.61 à V.70.
223
§ 2. In het geval van
transacties
in
afgeleide
buitenbeursinstrumenten in het kader
van door de CBFA overeenkomstig
hoofdstuk
3
erkende
verrekeningsovereenkomsten, wordt een
correctie voor muntvolatiliteit verricht
indien er sprake is van een mismatch
tussen de munt van de zekerheid en de
vereffeningsmunt. Ook indien de
transacties
ingevolge
de
verrekeningsovereenkomst in meerdere
munten worden uitgevoerd, wordt
slechts een muntvolatiliteitscorrectie
toegepast.
§ 2. Pour les opérations sur
instruments dérivés de gré à gré couvertes
par des accords de compensation reconnus
par la CBFA dans le cadre du chapitre 3,
une correction pour volatilité tenant
compte de la volatilité des monnaies est
appliquée en cas d’asymétrie entre la
monnaie de la sûreté et la monnaie du
règlement. Quel que soit le nombre des
monnaies concernées par les opérations
relevant de l’accord de compensation, une
seule correction pour volatilité monétaire
est appliquée.
Art. V.60
Art. V.60
Ten aanzien van alle transacties, met
uitzondering van die welke worden
verricht uit hoofde van erkende
kaderverrekeningsovereenkomsten
waarop de bepalingen van de
artikelen V.42 tot V.52 van toepassing
zijn, wordt de voor volatiliteit
gecorrigeerde waarde van de zekerheid
die in aanmerking moet worden
genomen als volgt berekend:
La valeur corrigée pour volatilité de la
sûreté à prendre en compte est calculée
comme suit pour toutes les opérations, à
l’exception de celles couvertes par un
accord cadre de compensation reconnu,
auxquelles les articles V.42 à V.52
s’appliquent.
CVA = C x (1-HC-HFX)
CVA = C x (1-HC-HFX)
De voor volatiliteit gecorrigeerde La valeur corrigée pour volatilité de
risicopositie die in aanmerking moet l’exposition à prendre en compte est
worden genomen wordt als volgt calculée comme suit
berekend:
EVA = E x (1+HE) en in geval van EVA = E x (1+HE) et, en cas d'opération
transacties
in
afgeleide sur instrument dérivé de gré à gré, EVA = E
buitenbeursinstrumenten, EVA = E.
De
volledig
aangepaste
risicopositiewaarde, waarin zowel de
volatiliteit als het risicomatigende effect
van de zekerheid in aanmerking worden
genomen, wordt als volgt berekend:
La valeur pleinement ajustée de
l’exposition, compte tenu de la volatilité et
de l’atténuation du risque résultant de
l’utilisation de la sûreté, est calculée
comme suit:
E* = max {0, [EVA - CVAM]}
waarbij
E* = max {0, [EVA - CVAM]}
où
E de risicopositiewaarde is zoals zij met E est la valeur exposée au risque telle
toepassing van hoofdstuk 2 bij qu’elle serait déterminée en application du
afwezigheid van zekerheden zou worden chapitre 2, en l’absence de sûreté. A ces
224
bepaald. Voor dit doel bedraagt de
risicopositie van de in hoofdstuk 2,
afdeling II, vermelde buitenbalansposten
100 % van het bedrag, en niet van de in
die afdeling vermelde percentages.
fins, la valeur exposée au risque des
éléments de hors bilan énumérés au
chapitre 2, section II s'élève à 100 % du
montant et non aux pourcentages prévus
dans ladite section.
EVA is de voor volatiliteit gecorrigeerde EVA est la valeur exposée au risque
risicopositiewaarde.
corrigée pour volatilité
CVA is de voor volatiliteit gecorrigeerde CVA est la valeur de la sûreté corrigée pour
waarde van de zekerheid.
volatilité.
CVAM stemt overeen met CVA,
gecorrigeerd
voor een eventueel
looptijdverschil overeenkomstig de
bepalingen van artikel V.78, § 2.
CVAM correspond à CVA corrigé des effets
d’une éventuelle asymétrie des échéances,
conformément aux dispositions de l’article
V.78, §2.
HE is de passende volatiliteitscorrectie HE est la correction pour volatilité adaptée
van de risicopositie (E), berekend à l’exposition (E), telle que calculée en
overeenkomstig de artikelen V.61 tot application des articles V.61 à V.70.
V.70.
HC is de passende volatiliteitscorrectie HC est la correction pour volatilité adaptée
van
de
zekerheid,
berekend à la sûreté, telle que calculée en
overeenkomstig de artikelen V.61 tot application des articles V.61 à V.70.
V.70.
HFX is de passende volatiliteitscorrectie
bij
valutamismatch,
berekend
overeenkomstig de artikelen V.61 tot
V.70.
HFX est la correction pour volatilité
indiquée en cas d’asymétrie de devises,
telle que calculée en application des
articles V.61 à V.70.
E*
is
de
volledig
aangepaste
risicopositiewaarde, waarin de volatiliteit
en het risicomatigende effect van de
zekerheid in aanmerking zijn genomen.
E* est la valeur exposée au risque
pleinement ajustée, qui tient compte de la
volatilité et de l’atténuation du risque
résultant de l’utilisation de la sûreté.
Art. V.61
Art. V.61
§ 1. Volatiliteitscorrecties
kunnen op twee wijzen worden
berekend: volgens de benadering waarbij
de parameters door de toezichthouder
worden
vastgesteld
(de
“toezichthoudersbenadering”,
artikelen V.62 en V.63) en volgens de
benadering op basis van eigen ramingen
(de
"eigenramingenbenadering”,
artikelen V.64 tot V.68).
§1.
Les
corrections
pour
volatilité peuvent être calculées de deux
manières: selon l’approche fondée sur les
paramètres prudentiels (articles V.62 et
V.63) ou selon l’approche fondée sur les
«propres estimations» (articles V.64 à
V.68).
§ 2. Un établissement peut
§ 2. Een
instelling
mag
gebruik
maken
van
de opter pour l’approche fondée sur les
toezichthoudersbenadering of van de paramètres prudentiels ou pour l’approche
eigenramingenbenadering. Indien een fondée sur les propres estimations.
225
instelling evenwel gebruik wenst te
maken van de eigenramingenbenadering,
moet zij dit doen voor alle categorieën
van instrumenten, met uitzondering van
immateriële portefeuilles waarvoor zij
wel gebruik mag maken van de
toezichthoudersbenadering.
Toutefois, l’établissement qui souhaite
appliquer l'approche fondée sur les
propres estimations doit le faire pour
toutes les catégories d’instruments,
exception faite des portefeuilles non
significatifs, pour lesquels il peut utiliser
l’approche fondée sur les paramètres
prudentiels.
§ 3. Wanneer de zekerheid
§ 3. Lorsque la sûreté consiste
uit een aantal erkende bestanddelen en un certain nombre d'éléments reconnus,
bestaat, is de volatiliteitscorrectie gelijk la correction pour volatilité est égale à
aan
H
ai H i
H
i
ai H i
i
waarbij ai de verhouding is van een ai étant le rapport de proportion entre un
bestanddeel ten opzichte van de élément donné et la sûreté dans son
zekerheid als geheel en Hi de ensemble, et Hi étant la correction pour
volatiliteitscorrectie
die
op
dat volatilité applicable à cet élément.
bestanddeel van toepassing is.
Volatiliteitscorrecties
volgens
toezichthoudersbenadering
de Corrections pour volatilité dans le cadre
de l’approche fondée sur les paramètres
prudentiels
Art. V.62
Art. V.62
De volatiliteitscorrecties die op grond
van
de
toezichthoudersbenadering
moeten worden verricht (waarbij wordt
uitgegaan
van
een
dagelijkse
herwaardering) zijn in de tabellen 1 tot 4
weergegeven.
Les corrections pour volatilité applicables
dans le cadre de l’approche fondée sur les
paramètres prudentiels (dans l’hypothèse
d’une réévaluation quotidienne) sont
celles figurant aux tableaux 1 à 4.
226
VOLATILITEITSCORRECTIES
Kredietwaardig-heidscategorie waarin
de kredietbeoordeling van
de schuldtitel is
onderge-bracht
1
2-3
4
Resterende
looptijd
1 jaar
>1 5
jaar
> 5 jaar
1 jaar
>1 5
jaar
> 5 jaar
1 jaar
>1 5
jaar
> 5 jaar
Tabel 1
Volatiliteitscorrecties
voor
schuldtitels uitgegeven door
entiteiten als beschreven in
afdeling II, artikel V.23, § 2, 1°,
b)
Volatiliteitscorrecties
voor
schuldtitels uitgegeven door
entiteiten als beschreven in
afdeling II, artikel V.23, § 2, 1°,
c) en d)
liquidatieperiode
van
20 dagen
(%)
Liquidatieperiode
van
10 dagen
(%)
Liquidatieperiode
van
5 dagen
(%)
Liquidatieperiode
van
20 dagen
(%)
Liquidatieperiode
van
10 dagen
(%)
Liquidatieperiode
van
5 dagen
(%)
0.707
2.828
0.5
2
0.354
1.414
1.414
5.657
1
4
0.707
2.828
5.657
1.414
4.243
4
1
3
2.828
0.707
2.121
11.314
2.828
8.485
8
2
6
5.657
1.414
4.243
8.485
21.213
21.213
6
15
15
4.243
10.607
10.607
16.971
n.v.t.
n.v.t.
12
n.v.t.
n.v.t.
8.485
n.v.t.
n.v.t.
21.213
15
10.607
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
CORRECTIONS POUR VOLATILITE
Echelon
de
qualité du crédit
auquel
l’évaluation du
crédit du titre
de créance est
associée
1
2-3
4
Durée
résiduelle
1 an
>1 5 ans
> 5 ans
1 an
>1 5 ans
> 5 ans
1 an
>1 5 ans
> 5 ans
Tableau 1
Corrections de volatilité pour
les titres de créance émis par
les entités décrites à la section
II, article V.23, §2, 1° b)
Corrections de volatilité pour
les titres de créance émis par
les entités décrites à la section
II, article V.23, §2, 1° c) et d)
Pério-de
de liquidation de
20 jours
(%)
période
de
liquidation de
20 jours
(%)
1.414
5.657
11.314
2.828
8.485
16.971
N/A
N/A
N/A
0.707
2.828
5.657
1.414
4.243
8.485
21.213
21.213
21.213
Pério-de
de
liquidation de
10 jours
(%)
0.5
2
4
1
3
6
15
15
15
période
de
liquidation de
5 jours
(%)
0.354
1.414
2.828
0.707
2.121
4.243
10.607
10.607
10.607
période
de
liquidation de
10 jours
(%)
1
4
8
2
6
12
N/A
N/A
N/A
période
de
liquidation de
5 jours
(%)
0.707
2.828
5.657
1.414
4.243
8.485
N/A
N/A
N/A
227
Tabel 2
Kredietwaardig-heidscategorie
waarin
de
kredietbeoorde-ling
van een kortlopende
schuldtitel is
onder-gebracht
1
2-3
Volatiliteitscorrecties voor schuldtitels
uitgegeven
door
entiteiten
als
beschreven in afdeling II, artikel V.23,
§ 2, 1°, b), met kredietbeoordelingen
voor de korte termijn
Volatiliteitscorrecties voor schuldtitels
uitgegeven door entiteiten als beschreven
in afdeling II, artikel V.23, § 2, 1° c) en
d), met kredietbeoordelingen voor de
korte termijn
Liquidatieperiode
van
20 dagen
(%)
Liquidatieperiode
van
10 dagen
(%)
Liquidatieperiode
van
5 dagen
(%)
Liqui-datieperiode van
20 dagen
(%)
Liquidatieperiode
van
10 dagen
(%)
Liquidatieperiode
van
5
dagen
(%)
0.707
1.414
0.5
1
0.354
0.707
1.414
2.828
1
2
0.707
1.414
Tableau 2
Echelon de
qualité du
crédit auquel
l’évalua-tion du
crédit d’un titre
de créance à
court terme est
associée
1
2-3
Corrections de volatilité pour les titres
de créance émis par les entités décrites à
la section II, article V.23, §2, 1° b),
faisant l’objet d’une évaluation du crédit
à court terme
Corrections de volatilité pour les titres
de créance émis par les entités décrites à
la section II, article V.23, §2, 1°c) et d),
faisant l’objet d’une évaluation du crédit
à court terme
période de
liqui-dation
de 20
jours (%)
période de
liqui-dation
de 10
jours (%)
période de
liqui-dation
de 5 jours
(%)
période de
liquidation de
20
jours (%)
période de
liqui-dation
de 10
jours (%)
période de
liqui-dation
de 5 jours
(%)
0.707
1.414
0.5
1
0.354
0.707
1.414
2.828
1
2
0.707
1.414
228
Tabel 3
Andere typen zekerheden of risicoposities
liquidatieperiode van
20 dagen (%)
liquidatieperiode van
10 dagen (%)
liquidatieperiode
van 5 dagen (%)
In een belangrijke
index opgenomen
aandelen
en
converteerbare
obligaties
21.213
15
10.607
Andere op een
erkende
markt
genoteerde aandelen
of
converteerbare
obligaties
35.355
25
17.678
Contanten
Goud
0
21.213
0
15
0
10.607
Tableau 3
Autres catégories de sûretés ou de risques
période
liquidation
20 jours (%)
de
de
période
liquidation
10 jours (%)
de
de
période
liquidation
5 jours (%)
Actions
et
obligations
convertibles faisant partie d’un
indice important
21.213
15
10.607
Autres actions et obligations
convertibles cotées sur un marché
reconnu
35.355
25
17.678
Liquidités
0
0
0
Or
21.213
15
10.607
de
de
229
Tabel 4
Volatiliteitscorrectie voor valutamismatch
liquidatieperiode van 20 liquidatieperiode van 10 liquidatieperiode van 5
dagen (%)
dagen (%)
dagen (%)
11.314
8
5.657
Tableau 4
Correction pour volatilité en cas d’asymétrie de devises
période de liquidation de période de liquidation de période de liquidation de
20 jours (%)
10 jours (%)
5 jours (%)
11.314
8
5.657
230
Art. V.63
Art. V.63
§ 1. Voor
gedekte
leningstransacties
geldt
een
liquidatieperiode van 20 werkdagen.
Voor
retrocessieovereenkomsten
(behalve indien ze betrekking hebben op
de overdracht van grondstoffen of
gegarandeerde rechten inzake de
eigendom
van
grondstoffen)
en
verstrekte
of
opgenomen
effectenleningen,
geldt
een
liquidatieperiode van 5 werkdagen. Voor
andere
kapitaalmarktgerelateerde
transacties geldt een liquidatieperiode
van 10 werkdagen.
§ 1. Pour les opérations de prêts
couvertes par une sûreté, la période de
liquidation est fixée à 20 jours ouvrables.
Pour les opérations de pension (dans la
mesure où elles ne comportent pas le
transfert de produits de base ou de droits
garantis relatifs à la propriété de produits
de base) et de prêt/emprunt de titres, la
période de liquidation est fixée à 5 jours
ouvrables. Pour les autres opérations
ajustées aux conditions du marché, la
période de liquidation est fixée à 10 jours
ouvrables.
§ 2. In de tabellen 1 tot 4 en
in de §§ 3 tot 5 wordt onder de
“kredietwaardigheidscategorie
waarin
een
kredietbeoordeling
van
een
schuldtitel is ondergebracht”, de
kredietwaardigheidscategorie verstaan
waarin de kredietbeoordeling volgens de
CBFA overeenkomstig hoofdstuk 4 en,
in voorkomend geval, artikel VII.18
moet worden ondergebracht. Ook
artikel V.23, § 2, 5° is in dit verband van
toepassing.
§ 2. Aux tableaux 1 à 4 et aux
§§ 3 à 5, on entend par «échelon de qualité
du crédit auquel l’évaluation du crédit
d’un titre de créance est associée»
l’échelon de qualité du crédit auquel la
CBFA associe la notation externe du
crédit, conformément au chapitre 4, et le
cas échéant, à l’article VII.18. A cet effet,
l’article V.23, §2, 5° s’applique
également.
§ 3. Op
niet-toelaatbare
effecten of grondstoffen die in het kader
van retrocessieovereenkomsten zijn
uitgeleend of verkocht en op verstrekte
of
opgenomen
effectenof
grondstoffenleningen wordt dezelfde
volatiliteitscorrectie toegepast als op
aandelen die op een erkende markt zijn
genoteerd doch niet in een belangrijke
index zijn opgenomen.
§ 3. Pour les titres non éligibles
ou les produits de base prêtés ou vendus
dans le cadre d’opérations de pension ou
de prêt/emprunt de titres ou de produits de
base, la correction pour volatilité est celle
appliquée aux actions cotées sur un
marché reconnu mais ne faisant pas partie
d’un indice important.
§ 4. Op toelaatbare rechten
van deelneming in ICB’s is de gewogen
gemiddelde volatiliteitscorrectie van
toepassing die, gelet op de in § 1
genoemde liquidatieperiode van de
transactie, van toepassing zou zijn op
activa waarin het fonds heeft belegd.
Indien de activa waarin het fonds heeft
belegd, niet bekend zijn bij de instelling,
is de volatiliteitscorrectie die van
§ 4.
S’agissant des parts d’OPC
éligibles, la correction pour volatilité est la
moyenne pondérée des corrections pour
volatilité qui s’appliqueraient, eu égard à
la période de liquidation prévue au § 1,
aux actifs dans lesquels le fonds a investi.
Si les actifs dans lesquels le fonds a
investi ne sont pas connus de
l’établissement, la correction pour
volatilité est la plus élevée qui
231
toepassing
is,
de
hoogste s’appliquerait à tout actif dans lequel le
volatiliteitscorrectie die van toepassing fonds est autorisé à investir.
zou zijn op de activa waarin het fonds
mag beleggen.
§ 5. Op door instellingen
uitgegeven schuldtitels zonder externe
kredietbeoordeling, die voldoen aan de
toelaatbaarheidscriteria van artikel V.23,
§ 2,
3°
zijn
dezelfde
volatiliteitscorrecties van toepassing als
die welke van toepassing zijn op door
instellingen
of
ondernemingen
uitgegeven schuldtitels waarvan de
externe
kredietbeoordeling
in
kredietwaardigheidscategorie 2 of 3 is
ondergebracht.
§ 5. Pour les titres de créance
non notés émis par des établissements et
remplissant les conditions d’éligibilité
fixées à l’article V.23, § 2, 3°, la
correction pour volatilité est celle
applicable aux titres de créance émis par
des établissements ou des sociétés dont la
notation externe du crédit est associée aux
échelons de qualité du crédit 2 ou 3.
Volatiliteitscorrecties in het kader van Corrections pour volatilité dans le cadre
de eigenramingenbenadering
de l’approche fondée sur les «propres
estimations»
Art. V.64
Art. V.64
Onder voorbehoud van voorafgaande
toestemming van de CBFA, mogen de
instellingen die voldoen aan de in de
artikelen V.67 en V.68 genoemde
vereisten, gebruik maken van eigen
ramingen voor de berekening van de op
zekerheden en risicoposities toe te
passen volatiliteitscorrecties.
Sous réserve d’une autorisation préalable
de la CBFA, les établissements qui
remplissent les conditions fixées aux
articles V.67 et V.68 peuvent utiliser leurs
propres estimations de la volatilité aux
fins du calcul des corrections pour
volatilité applicables aux sûretés et aux
expositions.
Art. V.65
Art. V.65
§ 1. Wanneer
schuldtitels
door een erkende EKBI van goede
kwaliteit ("investment grade" of hoger)
worden geacht, kan de CBFA de
instellingen toestaan voor elke categorie
effecten een volatiliteitsraming te
maken.
§ 1. La CBFA peut permettre
aux établissements de calculer une
estimation de la volatilité pour chacune
des catégories de titres bénéficiant d’une
évaluation du crédit par un OEEC reconnu
correspondant au moins à une note de
bonne qualité (investment grade).
§ 2. Bij de vastlegging van
de relevante categorieën houden de
instellingen rekening met de instelling
die de effecten uitgeeft, evenals met de
externe kredietbeoordeling, de resterende
looptijd en de modified duration van de
effecten. Volatiliteitsramingen moeten
§ 2. Lorsqu’ils déterminent les
catégories pertinentes, les établissements
tiennent compte du type d’émetteur, de la
notation externe du crédit des titres
considérés, de leur échéance résiduelle et
de leur duration modifiée. Les estimations
de la volatilité doivent être représentatives
232
representatief zijn voor de effecten die des titres inclus par l'établissement dans
door de instelling bij een bepaalde une catégorie donnée.
categorie zijn ingedeeld.
§ 3. Voor schuldtitels die
door een erkende EKBI van minder
goede kwaliteit worden geacht ("below
investment grade") en voor andere
toelaatbare zekerheden, moeten de
volatiliteitscorrecties voor elk effect
afzonderlijk worden berekend.
§ 3. S’agissant des titres de
créance qui reçoivent, dans le cadre de
l’évaluation du crédit par un OEEC
reconnu, une note de moindre qualité
(inférieure à investment grade), les
corrections pour volatilité doivent être
calculées séparément pour chaque titre.
Art. V.66
Art. V.66
De instellingen die gebruik maken van
de benadering op basis van eigen
ramingen moeten de volatiliteit van de
zekerheid of de valutamismatch ramen
zonder rekening te houden met eventuele
correlaties tussen de niet-gedekte
risicopositie, de zekerheden en/of de
wisselkoersen.
Les établissements qui utilisent l’approche
fondée sur les propres estimations ne
tiennent aucun compte, dans l'estimation
de la volatilité de la sûreté ou de
l’asymétrie des échéances, des éventuelles
corrélations entre l’exposition non
couverte par une sûreté, la sûreté et/ou les
taux de change.
Art. V.67
Art. V.67
Kwantitatieve criteria
Critères quantitatifs
§ 1. Aux fins du calcul des
§ 1. Bij de berekening van de
volatiliteitscorrecties wordt een eenzijdig corrections pour volatilité, un niveau de
betrouwbaarheidsinterval, uitgedrukt in confiance, exprimé en centiles et
unilatéral, de 99 % est retenu.
decielen, van 99% gehanteerd.
§ 2. De
liquidatieperiode
bedraagt 20 werkdagen voor gedekte
leningstransacties, 5 werkdagen voor
retrocessieovereenkomsten
behalve
indien
dergelijke
transacties
de
overdracht van grondstoffen of van
gegarandeerde rechten inzake de
eigendom van grondstoffen en het
opnemen
of
verstrekken
van
effectenleningen
omvatten,
en
10 werkdagen
voor
andere
kapitaalmarktgerelateerde transacties.
§ 2. La période de liquidation
est fixée à 20 jours ouvrables pour les
opérations de prêt couvertes par des
sûretés, à 5 jours ouvrables pour les
opérations de pension (dans la mesure où
elles ne comportent pas le transfert de
produits de base ou de droits garantis
relatifs à la propriété de produits de base)
et de prêt/emprunt de titres, et à 10 jours
ouvrables pour les autres opérations
ajustées aux conditions du marché.
§ 3. De instellingen kunnen
de volatiliteitscorrectiecijfers die zij voor
kortere of langere liquidatieperioden
hebben berekend, extrapoleren naar de
liquidatieperioden als bedoeld in § 2
voor de desbetreffende soort transactie
§ 3. Les établissements peuvent
utiliser les valeurs de corrections pour
volatilité calculées sur la base de périodes
de liquidation plus courtes ou plus
longues, qu’ils extrapolent pour les
périodes de liquidation prévues au §2 pour
233
op basis van de vierkantswortel van de chaque catégorie d’opération considérée,
tijd-formule:
au moyen de la racine carrée du temps,
selon la formule suivante:
HM
H N TM / TN
HM
H N TM / TN
waarbij:
où:
TM de relevante liquidatieperiode is,
TM est la
appropriée;
période
de
liquidation
HM
de
volatiliteitscorrectie HM est la correction pour volatilité
overeenkomstig de liquidatieperiode TM correspondant à la période de liquidation
TM
is, en
HN de volatiliteitscorrectie is op basis HN est la correction pour volatilité
correspondant à la période de liquidation
van de liquidatieperiode TN.
T N.
§ 4. De instellingen houden
rekening met de illiquiditeit van activa
van minder goede kwaliteit. De
liquidatieperiode wordt naar boven
bijgesteld indien er twijfels bestaan over
de liquiditeit van de zekerheid. Verder
gaan zij na of historische gegevens
wellicht de potentiële volatiliteit
onderschatten, bijvoorbeeld in het geval
van een munt die aan een ankermunt
gekoppeld is. Deze gevallen moeten aan
een crisissimulatie worden onderworpen.
§ 4. Les établissements tiennent
compte du manque de liquidité des actifs
de moindre qualité. La période de
liquidation est ajustée à la hausse en cas
de doute concernant la liquidité de la
sûreté. Les établissements déterminent
également les situations où les données
historiques pourraient sous-estimer la
volatilité potentielle, en cas, par exemple,
d'ancrage d'une monnaie à une autre. Ces
cas doivent alors faire l’objet d’une
simulation de crise.
§ 5. De
historische
observatieperiode
(steekproefperiode)
voor
het
berekenen
van
volatiliteitscorrecties bedraagt ten minste
een jaar. Voor instellingen die gebruik
maken van wegingroosters of andere
methoden in plaats van de historische
waarnemingsperiode,
bedraagt
de
feitelijke observatieperiode ten minste
een jaar (d.w.z. het gewogen gemiddelde
interval
tussen
de
afzonderlijke
waarnemingen mag niet minder dan zes
maanden bedragen). De CBFA kan
tevens verlangen dat een instelling bij de
berekening
van
haar
volatiliteitscorrecties
een
kortere
observatieperiode hanteert indien zij van
mening is dat dit op grond van een
aanmerkelijke
toename
van
de
prijsvolatiliteit gerechtvaardigd is.
§ 5. La période d’observation
historique (période d’échantillonnage)
retenue pour le calcul des corrections pour
volatilité doit être au moins égale à un an.
Pour les établissements qui utilisent une
grille de pondérations ou toute autre
méthode pour déterminer la période
d’observation historique, la période
d’observation effective doit être au moins
égale à un an (l’intervalle de temps moyen
pondéré entre les observations ne peut être
inférieur à six mois). La CBFA peut aussi
exiger d’un établissement qu’il calcule ses
corrections pour volatilité sur la base
d’une période d’observation plus courte, si
cela paraît justifié par une augmentation
notable de la volatilité des prix.
234
§ 6. De instellingen werken
hun gegevensbestanden ten minste eens
per drie maanden bij en herzien deze
gegevens
eveneens
wanneer
de
marktprijzen significante wijzigingen
ondergaan. Dit houdt in dat deze
volatiliteitscorrecties ten minste eens per
drie maanden worden berekend.
§ 6. Les
établissements
actualisent leurs jeux de données au moins
une fois tous les trois mois, et chaque fois
que les prix du marché font l’objet de
fluctuations significatives. Cela implique
que les corrections sont calculées au
moins une fois par trimestre.
Art. V.68
Art. V.68
Kwalitatieve criteria
Critères qualitatifs
§ 1. De volatiliteitsramingen
worden in het dagelijkse risicobeheer
van de instelling gebruikt, ook met
betrekking
tot
haar
interne
risicopositielimieten.
§ 1.
Les estimations de la
volatilité sont utilisées dans le processus
de gestion journalière des risques de
l’établissement, y compris en relation avec
ses limites d’expositions internes.
§ 2. Indien
de
liquidatieperiode die door de instelling
bij haar dagelijkse risicobeheer wordt
toegepast langer is dan die welke in dit
hoofdstuk voor het desbetreffende soort
transactie wordt aangegeven, dan
worden de volatiliteitscorrecties van de
instelling verhoogd op basis van de
vierkantswortel van de tijd-formule als
bedoeld in artikel V.67, § 3.
§ 2.
Si la période de liquidation
utilisée par l’établissement
dans ce
processus est supérieure à celle fixée dans
le présent chapitre pour le type
d’opération concerné, il détermine ses
corrections
pour
volatilité
par
extrapolation au moyen de la racine carrée
du temps, selon la formule exposée à
l’article V.67, §3.
§ 3. De instelling beschikt
over procedures voor de bewaking en het
doen naleven van een schriftelijk
vastgelegde reeks interne beleidslijnen
en controlevoorschriften inzake de
werking van het door haar toegepaste
systeem
voor
de
raming
van
volatiliteitscorrecties en voor de
integratie van deze ramingen in het
risicobeheer van de instelling.
§ 3.
L'établissement met en
place des procédures visant à vérifier et à
assurer le respect d’un ensemble de
politiques et de contrôles consignés par
écrit, relatifs au fonctionnement de son
système pour ce qui concerne l’estimation
des corrections pour volatilité et
l’intégration de celles-ci dans son
processus de gestion des risques.
§ 4. Periodiek wordt in het
kader van het interneauditproces een
onafhankelijke evaluatie uitgevoerd van
het door de instelling toegepaste systeem
voor
de
raming
van
volatiliteitscorrecties.
Ten
minste
eenmaal per jaar voert de instelling een
evaluatie uit van het algehele systeem
voor de raming van volatiliteitscorrecties
§ 4. Un
réexamen
indépendant du système d’estimation des
corrections
pour
volatilité
est
régulièrement pratiqué dans le cadre du
processus d’audit interne. Un réexamen du
système global pour ce qui concerne
l’estimation des corrections pour volatilité
et l’intégration de celles-ci dans le
processus de gestion des risques de
235
en voor de integratie van deze correcties l'établissement est pratiqué au moins une
in haar risicobeheerprocedure. Deze fois par an et aborde expressément, au
minimum, les aspects suivants:
evaluatie betreft ten minste:
a)
de integratie van de geraamde
volatiliteitscorrecties in het
dagelijkse risicobeheer;
a)
l’intégration des estimations de
corrections pour volatilité dans la
gestion journalière des risques;
b)
de validering van eventuele
significante wijzigingen in de
voor de raming van de
volatiliteitscorrecties gevolgde
procedure;
de
verificatie
van
de
consistentie, het aangepaste
karakter en de betrouwbaarheid
van de gegevensbronnen die in
het kader van het systeem voor
de
raming
van
volatiliteitscorrecties gebruikt
worden, alsmede van de
onafhankelijkheid van deze
gegevensbronnen; en
b)
la
validation
de
toute
modification significative du
processus d'estimation de ces
corrections;
c)
la vérification de la cohérence, du
caractère approprié et de la
fiabilité des sources des données
utilisées pour alimenter le
système
d’estimation
des
corrections pour volatilité, y
compris l’indépendance de ces
sources;
de accuraatheid en juistheid van
de aannames over volatiliteit.
d)
l’exactitude et le caractère
approprié des hypothèses en
matière de volatilité.
c)
d)
Verhoging van volatiliteitcorrecties
Extrapolation
volatilité
des
corrections
pour
Art. V.69
Art. V.69
De volatiliteitscorrecties als bedoeld in
de artikelen V.62 en V.63 moeten
worden toegepast in geval van dagelijkse
herwaardering.
Evenzo
moeten
volatiliteitscorrecties die door een
instelling
overeenkomstig
de
artikelen V.64
tot
V.68
met
gebruikmaking van eigen ramingen
worden berekend, in eerste instantie
worden berekend op basis van dagelijkse
herwaardering.
Geschiedt
de
herwaardering op minder frequente basis
dan eenmaal per dag, dan moeten de
volatiliteitscorrecties groter zijn. Zij
worden
berekend
door
de
volatiliteitscorrecties
bij
dagelijkse
herwaardering te verhogen op basis van
Les corrections pour volatilité prévues aux
articles V.62 et V.63 sont celles
applicables en cas de réévaluation
quotidienne.
De
même,
lorsqu’un
établissement
utilise
ses
propres
estimations des corrections pour volatilité
conformément aux articles V.64 à V.68,
celles-ci doivent être calculées en premier
lieu sur la base d'une réévaluation
quotidienne. Si les réévaluations ont lieu
moins d'une fois par jour, des corrections
pour volatilité plus importantes sont
appliquées. Celles-ci sont calculées par
extrapolation des corrections pour
volatilité quotidiennes, au moyen de la
racine carrée du temps, selon la formule
236
de volgende vierkantswortel van de tijd- ci-après:
formule:
H
HM
N R (TM 1)
TM
H
waarbij
N R (TM 1)
TM
HM
où:
H de toe te passen volatiliteitscorrectie H est la
is,
applicable
HM de volatiliteitscorrectie
dagelijkse herwaardering,
is
correction
pour
volatilité
bij HM est la correction pour validité en cas
de réévaluation quotidienne
NR het feitelijke aantal werkdagen is NR est le nombre effectif de jours
tussen twee herwaarderingen, en
ouvrables entre deux réévaluations
TM de liquidatieperiode voor
desbetreffende soort transactie is.
het TM est la période de liquidation pour le
type d’opération considéré.
Voorwaarden voor de toepassing van Conditions d’application d’une correction
een volatiliteitscorrectie van 0%
pour volatilité de 0 %
Art. V.70
Art. V.70
§ 1. Met
betrekking
tot
retrocessieovereenkomsten en verstrekte
of opgenomen effectenleningen kunnen
instellingen die gebruik maken van de
toezichthoudersbenadering of van de
eigenramingenbenadering
om
hun
volatiliteitscorrectie te berekenen, mits
aan de in a) tot h) bedoelde voorwaarden
is voldaan, in plaats van de aanpassingen
overeenkomstig de artikelen V.61 tot
V.69
te
berekenen,
een
volatiliteitscorrectie van 0% toepassen.
Instellingen die de in de artikelen V.46
tot
V.51
beschreven
internemodellenbenadering toepassen,
kunnen geen gebruik maken van deze
mogelijkheid:
§ 1. S’agissant des opérations
de pension et de prêt/emprunt de titres,
lorsqu’un établissement utilise l’approche
fondée sur les paramètres prudentiels ou
l’approche fondée sur les propres
estimations pour calculer ses corrections
pour volatilité et que les conditions fixées
aux points a) à h) sont remplies, il peut
remplacer les corrections pour volatilité
calculées conformément aux articles V.61
à V.69 par une correction de 0 %. Cette
possibilité n’est pas accordée aux
établissements qui utilisent l’approche
fondée sur les modèles internes exposée
aux articles V.46 à V.51:
a)
zowel de risicopositie als de
zekerheid neemt de vorm aan van
contanten
of
schuldtitels
uitgegeven
door
centrale
overheden of centrale banken in
de zin van artikel V.23, § 2, 1°,
b), en komen in aanmerking voor
a)
l’exposition comme la sûreté
consistent en espèces ou en titres
de créance émis par des
administrations centrales ou des
banques centrales au sens de
l’article V.23, §2, 1° b), et
pouvant
bénéficier
d’une
237
pondération de risque de 0% en
vertu
du
chapitre 4 ;
een risicoweging van 0%
overeenkomstig hoofdstuk 4;
b)
zowel de risicopositie als de
zekerheid luiden in dezelfde
munt;
b)
l’exposition et la sûreté sont
libellées dans la même monnaie;
c)
de looptijd van de transactie
bedraagt niet meer dan een dag,
of zowel de risicopositie als de
zekerheid worden dagelijks tegen
marktwaarde geherwaardeerd of
zijn het voorwerp van dagelijkse
margestortingen;
c)
l’échéance de l’opération n’est
pas supérieure à un jour, ou
l’exposition et la sûreté font
toutes deux l’objet d’une
réévaluation quotidienne au prix
du marché ou d’ajustements de
marges quotidiens;
d)
de tijd die verstrijkt tussen de
laatste
herwaardering
tegen
marktwaarde voor het uitblijven
van een margestorting door de
wederpartij en de liquidatie van
de zekerheid beloopt ten hoogste
vier werkdagen;
d)
il est considéré que le délai entre
la dernière réévaluation au prix
du marché survenue avant un
défaut d’ajustement de marge par
la contrepartie et la liquidation de
la sûreté ne doit pas être
supérieur
à
quatre
jours
ouvrables;
e)
de transactie wordt afgewikkeld
via een afwikkelingssysteem dat
voor
dat
soort
transactie
betrouwbaar is gebleken;
e)
l’opération est réglée par un
système de règlement ayant fait
ses preuves pour ce type
d'opération;
f)
de documentatie met betrekking
tot
de
overeenkomst
is
standaardmarktdocumentatie
voor retrocessieovereenkomsten
of voor het verstrekken of
opnemen van leningen in de
desbetreffende effecten;
f)
l’accord est couvert par des
documents classiquement utilisés
sur le marché pour les opérations
de pension ou de prêt/emprunt de
titres, pour les titres concernés;
g)
op de transactie is documentatie
van toepassing waarin wordt
bepaald dat indien de wederpartij
verzuimt om te voldoen aan de
verplichting om contanten of
effecten over te dragen of om bij
te storten bij onvoldoende marge
of anderszins in gebreke blijft, de
transactie
onmiddellijk
opzegbaar is;
g)
l’opération est régie par des
clauses stipulant que, si la
contrepartie manque à son
obligation de livrer des espèces
ou des titres ou de constituer une
marge, ou fait défaut, l’opération
peut
être
clôturée
immédiatement;
h)
de wederpartij wordt door de
bevoegde
autoriteiten
als
h)
la contrepartie est considérée
comme un «intervenant clé du
238
"kerndeelnemer aan de markt"
beschouwd.
"Kerndeelnemers
aan de markt" omvatten de
volgende entiteiten:
marché» par les autorités
compétentes. Les intervenants
clés sont notamment:
– de entiteiten als bedoeld in
artikel V.23, § 2, 1°, b) op de
risicoposities waarvan een
risicoweging van 0% wordt
toegepast
overeenkomstig
hoofdstuk 4;
– les entités mentionnées à
l’article V.23, §2, 1° b), à
l’égard
desquelles
une
exposition
reçoit
une
pondération de 0 % en vertu
du chapitre 4 ;
– de instellingen;
– les établissements;
– de gereguleerde instellingen
voor collectieve belegging die
aan eigenvermogensvereisten of
vereisten inzake de verhouding
eigen/vreemd vermogen zijn
onderworpen;
– les organismes de placement
collectif réglementés soumis à
des obligations légales en
matière de fonds propres ou
d’emprunt;
– de
gereguleerde
pensioenfondsen; en
– les
fonds
de
réglementés, et
– de erkende clearinginstellingen.
– les
organismes
compensation reconnus.
retraite
de
§ 2. Wanneer een bevoegde
autoriteit toestaat dat de in § 1 bedoelde
behandeling
wordt
toegepast op
retrocessieovereenkomsten of verstrekte
of opgenomen effectenleningen in door
zijn lidstaat uitgegeven effecten, dan kan
de CBFA de instellingen toestaan deze
transacties op dezelfde wijze te
behandelen.
§ 2. Lorsqu’une
autorité
compétente permet l’application du
traitement prévu au §1 aux opérations de
pension ou de prêt/emprunt de titres émis
par l’administration centrale de son Etat
membre,
la
CBFA
permet
aux
établissements d’appliquer le même
traitement aux opérations de même type.
Art. V.71
Art. V.71
Berekening van de gewogen
risicobedragen
Calcul des
pondérés
montants
des
risques
§ 1. E*
tel
que
calculé
§ 1. E* als berekend op de in
conformément
à
l’article
V.60
constitue
la
artikel V.60 beschreven wijze, wordt als
risicopositiewaarde beschouwd voor de valeur exposée au risque aux fins du
toepassing van deze titel, onverminderd présent titre sans préjudice du § 2.
§ 2.
§ 2. Pour les éléments de hors
§ 2. Voor de in hoofdstuk 2,
afdeling II vermelde buitenbalansposten, bilan énumérés au chapitre 2, section II,
wordt E* opgevat als de waarde waarop E* constitue la valeur à laquelle on
239
de in artikel V.4 vermelde percentages applique les pourcentages prévus à
worden
toegepast
om
tot
de l’article V.4, pour obtenir la valeur
exposée au risque.
risicopositiewaarde te komen.
Art. V.72
Art. V.72
Overige zekerheden
Autres sûretés
Zekerheden in de vorm van onroerend Sûretés immobilières
goed
§ 1. De waarde van het goed
wordt door een onafhankelijke schatter
vastgesteld op of onder de marktwaarde.
In lidstaten die in hun wettelijke of
bestuursrechtelijke bepalingen strenge
criteria voor de berekening van de
hypotheekwaarde hebben vastgesteld,
mag de waarde van het goed ook door
een onafhankelijke schatter worden
vastgesteld
op
of
onder
de
hypotheekwaarde.
§ 1. Le bien immobilier est
évalué par un expert indépendant, à sa
valeur de marché ou à une valeur moindre.
Dans les Etats membres qui ont prévu,
dans leurs dispositions légales ou
réglementaires, des critères stricts pour
l’estimation de la valeur hypothécaire, le
bien peut être aussi évalué par un expert
indépendant à une valeur inférieure ou
égale à la valeur hypothécaire.
§ 2. Onder “marktwaarde”
wordt het geraamde bedrag verstaan
waartegen het goed op de dag van de
taxatie door een willige verkoper op
marktconforme wijze zou kunnen
worden verkocht aan een willige en
onafhankelijke koper na een deugdelijke
verkoopprocedure waarbij elk van de
partijen met kennis van zaken,
voorzichtig en zonder dwang heeft
gehandeld. De marktwaarde wordt op
doorzichtige
en
heldere
wijze
gedocumenteerd.
§ 2. Par «valeur de marché», on
entend le prix estimé auquel le bien
devrait s’échanger à la date de
l’évaluation, entre un acheteur et un
vendeur consentants dans le cadre d’une
transaction effectuée dans des conditions
de concurrence normale, où chaque partie
agit en pleine connaissance de cause, de
façon prudente et sans contrainte, à l’issue
d’un processus de commercialisation
approprié. La valeur de marché est
justifiée par écrit, de manière claire et
transparente.
§ 3. Onder
“hypotheekwaarde” wordt de waarde van
het goed verstaan die is vastgesteld op
grond van een voorzichtige prognose van
de toekomstige verhandelbaarheid van
het goed, rekening houdend met
duurzame langetermijnaspecten van het
goed, de normale en plaatselijke
marktvoorwaarden, het gebruik dat op
dit ogenblik van het goed wordt gemaakt
en
eventueel
andere
doeleinden
waarvoor het geschikt is. Speculatieve
factoren
mogen
niet
in
de
§ 3. Par
« valeur
hypothécaire », on entend la valeur du
bien immobilier calculée sur la base d’une
évaluation prudente de la valeur
commerciale future du bien compte tenu
de ses caractéristiques durables à long
terme, des conditions de marché normales
et locales, de l'usage actuel du bien et des
autres usages qui pourraient lui être
donnés. Les éléments d'ordre spéculatif ne
sont pas pris en compte dans l'évaluation
de la valeur hypothécaire. La valeur
hypothécaire est justifiée par écrit de
240
hypotheekwaarde worden verrekend. De manière claire et transparente.
hypotheekwaarde wordt op doorzichtige
en heldere wijze gedocumenteerd.
§ 4. De waarde van de
zekerheid is de marktwaarde of de
hypotheekwaarde, zo nodig verlaagd
naar gelang van de resultaten van de
overeenkomstig artikel V.32 vereiste
controle en om rekening te houden met
de eventuele aanspraken van hogere rang
op het goed.
§ 4. La valeur de la sûreté est
égale à la valeur de marché ou à la valeur
hypothécaire, réduite le cas échéant de
façon à tenir compte des résultats du
contrôle prévu à l’article V.32, ainsi que
de tout droit de rang supérieur sur le bien.
Art. V.73
Art. V.73
Overige volgestorte kredietprotectie
Autres formes de protection financée du
crédit
§ 1. Bij derde instellingen
§ 1. Dépôts
aangehouden deposito’s
d’établissements tiers
Wanneer aan de in artikel V.34, § 1
gestelde voorwaarden is voldaan, mag
kredietprotectie
als
bedoeld
in
artikel V.24, § 1 worden behandeld als
een garantie toegestaan door de derde
instelling.
auprès
Lorsque les conditions fixées à l’article
V.34, §1, sont remplies, les protections du
crédit rentrant dans le cadre de
l’article V.24, §1, peuvent être traitées
comme des garanties octroyées par
l’établissement tiers.
§ 2. Aan leningverstrekkende
§ 2. Polices d’assurance vie
instellingen
in
pand
gegeven nanties en faveur de l’établissement
levensverzekeringenpolissen
prêteur
Wanneer aan de in artikel V.34, § 2
gestelde voorwaarden is voldaan, wordt
op het deel van de risicopositie dat door
de
actuele
afkoopwaarde
van
kredietprotectie
als
bedoeld
in
artikel V.24, § 2 wordt gedekt, de hierna
specifieerde risicogewichten toegepast.
Hierbij wordt uitgegaan van het
risicogewicht dat wordt toegekend aan
een niet-achtergestelde risicopositie
zonder
kredietprotectie
op
de
onderneming
waarbij
de
levensverzekering is gesloten:
Lorsque les conditions fixées à
l’article V.34, § 2, sont remplies, la
fraction de l’exposition garantie par la
valeur actuelle de rachat de la protection
de crédit rentrant dans le cadre de
l’article V.24, § 2, reçoit les pondérations
de risque spécifiées ci-dessous. Celles-ci
s’appliquent sur la base de la pondération
de risque attribuée à une exposition de
rang supérieur, sans protection de crédit,
sur l’entreprise fournissant l’assurance
vie :
a)
een risicogewicht van 20 % a) une pondération de 20 %, lorsque
wanneer aan een niet-achtergestelde l’exposition de rang supérieur, sans
risicopositie zonder kredietprotectie op protection de crédit, sur l’entreprise
241
de
onderneming
levensverzekering is
risicogewicht
van
toegekend;
waarbij
de fournissant l’assurance vie se voit
gesloten, een attribuer une pondération de risque de
20 %
wordt 20 % ;
b)
een risicogewicht van 35 %
wanneer aan een niet-achtergestelde
risicopositie zonder kredietprotectie op
de
onderneming
waarbij
de
levensverzekering is gesloten, een
risicogewicht
van
50 %
wordt
toegekend;
b) une pondération de 35 %, lorsque
l’exposition de rang supérieur, sans
protection de crédit, sur l’entreprise
fournissant l’assurance vie se voit
attribuer une pondération de risque de
50 % ;
c)
een risicogewicht van 70 %
wanneer aan een niet-achtergestelde
risicopositie zonder kredietprotectie op
de
onderneming
waarbij
de
levensverzekering is gesloten, een
risicogewicht
van
100 %
wordt
toegekend;
c) une pondération de 70 %, lorsque
l’exposition de rang supérieur, sans
protection de crédit, sur l’entreprise
fournissant l’assurance vie se voit
attribuer une pondération de risque de
100 % ;
d)
een risicogewicht van 150 %
wanneer aan een niet-achtergestelde
risicopositie zonder kredietprotectie op
de
onderneming
waarbij
de
levensverzekering is gesloten, een
risicogewicht
van
150 %
wordt
toegekend.
d) une pondération de 150 %, lorsque
l’exposition de rang supérieur, sans
protection de crédit, sur l’entreprise
fournissant l’assurance vie se voit
attribuer une pondération de risque de
150 %.
§ 3. Op zicht terugkoopbare
§ 3. Instruments émis par un
instrumenten van instellingen
établissement et rachetables à vue
Instrumenten die op grond van
artikel V.24, § 3 toelaatbaar zijn, kunnen
door de uitgevende instelling als garantie
worden behandeld.
Les instruments éligibles en vertu de
l’article V.24, §3, peuvent être traités
comme des garanties par l’établissement
émetteur.
In dit verband is de waarde van de A cet effet, la valeur attribuée à la
protection du crédit reconnue est la
erkende kredietprotectie als volgt:
suivante:
a)
wanneer het instrument wordt
teruggekocht
tegen
de
nominale waarde, is de waarde
van de protectie gelijk aan dat
bedrag;
a)
lorsque
l’instrument
est
rachetable à sa valeur nominale,
c’est cette valeur qui est
attribuée à la protection du
crédit;
b)
wanneer het instrument wordt
teruggekocht
tegen
de
marktprijs, is de waarde van
de protectie gelijk aan de
waarde van het instrument;
deze waarde wordt op
b)
lorsque
l’instrument
est
rachetable au prix du marché, la
protection du crédit reçoit une
valeur déterminée selon les
mêmes modalités que celle des
titres visés à l’article V.23, §2,
242
3°.
dezelfde wijze vastgesteld als
die van de schuldtitels zoals
gespecificeerd in artikel V.23,
§ 2, 3°.
ONDERAFDELING II – NIET-VOLGESTORTE
SOUS-SECTION II – PROTECTION
KREDIETPROTECTIE
DU CREDIT
Art. V.74
Art. V.74
Waardering
Évaluation
§ 1. De waarde van nietvolgestorte kredietprotectie (G) is het
bedrag dat de protectieverschaffer heeft
toegezegd te zullen betalen in geval van
wanbetaling door de kredietnemer of bij
andere specifieke kredietgebeurtenissen.
Indien de in het kader van een
kredietderivaat
gespecificeerde
kredietgebeurtenissen
geen
herstructurering van de onderliggende
vordering
omvatten
die
een
kwijtschelding of uitstel van betaling op
de hoofdsom, de rente of kosten behelst
welke resulteert in een kredietverlies (dat
wil zeggen een waardeaanpassing of een
soortgelijke debitering van de winst- en
verliesrekening):
§ 1. La valeur de la protection
non financée du crédit (G) est le montant
que le fournisseur de la protection s’est
engagé à payer en cas de défaut de
l’emprunteur, de non-paiement de la part
de celui-ci, ou de tout autre événement de
crédit stipulé.
Pour les dérivés de crédit qui ne prévoient
pas au nombre des événements de crédit
une restructuration de la créance
sous-jacente impliquant une remise ou un
rééchelonnement du principal, des intérêts
ou des frais avec pour conséquence une
perte sur crédit (exemple: correction de
valeur, provision ou tout autre mouvement
similaire porté au débit du compte de
résultats) :
a)
wordt, wanneer het bedrag dat
de protectieverschaffer heeft
toegezegd te zullen betalen
niet hoger is dan de
risicopositiewaarde, de waarde
van de kredietprotectie als
berekend op de in de eerste zin
van deze paragraaf beschreven
wijze, verminderd met 40%;
of
b) is, wanneer het bedrag dat de
protectieverschaffer
heeft
toegezegd te zullen betalen,
hoger
is
dan
de
risicopositiewaarde, de waarde
van de kredietprotectie niet
hoger dan 60 % van de
risicopositiewaarde.
NON FINANCEE
a) la valeur de la protection du
crédit calculée conformément à
la première phrase du présent
paragraphe est réduite de 40 %
lorsque le montant que le
fournisseur de la protection
s’est engagé à payer ne dépasse
pas la valeur exposée au
risque ; ou
b) la valeur de la protection du
crédit n’excède pas 60 % de la
valeur exposée au risque
lorsque le montant que le
fournisseur de la protection
s’est engagé à payer dépasse la
valeur exposée au risque.
§ 2. Wanneer
de
niet§ 2.
Lorsque la protection non
volgestorte kredietprotectie in een andere financée du crédit est libellée dans une
243
munt luidt dan die van de risicopositie
(valutamismatch), dan wordt de waarde
van de kredietprotectie verminderd door
de toepassing van de volatiliteitscorrectie
HFX en wel als volgt:
monnaie autre que celle de l’exposition
(asymétrie de devises), la valeur de la
protection du crédit est réduite par
l’application d’une correction pour
volatilité HFX calculée comme suit:
G* = G x (1- HFX)
G* = G x (1-HFX)
waarbij:
où:
G het nominale
kredietprotectie is;
bedrag
van
de G est le montant nominal de la protection
du crédit;
G* gelijk is aan G, gecorrigeerd voor een G* est la valeur de G, corrigée pour tout
eventueel valutarisico, en
risque de change, et
HFX de volatiliteitscorrectie is voor een
eventuele valutamismatch tussen de
kredietprotectie en de onderliggende
vordering.
Wanneer er geen valutamismatch is, dan
is
G* = G
HFX est la correction pour volatilité en cas
d’asymétrie de devises entre la protection
du crédit et la créance sous-jacente.
En l’absence d’asymétrie de devises
G* = G
§ 3. De volatiliteitscorrecties
die op een valutamismatch moeten
worden toegepast kunnen worden
berekend
op
basis
van
de
toezichthoudersbenadering dan wel op
basis van de eigenramingenbenadering
als beschreven in de artikelen V.61 tot
V.69.
§ 3. Les
corrections
pour
volatilité applicables aux éventuelles
asymétries de devises peuvent être
calculées selon l’approche fondée sur les
paramètres prudentiels ou l’approche
fondée sur les propres estimations,
conformément aux articles V.61 à V.69.
Art. V.75
Art. V.75
Berekening
risicobedragen
van
gewogen Calcul des montants des expositions
pondérés
§ 1. Protection
§ 1. Gedeeltelijke protectie –
division en tranches
onderverdeling in tranches
Wanneer de instelling een deel van het
risico van een lening in een of meer
tranches onderverdeelt, zijn de in
titel VII vastgestelde bepalingen van
toepassing.
§ 2. Volledige protectie
partielle
–
Lorsqu’un établissement transfère une
fraction du risque lié à un prêt en une ou
plusieurs tranches, les règles fixées au
titre VII s’appliquent.
§ 2.
Protection intégrale
Voor de toepassing van artikel V.1 is g Aux fins de l’article V.1, g est la
244
de weging die moet worden toegepast op
een
risicopositie
waarvan
de
risicopositiewaarde (E) volledig gedekt
wordt
door
niet-volgestorte
kredietprotectie (GA),
pondération à attribuer à une exposition
dont la valeur exposée au risque (E) est
intégralement protégée au moyen d’une
protection non financée du crédit (GA),
waarbij:
où:
E de risicopositiewaarde is als bedoeld
in hoofdstuk 2, afdeling II. Voor dit doel
bedraagt de risicopositie van een in
hoofdstuk 2,
afdeling II,
vermelde
buitenbalanspost 100 % van het bedrag,
en niet van de in die afdeling vermelde
percentages
E est la valeur exposée au risque, telle que
visée au chapitre 2, section II. A ces fins,
la valeur exposée au risque d’un élément
de hors bilan visé au chapitre 2, section II,
s'élève à 100 % du montant et non aux
pourcentages prévus dans ladite section ;
g de weging is die wordt toegepast op de g est la pondération appliquée à
risicopositie op de protectieverschaffer, l’exposition envers le fournisseur de la
protection, et
en
GA de waarde is van G* als berekend
overeenkomstig artikel V.74, § 2 en
nader gecorrigeerd voor een eventueel
looptijdverschil als beschreven in
afdeling V.
GA est la valeur de G* telle que calculée
conformément à l’article V.74, §2,
corrigée de toute asymétrie d’échéances
comme indiqué à la section V.
§ 3. Gedeeltelijke protectie –
§ 3.
gelijke rangorde
de rang
Wanneer het bedrag van de protectie
lager is dan de risicopositiewaarde en de
gedekte en ongedekte delen dezelfde
rangorde hebben - d.w.z. dat de
instelling en de protectieverschaffer
eventuele verliezen naar rato delen wordt een proportionele vermindering
van
het
eigenvermogensvereiste
toegekend. Voor de toepassing van
artikel V.1 worden de bedragen van de
gewogen risicovolumes overeenkomstig
de volgende formule berekend:
Protection partielle – parité
Lorsque le montant protégé est inférieur à
la valeur exposée au risque et que les
fractions protégée et non protégée sont de
même rang – autrement dit, lorsque
l’établissement et le fournisseur de la
protection se partagent les pertes au
prorata, un allégement proportionnel de
l’exigence de fonds propres est accordé.
Aux fins de l’article V.1, les montants de
volume pondérés des risques sont calculés
conformément à la formule suivante:
(E-GA) x r + GA x g
(E-GA) x r + GA x g
waarbij:
où:
E de risicopositiewaarde is als bedoeld
in hoofdstuk 2, afdeling II. Voor dit doel
bedraagt de risicopositie van een in
hoofdstuk 2,
afdeling II,
vermelde
buitenbalanspost 100 % van het bedrag,
en niet van de in die afdeling vermelde
E est la valeur exposée au risque telle que
visée au chapitre 2, section II. A ces fins,
la valeur exposée au risque d’un élément
de hors bilan visé au chapitre 2, section II,
s'élève à 100 % du montant et non aux
pourcentages prévus dans ladite section ;
245
percentages;
GA de waarde is van G* als berekend
overeenkomstig artikel V.74, § 2 en
nader gecorrigeerd voor een eventueel
looptijdverschil als beschreven in artikel
V.78, § 3;
GA est la valeur de G* telle que calculée
conformément à l’article V.74, §2,
corrigée de toute asymétrie des échéances
comme indiqué à l’article V.78, §3.
r de weging is van risicoposities op de r est la pondération appliquée à
debiteur
zoals
aangegeven
in l’exposition
envers
le
débiteur
conformément au chapitre 4;
hoofdstuk 4;
g de weging is van risicoposities op de g est la pondération appliquée à
protectieverschaffer zoals aangegeven in l’exposition envers sur le fournisseur de la
protection conformément au chapitre 4.
hoofdstuk 4.
§ 4. Garanties verstrekt door
§ 4. Garanties accordées par des
centrale overheden of centrale banken
administrations centrales ou des banques
centrales
De in hoofdstuk 4, artikel V.16, § 1, 3°
en 4° beschreven behandeling is van
toepassing op risicoposities of delen van
risicoposities die door de centrale
overheid of de centrale bank zijn
gegarandeerd, wanneer de garantie in de
nationale munt van de leningnemer luidt
en de risicopositie in die munt is
gefinancierd.
Le traitement prévu au chapitre 4,
art. V.16, §1, 3° et 4° s’applique aux
expositions ou fractions d’exposition
garanties par une administration centrale
ou une banque centrale, lorsque la garantie
est libellée dans la monnaie nationale de
l’emprunteur et que l’exposition est
financée dans la même monnaie.
Afdeling V – Looptijdverschil
Section V – Asymétrie des échéances
Art. V.76
Art. V.76
§ 1. In het kader van de
berekening
van
het
gewogen
risicovolume
doet
zich
een
looptijdverschil voor wanneer de
resterende
looptijd
van
de
kredietprotectie korter is dan die van de
gedekte risicopositie. Een protectie van
minder dan drie maanden resterende
looptijd, waarvan de looptijd korter is
dan die van de onderliggende
risicopositie, wordt niet in aanmerking
genomen.
§ 1. Aux fins du calcul du
volume pondéré des risques, il y a
asymétrie des échéances lorsque la durée
résiduelle de la protection du crédit est
inférieure à celle de l’exposition protégée.
Lorsque la durée résiduelle de la
protection est inférieure à trois mois et
inférieure à l’échéance de l’exposition
sous-jacente, la protection n’est pas
reconnue.
§ 2. Wanneer
zich
een
§ 2. En cas d’asymétrie des
looptijdverschil voordoet, wordt de échéances, la protection du crédit n’est pas
kredietprotectie niet in aanmerking prise en compte, lorsque l’échéance
genomen indien de oorspronkelijke initiale de la protection est inférieure à un
246
looptijd van de protectie minder dan een an.
jaar bedraagt.
Art. V.77
Art. V.77
DEFINITIE VAN LOOPTIJD
DEFINITION DE L’ECHEANCE
§ 1. De effectieve looptijd
van het onderliggende is de langst
mogelijke periode die de debiteur mag
wachten
om
zijn
contractuele
verplichtingen volledig na te komen,
waarbij een maximum geldt van vijf jaar.
Onder voorbehoud van § 2 is de looptijd
van de kredietprotectie de periode tot de
vroegste datum waarop de protectie kan
aflopen of kan worden beëindigd.
§ 1. L’échéance effective du
sous-jacent est égale à la date la plus
éloignée à laquelle le débiteur doit
s’acquitter de ses obligations, avec un
maximum de cinq ans. Sous réserve du §2,
l’échéance de la protection du crédit est
égale à la date la plus proche à laquelle la
protection peut prendre fin ou être résiliée.
§ 2. Wanneer
de
protectieverschaffer
over
de
mogelijkheid beschikt om de protectie te
beëindigen, wordt als looptijd van de
protectie de periode beschouwd tot de
vroegste datum waarop van die
mogelijkheid gebruik kan worden
gemaakt. Wanneer de protectienemer
over de mogelijkheid beschikt om de
protectie
te
beëindigen en de
voorwaarden van de overeenkomst die
aan de protectie ten grondslag ligt een
positieve prikkel voor de instelling
bevatten om de transactie voor de
vervaldatum van de overeenkomst af te
handelen, wordt als looptijd van de
protectie de periode beschouwd tot de
vroegste datum waarop van deze
mogelijkheid gebruik kan worden
gemaakt; is dit niet het geval, dan kan
worden aangenomen dat een dergelijke
mogelijkheid niet van invloed is op de
looptijd van de protectie.
§ 2. Lorsqu’une option permet
au fournisseur de la protection de mettre
fin à celle-ci de façon discrétionnaire,
l’échéance de la protection correspond à la
date la plus proche à laquelle cette option
peut être exercée. Lorsqu’une option
permet à l’acquéreur de la protection de
mettre fin à celle-ci de façon
discrétionnaire et que les clauses de
l’accord qui est à la base de la protection
contiennent une incitation au dénouement
anticipé
de
la
transaction
par
l'établissement, l’échéance de la protection
est la date la plus proche à laquelle cette
option peut être exercée; dans le cas
contraire, ladite option peut être
considérée
comme
n’ayant
pas
d’incidence sur l’échéance de la
protection.
§ 3. Wanneer protectie in de
vorm van een kredietderivaat kan
worden beëindigd voor het verstrijken
van een eventuele respijtperiode, waarbij
het verstrijken van die respijtperiode een
vereiste is voor het optreden van een
kredietverzuim als gevolg van nietbetaling, wordt de looptijd van de
§ 3. Lorsque rien n’empêche un
dérivé de crédit d’expirer avant l’échéance
du délai de grâce éventuellement
nécessaire pour qu’un non-paiement
entraîne un défaut sur la créance
sous-jacente, l’échéance de la protection
est réduite de la durée du délai de grâce.
247
protectie
verminderd
respijtperiode.
met
de
Art. V.78
Art. V.78
WAARDERING VAN DE PROTECTIE
ÉVALUATION DE LA PROTECTION
§ 1. Transacties in het kader
§ 1. Transactions couvertes par
van volgestorte kredietprotectie – une protection financée du crédit–
Eenvoudige benadering van financiële Méthode simple fondée sur les sûretés
zekerheden
financières
Bij gebruik van de eenvoudige
benadering van financiële zekerheden
wordt, wanneer er een verschil is tussen
de looptijd van de risicopositie en de
looptijd van de protectie, de zekerheid
niet erkend.
Lorsque la méthode simple fondée sur les
sûretés financières est utilisée, en cas
d’asymétrie
entre
l’échéance
de
l’exposition et celle de la protection du
crédit, la sûreté n’est pas prise en compte.
§ 2. Transacties in het kader
§ 2. Transactions couvertes par
van volgestorte kredietprotectie – une protection financée du crédit–
Uitgebreide benadering van financiële Méthode générale fondée sur les sûretés
zekerheden
financières
Bij gebruik van de uitgebreide
benadering van financiële zekerheden
moeten
de
looptijd
van
de
kredietprotectie en van de risicopositie in
de voor volatiliteit gecorrigeerde waarde
van de zekerheid tot uiting komen
overeenkomstig de volgende formule:
Lorsque la méthode générale fondée sur
les sûretés financières est utilisée,
l’échéance de la protection du crédit et
celle de l’exposition doivent être reflétées
dans la valeur corrigée pour volatilité de la
sûreté, au moyen de la formule suivante:
CVAM = CVA x (t-t*)/(T-t*)
CVAM = CVA x (t-t*)/(T-t*)
waarbij:
où:
CVA de voor volatiliteit gecorrigeerde
waarde van de zekerheid is zoals
gespecificeerd in artikel V.60, dan wel
het bedrag van de risicopositie, naar
gelang welke van beide het laagst is;
CVA est la plus faible des deux valeurs
suivantes: la valeur corrigée pour volatilité
de la sûreté conformément à l’article V.60,
et le montant de l’exposition;
t het aantal resterende jaren is tot de
vervaldatum van de kredietprotectie,
berekend overeenkomstig artikel V.77,
dan wel de waarde van T, naar gelang
welke van beide het laagst is;
t est la plus faible des deux valeurs
suivantes: le nombre d'années restant à
courir jusqu'à la date d'échéance de la
protection
du
crédit
calculée
conformément à l’article V.77 et la valeur
de T;
T het aantal resterende jaren is tot de T est le nombre d'années restant à courir
vervaldatum van de risicopositie, jusqu'à la date d'échéance de l’exposition
berekend overeenkomstig artikel V.77, calculée conformément à l’article V.77, sa
248
dan wel 5 jaar, naar gelang welke van valeur ne pouvant dépasser 5, et
beide het laagst is; en
t* = 0,25.
t* = 0,25.
CVAM
overeenstemt
met
CVA,
gecorrigeerd
voor
eventueel
looptijdverschil, en moet worden
opgenomen in de formule voor de
berekening van de volledig aangepaste
risicopositiewaarde (E*) als bedoeld in
artikel V.60.
CVAM correspond à CVA dans la formule
servant au calcul de la valeur exposée au
risque pleinement ajustée (E*) énoncée à
l’article V.60, corrigé des effets d’une
éventuelle asymétrie des échéances.
§ 3. Transacties in het kader
§ 3. Transactions couvertes par
van niet-volgestorte kredietprotectie
une protection non financée du crédit
Bij transacties in het kader van nietvolgestorte kredietprotectie moeten de
looptijd van de kredietprotectie en van
de risicopositie tot uiting komen in de
aangepaste
waarde
van
de
kredietprotectie overeenkomstig de
volgende formule:
Dans le cas d’expositions couvertes par
une protection non financée du crédit,
l’échéance de la protection du crédit et
celle de l’exposition doivent être reflétées
dans la valeur ajustée de la protection du
crédit, au moyen de la formule suivante:
GA = G* x (t-t*)/(T-t*)
waarbij:
GA = G* x (t-t*)/(T-t*)
où:
G* het bedrag van de protectie is, G* est le montant de la protection, corrigé
gecorrigeerd
voor een eventuele des effets d’une éventuelle asymétrie de
valutamismatch;
devises;
GA G* is, gecorrigeerd
eventueel looptijdverschil;
voor een GA correspond à G* corrigé des effets
d’une éventuelle asymétrie des échéances;
t het aantal resterende jaren is tot de
vervaldatum van de kredietprotectie,
berekend overeenkomstig artikel V.77,
dan wel de waarde van T, naar gelang
welke van beide het laagst is;
t est la plus faible des deux valeurs
suivantes: le nombre d'années restant à
courir jusqu'à la date d'échéance de la
protection
du
crédit
calculée
conformément à l’article V.77 et la valeur
de T;
T het aantal resterende jaren is tot de
vervaldatum van de risicopositie,
berekend overeenkomstig artikel V.77,
dan wel 5 jaar, naar gelang welke van
beide het laagst is; en
T est le nombre d'années restant à courir
jusqu'à la date d'échéance de l’exposition
calculée conformément à l’article V.77, sa
valeur ne pouvant dépasser 5, et
t* = 0,25.
t* = 0,25.
GA stemt dan overeen met de waarde van GA correspond alors à la valeur de la
de protectie voor de toepassing van de protection aux fins des articles V.74 et
V.75
artikelen V.74 en V.75.
249
Afdeling VI – Combinatie
verschillende
vormen
kredietrisicomatiging
VI
–
Combinaison
van Section
van d’instruments d’atténuation du risque
de crédit
Art. V.79
Art. V.79
§ 1. Wanneer een instelling
voor de dekking van een risicopositie
gebruik maakt van meer dan een vorm
van kredietrisicomatiging (bijvoorbeeld
gedeeltelijk van een zekerheid en van
een garantie), dan splitst zij de
risicopositie op in zoveel gedeelten als
zij kredietrisicomatigingsinstrumenten
gebruikt (bv. een gedeelte gedekt door
een zekerheid en een gedeelte gedekt
door een garantie); een gewogen
risicobedrag moet voor elk gedeelte
afzonderlijk
worden
berekend
overeenkomstig de bepalingen van deze
titel.
§ 1. Lorsqu’un
établissement
couvre une même exposition au moyen de
plusieurs instruments d’atténuation du
risque
de
crédit
(par
exemple,
partiellement par une sûreté et par une
garantie), il divise l’exposition en question
en autant de tranches qu’il utilise
d’instruments d’atténuation du risque
(dans l’exemple ci-dessus, une tranche
couverte par la sûreté et une tranche
couverte par la garantie) et un montant
d’exposition pondéré distinct est calculé
pour chaque tranche, conformément aux
dispositions du présent titre.
§ 2. Wanneer
de
§ 2. Lorsqu’une protection du
kredietprotectie die door eenzelfde crédit apportée par un même fournisseur
protectieverschaffer wordt geboden présente plusieurs échéances, la méthode
verschillende looptijden heeft, wordt een prévue au § 1 s’applique par analogie.
soortgelijke benadering gevolgd als die
welke in § 1 is beschreven.
Afdeling VII – Pooltechnieken inzake Section VII – Techniques d’atténuation
kredietrisicomatiging
du risque de crédit fondées sur un
panier d’instruments
Art. V.80
Art. V.80
§ 1. KREDIETDERIVATEN
VOOR
HET
EERST
OPTREDENDE
KREDIETVERZUIM
PREMIER DÉFAUT
Wanneer een instelling voor een aantal
risicoposities kredietprotectie verkrijgt
onder de voorwaarde dat het eerst
optredende kredietverzuim aanleiding
geeft tot betaling en dat deze
kredietgebeurtenis de beëindiging van
het contract met zich brengt, mag de
instelling de berekening van het
gewogen
risicovolume
voor
de
risicopositie die bij ontbreken van de
kredietprotectie de laagste risicoweging
Lorsque la protection du crédit obtenue
par un établissement pour un ensemble
d’expositions prévoit que le premier
défaut survenant au sein de cet ensemble
déclenche le remboursement et met fin au
contrat, l’établissement peut modifier le
calcul du volume pondéré des risques,
pour l’exposition qui, en l’absence de la
protection du crédit, générerait le montant
pondéré des risques le plus faible en
application du chapitre 4 du présent titre, à
§ 1. DÉRIVÉS
DE
CRÉDIT
AU
250
heeft, overeenkomstig hoofdstuk 4 van la condition que la valeur exposée au
deze titel wijzigen, doch uitsluitend risque soit inférieure ou égale à celle de la
indien de risicopositiewaarde lager is protection du crédit.
dan of gelijk is aan de waarde van de
kredietprotectie.
§ 2.
§ 2. KREDIETDERIVATEN
DERIVES
EME
DE CREDIT AU N
VOOR HET NDE KREDIETVERZUIM
DEFAUT
In het geval waarin het nde
kredietverzuim in een pool van
risicoposities
ingevolge
de
kredietprotectie aanleiding geeft tot
betaling, mag de instelling die de
protectie koopt die slechts voor de
berekening
van
de
gewogen
risicobedragen in aanmerking nemen
indien tevens protectie is verkregen voor
kredietverzuim 1 tot n-1, of wanneer
zich reeds n-1 wanbetalingen hebben
voorgedaan. In deze gevallen wordt
dezelfde methodologie toegepast als die
welke in § 1 is beschreven met
betrekking tot kredietderivaten voor het
eerst
optredende
kredietverzuim,
dienovereenkomstig gewijzigd voor
kredietderivaten
voor
het
nde
kredietverzuim.
Lorsque la protection du crédit
prévoit que le neme défaut au sein du panier
d’expositions
déclenche
le
remboursement, l’établissement acheteur
de la protection ne peut tenir compte de
celle-ci dans le calcul des montants
pondérés des risques qu'à la condition
qu'une protection ait également été
obtenue pour les défauts 1 à n-1 ou, dans
le cas contraire, lorsque n-1 défauts sont
survenus. Dans ces cas, la méthode
appliquée est celle prévue au §1, dûment
adaptée aux produits au neme défaut.
Hoofdstuk 6 : Definitie van erkende Chapitre 6 : Définition des agences de
externe
kredietbeoordelings- notation externes éligibles
instellingen (EKBI’s)
Afdeling I – Criteria voor de Section I – Critères de reconnaissance
erkenning van externe kredietbeoor- des OEEC et mise en correspondance
delingsinstellingen en stroomlijning de leurs évaluations de crédit (mapping)
van
hun
kredietbeoordelingen
(“mapping”)
Art. V.81
Art. V. 81
Opdat tot de erkenning van een EKBI
zou kunnen worden overgegaan, moet
aan de CBFA worden aangetoond dat de
gehanteerde
methodologie
(artikelen V.82 tot V.85) en de
individuele
kredietbeoordelingen
(artikelen V.86 en V.87) voldoen aan de
hierna vermelde vereisten.
Afin de reconnaître un OEEC comme
éligible, il doit être démontré à la CBFA
que la méthode utilisée (articles V.82 à
V.85) ainsi que les évaluations
individuelles
de
crédit
(articles V.86 et V.87) satisfont aux
exigences énoncées ci-après.
251
METHODOLOGIE
MÉTHODE
Art. V.82
Art. V. 82
Objectiviteit
Objectivité
De gehanteerde methodologie voor de
toekenning van kredietbeoordelingen
wordt gekenmerkt door zorgvuldigheid,
systematiek en continuïteit, en wordt
gevalideerd op basis van historische
ervaring.
La méthode utilisée pour attribuer des
évaluations de crédit est rigoureuse,
systématique, constante et assujettie à une
procédure de validation fondée sur des
données historiques.
Art. V.83
Art. V. 83
Onafhankelijkheid
Indépendance
§ 1. De methodologie is vrij
van externe politieke invloeden of
beperkingen en van economische druk
die de kredietbeoordeling kunnen
beïnvloeden.
§ 1. La méthode est exempte
d’influences politiques ou de contraintes
extérieures ainsi que de pressions
économiques susceptibles d’influer sur les
évaluations de crédit.
§ 2. L’indépendance de la
§ 2. De
onafhankelijkheid
van de door een EKBI gehanteerde méthode utilisée par un OEEC s’évalue au
methodologie wordt beoordeeld op regard de facteurs comme :
grond van onder meer de volgende
factoren :
a)
de
eigendomsen
organisatiestructuur van
de EKBI;
a)
la propriété et la structure
organisationnelle
de
l’OEEC ;
b)
haar
middelen;
b)
ses ressources financières ;
c)
haar
personeel
deskundigheid;
c)
son personnel
expertise ;
d)
haar deugdelijk bestuur.
d)
son
gouvernement
d’entreprise.
financiële
en
Art. V.84
Art. V. 84
Doorlopende controle
Examen continu
et
son
§ 1. Les évaluations de crédit
§ 1. De kredietbeoordelingen
van de EKBI’s worden doorlopend établies par les OEEC font l’objet d’un
252
gecontroleerd en spelen in op
wijzigingen in de financiële positie. Een
dergelijke controle vindt plaats na elke
significante gebeurtenis en ten minste
eenmaal per jaar.
examen continu et sont sensibles à toute
évolution de la situation financière. Cet
examen a lieu après tout événement
significatif et au moins une fois par an.
§ 2. Alvorens
tot
de
erkenning van een EKBI over te gaan,
moet aan de CBFA worden aangetoond
dat de voor elk marktsegment
gehanteerde beoordelingsmethodologie
conform bepaalde normen is opgesteld,
bijvoorbeeld :
§ 2. Avant de reconnaître un
OEEC, il doit être démontré à la CBFA
que la méthode d’évaluation qui est
appliquée à chaque segment de marché a
été établie selon certaines normes, par
exemple :
a)
gedurende ten minste
één
jaar
moet
backtesting
hebben
plaatsgevonden;
a)
des contrôles a posteriori
doivent avoir été effectués
pendant au moins un an ;
b)
de CBFA moet toezien
op de regelmatigheid
van het door de EKBI
ingestelde
controleproces;
b)
la procédure d’examen
mise en œuvre par l’OEEC
doit être régulière ;
c)
de
CBFA
moet
bovendien in staat zijn
om van de EKBI
informatie te verkrijgen
over de reikwijdte van
haar contacten met de
hoogste leiding van de
entiteiten die worden
beoordeeld.
c)
la CBFA doit par ailleurs
être en mesure d’obtenir de
l’OEEC la communication
de l’étendue des contacts
qu’il entretient avec les
hauts dirigeants des entités
qu’il note.
§ 3.
De EKBI’s moeten de
CBFA snel in kennis stellen van
eventuele belangrijke wijzigingen in de
door hen gehanteerde methodologie bij
de toekenning van kredietbeoordelingen.
§ 3. Les
OEEC
doivent
rapidement informer la CBFA de toute
modification significative des méthodes
qu’ils utilisent aux fins de l’établissement
d’évaluations de crédit.
Art. V.85
Art. V.85
Transparantie en openbaarmaking
Transparence et publication
De EKBI’s moeten de nodige Les OEEC doivent prendre les mesures
maatregelen nemen om ervoor te zorgen nécessaires pour garantir que les principes
dat de onderliggende beginselen van de sous-tendant les méthodes employées aux
253
door hen gehanteerde methodologie bij
de
vastlegging
van
hun
kredietbeoordelingen openbaar worden
gemaakt, zodat alle potentiële gebruikers
kunnen
oordelen
of
die
kredietbeoordelingen gegrond zijn.
fins de l’établissement de leurs
évaluations de crédit sont rendus publics,
de manière à permettre à tous les
utilisateurs potentiels de déterminer s'ils
sont fondés.
INDIVIDUELE
KREDIETBEOORDELINGEN
EVALUATIONS
DE CRÉDIT
Art. V.86
Art. V.86
Geloofwaardigheid
acceptatie
en
INDIVIDUELLES
markt- Crédibilité et acceptation par le marché
§ 1. De
individuele
kredietbeoordelingen
van
de
EKBI’sworden op de markt als
geloofwaardig
en
betrouwbaar
beschouwd door hun gebruikers.
§ 1. Les
évaluations
individuelles de crédit établies par les
OEEC sont reconnues sur le marché, par
leurs utilisateurs, comme crédibles et
fiables.
§ 2. Cette
crédibilité
peut
§ 2. Die geloofwaardigheid
kan onder meer worden getoetst aan de s’apprécier au regard de facteurs comme :
volgende factoren :
a)
het marktaandeel van de
betrokken EKBI;
a)
la part de marché de
l’OEEC considéré ;
b)
de door de EKBI
gegenereerde inkomsten
en meer algemeen haar
financiële middelen;
b)
les revenus qu’il dégage et,
plus généralement, ses
ressources financières ;
c)
of
er
tariefzetting
plaatsvindt op basis van
de rating;
c)
la question de savoir si la
note attribuée sert de base
à la fixation d’un tarif ;
d)
het geval waarin ten
minste twee instellingen
de
individuele
kredietbeoordeling van
de EKBI gebruiken voor
de uitgifte van obligaties
en/of ter beoordeling
van de kredietrisico's.
d)
le cas dans lequel deux
établissements au moins
utilisent
l’évaluation
individuelle de crédit de
l’OEEC pour l’émission
d’obligations
et/ou
l’évaluation des risques de
crédit.
254
Art. V.87
Art. V.87
Transparantie en openbaarmaking
Transparence et publication
§ 1. De EKBI’s moeten de
nodige maatregelen nemen opdat de
individuele kredietbeoordelingen onder
gelijkwaardige voorwaarden beschikbaar
zijn voor ten minste alle instellingen die
een rechtmatig belang hebben bij die
individuele kredietbeoordelingen.
§ 1.
Les OEEC doivent prendre
les mesures nécessaires pour qu’au moins
tous les établissements ayant un intérêt
légitime dans ces évaluations individuelles
de crédit y aient accès dans des conditions
équivalentes.
§ 2. De
betrokken
buitenlandse partijen moeten in het
bijzonder toegang hebben tot de
individuele kredietbeoordelingen onder
voorwaarden die gelijkwaardig zijn aan
de voorwaarden die gelden voor de
binnenlandse instellingen die een
rechtmatig belang hebben bij die
individuele kredietbeoordelingen.
§ 2. En particulier, les parties
intéressées étrangères doivent avoir accès
aux évaluations individuelles de crédit
dans des conditions équivalentes à celles
offertes aux établissements nationaux qui
y ont un intérêt légitime.
Art. V.88
Art. V.88
Stroomlijning (“mapping”)
Mise en correspondance (« Mapping »)
§ 1. Om onderscheid te
maken tussen de relatieve risicograden
waaraan uitdrukking wordt gegeven bij
elke kredietbeoordeling, houdt de CBFA
rekening met kwantitatieve factoren
zoals de wanbetalingsgraad op lange
termijn die wordt toegekend aan alle
posten met dezelfde kredietbeoordeling.
De CBFA vraagt recent opgerichte
EKBI’s en EKBI’s die slechts over
weinig
wanbetalingsgegevens
beschikken, welke wanbetalingsgraad op
lange termijn zij toekennen aan posten
waaraan dezelfde kredietbeoordeling is
toegekend.
§ 1. Afin de différencier les degrés
de risque relatifs exprimés par chaque
évaluation de crédit, la CBFA tient
compte de facteurs quantitatifs, comme le
taux de défaut à long terme associé à tous
les éléments ayant reçu la même
évaluation. La CBFA demande aux OEEC
récemment établis et aux OEEC ne
disposant que d’un volume limité de
données sur les cas de défaut ce qu’ils
estiment être le taux de défaut à long
terme associé à tous les éléments ayant
reçu la même évaluation de crédit.
§ 2. Om onderscheid te
maken tussen de relatieve risicograden
waaraan uitdrukking wordt gegeven bij
elke kredietbeoordeling, houdt de CBFA
rekening met kwalitatieve factoren zoals
alle uitgevende instellingen die door de
EKBI worden bestreken, het spectrum
§ 2. Afin de différencier les
degrés de risque relatifs exprimés par
chaque évaluation de crédit, la CBFA tient
compte de facteurs qualitatifs, comme
l’ensemble des émetteurs couverts par
l’OEEC considéré, la gamme des
évaluations de crédit qu’il délivre, la
255
van kredietbeoordelingen die door de signification de chaque évaluation et la
EKBI worden toegekend, de betekenis définition qu’il donne du «défaut».
van elke beoordeling en de door de
EKBI
gehanteerde
definitie
van
wanbetaling.
§ 3. De CBFA vergelijkt de
voor elke kredietbeoordeling van een
specifieke
EKBI
opgetekende
wanbetalingsgraad
met
een
referentiewaarde die is opgesteld op
basis van de wanbetalingsgraden die
door andere EKBI’s zijn opgetekend
voor een populatie van uitgevende
instellingen waaraan, volgens de CBFA,
een
gelijkwaardig
kredietrisico
verbonden is.
§ 3. La CBFA compare le taux
de défaut enregistré pour chaque
évaluation de crédit établie par un OEEC
donné à un taux de référence fondé sur les
taux de défaut enregistrés par d’autres
OEEC pour une population d’émetteurs
dont la CBFA estime qu’ils présentent un
niveau équivalent de risque de crédit.
§ 4. Wanneer de CBFA van
oordeel
is
dat
de
voor
de
kredietbeoordeling van een specifieke
EKBI opgetekende wanbetalingsgraad
systematisch wezenlijk hoger is dan de
referentiewaarde,
brengt
zij
de
kredietbeoordeling van de betrokken
EKBI onder in een hogere categorie van
de
kredietwaardigheidsbeoordelingsschaal.
§ 4. Lorsque
la
CBFA
considère que le taux de défaut enregistré
pour une évaluation de crédit établie par
un OEEC donné est largement et
systématiquement supérieur au taux de
référence, elle affecte cette évaluation de
crédit à un échelon plus élevé de l’échelle
d’évaluation de la qualité du crédit.
§ 5. Wanneer de met een
specifieke kredietbeoordeling van een
EKBI overeenkomende risicoweging
werd verhoogd en indien de betrokken
EKBI aantoont dat de voor haar
kredietbeoordeling
opgetekende
wanbetalingsgraad
niet
langer
systematisch wezenlijk hoger is dan de
referentiewaarde,
kan de
CBFA
besluiten de kredietbeoordeling van de
EKBI opnieuw onder te brengen in de
oorspronkelijke categorie van de
kredietwaardigheidsbeoordelingsschaal.
§ 5. Lorsque la pondération de
risque associée à une évaluation de crédit
spécifique établie par un OEEC donné a
été augmentée, si cet OEEC démontre que
le taux de défaut enregistré pour son
évaluation de crédit n’est plus largement
et systématiquement supérieur au taux de
référence, la CBFA peut décider de
réaffecter ladite évaluation de crédit à son
échelon initial de l’échelle d’évaluation de
la qualité du crédit.
Afdeling
II
–
Gebruik
van Section II - Utilisation des évaluations
kredietbeoordelingen van EKBI’s bij de crédit établies par les OEEC pour la
détermination des pondérations de
de bepaling van risicowegingen
risque
256
Art. V.89
Art. V.89
Behandeling
Traitement:
§ 1. Een instelling kan één of
meer erkende EKBI's aanwijzen als de
EKBI's
waarvan
zij
de
kredietbeoordelingen zal gebruiken voor
de bepaling van de risicowegingen die
van toepassing zijn op haar actief- en
buitenbalansposten. Voor de berekening
van de eigenvermogensvereisten, mag
een instelling geen EKBI aanwijzen die
een dochter van haar is.
§ 1. Un établissement peut
désigner un ou plusieurs OEEC éligibles
auxquels il décide de recourir pour la
détermination des pondérations de risque
applicables à ses éléments d’actif et de
hors bilan. Un établissement ne peut pas
désigner, pour son calcul d’exigences en
capital, un OEEC qui serait sa filiale.
§ 2. Een instelling die besluit
om, voor een bepaalde categorie
risicoposities, gebruik te maken van de
kredietbeoordelingen van een erkende
EKBI, hanteert die kredietbeoordelingen
consequent voor alle risicoposities die
tot die categorie behoren.
§ 2. Un
établissement
qui
décide de recourir aux évaluations de
crédit établies par un OEEC éligible pour
une catégorie donnée d’expositions doit
utiliser ces évaluations de crédit de façon
conséquente pour toutes les expositions
relevant de cette catégorie.
§ 3. Een instelling die besluit
om gebruik te maken van de
kredietbeoordelingen van een erkende
EKBI, past die kredietbeoordelingen
continu en consequent in de tijd toe.
§ 3. Un
établissement
qui
décide de recourir aux évaluations de
crédit établies par un OEEC éligible doit
utiliser ces évaluations de crédit de façon
continue et cohérente dans le temps.
§ 4. Een
instelling
mag
alleen gebruik maken van EKBIkredietbeoordelingen
die
rekening
houden met alle bedragen die haar zowel
in hoofdsom als in rente verschuldigd
zijn.
§ 4. Un établissement ne peut
utiliser que les évaluations de crédit
d’OEEC qui tiennent compte de tous les
montants qui lui sont dus, principal et
intérêts.
§ 5. Indien voor een post met
een externe rating slechts één
kredietbeoordeling van een aangewezen
EKBI beschikbaar is, wordt die
kredietbeoordeling gebruikt om de
risicoweging van de desbetreffende post
te bepalen.
§ 5. Si seule une évaluation de
crédit établie par un OEEC désigné est
disponible pour un élément noté, cette
évaluation de crédit est utilisée pour
déterminer la pondération de risque
applicable à cet élément.
§ 6.
Indien voor een post
§ 6.
Lorsque, pour un élément
257
met
een
externe
rating
twee
kredietbeoordelingen van aangewezen
EKBI’s beschikbaar zijn en elk van
beide
kredietbeoordelingen
een
verschillende risicoweging oplevert, dan
wordt
de
hoogste
risicoweging
toegepast.
noté, il existe deux évaluations de crédit
d’OEEC désignés qui aboutissent à des
pondérations de risque différentes, c’est la
pondération la plus élevée qui s’applique.
§ 7. Indien voor een post met
een externe rating meer dan twee
kredietbeoordelingen van aangewezen
EKBI’s
beschikbaar
zijn,
wordt
verwezen
naar
de
twee
kredietbeoordelingen die met de laagste
risicowegingen overeenkomen. Indien de
laagste twee risicowegingen verschillend
zijn, wordt de hoogste van beide
risicowegingen toegepast. Indien de
laagste twee risicowegingen gelijk zijn,
wordt die risicoweging toegepast.
§ 7. Lorsque, pour un élément
noté, il existe plus de deux évaluations de
crédit d’OEEC désignés, les deux
évaluations aboutissant aux plus faibles
pondérations de risque servent de
référence. Si les deux pondérations de
risque les plus faibles sont différentes,
c'est la plus élevée des deux qui
s'applique. Si elles sont identiques, c’est
cette pondération de risque qui s'applique.
Art. V.90
Art. V.90
Kredietbeoordeling van uitgevende Évaluation de crédit relative à un
émetteur ou à une émission
instellingen of van uitgiften
§ 1. Wanneer
een
kredietbeoordeling bestaat voor een
specifiek uitgifteprogramma of een
specifieke uitgiftefaciliteit waarvan de
risicopositiepost deel uitmaakt, wordt
van die kredietbeoordeling gebruik
gemaakt om de op die post toepasselijke
risicoweging te bepalen.
§ 1. Lorsqu’il
existe
une
évaluation de crédit pour un programme
ou dispositif spécifique d’émission dont
relève l’élément constituant l’exposition,
cette évaluation de crédit est utilisée pour
déterminer la pondération applicable à cet
élément.
§ 2. Wanneer er voor een
bepaalde
risicopositiepost
geen
rechtstreeks
toepasselijke
kredietbeoordeling beschikbaar is, maar
er een kredietbeoordeling bestaat voor
een specifiek uitgifteprogramma of een
specifieke uitgiftefaciliteit waarvan de
risicopost geen deel uitmaakt, dan wel
een
algemene
kredietbeoordeling
voorhanden is voor de uitgevende
instelling,
dan
wordt
van
die
kredietbeoordeling gebruik gemaakt
indien deze een hogere risicoweging
§ 2. Lorsqu’il n’existe aucune
évaluation
de
crédit
directement
applicable à
l’élément
constituant
l’exposition, mais qu’il existe une
évaluation de crédit pour un programme
ou dispositif spécifique d’émission dont
ne relève pas cet élément ou une
évaluation générale du crédit de
l’émetteur, cette évaluation est utilisée si
elle produit une pondération plus élevée
que cela n’aurait été autrement le cas ou si
elle produit une pondération moins élevée
et que l’exposition en question est d’un
258
oplevert dan anderszins het geval zou
zijn, of indien deze een lagere
risicoweging oplevert en de risicopositie
in kwestie in alle opzichten van gelijke
of hogere rang is dan dat van het
specifieke uitgifteprogramma of van de
specifieke uitgiftefaciliteit, of, in
voorkomend geval, dan dat van alle nietgedekte risicoposities van een hogere
rangorde van de uitgevende instelling.
rang égal ou supérieur, à tous les égards, à
celui du programme ou dispositif
spécifique d'émission ou, le cas échéant, à
celui de toutes les expositions prioritaires
non garanties de l'émetteur.
§ 3. Les §§ 1 et 2 du présent
§ 3. §§ 1 en 2 van dit artikel
mogen de toepassing van artikel V.16, article sont sans préjudice de l’application
de l’article V.16, §12, du présent titre.
§ 12, van deze titel niet beletten.
§ 4. Les évaluations de crédit
§ 4. Kredietbeoordelingen
van uitgevende instellingen die tot een appliquées aux émetteurs faisant partie
groep behoren, mogen niet als d’un groupe ne peuvent être utilisées pour
kredietbeoordeling worden gebruikt voor un autre émetteur du même groupe.
een andere uitgevende instelling van
dezelfde groep.
Art. V.91
Art. V.91
Kredietbeoordelingen voor de korte Évaluations de crédit à court terme et à
long terme
en de lange termijn
§ 1. Kredietbeoordelingen
voor de korte termijn mogen alleen
worden gebruikt voor actief- en
buitenbalansposten op korte termijn die
risico’s
op
instellingen
en
ondernemingen vertegenwoordigen.
§ 1. Les évaluations de crédit à
court terme ne peuvent être utilisées que
pour les éléments d’actif et de hors bilan à
court terme constituant des risques sur des
établissements et des entreprises.
§ 2. Een kredietbeoordeling
voor de korte termijn is uitsluitend van
toepassing op de post waarop die
kredietbeoordeling betrekking heeft en
mag niet worden gebruikt voor de
bepaling van risicowegingen voor andere
posten.
§ 2. Une évaluation de crédit à
court terme ne peut être utilisée que pour
l’élément auquel elle renvoie, jamais aux
fins de déterminer la pondération de risque
applicable à un autre élément.
§ 3. Indien
aan
een
beoordeelde
kortlopende
een
risicoweging
van
150%
wordt
toegekend, dan wordt, onverminderd § 2,
aan alle niet-gedekte vorderingen zonder
§ 3. Nonobstant le §2, si une
facilité de crédit à court terme qui a été
notée implique une pondération de risque
de 150 %, toutes les créances non
garanties et non notées sur le débiteur
259
rating op de betrokken debiteur, concerné, qu’elles soient à court terme ou
ongeacht of deze kortlopend dan wel à long terme, reçoivent une pondération de
langlopend
zijn,
eveneens
een 150 %.
risicoweging van 150% toegekend.
§ 4. Indien
aan
een
beoordeelde kortlopende faciliteit een
risicoweging van 50% wordt toegekend,
dan wordt, onverminderd § 2, aan geen
enkele kortlopende vordering zonder
rating een risicoweging van minder dan
100% toegekend.
§ 4. Nonobstant le §2, si une
facilité de crédit à court terme qui a été
notée implique une pondération de risque
de 50 %, aucune créance à court terme non
notée ne peut recevoir de pondération
inférieure à 100 %.
Art. V.92
Art. V.92
Posten luidend
vreemde munt
in
nationale
en Éléments libellés en monnaie nationale
et en devises
§ 1. Een kredietbeoordeling
die betrekking heeft op een post die in de
nationale munt van de debiteur luidt,
mag niet worden gebruikt voor de
bepaling van een risicoweging van een
andere risicopositie op dezelfde debiteur
die in een vreemde munt luidt.
§1.
Une évaluation de crédit
renvoyant à un élément libellé dans la
monnaie nationale du débiteur ne peut être
utilisée pour déterminer la pondération
applicable à une autre exposition sur le
même débiteur qui serait libellée en
devises.
§ 2. Wanneer
een
risicopositie
voortvloeit
uit
de
deelneming van een instelling in een
lening die is verstrekt door een
multilaterale
ontwikkelingsbank
waarvan de status van preferente
crediteur in de markt wordt erkend, staat
de CBFA, onverminderd § 1, toe dat,
voor de bepaling van de risicoweging, de
kredietbeoordeling wordt gebruikt van
de post die in de nationale munt van de
debiteur luidt.
§2.
Nonobstant
le § 1,
lorsqu’une exposition résulte de la
participation d’un établissement à un
emprunt
lancé
par
une
banque
multilatérale de développement dont le
statut de créancier privilégié est reconnu
sur le marché, la CBFA autorise
l’utilisation, à des fins de pondération, de
l’évaluation de crédit afférente à l’élément
libellé dans la monnaie nationale du
débiteur.
260
TITEL VI: DEFINITIE VAN DE
RISICOPOSITIEWAARDE BETREFFENDE
HET KREDIET- EN
VERWATERINGSRISICO:
INTERNERATINGBENADERING
TITRE VI: DEFINITION DE LA VALEUR
EXPOSEE AU RISQUE DE CREDIT ET DE
DILUTION: APPROCHE NOTATION
INTERNE
Hoofdstuk 1: Algemene principes en Chapitre 1: Principes généraux et
definitie van de risicopositiecategorieën définition des catégories d’expositions
Afdeling I – Algemene principes
Section I – Principes généraux
Art. VI.1
Art. VI.1
§ 1. Behoudens aftrek van het
eigen vermogen en specifieke vermelding
in deze titel en in artikel IV.1, en
behoudens voorafgaande goedkeuring van
de CBFA als bedoeld in titel IV of
titel XI, wordt het gewogen risicovolume
dat de onverwachte verliezen dekt per
categorie
en
subcategorie
van
risicoposities zoals gedefinieerd in
artikel VI.2, en dit zowel voor de
risicoposities met wanbetaling als voor de
risicoposities zonder wanbetaling, als
volgt bepaald:
§ 1. Sauf déduction des fonds
propres et mention spécifique dans ce
titre
ainsi
qu’à
l’article IV.1, et sous réserve de
l’approbation préalable de la CBFA
visée au titre IV ou au titre XI, le
volume pondéré des risques couvrant les
pertes non anticipées par catégorie et
sous catégorie d’expositions définies à
l’article VI.2, et ce tant pour les
expositions en défaut que pour les
expositions qui ne sont pas en défaut,
est défini comme suit:
Gewogen risicovolume categorie en subcategorie
=
risicoposities
desbetreffende
risicoposities
(Risicopositiewaarde
*
risicopositie
Risicoweging risicopositie)
Volume pondéré des risques catégorie et sous
catégorie d’expositions =
expositions concernées
(Valeur exposée au risque exposition *
Pondération des risques exposition)
Afdeling II - Definities
risicopositiecategorieën
van
de Section II – Définitions des catégories
d’expositions
Art. VI.2
Art. VI.2
§ 1. Chaque exposition est
§ 1. Elke risicopositie wordt
ondergebracht in een van de volgende classée dans l’une des catégories
d’expositions suivantes:
risicopositiecategorieën:
a)
risicoposities op centrale
overheden en centrale banken;
b)
risicoposities op instellingen;
c)
risicoposities
ondernemingen;
op
d)
risicoposities
retailcliënteel;
op
a) expositions
sur
les
administrations centrales ou les
banques centrales;
b) expositions
établissements;
sur
les
c) expositions sur les entreprises;
d) expositions sur la clientèle de
détail;
261
e) expositions
d’actions;
e)
risicoposities op aandelen;
f)
risicoposities in de vorm van
effectiseringsposities; of
g)
andere risicoposities
kredietverplichtingen.
dan
sous
forme
f) expositions sous forme
positions de titrisation; ou
de
g) expositions autres que des
obligations de crédit.
§ 2. Les expositions suivantes
§ 2. De volgende risicoposities sont traitées comme des expositions sur
worden behandeld als risicoposities op les administrations centrales et les
centrale overheden en centrale banken:
banques centrales:
a)
risicoposities op regionale en
lokale overheden of op
publiekrechtelijke entiteiten
die worden behandeld als
risicoposities op centrale
overheden ingevolge artikel
V.16;
b)
risicoposities op multilaterale
ontwikkelingsbanken
en
internationale
organisaties
waarop ingevolge artikel V.16
een risicoweging van 0 %
wordt toegepast.
a) les expositions sur des autorités
régionales et locales ou sur des
entités du secteur public qui
sont traitées comme des
expositions
sur
les
administrations centrales en
vertu de l’article V.16;
b) les expositions sur des banques
multilatérales
de
développement
et
des
organisations
internationales
qui attirent une pondération de
0 % en vertu de l’article V.16;
§ 3. De volgende risicoposities
§ 3. Les expositions suivantes
worden behandeld als risicoposities op sont traitées comme des expositions sur
instellingen:
des établissements:
a) risicoposities op regionale en
lokale overheden die niet
worden
behandeld
als
risicoposities
op
centrale
overheden ingevolge artikel
V.16;
a) les expositions sur des autorités
régionales et locales qui ne
sont pas traitées comme des
expositions
sur
les
administrations centrales en
vertu de l’article V.16;
b) risicoposities
op
publiekrechtelijke entiteiten die
worden
behandeld
als
risicoposities op instellingen
ingevolge artikel V.16;
b) les expositions sur des entités
du secteur public qui sont
traitées comme des expositions
sur des établissements en vertu
de l’article V.16;
c) risicoposities op multilaterale
ontwikkelingsbanken waarop
ingevolge artikel V.16 geen
risicoweging van 0 % wordt
toegepast.
c) les expositions sur des banques
multilatérales
de
développement qui n’attirent
pas une pondération de risque
de 0 % en vertu de l’article
V.16.
262
§ 4. Om te kunnen worden
ondergebracht in de risicopositiecategorie
op retailcliënteel als bedoeld in § 1, punt
d), moeten de risicoposities aan de
volgende voorwaarden voldoen:
§ 4. Pour pouvoir relever de la
catégorie des expositions sur la clientèle
de détail visée au § 1, point d, les
expositions
doivent
remplir
les
conditions suivantes:
a) ze moeten betrekking hebben op
een of meerdere natuurlijke
personen of op een kleine of
middelgrote onderneming. In dat
laatste geval bedraagt het totale
bedrag dat de cliënt-debiteur of de
groep van verbonden cliëntendebiteuren verschuldigd is aan de
instelling
en
aan
haar
moederondernemingen en haar
dochterondernemingen,
met
inbegrip van de achterstallige
posten, maar met uitsluiting van
vorderingen
of
mogelijke
vorderingen
gedekt
door
zekerheden in de vorm van nietzakelijk onroerend goed, voor
zover de instelling weet, waarbij
zij alle redelijke maatregelen
moet nemen om zich hiervan te
vergewissen, niet meer dan 1
miljoen euro;
a) elles portent sur un ou
plusieurs particuliers ou une
petite ou moyenne entreprise,
sous réserve que, dans ce
dernier cas, le montant total dû
par le client débiteur ou le
groupe de clients débiteurs liés
à l’établissement ainsi qu’à ses
entreprises mères et à ses
filiales,
y compris tout
engagement échu, à l'exclusion
toutefois des créances ou des
créances éventuelles garanties
par des biens immobiliers
résidentiels, n’excède pas, à la
connaissance
de
l’établissement qui doit prendre
toute mesure raisonnable pour
s’en assurer, un million
d’euros;
b) in het risicobeheer van de
instelling worden ze doorheen de
tijd consistent en op dezelfde
wijze behandeld;
b) elles font l’objet, dans la
gestion des risques par
l’établissement, d’un traitement
cohérent dans le temps et
similaire;
c) ze worden niet beheerd op
eenzelfde individuele basis, zoals
de
risicoposities
die
deel
uitmaken van de categorie
risicoposities op ondernemingen;
c) elles ne sont pas gérées de la
même façon à titre individuel
que les expositions relevant de
la catégorie des expositions sur
les entreprises;
d) ze maken elk deel uit van een
groot aantal risicoposities die op
vergelijkbare
wijze
worden
beheerd.
d) elles font chacune partie d’un
grand nombre d’expositions
gérées de façon similaire.
De
huidige
waarde
van
de
minimumbetalingen in het kader van
leaseovereenkomsten met retailcliënteel,
kan worden ondergebracht in de
categorie risicoposities op retailcliënteel.
La valeur actuelle des paiements
minimaux au titre de contrats de location
avec la clientèle de détail peut être
classée dans la catégorie des expositions
sur la clientèle de détail.
§ 5. Risicoposities
worden
§ 5.
Sont considérées comme
263
aangemerkt
als
gekwalificeerde des expositions renouvelables éligibles
revolverende
risicoposities
op sur la clientèle de détail les expositions
retailcliënteel, als zij aan de volgende remplissant les conditions suivantes:
voorwaarden voldoen:
a)
het betreft risicoposities
natuurlijke personen;
b)
het betreft revolverende, niet door
zekerheden gedekte risicoposities
die, voor zover ze niet
onmiddellijk zijn opgenomen,
door
de
instelling
onvoorwaardelijk kunnen worden
beëindigd (in deze context
worden
revolverende
risicoposities gedefinieerd als
risicoposities
waarbij
de
openstaande saldi van de cliënten
naargelang van hun beslissingen
om te lenen en terug te betalen,
mogen schommelen tot een grens
die door de instelling is
vastgesteld).
Onbenutte
kredietlijnen
mogen worden
beschouwd als onvoorwaardelijk
beëindigbaar indien de instelling
deze kredietlijnen volgens de
eraan verbonden voorwaarden
mag beëindigen, in de mate dat
dit is toegestaan door de
wetgeving
inzake
consumentenbescherming en de
aanverwante wetgeving;
b) il
s'agit
d’expositions
renouvelables, non garanties et
annulables sans condition par
l’établissement dans la mesure
où elles
ne sont pas
immédiatement utilisées (dans
ce contexte, on entend par
expositions renouvelables les
expositions en vertu desquelles
le solde des clients peut
fluctuer en fonction de leurs
décisions d’emprunt et de
remboursement,
dans une
limite
fixée
par
l’établissement).
Les
engagements
non
utilisés
peuvent être considérés comme
annulables sans condition, si
leurs clauses permettent à
l’établissement de les annuler
dans toute la mesure autorisée
par la législation relative à la
protection des consommateurs
et la législation connexe;
De bepaling die stelt dat de
kredietlijn niet gewaarborgd mag
zijn, kan als vervuld worden
beschouwd wanneer de gestelde
zekerheid enkel voortvloeit uit de
koppeling van de kredietlijn aan
een rekening waarop een loon
wordt gestort. In dat geval
worden
de
gerecupereerde
bedragen op basis van de
zekerheid niet in aanmerking
genomen bij de raming van het
verlies bij wanbetaling (LGD);
L'obligation selon laquelle le
crédit ne doit pas être garanti
peut être considérée comme
remplie lorsque la sûreté
constituée résulte uniquement
de la liaison du crédit avec un
compte sur lequel un salaire est
versé. Dans ce cas, les
montants recouvrés au titre de
la sûreté ne sont pas pris en
compte dans l'estimation de la
perte en cas de défaut (LGD).
de maximale risicopositie op één
enkele natuurlijke persoon in de
subportefeuille bedraagt niet meer
c) l’exposition maximale envers
un particulier donné au titre du
sous-portefeuille ne dépasse
c)
op
a) elles
portent
particuliers;
sur
des
264
dan 100.000 euro;
pas 100 000 euros;
d)
de instelling kan aantonen dat het
gebruik van de correlatieformule
vermeld in artikel VI.16 beperkt
is tot de subportefeuilles die
gekenmerkt worden door een lage
volatiliteit
van
de
verliespercentages in vergelijking
met het gemiddelde niveau van
deze verliespercentages, vooral in
de lage PD-banden. De CBFA
onderzoekt de relatieve volatiliteit
van de verliespercentages, zowel
voor
de
verschillende
subportefeuilles als voor de
geaggregeerde portefeuille van de
gekwalificeerde
revolverende
risicoposities op retailcliënteel, en
is bereid om tussen jurisdicties
informatie uit te wisselen over de
typische kenmerken van deze
verliespercentages; en,
d) l’établissement peut démontrer
que l’utilisation de la formule
de corrélation énoncée à
l’article VI.16 est limitée aux
sous-portefeuilles affichant une
faible volatilité des taux de
perte par rapport au niveau
moyen de ces taux, notamment
dans les fourchettes basses de
la probabilité de défaut. La
CBFA contrôle la volatilité
relative des taux de perte pour
les différents sous-portefeuilles
ainsi que pour le portefeuille
global
des
expositions
renouvelables éligibles sur la
clientèle de détail et se montre
disposée à transmettre à
d'autres
juridictions
les
informations recueillies sur les
caractéristiques de ces taux de
perte; et
e)
de CBFA stemt ermee in dat de
behandeling als gekwalificeerde
revolverende risicoposities op
retailcliënteel
in
overeenstemming is met de
onderliggende risicokenmerken
van de subportefeuille.
e) la CBFA convient que le
traitement
en
tant
qu’expositions renouvelables
éligibles sur la clientèle de
détail est conforme aux
caractéristiques de risque sousjacentes du sous-portefeuille
considéré.
§ 6. De volgende risicoposities
worden behandeld als risicoposities op
aandelen:
§ 6. Les expositions suivantes
sont traitées comme des expositions sous
forme d’actions:
a) andere risicoposities dan in
schuldtitels die recht geven op
een achtergestelde restvordering
op de activa of het inkomen van
de emittent; en,
a) les expositions ne portant pas
sur des titres de créances et
donnant droit à une créance
subordonnée et résiduelle sur
les actifs ou le revenu de
l’émetteur; et
b) risicoposities op vorderingen
waarvan
de
belangrijkste
economische
kenmerken
overeenkomen met die van de
risicoposities
bedoeld
in
punt a).
b) les expositions portant sur des
créances,
mais
dont
la
substance économique est
similaire à celle des expositions
visées au point a).
265
§ 7. Binnen
de
categorie
§ 7. Dans la catégorie des
risicoposities
op
ondernemingen expositions sur les entreprises, les
onderscheiden
de
instellingen établissements
distinguent
comme
risicoposities ingevolge gespecialiseerde expositions de financement spécialisé les
qui
présentent
les
financiering, als ze de volgende expositions
caractéristiques suivantes:
kenmerken vertonen:
a)
de
risicoposities
hebben
betrekking op een entiteit die
specifiek is opgericht om
materiële activa te financieren
en/of te beheren;
a) elles existent envers une entité
créée spécifiquement pour
financer et/ou gérer des actifs
corporels;
b)
de
contractuele
bepalingen
geven de kredietverlener een
grote zeggenschap over de
activa en de inkomsten die ze
genereren; en,
b) les dispositions contractuelles
donnent au prêteur un degré
important de contrôle sur les
actifs et le revenu qu’ils
génèrent; et
c)
de belangrijkste bron voor de
terugbetaling van de schuld
bestaat uit de inkomsten die door
de gefinancierde activa worden
gegenereerd, en niet zozeer uit
de algemene capaciteit van een
in haar geheel beschouwde
commerciële onderneming.
c) la
première
source
de
remboursement du prêt réside
dans le revenu généré par les
actifs financés, plutôt que dans
la capacité indépendante de
remboursement
d’une
entreprise
commerciale
considérée dans son ensemble.
§ 8. Elke kredietverplichting
die niet is ondergebracht in een van de
risicopositiecategorieën als bedoeld in § 1,
punten a), b), d), e) en f) valt onder de
categorie bedoeld in bovenstaande § 1,
punt c).
§ 8. Toute obligation de crédit
qui n’est pas classée dans l’une des
catégories d’expositions visées au § 1,
points a) et b) et d) à f), est classée dans
la catégorie visée au point c) de ce § 1.
§ 9. De risicopositiecategorie
bedoeld in § 1, punt g), omvat de
restwaarde van de geleasde onroerende
goederen wanneer die niet onder de
risicopositiewaarde vallen ingevolge een
leaseovereenkomst als bepaald in artikel
VI.4, § 3.
§ 9. La catégorie d’expositions
visée au § 1, point g), inclut la valeur
résiduelle des biens immobiliers loués, si
celle-ci n'est pas incluse dans la valeur
exposée au risque des crédits-bails
définie à l’article VI.4, § 3.
§ 10. Om haar risicoposities
onder te brengen in verschillende
risicopositiecategorieën, dient de instelling
een passende en op lange termijn
coherente methode te volgen.
§ 10. La méthode utilisée par
l’établissement
pour
classer
ses
expositions selon les différentes
catégories d’expositions doit être
appropriée et cohérente sur le long
terme.
266
Hoofdstuk 2: Definitie
risicopositiewaarde
van
de
Chapitre 2: Définition de la valeur
exposée au risque
Art. VI.3
Art. VI.3
De risicopositiewaarde is afhankelijk van
de aard van de risicoposities. Er worden
vier soorten risicoposities onderscheiden,
namelijk:
La valeur exposée au risque dépend de
la nature des expositions qui sont de
quatre types, en l’occurrence:
1°
de
activa,
waarmee
de
actiefbestanddelen worden bedoeld
met uitzondering van de posten die
gerelateerd zijn aan afgeleide
instrumenten en aan de transacties
als bedoeld in het onderstaande 2°;
1°
les actifs, c’est-à-dire les éléments
d’actifs exclusion faite des
éléments relatifs à des instruments
dérivés et aux opérations visées au
2° ci-dessous;
2°
de
risicoposities
ingevolge
retrocessieovereenkomsten,
transacties inzake verstrekte of
opgenomen
effectenof
grondstoffenleningen,
transacties
met uitgestelde afwikkeling en
margeleningstransacties;
2°
les expositions résultant des
opérations de pension, des
opérations de prêt ou d’emprunt
de titres ou de produits de base,
des transactions à règlement
différé et des opérations de prêt
avec appel de marge.
3°
de
afgeleide
buitenbeursinstrumenten
als
gedefinieerd in artikel V.5;
3°
les instruments dérivés de gré à
gré tels que définis à l’article V.5;
4°
de buitenbalansverrichtingen als
bedoeld in artikel VI.7, met
uitzondering van de afgeleide
instrumenten en de verrichtingen als
bedoeld in 2°.
4°
les opérations hors bilan telles que
visées à l’article VI.7 exclusion
faite des instruments dérivés et
des opérations visées au 2° cidessus;
Afdeling I - Berekening van de
risicopositiewaarde met betrekking tot
de activa
Section I - Calcul de la valeur
exposée au risque des actifs
Art. VI.4
Art. VI.4
§ 1. Tenzij
anders
aangegeven, wordt de risicopositiewaarde
met betrekking tot de balansposten
exclusief waardeverminderingen bepaald.
§ 1. Sauf indication contraire,
la valeur exposée au risque des
éléments du bilan est mesurée brute des
réductions de valeur.
Het eerste lid geldt ook voor activa die
worden gekocht tegen een andere prijs
dan het verschuldigde bedrag, wanneer dit
bedrag
wordt
gebruikt
als
risicopositiewaarde voor de berekening
L’alinéa 1 s'applique également aux
actifs achetés à un prix différent du
montant dû, lorsque ce montant est
utilisé au titre de valeur d’exposition
pour le calcul des exigences en fonds
267
van de eigenvermogensvereisten. Voor
gekochte activa wordt het verschil tussen
het verschuldigde bedrag en de in de
balans van de instelling opgenomen
nettowaarde, als disagio beschouwd
indien het verschuldigde bedrag groter is
en als agio indien het kleiner is.
propres. Pour les actifs achetés, la
différence entre le montant dû et la
valeur nette portée au bilan de
l'établissement est considérée comme
un escompte si le montant dû est plus
important et comme une prime dans le
cas inverse.
§ 2. Bij
verrekening
van
leningen en deposito’s op de balans
passen de instellingen voor de berekening
van de risicopositiewaarde, artikel V.41
toe. De bepalingen van titel V, hoofdstuk
5 moeten worden nageleefd.
§ 2. Pour la compensation des
prêts et dépôts au bilan, les
établissements appliquent, aux fins du
calcul de la valeur exposée au risque, la
disposition prévue à l’article V.41. Les
dispositions du titre V, chapitre 5,
doivent être respectées.
§ 3. Bij leaseovereenkomsten
is de risicopositiewaarde gelijk aan de
geactualiseerde minimumleasebetalingen.
De minimumleasebetalingen zijn de
betalingen die de leasingnemer gedurende
de leaseovereenkomst moet betalen of kan
worden verplicht te betalen, alsmede alle
gunstige koopopties (d.w.z. opties die
naar alle waarschijnlijkheid zullen
worden gelicht).
Ook alle gewaarborgde restwaarden die
voldoen aan de voorwaarden van de
artikelen V.25 en VI.50 met betrekking
tot
de
toelaatbaarheid
van
protectieverschaffers,
alsmede
de
minimumvereisten voor de erkenning van
garanties bedoeld in de artikelen V.35 tot
V.37,
zouden
in
de
minimumleasebetalingen moeten zijn
begrepen.
§ 3. La valeur exposée au
risque des crédits-bails correspond aux
paiements minimaux actualisés qu'ils
génèrent. Les paiements minimaux au
titre de crédits-bails sont les paiements
que le preneur est ou peut être tenu
d'effectuer pendant la durée du contrat
de crédit-bail, ainsi que toute option
d'achat avantageuse (c'est-à-dire option
dont l'exercice est raisonnablement
certain).
Toute valeur résiduelle garantie
remplissant les conditions visées à
l’article V.25 et l’article VI.50
concernant l'éligibilité des fournisseurs
de protection, ainsi que les exigences
minimales aux fins de la reconnaissance
de garanties visées aux articles V.35 à
V.37, devrait également être incluse
dans les paiements minimaux au titre de
crédits-bails.
§ 4. Voor de berekening van
het gewogen risicovolume van de
gekochte kortlopende vorderingen stemt
de risicopositiewaarde overigens overeen
met het uitstaande bedrag verminderd met
de eigenvermogensvereisten voor het
verwateringsrisico, vóór matiging van het
kredietrisico. Voor het verwateringsrisico
stemt de risicopositiewaarde overeen met
het uitstaande bedrag.
§ 4. Par ailleurs, aux fins du
calcul du volume pondéré des risques
des créances achetées, la valeur exposée
au risque correspond au montant de
l'encours, moins les exigences de fonds
propres pour risque de dilution, avant
atténuation du risque de crédit. Pour le
risque de dilution, la valeur exposée au
risque correspond au montant de
l’encours.
§ 5. De
risicopositiewaarde
§ 5.
La
valeur
exposée
au
268
met betrekking tot risicoposities op
aandelen, bepaald in hoofdstuk 1 van deze
titel, is de waarde die in de jaarrekening is
opgenomen.
risque des expositions sous forme
d’actions, définies au chapitre 1 du
présent titre, est la valeur inscrite dans
les états financiers.
§ 6. De
risicopositiewaarde
van
andere
risicoposities
dan
kredietverplichtingen, is gelijk aan de in
de jaarrekening opgenomen waarde.
§ 6. La valeur exposée au
risque des expositions autres que des
obligations de crédit est la valeur
inscrite dans les états financiers.
Afdeling II - Berekening
van
de
risicopositiewaarden met betrekking
tot
retrocessieovereenkomsten
en
transacties inzake verstrekte of
opgenomen
effectenof
grondstoffenleningen
Section II - Calcul de la valeur
exposée au risque des opérations de
pension, de prêts/emprunts
de
titres ou produits de base
Art. VI.5
Art. VI.5
§ 1. Onverminderd
de
volgende
paragrafen
wordt
de
risicopositiewaarde
van
retrocessieovereenkomsten of transacties
inzake verstrekte of opgenomen effectenof grondstoffenleningen berekend zoals
voor alle andere activa.
§ 1.
Sans
préjudice
des
paragraphes suivants, la valeur exposée
au risque des opérations de pension ou
les opérations de prêt et d’emprunt de
titres ou de produits de base est calculée
comme pour tout autre actif.
§ 2. Voor
de
retrocessieovereenkomsten
of
de
transacties
inzake
verstrekte
of
opgenomen
effectenof
grondstoffenleningen
wordt
de
risicopositiewaarde berekend volgens de
bepalingen van titel V, hoofdstuk 5,
wanneer
ze
onder
een
kaderverrekeningsovereenkomst vallen.
§ 2. Pour les opérations de
pension ou les opérations de prêt ou
d'emprunt de titres ou de produits de
base, la valeur exposée au risque est
calculée conformément aux dispositions
du titre V, chapitre 5, lorsqu’elles sont
couvertes par un accord cadre de
compensation.
§ 3. Onverminderd § 2 en het
volgende lid, wanneer een risicopositie de
vorm aanneemt van effecten of
grondstoffen verkocht, gedeponeerd of
verstrekt
in
het
kader
van
retrocessieovereenkomsten of transacties
inzake verstrekte of opgenomen effectenof grondstoffenleningen, transacties met
uitgestelde
afwikkeling
en
margeleningstransacties,
stemt
de
risicopositiewaarde overeen met de
waarde van de betrokken effecten of
grondstoffen, berekend overeenkomstig
§ 3.
Sans préjudice du § 2 et de
l’alinéa suivant, lorsqu’une exposition
prend la forme de titres ou de produits
de base vendus, gagés ou prêtés, dans le
cadre d’opérations de pension ou
d’opérations de prêt ou d’emprunt de
titres ou de produits de base,
d’opérations à règlement différé et
d’opérations de prêts avec appel de
marge, la valeur exposée au risque
correspond à la valeur des titres ou
produits de base en question, calculée
conformément au § 1. Lorsque la
269
§ 1. Wanneer de uitgebreide benadering
van financiële zekerheden bedoeld in
titel V, hoofdstuk 5, afdeling IV wordt
gebruikt, wordt de risicopositiewaarde
verhoogd met de volatiliteitscorrectie die
voor deze effecten of grondstoffen is
vastgelegd,
overeenkomstig
de
bepalingen
gespecificeerd
in
bovenvermelde afdeling.
méthode générale fondée sur les sûretés
financières visée au titre V, chapitre 5,
section IV est utilisée, la valeur exposée
au risque est augmentée de la correction
pour volatilité qui convient pour ces
titres
ou
produits
de
base,
conformément
aux
dispositions
spécifiées dans ladite section.
De
risicopositiewaarde
van
retrocessieovereenkomsten,
transacties
inzake verstrekte of opgenomen effectenof grondstoffenleningen, transacties met
uitgestelde
afwikkeling
en
margeleningstransacties, kan worden
berekend overeenkomstig titel V,
hoofdstuk 3 of volgens de interne
methodologie
bedoeld
in
de
artikelen V.46 tot V.51.
La valeur exposée au risque des
opérations de pension, des opérations
de prêt ou emprunt de titres ou de
produits de base, des opérations à
règlement différé et des opérations de
prêt avec appel de marge peut être
calculée conformément au titre V,
chapitre 3, ou à la méthodologie interne
visée aux articles V.46 à V.51.
Afdeling III - Berekening van de
risicopositiewaarde
van
afgeleide
instrumenten
Section III - Calcul de la valeur
exposée au risque des instruments
dérivés
Art. VI.6
Art. VI.6
Voor
de
afgeleide
buitenbeursinstrumenten
bedoeld
in
artikel V.5, wordt de risicopositiewaarde
bepaald volgens de in titel V, hoofdstuk 3
beschreven methoden.
Pour les instruments dérivés de
gré à gré visés par l’article V.5 la valeur
exposée au risque est déterminée selon
les méthodes décrites au titre V,
chapitre 3.
Afdeling IV - Berekening van de
risicopositiewaarde
van
buitenbalansverrichtingen
Section IV - Calcul de la valeur
exposée au risque des opérations hors
bilan
Art. VI.7
Art. VI.7
§ 1. De
risicopositiewaarde
van buitenbalansverrichtingen stemt
overeen met het toegezegde maar nietopgenomen bedrag vermenigvuldigd met
een omrekeningsfactor (CF).
§ 1. La valeur exposée au
risque des opérations hors bilan
correspond au montant engagé mais non
utilisé, multiplié par un facteur de
conversion (CF).
De buitenbalansverrichtingen die in
aanmerking worden genomen voor het
gewogen risicovolume en de prudentiële
omrekeningsfactoren die erop van
toepassing zijn, zijn de volgende :
Les opérations hors bilan prises en
compte dans le volume pondéré des
risques et les facteurs de conversion
(CFs) prudentiels qui s’y appliquent
sont les suivants:
270
1° Honderd procent van
a) De verplichtingen op grond van
accepten;
b) De
verplichtingen
met
kredietvervangend
karakter,
waardoor
de
instelling
de
verbintenis van een derde moet
nakomen of een vervangende
geldsom moet betalen indien deze
derde zijn verplichtingen niet
nakomt;
c) De verplichtingen voor de
instelling,
voortvloeiend
uit
transacties in kredietderivaten, om
een bedrag te betalen in geval van
wanbetaling
van
een
onderliggende wederpartij bij die
transacties;
1° Cent pour cent
a) Des engagements du chef
d'acceptations;
b) Des engagements à caractère de
substitut de crédit en vertu
desquels l'établissement est tenu
d'honorer l'engagement d'un
tiers ou de payer une somme de
remplacement si ce tiers
n'honore pas ses engagements;
d) De activa bezwaard met zakelijke
zekerheden voor rekening van
derden, ingeval de zekerheid een
kredietvervangend karakter heeft;
d) Des actifs grevés de sûretés
réelles pour le compte de tiers,
dans le cas où la sûreté a le
caractère de substitut de crédit;
e) De
toekomstige
vorderingen
ingevolge contantverrichtingen in
uitvoering en vaste verbintenissen
wegens
termijnverrichtingen,
buiten de in artikel V.4, 2°, f)
bedoelde geschreven opties en de
afgeleide
instrumenten
als
gedefinieerd in artikel V.5;
e) Les créances futures résultant
d'opérations au comptant en voie
de liquidation et d'engagements
fermes du chef d'opérations à
terme, autres que les options
émises visées à l’article V.4, 2°,
f) et les instruments dérivés
définis au V.5.
f) Het onbetaalde deel van nietvolgestorte aandelen en effecten;
f) La fraction non versée d'actions
et de titres partiellement libérés;
g) De retrocessieovereenkomsten en
andere verkopen met verbintenis
tot wederinkoop.
2° Vijfenzeventig procent van
a) Het onbenutte deel van de
verplichtingen wegens betekende
kredietlijnen die niet op elk
ogenblik, onvoorwaardelijk en
zonder vooropzeg kunnen worden
beëindigd of die niet voorzien in
een automatische beëindiging
waneer de kwaliteit van de
leningnemer erop achteruitgaat;
c) Des engagements résultant
d’opérations en dérivés de crédit
en
vertu
desquels
l’établissement est tenu de
verser une somme en cas de
survenance du défaut d’une
contrepartie sous-jacente à ces
opérations;
g) Les mises en pension et autres
cessions avec engagement de
reprise.
2° Septante cinq pour cent
a) De la partie inutilisée des
engagements du fait de lignes de
crédit confirmées qui ne peuvent
être annulées sans condition, à
tout moment et sans préavis, ou
qui
ne
prévoient
pas
d’annulation automatique en cas
de détérioration de la qualité de
l’emprunteur;
271
b) Het onbenutte deel van de
verplichtingen wegens betekende
kredietlijnen
waardoor
de
instelling een emittent van
verhandelbaar kortlopend papier
toezegt om de vervangende of
aanvullende
financiering
te
verschaffen, indien deze emittent
de gewenste financiering niet heeft
verkregen door uitgifte van
dergelijk papier op de markt.
b) La
partie
inutilisée
des
engagements du fait de lignes de
crédit confirmées par lesquelles
l'établissement promet à un
émetteur de papier négociable à
court terme de lui accorder le
financement de remplacement
ou complémentaire lorsque cet
émetteur n'a pas obtenu le
financement
souhaité
par
l'émission de tel papier dans le
marché.
3° Vijftig procent van
a) De
verplichtingen
zonder
kredietvervangend
karakter
waardoor
de
instelling
de
verbintenis van een derde moet
nakomen of een vervangende
geldsom moet betalen indien deze
derde zijn verplichtingen niet
nakomt;
3° Cinquante pour cent
a) Des engagements n'ayant pas le
caractère de substitut de crédit
en vertu desquels l'établissement
est tenu d'honorer l'engagement
d'un tiers ou de payer une
somme de remplacement si ce
tiers
n'honore
pas
ses
engagements;
b) De activa bezwaard met zakelijke
zekerheden voor rekening van
derden, indien de zekerheid geen
kredietvervangend karakter heeft;
b)
c) De
verplichtingen
wegens
documentaire
kredieten
met
kredietrisico voor de instelling die
niet
beantwoorden aan de
omschrijving in punt 4° van deze
paragraaf;
c) Les engagements résultant de
crédits documentaires avec
risque
de
crédit
pour
l’établissement ne répondant pas
à la définition donnée au point
4° du présent paragraphe.
d) De
verplichtingen
ingevolge
geschreven put-opties op effecten
en ander waardepapier.
d) Des engagements résultant de
l'émission d'options put sur des
valeurs mobilières et autres
titres négociables.
4° Twintig procent van
De
verplichtingen
wegens
documentaire
kredieten
met
kredietrisico voor de instelling,
voor zover de instelling een
tegenwerpelijk pandrecht of een
ander gelijkwaardig recht heeft op
de onderliggende goederen en het
krediet een uitdovend karakter
heeft.
4° Vingt pour cent
Des engagements résultant de
crédits documentaires avec
risque
de
crédit
pour
l’établissement, dans la mesure
où l’établissement a un droit de
gage opposable ou un autre droit
équivalent sur les biens sousjacents et où le crédit présente
un caractère « self-liquidating ».
Des actifs grevés de sûretés
réelles pour le compte de tiers,
dans le cas où la sûreté n'a pas le
caractère de substitut de crédit;
272
5° Nul procent
a) Voor de kredietlijnen zonder vaste
verplichting, die op elk ogenblik
onvoorwaardelijk
en
zonder
vooropzeg door de instelling
kunnen worden beëindigd of die
de instelling daadwerkelijk de
mogelijkheid
bieden
tot
automatische beëindiging ingeval
de kredietwaardigheid van de
leningnemer erop achteruitgaat.
Om een omrekeningsfactor (CF)
van 0 % te mogen toepassen,
moeten de
instellingen de
financiële situatie van de debiteur
actief
opvolgen.
Bovendien
moeten
hun
internecontrolesystemen hun in
staat stellen onmiddellijk elke
verslechtering
van
zijn
kredietwaardigheid te detecteren.
De onbenutte kredietlijnen die zijn
toegestaan aan retailcliënteel
mogen worden beschouwd als
onvoorwaardelijk
beëindigbaar
indien
de
instelling
deze
kredietlijnen volgens de eraan
verbonden voorwaarden mag
beëindigen in de mate dat dit is
toegestaan door de wetgeving
inzake consumentenbescherming
en de aanverwante wetgeving.
5° Zero pourcent
a) Pour les lignes de crédit qui sont
sans engagement et qui sont
annulables sans condition par
l'établissement à tout moment et
sans préavis ou qui accordent
effectivement à l'établissement
une possibilité d'annulation
automatique, en raison d'une
détérioration de la qualité de
crédit d'un emprunteur.
Pour pouvoir appliquer un
facteur de conversion (CF) de 0
%, les établissements doivent
contrôler activement la situation
financière du débiteur, et leurs
systèmes de contrôle interne
doivent leur permettre de
détecter immédiatement toute
détérioration de la qualité du
crédit de celui-ci.
Les lignes de crédit accordées à
la clientèle de détail et non
utilisées
peuvent
être
considérées comme annulables
sans condition, si leurs clauses
permettent à l'établissement de
les annuler dans toute la mesure
autorisée par la législation
relative à la protection des
consommateurs et la législation
connexe.
b) Voor de onbenutte kredietlijnen
met betrekking tot de aankoop van
revolverende vorderingen door de
instelling, die onvoorwaardelijk
kunnen worden beëindigd of die
de instelling daadwerkelijk de
mogelijkheid
bieden
tot
automatische beëindiging op elk
ogenblik en zonder vooropzeg.
Om een omrekeningsfactor (CF)
van 0 % te mogen toepassen,
moeten de
instellingen de
financiële situatie van de debiteur
actief
opvolgen.
Bovendien
moeten
hun
internecontrolesystemen hun in
staat stellen onmiddellijk elke
verslechtering
van
zijn
b) Pour les lignes de crédit non
utilisées portant sur l’achat de
créances renouvelables par
l’établissement,
qui
sont
annulables sans condition ou qui
accordent
effectivement
à
l'établissement une possibilité de
révocation automatique à tout
moment et sans préavis. Pour
pouvoir appliquer un facteur de
conversion (CF) de 0%, les
établissements doivent contrôler
activement
la
situation
financière du débiteur, et leurs
systèmes de contrôle interne
doivent leur permettre de
détecter immédiatement toute
détérioration de la qualité du
273
kredietwaardigheid te detecteren.
crédit de celui-ci;
§ 2. Wanneer een in § 1
bedoelde buitenbalanspost betrekking
heeft op de uitbreiding van een andere
buitenbalanspost, wordt gebruik gemaakt
van de laagste van de beide
omrekeningsfactoren
(CF’s)
die
respectievelijk voor deze posten gelden.
§ 2. Lorsqu'un
engagement
hors bilan repris au § 1 a trait à
l'extension d'un autre engagement hors
bilan, le plus faible des deux facteurs de
conversion
(CFs)
respectivement
associés à ces engagements est utilisé.
Art. VI.8
Art. VI.8
§ 1. Niettegenstaande
artikel VI.7 en behoudens voorafgaande
goedkeuring van de CBFA als bedoeld in
titel IV of titel XI, dienen de instellingen
die voldoen aan de minimumvereisten van
hoofdstuk 9 van deze titel voor het
gebruik van de eigen ramingen van de
omrekeningsfactoren (CF’s), hun eigen
ramingen van deze factoren toe te passen
op de buitenbalansverrichtingen vermeld
in artikel VI.7 waarop volgens het
genoemde artikel geen prudentiële
omrekeningsfactor (CF) van 100 % van
toepassing is.
§ 1. Nonobstant l’article VI.7
et sous réserve de l'approbation
préalable de la CBFA visée au titre IV
ou au titre XI, les établissements qui
satisfont aux exigences minimales
fixées au chapitre 9 du présent titre pour
l'utilisation des propres estimations des
facteurs de conversion (CFs) sont tenus
d’appliquer leurs propres estimations de
ces facteurs aux opérations hors bilan
mentionnées à l’article VI.7 qui ne font
pas l’objet d’un facteur de conversion
(CF) prudentiel de 100 % selon ledit
article.
§ 2. Niettegenstaande
artikel VI.7 moeten de instellingen voor
de risicoposities op retailcliënteel gebruik
maken
van
hun
eigen
omrekeningsfactoren (CF’s) voor de
buitenbalansverrichtingen bedoeld in
artikel VI.7 waarop volgens het
genoemde artikel geen prudentiële
omrekeningsfactor (CF) van 100 % van
toepassing is.
§ 2. Nonobstant l’article VI.7,
pour les expositions sur la clientèle de
détail, les établissements sont tenus
d’estimer leurs propres facteurs de
conversion (CFs) pour les opérations
hors bilan mentionnées à l’article VI.7
qui ne font pas l’objet d’un facteur de
conversion
(CF)
prudentiel
de
100 % selon ledit article.
Hoofdstuk 3: Berekening van de
risicoweging
voor
ondernemingen,
instellingen en centrale overheden en
centrale banken
Chapitre 3: Calcul de la pondération
de risques pour les entreprises,
établissements,
administrations
centrales et banques centrales
Afdeling I - Methodologie
Section I – Méthodologie
A. De risicoposities op instellingen,
centrale overheden en centrale
A. Les
expositions
sur
les
établissements,
les
administrations centrales et les
274
banken en (grote) ondernemingen
banques
centrales
et
entreprises (de grande taille).
les
Art. VI.9
Art. VI.9
§ 1. Behoudens voorafgaande
goedkeuring van de CBFA als bedoeld in
titel IV of titel XI wordt de risicoweging
voor kredietrisico berekend op basis van
de relevante parameters, met name kans
op wanbetaling (PD), verlies bij
wanbetaling (loss given default, LGD’s)
en looptijd (maturity, M). Deze laatste
parameters
worden
bepaald
overeenkomstig de afdelingen II, III en IV
van dit hoofdstuk en gebruikt in de
berekeningsformules vermeld in dit
artikel en in artikel VI.10.
§ 1. Sous
réserve
de
l’approbation préalable de la CBFA
visée
au
titre
IV
ou
au
titre XI, les pondérations des risques
pour risque de crédit sont calculées sur
la base des paramètres pertinents qui
sont notamment la probabilité de défaut
(PD), les pertes en cas de défaut (loss
given default, LGDs) et l’échéance
(maturity, M). Ces derniers paramètres
sont déterminés conformément aux
sections II, III et IV du présent chapitre
et sont entrés dans les formules de
calcul reprises dans le présent article et
dans l’article VI.10.
§ 2. Onder voorbehoud van de
§§ 3 en 4 van dit artikel en van § 1 van
artikel VI.10 - betreffende de formule die
mag
worden
toegepast
op
de
risicoposities
op
middelgrote
ondernemingen - wordt de risicoweging
voor ondernemingen, instellingen en
centrale overheden en centrale banken
berekend aan de hand van de volgende
formules:
§ 2. Sous réserve des §§ 3 et 4
de cet article et du § 1 de l'article VI.10
-traitant de la formule pouvant être
appliquée aux expositions sur les
entreprises de taille intermédiaire-, les
pondérations de risques sur les
entreprises, les établissements et les
administrations centrales et banques
centrales sont calculées conformément
aux formules suivantes:
Correlatie (R) =
Corrélation (R) =
0 . 12 1 EXP 50 * PD / 1 EXP 50
1 1 EXP 50 * PD / 1 EXP 50
0 . 24 *
Aanpassing ingevolge de looptijd (b) =
0.11852 0.05478 * ln PD
2
1 1 .5 * b
1
*1
0 .5
* G PD
M
R/ 1 R
0.5
* G 0.999
0 . 24 *
Ajustement lié à l’échéance (b) =
2
0.11852 0.05478 * ln PD
Pondération de risques (risk weight,
RW) =
Risicoweging (risk weight, RW) =
LGD * N 1 R
0 . 12 1 EXP 50 * PD / 1 EXP 50
1 1 EXP 50 * PD / 1 EXP 50
PD * LGD *
2.5 * b *12.5 *1.06
N(x) staat voor de cumulatieve
verdelingsfunctie
van
een
standaardnormale toevalsvariabele (d.w.z.
de kans dat een normale toevalsvariabele
met een gemiddelde van nul en een
LGD * N 1 R
1 1.5 * b
1
*1
0.5
* G PD
M
R/ 1 R
0.5
* G 0.999
PD * LGD *
2.5 * b *12.5 *1.06
N(x) représente la fonction de
répartition d’une variable aléatoire
suivant une loi normale centrée réduite
(c’est-à-dire exprimant la probabilité
qu’une variable aléatoire normale de
275
variantie van één kleiner is dan of gelijk
aan x). G(z) staat voor de inverse
cumulatieve verdelingsfunctie (d.w.z. x
heeft een zodanige waarde dat N(x) = z).
moyenne zéro et de variance un soit
inférieure ou égale à x). G(z) représente
la fonction cumulative inverse de cette
fonction de répartition (c’est-à-dire la
valeur de x telle que N(x) = z).
a. Voor PD = 0, is RW 0
a. Pour PD = 0, RW est: 0
b. Voor de risicoposities met
wanbetaling en waarbij PD=1,
zijn de volgende bepalingen van
toepassing:
b. Pour les expositions sur
lesquelles il y a eu défaut et
où PD=1, les dispositions
suivantes s’appliquent:
- b.1. Wanneer de instellingen de
LGD-waarden zoals bepaald in
artikel VI.12, § 2 toepassen (ze
volgen de IRB ‘foundation’), is
de risicoweging (RW) gelijk aan
0;
-
b.1. Lorsque
les
établissements appliquent les
valeurs de LGDs spécifiées
à l’article VI.12, § 2 (ils
utilisent l’approche NI dite
‘foundation’), la pondération
de risques (RW) est alors
égale à 0;
-
-
b.2.
Lorsque
les
établissements utilisent leurs
propres estimations de LGDs
(ils utilisent une approche NI
dite
‘advanced’),
la
pondération de risques (RW)
est alors égale à:
b.2.
Wanneer de instellingen
gebruik maken van hun eigen
LGD-ramingen (ze volgen een
IRB
‘advanced’),
is
de
risicoweging (RW) gelijk aan:
Max {0, 12,5 *(LGD - ELBE)};
- Waarbij ELBE de beste door de
instelling geraamde waarde is van
het
verwachte
verlies
dat
overeenstemt met de risicopositie
met wanbetaling, overeenkomstig
artikel VI.91, § 8.
§ 3. De risicoweging die van
toepassing is op de risicoposities die
voldoen aan de voorwaarden bepaald in
de artikelen VI.51 en VI.55 en dus in
aanmerking komen, overeenkomstig
artikel VI.51, voor de toepassing van de
behandeling met inaanmerkingneming
van de dubbele wanbetaling, kunnen
worden
aangepast
volgens
de
onderstaande formule:
Max {0, 12.5 *(LGD-ELBE)};
-
Où ELBE est la meilleure
estimation
établie
par
l'établissement de la perte
anticipée correspondant à
l’exposition pour laquelle il y
a eu défaut, conformément à
l’article VI.91, § 8.
§ 3. Les
pondérations
de
risques applicables aux expositions qui
remplissent les conditions fixées aux
articles VI.51 et VI.55, et qui sont donc
éligibles conformément à l’article VI.51
pour l’application du traitement
intégrant la reconnaissance du double
défaut, peuvent être ajustées selon la
formule suivante:
276
Risicoweging=
Pondération de risques =
(Risicoweging bepaald in bovenstaande §
2) * (0,15 + 160 * PDpp)
(Pondération de risques telle que définie
au § 2 ci-dessus) * (0,15 + 160*PDpp)
waarbij:
où:
-
PDpp = de kans op wanbetaling van
de protectieverschaffer
- PDpp = probabilité de défaut du
fournisseur de protection
-
De risicoweging wordt berekend aan
de hand van de in § 2 bepaalde
relevante
formule
voor
de
risicopositie, de kans op wanbetaling
van de debiteur en de waarde van het
verlies bij wanbetaling (LGD) bij een
vergelijkbare directe risicopositie op
de protectieverschaffer.
- La pondération de risques est
calculée au moyen de la formule
pertinente prévue au § 2 pour le
risque couvert, la probabilité de
défaut du débiteur et la valeur de la
perte en cas de défaut (LGD) d’une
exposition directe comparable sur le
fournisseur de la protection.
-
De aanpassing ingevolge de looptijd
(b) zoals bepaald in § 2 van dit artikel,
wordt berekend op basis van het
laagste van de twee volgende
waarden: de kans op wanbetaling van
de protectieverschaffer en de kans op
wanbetaling van de debiteur.
- L’ajustement lié à l’échéance (b), tel
que défini au § 2 du présent article,
est calculé sur la base du plus faible
des deux montants suivants: la
probabilité de défaut du fournisseur
de la protection et celle du débiteur.
§ 4. Wanneer een instelling
voor een reeks risicoposities een
kredietprotectie biedt op voorwaarde dat
de
nde
wanbetaling
onder
de
risicoposities aanleiding geeft tot betaling
en dat deze kredietgebeurtenis de
beëindiging van het contract met zich
brengt, is de risicoweging voorgeschreven
in titel VII met betrekking tot
effectiseringsverrichtingen van toepassing
indien voor het product een externe
kredietbeoordeling van een erkende EKBI
beschikbaar is. Indien er voor het product
geen kredietbeoordeling van een erkende
EKBI beschikbaar is, wordt de
risicoweging van alle beschermde
risicoposities in de pool, op n-1
vorderingen na, geaggregeerd, indien de
som van het bedrag van het verwachte
verlies vermenigvuldigd met 12,5 en het
gewogen risicovolume het nominale
bedrag van de door het kredietderivaat
geboden protectie vermenigvuldigd met
12,5
niet
overschrijdt.
De
n-1
risicoposities die bij de aggregatie buiten
beschouwing moeten worden gelaten,
§ 4. Lorsqu’un établissement
fournit une protection de crédit
couvrant
un
certain
nombre
d’expositions aux conditions que le
nième cas de défaut parmi ces
expositions déclenche la protection et
met un terme au contrat, si le produit
concerné fait l’objet d’une évaluation
externe du crédit établie par un OEEC
éligible, les pondérations prescrites au
titre VII relatif au traitement de la
titrisation sont appliquées. Si le produit
n’a pas été noté par un OEEC éligible,
les pondérations des expositions
incluses dans le panier sont agrégées, à
l’exclusion des expositions jusqu’au
rang n-1, lorsque la somme du montant
de la perte anticipée multiplié par 12,5
et du volume pondéré des risques ne
dépasse pas le montant nominal de la
protection fournie par le dérivé de
crédit, multiplié par 12,5. Les
expositions jusqu’au rang n-1 qui
doivent être exclues de l’agrégat sont
ainsi déterminées qu'elles englobent
chaque exposition donnant lieu à un
277
worden
op
de
volgende
wijze
geselecteerd: het betreft elke risicopositie
waarvoor het gewogen risicovolume lager
is dan het gewogen risicovolume voor alle
risicoposities die in de aggregatie zijn
opgenomen.
B. De risicoposities op middelgrote
ondernemingen
Art. VI.10
Wanneer de geconsolideerde jaaromzet
van de groep waartoe de onderneming
behoort, minder dan 50 miljoen euro
bedraagt, zijn alle regels vermeld in
artikel VI.9 van toepassing. De instelling
mag echter gebruik maken van de
onderstaande correlatieformule om de
risicoweging op de onderneming te
berekenen:
Correlatie (R) =
0 . 12 1 EXP 50 * PD / 1 EXP 50
1 1 EXP 50 * PD / 1 EXP 50
0 .04 * 1
S
0 . 24 *
volume pondéré du risque inférieur à
celui de toute exposition incluse dans
l'agrégat.
B. Les expositions sur les entreprises
de taille intermédiaire.
Art. VI.10
Lorsque le chiffre d’affaires
annuel consolidé du groupe auquel
l’entreprise appartient est inférieur à 50
millions d’euros, toutes les règles
énoncées à l'article VI.9 s'appliquent.
Cependant,
l'établissement
peut
appliquer la formule de corrélation
suivante lors du calcul de la pondération
de risques sur l'entreprise:
Corrélation (R) =
0 . 12 1 EXP 50 * PD / 1 EXP 50
1 1 EXP 50 * PD / 1 EXP 50
0 .04 * 1
S
0 . 24 *
5 / 45
5 / 45
In deze formule staat S (sales) voor de
geconsolideerde jaaromzet in miljoen
euro, waarbij 5 miljoen <=S <=
50 miljoen. Een opgegeven omzet van
minder dan 5 miljoen euro wordt
behandeld als een omzet van 5 miljoen
euro.
Voor
gekochte kortlopende
vorderingen
stemt
de
totale
geconsolideerde jaaromzet overeen met
het gewogen gemiddelde van de
verschillende risicoposities die tot de pool
behoren.
Dans cette formule, S (pour sales)
correspond au chiffre d’affaires annuel
consolidé exprimé en millions d’euros,
avec 5 millions <=S <= 50 millions.
Tout chiffre d’affaires déclaré d’un
montant inférieur à 5 millions d’euros
est traité comme équivalent à ce
montant. Pour les créances achetées, le
chiffre
d’affaires
annuel
total
correspond à la moyenne pondérée des
différentes expositions du panier.
De
instellingen
vervangen
de
geconsolideerde jaaromzet door de
geconsolideerde activa van de groep,
wanneer de geconsolideerde jaaromzet
geen relevante indicator is van de omvang
van
de
onderneming
en
de
geconsolideerde activa in dit opzicht een
meer relevante indicator vormen.
Les établissements remplacent le chiffre
d’affaires annuel consolidé par l’actif
consolidé du groupe, lorsque le chiffre
d’affaires annuel consolidé n’est pas un
bon indicateur de la taille de l’entreprise
et que l'actif consolidé est, à cet égard,
plus significatif.
278
Afdeling II - Definitie van de PD
Section II – Définition de la PD
Art. VI.11
Art. VI.11
§ 1. De instellingen berekenen
hun eigen ramingen van de kans op
wanbetaling
overeenkomstig
de
voorwaarden bepaald in hoofdstuk 9 van
deze titel en dit onverminderd de
bepalingen van de §§ 2 tot 4 hierna. Deze
kansen op wanbetaling (PD) worden
gebruikt bij de berekening van de
risicoweging bedoeld in artikel VI.9, §§ 2
en 3 en in artikel VI.10. Ze worden ook
gebruikt bij de berekening van de
bedragen van de verwachte verliezen
bedoeld in titel VI, hoofdstuk 7.
§ 1. Les
établissements
fournissent leurs propres estimations de
la probabilité de défaut conformément
aux conditions fixées dans le chapitre 9
du présent titre, et ce sous réserve des
dispositions définies aux §§ 2 à 4 cidessous. Ces probabilités de défaut
(PD) entrent dans le calcul des
pondérations de risques visé à
l’article VI.9, §§ 2 et 3, et à
l’article VI.10. Elles entrent également
dans le calcul des montants des pertes
anticipées visé au titre VI, chapitre 7.
§ 2. Voor een risicopositie op
een onderneming of instelling bedraagt de
PD ten minste 0,03 %.
§ 2. Pour une exposition sur
une entreprise ou un établissement, PD
est d’au moins 0,03 %.
§ 3. De PD voor debiteuren in
staat van wanbetaling bedraagt 100 %.
§ 3. Pour les débiteurs
défaut, PD est de 100 %.
§ 4. Bij de berekening van de
PD mogen de instellingen een nietvolgestorte
kredietprotectie
overeenkomstig de bepalingen van
hoofdstuk 8 van deze titel in aanmerking
nemen.
§ 4. Dans le calcul de PD, les
établissements peuvent tenir compte
d’une protection non financée du crédit
conformément aux dispositions prévues
dans le chapitre 8 du présent titre.
Afdeling III - Definitie van de LGD
Section III – Définition du LGD
Art. VI.12
Art. VI.12
§ 1. De instellingen passen de
waarden van de verliezen bij wanbetaling
(LGD’s) toe die zijn bepaald in dit artikel.
Deze waarden van de verliezen bij
wanbetaling (LGD’s) worden gebruikt bij
de berekening van de risicoweging
bedoeld in artikel VI.9, §§ 2 en 3 en in
artikel VI.10. Ze worden ook gebruikt bij
de berekening van de bedragen van de
verwachte verliezen bedoeld in titel VI,
hoofdstuk 7.
§ 1. Les
établissements
appliquent les valeurs des pertes en cas
de défaut (LGDs) prévues dans le
présent article. Ces valeurs des pertes
en cas de défaut (LGDs) entrent dans le
calcul des pondérations de risques visé
à l’article VI.9, §§ 2 et 3, et à l’article
VI.10. Elles entrent également dans le
calcul des montants des pertes
anticipées visé au titre VI, chapitre 7.
§ 2. De instellingen hanteren
de volgende prudentiële LGD-waarden:
§ 2. Les
établissements
utilisent les valeurs de LGDs
prudentiels suivantes:
en
279
a)
voor
niet-achtergestelde
risicoposities zonder toelaatbare
zekerheid: 45 %;
a) pour les expositions prioritaires
sans sûreté éligible: 45 %;
b) pour
les
subordonnées
éligible: 75 %;
expositions
sans
sûreté
b)
voor achtergestelde risicoposities
zonder toelaatbare zekerheid: 75
%;
c)
bij de berekening van de LGD
mogen de instellingen een
volgestorte en niet-volgestorte
kredietprotectie overeenkomstig
de bepalingen van titel VI,
hoofdstuk 8 in aanmerking
nemen wanneer ze de IRB
‘foundation’ toepassen;
c) dans le calcul de LGD, les
établissements peuvent tenir
compte
d’une
protection
financée ou non financée du
crédit
conformément
aux
dispositions du titre VI, chapitre
8, pour les établissements
appliquant
l'approche
NI
'foundation' ;
d)
aan gedekte obligaties zoals
beschreven in artikel V.16, § 12,
mag een LGD-waarde van 12,5
% worden toegekend.
d) les obligations garanties au sens
de l’article V.16, § 12, peuvent
recevoir une valeur de LGD de
12,5%.
Tot 31 december 2010 mag aan de
gedekte obligaties zoals beschreven in
artikel V.16, § 12, 1° tot 3° een waarde
van verlies bij wanbetaling (LGD) van
11,25 % worden toegekend onder de
volgende voorwaarden:
Jusqu'au 31 décembre 2010, les
obligations garanties au sens de
l’article V.16, § 12, 1° à 3°, peuvent
recevoir une valeur de pertes en cas de
défaut (LGDs) de 11,25% si:
- de activa opgesomd in artikel
V.16, § 12, 1°, a) tot c) die de
obligaties dekken, komen allemaal
in
aanmerking
voor
kredietwaardigheidscategorie
1
bedoeld in titel V;
- les actifs énumérés à l’article
V.16, § 12, 1°, a) à c),
garantissant les obligations
relèvent tous du premier échelon
d’évaluation de la qualité du
crédit visé dans le titre V;
- ingeval activa als omschreven in
artikel V.16, § 12, 1°, d) en e) als
dekking
worden
gebruikt,
bedragen
de
respectieve
maximumgrenzen als vastgelegd
in elk van die punten, 10 % van
het nominale bedrag van de
uitstaande uitgifte;
- lorsque les actifs énumérés à
l’article V.16, § 12, 1°, d) et e),
sont utilisés comme sûreté, les
limites supérieures respectives
établies à chacun de ces points
sont de 10% du montant
nominal de l'encours;
- activa als omschreven in artikel
V.16, § 12, 1°, f) worden niet als
dekking gebruikt; of,
- les actifs énumérés à l’article
V.16, § 12 ,1°, f), ne sont pas
utilisés comme sûreté; ou
- de gedekte obligaties hebben een
kredietbeoordeling
door
een
aangewezen EKBI, en de EKBI
- les
obligations
garanties
bénéficient d'une évaluation de
crédit établie par un OEEC
280
plaatst deze in de meest gunstige
categorie kredietbeoordelingen die
door de EKBI ten aanzien van
gedekte
obligaties
wordt
afgegeven.
désigné qui correspond à la
catégorie la plus favorable
d'évaluation de crédit établie par
cet OEEC à l'égard des
obligations garanties.
§ 3. Niettegenstaande § 2 en
onverminderd § 4, gebruiken de
instellingen, wanneer zij de goedkeuring
van de CBFA als bedoeld in titel IV en
titel XI verkregen hebben voor het
gebruik van de IRB ‘advanced’, hun
eigen ramingen voor LGD voor de
risicoposities
op
ondernemingen,
instellingen en centrale overheden en
centrale banken en voldoen ze aan de
minimumvereisten zoals bedoeld in
hoofdstuk 9 van deze titel en in §§ 4 en 5
van dit artikel.
§ 3. Nonobstant le § 2 et sans
préjudice du § 4, lorsque les
établissements ont obtenu l’approbation
de la CBFA visée au titre IV ou au titre
XI pour utiliser une approche NI dite
‘advanced’, ils utilisent leurs propres
estimations de LGD pour les
expositions sur les entreprises, les
établissements, les administrations
centrales et les banques centrales et
respectent pour ce faire les exigences
minimales visées au chapitre 9 du
présent titre ainsi que dans les §§ 4 et 5
du présent article.
§ 4. Indien het een instelling
is toegestaan de IRB ‘advanced’ te
hanteren, mag zij een niet-volgestorte
kredietprotectie in aanmerking nemen
door de PD- en/of LGD-ramingen aan te
passen, mits zij de minimumvereisten van
hoofdstuk 9 van deze titel in acht neemt
en de CBFA daarmee instemt. Een
instelling mag aan een gegarandeerde
risicopositie
echter
geen
zodanig
aangepaste PD of LGD toekennen dat de
aangepaste weging lager zou zijn dan die
van een vergelijkbare rechtstreekse
risicopositie op de garantiegever.
§ 4. Lorsqu’un établissement
est autorisé à utiliser l’approche NI dite
‘advanced’, il peut tenir compte d’une
protection non financée du crédit en
ajustant ses estimations de PDs et/ou de
LGDs, sous réserve du respect des
exigences minimales fixées au chapitre
9 du présent titre et de l’approbation de
la CBFA. Un établissement ne peut
cependant assigner à une exposition
garantie une valeur ajustée de PD ou de
LGD telle que la pondération ajustée
serait inférieure à celle applicable à une
exposition directe comparable sur le
garant.
§ 5. In afwijking van de
bovenstaande §§ 2 en 4 van dit artikel is,
voor de toepassing van artikel VI.9, § 3,
de waarde van het verlies bij wanbetaling
(LGD)
van
een
vergelijkbare
rechtstreekse
risicopositie
op
de
protectieverschaffer gelijk aan de LGD
die samenhangt met ofwel een ongedekte
kredietlijn ten behoeve van de
garantiegever, ofwel de ongedekte
kredietlijn van de debiteur, naargelang uit
de beschikbare informatie en de structuur
van de garantie blijkt dat, indien zowel de
garantiegever als de debiteur tijdens de
§ 5. Nonobstant les §§ 2 et 4
du présent article, aux fins de
l’article VI.9, § 3, la valeur de la perte
en cas de défaut (LGD) applicable à une
exposition directe comparable sur le
fournisseur de la protection est, soit
celle associée à une ligne de crédit non
couverte en faveur du garant, soit celle
associée à la ligne de crédit non
couverte en faveur du débiteur, selon
qu’il ressort des éléments d’information
disponibles et de la structure de la
garantie que, en cas de défaut conjoint
du garant et du débiteur survenant
281
looptijd van de afgedekte transactie in
gebreke blijven, het teruggevorderde
bedrag afhankelijk zou zijn van de
financiële situatie van respectievelijk de
garantiegever of de debiteur.
pendant la durée de vie de la transaction
couverte,
le
montant
recouvré
dépendrait de la situation financière du
premier ou du second, respectivement.
Afdeling IV - Definitie van de looptijd
Section IV – Définition de l’échéance
Art. VI.13
Art. VI.13
§ 1. Voor de risicoposities op
ondernemingen, instellingen en centrale
overheden en centrale banken, berekenen
alle instellingen de looptijdwaarde
(maturity, M) voor elk van deze
risicoposities overeenkomstig de punten
a) tot f), onverminderd de onderstaande
§§ 2 en 3. In al deze gevallen mag M niet
meer bedragen dan vijf jaar. Deze looptijd
wordt in aanmerking genomen bij de
berekening van de risicoweging bedoeld
in afdeling I van dit hoofdstuk, en van de
bedragen van verwachte verliezen
bedoeld in titel VI, hoofdstuk 7.
§ 1. Pour les expositions sur les
entreprises, les établissements et les
administrations centrales et banques
centrales, tous les établissements
calculent la valeur des échéances
(maturity, M) afférente à chacune de
ces expositions conformément aux
points a) à f), sous réserve des §§ 2 et 3
ci-dessous. Dans tous les cas, M ne peut
être supérieur à cinq ans. Ces échéances
entrent
dans
les
calculs
des
pondérations de risques visés à la
section I du présent chapitre et des
montants des pertes anticipées visés au
titre VI, chapitre 7.
a) Voor
een
instrument
dat
onderworpen
is
aan
een
kasstroomschema,
wordt
M
berekend volgens de onderstaande
formule:
a) Pour un instrument soumis à un
calendrier de flux de trésorerie,
M est calculé conformément à
la formule suivante:
M
MAX 1; MIN
t * CFt /
t
b)
CFt ,5
t
M
MAX 1; MIN
t * CFt /
t
CFt ,5
t
waarbij CFt (cash flows) staat
voor de kasstromen (hoofdsom,
rentebedragen en commissies)
die de debiteur in periode t
contractueel verplicht is te
betalen;
où CFt (pour cash flows)
indique les flux de trésorerie
(principal,
intérêts
et
commissions) que le débiteur
est contractuellement tenu de
payer
durant
la
période t;
Voor afgeleide instrumenten die
onderworpen zijn aan een
kaderverrekeningsovereenkomst,
is M gelijk aan de gewogen
gemiddelde resterende looptijd
van de risicoposities, waarbij M
ten minste gelijk is aan 1 jaar.
b) Pour les instruments dérivés
faisant l’objet d’un accordcadre de compensation, M
correspond à la durée résiduelle
moyenne
pondérée
des
expositions et ne peut être
inférieur à un an. Pour pondérer
282
Voor de weging van de looptijd
wordt de notionele waarde van
elke risicopositie gebruikt;
c)
Voor risicoposities die ontstaan
ingevolge
transacties
met
betrekking tot volledig of bijna
volledig
door
zekerheden
gedekte afgeleide instrumenten
die zijn opgesomd in artikel V.5
en van volledig of bijna volledig
door
zekerheden
gedekte
margeleningstransacties
die
onderworpen zijn aan een
kaderverrekeningsovereenkomst,
is M gelijk aan de gewogen
gemiddelde resterende looptijd
van de transacties, waarbij M ten
minste gelijk is aan 10 dagen.
Voor repo's of opgenomen of
verstrekte
effectenof
grondstoffenleningen
die
onderworpen zijn aan een
kaderverrekeningsovereenkomst,
is M gelijk aan de gewogen
gemiddelde resterende looptijd
van de transacties, waarbij M ten
minste gelijk is aan 5 dagen.
Voor de weging van de looptijd
wordt de notionele waarde van
elke transactie gebruikt;
l'échéance, il est tenu compte du
montant notionnel de chaque
exposition;
c) c)
Pour
les
expositions
découlant
des
opérations
intégralement
ou
quasi
intégralement couvertes par des
sûretés qui portent sur les
instruments dérivés énumérés à
l’article V.5 et des opérations de
prêt avec appel de marge
intégralement
ou
quasi
intégralement couvertes par des
sûretés qui font l’objet d’un
accord-cadre de compensation,
M correspond à la durée
résiduelle moyenne pondérée
des transactions et ne peut être
inférieur à dix jours. Pour des
opérations de mise en pension
ou des opérations de prêt ou
d’emprunt de titres ou de
produits de base qui font l’objet
d’un
accord-cadre
de
compensation, M correspond à
la durée résiduelle moyenne
pondérée des transactions et ne
peut être inférieur à cinq jours.
Pour pondérer l'échéance, il est
tenu compte du montant
notionnel de chaque transaction
;
d)
Voor alle andere instrumenten
dan genoemd in deze § 1, of
ingeval een instelling niet in staat
is om M op de in punt a)
beschreven wijze te berekenen, is
M gelijk aan de maximale
resterende looptijd (in jaren)
waarover de debiteur beschikt
om
zijn
contractuele
verplichtingen volledig na te
komen, waarbij M niet minder
mag zijn dan één jaar;
d) Pour tout instrument autre que
ceux repris dans le présent § 1,
ou lorsqu’un établissement n’est
pas en mesure de calculer M
conformément au point a), M
est égal à la durée résiduelle
maximum (en années) dont un
débiteur
dispose
pour
s’acquitter pleinement de ses
obligations contractuelles et ne
peut être inférieur à un an;
e)
Indien een instelling gebruik
maakt
van
de
internemodellenmethode die is
beschreven in titel V, hoofdstuk
e) Lorsqu’un établissement utilise
la méthode du modèle interne
décrite au titre V, chapitre 3
pour calculer la valeur exposée
283
au risque, la valeur de M est
calculée selon la formule ciaprès pour les expositions
auxquelles ladite méthode est
appliquée et qui sont incluses
dans
un
ensemble
de
compensation où l’échéance du
contrat ayant la durée de vie la
plus longue est supérieure à un
an:
3 om de waarde van de
risicoposities te berekenen, wordt
M volgens de volgende formule
berekend voor de risicoposities
waarop zij deze methode toepast
en waarvoor de looptijd van het
langstlopende contract van het
samenstel van verrekenbare
transacties langer is dan één jaar:
tk 1 jaar
looptijd
Effectieve EE k *
M
MIN
t k * df k
k 1
EE k *
t k * df k
tk 1 jaar
tk 1 jaar
Effectieve EE k *
;5
t k * df k
k 1
tk 1an
échéance
EffectiveEEk * tk * dfk
M
MIN
k 1
EEk * tk * dfk
tk 1an
tk 1an
;5
EffectiveEEk * tk * dfk
k 1
waarbij
où
- dfk
de
risicovrije
disconteringsfactor is voor de
toekomstige periode tk ; de
andere symbolen worden
gedefinieerd in titel V,
hoofdstuk 3.
- dfk est le facteur d’actualisation
sans risque pour la période
future tk, les autres symboles
étant définis au titre V,
chapitre 3.
In afwijking van wat voorafgaat, mag een
instelling die gebruik maakt van een
intern model om een eenzijdige
unilaterale
aanpassing
van
de
kredietwaardering
(credit
valuation
adjustment - CVA) te berekenen, de met
behulp van dit model geraamde effectieve
duur van het krediet als M gebruiken,
mits de CBFA daarmee instemt.
Nonobstant ce qui précède, lorsqu’il
recourt à un modèle interne pour
calculer un ajustement unilatéral de
l’évaluation de crédit (CVA), un
établissement peut, sous réserve de
l’accord de la CBFA, prendre pour
valeur de M la duration effective du
crédit telle qu’estimée par ledit modèle.
Onder voorbehoud van onderstaande § 2
is op samenstellen van verrekenbare
transacties waarin alle overeenkomsten
een oorspronkelijke looptijd van minder
dan één jaar hebben, de formule in punt a)
van toepassing.
Sous réserve du § 2 ci-dessous, pour les
ensembles de compensation dans
lesquels tous les contrats ont une
échéance d'origine de moins d'un an, la
formule figurant au point a) s'applique.
284
Voor artikel VI.9, § 3 dat van
toepassing is op de risicoposities
die toelaatbaar zijn voor de
behandeling
met
inaanmerkingneming van de
dubbele wanbetaling, is M de
werkelijke looptijd van de
kredietprotectie, waarbij M ten
minste gelijk is aan één jaar.
f) Pour l’article VI.9, § 3,
applicable aux expositions
éligibles pour le traitement
intégrant la reconnaissance du
double défaut, M est l'échéance
effective de la protection de
crédit mais ne peut être inférieur
à un an.
§ 2. In
afwijking
van
bovenstaande § 1, a), b), c) en d), en van
artikel VI.36, §§ 1 tot 3, is M ten minste
gelijk aan één dag voor:
§ 2. Nonobstant le § 1, a), b),
c) et d) ci-dessus et nonobstant
l’article VI.36, §§ 1 à 3, M ne peut être
inférieur à un jour pour :
f)
–
de volledig of bijna volledig door
zekerheden gedekte transacties in
afgeleide instrumenten die zijn
opgesomd
in
artikel V.5;
–
les opérations, intégralement
ou
quasi
intégralement
couvertes par des sûretés, sur
les
instruments
dérivés
énumérés à l’article V.5;
–
de margelenings-transacties die
volledig of bijna volledig zijn
gedekt door zekerheden, en
–
les opérations de prêt avec
appel de marge intégralement
ou
quasi
intégralement
couvertes par des sûretés, et;
–
de retrocessie-overeenkomsten en
de transacties inzake verstrekte of
opgenomen
effectenof
grondstoffenleningen.
–
les opérations de pension et
les opérations d'emprunt ou de
prêt de titres ou de produits de
base;
De bedoelde contracten moeten evenwel
voorzien in dagelijkse margestortingen en
dagelijkse herwaardering, en bepalingen
bevatten die de prompte liquidatie van de
zekerheid of verrekening van zekerheden
mogelijk maken in geval van wanbetaling
of het uitblijven van een margestorting.
Il faut cependant que les contrats visés
prévoient des ajustements de marge
quotidiens
et
une
réévaluation
quotidienne et comprennent des clauses
permettant la liquidation ou la
compensation rapide des sûretés en cas
de défaut ou d’absence d’ajustement de
marge.
Ook voor andere door de CBFA
gespecificeerde kortlopende risicoposities
die geen deel uitmaken van de
doorlopende financiering door de
instelling van de debiteur, is M ten minste
gelijk aan één dag. In elk specifiek geval
wordt een zorgvuldig onderzoek van de
bijzondere omstandigheden verricht.
De plus, pour les autres expositions à
court terme spécifiées par la CBFA et
qui ne relèvent pas du financement
courant du débiteur par l’établissement,
M ne peut être inférieur à un jour. Les
circonstances propres à chaque cas font
l’objet d’un examen approfondi.
§ 3. DE
LOOPTIJDVERSCHILLEN
WORDEN
BEHANDELD
OVEREENKOMSTIG
DE
§ 3.
LES
D’ÉCHÉANCES
CONFORMÉMENT
ASYMÉTRIES
SONT
TRAITÉES
AUX DISPOSITIONS
285
BEPALINGEN ALS VASTGESTELD
HOOFDSTUK 8 VAN DEZE TITEL.
IN
DÉFINIES DANS LE CHAPITRE
PRÉSENT TITRE.
8
DU
Hoofdstuk 4: Berekening van het
gewogen
risicobedrag
voor
retailcliënteel
Chapitre 4: Calcul du montant du
risque pondéré pour la clientèle de
détail
Afdeling I - Methodologie
Section I – Méthodologie
A. De risicoposities op alle overige
risicoposities van de categorie
retailcliënteel
A. Les expositions sur toutes les
autres expositions de la catégorie
de la clientèle de détail
Art. VI.14
Art. VI.14
§ 1. Behoudens voorafgaande
goedkeuring van de CBFA als bedoeld in
titel IV of titel XI wordt de risicoweging
voor kredietrisico berekend op basis van
de relevante parameters, met name de
kans op wanbetaling (PD) en de verliezen
bij wanbetaling (loss given default, LGD).
Ze worden bepaald overeenkomstig de
afdelingen II en III van dit hoofdstuk en
gebruikt in de formules vermeld in dit
artikel en de artikelen VI.15 en VI.16. De
PD’s en de LGD’s mogen apart of
gezamenlijk in aanmerking worden
genomen, volgens de bepalingen van
hoofdstuk 9 van deze titel.
§ 1. Sous
réserve
de
l’approbation préalable de la CBFA
visée au titre IV ou au titre XI, les
pondérations de risques pour risque de
crédit sont calculées sur la base des
paramètres
pertinents
qui
sont
notamment la probabilité de défaut (PD)
et les pertes en cas de défaut (loss given
default, LGD). Ils sont déterminés
conformément aux sections II et III du
présent chapitre et sont entrés dans les
formules reprises dans le présent article
et dans les articles VI.15 et VI.16. Les
PDs et LGDs peuvent être considérés de
manière
distincte
ou
conjointe,
conformément à ce qui est spécifié au
chapitre 9 du présent titre.
§ 2. Onder voorbehoud van
artikel VI.15 - betreffende de formules
die moeten worden toegepast op de
risicoposities op retailcliënteel die zijn
gedekt door onroerend goed – en van
artikel VI.16 – betreffende de formules
die mogen worden toegepast op de
gekwalificeerde
revolverende
risicoposities op retailcliënteel - wordt de
risicoweging op retailcliënteel berekend
volgens de onderstaande formules:
§ 2. Sous
réserve
de
l’article VI.15 -traitant des formules à
appliquer aux expositions sur la
clientèle de détail garanties par de
l'immobilier- et de l'article VI.16 traitant des formules pouvant être
appliquées
aux
expositions
renouvelables éligibles sur la clientèle
de détail, les pondérations de risques sur
la clientèle de détail sont calculées
conformément aux formules suivantes:
Correlatie (R) =
0 . 03
1
1 EXP
1 EXP
Corrélation (R) =
35 * PD / 1 EXP
35 * PD / 1 EXP
35
35
0 . 16 * 0. 03 1 EXP 35 * PD / 1 EXP 35
1 1 EXP 35 * PD / 1 EXP 35
0 .16 *
286
Pondération de risques:
Risicoweging:
(LGD*N[(1-R) * G(PD)+(R/(1-R)) *
G(0.999)]-PD*LGD)*12.5*1.06
(LGD*N[(1-R)-0.5 * G(PD)+(R/(1-R)) 0.5 *
G(0.999)]-PD*LGD)*12.5*1.06
N(x) staat voor de cumulatieve
verdelingsfunctie
van
een
standaardnormale toevalsvariabele (d.w.z.
de kans dat een normale toevalsvariabele
met een gemiddelde van nul en een
variantie van één kleiner is dan of gelijk
aan x). G(z) staat voor de inverse
cumulatieve verdelingsfunctie (d.w.z. x
heeft een zodanige waarde dat N(x) = z).
N(x) représente la fonction de
répartition d’une variable aléatoire
suivant une loi normale centrée réduite
(c’est-à-dire exprimant la probabilité
qu’une variable aléatoire normale de
moyenne zéro et de variance un soit
inférieure ou égale à x). G(z) représente
la fonction cumulative inverse de cette
fonction de répartition (c’est-à-dire la
valeur de x telle que N(x) = z).
Voor de risicoposities met wanbetaling en
waarbij PD=1, is de risicoweging (RW)
gelijk aan: Max {0, 12.5 *(LGD-ELBE)};
Pour les expositions sur lesquelles il y a
eu défaut et où PD = 1, la pondération
de risques (RW) est égale à: Max{0,
12.5 *(LGD-ELBE)}
- waarbij ELBE de beste raming door de
instelling van het verwachte verlies is
voor de risicopositie met wanbetaling,
overeenkomstig artikel VI.91, § 8.
- Où ELBE est la meilleure estimation
établie par l'établissement de la perte
anticipée correspondant à l’exposition
pour laquelle il y a eu défaut,
conformément à l’article VI.91, § 8.
§ 3. De risicoweging voor
elke risicopositie op kleine en
middelgrote
ondernemingen,
zoals
beschreven in artikel VI.2, die voldoen
aan de voorwaarden vastgesteld in de
artikelen VI.51 en VI.55 en bijgevolg,
overeenkomstig
artikel
VI.51,
in
aanmerking komen voor de toepassing
van
de
behandeling
met
inaanmerkingneming van de dubbele
wanbetaling, mogen worden berekend
overeenkomstig artikel VI.9, § 3.
§ 3. Les pondérations de risques
pour chaque exposition sur les petites et
moyennes entreprises, telles que
définies à l’article VI.2 qui remplissent
les conditions fixées aux articles VI.51
et VI.55, et qui sont donc éligibles
conformément à l’article VI.51 pour
l’application du traitement intégrant la
reconnaissance du double défaut,
peuvent être calculées conformément à
l’article VI.9, § 3.
B. De risicoposities op retailcliënteel
die zijn gedekt door onroerend goed
B. Les expositions sur la clientèle de
détail garanties par une sûreté
immobilière.
Art. VI.15
Art. VI.15
Behoudens
voorafgaande
goedkeuring van de CBFA als bedoeld in
titel IV of titel XI zijn voor de
risicoposities op retailcliënteel die door
onroerend goed zijn gedekt, alle regels
Sous réserve de l’approbation
préalable de la CBFA visée au titre IV
ou au titre XI, pour les expositions sur
la clientèle de détail garanties par une
sûreté immobilière, toutes les règles
-0.5
0.5
287
vermeld in artikel VI.14 van toepassing.
Een correlatie (R) van 0,15 vervangt
evenwel het cijfer dat het resultaat is van
de correlatieformule vermeld in artikel
VI.14.
énoncées à l'article VI.14 s'appliquent.
Cependant une corrélation (R) de 0,15
remplace le chiffre produit par la
formule de corrélation énoncée à
l'article VI.14.
C. De gekwalificeerde revolverende
risicoposities op retailcliënteel
C. Les expositions renouvelables
éligibles sur la clientèle de détail
Art. VI.16
Art. VI.16
Behoudens
voorafgaande
goedkeuring van de CBFA als bedoeld in
titel IV of titel XI zijn voor de
gekwalificeerde
revolverende
risicoposities op retailcliënteel, alle regels
vermeld in artikel VI.14 van toepassing.
Een correlatie (R) van 0,04 vervangt
evenwel het cijfer dat het resultaat is van
de
correlatieformule
vermeld
in
artikel VI.14.
Sous réserve de l’approbation
préalable de la CBFA visée au titre IV
ou au titre XI, pour les expositions
renouvelables éligibles sur la clientèle
de détail, toutes les règles énoncées à
l'article VI.14 s'appliquent. Cependant,
une corrélation (R) de 0,04 remplace le
chiffre produit par la formule de
corrélation énoncée à l'article VI.14.
Afdeling II - Definitie van de PD
Section II – Définition de la PD
Art. VI.17
Art. VI.17
§ 1. De instellingen berekenen
hun eigen ramingen van de kans op
wanbetaling,
overeenkomstig
de
specifieke
voorwaarden
voor
risicoposities op retailcliënteel die zijn
vastgesteld in hoofdstuk 9 van deze titel,
en dit onverminderd de bepalingen van
§§ 2 tot 3 van dit artikel. Deze kansen op
wanbetaling (PD’s) worden gebruikt bij
de berekening van de risicoweging
bedoeld in afdeling I van dit hoofdstuk en
van de bedragen van de verwachte
verliezen bedoeld in titel VI, hoofdstuk 7.
§ 1. Les
établissements
fournissent leurs propres estimations de
la probabilité de défaut, conformément
aux conditions spécifiques pour les
expositions de la clientèle de détail
fixées dans le chapitre 9 du présent titre,
sous réserve des dispositions définies
aux §§ 2 à 3 du présent article. Ces
probabilités de défaut (PD) entrent dans
le calcul de la pondération de risques
visé à la section I du présent chapitre
ainsi que dans le calcul des montants
des pertes anticipées visé au titre VI,
chapitre 7.
§ 2. Voor elke risicopositie op
retailcliënteel
bedraagt
de
PD
minstens 0,03 %.
§ 2. Pour toute exposition sur
la clientèle de détail, PD est d’au moins
0,03 %.
§ 3. Voor
blijvende debiteuren of
benadering per transactie
voor de risicoposities met
de PD gelijk aan 100 %.
§ 3. Pour
les
débiteurs
défaillants, ou lorsqu'une approche par
transaction est utilisée pour les
expositions en défaut, PD est de 100 %.
in
gebreke
wanneer een
wordt gebruikt
wanbetaling, is
288
Afdeling III - Definitie van de LGD
Section III – Définition du LGD
Art. VI.18
Art. VI.18
§ 1. De instellingen berekenen
hun eigen ramingen van de verliezen bij
wanbetaling (LGD’s), overeenkomstig de
specifieke vereisten voor risicoposities op
retailcliënteel die zijn bepaald in
hoofdstuk 9 van deze titel alsook in dit
artikel. Deze LGD’s worden gebruikt bij
de berekening van de risicoweging
bedoeld in afdeling I van dit hoofdstuk en
van de bedragen van de verwachte
verliezen bedoeld in titel VI, hoofdstuk 7.
§ 1. Les
établissements
fournissent leurs propres estimations
des pertes en cas de défaut (LGDs),
conformément
aux
exigences
spécifiques pour les expositions sur la
clientèle de détail énoncées dans le
chapitre 9 du présent titre ainsi que dans
le présent article. Ces LGDs entrent
dans le calcul de la pondération de
risques visé à la section I du présent
chapitre ainsi que dans le calcul des
montants des pertes anticipées visé au
titre VI, chapitre 7.
§ 2. Ter dekking van een
gegeven risicopositie of een pool van
risicoposities mag de instelling een nietvolgestorte
kredietprotectie
in
aanmerking nemen door de PD- of LGDramingen aan te passen, waarbij de
minimumvereisten bepaald in hoofdstuk 9
van deze titel in acht moeten worden
genomen en de goedkeuring van de
CBFA is vereist. De instelling mag aan
een gegarandeerde risicopositie echter
geen zodanig aangepaste PD- of LGDwaarde toekennen dat de aangepaste
risicoweging lager zou zijn dan die van
een
vergelijkbare
rechtstreekse
risicopositie op de garantiegever.
§ 2. L'établissement peut tenir
compte d’une protection non financée
du crédit par un ajustement des
estimations de PDs ou de LGDs, sous
réserve du respect des exigences
minimales fixées au chapitre 9 du
présent titre et de l’approbation de la
CBFA, en soutien soit d'une exposition
donnée, soit d'un panier d’expositions.
Un établissement ne peut cependant
assigner à une exposition garantie une
valeur ajustée de PD ou de LGD telle
que la pondération ajustée serait
inférieure à celle applicable à une
exposition directe comparable sur le
garant.
§ 3. In afwijking van de
bovenstaande § 2 is, voor de toepassing
van artikel VI.14, § 3, de waarde van het
verlies bij wanbetaling (LGD) van een
vergelijkbare rechtstreekse risicopositie
op de protectieverschaffer gelijk aan de
LGD die samenhangt met ofwel een
ongedekte kredietlijn ten behoeve van de
garantiegever, ofwel de ongedekte
kredietlijn van de debiteur, naargelang uit
de beschikbare informatie en de structuur
van de garantie blijkt dat, indien zowel de
garantiegever als de debiteur tijdens de
looptijd van de gedekte transactie in
gebreke blijven, het teruggevorderde
§ 3 Nonobstant le § 2 cidessus, aux fins de l’article VI.14, § 3,
la valeur de perte en cas de défaut
(LGD) associée à une exposition directe
comparable sur le fournisseur de la
protection est soit celle associée à une
ligne de crédit non couverte en faveur
du garant, soit celle associée à la ligne
de crédit non couverte en faveur du
débiteur, selon qu’il ressort des
éléments d’information disponibles et
de la structure de la garantie que, en cas
de défaut conjoint du garant et du
débiteur survenant pendant la durée de
vie de la transaction couverte, le
289
bedrag afhankelijk zou zijn van de
financiële situatie van respectievelijk de
garantiegever of de debiteur.
montant recouvré dépendrait de la
situation financière du premier ou du
second, respectivement.
§ 4. Tot 31 december 2010
mag het gemiddelde gewogen bedrag van
de verliezen bij wanbetaling (LGD) die
van toepassing zijn op alle risicoposities
op retailcliënteel die zijn gedekt door
niet-zakelijk onroerend goed en die geen
garanties hebben van de centrale
overheden, niet minder bedragen dan
10 %.
§ 4. Jusqu’au
31 décembre 2010, le montant pondéré
moyen des pertes en cas de défaut
(LGD) applicable à toutes les
expositions sur la clientèle de détail
garanties par un logement et ne
bénéficiant pas de garanties des
administrations centrales ne peut être
inférieur à 10%.
Hoofdstuk 5: Berekening van de
risicoweging voor risicoposities op
aandelen
Chapitre 5: Calcul des pondérations
de risques pour les expositions sous
forme d’actions
Afdeling I – Methodologie
Section I – Méthodologie
Art. VI.19
Art. VI.19
§ 1. Behoudens voorafgaande
goedkeuring van de CBFA als bedoeld in
titel IV of titel XI wordt de risicoweging
voor kredietrisico voor de risicoposities
op aandelen berekend volgens de
bepalingen van de artikelen VI.20 tot
VI.22. In voorkomend geval worden ze
berekend op basis van de parameters PD,
LGD en M, bepaald overeenkomstig de
afdelingen II, III en IV van dit hoofdstuk.
§ 1. Sous
réserve
de
l’approbation préalable de la CBFA
visée au titre IV ou au titre XI, les
pondérations de risques pour risque de
crédit pour les expositions sous forme
d’actions sont calculées conformément
aux articles VI.20 à VI.22. Le cas
échéant, elles sont calculées sur base
des paramètres PD, LGD et M,
déterminés
conformément
aux
sections II, III et IV du présent chapitre.
§ 2. Het kan de instellingen
worden toegestaan om voor de
berekening van de risicoweging van hun
risicoposities op aandelen bepaalde van
de 3 volgende benaderingen te gebruiken:
§ 2. Les établissements peuvent
être autorisés à utiliser certaines des 3
méthodes suivantes pour calculer leurs
pondérations des risques pour leurs
expositions sous forme d’actions:
-
de eenvoudige risicogewichtenbenadering;
de PD/LGD-benadering;
de internemodellenbenadering.
De CBFA staat een instelling enkel toe
om de internemodellenbenadering te
volgen op voorwaarde dat ze voldoet aan
de minimumvereisten die zijn vastgesteld
-
la méthode de pondération
simple;
la méthode PD/LGD;
la méthode fondée sur les
modèles internes.
La CBFA n’autorise un établissement à
utiliser l’approche modèle interne, qu’à
la condition qu’il remplisse les
exigences minimales fixées à l’article
290
in artikel VI.98.
VI.98.
§ 3. Een instelling mag voor
verschillende portefeuilles verschillende
benaderingen volgen wanneer ze zelf
intern verschillende benaderingen volgt.
In dat geval moet de instelling ten
behoeve van de CBFA aantonen dat het
gaat om een consequente keuze die niet is
ingegeven
door
redenen
van
toezichtarbitrage.
§ 3. Un établissement peut
appliquer des approches différentes à
différents portefeuilles lorsqu’il utilise
lui-même des approches différentes en
interne. Dans ce cas, l’établissement
doit démontrer à la CBFA que son
choix est opéré de manière cohérente et
ne répond pas à des considérations
d'arbitrage réglementaire.
§ 4. Onverminderd
de
artikelen II.1 en II.2 en in afwijking van
§ 3 van dit artikel kan de CBFA toestaan
dat het gewogen risicovolume voor
risicoposities
op
aandelen
van
ondernemingen
die
nevendiensten
verrichten,
zoals
gedefinieerd
in
artikel I.2, wordt bepaald volgens de
benadering voor andere risicoposities dan
kredietverplichtingen.
§ 4. Sans
préjudice
de
l’article II.1 et II.2, et nonobstant le § 3
du présent article, la CBFA peut
permettre l’attribution, aux entreprises
de services auxiliaires, telles que
définies à l’article I.2, de volumes
pondérés des risques sur actions
conformément au traitement réservé aux
expositions autres que des obligations
de crédit.
Deze risicoposities moeten bovendien in
aanmerking worden genomen voor de
bepaling van de omvang van de
risicoposities op aandelen zoals bepaald
in artikel IV.8, § 1, en voor de bepaling
van de omvang van de portefeuille
waarvoor de eigenvermogensvereisten
worden
berekend
volgens
de
standaardbenadering.
Ces positions doivent en outre être
prises en considération pour la
détermination de
l’ampleur
des
expositions sous forme d’actions telle
que définie à l’article IV.8, § 1, ainsi
que pour la détermination de l’ampleur
du portefeuille pour lequel les
exigences en fonds propres sont
calculées selon l’approche standard.
ONDERAFDELING
I
–
RISICOGEWICHTENBENADERING
SOUS-SECTION
I
PONDERATION SIMPLE
EENVOUDIGE
–
METHODE
DE
Art. VI.20
Art. VI.20
§ 1. Wanneer een instelling de
eenvoudige
risicogewichtenbenadering
volgt, geldt de volgende risicoweging:
§ 1. Lorsqu’un établissement
utilise la méthode de pondération
simple des risques, les pondérations de
risques sont les suivantes:
1° 190 % voor risicoposities op aandelen
niet genoteerd op een erkende markt,
in voldoende gespreide portefeuilles;
1° 190 % pour les expositions sur
actions non cotées sur un marché
reconnu et relevant de portefeuilles
suffisamment diversifiés;
2° 290 % pour les expositions sur
actions cotées sur un marché
reconnu;
2° 290 % voor risicoposities op aandelen
genoteerd op een erkende markt;
291
3° 370 % voor overige risicoposities op
aandelen.
§ 2. Het is toegestaan om van
korte
cashposities
en
afgeleide
instrumenten
buiten
de
handelsportefeuille gebruik te maken om
lange posities op dezelfde effecten te
compenseren, mits deze instrumenten
uitdrukkelijk als dekkingsinstrumenten
van specifieke risicoposities op aandelen
worden aangemerkt en mits zij voor ten
minste nog een jaar dekking verschaffen.
Andere korte posities worden behandeld
alsof het gaat om lange posities, waarbij
op de absolute waarde van elke positie de
relevante risicoweging wordt toegepast.
Bij posities waarvan de looptijden van
elkaar verschillen, wordt de methode voor
risicoposities
op
ondernemingen
toegepast.
3° 370 % pour les autres expositions
sous forme d’actions.
§ 2. Les positions courtes de
trésorerie et les instruments dérivés ne
relevant pas du portefeuille de
négociation peuvent compenser des
positions longues portant sur les mêmes
titres, sous réserve d’avoir été
explicitement affectés à la couverture
d’expositions sous forme d’actions
spécifiques et de fournir une couverture
d’encore au moins un an. Les autres
positions courtes doivent être traitées
comme des positions longues, avec
application des pondérations pertinentes
à la valeur absolue de chaque position.
En cas d’asymétrie d’échéances, la
méthode appliquée est celle réservée
aux expositions sur les entreprises.
§ 3. Instellingen mogen een
niet-volgestorte kredietprotectie voor een
risicopositie op aandelen in aanmerking
nemen overeenkomstig het bepaalde in
hoofdstuk 8 van deze titel voor de
instellingen die de IRB toepassen maar
geen eigen ramingen berekenen van
LGD's en omrekeningsfactoren.
§ 3. Les établissements peuvent
tenir compte d’une protection non
financée du crédit obtenue pour une
exposition sous forme d’actions,
conformément à ce qui est spécifié dans
le chapitre 8 du présent titre pour les
établissements appliquant l’approche NI
mais ne fournissant pas leurs propres
estimations de LGDs et CFs.
ONDERAFDELING II – PD/LGD-BENADERING
SOUS-SECTION II – METHODE PD/LGD
Art. VI.21
Art. VI.21
§ 1. De risicoweging voor
risicoposities op aandelen volgens de
PD/LGD-benadering wordt berekend
volgens de formule in artikel VI.9, §2. De
parameters PD, LGD en looptijd worden
bepaald
overeenkomstig
titel
VI,
hoofdstuk 5, afdelingen II, III en IV.
§ 1. Les
pondérations
de
risques pour les expositions sous forme
d’actions suivant la méthode PD/LGD
sont calculées conformément à la
formule énoncée à l’art. VI.9, § 2. Les
paramètres PD, LGD et échéance sont
déterminés conformément au titre VI,
chapitre 5, sections II, III et IV.
§ 2. Indien de instelling niet
over voldoende informatie beschikt om de
definitie van wanbetaling te gebruiken,
wordt de risicoweging vermenigvuldigd
§ 2. Lorsque l’établissement
ne
dispose
pas
d’informations
suffisantes pour pouvoir utiliser la
définition du défaut, les pondérations
292
met 1,5.
des risques sont multipliées par 1,5.
§ 3. Op het niveau van de
individuele risicopositie mag de som van
het bedrag van het verwachte verlies
vermenigvuldigd met 12,5 en het
gewogen
risicovolume
van
de
risicopositie, niet hoger zijn dan de
waarde
van
de
risicopositie
vermenigvuldigd met 12,5.
§ 3. Au niveau de chaque
exposition, la somme du montant de la
perte anticipée multipliée par 12,5 et du
volume pondéré des risques de
l’exposition ne doit pas dépasser la
valeur exposée au risque multipliée par
12,5.
§ 4. De instellingen mogen een
niet-volgestorte kredietprotectie die werd
verkregen voor een risicopositie op
aandelen
in
aanmerking
nemen
overeenkomstig de benaderingen die zijn
omschreven in hoofdstuk 8 van deze titel
voor de instellingen die de IRB
‘foundation’ volgen, voor zover de LGDwaarden bepaald in artikel VI.24
ongewijzigd behouden blijven. Hiertoe
bedraagt de looptijd (M) vijf jaar.
§ 4. Les établissements peuvent
tenir compte d’une protection non
financée du crédit obtenue pour une
exposition sous forme d’actions
conformément aux méthodes exposées
au chapitre 8 du présent titre pour les
établissements adoptant une approche
NI dite ‘foundation’, sous réserve de
maintenir inchangées les valeurs de
LGDs déterminées dans l’article VI.24.
À cet effet, l’échéance (M) est de cinq
ans.
ONDERAFDELING
III
INTERNEMODELLENBENADERING
SOUS-SECTION III – METHODE FONDEE SUR
LES MODELES INTERNES
–
Art. VI. 22
Art. VI.22
§ 1. Het
gewogen
risicovolume is het potentiële verlies op
de risicoposities op aandelen van de
instelling dat is bepaald aan de hand van
interne Var-modellen (value at risk –
VaR)
met
een
eenzijdig
betrouwbaarheidsinterval van 99 % van
het verschil tussen driemaandelijkse
rendementen en een passende risicovrije
rente berekend over een lange
steekproefperiode, vermenigvuldigd met
12,5.
§ 1. Le volume pondéré des
risques correspond à la perte potentielle
afférente aux expositions sous forme
d’actions de l’établissement, telle que
calculée au moyen de modèles internes
« valeur en risque » (VaR) avec un
intervalle de confiance unilatéral de 99
% pour la différence entre, d’une part,
les rendements trimestriels et, d’autre
part, un taux sans risque approprié
calculé sur une longue périodeéchantillon, cette perte potentielle étant
ensuite multipliée par 12,5.
§ 2. Op het niveau van de
aandelenportefeuille mogen de gewogen
risicovolumes niet minder zijn dan de
som van de bij de PD/LGD-benadering
vereiste minimale gewogen risicovolumes
en de overeenkomstige verwachte
verliezen vermenigvuldigd met 12,5, en
§ 2. Au niveau du portefeuille
d’actions, les montants des expositions
pondérés ne doivent pas être inférieurs
au total des sommes des montants
minimaux des expositions pondérés
exigés en vertu de la méthode PD/LGD
et des montants de la perte anticipée
correspondante, multipliés par 12,5 et
293
berekend op basis van de in artikel VI.23,
§§ 1 en 2, genoemde PD-waarde en de
bijbehorende, in artikel VI.24, genoemde
LGD-waarden.
§ 3. Instellingen kunnen met
een niet-volgestorte kredietprotectie voor
een risicopositie op aandelen rekening
houden.
calculés sur la base des valeurs PD
visées à l’article VI.23 §§ 1 et 2, et des
valeurs LGD correspondantes visées à
l’article VI.24.
§ 3. Les établissements peuvent
tenir compte d’une protection non
financée du crédit obtenue pour une
exposition sous forme d’actions.
Afdeling II – Definitie van de PD voor
de PD/LGD-benadering
Section II – Définition de la PD pour
l’approche PD/LGD
Art. VI.23
Art. VI.23
§ 1. De PD’s worden bepaald
volgens de methoden die gelden voor
risicoposities op ondernemingen zoals
beschreven in artikel VI.11, met
uitzondering van de minimumwaarden
bepaald in § 2 van dit artikel.
§ 1. Les valeurs de PD sont
déterminées
conformément
aux
méthodes
applicables
pour
les
expositions sur les entreprises telles que
décrites à l’article VI.11, à l’exception
des valeurs minimales définies au § 2
du présent article.
§ 2. De
volgende
minimumwaarden van PD’s moeten
evenwel worden nageleefd:
§ 2. Les valeurs minimales des
PDs
suivantes
sont
cependant
appliquées:
1°
0,09 % voor risicoposities op
aandelen genoteerd op een
erkende markt, waarbij de
investering/belegging past in het
kader
van
een
duurzame
cliëntenrelatie;
1°
0,09 % pour les expositions sur
actions cotées sur un marché
reconnu,
lorsque
l’investissement s’inscrit dans le
cadre d’une relation de clientèle
à long terme;
2°
0,09 % voor risicoposities op
aandelen niet genoteerd op een
erkende markt, waarbij de
opbrengsten
van
de
investering/belegging berusten op
regelmatige
en
periodieke
kasstromen die niet samenhangen
met vermogenswinsten;
2°
0,09 % pour les expositions sur
actions non cotées sur un
marché reconnu, lorsque le
retour sur investissement est
fondé sur des flux de trésorerie
périodiques et réguliers ne
provenant pas de plus-values;
3°
0,4 % voor risicoposities op
aandelen genoteerd op een
erkende markt, met inbegrip van
andere tekortposities als bedoeld
in artikel VI.20, § 2;
3°
0,4 % pour les expositions sur
actions cotées sur un marché
reconnu, incluant les positions
courtes visées à l’article VI.20,
§ 2;
294
4°
1,25 % voor alle overige
risicoposities op aandelen, met
inbegrip van andere tekortposities
als bedoeld in artikel VI.20, § 2.
4°
1,25 % pour toutes les autres
expositions
sous
forme
d’actions, incluant les positions
courtes visées à l’article VI.20,
§ 2.
Afdeling III – Definitie van de LGD
voor de PD/LGD-benadering
Section III – Définition du LGD pour
l’approche PD/LGD
Art. VI.24
Art. VI.24
toepassing :
Les valeurs LGD suivantes sont
d’application:
1°
65 % voor risicoposities op
aandelen niet genoteerd op een
erkende markt, in voldoende
gespreide portefeuilles;
1°
2°
90 % voor overige risicoposities
op aandelen.
2°
De volgende LGD’s zijn van
65 % pour les expositions sur
actions non cotées sur un
marché reconnu relevant de
portefeuilles
suffisamment
diversifiés;
90 % pour les autres expositions
sur actions.
Afdeling IV – Definitie van de looptijd
voor de PD/LGD-benadering
Section IV – Définition de l’échéance
pour l’approche PD/LGD
Art. VI.25
Art. VI.25
Aan alle risicoposities op aandelen
wordt een vaste looptijd van 5 jaar
toegekend.
Toutes les expositions sous
forme d’actions se voient attribuer une
échéance fixe de 5 ans.
Afdeling V – Risicoposities in de vorm
van instellingen voor collectieve
belegging
Section V – Expositions sous la forme
d’investissements dans des parts
d’organismes de placement collectif
Art. VI.26
Art. VI.26
§ 1. Als risicoposities in de
vorm van een instelling voor collectieve
belegging (ICB) voldoen aan de criteria
van artikel V.16, § 13, 4° en 5°, en de
instelling op de hoogte is van alle of een
deel van de onderliggende risicoposities
van de ICB, berekent zij de gewogen
risicovolumes en de verwachte verliezen
op basis van de in deze Titel beschreven
methodes.
§ 1. Lorsque les expositions sous
la forme d’investissements dans des
parts d’organisme de placement
collectif (OPC) satisfont aux critères
fixés à l’article V.16 § 13, 4° et 5°, et
que l’établissement a connaissance de la
totalité ou d’une partie des expositions
sous-jacentes de cet OPC, il tient
directement compte de ces expositions
sous-jacentes pour calculer les montants
de ses expositions pondérés et les
montants
des
pertes
anticipées,
conformément aux méthodes décrites
295
dans le présent titre.
Paragraaf 3 is van toepassing op het deel
van de onderliggende risicoposities van
de ICB waarvan de instelling niet op de
hoogte is of redelijkerwijs niet op de
hoogte kan zijn. Paragraaf 3 is met name
van toepassing indien het voor de
instelling nodeloos omslachtig zou zijn
rekening te houden met de onderliggende
risicoposities
ten
einde
gewogen
risicovolumes en verwachte verliezen te
berekenen volgens de in deze Titel
beschreven methoden.
Le § 3 s’applique à la partie des
expositions sous-jacentes de l’OPC dont
l’établissement n’a pas connaissance ou
dont il ne peut raisonnablement pas
avoir connaissance. En particulier, le
§ 3 s’applique lorsque la prise en
compte directe des expositions sousjacentes pour calculer les montants des
expositions pondérés et les montants
des pertes anticipées, conformément
aux méthodes décrites dans le présent
titre , représenterait pour l’établissement
une contrainte excessive.
§ 2. Wanneer de instelling niet
voldoet aan de voorwaarden om de in
deze afdeling beschreven methoden voor
alle of een deel van de onderliggende
risicoposities van de ICB te mogen
gebruiken,
worden
de
gewogen
risicovolumes en de verwachte verliezen
als volgt berekend:
§ 2. Lorsque l’établissement ne
remplit pas les conditions d’utilisation
des méthodes décrites dans la présente
section pour la totalité ou une partie des
expositions sous-jacentes de l’OPC, les
montants de ses expositions pondérés et
les montants des pertes anticipées sont
calculés selon les approches suivantes :
1° voor risicoposities die behoren tot de
categorie risicoposities op aandelen, zal
de eenvoudige risicogewichtenbenadering
gehanteerd worden;
1° pour les expositions relevant de la
catégorie d’expositions sous forme
d'action, la méthode de pondération
simple sera appliquée ;
2° voor alle overige onderliggende
risicoposities zal de standaardbenadering
toegepast worden, die echter op de
volgende punten afwijkt:
2° pour toutes les autres expositions
sous-jacentes, l’approche standard sera
appliquée,
sous
réserve
des
modifications suivantes :
a) bij risicoposities waarvoor
een
bepaald
risicogewicht
voor
risicoposities zonder rating geldt of
waarvoor
de
kredietwaardigheidscategorie geldt die de
hoogste risicoweging oplevert voor een
bepaalde categorie risicoposities, wordt
het risicogewicht vermenigvuldigd met de
factor 2, maar kan dit gewicht niet meer
bedragen dan 1250 %;
a) pour les expositions qui
relèvent d’une pondération de risque
spécifique pour les expositions non
notées ou qui relèvent de l’échelon de
qualité de crédit ayant la plus haute
pondération de risque pour une
catégorie d’expositions donnée, la
pondération de risque doit être
multipliée par un facteur de 2 mais ne
peut dépasser 1250 % ;
b) bij
alle
overige
risicoposities wordt het risicogewicht
vermenigvuldigd met een factor 1,1 en
bedraagt dit gewicht ten minste 5 %.
b) pour toutes les autres
expositions, la pondération de risque
doit être multipliée par un facteur de 1,1
avec un minimum de 5 %.
296
Als de instelling niet in staat is om voor
de toepassing
van punt 1° een
onderscheid
te
maken
tussen
risicoposities in niet ter beurze
verhandelde, ter beurze verhandelde en
overige aandelen, behandelt zij de
desbetreffende
risicoposities
als
risicoposities in overige aandelen.
Wanneer
deze
risicoposities,
onverminderd artikel IV.8, § 2, e), samen
met de rechtstreekse risicoposities van de
instelling in deze categorie risicoposities,
niet omvangrijk zijn in de zin van
artikel IV.8, § 1, c), kan artikel IV.8, § 1,
worden toegepast, mits de CBFA daarmee
instemt.
Lorsque, aux fins du point 1°,
l’établissement de crédit n’est pas en
mesure d’opérer une distinction entre
les
expositions
sur
capitalinvestissement, les expositions sur
actions cotées et les expositions sur
autres actions, il traite les expositions
concernées comme des expositions sur
autres actions. Sans préjudice de
l’article IV.8, § 2, e), lorsque ces
expositions, jointes aux expositions
directes de l’établissement de crédit
dans cette catégorie d'expositions, ne
sont pas importantes au sens de
l’article IV.8 § 1, c), l'article IV.8, § 1
peut être appliqué sous réserve de
l’approbation de la CBFA.
§ 3. Wanneer de risicoposities
in de vorm van een ICB niet voldoen aan
de voorwaarden van artikel V.16, § 13, 4°
en 5°, of de instelling niet op de hoogte is
van alle onderliggende risicoposities van
de ICB, kijkt de instelling door naar de
onderliggende risicoposities en berekent
zij het gewogen risicovolume en het
bedrag van het verwachte verlies zoals
bepaald in artikel VI.20 (eenvoudige
risicogewichtenbenadering). Indien een
instelling daarbij niet in staat is om een
onderscheid te maken tussen niet op een
erkende markt genoteerde risicoposities,
op een erkende markt genoteerde
risicoposities en overige risicoposities op
aandelen, zullen de risicoposities als
overige risicoposities op aandelen worden
behandeld. Voor deze doeleinden zullen
de risicoposities niet in aandelen worden
toegewezen aan een van de hierboven
vermelde categorieën en zullen de
onbekende
risicoposities
worden
toegewezen aan overige risicoposities op
aandelen.
§ 3. Lorsque les expositions
sous la forme de parts d’OPC ne
satisfont pas aux conditions de
l’article V.16, § 13, 4° et 5°, ou lorsque
l’établissement n’a pas connaissance de
toutes les expositions sous-jacentes de
cet OPC, l’établissement contrôle les
expositions sous-jacentes et calcule le
volume de risque pondéré et le montant
de la perte anticipée comme stipulé à
l’article V.20 (méthode de pondération
simple). Si un établissement n’est pas
en mesure d’établir une distinction entre
les expositions sur actions non cotées
sur un marché reconnu, les expositions
sur actions cotées sur un marché
reconnu et les autres expositions sous
forme d’actions les expositions seront
traitées comme les autres expositions
sous forme d’actions. A ces fins, les
expositions ne portant pas sur des
actions seront classées dans l’une des
catégories susmentionnées et les
expositions non connues seront classées
dans les autres expositions sous forme
d’actions.
Als alternatief voor de in het
eerste lid beschreven methode kunnen
instellingen aan een derde opdracht geven
de gemiddelde gewogen risicovolumes op
basis van de onderliggende risicoposities
En lieu et place de la méthode
décrite au premier alinéa, les
établissements peuvent calculer euxmêmes ou charger une tierce partie de
calculer, sur la base des expositions
297
van de ICB te berekenen en hen van de
resultaten op de hoogte te brengen, of zij
kunnen deze posten zelf berekenen. Wel
moet voldoende gewaarborgd zijn dat de
berekening en de rapportage volgens de
regels
plaatsvinden.
Voor
de
berekeningen worden de in § 2, punten 1°
en 2°, genoemde benaderingen gevolgd.
sous-jacentes
de
l’OPC
et
conformément aux approches visées au
paragraphe 2, points 1° et 2°, les
montants
moyens pondérés des
expositions et de les déclarer, à
condition que l’exactitude de ce calcul
et de cette déclaration soit assurée de
manière adéquate.
Hoofdstuk 6: Berekening
van
de
risicoweging voor risicoposities die zijn
onderworpen
aan
een
speciale
behandeling: Andere risicoposities dan
kredietverplichtingen,
gekochte
kortlopende
vorderingen,
gespecialiseerde financiering en leasing.
Chapitre 6: Calcul des pondérations
de
risques
pour
les
expositions soumises
à
un
traitement
particulier:
Les expositions autres que des
obligations de crédit, les
créances
achetées, le financement spécialisé et
le leasing.
Afdeling I – Berekening van de
risicoweging voor andere risicoposities
dan kredietverplichtingen
Section I – Calcul des pondérations
de risques pour les expositions autres
que des obligations de crédit
Art. VI.27
Art. VI.27
De
risicoweging
voor
kredietrisico voor andere risicoposities
dan
kredietverplichtingen,
bedraagt
100 %, onverminderd artikel VI.39, § 3.
La pondération de risques pour
risque de crédit pour les expositions
autres que des obligations de crédit est
de
100%,
sans
préjudice
de
l’article VI.39, § 3.
Afdeling II – Berekening van de
risicoweging
voor
gekochte
kortlopende vorderingen
Section II – Calcul des pondérations
de risques pour les créances achetées
ONDERAFDELING I – DEFINITIE EN INDELING
VAN DE VORDERINGEN BIJ DE CATEGORIE
RISICOPOSITIES OP ONDERNEMINGEN OF OP
RETAILCLIËNTEEL EN METHODOLOGIE
SOUS-SECTION I – DEFINITION, CLASSEMENT
DES
CREANCES
DANS
LA
CATEGORIE
D’EXPOSITIONS DES ENTREPRISES OU DE LA
CLIENTELE DE DETAIL ET METHODOLOGIE
A. Definitie en algemene principes
A. Définition et principes généraux
Art. VI.28
Art. VI.28
§ 1. Binnen de risicoposities
op ondernemingen en op retailcliënteel
onderscheiden de instellingen de gekochte
kortlopende vorderingen van de overige
vorderingen. Onverminderd § 2 zijn de
bepalingen van deze afdeling van
§ 1. Au sein des expositions
sur les entreprises et la clientèle de
détail, les établissements distinguent les
créances achetées des autres créances.
Les dispositions de la présente section
298
toepassing op de gekochte kortlopende
vorderingen.
Voor
hun
gekochte
kortlopende
vorderingen
op
ondernemingen en op retailcliënteel
moeten de instellingen voldoen aan de
minimumvereisten die zijn vastgesteld in
artikel VI.99.
s’appliquent aux créances achetées sans
préjudice du § 2. Pour leurs créances
achetées sur des entreprises ainsi que
sur de la clientèle de détail, les
établissements doivent satisfaire aux
exigences
minimales
fixées
à
l’article VI.99.
§ 2. Wanneer de instellingen
voor het wanbetalingsrisico en het
verwateringsrisico
verhaal
kunnen
uitoefenen op de verkoper van de
gekochte
kortlopende
vorderingen,
kunnen ze de bepalingen van deze
afdeling en de verwante bepalingen
vermeld in titel VI, hoofdstuk 7 niet
toepassen voor hun gekochte kortlopende
vorderingen. De risicopositie kan in de
plaats daarvan worden behandeld als een
risicopositie op de verkoper van de
vorderingen waarbij de risicopositie
gedekt is door een zekerheid.
§ 2.
Les établissements sont
autorisés, lorsqu’ils ont pleinement
recours au vendeur des créances
achetées pour ce qui est du risque de
défaut et du risque de dilution, à ne pas
appliquer les dispositions de la présente
section ainsi que celles afférentes
mentionnées au titre VI, chapitre 7,
pour
leurs
créances
achetées.
L’exposition peut, en lieu et place, être
traitée comme une exposition sur le
vendeur des créances couverte par une
sûreté.
§ 3. Voor de berekening van
de risicoweging van de gekochte
kortlopende vorderingen dienen de
instellingen de berekende risicoweging
voor kredietrisico en verwateringsrisico,
zoals respectievelijk gedefinieerd in de
artikelen VI.29 en VI.30, te sommeren.
§ 3. Pour
le
calcul
des
pondérations de risques des créances
achetées, les établissements doivent
sommer les pondérations de risques
calculées pour le risque de crédit et pour
le risque de dilution, telles que définies
respectivement aux articles VI.29 et
VI.30.
§ 4. Behoudens voorafgaande
goedkeuring van de CBFA als bedoeld in
titel IV of titel XI kunnen de instellingen
die ten behoeve van de CBFA kunnen
aantonen dat het verwateringsrisico
verwaarloosbaar is, toestemming krijgen
om er geen rekening mee te houden.
§ 4. Sous
réserve
de
l’approbation préalable de la CBFA
visée
au
titre
IV
ou
au
titre XI, lorsqu’ils peuvent démontrer à
la CBFA que le risque de dilution est
négligeable, les établissements peuvent
être autorisés à ne pas en tenir compte.
§ 5. Bij gekochte kortlopende
vorderingen, kunnen het restitueerbare
disagio op aankopen, de zakelijke
zekerheden en de gedeeltelijke garanties
die protectie voor het eerste verlies bieden
bij verliezen in geval van wanbetaling
(LGD’s), bij verwateringsverliezen of bij
beide, in het IRB-effectiseringskader als
eerste-verliesposities worden behandeld.
§ 5. Dans le cas des créances
achetées, les escomptes d’achats
remboursables, les sûretés réelles et les
garanties partielles qui fournissent une
protection «première perte» pour les
pertes en cas de défaut (LGDs), les
pertes en cas de dilution ou les deux
peuvent être traités comme des
positions de première perte en vertu du
299
dispositif NI applicable aux titrisations.
B. Risicoweging voor het kredietrisico
B. Pondération de risques pour le
risque de crédit.
Art. VI.29
Art. VI.29
§ 1. Behoudens
voorafgaande
goedkeuring van de CBFA als bedoeld in
titel IV of titel XI wordt de risicoweging
voor
kredietrisico,
waarvan
de
berekeningsformules zijn vermeld in
onderstaande § 2, berekend op basis van
de relevante parameters voor de
betrokken risicoposities, wanneer het de
instellingen niet is toegestaan om de
bepalingen van artikel VI.28, §§ 2 en 5
toe te passen of wanneer ze die niet
toepassen. Deze parameters zijn met
name de kans op wanbetaling (PD), de
verliezen bij wanbetaling (loss given
default, LGD’s), en, uitsluitend voor de
risicoposities op ondernemingen, de
looptijd (maturity, M). Ze worden
bepaald
overeenkomstig
de
onderafdelingen II tot IV van deze
afdeling. PD’s en LGD’s mogen apart of
gezamenlijk in aanmerking worden
genomen,
overeenkomstig
de
onderafdelingen II en III van deze
afdeling.
§ 1. Sous
réserve
de
l’approbation
préalable
de
la
Commission visée au titre IV ou au
titre XI, lorsque les établissements ne
sont pas autorisés à appliquer ou
n’appliquent pas les dispositions
prévues à l’article VI.28, §§ 2 et 5, les
pondérations de risques pour risque de
crédit, dont les formules de calcul sont
spécifiées au § 2 ci-dessous, sont
calculées sur la base des paramètres
pertinents associés aux expositions
concernées. Ces paramètres sont
notamment la probabilité de défaut
(PD), les pertes en cas de défaut (loss
given default, LGDs), et, pour les
expositions
sur
les
entreprises
uniquement, l’échéance (maturity, M).
Ils sont déterminés conformément aux
sous-sections II à IV de la présente
section. PDs et LGDs peuvent être
considérées de manière distincte ou
conjointe, conformément aux soussections II et III de la présente section.
§ 2. De instelling past voor de
berekening van de risicoweging voor
kredietrisico, volgens de regels bepaald in
titel VI, hoofdstukken 3 en 4,
afdelingen I, de berekeningsformule voor
de risicoweging toe die wordt gehanteerd
voor de subcategorie waarin de gekochte
kortlopende vorderingen of de hybride
pools
van
gekochte
kortlopende
vorderingen werden ingedeeld.
§ 2. Pour le calcul de la
pondération de risques pour le risque de
crédit, l’établissement applique, selon
les règles définies au titre VI, chapitres
3 et 4, sections I, la formule de calcul
des pondérations de risques appliquée à
la sous-catégorie dans laquelle les
créances achetées ou les pools hybrides
de créances achetées ont été classés.
Bij hybride pools van gekochte
kortlopende vorderingen op retailcliënteel
waarbij de kopende instelling door
onroerend goed gedekte vorderingen en
gekwalificeerde
revolverende
risicoposities op retailcliënteel niet kan
Ainsi, dans le cas de paniers hybrides
de créances achetées sur la clientèle de
détail, lorsque l'établissement acquéreur
ne peut distinguer les expositions
garanties par un bien immobilier et les
expositions renouvelables éligibles sur
300
onderscheiden van andere vorderingen op
retailcliënteel,
is
dus
de
risicowegingsfunctie die de hoogste
eigenvermogensvereisten
voor
deze
vorderingen oplevert, van toepassing.
la clientèle de détail des autres
expositions sur la clientèle de détail,
c'est la fonction de pondération des
risques sur la clientèle de détail
produisant les exigences de fonds
propres les plus élevées pour ce type
d'expositions qui s'applique.
C. Risicoweging
verwateringsrisico
C. Pondération de risques pour le
risque de dilution.
voor
het
Art. VI.30
Art. VI.30
Voor de berekening van de
risicoweging voor het verwateringsrisico
past de instelling de berekeningsformule
van de risicoweging toe die is bepaald in
artikel VI.9, § 2. De inputparameters zijn
de kans op wanbetaling (PD) en de
verliezen bij wanbetaling (loss given
default, LGD) die worden bepaald
overeenkomstig de onderafdelingen II en
III
van
deze
afdeling.
De
risicopositiewaarde wordt vastgesteld
volgens de bepalingen van artikel VI.4, §
4 en de looptijd, bepaald overeenkomstig
de bepalingen van artikel VI.36, § 4,
wordt vastgesteld op 1 jaar.
Pour le calcul de la pondération
de risques pour le risque de dilution,
l’établissement applique la formule de
calcul des pondérations de risques
reprise à l’article VI.9, § 2. Les
paramètres d’entrée sont la probabilité
de défaut (PD) et les pertes en cas de
défaut (LGD) qui sont déterminés
conformément aux dispositions des
sous-sections II et III de la présente
section. La valeur exposée au risque est
déterminée selon les dispositions de
l’article VI.4, § 4, et l’échéance,
déterminée conformément
aux
dispositions de l’article VI.36, § 4, est
fixée à 1 an.
D. Voorwaarden voor het gebruik van
de vereisten voor de kwantificering
van de risico’s van toepassing op de
risicoposities op retailcliënteel.
D. Conditions à l’utilisation des
exigences de quantification des
risques
applicables
aux
expositions sur la clientèle de
détail.
Art. VI.31
Art. VI.31
§ 1. Voor
de
gekochte
kortlopende
vorderingen
op
ondernemingen die aan de in § 2 van dit
artikel vastgestelde voorwaarden voldoen,
mogen
de
vereisten
voor
risicokwantificering als vermeld in
hoofdstuk 9 van deze titel voor de
risicoposities op retailcliënteel en in de
onderafdelingen III en IV van deze
afdeling, worden toegepast mits de
instelling aan de CBFA kan aantonen dat
het voor haar te belastend zou zijn om de
vereisten voor risicokwantificering als
§ 1. Pour les créances achetées
sur des entreprises qui satisfont aux
conditions énoncées dans le § 2 du
présent article, les exigences de
quantification des risques prévues au
chapitre 9 du présent titre pour les
expositions sur la clientèle de détail et
dans les sous-sections III et IV de la
présente
section,
peuvent
être
appliquées si l’établissement peut
convaincre la CBFA que l'application
des exigences de quantification des
risques prévues au chapitre 9 du présent
301
vermeld in hoofdstuk 9 van deze titel
voor de risicoposities op ondernemingen
toe te passen.
titre pour les expositions sur les
entreprises représentent une contrainte
excessive pour l'établissement.
§ 2. Om in aanmerking te
komen voor een behandeling die is
voorbehouden voor de risicoposities op
retailcliënteel, moeten de gekochte
kortlopende vorderingen voldoen aan de
voorwaarden vastgesteld in artikel VI.99
en aan de volgende voorwaarden:
§ 2. Pour pouvoir bénéficier du
traitement réservé aux expositions sur la
clientèle de détail, les créances achetées
doivent satisfaire aux conditions fixées
à l’article VI.99 ainsi qu’aux conditions
suivantes:
a)
de instelling heeft de vorderingen
gekocht van niet-verbonden,
derde
verkopers
en
haar
risicoposities op de debiteuren
van deze vorderingen omvatten
geen
risicoposities
die
rechtstreeks of onrechtstreeks
hun oorsprong vinden bij de
instelling zelf;
a)
l’établissement a acheté les
créances à des tiers n’ayant
aucun lien avec lui, et ses
expositions sur les débiteurs de
ces
créances
sont
indépendantes
de
toute
exposition
dont
il
est
directement ou indirectement à
l’origine;
b)
de
gekochte
kortlopende
vorderingen
zijn
op
marktconforme wijze tot stand
gekomen tussen de verkoper en
de debiteur. Vorderingen tussen
ondernemingen en vorderingen
opgenomen in tegenrekeningen
tussen ondernemingen die van
elkaar kopen en aan elkaar
verkopen, komen als zodanig
niet in aanmerking;
b)
les créances achetées sont nées
dans des conditions de pleine
concurrence entre vendeur et
débiteur. En tant que telles, les
créances interentreprises et
celles faisant l’objet d’un
compte correspondant entre
entreprises qui achètent et qui
vendent entre elles sont
inéligibles;
c)
de kopende instelling heeft een
vordering op alle opbrengsten
van de gekochte kortlopende
vorderingen of een evenredig
belang in deze opbrengsten;
c)
l’établissement
acquéreur
détient une créance sur
l’ensemble
des
revenus
générés par les créances
achetées ou une participation
proportionnelle à ces revenus;
d)
de
portefeuille
gekochte
kortlopende
vorderingen
is
voldoende gediversifieerd.
d)
le portefeuille de créances
achetées est suffisamment
diversifié.
ONDERAFDELING II - DEFINITIE VAN DE PD
SOUS-SECTION II – DEFINITION DE LA PD
A. De
gekochte
kortlopende
vorderingen die behoren tot de
categorie
risicoposities
op
ondernemingen
A. Les
créances
achetées
appartenant à la catégorie des
expositions sur les entreprises.
302
Art. VI.32
Art. VI.32
§ 1. Ingeval de gekochte
kortlopende vorderingen behoren tot de
categorie
risicoposities
op
ondernemingen, berekent een instelling,
indien zij kan aantonen dat haar PDramingen voldoen aan de in hoofdstuk 9
van
deze
titel
vastgestelde
minimumvereisten, haar eigen PDramingen overeenkomstig de bepalingen
van artikel VI.11, §§2 tot 4 en in
voorkomend geval van artikel VI.12, § 3,
onverminderd, in voorkomend geval, de
mogelijkheid vervat in artikel VI.31 en de
bepalingen vastgesteld in dit artikel.
§ 1. Dans le cas de créances
achetées appartenant à la catégorie des
expositions sur des entreprises,
lorsqu’un établissement peut démontrer
que ses estimations de PD satisfont aux
exigences minimales fixées au chapitre
9 du présent titre, il fournit ses propres
estimations de la probabilité de défaut
conformément à l’article VI.11, §§ 2 à
4 et, le cas échéant à l’article VI.12, § 3,
sans préjudice, le cas échéant, de la
possibilité prévue à l’article VI.31 et
des dispositions définies dans le présent
article.
§ 2. Indien een instelling niet
kan aantonen dat haar PD-ramingen
voldoen aan de in hoofdstuk 9 van deze
titel vastgestelde minimumvereisten,
bepaalt ze de PD-waarde van de gekochte
kortlopende vorderingen volgens de
onderstaande benaderingen:
§ 2. Lorsqu’un établissement
ne peut démontrer que ses estimations
de PDs satisfont aux exigences
minimales fixées au chapitre 9 du
présent titre, il détermine la valeur de
PD inhérente aux créances achetées
conformément aux méthodes suivantes:
-
voor
niet-achtergestelde
vorderingen is de PD gelijk
aan de verwachte verliezen
(EL) die de instelling heeft
geraamd volgens de regels
vermeld in hoofdstuk 9 van
deze titel, gedeeld door de
verliezen bij wanbetaling
(LGD’s);
-
pour
les
créances
prioritaires, PD correspond à
l’estimation
des
pertes
anticipées (EL) établie par
l’établissement selon les
règles énoncées au chapitre
9 du présent titre, divisée par
les pertes en cas de défaut
(LGDs);
-
voor
achtergestelde
vorderingen is de PD gelijk
aan de EL die de instelling
heeft geraamd volgens de
regels vermeld in hoofdstuk 9
van deze titel;
-
pour
les
créances
subordonnées,
PD
correspond à l’estimation de
EL
établie
par
l’établissement selon les
règles énoncées au chapitre
9 du présent titre;
-
indien het een instelling is
toegestaan om eigen LGDramingen voor risicoposities
op ondernemingen te hanteren
en indien zij voor de gekochte
kortlopende vorderingen op
ondernemingen haar ELramingen die zij heeft bepaald
volgens de regels vermeld in
-
lorsqu’un établissement est
autorisé à utiliser ses propres
estimations de LGD pour les
expositions
sur
les
entreprises et que, pour les
créances achetées sur des
entreprises,
il
peut
décomposer de manière
fiable ses estimations de EL,
303
hoofdstuk 9 van deze titel, op
betrouwbare
wijze
kan
ontbinden in PD’s en LGD’s,
mag de PD-raming worden
gebruikt.
établies en accord avec les
règles énoncées au chapitre
9 du présent titre, en PDs et
LGDs, il peut alors utiliser
son estimation de PD.
§ 3. In afwijking van §§ 1 en
2 van dit artikel, kan de CBFA voor het
verwateringsrisico, met het oog op de
inaanmerkingneming in de PD-parameter
van een niet-volgestorte kredietprotectie
volgens de bepalingen van hoofdstuk 8
van deze titel, voor de instellingen die een
IRB volgen maar geen eigen ramingen
van LGD’s en omrekeningsfactoren
verstrekken andere verschaffers van nietvolgestorte protectie erkennen dan deze
die zijn toegestaan voor deze instellingen.
§ 3. Nonobstant les §§ 1 et 2
du présent article, pour le risque de
dilution, aux fins de la prise en compte
dans le paramètre PD d’une protection
non financée du crédit conformément
aux dispositions définies au chapitre 8
du présent titre pour les établissements
adoptant une approche NI mais ne
fournissant
pas
leurs
propres
estimations de LGDs et CFs, la CBFA
peut reconnaître comme éligibles des
fournisseurs d'une protection non
financée autres que ceux autorisés pour
ces établissements.
§ 4. Voor
het
verwateringsrisico
van
gekochte
kortlopende
vorderingen
op
ondernemingen is de PD gelijk aan de
geraamde EL voor het verwateringsrisico.
§ 4. Pour le risque de dilution
inhérent aux créances achetées sur des
entreprises, PD est égale à l’estimation
de EL pour risque de dilution.
Indien het een instelling is toegestaan om
eigen LGD-ramingen voor risicoposities
op ondernemingen te hanteren, en indien
zij voor de gekochte kortlopende
vorderingen op ondernemingen haar ELramingen voor het verwateringsrisico op
betrouwbare wijze kan ontbinden in PD’s
en LGD’s, mag de PD-raming worden
gebruikt. Bij de berekening van de PD
mogen de instellingen de niet-volgestorte
kredietprotectie
overeenkomstig
de
bepalingen van titel VI, hoofdstuk 8 in
aanmerking nemen, wanneer ze een IRB
volgen maar geen eigen ramingen van
LGD’s
en
omrekeningsfactoren
verstrekken. De CBFA kan evenwel
andere verschaffers van niet-volgestorte
protectie erkennen dan deze die zijn
toegestaan voor deze instellingen. Indien
het een instelling is toegestaan om eigen
LGD-ramingen
voor
het
verwateringsrisico te hanteren voor
gekochte kortlopende vorderingen op
ondernemingen, mag ze de nietvolgestorte protectie in aanmerking
Lorsqu’un établissement est autorisé à
utiliser ses propres estimations de LGDs
pour les expositions sur les entreprises
et que, pour les créances achetées sur
des entreprises, il peut décomposer de
manière fiable ses estimations de ELs
pour risque de dilution en PDs et LGDs,
il peut utiliser son estimation de PD.
Dans le calcul de la PD, les
établissements peuvent tenir compte de
la protection non financée du crédit,
conformément aux dispositions définies
au titre VI, chapitre 8, pour les
établissements adoptant une approche
NI mais ne fournissant pas leurs propres
estimations de LGDs et CFs. La CBFA
peut cependant reconnaître comme
éligibles des
fournisseurs d'une
protection non financée autres que ceux
autorisés pour ces établissements.
Lorsqu'un établissement est autorisé à
utiliser ses propres estimations de LGDs
pour le risque de dilution des créances
achetées sur des entreprises, il peut tenir
304
nemen door haar PD’s aan te passen
volgens de bepalingen van artikel VI.12,
§ 4.
compte de la protection non financée en
ajustant ses PD conformément aux
dispositions de l’article VI.12, § 4.
§ 5. De
aldus
geraamde
kansen op wanbetaling (PD’s) worden
gebruikt bij de berekening van de
risicoweging voor de krediet- en
verwateringsrisico’s
bedoeld
in
onderafdeling I van deze afdeling en van
de bedragen van de verwachte verliezen
bedoeld in titel VI, hoofdstuk 7.
§ 5. Les probabilités de défaut
(PD) ainsi estimées entrent dans les
calculs des pondérations de risques pour
les risques de crédit et de dilution visés
à la sous-section I de la présente section
et des montants des pertes anticipées
visés au titre VI, chapitre 7.
B. De
gekochte
kortlopende
vorderingen die behoren tot de
categorie
risicoposities
op
retailcliënteel
B. Les
créances
achetées
appartenant à la catégorie des
expositions sur la clientèle de
détail
Art. VI.33
Art. VI.33
§ 1. De instelling berekent
haar eigen PD-ramingen volgens de
voorwaarden vastgesteld in artikel VI.17,
§§ 1 tot 3, en, in voorkomend geval, in
artikel VI.18, § 2, onverminderd de
bepalingen gedefinieerd in dit artikel.
§ 1. L’établissement fournit ses
propres estimations de la probabilité de
défaut, conformément aux conditions
fixées à l’article VI.17, §§ 1 à 3 et, le
cas échéant, à l’article VI. 18, § 2, sans
préjudice des dispositions définies dans
le présent article.
§ 2. Voor
het
verwateringsrisico van de gekochte
kortlopende vorderingen is de PD gelijk
aan de geraamde EL voor het
verwateringsrisico.
Wanneer
een
instelling voor gekochte kortlopende
vorderingen haar EL-ramingen voor het
verwateringsrisico op betrouwbare wijze
kan ontbinden in PD’s en LGD’s, mag de
PD-raming worden gebruikt.
§ 2. Pour le risque de dilution
inhérent aux créances achetées, PD est
égale aux estimations de EL pour risque
de dilution. Lorsque, pour les créances
achetées, un établissement peut
décomposer de manière fiable ses
estimations de ELs pour risque de
dilution en PDs et LGDs, il peut utiliser
son estimation de PD.
§ 3. Wanneer de instellingen
voor het verwateringsrisico, voor de
aanpassing van de PD om de nietvolgestorte
kredietprotectie
in
aanmerking te nemen, geen eigen LGDramingen gebruiken, volgen ze de regels
van titel VI, hoofdstuk 8 voor de
instellingen die een IRB ‘foundation’
volgen; hiertoe kan de CBFA andere
verschaffers van niet-volgestorte protectie
§ 3. Pour le risque de dilution,
aux fins de l’ajustement de la PD pour
la prise en compte de protections non
financées du crédit, lorsque les
établissements n'utilisent pas leurs
propres estimations de LGDs, ils se
conforment aux règles indiquées au
titre VI,
chapitre 8
pour
les
établissements adoptant une approche
NI dite ‘foundation’; à cette fin, la
CBFA peut reconnaître comme éligibles
305
erkennen dan deze die zijn toegestaan
voor deze instellingen.
§4. Deze
kansen
op
wanbetaling (PD’s) worden gebruikt bij
de berekening van de risicoweging voor
de krediet- en verwateringsrisico’s
bedoeld in onderafdeling I van deze
afdeling en van de bedragen van de
verwachte verliezen bedoeld in titel VI,
hoofdstuk 7.
des fournisseurs d'une protection non
financée autres que ceux autorisés pour
ces établissements.
§ 4. Ces probabilités de défaut
(PD) entrent dans les calculs des
pondérations de risques pour les risques
de crédit et de dilution visés à la soussection I de la présente section et des
montants des pertes anticipées visés au
titre VI, chapitre 7.
ONDERAFDELING III - DEFINITIE VAN DE LGD
SOUS-SECTION III – DEFINITION DU LGD
A. De
gekochte
kortlopende
vorderingen die behoren tot de
categorie
risicoposities
op
ondernemingen
A. Les
créances
achetées
appartenant à la catégorie des
expositions sur les entreprises
Art. VI.34
Art. VI.34
§ 1. Wanneer een instelling
bij gekochte kortlopende vorderingen op
ondernemingen kan aantonen dat haar
PD-ramingen voldoen aan de in
hoofdstuk 9 van deze titel vastgestelde
minimumvereisten, past ze de waarden
van de verliezen bij wanbetaling (LGD’s)
toe die zijn vastgesteld in artikel VI.12,
§ 2.
§ 1. Dans le cas de créances
achetées sur des entreprises, lorsqu’un
établissement peut démontrer que ses
estimations de PD satisfont aux
exigences minimales fixées au chapitre
9 du présent titre, il applique les valeurs
des pertes en cas de défaut (LGDs)
prévues à l’article VI.12, § 2.
Wanneer een instelling niet kan aantonen
dat haar PD-ramingen voldoen aan de in
hoofdstuk 9 van deze titel vastgestelde
minimumvereisten, gebruikt ze de
volgende LGD-waarden:
Lorsqu’un établissement ne peut
démontrer que ses estimations de PD
satisfont aux exigences minimales
fixées au chapitre 9 du présent titre, il
utilise les valeurs de LGDs suivantes:
-
voor
niet-achtergestelde
gekochte
kortlopende
vorderingen
op
ondernemingen: 45 %;
-
pour les créances non
subordonnées, achetées sur
des entreprises: 45 %;
-
voor achtergestelde gekochte
kortlopende vorderingen op
ondernemingen: 100 %;
-
pour
les
créances
subordonnées achetées sur
des entreprises: 100%;
Voor het verwateringsrisico van de
gekochte kortlopende vorderingen past ze
bovendien een LGD toe van 75 %.
En outre, pour le risque de dilution
inhérent aux créances achetées, il
applique un LGD de 75%.
306
§ 2. Indien het een instelling,
niettegenstaande de eerste paragraaf, is
toegestaan om voor het verwaterings- en
wanbetalingsrisico eigen LGD-ramingen
voor risicoposities op ondernemingen te
hanteren, en indien zij voor de gekochte
kortlopende
vorderingen
op
ondernemingen, behoudens goedkeuring
als bedoeld in artikel VI.31, haar ELramingen op betrouwbare wijze kan
ontbinden in PD’s en LGD’s, mag zij
haar LGD-ramingen gebruiken voor deze
gekochte kortlopende vorderingen.
§ 2. Nonobstant le § 1, lorsque
pour les risques de dilution et de défaut,
un établissement est autorisé à utiliser
ses propres estimations de LGDs pour
les expositions sur les entreprises et
que, pour les créances achetées sur des
entreprises,
sous
réserve
de
l’approbation visée à l’article VI.31, il
peut décomposer de manière fiable ses
estimations de ELs en PDs et LGDs, il
peut utiliser son estimation de LGD
pour ces créances achetées.
§ 3. Deze waarden van de
verliezen bij wanbetaling (LGD’s)
worden gebruikt bij de berekening van de
gewogen risicovolumes voor krediet- en
verwateringsrisico’s
bedoeld
in
onderafdeling I van deze afdeling en van
de bedragen van de verwachte verliezen
bedoeld in titel VI, hoofdstuk 7.
§ 3. Ces valeurs des pertes en
cas de défaut (LGDs) entrent dans les
calculs des volumes pondérés des
risques pour les risques de crédit et de
dilution visés à la sous-section I de la
présente section et des montants des
pertes anticipées visés au titre VI,
chapitre 7.
B. De gekochte vorderingen die
behoren
tot
de
categorie
risicoposities op retailcliënteel
B. Les
créances
achetées
appartenant à la catégorie des
expositions sur la clientèle de
détail
Art. VI.35
Art. VI.35
Bij
gekochte
kortlopende
vorderingen op retailcliënteel berekent
een instelling de ramingen van de
verliezen bij wanbetaling (LGD’s)
overeenkomstig artikel VI.18. Voor het
verwateringsrisico van de gekochte
kortlopende vorderingen past ze evenwel
een LGD toe van 75 %. Wanneer een
instelling voor gekochte kortlopende
vorderingen haar EL-ramingen voor het
verwateringsrisico op betrouwbare wijze
kan ontbinden in PD’s en LGD’s, mag zij
haar LGD-raming gebruiken.
Dans le cas de créances achetées
sur la clientèle de détail, un
établissement fournit ses estimations de
pertes en cas de défaut (LGDs)
conformément à l’article VI.18.
Toutefois, pour le risque de dilution
inhérent aux créances achetées, il
applique un LGD de 75%. Lorsque pour
les créances achetées, un établissement
peut décomposer de manière fiable ses
estimations de EL pour risque de
dilution en PDs et LGDs, il peut utiliser
son estimation de LGD.
ONDERAFDELING IV – BEPALING VAN DE
LOOPTIJD VOOR DE GEKOCHTE KORTLOPENDE
VORDERINGEN DIE BEHOREN TOT DE CATEGORIE
RISICOPOSITIES OP ONDERNEMINGEN
SOUS-SECTION IV – DEFINITION DE
L’ECHEANCE POUR LES CREANCES ACHETEES
APPARTENANT
A
LA
CATEGORIE
DES
EXPOSITIONS SUR LES ENTREPRISES
307
Art. VI.36
Art. VI.36
§ 1. Indien een instelling voor
gekochte kortlopende vorderingen op
ondernemingen eigen PD-ramingen mag
gebruiken, is voor opgenomen bedragen
M gelijk aan de gewogen gemiddelde
looptijd van de gekochte kortlopende
vorderingen, waarbij M ten minste gelijk
is aan 90 dagen.
§ 1. Lorsqu’un établissement
est autorisé à utiliser ses propres
estimations de PD pour des créances
achetées sur des entreprises, dans le cas
des montants utilisés, M est égal à
l’échéance moyenne pondérée de ces
créances et ne peut être inférieur à 90
jours.
§ 2. Deze zelfde waarde van
M wordt ook gebruikt voor nietopgenomen bedragen in het kader van een
gecommitteerde koopfaciliteit mits de
koopovereenkomst effectieve bedingen,
vervroegde-aflossingsbepalingen
of
andere kenmerken omvat die de kopende
instelling bescherming bieden tegen een
significante verslechtering van de
kwaliteit van de toekomstige kortlopende
vorderingen die zij gedurende de looptijd
van de faciliteit verplicht is te kopen.
§ 2. La même valeur de M est
également appliquée à la part non
utilisée d’une facilité d’achat garantie,
sous réserve que cette facilité d’achat
prévoie des engagements effectifs, des
seuils
déclencheurs
d’un
remboursement anticipé ou d’autres
dispositifs
visant
à
protéger
l’établissement acquéreur contre une
détérioration significative de la qualité
des créances qu’il sera tenu d'acheter
pendant la durée de la facilité.
§ 3. Bij
gebreke
van
dergelijke
effectieve
beschermingsmiddelen wordt M voor
niet-opgenomen bedragen berekend als de
som van de langstlopende kortlopende
potentiële vordering in het kader van de
koopovereenkomst en de resterende
looptijd van de koopfaciliteit, waarbij M
ten minste gelijk is aan 90 dagen.
§ 3. En l’absence de telles
protections efficaces, la valeur de M
applicable aux montants non utilisés est
égale à la somme de la créance
potentielle ayant la plus longue
échéance en vertu du contrat d’achat et
de la durée résiduelle de la facilité
d'achat et ne peut être inférieur à 90
jours.
§ 4. Voor
het
verwateringsrisico is M gelijk aan 1 jaar.
§ 4. Pour le risque de dilution,
M est égal à un an.
Afdeling III – Berekening van de
risicoweging voor de risicoposities
ingevolge gespecialiseerde financiering
Section III – Calcul des pondérations
de risques pour les expositions de
financement spécialisé
ONDERAFDELING I - METHODOLOGIE
SOUS-SECTION I – METHODOLOGIE
Art. VI.37
Art. VI.37
§ 1. Voor hun risicoposities
ingevolge gespecialiseerde financiering
zoals bepaald in titel VI, hoofdstuk 1,
volgen de instellingen de regels die van
toepassing zijn voor de berekening van de
eigenvermogensvereisten
voor
§ 1. Pour leurs expositions de
financement spécialisé telles que
définies au titre VI, chapitre 1, les
établissements se conforment aux règles
applicables pour le calcul des exigences
en fonds propres relatives aux
308
risicoposities op ondernemingen, wanneer
hun PD-ramingen voldoen aan de in
hoofdstuk 9 van deze titel vastgestelde
minimumvereisten.
expositions sur les entreprises, si leurs
estimations de la probabilité de défaut
satisfont aux exigences minimales
fixées au chapitre 9 du présent titre.
§ 2. Wanneer een instelling
voor haar risicoposities ingevolge
gespecialiseerde financiering niet kan
aantonen dat haar PD-ramingen voldoen
aan de in hoofdstuk 9 van deze titel
vastgestelde minimumvereisten, past ze
op deze risicoposities de risicoweging van
tabel 1 toe. Deze methode wordt
doorgaans de ‘slotting criteria method’
genoemd.
§ 2. Lorsque,
pour
ses
expositions de financement spécialisé
un établissement ne peut démontrer que
ses estimations de la probabilité de
défaut
satisfont
aux
exigences
minimales fixées au chapitre 9 du
présent titre, il applique à ces
expositions les pondérations de risques
prévues dans le tableau n° 1. Cette
méthode est communément appelée
‘slotting criteria method’.
Tabel 1
Resterende
looptijd
categorie
1
categorie
2
categorie
3
categorie
4
categorie
5
Minder
dan twee
en half
jaar
Ten minste
twee en
half jaar
50 %
70 %
115 %
250 %
0%
70 %
90 %
115 %
250 %
0%
Tableau 1
Durée
résiduelle
catégorie
1
catégorie
2
catégorie
3
catégorie
4
catégorie
5
Inférieure
à deux ans
et demi
50%
70%
115%
250%
0%
Égale ou
supérieure
à deux ans
et demi
70%
90%
115%
250%
0%
De CBFA kan een instelling toestaan om
aan risicoposities van categorie 1 een
preferentiële risicoweging van 50 % toe
te kennen en aan risicoposities van
categorie 2 een risicoweging van 70 %,
La
CBFA
peut
autoriser
un
établissement à appliquer, de façon
générale, une pondération préférentielle
de 50 % aux expositions relevant de la
catégorie 1 et de 70 % aux expositions
309
mits de overnemings- en andere
risicokenmerken van de instelling voor
de
desbetreffende
categorie
zeer
deugdelijk zijn.
relevant de la catégorie 2, sous réserve
que ses critères de souscription et autres
caractéristiques
de
risque
soient extrêmement solides pour la
catégorie considérée.
§ 3. Bij de toekenning van
de risicoweging van tabel 1 aan
risicoposities ingevolge gespecialiseerde
financiering, houden de instellingen
rekening met de volgende factoren: de
financiële draagkracht, de politieke en
juridische omgeving, de kenmerken van
de transactie en/of activa, de draagkracht
van de sponsor en de promotor met
inbegrip van enigerlei inkomstenstroom
ingevolge
een
publiekprivaatpartnerschap,
en
de
garantiepakketten.
§ 3. Lorsqu’ils attribuent des
pondérations de risques définies au
tableau 1 à leurs expositions de
financement
spécialisé,
les
établissements tiennent compte des
facteurs suivants: la base financière,
l’environnement politique et juridique,
les caractéristiques de la transaction
et/ou de l’actif, la solidité du garant et
du promoteur, y compris pour ce qui
concerne les revenus dégagés par tout
partenariat
public-privé,
et
les
mécanismes de garantie.
De CBFA moet de methoden
die de instellingen willen gebruiken voor
de toekenning van deze risicoweging aan
hun
risicoposities
ingevolge
gespecialiseerde financiering vooraf
goedkeuren.
La CBFA devra approuver
préalablement les méthodes que les
établissements désirent employer pour
attribuer ces pondérations de risques à
leurs expositions de financement
spécialisé.
ONDERAFDELING II – BEPALING
LGD’S EN LOOPTIJD
SOUS-SECTION II – DEFINITION
LGDS ET ECHEANCES
VAN DE
PD’S,
DES
PDS,
Art. VI.38
Art. VI.38
Wanneer de instelling geen gebruik
maakt van de ‘slotting criteria method’
zoals bedoeld in artikel VI.37, volgt ze de
regels voor de bepaling van de PD’s,
LGD’s en de looptijd die zijn bepaald
voor de risicoposities op ondernemingen.
Lorsque l’établissement n’utilise
pas la ‘slotting criteria method’ visée à
l’article VI.37, il se conforme aux règles
de détermination des PDs, LGDs et
échéances, telles que définies pour les
expositions sur les entreprises.
Afdeling IV – Berekening van de
risicoweging
voor
leaseovereenkomsten
Section IV – Calcul des pondérations
de risques pour le crédit-bail
ONDERAFDELING I - METHODOLOGIE
SOUS-SECTION I – METHODOLOGIE
Art. VI.39
Art. VI.39
§ 1. Voor het kredietrisico op
§ 1.
Pour le risque de crédit
310
de minimumbetalingen met betrekking
tot de leaseovereenkomsten als bepaald
in artikel VI.4, § 3, past de instelling de
berekeningsformule van de risicoweging
toe die, volgens de regels van
hoofdstukken 3 en 4 van deze titel, wordt
toegekend aan de subcategorie waarbij de
minimumbetalingen
van
de
leaseovereenkomst
kunnen
worden
ingedeeld.
sur les paiements minimaux relatifs à
des crédits-bails tels que définis à
l’article VI.4, § 3, l’établissement
applique la formule de calcul des
pondérations de risques qui, selon les
règles définies aux chapitres 3 et 4 du
présent titre, est affectée à la souscatégorie dans laquelle les paiements
minimaux du crédit-bail peuvent être
classés.
§ 2. De risicoweging voor de
risicoposities op leaseovereenkomsten
die zijn omschreven in de bovenstaande §
1, wordt berekend op basis van de
relevante parameters die zijn bepaald in
artikel VI.40. Deze parameters zijn met
name de kans op wanbetaling (PD), de
verliezen bij wanbetaling (loss given
default,
LGD),
en,
voor
de
minimumbetalingen die behoren tot de
categorie
risicoposities
op
ondernemingen, de looptijd (maturity,
M).
§ 2. Les
pondérations
de
risques pour les expositions de créditbail, spécifiées au § 1 ci-dessus, sont
calculées sur la base des paramètres
pertinents, tels que définis à l’article
VI.40. Ces paramètres sont notamment
la probabilité de défaut (PD), les pertes
en cas de défaut (loss given default,
LGD), et pour les paiements minimaux
classés dans la catégorie d’exposition
sur les entreprises, l’échéance (maturity,
M).
§ 3. Les
montants
des
§ 3. De
gewogen
risicovolumes worden berekend aan de expositions pondérés sont calculés
conformément à la formule suivante :
hand van de volgende formule:
Gewogen risicovolume
=
100 % * risicopositiewaarde,
behalve
wanneer de risicopositie een restwaarde
van geleased onroerend goed is, want dan
moet het gewogen risicovolume als volgt
worden berekend:
Montant de l’exposition pondéré
= 100 % * valeur exposée au risque,
excepté quand l’exposition est une
valeur résiduelle de biens immobiliers
loués, auquel cas il devrait être calculé
comme suit :
1/t * 100 % * risicopositiewaarde,
1/t * 100 % * valeur exposée au
risque
waarbij t gelijk is aan 1 of de op het
dichtstbijzijnde gehele getal afgeronde in
jaren uitgedrukte resterende duur van de
leaseovereenkomst, al naargelang welk
van beide getallen het hoogst is.
ONDERAFDELING II – BEPALING
LGD’S EN LOOPTIJD
VAN DE
PD’S,
où t est le nombre le plus grand entre 1
et le nombre le plus proche d’années
entières du crédit-bail restant à courir.
SOUS-SECTION II – DEFINITION
LGDS ET ECHEANCES
DES
PDS,
Art. VI.40
Art. VI.40
Afhankelijk van de IRB die de
instelling heeft gekozen en de categorie
En fonction de l’approche NI
choisie par l’établissement et de la
311
en
subcategorie
waarbij
de
minimumbetalingen
van
de
leaseovereenkomst
mogen
worden
ingedeeld, geeft de instelling in
voorkomend geval haar eigen ramingen
van PD’s, LGD’s en looptijden volgens
de voorwaarden vastgesteld in titel IV en
in titel VI, hoofdstuk 9 en volgens de
geschikte regels die zijn bepaald in
titel VI,
hoofdstukken 3 en 4,
afdelingen II
tot
IV.
Deze
risicoparameters worden gebruikt bij de
berekening van de risicoweging bedoeld
in afdeling I van dit hoofdstuk
(artikel VI.27) en van de bedragen van de
verwachte verliezen bedoeld in titel VI,
hoofdstuk 7.
catégorie et sous-catégorie dans laquelle
les paiements minimaux du crédit-bail
peuvent être classés l’établissement
fournit, le cas échéant, ses propres
estimations, PDs, LGDs, et échéances,
conformément aux conditions fixées
dans le titre IV et dans le titre VI,
chapitre 9, et selon les règles
appropriées définies au titre VI,
chapitres 3 et 4, sections II à IV. Ces
paramètres de risque entrent dans le
calcul de la pondération de risque visé à
la section I du présent chapitre
(article VI.27) et dans le calcul des
montants des pertes anticipées visé au
titre VI, chapitre 7.
Hoofdstuk
7:
Behandeling
en
berekening van de bedragen van de
verwachte verliezen
Chapitre 7: Traitement et calcul des
montants des pertes anticipées
AFDELING I - BEREKENING
SECTION I – CALCUL
VAN DE
VERWACHTE
DES MONTANTS
DES PERTES ANTICIPEES
ONDERAFDELING I - RISICOPOSITIES OP
ONDERNEMINGEN, INSTELLINGEN, CENTRALE
OVERHEDEN
EN
CENTRALE
BANKEN
EN
RETAILCLIËNTEEL
SOUS-SECTION I – LES EXPOSITIONS SUR LES
ENTREPRISES, LES ETABLISSEMENTS, LES
ADMINISTRATIONS CENTRALES ET BANQUES
CENTRALES ET LA CLIENTELE DE DETAIL
Art. VI.41
Art. VI.41
§ 1. Voor de risicoposities die
behoren tot de categorieën risicoposities
op ondernemingen, instellingen, centrale
overheden en centrale banken of
retailcliënteel, als in artikel VI.2, wordt
het bedrag van de verwachte verliezen
berekend volgens de onderstaande
formules:
§ 1. Pour les expositions qui
appartiennent aux catégories des
expositions sur les entreprises, les
établissements,
les
administrations
centrales et banques centrales ou la
clientèle de détail, telles que définies à
l’article VI.2, les montants des pertes
anticipées sont calculés conformément
aux formules suivantes:
EL = PD × LGD
EL = PD × LGD
Bedrag van het verwachte verlies = EL x
risicopositiewaarde
Montant de la perte anticipée = EL ×
valeur exposée au risque
§ 2. De inputparameters van
deze formules – de risicopositiewaarde,
enerzijds, en de PD en LGD, anderzijds –
§ 2. Les
paramètres
à
introduire dans ces formules, la valeur
exposée au risque d’une part, et PD et
BEDRAGEN
VERLIEZEN
VAN
DE
312
worden
respectievelijk
bepaald
overeenkomstig de hoofdstukken 2, 3, 4
of 6 van deze titel, afhankelijk van de
betrokken risicopositiecategorie.
§ 3. Wanneer de instellingen
hun eigen LGD-ramingen gebruiken, is
voor de risicoposities met wanbetaling
(PD = 1):
-
EL gelijk aan ELBE, d.w.z. de beste
door de instelling gemaakte raming
van het verwachte verlies dat
overeenstemt met de risicopositie met
wanbetaling, overeenkomstig de
vereisten voor de bepaling van de
LGD’s voor de risicoposities met
wanbetaling als vastgesteld in
artikel VI.91, § 8.
LGD d’autre part, sont déterminés
respectivement
conformément
aux
chapitres 2 et 3, 4 ou 6 du présent titre,
en fonction de la catégorie d’expositions
concernée.
§ 3. Pour les expositions sur
lesquelles il y a eu défaut (PD = 1),
lorsque les établissements utilisent leurs
propres estimations de LGDs:
-
EL est égal à ELBE, c’est-à-dire la
meilleure estimation établie par
l'établissement de la perte anticipée
correspondant à l’exposition pour
laquelle il y a eu défaut,
conformément
aux
exigences
relatives à la détermination des
LGDs pour les expositions en
défaut, telles que spécifiées à
l’article VI.91, § 8.
§ 4. De waarde van EL is nul
voor de risicoposities waarop de in
artikel VI.9, § 3 en artikel VI.14, § 3
beschreven behandeling die de dubbele
wanbetaling in aanmerking neemt, van
toepassing is.
§ 4. Pour
les
expositions
soumises au traitement de l’article VI.9,
§ 3 et VI.14, § 3, intégrant la
reconnaissance du double défaut, la
valeur de EL est fixée à zéro.
ONDERAFDELING II – BIJZONDER GEVAL BIJ DE
GEKOCHTE KORTLOPENDE VORDERINGEN
SOUS-SECTION II –
CREANCES ACHETEES
Art. VI.42
Art. VI.42
§ 1. Bij gekochte kortlopende
vorderingen wordt het bedrag van de
verwachte
verliezen
voor
het
verwateringsrisico berekend volgens de
volgende formule:
§ 1. Dans le cas des créances
achetées, les montants des pertes
anticipées pour risque de dilution sont
calculés conformément à la formule
suivante:
EL = PD × LGD
EL = PD × LGD
Bedrag van het verwachte verlies = EL x
risicopositiewaarde
Montant de la perte anticipée = EL ×
valeur exposée au risque
§ 2. De inputparameters van
deze formules – de risicopositiewaarde,
enerzijds, en de PD en LGD, anderzijds –
worden
respectievelijk
bepaald
overeenkomstig titel VI, hoofdstuk 2 en
titel VI, hoofdstuk 6, afdeling II voor het
verwateringsrisico, afhankelijk van de
betrokken risicopositiecategorie.
§ 2. Les paramètres à introduire
dans ces formules, la valeur exposée au
risque d’une part, et PD et LGD d’autre
part, sont déterminés respectivement
conformément au titre VI, chapitre 2 et
au titre VI, chapitre 6, section II pour le
risque de dilution, en fonction de la
catégorie d’expositions concernée.
CAS
SPECIFIQUE
DES
313
§ 3. Bij gekochte kortlopende
vorderingen wordt het bedrag van de
verwachte verliezen voor kredietrisico
berekend volgens de regels van
artikel VI.41 van dit hoofdstuk. De
inputparameters van de formules – de
risicopositiewaarde, enerzijds, en de PD
en LGD, anderzijds – worden
respectievelijk bepaald overeenkomstig
titel VI, hoofdstuk 2 en titel VI,
hoofdstuk 6, afdeling II, afhankelijk van
de betrokken risicopositiecategorie.
§ 3. Dans le cas des créances
achetées, les montants des pertes
anticipées pour risque de crédit sont
calculés conformément aux règles
définies dans l’article VI.41 du présent
chapitre. Les paramètres à introduire
dans les formules, la valeur exposée au
risque d’une part, et PD et LGD d’autre
part, sont déterminés respectivement
conformément au titre VI, chapitre 2 et
au titre VI, chapitre 6, section II, en
fonction de la catégorie d’expositions
concernée.
ONDERAFDELING III - BIJZONDER GEVAL BIJ DE
RISICOPOSITIES INGEVOLGE GESPECIALISEERDE
FINANCIERING
('SLOTTING
CRITERIA'
METHODE).
SOUS-SECTION III – CAS SPECIFIQUE DES
EXPOSITIONS DE FINANCEMENT SPECIALISE
(METHODE ‘SLOTTING CRITERIA’).
Art. VI.43
Art. VI.43
§ 1. De EL-waarden voor
risicoposities ingevolge gespecialiseerde
financiering waarbij de instellingen voor
de toekenning van de risicowegingen de
‘slotting criteria’ methode gebruiken, als
beschreven in artikel VI.37, § 2, worden
toegewezen
overeenkomstig
de
onderstaande tabel nr. 2.
§ 1. Dans
le
cas
des
expositions de financement spécialisé
pour lesquelles les établissements
appliquent la méthode dite des ‘slotting
criteria’,
telle
que
définie
à
l’article VI.37, § 2, aux fins de
l’assignation des pondérations de
risques, les valeurs de EL sont attribuées
conformément au tableau n° 2 cidessous.
Tabel 2
Resterende
looptijd
categorie
1
categorie
2
categorie
3
Minder
dan twee
en een half
jaar
Ten minste
twee en
een half
jaar
categorie
4
categorie
5
0%
0,4%
2,8%
8%
50%
0,4%
0,8%
2,8%
8%
50%
314
Tableau 2
Durée
résiduelle
catégorie
1
catégorie
2
catégorie
3
Inférieure
à deux ans
et demi
Supérieure
ou égale à
deux ans
et demi
catégorie
4
catégorie
5
0%
0,4%
2,8%
8%
50%
0,4%
0,8%
2,8%
8%
50%
§ 2. Wanneer de CBFA een
instelling heeft toegestaan om, op
algemene wijze, aan risicoposities van
categorie
1
een
preferentiële
risicoweging van 50 % toe te kennen en
aan risicoposities van categorie 2 een
preferentiële risicoweging van 70 %,
bedraagt de EL-waarde 0 % in het eerste
geval en 0,4 % in het tweede geval.
§ 2. Lorsque la CBFA a
autorisé un établissement à appliquer, de
façon générale, une pondération
préférentielle de 50% aux expositions
relevant de la catégorie 1 et de 70% aux
expositions relevant de la catégorie 2, la
valeur de EL est de 0% dans le premier
cas et de 0,4% dans le second.
ONDERAFDELING
AANDELEN
SOUS-SECTION IV
FORME D’ACTIONS
IV
- RISICOPOSITIES
OP
– LES
EXPOSITIONS SOUS
Art. VI.44
Art. VI.44
§ 1. Wanneer
het gewogen
risicovolume van risicoposities die
behoren tot de categorie risicoposities op
aandelen, als in artikel VI.2, wordt
berekend volgens de eenvoudige
risicogewichtenbenadering als bedoeld in
artikel VI.20, wordt het bedrag van de
verwachte verliezen berekend volgens de
onderstaande formule:
§ 1. Dans
le
cas
des
expositions relevant de la catégorie
d’expositions sous forme d’actions, telle
que définie à l’article VI.2, lorsque les
volumes pondérés des risques sont
calculées conformément à la méthode de
pondération
simple
visée
à
l’article VI.20, les montants des pertes
anticipées sont calculés conformément à
la formule suivante:
Bedrag van het verwachte verlies = EL x
risicopositiewaarde
Montant de la perte anticipée = EL ×
valeur exposée au risque
Daarbij gelden de volgende EL-waarden:
Les valeurs de EL sont les suivantes:
315
EL = 0,8 % voor risicoposities op
aandelen niet genoteerd op een erkende
markt,
in
voldoende
gespreide
portefeuilles
EL = 0,8% pour les expositions sur
actions non cotées sur un marché
reconnu relevant de portefeuilles
suffisamment diversifiés
EL = 0,8 % voor risicoposities op
aandelen genoteerd op een erkende markt
EL = 0,8% pour les expositions sur
actions cotées sur un marché reconnu
EL = 2,4 % voor alle
risicoposities op aandelen
overige
EL = 2,4% pour toutes les autres
expositions sous forme d’actions
§ 2. Wanneer het gewogen
risicovolume van risicoposities die
behoren tot de categorie risicoposities op
van aandelen, als gedefinieerd in artikel
VI.2, wordt berekend volgens de
PD/LGD- methode als bedoeld in artikel
VI.21, wordt het bedrag van de
verwachte verliezen berekend volgens de
onderstaande formules:
§ 2. Dans
le
cas
des
expositions relevant de la catégorie
d’expositions sous forme d’actions, telle
que définie à l’article VI.2, lorsque les
volumes pondérés des risques sont
calculés conformément à la méthode
PD/LGD visée à l’article VI.21, les
montants des pertes anticipées sont
calculés conformément aux formules
suivantes:
EL = PD × LGD
EL = PD x LGD
Bedrag van het verwachte verlies = EL x
risicopositiewaarde
Montant de la perte anticipée = EL x
valeur exposée au risque
§ 3. Wanneer het gewogen
risicovolume van risicoposities die
behoren tot de categorie risicoposities op
aandelen, als gedefinieerd in artikel VI.2,
wordt
berekend
volgens
de
internemodellenbenadering als bedoeld
in artikel VI.22, is het bedrag van de
verwachte verliezen gelijk aan 0 %.
§ 3. Dans
le
cas
des
expositions relevant de la catégorie
d’expositions sous forme d’actions, telle
que définie à l’article VI.2, lorsque les
volumes pondérés des risques sont
calculés conformément à la méthode
fondée sur les modèles internes visée à
l’article VI.22, les montants des pertes
anticipées sont de 0 %.
ONDERAFDELING V – RISICOPOSITIES IN DE
VORM VAN INSTELLINGEN VOOR COLLECTIEVE
BELEGGINGEN
SOUS SECTION V – EXPOSITIONS SOUS LA
FORME D’INVESTISSEMENTS DANS DES PARTS
D’ORGANISMES DE PLACEMENT COLLECTIF
Art. VI.45
Art. VI.45
Voor de risicoposities in de vorm
van instellingen voor collectieve
beleggingen (ICB’s) wordt het bedrag
van de verwachte verliezen berekend
volgens de bepalingen van artikel VI.26
en artikelen VI.41 tot VI.44 en VI.46 die
van toepassing zijn op de onderliggende
risicoposities.
Pour les positions sous la forme
de parts d’organismes de placement
collectif (OPC), les montants des pertes
anticipées sont calculés conformément
aux dispositions décrites à l’article VI.26
et aux articles VI.41 à VI.44 et VI.46
s’appliquant aux expositions sousjacentes.
316
ONDERAFDELING VI – ANDERE RISICOPOSITIES
DAN KREDIETVERPLICHTINGEN
SOUS-SECTION VI – EXPOSITIONSS AUTRES QUE
Art. VI.46
Art. VI.46
Voor de risicoposities die
behoren tot de categorie andere
risicoposities dan kredietverplichtingen,
als gedefinieerd in artikel VI.2, is het
bedrag van het verwachte verlies gelijk
aan nul.
Pour les expositions relevant de
la catégorie des expositions autres que
des obligations de crédit, telles que
définies à l’article VI.2, le montant des
pertes anticipées est égal à zéro.
Afdeling II – Behandeling van het
bedrag van de verwachte verliezen
Section II – Traitement des montants
des pertes anticipées
Art. VI.47
Art. VI.47
Voor de risicoposities die niet
beantwoorden aan de definitie van
risicoposities op aandelen, worden de
bedragen van de verwachte verliezen,
berekend overeenkomstig titel VI,
hoofdstuk 7, afdeling I, onderafdelingen
I tot III, en in voorkomend geval titel VI,
hoofdstuk 7, afdeling I, onderafdeling V,
voor de berekening van het eigen
vermogen overeenkomstig de bepalingen
van artikel II.1, in mindering gebracht
van de som van de met deze
risicoposities
samenhangende
waardeaanpassingen en voorzieningen.
Pour
les
expositions
ne
répondant pas à la définition des
expositions sous forme d’actions, aux
fins du calcul des fonds propres
conformément aux dispositions de
l’article II.1, les montants des pertes
anticipées calculés conformément au
titre VI, chapitre 7, section I, soussections I à III, le cas échéant au titre VI,
chapitre 7, section I, sous section V, sont
soustraits de la somme des corrections
de valeur et des provisions afférentes
aux expositions concernées.
Het disagio op risicoposities met
betrekking tot balansposten die werden
gekocht terwijl ze in staat van
wanbetaling waren overeenkomstig VI.4,
wordt
behandeld
als
waardeaanpassingen.
Les escomptes sur les expositions des
éléments du bilan qui ont été achetés
alors qu'ils étaient en défaut, tels que
définis à l’article VI.4, sont traités
comme des corrections de valeur.
Voor deze berekening wordt noch het
bedrag van de verwachte verliezen voor
geëffectiseerde risicoposities, noch de
met deze risicoposities samenhangende
waardeaanpassingen en voorzieningen in
aanmerking genomen.
Ni les montants des pertes anticipées sur
les expositions titrisées, ni les
corrections de valeur et provisions
afférentes à ces expositions ne sont pris
en compte dans ce calcul.
Hoofdstuk 8: ·Kredietrisicomatiging –
bijzondere modaliteiten voor de
internemodellenbenade-ringen
Chapitre 8: Atténuation des risques
de crédit – modalités particulières
pour les approches modèles internes
DES OBLIGATIONS DE CREDIT
317
Art. VI.48
Art. VI.48
§ 1. Tenzij
anders
is
aangegeven in dit hoofdstuk, voldoen de
instellingen die de IRB toepassen maar
geen eigen ramingen van de verliezen bij
wanbetaling
(LGD’s)
en
omrekeningsfactoren (CF’s) gebruiken
(instellingen die een IRB ‘foundation’
volgen), en die de kredietrisicomatiging
voor reglementaire doeleinden in
aanmerking wensen te nemen, aan het
geheel van de regels van titel V,
hoofdstuk 5, wanneer ze hun gewogen
risicovolume berekenen als bedoeld in
artikel IV.1 of wanneer ze het bedrag van
de verwachte verliezen berekenen
overeenkomstig de regels vastgelegd in
titel VI, hoofdstuk 7.
§ 1. Sauf indications contraires
mentionnées dans le présent chapitre, les
établissements qui appliquent l’approche
NI mais qui n’utilisent pas leurs propres
estimations des pertes en cas de défaut
(LGDs) et facteurs de conversion (CFs)
(établissements adoptant une approche
NI dite ‘foundation’) et qui souhaitent
tenir compte de l’atténuation du risque
de crédit à des fins réglementaires, se
conforment à l’entièreté des règles
énoncées au titre V, chapitre 5, lorsqu’ils
calculent les volumes pondérés de leurs
risques aux fins de l’article IV.1, ou
lorsqu’ils calculent les montants des
pertes anticipées conformément aux
règles définies dans le titre VI,
chapitre 7.
§ 2. Met het oog op de
bovenstaande §1, wanneer er in titel V,
hoofdstuk
5
toelaatbaarheidsvoorwaarden
en
minimumvereisten zijn gesteld om de
inaanmerkingneming van volgestorte en
niet-volgestorte protecties voor de
berekening van de risicowegingen te
beperken, beperken deze voorwaarden en
vereisten
eveneens
de
inaanmerkingneming van deze protecties
voor de berekening van de bedragen van
de verwachte verliezen voor instellingen
die een IRB volgen maar geen eigen
ramingen geven van LGD’s en CF’s. Bij
de berekening van de risicoweging en
van de bedragen van de verwachte
verliezen worden immers dezelfde
risicoparameters (PD, LGD, enz.)
gebruikt.
§ 2. Aux fins du § 1 ci-dessus,
lorsque des conditions d’éligibilité et des
exigences minimales sont définies au
titre V, chapitre 5, afin de limiter la prise
en compte des protections financées et
non financées pour le calcul des
pondération de risques, ces conditions et
exigences limitent également la prise en
compte de ces protections pour le calcul
des montants des pertes anticipées pour
les
établissements
adoptant
une
approche NI mais ne fournissant pas
leurs estimations des LGDs et CFs. En
effet, les mêmes paramètres de risque
(PD, LGD, etc.) interviennent dans le
calcul de la pondération de risques et
dans le calcul des montants des pertes
anticipées.
§ 3. Onder voorbehoud van
titel V, hoofdstuk 5, afdelingen V tot
VII, wanneer voor de instellingen die een
IRB ‘foundation’ volgen voldaan is aan
de voorwaarden die respectievelijk zijn
vastgesteld in titel V, hoofdstuk 5,
afdelingen I tot III en in de
artikelen VI.49 tot VI.55, mogen de
§ 3. Sous réserve du titre V,
chapitre 5, sections V à VII, lorsque les
conditions fixées respectivement au titre
V, chapitre 5, sections I à III et aux
articles VI.49 à VI.55 sont remplies pour
les
établissements
adoptant
une
approche NI dite ‘foundation’, les
pondérations de risques et les montants
318
overeenkomstig de hoofdstukken 3 tot 7
van deze titel berekende risicowegingen
en bedragen van de verwachte verliezen
worden gewijzigd met toepassing van de
bepalingen van de afdelingen V en VI
van dit hoofdstuk en van titel V,
hoofdstuk 5, afdeling IV.
des
pertes
anticipées
calculés
conformément aux chapitres 3 à 7 du
présent titre peuvent être modifiés en
application
des
dispositions
des
sections V et VI du présent chapitre et
du titre V, chapitre 5, section IV.
Afdeling I – Toelaatbaarheid voor de
volgestorte kredietprotecties
Section I – Eligibilité pour
protections financées du crédit
Art. VI.49
Art. VI.49
Met het oog op artikel VI.48, § 3
zijn,
behalve
volgestorte
kredietprotecties zoals vermeld in de
artikelen V.23 en V.24, ook volgestorte
protecties die voldoen aan de in dit
artikel
vastgestelde
voorwaarden
toelaatbaar bij de berekening van de
risicowegingen en de bedragen van de
verwachte verliezen voor een instelling
die een IRB ‘foundation’ volgt.
Aux fins de l’article VI.48, § 3,
outre les protections financées du crédit
mentionnées à l’article V.23 et V.24, les
protections financées remplissant les
conditions fixées dans le présent article
sont également éligibles pour une prise
en compte dans le calcul des
pondérations des risques et des montants
des pertes anticipées pour un
établissement adoptant une approche NI
dite ‘foundation’.
1° Zekerheden in de vorm van onroerend
goed
1° Sûretés immobilières
1. Niet-zakelijk onroerend goed dat
wordt of zal worden bewoond of
verhuurd door de eigenaar of, in
geval
van
persoonlijke
investeringsmaatschappijen, door
de economisch rechthebbende, en
zakelijk onroerend goed (kantoren
en andere bedrijfsruimten), kunnen
worden erkend als toelaatbare
zekerheden wanneer aan de
volgende voorwaarden is voldaan:
a)
de waarde van het onroerend
goed hangt niet in wezenlijke
mate
af
van
de
kredietwaardigheid van de
leningnemer. Deze vereiste
betreft niet de gevallen waarin
louter
macro-economische
factoren een negatief effect
les
1. Les biens immobiliers résidentiels
qui sont ou seront occupés ou
donnés en location par le
propriétaire ou, dans le cas des
sociétés
d'investissement
personnelles, par le propriétaire
bénéficiaire
et
les
biens
immobiliers
commerciaux
(bureaux et
autres
locaux
commerciaux)
peuvent
être
reconnus comme sûretés éligibles
lorsque les conditions suivantes
sont remplies:
a)
la valeur du bien immobilier
ne dépend pas sensiblement
de la qualité du crédit de
l’emprunteur. Cette exigence
ne concerne pas les cas dans
lesquels
des
facteurs
purement macroéconomiques
affectent tant la valeur dudit
319
bien immobilier
performance
l’emprunteur;
hebben op zowel de waarde
van het onroerend goed als
het betalingsgedrag van de
leningnemer;
b)
que
la
de
b) le risque de l’emprunteur ne
dépend pas sensiblement de
la performance du bien
immobilier ou du projet
sous-jacent, mais plutôt de sa
capacité
sous-jacente
à
rembourser sa dette à partir
d'autres sources. En tant que
tel, le remboursement du
crédit
ne dépend pas
sensiblement d’un éventuel
flux de trésorerie généré par
le bien immobilier sousjacent servant de garantie.
het risico van de leningnemer
hangt niet in wezenlijke mate
af van het rendement van het
onderliggend onroerend goed
of project, maar veeleer van
de onderliggende capaciteit
van de leningnemer om zijn
schuld uit andere bronnen
terug
te
betalen.
De
terugbetaling van het krediet
als zodanig hangt niet in
wezenlijke mate af van
enigerlei kasstroom die wordt
gegenereerd
door
het
onderliggend onroerend goed
dat als zekerheid fungeert.
2. Ook
aandelen
in
Finse
ondernemingen voor de bouw
van woningen, die werkzaam zijn
volgens de Finse wet op
woningbouwverenigingen
van
1991 of latere gelijkaardige
wetgeving ten aanzien van nietzakelijk onroerend goed dat
wordt of zal worden bewoond of
verhuurd door de eigenaar,
kunnen door instellingen als
toelaatbare zekerheden in de
vorm van niet-zakelijk onroerend
goed worden aangemerkt, mits
aan
de
bovenstaande
voorwaarden is voldaan.
2.
Les
établissements
peuvent
également reconnaître comme
sûretés immobilières éligibles les
parts détenues dans des sociétés
finlandaises de logement opérant
conformément à la loi finlandaise
de 1991 sur les sociétés de
logement ou à toute législation
ultérieure équivalente, pour des
biens immobiliers résidentiels qui
sont ou seront occupés ou donnés
en location par le propriétaire,
sous réserve que les conditions
ci-dessus soient remplies.
3. De CBFA kan de instellingen
tevens toestaan om aandelen in
Finse ondernemingen voor de
bouw
van woningen,
die
werkzaam zijn volgens de Finse
wet op woningbouwverenigingen
van 1991 of latere gelijkaardige
wetgeving,
als
toelaatbare
3.
La CBFA peut également
autoriser les établissements à
reconnaître
comme
sûretés
immobilières éligibles les parts
détenues dans des sociétés
finlandaises de logement opérant
conformément à la loi finlandaise
de 1991 sur les sociétés de
320
logement ou à toute législation
ultérieure
équivalente,
sous
réserve que les conditions cidessus soient remplies.
zekerheden in de vorm van
zakelijk onroerend goed aan te
merken,
mits
aan
de
bovenstaande voorwaarden is
voldaan.
4. De CBFA kan de instellingen
ontheffing verlenen van de in
punt 1b) gestelde voorwaarde
voor risicoposities die gedekt zijn
door niet-zakelijk onroerend goed
dat zich op Belgisch grondgebied
bevindt, mits zij over het bewijs
beschikt dat er hier sprake is van
een goed ontwikkelde en reeds
geruime tijd bestaande markt met
voldoende lage verliescijfers om
een dergelijke maatregel te
rechtvaardigen.
4.
La CBFA peut exonérer les
établissements de l’obligation de
se
conformer
au
point 1b) ci-dessus pour les
expositions garanties par un bien
immobilier résidentiel situé sur le
territoire belge, lorsqu’elle a la
preuve qu’il y existe de longue
date un marché pertinent bien
développé, avec des taux de
pertes suffisamment faibles pour
justifier une telle mesure.
5. De CBFA kan de instellingen
ontheffing verlenen van de in
punt 1b) gestelde voorwaarde
voor het zakelijk onroerend goed
dat zich op Belgisch grondgebied
bevindt, mits zij over het bewijs
beschikt dat er hier sprake is van
een goed ontwikkelde en reeds
geruime tijd bestaande markt en
dat
de
verliescijfers
die
voortvloeien uit door zakelijk
onroerend goed gedekte leningen
voldoen aan de onderstaande
voorwaarden:
5.
La CBFA peut exonérer les
établissements de l’obligation de
se conformer au point 1 b), pour
les
biens
immobiliers
commerciaux situés sur le
territoire belge, lorsqu’elle a la
preuve qu’il y existe de longue
date un marché pertinent bien
développé et que les taux de
pertes afférents aux prêts garantis
par de tels biens immobiliers
commerciaux
satisfont
aux
conditions suivantes:
a) de verliezen die uit door
zakelijk
onroerend
goed
gedekte leningen voortvloeien
tot ten hoogste 50 % van de
marktwaarde
(of,
in
voorkomend geval, 60 % van
de hypotheekwaarde als die
waarde lager is) liggen niet
hoger dan 0,3 % van de door
zakelijk
onroerend
goed
gedekte uitstaande leningen in
een gegeven boekjaar;
a) les pertes générées par les
prêts garantis par des biens
immobiliers
commerciaux
jusqu’à 50% de la valeur de
marché (ou, le cas échéant,
60%
de
la
valeur
hypothécaire, si cette valeur
est plus faible) ne dépassent
pas 0,3% de l’encours des
prêts garantis par des biens
immobiliers
commerciaux
sur un exercice donné;
b) de totale verliezen die uit door
zakelijk
onroerend
goed
gedekte leningen voortvloeien,
b) les pertes globales générées
par les prêts garantis par des
biens
immobiliers
321
commerciaux ne dépassent
pas 0,5% de l’encours des
prêts couverts par des biens
immobiliers
commerciaux
sur un exercice donné.
mogen niet hoger liggen dan
0,5 % van de door zakelijk
onroerend
goed
gedekte
uitstaande leningen in een
gegeven boekjaar.
6. Indien in een gegeven boekjaar
niet
aan een
van deze
voorwaarden is voldaan, mag
deze behandeling niet meer
worden toegepast tot in een
volgend boekjaar opnieuw aan
beide voorwaarden is voldaan.
6.
Si l’une ou l’autre de ces
conditions n’est pas remplie
durant un exercice donné, le droit
d'utiliser le traitement susvisé
cesse, jusqu’à ce qu’elles soient
de nouveau remplies lors d’un
exercice ultérieur.
7. De CBFA kan een zakelijk
onroerend goed als toelaatbare
zekerheid aanmerken, wanneer
het in een andere lidstaat als
dusdanig is aangemerkt op grond
van de ontheffing die hiervoor is
vastgelegd in het bovenstaande
punt 5.
7.
La CBFA peut reconnaître
comme
sûreté
immobilière
éligible un bien immobilier
commercial reconnu comme tel
dans un autre État membre en
vertu de la faculté d'exonération
prévue au point 5 ci-dessus.
2° Te innen vorderingen
2° Créances à recouvrer
De CBFA kan te innen vorderingen
ingevolge
handelstransacties
of
transacties met een oorspronkelijke
looptijd van ten hoogste één jaar
aanmerken
als
toelaatbare
zekerheden. Niet toelaatbaar zijn te
innen
vorderingen
ingevolge
effectiseringen, subdeelnemingen of
kredietderivaten, dan wel door
verbonden partijen verschuldigde
bedragen.
La CBFA peut reconnaître comme
sûretés éligibles les créances à
recouvrer au titre d’une transaction
commerciale ou de transactions
d’une échéance initiale inférieure ou
égale à un an. Sont exclus de
l'éligibilité les créances à recouvrer
liées à des titrisations, des sousparticipations ou des dérivés de
crédit, ou encore les montants dus
par des tiers liés.
3° Andere zakelijke zekerheden
3° Autres sûretés réelles
De CBFA kan materiële goederen
van een ander type dan bedoeld in de
punten 1 tot 7 van 1° hierboven, als
toelaatbare zekerheden aanmerken,
wanneer is voldaan aan de volgende
voorwaarden:
La CBFA peut reconnaître comme
sûretés éligibles des biens corporels
d’un autre type que ceux visés aux
points 1 à 7 du 1° ci-dessus lorsque
les conditions suivantes sont
remplies:
a) er bestaan liquide markten waar
de zekerheden op een vlotte en
economisch efficiënte wijze van
de hand kunnen worden gedaan;
a) l’existence de marchés liquides
où la sûreté peut être cédée de
façon
rapide
et
économiquement efficiente; et
322
en,
b) er bestaan algemeen gangbare
en
publiek
beschikbare
marktprijzen
voor
de
zekerheden. De instelling moet
kunnen aantonen dat er geen
aanwijzingen zijn dat de
nettowaarden die zij ontvangt
wanneer de zekerheden worden
uitgewonnen, significant van
deze marktprijzen afwijken.
b) l’existence de prix de marché
bien
établis
et
publiés,
applicables
à
la
sûreté.
L’établissement doit être en
mesure de démontrer que rien
n’atteste que le prix net obtenu
au moment de la réalisation de
la sûreté s’écarte fortement de
ces prix de marché.
4° Leasing
4° Crédit-bail
Behoudens de bepalingen van
artikel VI.60, 2°, 1), punt e) en mits
aan de vereisten van artikel VI.33 is
voldaan,
worden
risicoposities
ingevolge transacties waarbij een
instelling een onroerend goed aan een
derde least, op dezelfde wijze
behandeld als risicoposities waarvoor
geleasd onroerend goed van hetzelfde
type als zekerheid fungeert.
Sous réserve des dispositions de
l’article VI.60, 2°, 1), point e,
lorsqu’il est satisfait aux exigences
énoncées à l’article V.33, les
expositions découlant de transactions
en vertu desquelles un établissement
loue un bien immobilier à un tiers
sont traitées comme des expositions
garanties par le type de bien
immobilier donné en crédit-bail.
Afdeling II – Toelaatbaarheid van de
verschaffers
van
niet-volgestorte
kredietprotecties
Section II – Eligibilité des fournisseurs
de protections non financées du crédit
Art. VI.50
Art. VI.50
§ 1. Indien het gewogen
risicovolume en het bedrag van de
verwachte verliezen volgens de IRB
‘foundation’ worden berekend, is een
garantiegever enkel toelaatbaar als de
instelling hem overeenkomstig de
bepalingen van hoofdstuk 9 van deze titel
een interne rating heeft toegekend.
§ 1. Lorsque les volumes
pondérés des risques et des montants des
pertes
anticipées
sont
calculés
conformément à l’approche NI dite
‘foundation’, un garant ne peut être
éligible que s’il fait l’objet d’une
notation
interne
établie
par
l’établissement
conformément
aux
dispositions du chapitre 9 du présent
titre.
§ 2. Met
het
oog
op
artikel VI.48, § 3, zijn, wanneer een
instelling de risicoweging en het bedrag
van de verwachte verliezen volgens de
IRB ‘foundation’ berekent, naast de
protectieverschaffers
bedoeld
in
artikel V.25, ook andere ondernemingen
toelaatbaar,
inclusief
§ 2. Aux
fins
de
l’article VI.48,
§
3,
lorsqu’un
établissement calcule les pondérations
de risques et les montants de ses pertes
anticipées conformément à l’approche
NI dite ‘foundation’, outre les
fournisseurs de protection visés à
l’article V.25, peuvent également être
323
moederondernemingen,
dochterondernemingen en verbonden
ondernemingen van de instelling die
geen kredietbeoordeling van een erkende
EKBI hebben maar waaraan in het kader
van een interne rating, een kans op
wanbetaling
is
toegekend
die
gelijkwaardig
is
aan
de
kredietbeoordelingen
van
erkende
EKBI’s die, volgens de CBFA, dienen te
zijn
ondergebracht
in
kredietwaardigheidscategorie 2 of in een
hogere categorie conform de bepalingen
van titel V, hoofdstuk 4 voor de
risicoweging op ondernemingen, en dit
voor zover is voldaan aan de vereiste van
§ 1 van dit artikel.
éligibles les autres entreprises, y compris
l’entreprise mère, les filiales et les
entreprises liées de l’établissement, qui
ne bénéficient pas d’une évaluation de
crédit établie par un OEEC éligible, mais
reçoivent, dans le cadre d’une notation
interne, une probabilité de défaut
équivalente à celle correspondant aux
évaluations de crédit d’OEEC qui
doivent être associées, selon la CBFA, à
l’échelon 2 de qualité du crédit ou à un
échelon supérieur en vertu des
dispositions du titre V, chapitre 4,
relatives à la pondération de risques sur
les entreprises, et ce pour autant que
l’exigence fixée au § 1 du présent article
soit respectée.
Toelaatbaarheid, in het kader van IRB
‘foundation’,
van
de
protectieverschaffers die voldoen aan
de voorwaarden van de behandeling
waarbij de dubbele wanbetaling in
aanmerking wordt genomen.
Éligibilité, dans le cadre de l'approche
NI dite ‘foundation’, des fournisseurs
de protection qui remplissent les
conditions du traitement intégrant la
reconnaissance du double défaut.
Art. VI.51
Art. VI.51
Met het oog op artikel VI.48,
§ 3 kunnen instellingen, verzekerings- en
herverzekeringsondernemingen
en
exportkredietverzekeringsmaatschappijen
die aan de onderstaande voorwaarden
voldoen, worden erkend als toelaatbare
verschaffers
van
niet-volgestorte
kredietprotectie voor de toepassing van
de behandeling waarbij de dubbele
wanbetaling in aanmerking wordt
genomen zoals bedoeld in artikel VI.9,
§ 3:
– de protectieverschaffer beschikt
over voldoende deskundigheid
op het vlak van niet-volgestorte
protectie;
Aux fins de l’article VI.48, § 3,
les établissements, les entreprises
d'assurance et de réassurance et les
agences de crédit à l'exportation qui
remplissent les conditions ci-après
peuvent
être
reconnus
comme
fournisseurs éligibles de protection non
financée du crédit pour l’application du
traitement intégrant la reconnaissance du
double défaut visé à l’article VI.9, § 3:
–
de
protectieverschaffer
is
onderworpen aan regels die
gelijkwaardig zijn aan de regels
in dit reglement of had, op het
ogenblik dat de kredietprotectie
werd
verleend,
een
– le fournisseur de protection
possède une expertise suffisante
en matière de protection non
financée;
– le fournisseur de protection est
soumis à des règles équivalentes à
celles de le présent règlement, ou
faisait l'objet, au moment de la
fourniture de la protection, de la
part d'un OEEC éligible, d'une
324
kredietbeoordeling van een
erkende EKBI die door de
CBFA is ondergebracht in
kredietwaardigheidscategorie 3
of in een hogere categorie
conform de bepalingen van titel
V, hoofdstuk 4 voor de
risicoweging
op
ondernemingen;
évaluation de crédit associée, par
la CBFA, à l'échelon 3 de qualité
de crédit ou à un échelon
supérieur en vertu des dispositions
du titre V, chapitre 4, relatives à
la pondération de risques sur les
entreprises;
–
de protectieverschaffer had op
het
tijdstip
dat
de
kredietprotectie werd verleend
of gedurende enige daarop
volgende periode, een interne
beoordeling met een kans op
wanbetaling die gelijk is aan of
lager is dan die welke
overeenstemt
met
kredietwaardigheidscategorie 2
of een hogere categorie conform
de bepalingen van titel V,
hoofdstuk
4
voor
de
risicoweging
op
ondernemingen;
– au moment où la protection de
crédit a été fournie, ou pour toute
autre période ultérieure, le
fournisseur de protection a fait
l'objet d'une évaluation interne
avec une probabilité de défaut
équivalente ou inférieure à celle
qui est associée à l'échelon 2 de
qualité du crédit ou à un échelon
supérieur en vertu des dispositions
du titre V, chapitre 4, relatives à
la pondération de risques sur les
entreprises;
–
de protectieverschaffer heeft een
interne beoordeling met een
kans op wanbetaling die gelijk is
aan of lager is dan die welke
overeenstemt
met
kredietwaardigheidscategorie 3
of een hogere categorie conform
de bepalingen van titel V,
hoofdstuk
4
voor
de
risicoweging op ondernemingen.
– le fournisseur fait l'objet d'une
évaluation interne avec une
probabilité de défaut équivalente
ou inférieure à celle qui est
associé à l'échelon 3 de qualité du
crédit ou à un échelon supérieur
en vertu des dispositions du titre
V, chapitre 4, relatives à la
pondération de risques sur les
entreprises.
Voor de toepassing van dit artikel, geldt
voor een kredietprotectie die wordt
verstrekt
door
exportkredietverzekeringsmaatschappijen
geen
enkele
uitdrukkelijke
tegenwaarborg
van
een
centrale
overheid.
Aux fins du présent article, la protection
de crédit fournie par des agences de
crédit à l'exportation ne bénéficie
d'aucune contregarantie formelle fournie
par une administration centrale.
325
Afdeling III – Minimumvereisten voor
de
inaanmerkingneming
van
volgestorte kredietprotecties
Section III – exigences minimales pour
la prise en compte des protections
financées du crédit
Art. VI.52
Art. VI.52
Onverminderd artikel VI.53,
moet voor de in aanmerkingneming van
volgestorte kredietprotectie voldaan zijn
aan
de
minimumvereisten
als
gedefinieerd in de artikelen V.29 tot
V. 34.
Sans préjudice de l’article VI.53,
aux fins de la reconnaissance des
protections financées du crédit, les
exigences minimales définies aux
articles V.29 à V.34 doivent être
remplies.
Art. VI.53
Art. VI.53
Minimumvereisten
voor
de
inaanmerkingneming als zekerheid
van te innen vorderingen en andere
zakelijke zekerheden
Exigences
minimales
pour
la
reconnaissance comme sûreté des
créances à recouvrer et autres sûretés
réelles.
§ 1. Te innen vorderingen als
bedoeld in artikel VI.49, 2°, worden pas
als zekerheid in aanmerking genomen
mits aan de onderstaande voorwaarden is
voldaan:
a)
Rechtszekerheid
i) De juridische akte op grond
waarvan de zekerheid wordt
verstrekt, is deugdelijk en effectief
en waarborgt dat de leninggever
duidelijke rechten heeft op de
opbrengsten van de zekerheid;
ii) De instellingen ondernemen alle
noodzakelijke stappen om aan de
lokale
vereisten
voor
de
uitvoerbaarheid van haar belang in
de zekerheid te voldoen. Er bestaat
een kader dat de leninggever in staat
stelt een voorrangsrecht op de
zekerheid te laten gelden, waarbij de
nationale overheden over de
mogelijkheid beschikken toe te
staan dat deze rechten worden
achtergesteld bij de rechten van
preferentiële crediteuren die in
wettelijke of uitvoeringsbepalingen
zijn neergelegd;
§ 1. Aux
fins
de
la
reconnaissance, comme sûretés, des
créances à recouvrer visées à
l’article VI.49, 2°, les conditions
suivantes doivent être remplies:
a)
Sécurité juridique
i) L’acte juridique établissant la
sûreté est solide et efficace et
établit clairement les droits du
prêteur sur le produit de la sûreté.
ii) Les établissements prennent toute
mesure nécessaire pour respecter
les exigences locales concernant
le caractère exécutoire de leur
intérêt dans la sûreté. Il existe un
cadre permettant au prêteur de
jouir d’une créance de premier
rang sur la sûreté, sous réserve de
la possibilité, pour les autorités
nationales, de subordonner cette
créance à celles des créanciers
prioritaires prévus dans les
dispositions
législatives
applicables ou dans leurs mesures
d’exécution.
326
iii) De instellingen hebben voldoende
juridisch onderzoek gedaan waaruit
blijkt
dat
de
zekerheidsovereenkomsten in alle
betrokken jurisdicties uitvoerbaar is;
en,
iii) Les établissements ont procédé à
un examen juridique suffisant
pour confirmer le caractère
exécutoire des contrats de sûretés
dans tous les pays concernés; et
iv) De zekerheidsovereenkomsten zijn
schriftelijk opgesteld en er bestaat
een duidelijke en deugdelijke
procedure
voor
een
snelle
uitwinning van de zekerheden. De
procedures van de instellingen
waarborgen dat alle wettelijke
voorwaarden voor het in staat van
wanbetaling
stellen
van
de
leningnemer en de snelle uitwinning
van de zekerheden in acht worden
genomen. Ingeval de leningnemer in
financiële moeilijkheden verkeert of
in staat van wanbetaling is, is de
instelling gemachtigd om de te
innen vorderingen aan andere
partijen te verkopen of over te
dragen
zonder
voorafgaande
goedkeuring van de debiteuren van
de te innen vorderingen.
iv) Les contrats de sûreté sont
dûment consignés par écrit et sont
assortis d’une procédure claire et
solide concernant la réalisation
rapide de la sureté. Les
procédures des établissements
garantissent que toute condition
juridique
requise
pour
la
déclaration
du
défaut
de
l’emprunteur et la réalisation
rapide de la sûreté est observée.
En cas de difficultés financières
ou de défaut de l’emprunteur,
l’établissement est habilité à
vendre ou céder à des tiers les
créances à recouvrer, sans
autorisation
préalable
des
débiteurs.
b)
Risicobeheer
b)
Gestion des risques
i) De instellingen beschikken over een
deugdelijke procedure voor de
bepaling van het kredietrisico dat
aan de te innen vorderingen
verbonden is. Deze procedure
omvat met name een analyse van de
bedrijfsactiviteit en de bedrijfstak
van de leningnemer en van de
soorten cliënten met wie de
leningnemer handelt. Wanneer de
instelling op de leningnemer
vertrouwt om het aan de cliënten
verbonden kredietrisico in te
schatten,
onderwerpt
zij
de
kredietpraktijken
van
de
leningnemer aan de een onderzoek
om zich van de deugdelijkheid en
geloofwaardigheid
ervan
te
vergewissen;
i) Les
établissements
doivent
disposer d’une procédure saine
pour déterminer le risque de
crédit lié aux créances à
recouvrer.
Cette
procédure
prévoit notamment une analyse
de l’activité et du secteur
d’activité de l’emprunteur, ainsi
que des catégories de clients avec
lesquels celui-ci traite. Lorsqu’il
se fie à l’emprunteur pour
déterminer le risque de crédit des
clients,
l’établissement
doit
examiner les pratiques de
l’emprunteur en matière de crédit,
en vue de s’assurer de leur
solidité et de leur crédibilité.
ii) De
marge
tussen
de
risicopositiewaarde en de waarde
ii) La marge existant entre le
montant de l’exposition et la
327
van de te innen vorderingen
weerspiegelt alle relevante factoren,
zoals onder meer de inningskosten,
de concentratie binnen de pool van
de te innen vorderingen die door een
enkele leningnemer in pand is
gegeven,
en
het
potentiële
concentratierisico binnen het geheel
van de risicoposities van de
instelling benevens die welke in het
kader
van
de
algemene
methodologie van de instelling
worden gecontroleerd. De instelling
voorziet
in
een
doorlopend
bewakingsproces dat passend is
voor de te innen vorderingen.
Voorts wordt de inachtneming van
leningsovereenkomsten,
milieubeperkingen
en
andere
wettelijke vereisten regelmatig aan
een nieuw onderzoek onderworpen;
valeur des créances à recouvrer
doit tenir compte de tous les
facteurs pertinents, notamment le
coût des recouvrements, la
concentration au sein du panier
de créances à recouvrer données
en nantissement par un même
emprunteur et l’éventuel risque
de concentration pour toutes les
expositions de l’établissement,
allant au-delà de ce que sa
méthode générale permet de
contrôler. L’établissement doit
mettre en œuvre une procédure de
contrôle continu qui soit adaptée
aux créances à recouvrer. De
plus, l’observation des clauses
des prêts, des contraintes
environnementales et des autres
exigences légales est contrôlée à
intervalles réguliers.
iii) De door een leningnemer in pand
gegeven te innen vorderingen zijn
gediversifieerd en er is geen sprake
van een ongepaste correlatie ervan
met de leningnemer. Wanneer er
sprake is van een duidelijke
positieve correlatie, wordt bij de
vaststelling van de marges voor de
pool van zekerheden als geheel met
de daarmee gepaard gaande risico’s
rekening gehouden;
iii) Les créances à recouvrer données
en
nantissement
par
un
emprunteur sont diversifiées et ne
sont pas excessivement corrélées
à ce dernier. En cas de corrélation
positive significative, les risques
liés sont pris en considération
dans la fixation des marges
applicables au panier des sûretés
dans son ensemble.
iv) Te innen vorderingen op verbonden
partijen van de leningnemer (met
inbegrip van dochterondernemingen
en werknemers) komen niet in
aanmerking voor risicomatiging; en,
iv) Les créances à recouvrer émanant
de parties liées à l’emprunteur (y
compris ses filiales et ses
salariés) ne sont pas reconnues
comme facteurs d’atténuation du
risque; et
v) De instelling beschikt over een
schriftelijk vastgelegde procedure
voor de inning van te ontvangen
betalingen in probleemsituaties. De
vereiste voorzieningen voor de
inning zijn getroffen, ook al
vertrouwt de instelling normaliter
op de leningnemer om betalingen te
innen.
v) L’établissement dispose d’une
procédure, consignée par écrit,
pour recouvrer les sommes dues
dans les situations critiques. Les
dispositifs
de
recouvrement
nécessaires sont en place, même
lorsque l’établissement compte
normalement sur l’emprunteur à
cet égard.
§ 2. Andere
zakelijke
§ 2.
Aux
fins
de
la
328
zekerheden als bedoeld in artikel VI.49,
3°, worden pas in aanmerking genomen
als aan de onderstaande voorwaarden is
voldaan.
reconnaissance des autres sûretés réelles
visées à l’article VI.49, 3°, les conditions
suivantes doivent être remplies:
a) de zekerheidsovereenkomst is
juridisch
rechtsgeldig
en
uitvoerbaar in alle betrokken
landen en stelt de instelling in
staat de waarde van het goed
binnen een redelijke termijn te
realiseren.
a)
b) met als enige uitzondering de in
artikel VI.53, § 1, a), ii),
bedoelde
toelaatbare
voorrangsrechten zijn alleen
eerste
pandrechten
of
bezwaringen op zekerheden
toelaatbaar. Het recht van de
instelling op de gerealiseerde
opbrengsten van de zekerheden
heeft derhalve voorrang op de
rechten
van
alle
andere
leninggevers.
b) à la seule exception des créances
prioritaires admissibles visées à
l’article VI.53, § 1, a) ii), seuls
les droits ou privilèges de premier
rang sur la sûreté sont éligibles.
L’établissement doit donc avoir
la priorité sur le produit réalisé de
la sûreté par rapport à tous les
autres prêteurs.
c) de waarde van het goed wordt
frequent en ten minste eenmaal
per jaar gecontroleerd. Er
worden frequentere controles
uitgevoerd
wanneer
de
marktomstandigheden
significante
veranderingen
ondergaan.
c)
d) de leningsovereenkomst bevat
een gedetailleerde beschrijving
van de zekerheid en een
gedetailleerde specificatie van
de wijze waarop en de
frequentie
waarmee
tot
herwaardering
wordt
overgegaan.
d) le contrat de prêt inclut une
description détaillée de la sûreté,
ainsi que des modalités et de la
fréquence des réévaluations.
e) de door de instelling aanvaarde
types zakelijke zekerheden en
de gedragslijnen en praktijken
ten aanzien van het bedrag van
elke type zekerheid dat passend
wordt geacht voor een gegeven
risicopositiewaarde,
worden
duidelijk schriftelijk vastgelegd
in de vorm van interne
e)
le contrat de sûreté est
juridiquement
valide
et
exécutoire dans tous les pays
concernés et il permet à
l’établissement de réaliser la
valeur du bien dans un délai
raisonnable.
la valeur du bien est contrôlée à
intervalles rapprochés et au
moins une fois par an. Un
contrôle plus fréquent est effectué
lorsque les conditions du marché
connaissent des changements
significatifs.
les types de sûretés réelles qui
sont acceptés par l’établissement
ainsi que ses politiques et
pratiques concernant le montant
approprié de chaque type de
sûreté par rapport au montant de
l’exposition sont
clairement
consignés par écrit dans des
politiques et procédures internes
329
en matière de crédit qui peuvent
faire l’objet d’un examen.
gedragslijnen en procedures
voor de kredietverlening die aan
een onderzoek kunnen worden
onderworpen.
f)
wat de structuur van de
transactie betreft, worden er in
het kader van het kredietbeleid
van de instelling passende eisen
gesteld aan de zekerheid met
betrekking tot criteria zoals de
risicopositiewaarde,
de
mogelijkheid om de zekerheid
vlot uit te winnen, de
mogelijkheid om op objectieve
wijze een prijs of marktwaarde
vast te stellen, de frequentie
waarmee de waarde makkelijk
te verkrijgen is (met inbegrip
van een professionele schatting
of waardering) en de volatiliteit
of een maatstraf voor de
volatiliteit van de waarde van de
zekerheid.
f)
en matière de structure de la
transaction, la politique de crédit
de l’établissement fixe des
exigences appropriées concernant
la sûreté, au regard de critères
comme
le
montant
de
l’exposition, la possibilité de
réaliser aisément la sûreté, la
possibilité de fixer objectivement
un prix ou une valeur de marché,
fréquence à laquelle la valeur de
la sûreté peut être aisément
connue (y compris par une
expertise ou une évaluation
professionnelle) et la volatilité ou
un indicateur fournissant une
approximation de la volatilité de
la valeur de la sûreté.
g) zowel bij de eerste waardering
als bij latere herwaarderingen
wordt ten volle rekening
gehouden met een eventuele
aantasting of economische
veroudering van de zekerheid.
Bij
de
waardering
en
herwaardering wordt bijzondere
aandacht besteed aan de
gevolgen van het verstrijken van
de tijd voor mode- of
tijdgevoelige zekerheden.
g) tant l’évaluation initiale que les
réévaluations tiennent pleinement
compte de toute détérioration ou
obsolescence de la sûreté. Une
attention particulière doit être
accordée, dans ce cadre, aux
effets du passage du temps sur les
sûretés sensibles aux modes ou
dates.
h) de instelling heeft het recht het
goed fysiek te inspecteren. Zij
heeft de nodige gedragslijnen en
procedures vastgesteld voor de
uitoefening van haar recht tot
fysieke inspectie; en,
h) l’établissement doit avoir le droit
d’inspecter physiquement le bien.
Il dispose de politiques et de
procédures prévoyant l’exercice
de ce droit; et
i)
i)
de instelling beschikt over
procedures om na te gaan of het
goed dat als protectie wordt
geaccepteerd,
adequaat
verzekerd is tegen schade.
l’établissement
dispose
de
procédures lui permettant de
s’assurer que le bien pris en
garantie est dûment assuré contre
les dommages.
330
Afdeling IV – Minimumvereisten voor
de inaanmerkingneming van nietvolgestorte kredietprotecties
Art. VI.54
Voor de instellingen die gebruik
maken
van
IRB
‘foundation’,
onverminderd artikel VI.55, dienen de
toelaatbaarheidvoorwaarden voor nietvolgestorte
kredietprotecties
als
gedefinieerd in titel V, hoofdstuk 5
voldaan te zijn.
Section IV – Exigences minimales
pour la prise en compte des
protections non financées du crédit
Art. VI.54
Pour les établissements adoptant
une approche NI dite ‘foundation’, sans
préjudice de l’article VI.55, les
conditions d’éligibilité des protections
non financées du crédit définies au
titre V, chapitre 5, doivent être
respectées.
Art. VI.55
Art. VI.55
Voorwaarden voor de toelaatbaarheid
van de behandeling waarbij de
dubbele wanbetaling in aanmerking
wordt genomen (artikel VI.9)
Conditions d’éligibilité au traitement
intégrant la reconnaissance du double
défaut (article VI.9)
Om in aanmerking te komen voor
de behandeling waarbij de dubbele
wanbetaling in aanmerking wordt
genomen als bedoeld in artikel VI.9, § 3,
moet een kredietprotectie in de vorm van
een garantie of een kredietderivaat aan
de volgende voorwaarden voldoen:
Les conditions ci-après doivent
être remplies pour que le traitement
intégrant la reconnaissance du double
défaut visé à l’article VI.9, § 3, soit
applicable à une protection de crédit
découlant d'une garantie ou un dérivé de
crédit:
a) de onderliggende vordering is:
a) la créance
concerner:
sous-jacente
doit
– een risicopositie op een
onderneming
zoals
is
gedefinieerd in artikel VI.2,
met
uitsluiting
van
verzekeringsen
herverzekeringsondernemingen, of,
– une
exposition sur
une
entreprise, telle que définie à
l’article VI.2, à l'exclusion des
entreprises d'assurance et de
réassurance, ou
– een risicopositie op een
regionale overheid, een lokale
overheid
of
een
publiekrechtelijke entiteit, die
niet wordt behandeld als een
risicopositie op een centrale
overheid of op een centrale
bank
overeenkomstig
artikel VI.2,
of
een
– une exposition sur une autorité
régionale, une autorité locale
ou
une
entité
du secteur public, qui n'est pas
traitée comme une exposition
sur une administration centrale
ou sur une banque centrale
conformément à l’article VI.2
ou– une exposition sur une
331
risicopositie op een kleine of
middelgrote onderneming die
is ingedeeld bij de categorie
risicoposities op retailcliënteel
overeenkomstig artikel VI.2;
petite ou moyenne entreprise,
classée dans la catégorie des
expositions sur la clientèle de
détail conformément à l’article
VI.2 ;
b) de onderliggende debiteuren
behoren niet tot dezelfde groep
als de protectieverschaffer;
b) les
débiteurs
sous-jacents
n'appartiennent pas au même
groupe que le fournisseur de la
protection;
c) het risico wordt gedekt door een
van de volgende instrumenten:
c) le risque est couvert par l'un des
instruments suivants:
– single-name niet-volgestorte
kredietderivaten of singlename garanties;
–
dérivé de crédit non financé
ou garantie reposant sur une
seule signature;
– kredietderivaten voor het
eerste
optredende
kredietverzuim; de methode
wordt toegepast op het in de
korf voorkomende actief met
het
laagste
gewogen
risicovolume;
–
dérivé de crédit au 1er
défaut fondé sur un panier
d'actifs – le traitement est
appliqué à l'actif qui, au
sein du panier, présente le
volume pondéré du risque
le plus faible;
kredietderivaten voor het nde
kredietverzuim; in dit kader is
de verkregen protectie slechts
toelaatbaar
indien
ook
toelaatbare protectie tegen de
(n-1)de
wanbetaling
is
verkregen of indien voor de
(n-1) van de in de korf
voorkomende activa reeds
sprake is van wanbetaling.
Als dat het geval is, wordt
dezelfde methode toegepast
op
het
in
de
korf
voorkomende actief met het
laagste
gewogen
risicovolume;
–
dérivé de crédit au nème
défaut fondé sur un panier
d'actifs – la protection
obtenue n'est éligible qu'à la
condition qu'une protection
éligible au (n-1)ème défaut
ait également été obtenue
ou qu'il y ait déjà eu défaut
sur (n-1) des actifs compris
dans le panier. Lorsque tel
est le cas, le traitement est
appliqué à l'actif qui, au
sein du panier, présente le
volume pondéré du risque
le plus faible.
–
d) de kredietprotectie voldoet aan de
voorwaarden vastgesteld in de
artikelen V.35 tot V.38;
d) la protection de crédit remplit les
conditions fixées aux articles
V.35 à V.38;
e) de weging die aan het risico
wordt toegekend vóór de
toepassing van de behandeling
voorgeschreven door artikel VI.9,
§ 3 wordt nog bij geen enkel
aspect van de kredietprotectie in
e) la pondération qui est associée
au risque avant l'application du
traitement prévu à l’article VI.9,
§ 3 n'est encore prise en
considération dans aucun aspect
de la protection de crédit;
332
aanmerking genomen;
f) de instelling heeft het recht en
verwacht
de
betaling
te
ontvangen
van
de
protectieverschaffer
zonder
gerechtelijke stappen te moeten
ondernemen om de wederpartij
tot betaling te dwingen. In de
mate
van
het
mogelijke
onderneemt de instelling de
nodige stappen om zich ervan te
vergewissen
dat
de
protectieverschaffer bereid is
terstond te betalen mocht er zich
een kredietgebeurtenis voordoen;
f)
l'établissement est en droit et
attend de recevoir paiement du
fournisseur de la protection sans
avoir à engager de procédures
judiciaires pour contraindre la
contrepartie au paiement. Dans
toute la mesure du possible,
l'établissement
s’emploie
à
s’'assurer que le fournisseur de la
protection
est
disposé
à
s'exécuter sans délai en cas
d'événement de crédit;
g) de gekochte kredietprotectie
vangt alle kredietverliezen op het
gedekte deel van de risicopositie
op, die zich voordoen als gevolg
van kredietgebeurtenissen die in
de
overeenkomst
zijn
omschreven;
g) la protection de crédit achetée
absorbe toutes les pertes de
crédit survenues sur la fraction
couverte de l’exposition à la
suite des événements de crédit
prévus au contrat;
h) wanneer de uitbetalingsstructuur
in een fysieke afwikkeling
voorziet,
moet
worden
aangetoond dat er rechtszekerheid
bestaat
aangaande
de
leverbaarheid van een lening,
obligatie of mogelijke vordering.
Indien de instelling de intentie
heeft om een andere vordering te
verstrekken
dan
het
onderliggende risico, zorgt zij
ervoor dat deze vordering liquide
genoeg is om haar in staat te
stellen deze te kopen voor
levering in overeenstemming met
het contract;
h) lorsque la structure de paiement
prévoit un règlement physique,
la sécurité juridique doit être
établie quant à la possibilité de
livrer le prêt, l'obligation ou la
créance éventuelle concernée. Si
l'établissement a l'intention de
livrer une créance autre que le
risque sous-jacent, il s'assure que
ladite créance est suffisamment
liquide pour lui permettre de
l'acquérir en vue de sa livraison
conformément au contrat;
i) de
bepalingen
van
de
kredietprotectieovereenkomst zijn
schriftelijk en juridisch bevestigd
door
zowel
de
protectieverschaffer
als
de
instelling;
i)
les clauses de la convention de
protection de crédit font l'objet
d'une confirmation juridique
écrite du fournisseur de la
protection et de l'établissement;
j) de instelling beschikt over
procedures om buitensporige
verbanden te ontdekken tussen de
kredietwaardigheid
van
een
j)
l'établissement a mis en place
des procédures lui permettant de
détecter
toute
corrélation
333
protectieverschaffer
en
de
debiteur van de onderliggende
vordering, ten gevolge van het
feit dat hun prestaties afhankelijk
zijn van gezamenlijke factoren
die de systematische risicofactor
te boven gaan;
excessive entre la qualité de la
signature d'un fournisseur de
protection et le débiteur de la
créance sous-jacente, tenant au
fait que leurs performances
dépendent de facteurs communs
allant au-delà du facteur de
risque systématique;
k) indien
bescherming
wordt
geboden
tegen
het
verwateringsrisico,
mag
de
verkoper
van
gekochte
kortlopende vorderingen niet tot
dezelfde groep behoren als de
protectieverschaffer.
k) en cas de protection contre le
risque de dilution, le vendeur des
créances achetées ne peut
appartenir au même groupe que
le fournisseur de la protection.
Afdeling V – Inaanmerkingneming
van
het
gevolg
van
de
kredietrisicomatiging voor volgestorte
kredietprotecties bij de berekening
van de risicoweging en het bedrag van
de verwachte verliezen
Section V – Prise en compte de l’effet
de l’atténuation du risque de crédit
pour les protections financées du
crédit dans le calcul des pondérations
de risques et des montants des pertes
anticipées
A. Kaderovereenkomst
A. Accord cadre
Art. VI.56
Art. VI.56
§ 1. Voor
de
kaderverrekeningsovereenkomsten met
betrekking tot retrocessieovereenkomsten
en/of verstrekte of opgenomen effectenof grondstoffenleningen en/of andere
kapitaalmarktgerelateerde
transacties,
wanneer de gewogen risicovolumes en
het bedrag van de verwachte verliezen
worden berekend volgens de regels van
toepassing op instellingen die een IRB
‘foundation’ volgen, wordt de volledig
aangepaste risicowaarde E*, berekend
overeenkomstig de regels in de artikelen
V.43 tot V.51 en in § 2 van dit artikel.
Deze E* wordt beschouwd, met het oog
op de hoofdstukken 3 tot 7 van deze titel,
als de risicopositiewaarde op de
wederpartij die voortvloeit uit de
transacties
die
onder
de
kaderverrekeningsovereenkomst vallen.
§ 1. Pour les accords cadres de
compensation couvrant des opérations
de pension et/ou des opérations
d’emprunt de titres ou de produits de
base et/ou d’autres opérations ajustées
aux conditions du marché, lorsque les
volumes pondérés risques et les
montants des pertes anticipées sont
calculés selon les règles applicables aux
établissements adoptant une approche NI
dite ‘foundation’, la valeur exposée au
risque pleinement ajustée, E*, est
calculée conformément aux règles
spécifiées aux articles V.43 à V.51, et au
§ 2 du présent article. Ce E* est
considéré, aux fins des chapitres 3 à 7 du
présent titre, comme la valeur exposée
au risque de l’exposition sur la
contrepartie résultant des opérations
couvertes par l’accord cadre de
compensation.
§ 2. Voor de berekening van
§ 2.
Aux fins du calcul de la
334
de
volledig
aangepaste
risicopositiewaarde E* als bedoeld in de
artikelen V.45, § 4 en V.50, is E de
risicopositiewaarde
die
aan
elke
risicopositie
onder
de
kaderovereenkomst
zou
worden
toegekend
bij
afwezigheid
van
kredietprotectie.
valeur exposée au risque pleinement
ajustée, E*, visé aux articles V.45, § 4,
et V.50, E est la valeur exposée au
risque qui serait attribuée à chaque
exposition distincte relevant de l’accord
cadre en l’absence de protection de
crédit.
B. Financiële zekerheden
B. Sûretés financières
Art. VI.57
Art. VI.57
§ 1. Voor
de
financiële
zekerheden, wanneer de gewogen
risicovolumes en de verwachte verliezen
worden berekend volgens de regels van
toepassing op instellingen die een IRB
‘foundation’ volgen, wordt de volledig
aangepaste
risicopositiewaarde
E*
berekend overeenkomstig de regels in de
artikelen V.58 tot V.70. Immers, de
eenvoudige benadering van financiële
zekerheden die is beschreven in de
artikelen V.55 tot V. 57, mag niet
worden toegepast als de risicoweging
van de risicoposities wordt berekend
volgens de regels die van toepassing zijn
op instellingen die de IRB ‘foundation’
volgen.
§ 1. Pour
les
sûretés
financières, lorsque
les volumes
pondérés des risques et des pertes
anticipées sont calculés selon les règles
applicables aux établissements adoptant
une approche NI dite ‘foundation’, la
valeur exposée au risque pleinement
ajustée, E*, est calculée conformément
aux règles spécifiées aux articles V.58 à
V70. En effet, l’approche simple fondée
sur les sûretés financières mentionnée
aux articles V.55 à V. 57, ne peut pas
être utilisée lorsque les pondérations de
risques sur des expositions sont
calculées selon les règles applicables aux
établissements adoptant l’approche NI
dite ‘foundation’.
§ 2. Voor de berekening van
de
volledig
aangepaste
risicopositiewaarde, E* bedoeld in artikel
V.60, is E de risicopositiewaarde zoals ze
zou worden bepaald volgens de IRB
‘foundation’, zonder zekerheid. Voor de
risicoposities
waarbij
de
risicopositiewaarde
evenwel
een
omrekeningsfactor omvat ingevolge de
regels in hoofdstuk 2 van deze titel, dient
E te worden berekend met toepassing van
een omrekeningsfactor (CF) van 100 %
in plaats van de omrekeningsfactoren
(CF’s) die zijn vastgelegd in dat
hoofdstuk.
§ 2. Aux fins du calcul de la
valeur exposée au risque pleinement
ajustée, E*, visé à l’article V.60, E est la
valeur exposée au risque telle qu’elle
serait déterminée dans l’approche NI
dite ‘foundation’ en l’absence de sûreté.
Toutefois pour les expositions dont la
valeur exposée au risque inclut un
facteur de conversion en vertu des règles
énoncées au chapitre 2 du présent titre, E
doit être calculé en appliquant un facteur
de conversion (CF) de 100 % en lieu et
place des facteurs de conversion (CFs)
prévus dans ledit chapitre.
Art. VI.58
Art. VI.58
Voorwaarde voor de toepassing van
Condition
pour
appliquer
un
335
een volatiliteitsaanpassing van 0 % bij
de
berekening
van
de
volatiliteitsaanpassingen wanneer de
instelling de uitgebreide methode volgt
ajustement de volatilité de 0% lors du
calcul des ajustements de volatilité
dans la méthode générale
Voor de berekening van de
volledig aangepaste risicopositiewaarde,
E* bedoeld in artikel V.60, mag, voor de
risicoposities die voldoen aan de
voorwaarden vastgesteld in artikel V.70,
een volatiliteitsaanpassing van 0 %
worden toegepast indien de instellingen
hun risicoweging en het bedrag van hun
verwachte verliezen berekenen volgens
de IRB ‘foundation’. Voor de toepassing
van dat artikel, mogen deze instellingen,
als “kerndeelnemers aan de markt”, naast
de entiteiten vermeld in punt h) van dit
artikel, ook de andere financiële
ondernemingen (met inbegrip van de
verzekeringsondernemingen) aanmerken
die geen kredietbeoordeling van een
erkende EBKI hebben maar waaraan in
het kader van een interne rating, een kans
op wanbetaling is toegekend die
gelijkwaardig
is
aan
de
kredietbeoordelingen
van
erkende
EKBI’s die, volgens de CBFA dienen te
zijn
ondergebracht
in
kredietwaardigheidscategorie 2 of in een
hogere categorie conform de bepalingen
van titel V, hoofdstuk 4 voor de
risicoweging op ondernemingen.
Aux fins du calcul de la valeur
exposée au risque pleinement ajustée,
E*, visé à l’article V.60, lorsque les
établissements
calculent
leurs
pondérations de risques et les montants
de leurs pertes anticipées conformément
à l’approche NI dite ‘foundation’, les
expositions remplissant les conditions
énoncées à l’article V.70 peuvent
bénéficier d’une correction de volatilité
de 0%. Aux fins de l’application dudit
article, ces établissements peuvent
considérer comme des « intervenants clé
du marché », outre les entités
mentionnées dans le point h) dudit
article, les autres entreprises financières
(y compris les entreprises d’assurance)
qui ne bénéficient pas d’une évaluation
du crédit établie par un OEEC reconnu,
mais qui reçoivent, dans le cadre d’une
notation interne, une probabilité de
défaut équivalente à celle correspondant
aux évaluations du crédit d’OEEC qui
doivent être associées, selon la CBFA, à
l’échelon 2 de qualité du crédit ou à un
échelon supérieur en vertu des
dispositions du titre V, chapitre 4,
relatives à la pondération de risques sur
les entreprises.
Art. VI.59
Art. VI.59
Berekening van de risicoweging en het
bedrag van de verwachte verliezen bij
het gebruik van de uitgebreide
methode
Calcul des pondérations de risques et
des montants des pertes anticipées
dans la méthode générale
Met het oog op artikel VI.48, § 3
dienen de instellingen, wanneer ze de
risicoweging en het bedrag van hun
verwachte verliezen berekenen volgens
de IRB ‘foundation’, de volgende regels
na te leven:
Aux fins de l’article VI.48, § 3,
lorsque les établissements calculent les
pondérations de risques et les montants
de leurs pertes anticipées conformément
à l’approche NI dite ‘foundation’, ils se
conforment aux règles suivantes:
- De LGD* (het effectieve verlies bij
wanbetaling) zoals hieronder is bepaald,
- Le LGD* (perte effective en cas de
défaut) tel que spécifié ci-dessous est
336
is gelijk aan de LGD met het oog op de
hoofdstukken 3 tot 7 van deze titel.
égal au LGD aux fins des chapitres 3 à 7
du présent titre.
LGD* = LGD x [E*/E]
LGD* = LGD x [E*/E]
Waarbij:
où:
- LGD het verlies bij wanbetaling is dat
op de risicopositie van toepassing zou
zijn indien de risicopositie niet door
zekerheden zou zijn gedekt;
-
LGD est la perte en cas de défaut
(LGD) qui s’appliquerait à
l’exposition dans l'hypothèse où
l’exposition ne serait pas couverte
par une sûreté;
- E de risicopositiewaarde is, berekend
overeenkomstig artikel VI.57, § 2;
-
E est la valeur exposée au risque
calculée conformément à l’article
VI.57, § 2;
- de waarde van E* wordt berekend
overeenkomstig de artikelen V.60 en
VI.57 tot VI.58.
-
La valeur de E* est calculée
conformément aux articles V. 60,
et VI.57 à VI.58.
C. Overige toelaatbare zekerheden
voor de IRB ‘foundation’
C. Autres sûretés admissibles pour
l’approche NI dite ‘foundation’.
Art. VI.60
Art. VI.60
Met het oog op artikel VI.48, § 3
dienen
de
instellingen
die
de
risicoweging en het bedrag van de
verwachte verliezen berekenen volgens
de IRB ‘foundation’ en die voldoen aan
de voorwaarden vastgesteld in de
artikelen V.31 tot V.34, VI.49 en VI.53,
zich aan de volgende regels te houden
voor de inaanmerkingneming van andere
toelaatbare zekerheden:
Aux fins de l’article VI.48, § 3,
lorsque les établissements qui calculent
les pondérations de risques et les
montants de leurs pertes anticipées
conformément à l’approche NI dite
‘foundation’ rencontrent les conditions
énoncées aux articles, V.31 à V.34,
VI.49 et VI.53, ils se conforment aux
règles suivantes pour la prise en compte
des autres sûretés éligibles:
1° Waardering van de zekerheden
1° Evaluation des sûretés
a)
Voor zekerheden in de vorm van
onroerend goed, zijn de regels
van artikel V.72 van toepassing;
a)
Pour les sûretés immobilières,
les règles définies à l’article
V.72 s’appliquent
b)
Voor te innen vorderingen is de
waarde van elke vordering het te
ontvangen bedrag;
b)
Pour les créances à recouvrer,
la valeur de chaque créance est
égale au montant à recevoir en
vertu de celle-ci.
c)
Voor
andere
zakelijke
zekerheden wordt het goed
tegen
marktwaarde
gewaardeerd;
dit
is
het
geraamde bedrag waartegen het
goed op de dag van de taxatie
c)
Pour les autres sûretés réelles,
le bien est évalué à sa valeur de
marché, c'est-à-dire le prix
estimatif pour lequel le bien
serait échangé à la date de
l’évaluation, entre un acheteur
337
door een willige verkoper op
marktconforme
wijze
zou
kunnen worden verkocht aan
een willige koper.
et un vendeur consentants, dans
le cadre d’une transaction
effectuée dans des conditions
de concurrence normale.
2° Berekening van het bedrag van de
verwachte verliezen en de risicoweging:
2° Calcul du montant des pertes
anticipées et de la pondération des
risques:
1)
Algemene behandeling
1)
Traitement général
a. De waarde van LGD* (het
effectieve
verlies
bij
wanbetaling) zoals berekend
volgens de onderstaande punten
b) tot d), is gelijk aan de waarde
van de LGD voor de toepassing
van de hoofdstukken 3 tot 7 van
deze titel.
a. La valeur de LGD* (perte
effective en cas de défaut)
telle
que
calculée
conformément aux points b à
d ci-dessous est égale à celle
de LGD aux fins des chapitres
3 à 7 du présent titre.
b. Wanneer de verhouding van de
waarde van de zekerheid (C) ten
opzichte
van
de
risicopositiewaarde (E) lager is
dan
een
bepaalde
drempelwaarde C* (d.w.z. het
verplichte dekkingsniveau door
een
zekerheid
voor
het
betrokken risico) als bedoeld in
tabel 3, dan is de waarde van
LGD* de in de hoofdstukken 3
tot 6 van deze titel bedoelde
waarde van LGD voor niet door
zekerheden
gedekte
risicoposities op de wederpartij.
b. Lorsque le rapport entre la
valeur de la sûreté (C) et la
valeur exposée au risque (E)
est inférieur au seuil C*
(degré
obligatoire
de
couverture par une sûreté,
pour le risque considéré) tel
qu’indiqué au tableau 3, la
valeur de LGD* est celle
prévue pour LGD aux
chapitres 3 à 6 du présent titre
pour les expositions non
garanties sur la contrepartie.
c. Wanneer de verhouding van de
waarde van de zekerheid ten
opzichte
van
de
risicopositiewaarde hoger is dan
een hogere drempelwaarde van
C** (d.w.z. het
vereiste
dekkingsniveau
door
een
zekerheid om volledig in
aanmerking te worden genomen
in de LGD) als vermeld in tabel
3, dan is de waarde van LGD*
de in tabel 3 weergegeven LGD.
c. Lorsque le rapport entre la
valeur de la sûreté et la valeur
exposée au risque dépasse le
seuil supérieur C** (degré de
couverture par une sûreté
requis
pour
une
reconnaissance intégrale de
LGD) tel qu’indiqué au
tableau 3, la valeur de LGD*
est celle apparaissant dans le
tableau 3.
d. In dit verband geldt dat wanneer
het
vereiste
niveau
van
d. À cet effet, lorsque le degré
requis de couverture par une
338
zekerheidsstelling (C**) niet
wordt bereikt ten aanzien van de
risicopositie als geheel, de
risicopositie
als
twee
afzonderlijke risicoposities moet
worden beschouwd – het
gedeelte waarvoor het vereiste
niveau van zekerheidsstelling
C** is bereikt en het resterende
gedeelte.
sûreté (C**) n’est pas atteint
pour
la
totalité
d’une
exposition, cette exposition est
traitée
comme
deux
expositions distinctes – la
partie pour laquelle le degré
de couverture C** est atteint,
et l’autre partie.
e. In tabel 3 worden de
toepasselijke
waarden
van
LGD*
en
de
vereiste
dekkingsniveaus
door
een
zekerheid vastgesteld voor het
gedekte gedeelte van de
risicopositie.
e. Le tableau 3 fixe les valeurs
applicables de LGD* et les
degrés requis de couverture
par une sûreté, pour la fraction
garantie de l’exposition.
Tabel 3
Minimumwaarde van LGD voor het gedekte gedeelte van de risicopositie
Vereist
minimumniveau van
de
zekerheidsstelling
(C**)
125 %
Te innen vorderingen
35 %
65 %
Vereist
minimumniveau van
de
zekerheidsstelling
(C*)
0%
Niet-zakelijk en
zakelijk onroerend
goed
35 %
65 %
30 %
140 %
Overige zekerheden
40 %
70 %
30 %
140 %
LGD* voor
nietachtergestelde
risicoposities
LGD*
voor
achtergestelde
risicoposities
339
Tableau 3
Valeur minimale de LGD pour la fraction garantie de l’exposition
Degré
minimum
requis de
couverture
par une
sûreté
(C**)
LGD* pour
les
expositions
de rang
supérieur
LGD* pour
les
expositions
subordonnées
Degré
minimum
requis de
couverture
par une
sûreté
(C*)
Créances à
recouvrer
35%
65%
0%
125%
Bien immobiliers
résidentiels et
commerciaux
35%
65%
30%
140%
Autres sûretés
40%
70%
30%
140%
340
Bij wijze van uitzondering staat
CBFA
de
instellingen
31 december 2012, zonder wijziging
de
bovenstaande
niveaus
zekerheidsstelling, toe om:
de
tot
van
van
À
titre
dérogatoire,
jusqu’au
31 décembre 2012, la CBFA autorise,
sans modification des taux de couverture
par une sûreté indiqués ci-dessus:
a)
een LGD van 30 % toe te kennen
aan
niet-achtergestelde
vorderingen in de vorm van de
leasing van zakelijk onroerend
goed; en,
a)
les établissements à appliquer une
valeur de LGD de 30 % aux
créances de rang supérieur liées à
des crédits-bails sur biens
immobiliers commerciaux, et
b)
een LGD van 35 % toe te kennen
aan
niet-achtergestelde
vorderingen in de vorm van de
leasing van uitrusting;
b)
les établissements à appliquer une
valeur de LGD de 35 % aux
créances de rang supérieur liées à
des crédits-bails sur biens
d’équipement.
c)
een LGD van 30 % toe te kennen
aan
niet-achtergestelde
vorderingen die zijn gedekt door
niet-zakelijk
of
zakelijk
onroerend goed.
c)
les établissements à appliquer une
valeur de LGD de 30 % aux
créances de rang supérieur
garanties
par
des
biens
immobiliers
résidentiels
ou
commerciaux.
Aan het eind van deze periode wordt
deze uitzondering opnieuw onderzocht.
À la fin de cette période, ce traitement
dérogatoire sera revu.
2) Alternatieve
behandeling
van
zekerheden in de vorm van onroerend
goed
2) Autre traitement autorisé des sûretés
immobilières
a. Onder voorbehoud van de in dit
punt a) en in onderstaand punt b)
vastgestelde vereisten kan de
CBFA de instellingen toestaan
om, in plaats van de in punt 2°, 1)
punten a) tot e) beschreven
behandeling, een risicoweging
van 50 % toe te passen op het
gedeelte van het risico dat
volledig gedekt is door
een
hypotheek op een niet-zakelijk of
zakelijk onroerend goed dat zich
op Belgisch grondgebied bevindt,
voor zover zij kunnen aantonen
dat de desbetreffende markten
goed ontwikkeld zijn en reeds
geruime tijd bestaan, en dat de
verliescijfers die uit door nietzakelijk of zakelijk onroerend
goed
gedekte
leningen
a. Sous réserve des exigences du
présent point a et du point b cidessous, la CBFA peut permettre
aux établissements d’appliquer, en
lieu et place du traitement prévu
aux point 2°, 1) points a à e, une
pondération de 50 % à la fraction
du risque intégralement garantie
par une hypothèque sur un bien
immobilier
résidentiel
ou
commercial situé sur le territoire
belge, pour autant qu’il soit
prouvé que les marchés concernés
sont bien développés et établis de
longue date, et présentent des taux
de pertes sur les prêts garantis par
des biens immobiliers résidentiels
ou commerciaux ne dépassant pas
les limites suivantes, pour chacune
341
de ces deux catégories de prêts:
voortvloeien, voor elk van de
twee categorieën leningen de
volgende
grenzen
niet
overschrijden:
1) de verliezen die voortvloeien
uit leningen die zijn gedekt
door niet-zakelijk of zakelijk
onroerend
goed,
respectievelijk, tot 50 % van de
marktwaarde
(of,
in
voorkomend geval, 60 % van
de hypotheekwaarde als die
waarde lager is), bedragen niet
meer dan 0,3 % van de in een
gegeven boekjaar uitstaande
leningen die zijn gedekt door
de genoemde vorm van
onroerend goed;
1)
les pertes liées aux prêts
garantis
par
des
biens
immobiliers résidentiels ou
commerciaux, respectivement,
jusqu’à 50% de la valeur de
marché (ou, le cas échéant,
60% de la valeur hypothécaire,
si cette valeur est plus faible)
ne dépassent pas 0,3% de
l’encours des prêts garanti par
ce type de biens immobiliers
pour un exercice donné;
2) de totale verliezen op leningen
gedekt door niet-zakelijk of
zakelijk onroerend goed, zijn
niet hoger dan 0,5 % van de in
een
gegeven
boekjaar
uitstaande leningen die door
dat type onroerend goed
worden gedekt.
2)
les pertes globales liées aux
prêts garantis par des biens
immobiliers résidentiels ou
commerciaux ne dépassent pas
0,5 % de l’encours de ces prêts
pour un exercice donné.
b. Indien in een gegeven boekjaar
niet wordt voldaan aan een van de
voorwaarden
vermeld
in
bovenstaand punt a), mag deze
behandeling niet meer worden
toegepast tot in een volgend
boekjaar
opnieuw
aan de
voorwaarden is voldaan.
b.
Si l’une ou l’autre des conditions
fixées au point a ci-dessus n’est
pas remplie durant un exercice
donné, le droit d'utiliser le
traitement susvisé cesse, jusqu’à
ce qu’elles soient de nouveau
remplies lors d’un exercice
ultérieur.
3° Wanneer aan de in artikel V.34, § 2,
gestelde voorwaarden is voldaan, wordt
op het deel van de risicopositie dat door
de
actuele
afkoopwaarde
van
kredietprotectie
als
bedoeld
in
artikel V.24, § 2, wordt gedekt, een LGD
van 40 % toegekend.
3° Lorsque les conditions fixées à
l’article V.34, § 2, sont remplies, la
fraction de l’exposition garantie par la
valeur actuelle de rachat de la protection
de crédit rentrant dans le cadre de l’article
V.24, § 2, se voit attribuer une valeur de
LGD de 40 %.
In geval van een valutamismatch wordt de
actuele afkoopwaarde verminderd in
overeenstemming met artikel V.74, § 2,
waarbij de waarde van de kredietprotectie
de actuele afkoopwaarde van de
levensverzekeringsovereenkomst is.
En cas d’asymétrie de devises, la valeur
actuelle
de
rachat
est
réduite
conformément à l’article V.74, § 2, la
valeur attribuée à la protection du crédit
étant la valeur actuelle de rachat de la
police d’assurance vie.
342
D. Geval van de gemengde zekerheden
D. Cas de sûretés mixtes
Art. VI.61
Art. VI.61
Met het oog op artikel VI.48, § 3,
wanneer de instellingen de risicoweging
en het bedrag van de verwachte verliezen
berekenen volgens de IRB ‘foundation’
en eenzelfde risicopositie zowel door
financiële zekerheden als door andere
toelaatbare zekerheden wordt gedekt,
wordt de waarde van LGD* (het
effectieve verlies bij wanbetaling) dat
voor de toepassing van de hoofdstukken
3 tot 7 van deze titel als LGD moet
worden beschouwd, als volgt berekend:
Aux fins de l’article VI.48, § 3,
lorsque les établissements calculent les
pondérations de risques et les montants de
leurs pertes anticipées conformément à
l’approche NI dite ‘foundation’ et qu’une
même exposition est couverte par des
sûretés financières et d’autres sûretés
éligibles, la valeur de LGD* (perte
effective en cas de défaut) devant tenir
lieu de LGD aux fins des chapitres 3 à 7
du présent titre est calculée comme suit:
a. De instelling splitst de voor
volatiliteit
gecorrigeerde
risicopositiewaarde (d.w.z. de
waarde na toepassing van de
volatiliteitsaanpassing
zoals
beschreven in artikel V.60) op,
waarbij elk deel slechts door
éénzelfde type van zekerheid
wordt gedekt. Dit houdt in dat de
instelling de risicopositie moet
opsplitsen in een gedeelte dat
wordt gedekt door toelaatbare
financiële zekerheden, naargelang
het geval, een gedeelte dat wordt
gedekt door te innen vorderingen,
een gedeelte dat wordt gedekt
door zekerheden in de vorm van
niet-zakelijk
en/of
zakelijk
onroerend goed, een gedeelte dat
wordt gedekt door overige
toelaatbare zekerheden en, in
voorkomend geval, een ongedekt
gedeelte.
a. L’établissement divise la valeur
de l’exposition corrigée pour
volatilité (autrement dit, après
application de la correction pour
volatilité prévue à l’article V.60)
en différentes fractions, dont
chacune est couverte par un seul
et même type de sûreté.
L’établissement doit, en d’autres
termes, diviser l’exposition en une
tranche couverte par des sûretés
financières éligibles, une tranche
couverte par des créances à
recouvrer, une tranche couverte
par des sûretés composées
d’immobilier résidentiel et/ou
commercial, une tranche couverte
par d’autres sûretés éligibles et
une tranche non couverte par des
sûretés, le cas échéant.
b. De LGD* wordt voor elk gedeelte
afzonderlijk
berekend,
overeenkomstig de relevante
bepalingen van titel V, hoofdstuk
5 en van dit hoofdstuk.
b. LGD* est calculé séparément
pour chaque tranche, selon les
dispositions pertinentes du titre V,
chapitre 5 et du présent chapitre.
343
Afdeling VI – Inaanmerkingneming
van
het
gevolg
van
de
kredietrisicomatiiging
voor
nietvolgestorte kredietprotectie bij de
berekening van de risicogeweging en
het bedrag van de verwachte verliezen
Art. VI.62
Met het oog op artikel VI.48, § 2,
moeten de
instellingen die
de
risicoweging en het bedrag van de
verwachte verliezen berekenen volgens
IRB 'foundation', zich aan de volgende
regel houden in plaats van aan de
overeenstemmende regels die zijn
vermeld in Titel V, hoofdstuk 5.
a. Wat het gedekte gedeelte van de
risicopositiewaarde (E) (op basis
van de aangepaste waarde van de
kredietprotectie GA) betreft, kan
de voor de toepassing van
hoofdstukken 3 tot 7 van deze
Titel te ramen kans op
wanbetaling (PD), de kans op
wanbetaling
van
de
protectieverschaffer zijn, of een
waarde tussen de kans op
wanbetaling van de leningnemer
en die van de garantiegever indien
de vervanging niet als volledig
wordt beschouwd. Indien een
achtergestelde risicopositie wordt
gedekt door niet-volgestorte, nietachtergestelde protectie, mag voor
de
toepassing
van
de
hoofdstukken 3 tot 7 van deze
Titel de waarde van de LGD
worden
gebruikt
die
van
toepassing is op een nietachteregstelde vordering.
b. Voor elk ongedekt gedeelte van
de risicopositiewaarde (E) is de
kans op wanbetaling (PD) die van
de leningnemer en is het verlies
bij wanbetaling (LGD) dat van de
onderliggende risicopositie.
c. GA is de waarde van G* zoals
Section VI – Prise en compte de l’effet
de l’atténuation du risque de crédit
pour les protections non financées du
crédit dans le calcul des pondérations
de risques et des montants des pertes
anticipées
Art. VI.62
Aux fins de l’article VI.48, § 2,
lorsque les établissements calculent les
pondérations de risques et les montants de
leurs pertes anticipées conformément à
l’approche NI dite ‘foundation’, ils se
conforment à la règle suivante en lieu et
place des règles correspondantes énoncées
au titre V, chapitre 5 :
a. Pour la fraction couverte de la
valeur exposée au risque (E) (sur la
base de la valeur corrigée de la
protection du crédit GA), la
probabilité de défaut (PD) aux fins
des chapitres 3 à 7 du présent titre
peut être la probabilité de défaut du
fournisseur de la protection, ou un
montant situé entre la probabilité
de défaut de l’emprunteur et celle
du garant, si la substitution n’est
pas réputée complète. Lorsqu’une
exposition de rang subordonné est
couverte par une protection non
financée non subordonnée, la
valeur de LGD applicable aux fins
des chapitres 3 à 7 du présent titre
peut être celle associée à une
créance de rang supérieur.
b. Pour toute fraction non couverte de
la valeur exposée au risque (E), la
probabilité de défaut (PD) est celle
de l’emprunteur et la perte en cas
de défaut (LGD), celle de
l’exposition sous-jacente.
c. GA est la valeur de G* telle que
calculée
conformément
à
l’article V.74, § 2, corrigée d’une
éventuelle asymétrie des échéances
comme indiqué à l’article VI.63. E
est la valeur exposée au risque
conformément au chapitre 2. A ces
344
berekend
overeenkomstig
artikel V.74,
§ 2,
nader
gecorrigeerd voor een eventueel
looptijdverschil zoals beschreven
in
artikel V.63.
E
is
de
risicopositiewaarde als bedoeld in
hoofdstuk 2. Te dien einde wordt
de waarde van de in artikelen VI.7
en VI.8 vermelde risicoposities
berekend met gebruikmaking van
een
omrekeningsfactor
of
percentage van 100 % in plaats
van de in die artikelen vermelde
omrekeningsfactoren
of
percentages.
fins, la valeur exposée au risque
des éléments énumérés aux
articles VI.7 et VI.8 est calculée en
appliquant
un
facteur
de
conversion ou un pourcentage de
100 % plutôt que les facteurs de
conversion ou les pourcentages
prévus par ces articles.
Afdeling VII – Looptijdverschillen
Section VII – Asymétries d’échéances
Art. VI.63
Art. VI.63
§ 1. Onverminderd § 2 van dit
artikel, passen de instellingen, wanneer ze
de risicoweging en het bedrag van de
verwachte verliezen berekenen volgens de
IRB ‘foundation’, de regels toe die zijn
gedefinieerd in de artikelen V.76 tot
V. 78.
§ 1. Sans préjudice du § 2 du
présent article, lorsque les établissements
calculent les pondérations de risques et les
montants de leurs pertes anticipées
conformément à l’approche NI dite
‘foundation’, ils appliquent les règles
définies aux articles V.76 à V.78.
§ 2. Voor de toepassing van
artikel V.76, wordt de kredietprotectie bij
een looptijdverschil niet in aanmerking
genomen wanneer de oorspronkelijke
looptijd van de oorspronkelijke protectie
minder dan 1 jaar bedraagt of wanneer de
gedekte risicopositie een door de
bevoegde autoriteiten gespecificeerde
kortlopende risicopositie is waarvan de
looptijd (M) onderworpen is aan een
minimumgrens van 1 dag en niet van 1
jaar, met toepassing van artikel VI.13, § 2.
§ 2. Aux fins de l’application de
l’article V.76, en cas d’asymétrie des
échéances la protection de crédit n’est pas
prise en compte lorsque l’échéance initiale
de la protection initiale est inférieure à 1
an ou lorsque l’exposition couverte est une
exposition à court terme spécifiée par les
autorités compétentes comme ayant une
valeur d’échéance (M) soumise à un
plancher d’un jour et non pas d’un an, en
application de l’article VI.13, § 2.
Hoofdstuk 9: Minimumvereisten voor
de internemodellenbenaderingen
Chapitre 9: Exigences minimales pour
les approches modèles internes
Afdeling I – Kwalitatieve vereisten
Section I – Exigences qualitatives
ONDERAFDELING I – USE TEST
SOUS-SECTION I – USE TEST
Art. VI.64
Art. VI.64
345
Overeenkomstig artikel VI.4 wordt de
goedkeuring van de CBFA voor het
gebruik van een intern ratingsysteem
voor de berekening van de gewogen
risicovolumes afhankelijk gesteld van de
voorwaarde dat de interne ratings en de
ramingen van wanbetalingen en verliezen
gebruikt bij de berekening van de
eigenvermogensvereisten, evenals de
verbonden systemen en processen, een
essentiële
rol
spelen
in
het
risicomanagement
en
het
besluitvormingsproces, alsook in het
goedkeuringsmechanisme
van
het
krediet, de interne verdeling van het
intern kapitaal en het deugdelijk bestuur
van de instelling.
Conformément
à
l’article
VI.4,
l’autorisation de la CBFA d’utiliser un
système de notation interne aux fins du
calcul du volume pondérés des risques est
subordonnée à la condition que les
notations internes et les estimations de
défauts et de pertes utilisées dans le calcul
des exigences de fonds propres ainsi que
les systèmes et processus liés jouent un
rôle essentiel dans la gestion des risques
et le processus décisionnel, ainsi que dans
le mécanisme d'approbation du crédit, la
répartition interne du capital interne et le
gouvernement
d’entreprise
de
l’établissement.
ONDERAFDELING II
TOEZICHT
SOUS-SECTION II – GOUVERNEMENT
SURVEILLANCE D’ENTREPRISE
– DEUGDELIJK BESTUUR EN
ET
A. Deugdelijk bestuur
A. Gouvernement d'entreprise
Art. VI.65
Art. VI.65
§ 1. Alle wezenlijke aspecten
van het rating- en het ramingproces
worden goedgekeurd door het hoogste
bestuursorgaan van de instelling of een
door haar aangesteld ad hoc comité, en
door de effectieve leiding van de
instelling. Deze partijen dienen een
algemeen inzicht in het ratingsysteem
van de instelling te hebben en een
diepgaand begrip van de daarmee
samenhangende beheerverslagen.
§ 1. Tous
les
aspects
significatifs des processus de notation et
d'estimation sont approuvés par le plus
haut
organe
d’administration
de
l’établissement, ou un comité ad hoc qu'il
aura nommé, ainsi que par la direction
effective de l'établissement. Ces entités
doivent avoir une connaissance générale
du système de notation de l'établissement
et une compréhension approfondie des
rapports de gestion qui y sont liés.
§ 2. De effectieve leiding van
de
instelling
stelt
het
hoogste
bestuursorgaan van de instelling of het ad
hoc comité in kennis van alle wezenlijke
wijzigingen in of uitzonderingen op de
bestaande beleidslijnen die een invloed
van betekenis zullen hebben op de
werking van het ratingsysteem van de
instelling.
§ 2. La direction effective de
l'établissement informe le plus haut
organe
d’administration
de
l’établissement ou le comité ad hoc, de
toute modification significative des
politiques établies, ou de toute dérogation
significative à celles-ci, qui aura un
impact significatif sur le fonctionnement
du système de notation de l’établissement.
346
§ 3. De effectieve leiding van
de instelling heeft een goed inzicht in de
opzet en de werking van het
ratingsysteem. Zij ziet er continu op toe
dat
het
systeem
naar
behoren
functioneert. Zij wordt geregeld door de
met kredietrisicobeheer belaste eenheid
op de hoogte gehouden van de werking
van het ratingproces, de punten waarvoor
verbeteringen noodzakelijk zijn en de
vorderingen die zijn gemaakt bij het
verhelpen van eerder vastgestelde
gebreken.
§ 3. La direction effective de
l'établissement
a
une
bonne
compréhension de la conception du
système de notation et de son mode de
fonctionnement.
Elle
veille
en
permanence à ce qu’il fonctionne
correctement. Elle est régulièrement
informée, par l’unité de contrôle du risque
de crédit, de la performance du processus
de notation, des aspects qui doivent être
améliorés et de l’état d’avancement des
efforts visant à remédier aux insuffisances
détectées.
§ 4. De op de interne ratings
gebaseerde
analyse
van
het
kredietrisicoprofiel van de instelling
vormt een essentieel onderdeel van de
beheerverslagen aan de voornoemde
partijen. Deze verslaggeving bevat ten
minste de volgende gegevens: het
risicoprofiel per klasse, de migratie van de
ratings tussen de klassen, de raming van
de relevante parameters per klasse en een
vergelijking
tussen,
enerzijds,
de
gerealiseerde wanbetalingsgraden en, in
de mate waarin eigen ramingen worden
gebruikt, de gerealiseerde waarden van
LGD’s en omrekeningsfactoren (CF’s),
en, anderzijds, de verwachtingen en
resultaten
van
stresstests.
De
rapporteringsfrequentie hangt af van het
belang van de informatie, het type
informatie en het niveau van de
ontvanger.
§ 4. L’analyse, fondée sur les
notations
internes,
du
profil de
l’établissement en termes de risque de
crédit constitue un volet essentiel des
rapports de gestion soumis aux entités
précitées. Ces rapports contiennent au
minimum les informations suivantes:
profil de risque par échelon, migration des
notations entre échelons, estimation des
paramètres pertinents par échelon et
comparaison entre, d’une part, les taux de
défaut effectifs et, dans la mesure où les
estimations propres sont utilisées, des
valeurs effectives des LGD et des facteurs
de conversion (CFs) et, d’autre part, les
prévisions et les résultats produits par les
simulations de crises. La fréquence des
rapports dépend de l’importance et du type
d’informations communiquées et du
niveau du destinataire.
347
B. Kredietrisicobeheer
B. Contrôle du risque de crédit
Art. VI.66
Art. VI.66
§ 1. De
met
kredietrisicobeheer belaste eenheid is
onafhankelijk van het personeel en
management die instaan voor de
toekenning
of
vernieuwing
van
risicoposities en rechtstreeks verslag
uitbrengen aan de effectieve leiding van
de instelling, in voorkomend geval het
directiecomité, of aan het hoogste
bestuursorgaan.
Deze
eenheid
is
verantwoordelijk voor de opzet of
selectie, de tenuitvoerlegging, de controle
en de werking van het ratingsysteem. Ze
produceert en analyseert regelmatig
verslagen over de resultaten van het
ratingsysteem.
§ 1. L’unité de contrôle du
risque de crédit est indépendante des
membres
du
personnel
et
de
l’encadrement qui sont chargés d’octroyer
ou de renouveler les expositions et rend
directement compte à la direction
effective de l'établissement, le cas échéant
le comité de direction s’il existe, ou au
plus haut organe de direction. Elle est
responsable de la conception ou de la
sélection, de la mise en œuvre, de la
surveillance et de la performance du
système de notation. Elle élabore et
analyse régulièrement des rapports sur les
résultats produits par celui-ci.
§ 2. De
met
kredietrisicobeheer belaste eenheid heeft
de volgende taken:
§ 2.
Il incombe à l’unité de
contrôle du risque de crédit:
a)
testen en controleren
ratingklassen en -pools;
van
a)
de tester et de contrôler les
échelons et catégories de
notation;
b)
produceren en analyseren van
syntheses
over
het
ratingsysteem;
b)
d’élaborer et d’analyser des
synthèses sur le système de
notation;
c)
invoeren van procedures om
ervoor te zorgen dat de
definities van de klassen en
pools in alle afdelingen en
geografische
vestigingen
consequent worden toegepast;
c)
de mettre en œuvre des
procédures visant à garantir que
les définitions des échelons et
catégories sont appliquées de
façon cohérente dans les
différents
services
et
implantations géographiques;
d)
evalueren en op schrift stellen
van alle wijzigingen in het
ratingproces, met opgave van
de
redenen
voor
deze
wijzigingen;
d)
d’examiner et de consigner par
écrit
toute
modification
apportée au processus de
notation, y compris les raisons
de cette modification;
e)
evalueren van de ratingcriteria
om na te gaan of zij het risico
blijven
voorspellen.
De
wijzigingen in het ratingproces,
de criteria of de afzonderlijke
e)
d’examiner les critères de
notation, pour déterminer s’ils
conservent leur pouvoir de
prédiction du risque. Les
changements
apportés
au
348
processus, aux critères ou
autres paramètres de notation
sont consignés par écrit et
archivés;
ratingparameters
worden
schriftelijk
vastgesteld
en
bijgehouden;
f)
actief deelnemen aan de opzet
of
selectie,
de
tenuitvoerlegging en validatie
van de modellen die in het
kader van het ratingproces
worden gebruikt;
f)
de participer activement à la
conception ou à la sélection, à
la mise en œuvre et à la
validation des modèles utilisés
dans le cadre du processus de
notation;
g)
toezicht
houden
op
de
modellen die in het kader van
het
ratingproces
worden
gebruikt;
g)
de contrôler et de surveiller les
modèles utilisés dans le cadre
du processus de notation;
h)
voortdurend
herzien
en
verbeteren van de modellen die
in het kader van het
ratingproces worden gebruikt.
h)
de revoir et de perfectionner
continuellement les modèles
utilisés dans le cadre du
processus de notation.
§ 3. Niettegenstaande § 2
mogen instellingen die gebruik maken
van
gegevens
uit
datapools,
overeenkomstig artikel VI.88, §§ 9 en 10,
de volgende taken uitbesteden:
§ 3. Nonobstant le § 2, les
établissements qui recourent à des
données centralisées, conformément à
l’article VI.88, §§ 9 et 10, peuvent
externaliser les tâches suivantes:
a)
produceren van informatie die
relevant is voor het testen en
controleren van ratingklassen en
-pools;
a)
la production d’informations
pertinentes aux fins du test et du
contrôle des échelons et
catégories de notation;
b)
produceren van syntheses over
het ratingsysteem;
b)
la production de synthèses sur le
système de notation;
c)
produceren van informatie die
relevant is voor het evalueren
van de ratingcriteria om na te
gaan of zij het risico blijven
voorspellen;
c)
la production d’informations
pertinentes aux fins de la
révision des critères de notation
pour déterminer s’ils conservent
leur pouvoir de prédiction du
risque;
d)
schriftelijk vaststellen van de
wijzigingen in het ratingproces,
de criteria of de afzonderlijke
ratingparameters;
d)
l’enregistrement
écrit
des
changements
apportés
au
processus, aux critères ou aux
paramètres
individuels
de
notation;
e)
produceren van informatie die
relevant is voor het voortdurend
herzien en verbeteren van de
modellen die in het kader van
e)
la production d’informations
pertinentes aux fins de la
révision et du perfectionnement
continus des modèles utilisés
349
worden
dans le cadre du processus de
notation.
De instellingen die gebruik maken van de
in deze paragraaf geboden mogelijkheid,
zorgen ervoor dat de CBFA bij de
betrokken derde toegang heeft tot alle
relevante informatie die zij nodig heeft
om na te gaan of aan de
minimumvereisten is voldaan, en dat de
CBFA inspecties ter plaatse kan
verrichten die evenwaardig zijn aan de
inspecties die zij bij de instelling verricht.
Les établissements qui appliquent le
présent paragraphe veillent à ce que la
CBFA ait accès, auprès du tiers impliqué,
à toutes les informations pertinentes dont
elle a besoin pour vérifier le respect des
exigences minimales et à ce qu’elle puisse
procéder à des vérifications sur place dans
la même mesure que dans les locaux de
l’établissement.
C. Interne audit
C. Audit interne
Art. VI.67
Art. VI.67
De eenheid interne audit of een
andere vergelijkbare en onafhankelijke
auditeenheid controleert ten minste
eenmaal per jaar het ratingsysteem van
de instelling en de werking ervan, met
inbegrip van de werking van de
kredietfunctie en de ramingen van de
PD’s,
LGD’s,
EL’s
en
de
omrekeningsfactoren (CF’s). In het
bijzonder wordt de inachtneming van alle
toepasselijke
minimumvereisten
gecontroleerd.
L’unité d’audit interne ou une
autre
unité
d'audit
indépendante
comparable revoit, au moins une fois par
an, le système de notation de
l’établissement et son fonctionnement, y
compris le fonctionnement de sa fonction
de crédit et les estimations des valeurs de
PD, de LGD, de EL et des facteurs de
conversion (CFs). Le respect de toutes les
exigences minimales applicables est
notamment vérifié.
ONDERAFDELING III
RATINGSYSTEEM
SOUS-SECTION III – CARACTERISTIQUES
het
ratingproces
gebruikt.
- KENMERKEN
A. Algemene kenmerken
ratingsystemen
VAN EEN
D’UN
SYSTEME DE NOTATION
van
de
A. Caractéristiques
systèmes de notation
générales
des
Art. VI.68
Art. VI.68
§ 1. Een “ratingsysteem” is
het geheel van methoden, processen,
controlemaatregelen,
gegevensverzamelingsen
informatiesystemen voor de beoordeling
van het kredietrisico, de indeling van
risicoposities bij gegeven klassen of
pools en de kwantificering van ramingen
betreffende de kans op wanbetaling en de
verliezen bij wanbetaling voor een
§ 1. Par «système de notation»,
on désigne l’ensemble des méthodes,
processus, contrôles, systèmes de collecte
de données et systèmes d’information qui
permettent l’évaluation du risque de
crédit, l’affectation des expositions à un
échelon donné ou à une catégorie donnée
et la quantification de la probabilité de
défaut et des estimations de pertes pour
un type d’exposition donné.
350
bepaalde risicopositiesoort.
§ 2. Indien een instelling van
meerdere ratingsystemen gebruik maakt,
wordt de gedachtegang achter de
toewijzing van een ratingsysteem voor
een bepaalde debiteur of transactie
schriftelijk vastgelegd en op zodanige
wijze toegepast dat het risiconiveau
adequaat wordt weerspiegeld.
§ 2. Lorsqu’un
établissement
utilise plusieurs systèmes de notation, la
logique sous-tendant l’affection d’un
débiteur donné ou d’une transaction
donnée à tel ou tel système doit être
documentée et appliquée d’une façon qui
reflète adéquatement le niveau de risque
encouru.
Art. VI.69
Art. VI.69
De criteria en procedures voor de
toewijzing van risicoposities aan de
ratingsystemen, pools of klassen worden
geregeld herzien om na te gaan of zij nog
steeds afgestemd zijn op de actuele
portefeuille van risicoposities en op de
externe omstandigheden.
Les critères
et
procédures
d’affectation des
expositions
aux
systèmes de notation, aux catégories
(pools) ou aux échelons (grades) sont
revus régulièrement, afin de déterminer
s’ils restent appropriés pour le portefeuille
actuel d’expositions et au regard des
conditions extérieures.
B. Opzet van de ratingsystemen
B. Structure des systèmes de notation
Art. VI.70
Art. VI.70
Wanneer een instelling gebruik
maakt van directe ramingen van haar
risicoparameters, mogen die worden
aangemerkt als het resultaat van een
indeling per klasse op een continue
ratingschaal.
Lorsqu’un établissement utilise
des estimations directes de ses paramètres
de risque, celles-ci peuvent être
considérées comme le résultat d’un
classement par échelon sur une échelle de
notation continue.
351
B.1. Risicoposities op ondernemingen,
instellingen en centrale overheden
en centrale banken
B.1. Expositions sur les entreprises, les
établissements
et
les
administrations
centrales
et
banques centrales
Art. VI.71
Art. VI.71
§ 1. Elk ratingsysteem dat
wordt toegepast op risicoposities die
behoren tot de categorie risicoposities op
ondernemingen, instellingen, centrale
overheden en centrale banken, houdt
rekening met de debiteuren- en
transactierisicokenmerken.
§ 1. Tout système de notation
appliqué à des expositions appartenant à
la catégorie des expositions sur des
entreprises, des établissements, des
administrations centrales et des banques
centrales,
tient
compte
des
caractéristiques de risque du débiteur et
de la transaction.
1° De dimensie debiteuren
1° La dimension débiteurs
§ 2. Elk in § 1 bedoeld
ratingsysteem heeft een ratingschaal voor
debiteuren die uitsluitend betrekking
heeft op de kwantificering van het
wanbetalingsrisico van deze debiteuren.
Deze schaal telt ten minste zeven klassen
voor de debiteuren die niet in staat van
wanbetaling zijn en één klasse voor de
debiteuren die wel in staat van
wanbetaling zijn.
§ 2. Tout système de notation
visé au § 1 inclut une échelle de notation
des débiteurs qui reflète exclusivement la
quantification du risque de défaut
présenté par ceux-ci. Cette échelle
comporte au moins sept échelons pour les
débiteurs non défaillants et un échelon
pour les débiteurs défaillants.
§ 3. Een “debiteurenklasse”
is een categorie van risico’s in het kader
van een ratingschaal voor debiteuren in
een ratingsysteem waarin debiteuren
worden ondergebracht op grond van een
gespecificeerd en welbepaald samenstel
van criteria en waaruit de kansen op
wanbetaling (PD) worden afgeleid. De
betrokken instelling legt schriftelijk vast
welke de relatie is tussen de
verschillende
debiteurenklassen
in
termen van wanbetalingsrisiconiveau per
klasse en de criteria die worden
gehanteerd om dit niveau te bepalen.
§ 3. Par «échelon de débiteurs»,
on désigne une catégorie de risques à
laquelle certains débiteurs sont affectés,
dans le cadre d’une échelle de notation
des débiteurs incluse dans un système de
notation, sur la base d’un ensemble précis
et distinct de critères à partir desquels les
estimations de la probabilité de défaut
(PD) sont établies. L’établissement
concerné constitue une documentation
expliquant la relation liant les différents
échelons de débiteurs, en termes de
niveau de risque de défaut que recouvrent
chaque échelon, et les critères utilisés
pour déterminer ce niveau.
§ 4. Instellingen waarvan de
portefeuilles
in
een
welbepaald
marktsegment en in een welbepaalde
§ 4. Les établissements dont les
portefeuilles sont concentrés dans un
segment de marché particulier, avec une
352
bandbreedte van het wanbetalingsrisico
zijn geconcentreerd, zorgen ervoor dat er
binnen dat deze bandbreedte voldoende
debiteurenklassen zijn om buitensporige
concentraties van debiteuren in één
bepaalde
klasse
te
vermijden.
Significante
concentraties
in één
welbepaalde debiteurenklasse worden
gemotiveerd
door
middel
van
overtuigend empirisch bewijsmateriaal
waaruit blijkt dat deze debiteurenklasse
een redelijk smalle bandbreedte van de
kans op wanbetaling bestrijkt en dat het
wanbetalingsrisico dat alle in de
desbetreffende klasse ondergebrachte
debiteuren lopen, binnen die bandbreedte
valt.
fourchette particulière de risque de défaut,
disposent
d’un
nombre
suffisant
d’échelons de débiteurs dans cette
fourchette pour éviter une concentration
excessive de débiteurs sur un échelon
donné. Les concentrations significatives
sur un échelon de débiteurs donné sont
étayées par des preuves empiriques
convaincantes que cet échelon couvre une
fourchette de probabilité de défaut
raisonnablement étroite et que le risque de
défaut présenté par tous les débiteurs de
l’échelon tombe dans cette fourchette.
2° De dimensie transacties
2° La dimension transactions
§ 5. Opdat het gebruik van
eigen ramingen van de verliezen bij
wanbetaling (LGD’s) voor de berekening
van
de
reglementaire
eigenvermogensvereisten door de CBFA
wordt toegestaan, moet een ratingsysteem
een afzonderlijke ratingschaal voor
kredietfaciliteiten
omvatten
waarin
uitsluitend transactiekenmerken worden
weerspiegeld die verband houden met
deze verliezen bij wanbetaling (LGD’s).
§ 5. Pour que l’utilisation des
propres estimations des pertes en cas de
défaut (LGDs) aux fins du calcul des
exigences de fonds propres réglementaires
soit admise par la CBFA, un système de
notation doit inclure une échelle distincte
de notation des facilités de crédit qui
reflète exclusivement les caractéristiques
des transactions liées auxdites pertes en
cas de défaut (LGDs).
§ 6. Een
“kredietfaciliteitenklasse”
is
een
categorie van risico’s in het kader van
een ratingschaal voor faciliteiten in een
ratingsysteem
waarin
bepaalde
risicoposities worden ondergebracht op
grond van een gespecificeerd en
welbepaald samenstel van ratingcriteria
en waaruit eigen LGD-ramingen worden
afgeleid. De definitie van de klasse
omvat een beschrijving van de wijze
waarop risicoposities in een klasse
worden ondergebracht en van de
gehanteerde criteria om de risiconiveaus
van de diverse klassen van elkaar te
onderscheiden.
§ 6. Par «échelon de facilités de
crédit», on désigne une catégorie de
risques à laquelle certaine expositions
sont affectées, dans le cadre d’une échelle
de notation des crédits incluse dans un
système de notation, sur la base d’un
ensemble précis et distinct de critères de
notation à partir desquels les propres
estimations de LGD sont établies. La
définition de l’échelon inclut une
description tant des modalités selon
lesquelles les expositions sont affectées à
tel ou tel échelon que des critères utilisés
pour distinguer le niveau de risque
associé à chaque échelon.
353
§ 7. Significante
concentraties in één welbepaalde
kredietfaciliteitenklasse
worden
gemotiveerd
door
middel
van
overtuigend empirisch bewijsmateriaal
waaruit blijkt dat deze klasse een redelijk
smalle LGD-bandbreedte bestrijkt en dat
het risico dat aan alle in de
desbetreffende klasse ondergebrachte
kredieten verbonden is, binnen die
bandbreedte valt.
§ 7. Les
concentrations
significatives sur un échelon de facilités
de crédit donné sont étayées par des
preuves empiriques convaincantes que cet
échelon couvre une fourchette de LGD
raisonnablement étroite et que le risque
présenté par tous les crédits de l’échelon
tombe dans cette fourchette.
3° Bijzonder geval van de risicoposities
ingevolge gespecialiseerde financiering
wanneer de instelling de
'slotting
criteria' methode gebruikt
3° Cas spécifique des expositions de
financement
spécialisé
lorsque
l'établissement utilise la méthode dite des
'slotting criteria'.
§ 8. Instellingen die voor de
toekenning van een risicoweging aan hun
risicoposities ingevolge gespecialiseerde
financiering de in artikel VI.37, § 2
beschreven methode toepassen (de
‘slotting
criteria’
methode),
zijn
vrijgesteld van de verplichting om een
ratingschaal voor debiteuren te hanteren
die uitsluitend het wanbetalingsrisico van
de debiteur voor de betrokken
risicoposities
kwantificeert.
Niettegenstaande § 2 van dit artikel
hebben deze instellingen voor deze
risicoposities ten minste vier categorieën
voor debiteuren die niet in staat van
wanbetaling zijn en één categorie voor
debiteuren die wel in staat van
wanbetaling zijn.
§ 8. Les
établissements
qui
appliquent la méthode exposée à
l'article VI.37, § 2, pour l’attribution de
pondérations de risques à leurs
expositions de financement spécialisé
(méthode des 'slotting criteria'), sont
exonérés de l'obligation de disposer d'une
échelle de notation des débiteurs reflétant
exclusivement la quantification du risque
de défaut présenté par ceux-ci pour
lesdites expositions. Nonobstant le § 2 du
présent article, ces établissements
disposent au moins, pour ces expositions,
de quatre catégories pour les débiteurs
non défaillants et d’une catégorie pour les
débiteurs défaillants.
354
B.2. Risicoposities op retailcliënteel
B.2. Expositions sur la clientèle de
détail
Art. VI.72
Art. VI.72
§ 1. Elk ratingsysteem dat
wordt toegepast op risicoposities die
behoren tot de categorie risicoposities op
retailcliënteel,
moet
zowel
het
debiteuren- als het transactierisico
weerspiegelen en rekening houden met
alle
relevante
debiteurenen
transactiekenmerken.
§ 1. Tout système de notation
appliqué à des expositions appartenant à
la catégorie d’expositions sur la clientèle
de détail doit refléter le risque inhérent
tant au débiteur qu'à la transaction et tenir
compte de toutes leurs caractéristiques
pertinentes.
§ 2. Het risico is op zodanige
wijze gedifferentieerd dat het aantal
risicoposities in een gegeven klasse
(grade) of pool toereikend is voor een
zinvolle kwantificering en validatie van
de verlieskenmerken op het niveau van
deze klasse of pool. De risicoposities en
debiteuren zijn op zodanige wijze
ondergebracht in klassen of pools dat
buitensporige
concentraties
worden
vermeden.
§ 2. Le degré de différenciation
des risques garantit l’affectation, à chaque
échelon (grade) ou catégorie (pool), d’un
nombre suffisant d’expositions pour
permettre une quantification et une
validation adéquates des caractéristiques
des pertes au niveau de cet échelon ou de
cette catégorie. La répartition des
expositions et des débiteurs par échelon
ou catégorie est telle qu’elle évite les
concentrations excessives.
§ 3. De instellingen tonen aan
dat de procedure voor het onderbrengen
van risicoposities in een bepaalde klasse
of pool in een zinvolle risicodifferentiatie
resulteert, een groepering van voldoende
homogene vorderingen oplevert en een
accurate en consequente raming van de
verlieskenmerken op het niveau van de
klasse of pool mogelijk maakt. Voor
gekochte
kortlopende
vorderingen
weerspiegelt
deze
groepering
de
overnemingspraktijken van de verkopers
en de heterogeniteit van hun klanten.
§ 3. Les
établissements
démontrent que le processus d’affectation
des expositions à certains échelons ou
catégories permet une différenciation
adéquate des risques, leur regroupement
en ensembles suffisamment homogènes et
une estimation précise et cohérente des
caractéristiques des pertes au niveau de
chaque échelon ou catégorie. Pour les
créances achetées, ce regroupement
reflète les pratiques de souscription des
vendeurs et l'hétérogénéité de leurs
clients.
§ 4. Wanneer
ze
hun
risicoposities onderbrengen in klassen of
pools, houden de instellingen rekening
met de volgende risicofactoren:
§ 4. Lorsqu’ils répartissent leurs
expositions par échelon ou catégorie, les
établissements tiennent compte des
facteurs de risque suivants:
a) de risicokenmerken
debiteur;
van
de
a) les caractéristiques de risque du
débiteur;
355
b) de risicokenmerken van de
transactie, met inbegrip van het
type product of zekerheid of
beide. De instellingen voorzien
in een afzonderlijke behandeling
voor de gevallen waarin
verschillende risicoposities door
dezelfde zekerheid zijn gedekt;
b) les caractéristiques de risque de
la transaction, y compris le type
de produit ou de sûreté ou les
deux.
Les
établissements
réservent un traitement distinct
aux cas dans lesquels plusieurs
expositions sont couvertes par la
même sûreté;
c) betalingsachterstallen, tenzij de
instelling ten behoeve van de
CBFA aantoont dat het voor de
betrokken risicopositie geen
significante risicofactor is.
c) les incidents de paiements, à
moins que l’établissement ne
démontre à la CBFA qu’il ne
s’agit pas d’un facteur de risque
significatif pour l’exposition
considérée.
B.3. Criteria voor de onderbrenging
in/toewijzing aan een klasse of
pool (ratingcriteria)
B.3. Les
critères
de
répartition/affectation par échelon
ou catégorie (rating criteria)
Art. VI.73
Art. VI.73
§ 1. De instellingen passen
specifieke definities, procedures en
criteria toe voor de onderbrenging van
hun risicoposities in de verschillende
klassen of pools van een ratingsysteem.
§ 1. Les
établissements
disposent de définitions, de procédures et
de critères spécifiques pour l’affectation
de leurs expositions aux différents
échelons ou catégories d’un système de
notation.
a) Deze definities, procedures en
criteria van klassen en pools zijn
voldoende gedetailleerd om de
verantwoordelijke
voor
de
ratings in staat te stellen om
debiteuren
of
faciliteiten
waaraan
hetzelfde
risico
verbonden is, op consistente
wijze in dezelfde klasse of pool
onder te brengen, ongeacht de
bedrijfslijnen, afdelingen en
geografische locaties.
a) Ces définitions, procédures et
critères
des
échelons
et
catégories sont suffisamment
détaillés pour permettre aux
responsables des notations de
toujours affecter les débiteurs ou
les facilités de crédits présentant
le même risque au même échelon
ou à la même catégorie. Cette
cohérence doit être assurée quels
que
soient
les
branches
d’activité, les services ou
l’implantation géographique.
b) De documentatie van het
ratingproces moet derden in
staat stellen te begrijpen hoe
risicoposities in klassen of pools
worden
ondergebracht,
te
oordelen of een indeling bij een
bepaalde klasse of pool terecht
b) La documentation afférente au
processus de notation doit
permettre à des tiers de
comprendre
les
modalités
d’affectation des expositions aux
différents échelons ou catégories,
d’évaluer si cette affectation est
356
is, en de onderbrenging te
reconstrueren.
appropriée et de la reproduire.
c) De criteria moeten tevens
aansluiten bij de interne normen
voor de verstrekking van
leningen en bij de gedragslijnen
voor de aanpak van risicovolle
debiteuren
en
probleemfaciliteiten.
c) Les critères utilisés doivent, en
outre, être conformes aux normes
internes en matière de prêt et aux
politiques de gestion des
débiteurs et facilités de crédit à
problème.
§ 2. De instellingen houden
rekening met alle relevante informatie
voor het onderbrengen van hun
debiteuren en kredietfaciliteiten in de
verschillende klassen of pools. Deze
informatie moet actueel zijn en de
instellingen in staat stellen om de
toekomstige ontwikkeling van de
risicopositie te voorspellen. Hoe minder
informatie een instelling bezit, hoe
voorzichtiger zij te werk moet gaan bij de
uitvoering van deze onderverdeling.
Wanneer een instelling gebruik maakt
van een externe kredietbeoordeling als
primaire factor voor de toekenning van
een interne rating, moet ze ook rekening
houden met andere relevante informatie.
§ 2. Les établissements tiennent
compte de toutes les informations
pertinentes pour l’affectation de leurs
débiteurs et facilités de crédit aux
différents échelons ou catégories. Ces
informations doivent être actuelles et leur
permettre de prévoir la performance
future de l’exposition. Moins un
établissement dispose d’informations,
plus il doit être prudent pour la réalisation
de
cette
affectation.
Lorsqu’un
établissement se fonde sur une notation
externe comme premier facteur de
détermination de sa notation interne, il
doit aussi veiller à tenir compte d’autres
informations pertinentes.
C. Indeling van risicoposities bij een
klasse of pool (grade of pool)
C. Répartition/affectation
des
expositions à un échelon ou une
catégorie (grade ou pool)
C.1. Risicoposities op ondernemingen,
instellingen en centrale overheden
en centrale banken
C.1. Expositions sur les entreprises, les
établissements
et
les
administrations
centrales
et
banques centrales
Art. VI.74
Art. VI.74
§ 1. Elke debiteur die behoort tot
de
categorie
risicoposities
op
ondernemingen, instellingen, centrale
overheden en centrale banken, wordt in
het kader van het kredietacceptatieproces
in een debiteurenklasse ondergebracht.
§ 1. Chaque
débiteur
appartenant à la catégorie des expositions
sur
entreprises,
établissements,
administrations centrales et banques
centrales est affecté à un échelon de
débiteurs, dans le cadre de la procédure
d'approbation du crédit.
§ 2. Voor de instellingen die
§ 2.
Pour
les
établissements
357
eigen ramingen van verliezen bij
wanbetaling
(LGD’s)
of
omrekeningsfactoren (CF’s) mogen
gebruiken, wordt elke risicopositie in het
kader van het kredietacceptatieproces
tevens in een kredietfaciliteitenklasse
ondergebracht.
autorisés à utiliser leurs propres
estimations de perte en cas de défaut
(LGDs) ou des facteurs de conversion
(CFs), chaque exposition est également
affectée à un échelon de facilités de
crédit, dans le cadre de la procédure
d’approbation du crédit.
§ 3. Instellingen die voor de
toekenning van een risicoweging aan hun
risicoposities ingevolge gespecialiseerde
financiering de ‘slotting criteria’
methode toepassen, zoals beschreven in
artikel VI.37, § 2, brengen elk van deze
risicoposities
overeenkomstig
artikel VI.71, § 8 onder in een
welbepaalde categorie.
§ 3. Les
établissements
appliquant la méthode dite des 'slotting
criteria'
exposée
à
l'article VI.37, § 2, pour l’attribution de
pondérations de risques à leurs
expositions de financement spécialisé
affectent chacune de ces expositions à une
catégorie déterminée conformément à
l’article VI.71, § 8.
§ 4. Er
wordt
een
afzonderlijke rating toegekend aan elke
individuele juridische entiteit waarop de
instelling een risico loopt. De instelling
toont ten behoeve van de CBFA aan dat
zij aanvaardbare beleidslijnen heeft
uitgewerkt voor de behandeling van
individuele
cliënten-debiteuren
en
groepen verbonden cliënten.
§ 4. Chaque entité juridique
distincte sur laquelle un établissement est
exposé à un risque, est notée séparément.
L’établissement démontre à la CBFA
qu’il a mis en place des politiques
acceptables concernant le traitement
réservé à ses clients débiteurs à titre
individuel, ainsi qu’aux groupes de clients
liés.
§ 5. Verschillende
afzonderlijke risicoposities op eenzelfde
debiteur
worden
in
dezelfde
debiteurenklasse
ondergebracht,
ongeacht verschillen in de aard van de
specifieke
transacties.
De
enige
mogelijke uitzonderingen op deze regel
zijn:
§ 5. Des expositions distinctes
sur un même débiteur sont affectées au
même
échelon
de
débiteurs,
indépendamment de toute différence dans
la nature des transactions spécifiques. Les
seules exceptions possibles à cette règle
concernent:
a) het transferrisico, behorend bij
een land, naargelang de
risicoposities in de lokale dan
wel in een vreemde munt
uitgedrukt zijn;
a) le risque de transfert, afférent
au pays, selon que les
expositions sont libellées en
monnaie locale ou étrangère;
b) de gevallen waarin de met een
risicopositie samenhangende
garanties
kunnen
worden
weerspiegeld door de indeling
bij
een
andere
b) les cas où les garanties
attachées à une exposition
peuvent être prises en compte
sous forme d’ajustement de
l’affectation à un échelon de
358
débiteurs;
debiteurenklasse;
c) de
gevallen
waarin
de
wetgeving
inzake
consumentenbescherming
of
bankgeheim, of elke andere
wetgeving, de uitwisseling van
gegevens
over
cliënten
verbiedt.
c) les cas où la législation en
matière de protection des
consommateurs ou de secret
bancaire
ou
toute
autre
législation, interdit l'échange de
données relatives aux clients.
C.2. Risicoposities op retailcliënteel
C.2. Expositions sur la clientèle de
détail
Art. VI.75
Art. VI.75
Elke
risicopositie
op
retailcliënteel wordt in het kader van het
kredietacceptatieproces in een klasse of
pool ondergebracht.
Chaque exposition sur la clientèle
de détail est affectée à un échelon (grade)
ou à une catégorie (pool), dans le cadre de
la procédure d'approbation du crédit.
C.3. Niet respecteren van de ratings
geproduceerd door het systeem
(Bijsturingen)
C.3. Non-respect des notations produites
par le système
Art. VI.76
Art. VI.76
Wat de toewijzing aan een klasse
of pool betreft, leggen de instellingen
schriftelijk vast in welke situaties de
inputparameters of resultaten van het
toewijzingsproces
kunnen
worden
bijgestuurd door subjectieve inschatting
en welke personeelsleden zijn aangesteld
om dergelijke bijsturingen goed te
keuren. De instellingen noteren deze
bijsturingen en duiden aan welke
personeelsleden er verantwoordelijk voor
zijn. Zij maken een analyse van de
ontwikkeling van de risicoposities
waarvan de oorspronkelijke rating is
bijgestuurd, waarbij bijzondere aandacht
wordt besteed aan de ontwikkeling van
de risicoposities waarvan de rating door
een welbepaalde persoon is bijgestuurd,
waarbij voor alle verantwoordelijke
personeelsleden verantwoording wordt
afgelegd.
En ce qui concerne les affectations
à un échelon (grade) ou à une catégorie
(pool), les établissements répertorient par
écrit les cas dans lesquels le jugement
humain peut primer sur les paramètres
d’entrée ou les résultats produits par le
processus de d’affectation, ainsi que le
personnel chargé d’approuver de tels
écarts. Ils consignent ces écarts et
indiquent quels membres du personnel en
sont responsables. Ils analysent la
performance des expositions dont
l’affectation d’origine a été ignorée. Cette
analyse porte notamment sur la
performance des expositions dont
l’affectation d’origine a été ignorée par
une personne donnée, qui en assume la
responsabilité pour tout le personnel
compétent.
ONDERAFDELING IV – INTEGRITEIT
SOUS-SECTION IV – INTEGRITE
VAN HET
DU PROCESSUS
359
INDELINGSPROCES
DE REPARTITION DES RISQUES
A. Risicoposities op ondernemingen,
instellingen en centrale overheden
en centrale banken
A. Expositions sur les entreprises, les
établissements
et
les
administrations
centrales
et
banques centrales
Art. VI.77
Art. VI.77
§ 1. De indeling van de
risicoposities
op
ondernemingen,
instellingen, centrale overheden en
centrale banken en de periodieke
herziening van deze indeling, worden
verricht of goedgekeurd door een
onafhankelijke
partij
die
geen
rechtstreeks voordeel heeft bij de
beslissing om krediet te verstrekken.
§ 1. L’affectation
des
expositions sur les entreprises, les
établissements,
les
administrations
centrales et banques centrales et la
révision régulière de cette affectation sont
effectuées ou approuvées par une partie
indépendante, qui ne tire pas directement
bénéfice de la décision d’octroyer le
crédit.
§ 2. De indeling van de
risicoposities wordt ten minste eenmaal
per jaar door de instellingen herzien.
Risicovolle
debiteuren
en
probleemrisicoposities worden frequenter
herzien. Bovendien gaan de instellingen
over tot een herziening van elke debiteur
of vordering indien hierover belangrijke
informatie beschikbaar wordt.
§ 2. Les
établissements
actualisent leur affectation des expositions
au moins une fois par an. Les débiteurs à
haut risque et les expositions à problème
font l’objet d’une révision plus fréquente.
En outre, les établissements réaffectent,
tout débiteur ou tout crédit pour lequel de
nouvelles informations significatives
viennent à être connues.
§ 3. De
instellingen
beschikken over een efficiënte procedure
voor het inzamelen en actualiseren van
relevante
informatie
over
debiteurenkenmerken die een invloed
hebben op hun kans op wanbetaling, en
over transactiekenmerken die een invloed
hebben op de verliezen bij wanbetaling
(LGD’s) en/of de omrekeningsfactoren
(CF’s).
§ 3. Les établissements mettent
en place une procédure efficace pour
obtenir et garder à jour des informations
pertinentes sur les caractéristiques des
débiteurs ayant une incidence sur les
probabilités de défaut, ainsi que sur les
caractéristiques des transactions ayant une
incidence sur les pertes en cas de défaut
(LGDs) et/ou les facteurs de conversion
(CFs).
B. Risicoposities op retailcliënteel
B. Expositions sur la clientèle de détail
Art. VI.78
Art. VI.78
Voor de risicoposities op
retailcliënteel actualiseren de instellingen
ten minste eenmaal per jaar de indeling
van hun debiteuren en kredietfaciliteiten
of herzien zij de verlieskenmerken en de
Pour ce qui concerne les
expositions sur la clientèle de détail, au
moins une fois par an, les établissements
actualisent l’affectation de leurs débiteurs
et facilités de crédit ou revoient les
360
situatie van achterstalligheid van elke
ratingpool. Ten minste eenmaal per jaar
onderzoeken ze tevens, voor een
representatieve steekproef, de status van
de individuele risicoposities uit elke pool,
om erop toe te zien dat de risicoposities
nog steeds in de juiste pool zijn
ondergebracht.
caractéristiques des pertes et la situation
en termes d’arriérés de chaque catégorie
de risque (pool) selon le cas. Au moins
une fois par an, ils revoient aussi, pour un
échantillon représentatif, l’état des
expositions
distinctes
de
chaque
catégorie, comme moyen de s’assurer que
les expositions restent affectées à la bonne
catégorie.
ONDERAFDELING V - GEBRUIK VAN MODELLEN
SOUS-SECTION V - UTILISATION DES MODELES
Art. VI.79
Art. VI.79
Indien een instelling gebruik
maakt van een statistisch model of een
andere mechanische methode om
risicoposities in de verschillende
debiteuren- of kredietfaciliteitenklassen
of -pools onder te brengen, moet ze de
volgende regels in acht nemen:
Lorsqu’un établissement utilise un
modèle statistique ou autre méthode
mécanique pour affecter ses expositions
aux différents échelons (grade) ou
catégories (pool) de débiteurs ou facilités
de crédit:
a) zij moet ten behoeve van de
CBFA aantonen dat haar model
een goede voorspelkracht heeft
en dat de eigenvermogensvereisten er niet door vertekend
worden. De inputvariabelen
moeten een coherente en
efficiënte basis vormen voor de
prognoses. Bovendien mag het
model niet gekenmerkt worden
door
vertekeningen
van
betekenis;
a) il doit démontrer à la CBFA que
son modèle a un solide pouvoir
prédictif et que son utilisation
n’entraîne pas de distorsion des
exigences de fonds propres. Les
variables qui alimentent le
modèle doivent former une base
cohérente
et
efficace
de
prédiction. En outre, le modèle
ne doit pas pâtir de biais
significatifs;
b) zij moet beschikken over een
procedure voor de validatie van
de in het model ingevoerde
gegevens, waarbij onder meer de
juistheid,
volledigheid
en
relevantie van die gegevens
worden getoetst;
b) il doit avoir mis en place un
processus permettant de vérifier
les données entrées dans le
modèle, et notamment d’en
contrôler
l’exactitude,
l’exhaustivité et la pertinence;
c) zij moet aantonen dat de
gegevens die voor het opstellen
van het model gebruikt werden,
representatief zijn voor al haar
debiteuren of risicoposities;
c) il doit démontrer que les données
utilisées pour construire le
modèle sont représentatives de
l’ensemble de ses débiteurs ou
expositions;
d) zij moet voorzien
regelmatige
d) il doit avoir mis en place un
cycle régulier de validation du
in
een
361
modelvalidatiecyclus met in het
bijzonder een bewaking van de
prestatie en stabiliteit van het
model, de herbeoordeling van de
modelspecificaties
en
de
evaluatie van de modeloutputs
aan de werkelijk gerealiseerde
resultaten;
modèle, qui prévoit notamment
le contrôle de sa performance et
de sa stabilité, la révision de ses
spécifications et l’évaluation des
conclusions qu’il produit au
regard
des
résultats
effectivement obtenus;
e) zij moet het statistische model
aanvullen met een menselijke
beoordeling en toezicht om zich
ervan te vergewissen dat het
model goed wordt gebruikt en
om de verkregen toewijzingen te
toetsen. De controleprocedures
zijn erop gericht de met de
gebreken van het model
samenhangende fouten op te
sporen en te beperken. Bij
subjectieve inschattingen wordt
rekening gehouden met alle
relevante informatie die niet
door het model in aanmerking
wordt genomen. De instelling
dient schriftelijke instructies te
voorzien die toelichten hoe de
subjectieve inschattingen en de
modelresultaten moeten worden
gecombineerd.
e) il doit compléter le modèle
statistique par un jugement et
une surveillance humains afin de
s’assurer que le modèle est bien
utilisé et de vérifier les
affectations qu'il produit. Des
procédures de contrôle doivent
permettre de détecter et de
limiter les erreurs liées à ses
carences. Le jugement humain
doit tenir compte de toutes les
informations pertinentes ignorées
par le modèle. L’établissement
doit établir des instructions
écrites expliquant comment
conjuguer jugement humain et
conclusions du modèle.
ONDERAFDELING VI
INTERNE RAMINGEN
- VALIDATIE
VAN DE
SOUS-SECTION
VI –
ESTIMATIONS INTERNES
VALIDATION
DES
Art. VI.80
Art. VI.80
§ 1. De instellingen beschikken
over deugdelijke systemen om de
juistheid en de consistentie van hun
ratingsystemen en -procedures evenals de
raming
van
alle
relevante
risicoparameters te valideren. Ze tonen
ten behoeve van de CBFA aan dat dit
interne validatieproces hen in staat stelt
om de werking van hun interne
risicoratingen
risicoinschattingsystemen op consequente en
zinvolle wijze te beoordelen.
§ 1. Les établissements mettent
en place des systèmes solides aux fins de
valider, en termes d’exactitude et de
cohérence, leurs systèmes et procédures
de notation, ainsi que l’estimation de tous
les paramètres de risque pertinents. Ils
démontrent à la CBFA que ce processus
de validation interne leur permet
d’évaluer, de manière cohérente et
significative, la performance de leurs
systèmes internes de notation et
d’estimation du risque.
§ 2. De instellingen vergelijken
§ 2.
Les
établissements
362
geregeld
de
gerealiseerde
wanbetalingsgraden met de PD-ramingen
voor elke ratingklasse. Wanneer deze
wanbetalingsgraden buiten het voor de
desbetreffende
klasse
verwachte
bandbreedte vallen, onderzoeken ze
specifiek wat de redenen zijn voor deze
afwijking. De instellingen die van eigen
ramingen
van
LGD’s
of
omrekeningsfactoren (CF’s) gebruik
maken, voeren voor deze ramingen een
soortgelijk onderzoek uit. Bij die
vergelijkingen wordt gebruik gemaakt
van historische gegevens die een zo lang
mogelijke periode bestrijken. De
instellingen leggen de methoden en
gegevens die ze voor de vergelijkingen
gebruiken, schriftelijk vast. Hun analyses
en de documentatie worden ten minste
eenmaal per jaar bijgewerkt.
comparent régulièrement les taux de
défaut effectifs aux estimations de PD
pour chaque échelon de notation, et
lorsque ces taux sortent de la fourchette
prévue pour l’échelon considéré, ils
analysent spécifiquement les raisons d’un
tel écart. Les établissements qui utilisent
leurs propres estimations de LGD ou des
facteurs de conversion (CFs) procèdent à
une analyse similaire pour ces
estimations. Ces comparaisons s’appuient
sur des données historiques couvrant une
aussi longue période que possible. Les
établissements consignent par écrit les
méthodes et données utilisées aux fins des
comparaisons. Leurs analyses et la
documentation y afférente sont actualisées
au moins une fois par an.
§ 3. De instellingen maken
tevens gebruik van andere kwantitatieve
validatie-instrumenten
en
van
vergelijkingen met relevante externe
gegevensbronnen. Hun onderzoek is
gebaseerd op gegevens die passend zijn
voor
de
betreffende
portefeuille,
regelmatig worden bijgewerkt en
betrekking hebben op een relevante
waarnemingsperiode. Bij de interne
beoordeling van de werking van hun
ratingsystemen gaan ze uit van een zo
lang mogelijke periode.
§ 3. Les
établissements
recourent également à des instruments de
validation quantitative et à des
comparaisons avec des sources de
données externes pertinentes. Leur
analyse est fondée sur des données qui
sont adaptées au portefeuille considéré,
qui sont actualisées régulièrement et qui
couvrent une période d’observation
adéquate. Leurs estimations internes de la
performance de leurs systèmes de
notation reposent sur une période aussi
longue que possible.
§ 4. De voor de kwantitatieve
validatie gehanteerde methoden en
gegevens zijn consistent in de tijd. Elke
wijziging
in
de
ramingsen
validatiemethoden en –gegevens (zowel
gegevensbronnen als bestreken periodes)
wordt schriftelijk toegelicht.
§ 4. Les méthodes et données
utilisées aux fins de la validation
quantitative sont cohérentes dans la durée.
Toute modification des méthodes et
données (aussi bien les sources de
données que les périodes couvertes)
utilisées pour les estimations et la
validation est expliquée par écrit.
§ 5. De instellingen hebben
deugdelijke interne normen vastgesteld
voor de gevallen waarin gerealiseerde
PD’s,
LGD’s,
omrekeningsfactoren
§ 5. Les
établissements
disposent de normes internes saines pour
les cas dans lesquels les écarts, par
rapport aux prévisions, des valeurs
363
(CF’s) en totale verliezen (waarbij
gebruik wordt gemaakt van EL) in
voldoende significante mate van de
verwachtingen afwijken om twijfel te
doen ontstaan omtrent de juistheid van de
betrokken ramingen. In deze normen
wordt rekening gehouden met de
conjunctuurcycli en met elke soortgelijke
systematische variabiliteit van de
wanbetalingsgraad.
Wanneer
de
gerealiseerde waarden de verwachte
waarden blijven overtreffen, stellen de
instellingen hun ramingen opwaarts bij
om hun wanbetalings- en verliesgraad te
weerspiegelen.
effectives de PD, de LGD, des facteurs de
conversion (CFs) et des pertes totales,
lorsque EL est utilisé sont tels qu’ils
mettent en cause la validité des
estimations en question. Ces normes
tiennent compte des cycles économiques
et de toute variabilité systématique
similaire du taux de défaut. Lorsque les
valeurs effectives restent supérieures aux
prévisions, les établissements revoient
leurs estimations à la hausse pour refléter
les taux de défaut et de perte.
ONDERAFDELING VII –
RATINGSYSTEMEN
SOUS-SECTION
VII –
DOCUMENTATION
RELATIVE AUX SYSTEMES DE NOTATION
DOCUMENTATIE VAN DE
Art. VI.81
Art. VI.81
§ 1. De instellingen leggen de
opzet en de operationele modaliteiten van
hun ratingsystemen schriftelijk vast. Uit
de documentatie blijkt dat de in deze titel
en in titel IV gestelde minimumvereisten
in acht worden genomen. Daarnaast
komen
onder
meer
volgende
onderwerpen
aan
bod:
portefeuillespreiding,
ratingcriteria,
verantwoordelijkheden van partijen die
ratings toekennen aan debiteuren en
risicoposities, de frequentie waarmee de
ratingtoewijzing wordt herzien en het
toezicht op het ratingproces door de
directie.
§ 1. Les
établissements
élaborent un document expliquant la
conception
et
les
modalités
opérationnelles de leurs systèmes de
notation. Ce document atteste du respect
des exigences minimales fixées dans le
présent titre et le titre IV et traite de sujets
comme
la
différenciation
des
portefeuilles, les critères de notation, les
responsabilités des parties chargées de
noter les débiteurs et les expositions, la
fréquence de révision des affectations de
notations et la surveillance du processus
de notation par la direction.
§ 2. De instellingen leggen de
motivering voor hun keuze van de
ratingcriteria en de analyse ter
ondersteuning van deze keuze schriftelijk
vast. Ze documenteren ook alle
belangrijke
wijzigingen
in
het
ratingproces en in die documentatie
wordt aangegeven welke wijzigingen
werden aangebracht sinds de laatste
evaluatie door de CBFA. Ook de
organisatie van de toekenning van
ratings, met inbegrip van de procedure
voor de toekenning van ratings en de
internecontrolestructuur,
wordt
§ 2. Les
établissements
élaborent un document expliquant les
raisons et l’analyse sous-tendant leur
choix de critères de notation. Ils
consignent aussi tout changement majeur
apporté à leur processus de notation dans
un document, qui permet notamment de
discerner les changements effectués
depuis le dernier contrôle de la CBFA. Un
autre document explique comment
l’attribution des notations est organisée,
au regard notamment du processus y
afférent et de la structure de contrôle
364
schriftelijk vastgelegd in een ander
document.
interne.
§ 3. De instellingen leggen de
intern gehanteerde specifieke definities
van wanbetaling en verlies schriftelijk
vast en tonen aan dat deze definities
consistent zijn met die in dit reglement.
§ 3. Les
établissements
élaborent un document qui explique
quelles définitions spécifiques du défaut
et de la perte ils utilisent en interne et qui
démontre la cohérence de ces définitions
avec celles énoncées dans le présent
règlement.
§ 4. Indien een instelling in
het kader van haar ratingproces
statistische modellen gebruikt, legt zij de
methodologie ervan schriftelijk vast in
een document, waarin:
§ 4. Lorsqu’un
établissement
utilise un modèle statistique dans le cadre
de son processus de notation, il en précise
la méthodologie dans un document. Ledit
document:
a) in detail de theorie, de
hypotheses en/of de wiskundige
en empirische grondslagen voor
de toewijzing van ramingen aan
bepaalde klassen, debiteuren,
risicoposities of pools, evenals
de gegevensbron(nen) die voor
de evaluatie van het model
gebruikt
worden,
wordt
beschreven;
a) décrit en détail la théorie, les
hypothèses et/ou la
base
mathématique et empirique à
partir desquelles les estimations
sont
affectées
à
certains
échelons, débiteurs, expositions
ou catégories, ainsi que la ou les
sources de données utilisées pour
évaluer le modèle;
b) een strikt statistische procedure
(met inbegrip van out-of-time en
out-of-sample
prestatietests)
voor de validatie van het model
wordt vastgelegd; en
c) wordt aangegeven onder welke
omstandigheden het model niet
efficiënt werkt.
§ 5. Het gebruik van een
model, verkocht door een derde die
aanvoert dat het om eigen technologie
gaat, houdt niet in dat een vrijstelling
wordt
verkregen
van
de
documentatieplicht
en
andere
verplichtingen die voor ratingsystemen
gelden. De instelling dient aan de eisen
van de CBFA te voldoen.
b) instaure un processus statistique
rigoureux de validation du
modèle (y compris des tests de
performance hors temps et hors
échantillon); et
c) indique toutes les circonstances
dans lesquelles le modèle ne
fonctionne pas correctement.
§ 5. L’utilisation d’un modèle
vendu par un tiers qui revendique un droit
exclusif sur sa technologie ne dispense
pas de l’obligation de fournir la
documentation exigée ni des autres
exigences afférentes aux systèmes de
notation. Il incombe à l’établissement de
donner satisfaction à la CBFA.
365
ONDERAFDELING VIII
GEGEVENS
- BIJHOUDEN
VAN DE
SOUS-SECTION VIII – STOCKAGE DES DONNEES
Art. VI.82
Art. VI.82
De instellingen verzamelen en
registreren gegevens en informatie over
bepaalde aspecten van hun interne
ratings, overeenkomstig de vereisten
vastgesteld in titel XIV van dit
reglement.
Les établissements collectent et
enregistrent des données et informations
sur certains aspects de leurs notations
internes, conformément aux exigences
fixées dans le titre XIV du présent
règlement.
Zij verzamelen en registreren
tevens nuttige gegevens voor het
functioneren
van
hun
interneratingsystemen en voor het
beantwoorden aan de vereisten van dit
reglement.
Ils collectent et enregistrent
également des données utiles au
fonctionnement de leurs systèmes de
notations internes et pour répondre aux
exigences du présent règlement.
A. Risicoposities op ondernemingen,
instellingen en centrale overheden
en centrale banken
A. Expositions sur les entreprises, les
établissements
et
les
administrations
centrales
et
banques centrales
Art. VI.83
Art. VI.83
§ 1. Voor de risicoposities op
ondernemingen, instellingen, centrale
overheden en centrale banken worden de
volgende gegevens door de instellingen
verzameld en opgeslagen:
§ 1. En ce qui concerne les
expositions sur les entreprises, les
établissements et les administrations
centrales et banques centrales, les
établissements collectent et enregistrent
les données suivantes:
a) een volledige ratinghistoriek
van de debiteuren en de
erkende garantiegevers;
b) de data waarop de ratings zijn
toegekend;
a) un historique complet des
notations attribuées aux débiteurs
et aux garants reconnus;
b) les dates d’attribution des
notations;
c) de methode en de belangrijkste
gegevens
die
werden
gehanteerd om de ratings te
bepalen;
c) la méthode et les principales
données utilisées pour établir les
notations;
d) de
persoon
die
verantwoordelijk is voor de
toekenning van de rating;
d) l’identité de la personne chargée
d'attribuer les notations;
e) de debiteuren in staat van
wanbetaling
en
de
kredietfaciliteiten
met
wanbetaling;
e) l’identité
des
débiteurs
défaillants et les facilités de
crédit pour lesquelles il y a eu
défaut;
366
de
deze
f) la date et les circonstances de ces
défauts;
g) de gegevens over de kans op
wanbetaling
en
de
gerealiseerde
wanbetalingsgraden die met
elke rating en ratingmigratie
samenhangen;
g) des données relatives à la
probabilité de défaut et au taux
de perte effectif associés à
chaque notation et à la migration
des notations; et
h) voor de instellingen die geen
eigen ramingen van LGD’s
en/of
omrekeningsfactoren
(CF’s) gebruiken, gegevens
over vergelijkingen tussen
gerealiseerde LGD’s en de
waarden
die
voor
de
prudentiële
LGD’s
voorgeschreven worden in de
hoofdstukken 3 tot 6 van deze
titel, en tussen de effectieve
waarde van de gerealiseerde
omrekeningsfactoren (CF’s) en
de
in
artikel
VI.7
voorgeschreven waarden.
h) pour les établissements qui
n’utilisent pas leurs propres
estimations de LGD et/ou des
facteurs de conversion (CFs), des
données comparant la valeur
effective de LGD aux valeurs
prescrites pour les LGDs
prudentiels dans les chapitres 3 à
6 du présent titre, et la valeur
effective des
facteurs de
conversion (CFs) aux valeurs
prescrites à l’article VI.7.
§ 2. De instellingen die eigen
ramingen
van
LGD’s
en/of
omrekeningsfactoren (CF’s) gebruiken,
worden geacht de volgende gegevens te
verzamelen en op te slaan:
§ 2. Les établissements qui
utilisent leurs propres estimations de LGD
et/ou des facteurs de conversion (CFs)
collectent et enregistrent les données
suivantes:
a) een volledige historiek van de
ratings
van
de
kredietfaciliteiten en ramingen
van
LGD’s
en
omrekeningsfactoren
(CF’s)
die met elke ratingschaal
samenhangen;
a) un historique complet des
notations des facilités de crédit
ainsi que des estimations de
LGD et des facteurs de
conversion (CFs) associés à
chaque échelle de notation;
b) de data waarop de ratings zijn
toegekend en de ramingen zijn
verricht;
b) les dates auxquelles les notations
ont été attribuées, et les
estimations réalisées;
c) de methode en de belangrijkste
gegevens
die
werden
gehanteerd om de ratings van
de kredietfaciliteiten en de
ramingen van de LGD’s en de
omrekeningsfactoren (CF’s) te
c) la méthode et les principales
données utilisées pour établir les
notations des facilités de crédit,
ainsi que les estimations de LGD
et des facteurs de conversion
(CFs);
f) de
datum
omstandigheden
wanbetalingen;
en
van
367
bepalen;
d) de persoon die de ratings aan
de kredietfaciliteiten heeft
toegekend en de persoon die de
ramingen van LGD’s en
omrekeningsfactoren
(CF’s)
heeft verstrekt;
d) l’identité de la personne qui a
attribué les notations des facilités
de crédit, comme de la personne
qui a fourni les estimations de
LGD et des facteurs de
conversion (CFs);
e) voor alle risicoposities met
wanbetaling, gegevens over de
daarmee
samenhangende
geraamde en gerealiseerde
LGD’s en omrekeningsfactoren
(CF’s);
e) des données sur la valeur estimée
et la valeur effective de LGD et
des facteurs de conversion (CFs)
afférents à chaque exposition
pour laquelle il y a eu défaut;
f) voor de instellingen die bij hun
berekening van de LGD
rekening houden met de
kredietrisicomatigende
gevolgen van garanties of
kredietderivaten, gegevens over
de verliezen bij wanbetaling
(LGD's) van de betrokken
kredietfaciliteit voor en na de
beoordeling van de gevolgen
van
een
garantie
of
kredietderivaat;
f) des données sur les pertes en cas
de défaut (LGDs) inhérentes à la
facilité de crédit considérée,
avant et après évaluation des
effets d'une garantie ou d'un
dérivé de crédit, pour les
établissements qui reflètent, dans
leur calcul de LGD, les effets
d’atténuation du risque de crédit
qu’ont les garanties ou les
dérivés de crédit; et
g) gegevens
over
de
verliescomponenten van elke
risicopositie met wanbetaling.
g) des données sur les composantes
des pertes enregistrées pour
chaque exposition pour laquelle
il y a eu défaut.
B. Risicoposities op retailcliënteel
B. Expositions sur la clientèle de détail
Art. VI.84
Art. VI.84
Voor de risicoposities op
retailcliënteel worden de volgende
gegevens door de instellingen verzameld
en opgeslagen:
En ce qui concerne les expositions
sur la clientèle de détail, les
établissements collectent et enregistrent
les informations suivantes:
a) de gegevens die gebruikt
werden bij het proces van het
onderbrengen van risicoposities
in klassen of pools;
a) les données utilisées dans le
processus
d’affectation
des
expositions à des échelons
(grades) ou des catégories
(pools);
b) gegevens over de geraamde
PD’s,
LGD’s
en
omrekeningsfactoren
(CF’s)
die samenhangen met elke
b) des données sur les estimations
de PD, de LGD et des facteurs de
conversion (CFs) associées à
chaque échelon (grade) ou
368
catégorie (pool);
klasse of pool;
c) de debiteuren in staat van
wanbetaling
en
de
risicoposities met wanbetaling;
c) l’identité
des
débiteurs
défaillants et les expositions pour
lesquelles il y a eu défaut;
d) voor elke risicopositie met
wanbetaling, gegevens over de
klasse of pool waarin de
risicopositie in het jaar vóór de
wanbetaling was ondergebracht
en de gerealiseerde waarde van
de
LGD
en
de
omrekeningsfactor (CF);
d) pour toute exposition sur laquelle
il y a eu défaut, des données sur
son échelon (grade) ou sa
catégorie (pool) auquel elle a été
affectée durant l’année antérieure
au défaut et la valeur effective de
LGD et du facteur de conversion
(CF);
e) gegevens
over
de
verliespercentages voor de
gekwalificeerde revolverende
risicoposities op retailcliënteel.
e) des données sur les taux de perte
enregistrés pour les expositions
renouvelables éligibles sur la
clientèle de détail.
ONDERAFDELING IX – BIJ DE BEOORDELING
VAN DE EIGENVERMOGENSTOEREIKENDHEID
GEBRUIKTE STRESSTESTS
SOUS-SECTION IX – SIMULATIONS
VISANT A EVALUER L’ ADEQUATION
Art. VI.85
Art. VI.85
§ 1. De
instellingen
beschikken over deugdelijke procedures
voor het verrichten van stresstests bij de
beoordeling
van
hun
kapitaaltoereikendheid. Het verrichten
van dergelijke stresstests laat hen in het
bijzonder toe om na te gaan welke
mogelijke gebeurtenissen of toekomstige
veranderingen in de economische
conjunctuur ongunstige gevolgen kunnen
hebben voor hun risicoposities, en te
beoordelen in hoeverre de instelling
tegen dergelijke veranderingen bestand
is.
§ 1. Les établissements sont
dotés de solides processus de simulation
de crise, qu’ils utilisent lorsqu’ils
évaluent l’adéquation de leur capital. Ces
simulations de crises leur permettent
notamment de détecter les événements
possibles ou les modifications éventuelles
de la conjoncture économique qui
pourraient avoir des conséquences
préjudiciables sur leurs expositions de
crédit et d’évaluer leur capacité à y faire
face.
§ 2. Bovendien verrichten de
instellingen regelmatig een stresstest met
betrekking tot het kredietrisico, om na te
gaan welke gevolgen bepaalde specifieke
omstandigheden hebben op hun totale
eigenvermogensvereisten
voor
het
kredietrisico. Het soort test wordt door
elke instelling zelf gekozen, weliswaar
onder toezicht van de CBFA. De test
moet relevant en redelijk voorzichtig
zijn, en minstens de gevolgen
§ 2. En outre, les établissements
procèdent régulièrement à une simulation
de crise relative au risque de crédit, en
vue d’évaluer l’incidence de certaines
circonstances particulières sur le total de
leurs exigences en fonds propres pour
risque de crédit. La simulation à mettre en
œuvre
est
choisie
par
chaque
établissement, sous réserve du contrôle de
la CBFA. Elle doit être pertinente et
raisonnablement prudente, en envisageant
DE CRISES
DES FONDS
PROPRES
369
onderzoeken van scenario’s waarbij van
een lichte recessie wordt uitgegaan. De
instelling gaat tevens na welke
veranderingen haar ratings in het kader
van de stresstests ondergaan. De
portefeuilles die het voorwerp uitmaken
van de stresstest, moeten de overgrote
meerderheid van alle risicoposities van
een instelling bevatten.
au moins les conséquences de scénarios
de légère récession. L’établissement
évalue également la migration de ses
notations intervenant dans le cadre des
simulations de crise. Les portefeuilles
testés doivent inclure la grande majorité
de toutes ses expositions.
§ 3. De instellingen die de
behandeling met inaanmerkingneming
van de dubbele wanbetaling toepassen,
houden, in het kader van hun stresstests,
rekening met de gevolgen van een
verslechtering van de kredietkwaliteit
van de protectieverschaffers, en in het
bijzonder met de hypothese waarin zij
niet langer aan de toelaatbaarheidscriteria
zouden voldoen.
§ 3. Les établissements qui
appliquent le traitement intégrant la prise
en compte du double défaut tiennent
compte, dans le cadre de leurs simulations
de crise, de l'incidence d'une détérioration
de la qualité du crédit des fournisseurs des
protections, et en particulier de
l'hypothèse où ceux-ci ne répondraient
plus aux critères d'éligibilité.
Afdeling II – Risicokwantificering
Section II – Quantification des risques
Art. VI.86
Art. VI.86
Bij de vaststelling van de
risicoparameters die met ratingklassen of
–pools
samenhangen,
nemen
de
instellingen de in deze afdeling gestelde
vereisten in acht.
Lorsqu’ils
déterminent
les
paramètres de risque à associer aux
échelons (grades) ou catégories (pools) de
notation, les établissements se conforment
aux exigences définies dans la présente
section.
ONDERAFDELING
SOUS-SECTION I – LA DEFINITION DE DEFAUT
I
–
DEFINITIE
VAN
WANBETALING
Art. VI.87
Art. VI.87
§ 1. Een specifieke debiteur
is in staat van “wanbetaling” wanneer
een van onderstaande gebeurtenissen of
beide
onderstaande
gebeurtenissen
hebben plaatsgevonden:
§ 1. On
considère
qu’un
débiteur particulier est en situation de
«défaut», lorsque l’un ou l’autre des deux
événements suivants, sinon les deux, se
sont produits:
a) de
instelling
acht
het
onwaarschijnlijk
dat
de
debiteur
zijn
kredietverplichtingen jegens de
instelling,
haar
moederonderneming of een van
haar
dochterondernemingen
a) l’établissement estime que, sauf
recours à des mesures telles que
la réalisation de la garantie (s’il y
en a une), le débiteur ne
s’acquittera probablement pas
intégralement de ses obligations
de crédit envers lui, son
370
volledig zal nakomen zonder
dat de instelling maatregelen
zal moeten treffen zoals het
uitwinnen van zekerheden
(indien er zijn gesteld);
b) onverminderd § 5, is de
debiteur meer dan 90 dagen
achterstallig bij het nakomen
van
een
aanzienlijke
kredietverplichting jegens de
instelling,
haar
moederonderneming of een van
haar dochteronder-nemingen.
Met
betrekking
tot
het
aanzienlijk karakter van een
achterstal, kan de CBFA een
begrenzing definiëren die een
redelijk risico weerspiegelt.
entreprise mère ou l’une de ses
filiales;
b) sans préjudice du § 5, l’arriéré du
débiteur sur une obligation de
crédit
significative
envers
l’établissement, son entreprise
mère ou l’une de ses filiales est
supérieur à 90 jours. En ce qui
concerne le caractère significatif
d’un arriéré, la CBFA peut définir
un seuil reflétant un risque
raisonnable.
Voor tekorten begint de periode van
achterstalligheid te lopen zodra de
debiteur een toegestane limiet heeft
overschreden, verwittigd werd dat de
kredietlimiet waarover hij beschikt lager
is dan het uitstaande bedrag, of zonder
toestemming krediet heeft opgenomen en
het onderliggende bedrag aanzienlijk is.
Pour les découverts, l’arriéré commence à
courir dès que le débiteur a dépassé une
limite autorisée, a été averti qu'il disposait
d'une limite inférieure à l'encours actuel
ou a tiré des montants sans autorisation et
que le montant sous-jacent est significatif.
Een toegestane kredietlimiet is een limiet
die ter kennis van de debiteur is gebracht.
Une limite autorisée est une limite qui a
été portée à la connaissance du débiteur.
Voor kredietkaarten begint de periode
van achterstal te lopen vanaf de
vervaldag van de minimumbetaling.
Pour les cartes de crédit, l'arriéré
commence à courir à la date d'échéance
du paiement minimal.
In geval
van risicoposities
op
retailcliënteel en risicoposities op
publiekrechtelijke entiteiten stelt de
CBFA een aantal dagen achterstal vast
overeenkomstig § 5 van dit artikel.
Dans le cas des expositions sur la
clientèle de détail et des expositions sur
des entités du secteur public, la CBFA
fixent un nombre de jour d’arriéré
conformément au § 5 du présent article.
In geval
van risicoposities
op
retailcliënteel mag de definitie van
wanbetaling op het niveau van de
kredietfaciliteit worden toegepast.
Dans le cas des expositions sur la
clientèle de détail, la définition du défaut
peut s’appliquer au niveau de la facilité de
crédit.
§ 2. Met name de volgende
elementen dienen te worden beschouwd
als indicaties dat het nakomen van de
verplichtingen onwaarschijnlijk is:
§ 2. Sont
notamment
à
considérer comme des signes d’une
probable incapacité d’honorer ses
obligations, les éléments suivants:
a) de instelling bestempelt de
a)
l’établissement attribue au
371
crédit le statut de créance
improductive ou cesse de
comptabiliser en résultat les
intérêts courus non encaissés;
kredietverplichting als dubieus
of neemt niet langer de gelopen
interesten in resultaat;
b) de
instelling
past
een
waardeaanpassing
toe
als
gevolg van een gepercipieerde
significante verslechtering van
de kredietkwaliteit nadat zij
zich heeft blootgesteld aan het
risico;
b)
l’établissement procède à une
correction de valeur justifiée
par la perception d’une
détérioration significative de
la qualité du crédit par
rapport au moment où il s’est
exposé au risque;
c) de instelling verkoopt de
kredietverplichting met een
aanzienlijk
kredietgebonden
economisch verlies;
c)
l’établissement
vend
l’obligation de crédit avec
une
perte
économique
significative en raison de la
dégradation du crédit;
d) de instelling stemt in met een
gedwongen
herstructurering
van de kredietverplichting, die
wellicht zal resulteren in een
geringere
financiële
verplichting als gevolg van de
kwijtschelding dan wel de
verlening van uitstel van
betaling van een aanzienlijk
deel van de hoofdsom, de rente
of, in voorkomend geval, de
commissies. In het geval van
risicoposities op aandelen die
worden beoordeeld aan de hand
van de PD/LGD-benadering,
omvat dit ook de gedwongen
herstructurering
van
het
aandelenkapitaal;
d)
l’établissement consent à une
restructuration en urgence de
l’obligation de crédit, qui
aboutira vraisemblablement à
sa réduction, du fait de
l’annulation ou du report
d’une fraction significative
du principal, des intérêts ou,
le
cas
échéant,
des
commissions. Dans le cas des
expositions
sous
forme
d’actions évaluées au titre de
la méthode PD/LGD, cela
vaut pour la restructuration
en urgence de la participation
elle-même;
e) de
instelling
heeft
het
faillissement van de debiteur of
een soortgelijke maatregel
aangevraagd met betrekking tot
zijn kredietverplichting jegens
de
instelling,
haar
moederonderneming of een van
haar dochteronder-nemingen;
e)
l’établissement a demandé la
mise en faillite du débiteur
ou
l’application
d’une
mesure similaire concernant
l’obligation de crédit que ce
dernier a envers lui, son
entreprise mère ou l’une de
ses filiales;
f) de
debiteur
heeft
het
faillissement
of
een
soortgelijke
bescherming
aangevraagd
waardoor de
terugbetaling
van
zijn
kredietverplichting jegens de
f)
le débiteur a demandé ou a
fait l’objet d’une mise en
faillite ou d’une protection
similaire, évitant ou retardant
le remboursement de son
obligation de crédit envers
372
instelling,
haar
moederonderneming of een van
haar
dochterondernemingen
wordt vermeden of uitgesteld.
§ 3. De
instellingen
die
gebruik maken van externe gegevens die
niet beantwoorden aan de definitie van
wanbetaling, tonen ten behoeve van de
CBFA aan dat adequate aanpassingen
zijn
verricht
om
algemene
overeenstemming met de definitie van
wanbetaling te bewerkstelligen.
§ 4. Indien een instelling
oordeelt dat een risicopositie, voorheen
met wanbetaling, thans in een zodanige
toestand verkeert dat de definitie van
wanbetaling niet langer van toepassing is,
kent zij aan de desbetreffende
kredietfaciliteit of debiteur een rating als
voor
een
risicopositie
zonder
wanbetaling. Mocht de definitie van
wanbetaling later toch van toepassing
blijken te zijn, dan wordt aangenomen
dat er zich een andere wanbetaling heeft
voorgedaan.
§ 5. Voor risicoposities op
retailcliënteel en op publiekrechtelijke
entiteiten kan de CBFA de exacte periode
van achterstal vaststellen, waaraan alle
instellingen zich in het kader van de in §
1 van dit artikel vastgelegde definitie van
wanbetaling moeten houden wanneer de
wederpartijen in België gevestigd zijn.
Dit aantal dagen ligt tussen 90 tot 180 en
kan variëren naar gelang van het type
product.
Voor
risicoposities
op
wederpartijen
die
zich
op
het
grondgebied van een andere lidstaat
bevinden, kan de CBFA een periode van
achterstal vaststellen die evenwel niet
langer mag zijn dan de periode die door
de bevoegde autoriteiten van de andere
lidstaten zijn vastgesteld.
l’établissement,
son
entreprise mère ou l’une de
ses filiales.
§ 3. Les établissements qui se
fondent sur des données externes
s’écartant de la définition du défaut
démontrent à la CBFA qu’ils ont procédé
à des corrections appropriées pour
parvenir à un large degré d’équivalence
avec cette définition.
§ 4. Si un établissement estime
qu’une exposition sur laquelle il y a eu
défaut est désormais telle qu’aucune
clause de déclenchement du défaut ne
continue de s'appliquer, il note le débiteur
ou la facilité de crédit en question comme
il le ferait pour une exposition sur laquelle
il n'y a pas eu défaut. Si, par la suite,
l’application de la définition du défaut
devait être déclenchée, l’établissement
considère qu’un autre défaut s’est produit.
§ 5. Pour les expositions sur la
clientèle de détail et les entités du secteur
public, la CBFA peut étendre le nombre
exact de jours d’arriéré que tous les
établissements doivent respecter au titre
de la définition du défaut énoncée au § 1
du
présent
article,
lorsque
les
contreparties sont également établies en
Belgique. Ce nombre est compris dans
une fourchette de 90 à 180 jours et peut
varier selon les lignes de produits. Pour
les expositions envers des contreparties
établies sur le territoire d’autres États
membres, la CBFA peut fixer un nombre
de jours d’arriéré qui ne peut être
supérieur à celui respectivement fixé par
les autorités compétentes desdits autres
États membres.
Tot 31 december 2011, kan de CBFA het Jusqu’au 31 décembre 2011, la CBFA peut
373
voorgaande lid eveneens toepassen op également appliquer l’alinéa précédent aux
risicoposities op ondernemingen indien de expositions sur les entreprises, si les
nationale
omstandigheden
dit conditions nationales le justifient.
rechtvaardigen.
ONDERAFDELING
II
–
ALGEMENE
RAMINGSVEREISTEN
SOUS-SECTION II – EXIGENCES GLOBALES EN
MATIERE D’ESTIMATIONS
Art. VI. 88
Art. VI.88
§ 1. In de eigen ramingen
door
de
instellingen
van
de
risicoparameters
PD,
LGD,
omrekeningsfactoren (CF) en EL, wordt
met alle relevante gegevens, informatie
en methoden rekening gehouden. Ze
worden verricht op grond van historische
ervaring en empirisch bewijsmateriaal en
zijn niet louter gebaseerd op subjectieve
overwegingen. De ramingen zijn
aannemelijk en intuïtief/empirisch en
gebaseerd
op
de
wezenlijke
determinanten van de respectieve
risicoparameters. Hoe minder gegevens
een instelling bezit, hoe voorzichtiger zij
te werk moet gaan bij het verrichten van
haar ramingen.
§ 1. Les propres estimations des
établissements concernant les paramètres
de risque PDs, LGDs, facteurs de
conversion (CFs) et ELs tiennent compte
de toutes les données, informations et
méthodes pertinentes. Elles sont établies à
partir tant d’antécédents que de
constatations empiriques, et non pas
seulement à partir de considérations
subjectives. Elles sont plausibles et
intuitives/empiriques et sont fondées sur
les principaux facteurs déterminant
l’évolution des différents paramètres de
risque. Moins un établissement dispose de
données, plus ses estimations doivent être
prudentes.
§ 2. De instellingen moeten
in staat zijn om een historiek van hun
verliezen
in
termen
van
wanbetalingsfrequentie,
LGD,
omrekeningsfactoren (CF) of verlies
wanneer
EL-ramingen
worden
gehanteerd, te ontbinden in de factoren
die zij als de determinanten van de
respectieve
risicoparameters
beschouwen. De instellingen tonen aan
dat hun ramingen gebaseerd zijn op
langdurige ervaring.
§ 3. Er
wordt
rekening
gehouden met alle wijzigingen die zich in
de leningspraktijken of in de procedures
voor de inning van ontvangsten hebben
voorgedaan gedurende de in de artikelen
VI.89, § 8, VI.90, § 5, VI.92, VI.93, § 3,
VI.95,
VI.96,
§
2
genoemde
§ 2. Les établissements doivent
être en mesure de fournir un historique de
leurs pertes, ventilé en ce qui concerne la
fréquence de défaut, LGD, facteurs de
conversion (CFs) ou pertes, lorsqu’ils
utilisent des estimations de EL, selon les
facteurs qu’ils jugent déterminants pour
l'évolution des différents paramètres de
risque. Les établissements démontrent que
leurs estimations sont représentatives
d’une longue expérience.
§ 3. Il est tenu compte de toute
modification des pratiques en matière de
prêt ou des procédures de recouvrement
intervenant
durant
les
périodes
d'observation
visées
aux
articles VI.89, § 8, VI.90, § 5, VI.92,
VI.93, § 3, VI.95, VI.96, § 2. Les
estimations des établissements tiennent
374
waarnemingsperioden. In de ramingen
van de instellingen wordt tevens rekening
gehouden met de gevolgen van de
technische vooruitgang en van alle
nieuwe gegevens en andere inlichtingen
naarmate ze beschikbaar worden. De
instellingen onderwerpen hun ramingen
aan een nieuw onderzoek zodra er
nieuwe informatie aan het licht komt en
ten minste eenmaal per jaar.
également compte des implications de
toute avancée technique et de toute
nouvelle donnée et autres informations,
au moment où celles-ci deviennent
disponibles. Les établissements revoient
leurs estimations dès que de nouvelles
informations viennent à leur connaissance
et au moins une fois par an.
§ 4. De populatie van de
risicoposities die in aanmerking worden
genomen in de gegevens voor het
verrichten van de ramingen, de
leningsnormen die werden toegepast toen
de gegevens werden gegenereerd en
andere relevante kenmerken, moeten
vergelijkbaar zijn met die van de
risicoposities en normen van de
betrokken instelling. De instelling toont
tevens aan dat de economische
voorwaarden of marktvoorwaarden die
aan de gegevens ten grondslag liggen,
relevant
zijn
voor
de
actuele
voorwaarden evenals met hun te
verwachten evolutie. Het aantal in de
steekproef opgenomen risicoposities en
de voor de kwantificering gehanteerde
periode waarop de gegevens betrekking
hebben, is voldoende groot zodat de
instelling kan vertrouwen op de juistheid
en deugdelijkheid van haar ramingen.
§ 4. La
population
des
expositions représentées dans les données
utilisées aux fins des estimations, les
normes de prêt en usage lors de la
création de ces données et autres
caractéristiques pertinentes doivent être
comparables à celles des expositions et
normes de l’établissement concerné.
Celui-ci démontre, par ailleurs, que les
conditions économiques ou de marché
sous-tendant ces données sont en phase
avec les conditions actuelles, ainsi
qu’avec leur évolution prévisible. Le
nombre d’expositions comprises dans
l’échantillon et la période de référence
utilisée pour la quantification sont
suffisants pour donner à l'établissement
l’assurance de l’exactitude et de la
solidité de ses estimations.
§ 5. In de ramingen met
betrekking tot gekochte kortlopende
vorderingen wordt rekening gehouden
met alle relevante informatie waarover de
kopende instelling beschikt wat de
kwaliteit
van
de
onderliggende
vorderingen betreft, met inbegrip van
gegevens over soortgelijke pools van
kortlopende vorderingen die afkomstig
zijn van de verkoper, van haarzelf of van
externe bronnen. De kopende instelling
toetst alle van de verkoper afkomstige
gegevens waarvan zij gebruik maakt.
§ 5. Dans le cas de créances
achetées, les estimations reflètent toutes
les informations pertinentes dont dispose
l’établissement acquéreur concernant la
qualité des créances sous-jacentes, y
compris les données relatives à des lots de
créances similaires, émanant du vendeur,
de lui-même ou de sources extérieures.
L’établissement acquéreur vérifie toute
donnée émanant du vendeur sur laquelle il
se fonde.
375
§ 6. De instellingen tellen bij
hun ramingen een voorzichtigheidsmarge
die in verhouding staat tot de mogelijke
foutenmarge van de ramingen. Wanneer
de gegevens en methoden minder
bevredigend zijn en de verwachte
foutenmarge groter is, is ook de
voorzichtigheidsmarge groter.
§ 6. Les établissements ajoutent
à leurs estimations une marge de
prudence, liée à l’éventail possible des
erreurs d’estimation. Lorsque les données
et méthodes utilisées sont moins
satisfaisantes, et que l’éventail possible
des erreurs est plus grand, la marge de
prudence est également plus importante.
§ 7. Indien de instellingen
voor de berekening van de risicoweging
andere ramingen hanteren dan voor
interne
doeleinden,
wordt
dit
gedocumenteerd en wordt de redelijkheid
ervan aangetoond ten behoeve van de
CBFA.
§ 7. Lorsqu’ils
utilisent
différentes estimations pour le calcul des
pondérations de risques et à des fins
internes, les établissements documentent
ce choix de pièces écrites et en
démontrent le caractère raisonnable à la
CBFA.
§ 8. Indien de instellingen ten
behoeve van de CBFA kunnen aantonen
dat de vóór de implementatiedatum van
dit reglement verzamelde gegevens op
zodanige wijze werden aangepast dat zij
grotendeels beantwoorden aan de
definities van wanbetaling of verlies, kan
de CBFA hen enige flexibiliteit toestaan
bij de toepassing van de voorgeschreven
normen inzake gegevens.
§ 8. Lorsque les établissements
peuvent démontrer à la CBFA que, dans
le cas des données collectées avant la date
de mise en œuvre du présent règlement,
ils ont procédé à des corrections
appropriées pour parvenir à un large
degré d’équivalence avec ses définitions
du défaut ou de la perte, la CBFA peut
leur accorder une certaine souplesse dans
l’application des normes prescrites en
matière de données.
§ 9. Indien een instelling
gebruik maakt van een datapool van
verschillende instellingen, toont zij aan
dat:
§ 9. Lorsqu’un
établissement
utilise des données centralisées au sein
d’un pool commun à plusieurs
établissements, il démontre que:
a) de ratingsystemen en –criteria
van de andere instellingen van
de pool vergelijkbaar zijn met
die van haar;
a)
les systèmes de notation et
critères des autres établissements
du pool sont similaires aux siens;
b) de datapool representatief is
voor de portefeuille waarvoor de
gegevens uit de pool worden
gebruikt;
b)
le pool est représentatif du
portefeuille pour lequel les
données
centralisées
sont
utilisées;
les données centralisées sont
utilisées de façon cohérente sur
la durée, aux fins des estimations
permanentes de l’établissement.
c) de gegevens uit de pool
consequent in de tijd worden
gebruikt voor de permanente
ramingen van de instelling.
c)
376
§ 10. Indien een instelling
gebruik maakt van een datapool van
verschillende instellingen, blijft ze
verantwoordelijk voor de integriteit van
haar eigen ratingsystemen. Ze toont ten
behoeve van de CBFA aan dat ze over
voldoende interne kennis van haar
ratingsystemen beschikt, en onder meer
effectief in staat is om het ratingproces te
bewaken en te controleren.
§ 10. Lorsqu’un
établissement
utilise des données centralisées au sein
d’un pool commun à plusieurs
établissements, il reste responsable de
l’intégrité de ses propres systèmes de
notation. Il démontre à la CBFA qu’il
dispose d’une connaissance interne
suffisante de ses systèmes de notation, y
compris de la capacité effective de
contrôler et d’auditer le processus de
notation.
ONDERAFDELING III
VOOR PD-RAMINGEN
SOUS-SECTION III – EXIGENCES
AUX ESTIMATIONS DE PD
– SPECIFIEKE
VEREISTEN
SPECIFIQUES
A. Risicoposities op ondernemingen,
instellingen en centrale overheden
en centrale banken
A. Expositions sur les entreprises, les
établissements
et
les
administrations
centrales
et
banques centrales
Art. VI. 89
Art. VI.89
§ 1. Voor de risicoposities op
ondernemingen, instellingen en centrale
overheden en centrale banken, ramen de
instellingen de PD’s per debiteurenklasse
op basis van gemiddelden over een lange
periode
van
de
jaarlijkse
wanbetalingsgraden.
§ 1. Pour les expositions sur les
entreprises, les établissements, les
administrations centrales et les banques
centrales, les établissements estiment la
valeur de PD par échelon de débiteurs, à
partir de moyennes à long terme des taux
de défaut annuels.
§ 2. Voor
gekochte
kortlopende
vorderingen
op
ondernemingen, mogen de instellingen
de EL-waarde per debiteurenklasse
ramen op basis van gemiddelden over
een lange periode van de gerealiseerde
jaarlijkse wanbetalingsgraden.
§ 2. Pour les créances achetées
sur des entreprises, les établissements
peuvent estimer la valeur de EL par
échelon de débiteurs, à partir de
moyennes à long terme des taux de défaut
annuels effectifs.
§ 3. Indien een instelling
gemiddelde ramingen over een lange
periode van PD’s en LGD’s voor
gekochte kortlopende vorderingen op
ondernemingen afleidt uit een EL-raming
en een adequate PD-of LGD-raming, dan
voldoet de procedure voor de raming van
de totale verliezen aan de in dit deel
vastgelegde algemene normen voor de
raming van de PD’s en LGD’s en is het
resultaat in overeenstemming met het
concept van de LGD als beschreven in
§ 3. Lorsque, pour les créances
achetées sur des entreprises, un
établissement tire ses estimations
moyennes à long terme de PD et de LGD
d’une estimation de EL ainsi que d'une
estimation appropriée de PD ou de LGD,
le processus d’estimation des pertes
totales satisfait aux normes globales
d’estimation de PD et de LGD exposées
dans la présente partie, et le résultat est
conforme au concept de LGD exposé à
377
artikel VI.91, § 2.
l’article VI.91, § 2.
§ 4. Wanneer de instellingen
technieken voor PD-raming toepassen,
mag dat enkel met een ondersteunende
analyse. Ze erkennen het belang van
subjectieve overwegingen bij het
combineren van de resultaten van
verschillende technieken en bij het
aanbrengen van aanpassingen om
rekening te houden met de beperkingen
waaraan de technieken en de informatie
onderhevig zijn.
§ 4. Les
établissements
ne
peuvent
utiliser
de
techniques
d’estimation de PD sans appuyer cette
utilisation d’une analyse. Ils tiennent
compte
de
l’importance
des
considérations subjectives dans le
panachage des résultats de différentes
techniques et dans les ajustements visant
à tenir compte des limites inhérentes aux
techniques et informations.
§ 5. Indien een instelling
voor de raming van PD’s gebruik maakt
van gegevens van haar eigen ervaring
met wanbetaling, toont zij in haar analyse
aan dat haar overnemingsnormen en de
eventuele
verschillen
tussen
het
ratingsysteem dat de gegevens heeft
gegenereerd en het huidige ratingsysteem
in haar ramingen worden weerspiegeld.
Wanneer de overnemingsnormen of het
ratingsysteem gewijzigd zijn, verhoogt
de instelling de voorzichtigheidsmarge
bij haar PD-ramingen.
§ 5. Dans la mesure où un
établissement utilise, pour estimer PD,
des données découlant de sa propre
expérience en matière de défaut, il
démontre, dans son analyse, que ses
estimations reflètent ses normes de
souscription et toute différence entre le
système de notation qui a généré les
données en question et l'actuel système de
notation. Lorsque les normes de
souscription ou le système de notation ont
changé, l’établissement ajoute une plus
grande marge de prudence à ses
estimations de PD.
§ 6. Indien een instelling haar
interne ratingklassen relateert of koppelt
aan een schaal die door een EKBI of een
soortgelijke organisatie wordt toegepast
en vervolgens de voor de ratingklassen
van
deze
externe
organisatie
waargenomen wanbetalingsgraad toekent
aan de door haar gehanteerde klassen,
wordt de koppeling (of “mapping”)
gebaseerd op een vergelijking van haar
interneratingcriteria met de criteria die
door de externe organisatie worden
gehanteerd en op een vergelijking van de
interne en externe ratings van
gemeenschappelijke
debiteuren.
Vertekeningen of inconsistenties bij de
koppeling of in de onderliggende
gegevens worden vermeden. De criteria
van de externe organisatie die aan de
voor de kwantificering gebruikte
§ 6. Lorsqu’un
établissement
relie ses échelons internes de notation à,
ou les met en correspondance avec
l’échelle utilisée par un OEEC ou une
organisation similaire, puis leur impute le
taux de défaut observé pour les échelons
de notation de cette organisation externe,
il assoit cette mise en correspondance (ou
«mapping») sur une comparaison entre
ses propres critères de notation et ceux de
l’organisation externe, de même que sur
une comparaison entre notations internes
et externes de tout débiteur commun.
L’établissement évite toute distorsion ou
incohérence dans son processus de
mapping ou au niveau des données sousjacentes. Les critères de l’organisation
externe sous-tendant les données utilisées
pour la quantification sont exclusivement
axés sur le risque de défaut, et ne reflètent
378
gegevens ten grondslag liggen, hebben
uitsluitend
betrekking
op
het
wanbetalingsrisico en houden geen
rekening met de transactiekenmerken. De
analyse van de instelling omvat een
vergelijking van de definities van
wanbetaling, met inachtneming van de
vereisten gesteld in artikel VI.87. De
instelling documenteert de grondslag
voor de koppeling.
pas les caractéristiques de la transaction.
L’analyse de l’établissement inclut une
comparaison des définitions du défaut
respectivement utilisées, sous réserve des
exigences énoncées à l’article VI.87.
L’établissement explique par écrit quelle
base il utilise pour son mapping.
§ 7. Indien een instelling
gebruik
maakt
van
statistische
voorspellingsmodellen voor wanbetaling,
dan mag zij voor een bepaalde klasse de
PD’s ramen als het gewone gemiddelde
van de PD-ramingen voor elke debiteur
van deze klasse. Wanneer de instelling
voor deze doeleinden gebruik maakt van
waarschijnlijkheidsmodellen
voor
wanbetaling, wordt voldaan aan de in
artikel VI.79 gespecificeerde criteria.
§ 7. Dans la mesure où un
établissement utilise des modèles
statistiques de prévision du défaut, il est
autorisé à estimer PD, pour un échelon
donné, comme la simple moyenne des
estimations de PD afférentes à chaque
débiteur de cet échelon. L’utilisation, par
l’établissement, de modèles prédictifs de
la probabilité de défaut doit satisfaire aux
critères énoncés à l’article VI.79.
§ 8. De
duur
van
de
onderliggende waarnemingsperiode is
voor ten minste één bron gelijk aan
minstens vijf jaar, ongeacht of een
instelling voor haar PD-ramingen gebruik
maakt van externe gegevens, interne
gegevens, datapools, of een combinatie
van deze drie bronnen. Indien de
waarnemingsperiode voor een van de
bronnen een langere periode omspant en
deze gegevens relevant zijn, dan wordt
van deze langere periode gebruik
gemaakt. Dit punt is ook van toepassing
op de PD/LGD-benadering van de
risicoposities op aandelen. De CBFA kan
de instellingen die geen eigen ramingen
van LGD’s of omrekeningsfactoren
(CF’s) mogen gebruiken, toestaan om,
wanneer ze de IRB volgen, relevante
gegevens van een periode van twee jaar
te gebruiken. De te bestrijken periode
neemt ieder jaar met één jaar toe tot de
relevante gegevens een periode bestrijken
van vijf jaar.
§ 8. Que l’établissement fonde
ses estimations de PD sur des sources de
données externes, internes ou centralisées,
ou une combinaison des trois, la période
d'observation sous-jacente est d'au moins
cinq ans pour l'une au moins de ces
sources. Si la période d’observation
disponible pour une source est plus
longue
et
que
les
données
correspondantes sont pertinentes, c’est
cette plus longue période qui est retenue.
Cette règle vaut également pour la
méthode PD/LGD applicable aux
expositions sous forme d’actions. La
CBFA peut autoriser les établissements
qui n'ont pas le droit de recourir à leurs
propres estimations des LGD ou facteurs
de conversion (CFs) à utiliser, lorsqu'ils
appliquent l'approche NI, des données
pertinentes couvrant une période de deux
ans. La période à couvrir augmente
chaque année d'un an jusqu'à ce que les
données pertinentes couvrent une période
de cinq ans.
379
B. Risicoposities op retailcliënteel
B. Expositions sur la clientèle de détail
Art. VI.90
Art. VI.90
§ 1. Voor de risicoposities op
retailcliënteel, ramen de instellingen de
PD’s per debiteurenklasse of –pool op
basis van gemiddelden over een lange
periode
van
de
jaarlijkse
wanbetalingsgraden.
§ 1. Pour les expositions sur la
clientèle de détail, les établissements
estiment la valeur de PD par échelon ou
catégorie de débiteurs, à partir de
moyennes à long terme des taux de défaut
annuels.
§ 2. Niettegenstaande
de
bovenstaande § 1 kunnen de PDramingen ook worden afgeleid van
gerealiseerde verliezen en passende
LGD-ramingen.
§ 2. Nonobstant la § 1 ci-dessus,
les estimations de PDs peuvent également
être tirées des pertes constatées et
d’estimations appropriées de LGDs.
§ 3. De
instellingen
gebruiken interne gegevens voor het
indelen van hun risicoposities in klassen
of pools als de primaire informatiebron
voor
de
inschatting
van
de
verlieskenmerken. Ze mogen externe
gegevens
(met
inbegrip
van
gecentraliseerde/gedeelde gegevens) of
statistische modellen gebruiken voor
kwantificeringsdoeleinden, mits kan
worden aangetoond dat er een sterke
band bestaat tussen:
§ 3. Les établissements utilisent
des données internes pour affecter leurs
expositions par échelon ou catégorie
comme première source d’estimation des
caractéristiques de pertes. Ils peuvent
utiliser des données externes (y compris
des données centralisées/partagées) ou
des modèles statistiques à des fins de
quantification, sous réserve de démontrer
l'existence d'un lien fort entre:
a) de door de instelling gevolgde
procedure voor het indelen van
risicoposities in klassen of
pools en de door de externe
gegevensbron
gebruikte
procedure;
a) leur processus d’affectation des
expositions par échelon ou
catégorie et celui utilisé par la
source externe de données;
b) het interne risicoprofiel van de
instelling en de samenstelling
van de externe gegevens.
b) leur profil de risque interne et la
composition
des
données
externes.
Voor gekochte kortlopende vorderingen
op retailcliënteel mogen de instellingen
gebruik maken van interne en externe
referentiegegevens. Ze gebruiken alle
relevante
gegevensbronnen
als
vergelijkingspunt.
Pour les créances achetées sur la clientèle
de détail, les établissements peuvent se
référer à des données internes et externes.
Ils utilisent toutes les sources de données
pertinentes
comme
points
de
comparaison.
§ 4. Indien
een
instelling
§ 4.
Lorsque,
pour
les
380
gemiddelde ramingen over een lange
periode van PD’s en LGD’s voor
risicoposities op retailcliënteel afleidt uit
een raming van het totale verlies en een
adequate PD-of LGD-raming, dan
voldoet de procedure voor de raming van
de totale verliezen aan de in dit deel
vastgelegde algemene normen voor de
raming van de PD’s en LGD’s en is het
resultaat in overeenstemming met het
concept van de LGD als beschreven in
artikel VI.91, § 1.
expositions sur la clientèle de détail, un
établissement tire ses estimations
moyennes à long terme de PD et de LGD
d’une estimation des pertes totales ainsi
que d'une estimation appropriée de PD ou
de LGD, le processus d’estimation des
pertes totales satisfait aux normes
globales d’estimation de PD et de LGD
exposées dans la présente partie, et le
résultat est conforme au concept de LGD
exposé à l’article VI.91, § 1.
§ 5. De
duur
van
de
onderliggende waarnemingsperiode is
voor ten minste één bron gelijk aan
minstens vijf jaar, ongeacht of een
instelling voor haar inschatting van
verlieskenmerken gebruik maakt van
externe gegevens, interne gegevens,
datapools of een combinatie van deze
drie
bronnen.
Indien
de
waarnemingsperiode voor een van de
bronnen een langere periode omspant en
deze gegevens relevant zijn, dan wordt
van deze langere periode gebruik
gemaakt. De instelling hoeft niet
evenveel belang te hechten aan de
historische gegevens indien zij ten
behoeve van de CBFA kan aantonen dat
recentere gegevens een betere voorspeller
zijn van de verliespercentages. De CBFA
kan de instellingen toestaan om, wanneer
ze de IRB volgen, relevante gegevens
van een periode van twee jaar te
gebruiken. De te bestrijken periode
neemt ieder jaar met één jaar toe tot de
relevante gegevens een periode bestrijken
van vijf jaar.
§ 5. Que l’établissement fonde
son estimation des caractéristiques de
pertes sur des sources de données
externes, internes ou centralisées, ou une
combinaison des trois, la période
d'observation sous-jacente est d'au moins
cinq ans pour l'une au moins de ces
sources. Si la période d’observation
disponible pour une source est plus
longue
et
que
les
données
correspondantes sont pertinentes, c’est
cette plus longue période qui est retenue.
L’établissement n’a pas à accorder la
même
importance
aux
données
historiques, s’il peut démontrer à la
CBFA que des données plus récentes ont
un meilleur pouvoir prédictif des taux de
perte. La CBFA peut autoriser les
établissements à utiliser, lorsqu'ils
appliquent l'approche NI, des données
pertinentes couvrant une période de deux
ans. La période à couvrir augmente
chaque année d'un an jusqu'à ce que les
données pertinentes couvrent une période
de cinq ans.
§ 6. De tijdens de looptijd
van hun kredieten verwachte wijzigingen
in de risicoparameters (seasoning effects)
worden door de instellingen aangegeven
en geanalyseerd.
§ 6. Les
établissements
identifient et analysent les changements
prévisibles des paramètres de risque sur la
durée de vie de leurs crédits (effets des
variations
saisonnières/
seasoning
effects).
ONDERAFDELING IV – SPECIFIEKE VEREISTEN
VOOR EIGEN LGD-RAMINGEN
SOUS-SECTION IV – EXIGENCES SPECIFIQUES
AUX PROPRES ESTIMATIONS DE LGD
Art. VI.91
Art. VI.91
381
§1. De instellingen ramen de
LGD’s per kredietfaciliteitenklasse of –
pool op basis van de gemiddelde
gerealiseerde
LGD’s
per
kredietfaciliteitenklasse of –pool en
houden daarbij rekening met alle in de
verschillende
gegevensbronnen
waargenomen gevallen van wanbetaling
(gewogen
gemiddelde
van
de
wanbetalingen).
§ 1. Les établissements estiment
la valeur de LGD par échelon ou
catégorie de facilités de crédit, sur la base
de la moyenne effective de LGD par
échelon ou catégorie de facilités de crédit,
compte tenu de tous les cas de défaut
observés pour les différentes sources de
données (moyenne pondérée des défauts).
§2. De instellingen maken
gebruik van LGD-ramingen die passend
zijn voor een economische vertraging
indien die voorzichtiger zijn dan het
gemiddelde over een lange periode.
Indien wordt verwacht dat een
ratingsysteem gerealiseerde LGD’s per
klasse of pool oplevert die constant zijn
in de tijd, past de instelling haar
ramingen van de risicoparameters per
klasse of groep aan om het effect van een
economische vertraging op het eigen
vermogen te beperken.
§ 2. Les établissements utilisent
les estimations de LGD qui sont
appropriées dans l’hypothèse d’un
ralentissement économique, si ces
estimations sont plus prudentes que la
moyenne à long terme. Dans la mesure où
un système de notation est censé produire,
sur la durée, une valeur effective
constante de LGD par échelon ou
catégorie,
l’établissement
concerné
apporte à ses estimations des paramètres
de risque par échelon ou catégorie les
ajustements nécessaires pour limiter
l’impact d’un ralentissement économique
sur ses fonds propres.
§3. De instellingen houden
rekening met de mate waarin het risico
van de debiteur eventueel afhankelijk is
van dat van de zekerheid of de
zekerheidsverschaffer.
De
gevallen
waarin sprake is van een significante
afhankelijkheid worden op voorzichtige
wijze behandeld.
§ 3. Les établissements tiennent
compte du degré de dépendance
éventuelle entre le risque afférent au
débiteur et celui présenté par la sûreté ou
le fournisseur de la sûreté. Les cas dans
lesquels ce degré de dépendance est
significatif sont traités avec prudence.
§4. Bij hun LGD-ramingen
behandelen
de
instellingen
de
valutaverschillen tussen de onderliggende
vordering en de zekerheid eveneens op
voorzichtige wijze.
§ 4. Dans leurs estimations de
LGD,
les
établissements
traitent
également avec prudence les cas
d’asymétrie de devises entre la créance
sous-jacente et la sûreté.
§5. Indien in de LGDramingen met het bestaan van een
zekerheid rekening wordt gehouden,
worden deze ramingen niet uitsluitend
gebaseerd op de geraamde marktwaarde
van de zekerheid. In de LGD-ramingen
§ 5. Dans la mesure où elles
tiennent compte de l’existence d’une
sûreté, les estimations de LGD ne sont
pas uniquement fondées sur la valeur de
marché estimée de cette sûreté. Elles
prennent en considération l’incidence
382
wordt, met de gevolgen van het
potentiële onvermogen van de instelling
om vlot beschikkingsmacht over de
zekerheid te verkrijgen en ze uit te
winnen, rekening gehouden.
d’une
possible
incapacité
de
l’établissement concerné à prendre
rapidement le contrôle de la sûreté et à la
réaliser.
§6. Indien in de LGDramingen met het bestaan van
zekerheden rekening wordt gehouden,
moeten de instellingen voor het beheer
van
de
zekerheden,
voor
de
rechtszekerheid en het risicobeheer,
interne vereisten vaststellen die in het
algemeen coherent zijn met de
minimumvereisten
vastgesteld
in
hoofdstuk 8 van deze titel en in titel V,
hoofdstuk 5.
§ 6. Dans la mesure où les
estimations de LGD prennent en compte
l'existence de sûretés, les établissements
doivent définir, en matière de gestion des
sûretés, de sécurité juridique et de gestion
des risques, des exigences internes qui
soient, d'une manière générale, cohérentes
avec
les
exigences
minimales
mentionnées au chapitre 8 du présent titre
et du titre V, chapitre 5.
§7. Indien een instelling bij
het bepalen van de risicopositiewaarde
voor
het
wederpartijrisico
overeenkomstig de artikelen V.8 of V.9
rekening houdt met de gestelde
zekerheden, dan wordt bij de ramingen
van de verliezen bij wanbetaling (LGD’s)
geen rekening gehouden met bedragen
die naar verwachting kunnen worden
verhaald op deze zekerheden.
§ 7. Dans la mesure où un
établissement tient compte des sûretés
constituées pour déterminer la valeur
exposée au risque pour le risque de crédit
de la contrepartie conformément aux
articles V.8 ou V.9, aucun montant censé
être recouvré au titre de ces sûretés n'est
pris en compte dans les estimations de
perte en cas de défaut (LGD).
§8. In het specifieke geval
van risicoposities waarbij reeds sprake is
van wanbetaling, maken de instellingen
gebruik van de som van hun beste
ramingen van het voor elk krediet
verwachte verlies in het licht van het
heersende economische klimaat, de status
van het krediet en de mogelijkheid dat
zich gedurende de inningsperiode nog
meer onverwachte verliezen voordoen.
§ 8. Dans le cas spécifique des
expositions se trouvant déjà en situation
de défaut, les établissements utilisent le
total de leur meilleure estimation des
pertes anticipées pour chaque crédit,
compte tenu de la conjoncture
économique actuelle, du statut du crédit et
de la possibilité de pertes supplémentaires
imprévues au cours de la période de
recouvrement.
§9. Indien onbetaalde boetes
voor achterstallige betalingen in de
resultatenrekening van de instellingen
zijn geactiveerd, dan worden zij bij de
waarde van de risicoposities en verliezen
geteld.
§ 9. Dans la mesure où ils les
capitalisent dans leur compte de résultat,
les établissements ajoutent les pénalités
de retard impayées à leur mesure des
expositions et pertes.
A. Risicoposities op ondernemingen,
instellingen en centrale overheden
A. Expositions sur les entreprises, les
établissements
et
les
383
en centrale banken
administrations
banques centrales
centrales
et
Art. VI.92
Art. VI.92
Voor de risicoposities op
ondernemingen, instellingen en centrale
overheden en centrale banken, zijn de
LGD-ramingen
gebaseerd
op
ingezamelde gegevens die voor ten
minste één bron betrekking hebben op
een periode van minstens vijf jaar. Deze
periode
wordt
jaarlijks
na
de
implementatie met één jaar verhoogd tot
een periode van ten minste zeven jaar is
bereikt.
Indien
de
beschikbare
waarnemingsperiode voor een van de
bronnen een langere periode omspant en
deze gegevens relevant zijn, dan wordt
van deze langere periode gebruik
gemaakt.
Pour les expositions sur les
entreprises; les établissements, les
administrations centrales et banques
centrales, les estimations de LGD sont
fondées sur des données collectées, pour
une source au moins, sur une période
minimum de cinq ans, cette période
augmentant chaque année d'un an après la
mise en œuvre jusqu'à atteindre une
période minimum de sept ans. Si la
période d’observation disponible pour une
source est plus longue et que les données
correspondantes sont pertinentes, c’est
cette plus longue période qui est retenue.
B. Risicoposities op retailcliënteel
B. Expositions sur la clientèle de détail
Art. VI.93
Art. VI.93
§ 1. Voor de risicoposities op
retailcliënteel:
§ 1. Pour les expositions sur la
clientèle de détail:
- Niettegenstaande artikel VI.91,
§ 1 kunnen de LGD-ramingen
worden
afgeleid
van
gerealiseerde
verliezen
en
passende LGD-ramingen.
- nonobstant l’article VI.91, § 1,
les estimations de LGDs
peuvent être tirées des pertes
constatées et d’estimations
appropriées de LGD;
- Niettegenstaande artikel VI.94,
§ 1 mogen de instellingen
toekomstige
opnemingen
verwerken in ofwel hun
omrekeningsfactoren
(CF’s),
ofwel hun LGD-ramingen.
- nonobstant l’article VI.94, § 1,
les établissements peuvent
tenir compte de futurs
prélèvements soit dans leurs
facteurs de conversion (CFs),
soit dans leurs estimations de
LGD.
§ 2. Voor
gekochte
kortlopende
vorderingen
op
retailcliënteel mogen de instellingen
gebruik maken van interne en externe
referentiegegevens om de LGD te ramen.
§ 2. Pour les créances achetées
sur la clientèle de détail, les
établissements peuvent se référer à des
données internes et externes pour estimer
la valeur de LGD.
§ 3. Voor de risicoposities op
retailcliënteel, zijn de LGD-ramingen
gebaseerd op verzamelde gegevens over
§ 3. Les estimations de LGD
pour les expositions sur la clientèle de
384
een periode van ten minste vijf jaar.
Niettegenstaande artikel VI.91, § 1
hoeven de instellingen niet evenveel
belang te hechten aan historische
gegevens, indien zij ten behoeve van de
CBFA kunnen aantonen dat recentere
gegevens een betere voorspeller zijn van
de verliespercentages. De CBFA kan de
instellingen toestaan om, wanneer ze een
IRB volgen, relevante gegevens over een
periode van twee jaar te gebruiken. De te
bestrijken periode neemt ieder jaar met
één jaar toe tot de relevante gegevens een
periode bestrijken van vijf jaar.
détail sont fondées sur des données
collectées sur une période minimum de
cinq ans. Nonobstant l’article VI.91, § 1,
les établissements n’ont pas à accorder la
même
importance
aux
données
historiques, s’ils peuvent démontrer à la
CBFA que des données plus récentes ont
un meilleur pouvoir prédictif des taux de
perte. La CBFA peut autoriser les
établissements à utiliser, lorsqu'ils
appliquent l'approche NI, des données
pertinentes couvrant une période de deux
ans. La période à couvrir augmente
chaque année d'un an jusqu'à ce que les
données pertinentes couvrent une période
de cinq ans.
ONDERAFDELING V – SPECIFIEKE
SOUS-SECTION V – EXIGENCES SPECIFIQUES AUX
VOOR
EIGEN
RAMINGEN
OMREKENINGSFACTOREN (CF'S)
VEREISTEN
VAN
DE
PROPRES
ESTIMATIONS
CONVERSION
DES
FACTEURS
DE
(CFS)
Art. VI.94
Art. VI.94
§ 1. De instellingen ramen
hun omrekeningsfactoren (CF’s) per
kredietfaciliteitenklasse of –pool op basis
van het gemiddelde van de gerealiseerde
waarden van de omrekeningsfactoren per
kredietfaciliteitenklasse of –pool en
houden daarbij rekening met alle in de
verschillende
gegevensbronnen
waargenomen gevallen van wanbetaling
(gewogen
gemiddelde
van
de
wanbetalingen).
§ 1.
Les
établissements
estiment leurs facteurs de conversion
(CFs) par échelon ou catégorie de facilités
de crédit, sur la base de la moyenne des
valeurs effectives des facteurs de
conversion par échelon ou catégorie de
facilités de crédit, compte tenu de tous les
cas de défaut observés pour les différentes
sources de données (moyenne pondérée
des défauts).
§ 2. De instellingen maken
gebruik
van
ramingen
van
omrekeningsfactoren die passend zijn
voor een economische vertraging indien
die voorzichtiger zijn dan het gemiddelde
over een lange periode. Indien wordt
verwacht
dat
een
ratingsysteem
gerealiseerde omrekeningsfactoren per
klasse of pool oplevert die constant zijn in
de tijd, past de instelling haar ramingen
van de risicoparameters per klasse of pool
aan om het effect van een economische
vertraging op het eigen vermogen te
beperken.
§ 2. Les établissements utilisent
les estimations des facteurs de conversion
(CFs) qui sont appropriées dans
l’hypothèse
d’un
ralentissement
économique, si ces estimations sont plus
prudentes que la moyenne à long terme.
Dans la mesure où un système de notation
est censé produire, sur la durée, une
valeur effective constante des facteurs de
conversion par échelon ou catégorie,
l’établissement concerné apporte à ses
estimations des paramètres de risque par
échelon ou catégorie les ajustements
nécessaires pour limiter l’impact d’un
ralentissement économique sur ses fonds
385
propres.
§ 3. In de door de instellingen
geraamde omrekeningsfactoren (CF’s)
wordt rekening gehouden met de
mogelijkheid dat de debiteur nog
opnemingen verricht tot en na het
plaatsvinden
van een gebeurtenis
waardoor wanbetaling ontstaat.
§ 3.
Dans leurs estimations des
facteurs de conversion (CFs), les
établissements tiennent compte de la
possibilité
de
prélèvements
supplémentaires du débiteur jusqu’à la
date de déclenchement du défaut et après
celle-ci.
In de raming van de omrekeningsfactor
wordt een grotere voorzichtigheidsmarge
ingebouwd, wanneer er redelijkerwijze
een sterkere positieve correlatie kan
worden
verwacht
tussen
de
wanbetalingsfrequentie en de omvang van
de omrekeningsfactor.
Lorsqu’on peut raisonnablement prévoir
une plus grande corrélation positive entre
la fréquence des cas de défaut et la
grandeur du facteur de conversion (CF),
l’estimation de ce dernier intègre une plus
grande marge de prudence.
§ 4. Bij de raming van
omrekeningsfactoren (CF’s) houden de
instellingen rekening met hun specifieke
gedragslijnen en strategieën voor de
boekhoudkundige
controle
en
de
betalingsverwerking. Zij houden ook
rekening met hun vermogen en bereidheid
om verdere opnemingen te voorkomen in
situaties die net niet als wanbetaling
worden beschouwd, zoals inbreuken op
overeenkomsten of andere gebeurtenissen
waardoor
technisch
gesproken
wanbetaling ontstaat.
§ 4. Lorsqu’ils effectuent leurs
estimations des facteurs de conversion
(CFs), les établissements tiennent compte
des politiques et stratégies spécifiques
qu’ils ont adoptées en matière de contrôle
comptable et de traitement des paiements.
Ils tiennent également compte de leur
capacité et de leur volonté d’empêcher de
nouveaux prélèvements avant le défaut de
paiement, par exemple en cas de
violations des engagements contractuels
ou
autres
événements
techniques
apparentés au défaut.
§ 5. De instellingen beschikken
over adequate procedures en systemen om
de bedragen van de faciliteiten, de
uitstaande bedragen ingevolge toegezegde
kredietlijnen en wijzigingen in de
uitstaande bedragen per debiteur en per
klasse te controleren. Ze moeten in staat
zijn om de uitstaande saldi dagelijks te
controleren.
§ 5. Les établissements mettent
en place des procédures et systèmes
adéquats pour contrôler les montants des
facilités, les encours par rapport aux lignes
de crédit engagées et les modifications
d’encours par débiteur et par échelon. Ils
doivent être en mesure de contrôler les
soldes sur une base journalière.
§ 6. Indien
ze
voor
de
berekening van het gewogen risicovolume
andere
ramingen
van
omrekeningsfactoren hanteren dan voor
interne
doeleinden,
wordt
dit
gedocumenteerd en wordt de redelijkheid
ervan aangetoond ten behoeve van de
CBFA.
§ 6. Lorsqu’ils
utilisent
différentes estimations des facteurs de
conversion (CFs) pour le calcul des
volumes pondérés des risques et à des fins
internes, les établissements étayent ce
choix de pièces écrites et en démontrent la
logique à la CBFA.
386
A.
Risicoposities
op A.
ondernemingen, instellingen en
centrale overheden en centrale
banken
Expositions sur les entreprises,
les
établissements
et
les
administrations centrales et
banques centrales
Art. VI.95
Art. VI.95
De
ramingen
van
de
omrekeningsfactoren
(CF's)
zijn
gebaseerd op verzamelde gegevens die
voor ten minste één bron betrekking
hebben op een periode van minstens vijf
jaar. Deze periode wordt jaarlijks na de
implementatie met één jaar verhoogd tot
een periode van ten minste zeven jaar is
bereikt.
Indien
de
beschikbare
waarnemingsperiode voor een van de
bronnen een langere periode omspant en
deze gegevens relevant zijn, dan wordt
van deze langere periode gebruik
gemaakt.
Les estimations des facteurs de
conversion (CFs) sont fondées sur des
données collectées, pour une source au
moins, sur une période minimum de cinq
ans, cette période augmentant chaque
année d'un an après la mise en œuvre
jusqu'à atteindre une période minimum de
sept ans. Si la période d’observation
disponible pour une source est plus longue
et que les données correspondantes sont
pertinentes, c’est cette plus longue période
qui est retenue.
B.
B.
Expositions sur la clientèle de
détail
Risicoposities op retailcliënteel
Art. VI.96
Art. VI.96
§ 1. Niettegenstaande VI.94,
§ 3 mogen de instellingen toekomstige
opnemingen verwerken in ofwel hun
omrekeningsfactoren (CF’s), ofwel hun
LGD-ramingen.
§ 1. Nonobstant l’article VI.94,
§ 3, les établissements peuvent tenir
compte de futurs prélèvements soit dans
leurs facteurs de conversion (CFs), soit
dans leurs estimations de LGD.
§ 2. De ramingen van de
omrekeningsfactoren
(CF’s)
zijn
gebaseerd op verzamelde gegevens over
een periode van ten minste vijf jaar.
Niettegenstaande artikel VI.94, § 1
hoeven de instellingen niet evenveel
belang te hechten aan historische
gegevens, indien zij ten behoeve van de
CBFA kunnen aantonen dat recentere
gegevens een betere voorspeller zijn van
de opnemingen. De CBFA kan de
instellingen toestaan om, wanneer ze een
IRB volgen, relevante gegevens over een
periode van twee jaar te gebruiken. De te
bestrijken periode neemt ieder jaar met
één jaar toe tot de relevante gegevens een
§ 2. Les estimations des facteurs
de conversion (CFs) sont fondées sur des
données collectées sur une période
minimum de cinq ans. Nonobstant
l’article VI.94, § 1, les établissements
n’ont pas à accorder la même importance
aux données historiques, s’ils peuvent
démontrer à la CBFA que des données
plus récentes ont un meilleur pouvoir
prédictif des prélèvements. La CBFA peut
autoriser les établissements à utiliser,
lorsqu'ils appliquent l'approche NI, des
données pertinentes couvrant une période
de deux ans. La période à couvrir
augmente chaque année d'un an jusqu'à ce
que les données pertinentes couvrent une
387
periode bestrijken van vijf jaar.
période de cinq ans.
ONDERAFDELING VI – MINIMUMVEREISTEN
VOOR DE BEOORDELING VAN HET EFFECT VAN
GARANTIES EN KREDIETDERIVATEN
SOUS-SECTION VI - EXIGENCES MINIMALES
CONCERNANT L’EVALUATION DES EFFETS DES
GARANTIES ET DES DERIVES DE CREDIT
A. Risicoposities op ondernemingen,
instellingen, centrale overheden en
centrale banken waarbij van eigen
LGD-ramingen gebruik wordt gemaakt
en risicoposities op retailcliënteel
A. Expositions sur les entreprises, les
établissements,
les
administrations
centrales et banques centrales pour
lesquels les propres estimations de LGD
sont utilisées et expositions sur la
clientèle de détail
Art. VI.97
Art. VI.97
§ 1. Indien de ramingen van
LGD worden gebruikt, zijn de vereisten
van dit artikel van toepassing. De in dit
artikel gestelde vereisten gelden evenwel
niet voor garanties verstrekt door
instellingen, centrale overheden en
centrale
banken,
alsook
door
ondernemingen die voldoen aan de in
artikel V.25, § 1, g), gestelde eisen, mits
de instelling toestemming heeft gekregen
om de regels van Titel V toe te passen op
de risicoposities op dergelijke entiteiten.
In dat geval zijn de vereisten van Titel V,
hoofdstuk 5, en in voorkomend geval die
in Titel VI, hoofdstuk 8, van toepassing
§ 1. Lorsque les estimations de
LGD sont utilisées, les exigences du
présent article sont d’application. Les
exigences énoncées dans le présent article
ne s’appliquent toutefois pas aux garanties
fournies par les établissements, par les
administrations centrales et les banques
centrales, ainsi que par les entreprises qui
satisfont aux exigences énoncées à
l’article V.25, § 1, g), dès lors que
l’établissement a été autorisé à appliquer
les dispositions du titre V aux expositions
sur ces entités. Dans ce cas, les exigences
énoncées au titre V, chapitre 5, et, le cas
échéant, celles énoncées au titre VI,
chapitre 8, sont applicables.
§ 2. Bij garanties ter dekking
van risicoposities op retailcliënteel zijn de
vereisten van dit artikel ook van
toepassing op het indelen van de
risicoposities in klassen of pools en op de
PD-raming.
§ 2. Dans le cas de garanties
couvrant des expositions sur la clientèle de
détail, les exigences du présent article
s’appliquent également à l’affectation des
expositions par échelon ou catégorie, ainsi
qu'à l'estimation de PD.
Toelaatbare
garanties
garantiegevers
en Garants et garanties éligibles
§ 3. Les établissements disposent
§ 3. De instellingen hanteren
welomschreven
criteria
voor
de de critères très clairs concernant les types
categorieën garantiegevers die zij in de garants dont ils tiennent compte dans le
aanmerking nemen bij de berekening van calcul des volumes pondérés des risques.
de gewogen risicovolumes.
§ 4. Voor de in aanmerking
§ 4. Pour les garants reconnus
genomen garantiegevers gelden dezelfde comme éligibles, les règles applicables
regels als voor debiteuren; deze regels zijn sont les mêmes que celles énoncées pour
388
beschreven in de artikelen VI.74 tot les débiteurs aux articles VI.74 à VI.78.
VI.78.
§ 5.
De
garantie
moet
schriftelijk zijn bevestigd. Ze mag niet
opzegbaar zijn door de garantiegever
zolang de kredietverplichting niet volledig
is nagekomen (rekening houdend met het
bedrag en de geldigheidsduur van de
garantie) en ze moet uitvoerbaar zijn voor
de garantiegever in een rechtsgebied waar
hij activa bezit die in beslag kunnen
worden
genomen
krachtens
een
gerechtelijke
beslissing.
Behoudens
goedkeuring van de CBFA, kan de
instelling ook garanties in aanmerking
nemen waarbij er sprake is van
voorwaarden waaronder de garantiegever
niet kan worden verplicht om zijn
verbintenis na te komen (voorwaardelijke
garanties). De instelling toont aan dat in
de onderbrengingscriteria voldoende
rekening is gehouden met elke potentiële
vermindering
van
het
kredietrisicomatigende effect.
§ 5. La garantie doit être attestée
par écrit, elle ne doit pas pouvoir être
annulée par le garant tant que l’obligation
de crédit n’a pas été totalement honorée (à
concurrence du montant et de la teneur de
la garantie) et elle doit être exécutoire
envers le garant dans une juridiction où il
possède des actifs pouvant être saisis par
décision de justice. Sous réserve de
l’approbation de la CBFA, il peut être tenu
compte de garanties prévoyant des
conditions dans lesquelles le garant peut
ne pas être contraint de s’exécuter
(garanties
conditionnelles).
L’établissement démontre que ses critères
de répartition tiennent adéquatement
compte de toute réduction potentielle des
effets d’atténuation du risque de crédit.
Aanpassingscriteria
Critères d’ajustement
§ 6. De instellingen hanteren
duidelijk gespecificeerde criteria voor de
aanpassing van hun ratingklassen, -pools
of LGD-ramingen en, in geval van
risicoposities op retailcliënteel en
toelaatbare
gekochte
kortlopende
vorderingen, hun procedure voor het
onderbrengen van de risicoposities in
klassen of pools, teneinde rekening te
houden met de gevolgen van de garanties
voor de berekening van hun gewogen
risicovolumes. Deze criteria voldoen aan
de minimumvereisten die zijn vastgesteld
in de artikelen VI.74 tot VI.78.
§ 6. Les établissements disposent de
critères clairement déterminés pour ajuster
leurs échelons ou catégories de notation ou
leurs estimations de LGD, et, dans le cas
des expositions sur la clientèle de détail et
des créances achetées éligibles, leur
processus d’affectation des expositions par
échelon ou catégorie, en vue de tenir
compte de l’impact des garanties dans le
calcul des montants de leur volume
pondéré des risques. Ces critères sont
conformes aux exigences minimales
énoncées aux articles VI.74 à VI.78.
§ 7. Deze
criteria
zijn
aannemelijk en intuïtief. Ze hebben
betrekking op het vermogen en de
bereidheid van de garantiegever om zijn
verplichtingen ingevolge de garantie na te
komen, het vermoedelijke tijdschema van
eventuele
betalingen
door
de
garantiegever, de mate waarin het
vermogen van de garantiegever om zijn
§ 7. Ces critères sont plausibles
et intuitifs. Ils tiennent compte de la
capacité et de la volonté du garant
d’exécuter sa garantie, de la date probable
de tout paiement du garant, du degré de
corrélation entre la capacité du garant
d’exécuter sa garantie et la capacité de
remboursement du débiteur, ainsi que du
degré de risque résiduel envers le débiteur.
389
verplichtingen ingevolge de garantie na te
komen samenhangt met het vermogen van
de debiteur om terug te betalen, en de
mate waarin er enig restrisico ten aanzien
van de debiteur blijft bestaan.
Kredietderivaten
Dérivés de crédit
§ 8. De in dit deel gestelde
minimumvereisten voor garanties gelden
ook voor single-name kredietderivaten.
Ingeval er sprake is van een verschil
tussen de onderliggende verplichting en
de
referentieverplichting
van
het
kredietderivaat,
of
tussen
de
onderliggende
verplichting
en
de
verplichting waarnaar wordt gekeken om
uit te maken of er zich een
kredietgebeurtenis heeft voorgedaan, zijn
de vereisten van artikel V.38, § 2 van
toepassing. In het geval van risicoposities
op retailcliënteel en toelaatbare gekochte
kortlopende vorderingen is deze paragraaf
van toepassing op de procedure voor het
onderbrengen van risicoposities in klassen
of pools.
§ 8. Les exigences minimales
fixées dans la présente partie en matière de
garanties s’appliquent également aux
dérivés de crédit reposant sur une seule
signature. En cas d’asymétrie entre la
créance sous-jacente et la créance de
référence visée dans le contrat de dérivé de
crédit ou entre la créance sous-jacente et la
créance utilisée pour déterminer si un
événement de crédit s’est produit, les
exigences énoncées à l’article V.38, § 2,
sont applicables. Dans le cas des
expositions sur la clientèle de détail et des
créances achetées éligibles, le présent
paragraphe s'applique au processus
d’affectations des expositions par échelon
ou catégorie.
§ 9. De gebruikte criteria
hebben
betrekking
op
de
uitbetalingsstructuur
van
de
kredietderivaten en voorzien in een
voorzichtige inschatting van de gevolgen
daarvan voor de omvang en het
tijdschema van de inningen. De
instellingen houden ook rekening met de
mate waarin er andere vormen van
restrisico blijven bestaan.
§ 9. Les critères utilisés tiennent
compte de la structure de paiement des
dérivés de crédit et évaluent prudemment
l’impact que celle-ci a sur le niveau et le
calendrier des recouvrements. Les
établissements
prennent
aussi
en
considération la mesure dans laquelle
d’autres formes de risque résiduel
demeurent.
Afdeling III – Specifieke vereisten voor
de berekening van de gewogen
risicovolumes
volgens
de
internemodellenbenadering voor de
risicoposities op aandelen.
Section III – Exigences spécifiques pour
le calcul du volume pondéré des risques
selon la méthode fondée sur les modèles
internes pour les expositions sous forme
d’actions.
Art. VI.98
Art. VI.98
§ 1. De CBFA zal het gebruik
van de internemodellenbenadering voor
de risicoposities op aandelen als
beschreven in artikel VI.22 door een
instelling enkel toelaten indien is voldaan
§ 1. La CBFA n’autorisera un
établissement à utiliser, pour les
expositions sous forme d’actions, la
méthode fondée sur les modèles internes
visée à l’article VI.22, que si les exigences
390
aan de minimumvereisten als beschreven minimales décrites aux § 2 à 4 ci-dessous
in de onderstaande §§ 2 tot 4.
sont remplies.
§ 2. Eigenvermogensvereiste
en risicokwantificering
Bij
de
berekening
van
eigenvermogensvereisten voldoen
instellingen aan de volgende normen:
a)
§ 2. Exigences
en
fonds
propres et quantification du risque
de Aux fins du calcul de leurs exigences de
propres
réglementaires,
les
de fonds
établissements satisfont aux normes
suivantes :
de raming van het potentiële
verlies is bestand tegen ongunstige
marktontwikkelingen die relevant
zijn voor het risicoprofiel op lange
termijn van het
specifieke
aandelenbezit van de instelling. De
gegevens die zijn gebruikt om de
rendementsspreiding
weer
te
geven, hebben betrekking op de
langste
steekproefperiode
waarvoor gegevens beschikbaar
zijn die representatief zijn voor het
risicoprofiel van de specifieke
risicoposities op aandelen van de
instelling.
De
gehanteerde
gegevens zijn van dien aard dat zij
voorzichtige,
statistisch
betrouwbare
en
deugdelijke
verliesramingen opleveren die niet
op
louter
subjectieve
overwegingen gebaseerd zijn.
Instellingen tonen ten behoeve van
de CBFA naar behoren aan dat de
gesimuleerde
schok
een
voorzichtige raming van de
potentiële verliezen over een
relevante
marktof
conjunctuurcyclus
op
lange
termijn oplevert. De instelling
combineert empirische analyse
van beschikbare gegevens met op
diverse
factoren
gebaseerde
aanpassingen
om
voldoende
realistische
en
voorzichtige
modeloutputs te verkrijgen. Bij de
constructie van VaR-modellen
(VaR:
Value
at
Risk
–
risicowaarde) voor de raming van
potentiële
driemaandelijkse
a)
l’estimation de la perte potentielle
est suffisamment robuste pour
tenir compte des évolutions
négatives du marché affectant le
profil de risque à long terme des
différentes
participations
de
l’établissement.
Les
données
utilisées pour représenter les
distributions de revenus reflètent la
plus longue période-échantillon
pour laquelle il existe des données
pertinentes aux fins de la
représentation du profil des
expositions sous forme d’actions
de l’établissement. Ces données
sont suffisantes pour l’obtention
d’une estimation de pertes
prudente, statistiquement fiable et
solide, qui ne soit pas uniquement
fondée sur des considérations
subjectives ou un jugement
personnel. Les établissements
démontrent à la CBFA que le choc
utilisé fournit adéquatement une
estimation prudente des pertes
potentielles sur un cycle de marché
ou conjoncturel à long terme. Ils
associent, à une analyse empirique
des données disponibles, des
ajustements
fondés
sur
un
ensemble de facteurs, en vue
d’obtenir des résultats modélisés
suffisamment réalistes et prudents.
Lorsqu’ils mettent au point des
modèles de valeur en risque (value
at risk – VAR) visant à évaluer
leurs
pertes
trimestrielles
potentielles, les établissements
peuvent utiliser des données
391
trimestrielles ou convertir des
données à horizon plus court en
équivalents trimestriels par une
méthode analytique appropriée,
s’appuyant
sur
des
faits
empiriques et sur une procédure et
une analyse bien conçues et
documentées. Cette approche est
appliquée de manière prudente et
cohérente sur la durée. Lorsque
seul un volume limité de données
pertinentes est disponible, les
établissements ajoutent une marge
de prudence appropriée ;
verliezen kunnen instellingen
gebruik
maken
van
kwartaalgegevens of van gegevens
met een kortere tijdshorizon die in
kwartaalgegevens worden omgezet
met behulp van een analytisch
adequate methode die berust op
empirische gegevens en op een
goed
doordachte
en
gedocumenteerde redenering en
analyse. Bij een dergelijke
benadering wordt voorzichtig en
consistent in de tijd te werk
gegaan. Wanneer slechts beperkte
relevante gegevens beschikbaar
zijn, past de instelling adequate
voorzichtigheidsmarges toe;
b)
in de gehanteerde modellen wordt
op adequate wijze rekening
gehouden met alle risico’s van
betekenis
waaraan
het
aandelenrendement onderhevig is,
met inbegrip van zowel het
algemene marktrisico als het
specifieke
risico
van
de
aandelenportefeuille
van
de
instelling. De interne modellen
geven een adequate verklaring van
de historische koersvariatie, geven
zowel de omvang als de
wijzigingen in de samenstelling
van de potentiële concentraties
weer en zijn bestand tegen
ongunstige marktomstandigheden.
De populatie van de risicoposities
die vertegenwoordigd zijn in de
voor de raming gehanteerde
gegevens, sluit nauw aan bij of is
ten minste vergelijkbaar met die
van de risicoposities op aandelen
van de instelling;
b)
le modèle interne utilisé couvre
adéquatement tous les risques
significatifs
inhérents
aux
rendements sur actions, y compris
le risque général de marché et le
risque spécifique du portefeuille
d’actions
de
l’établissement
concerné. Le modèle interne
explique de façon adéquate les
variations historiques de cours, il
permet d’appréhender l’ampleur
des concentrations potentielles et
les
modifications
de
leur
composition et il est robuste par
rapport aux conditions de marché
défavorables. La population des
expositions représentées dans les
données servant aux estimations
est étroitement liée ou au moins
comparable aux expositions sous
forme
d’actions
de
l’établissement ;
c)
het intern model sluit aan bij het
risicoprofiel en de complexiteit
van de aandelenportefeuille van de
instelling. Wanneer een instelling
deelnemingen van betekenis bezit
met waarden die van zeer non-
c)
le modèle interne est adapté au
profil de risque et à la complexité
du portefeuille d’actions de
l’établissement.
Lorsqu’un
établissement
détient
des
participations significatives, avec
392
des valeurs par nature hautement
non linéaires, le modèle interne est
conçu de manière à bien
appréhender les risques liés à ces
instruments ;
lineaire aard zijn, worden de
interne
modellen
zodanig
opgesteld dat zij de aan dergelijke
instrumenten verbonden risico’s
op adequate wijze weergeven;
d)
de koppeling van afzonderlijke
risicoposities aan indicatoren,
marktindexen en risicofactoren is
aannemelijk,
intuïtief
en
conceptueel gezond;
d)
la mise en correspondance des
différentes expositions avec des
valeurs
approchées,
indices
boursiers et facteurs de risque est
plausible,
intuitive
et
conceptuellement rigoureuse ;
e)
instellingen tonen door middel van
empirische analyses aan dat de
risicofactoren adequaat zijn en
onder meer zowel het algemene
als het specifieke risico dekken;
e)
les établissements démontrent, par
des
analyses
empiriques,
l’adéquation des facteurs de risque
qu’ils retiennent, y compris leur
capacité à couvrir des risques tant
généraux que spécifiques ;
f)
in de ramingen van de volatiliteit
van het rendement van posities op
aandelen wordt rekening gehouden
met alle relevante en beschikbare
gegevens,
inlichtingen
en
methoden. Er wordt gebruik
gemaakt
van
aan
een
onafhankelijk
onderzoek
onderworpen interne gegevens of
van gegevens uit externe bronnen
(met inbegrip van datapools);
f)
les estimations de la volatilité du
rendement des placements en
actions tiennent compte de toutes
les données, informations et
méthodes pertinentes disponibles.
Sont utilisées aussi bien des
données internes revues par un
organisme indépendant que des
données provenant de sources
externes (y compris des données
centralisées);
g)
er is voorzien in een strikt en
uitgebreid
programma
van
stresstests.
g)
un programme de simulations de
crise rigoureux et complet est mis
en place.
§ 3. Risicobeheerproces
controlemaatregelen
en
Wat de ontwikkeling en het gebruik van
interne modellen voor de bepaling van het
eigenvermogensvereiste betreft, stellen de
instellingen gedragslijnen, procedures en
controlemaatregelen vast om de integriteit
van het model en het modelleringsproces
te waarborgen. Deze gedragslijnen,
procedures
en
controlemaatregelen
omvatten onder meer de volgende
§ 3. Gestion
contrôles y afférents
des
risques
et
Les
établissements
instaurent
des
politiques, procédures et contrôles visant à
garantir l’intégrité des modèles internes
qu’ils conçoivent et utilisent pour calculer
leurs exigences en fonds propres, ainsi que
l’intégrité du processus de modélisation.
Ces politiques, procédures et contrôles
prévoient notamment :
393
elementen:
a)
volledige integratie van het intern
model
in
de
algemene
managementinformatiesystemen
van de instelling en in het beheer
van de aandelenportefeuille die
geen deel uitmaakt van de
handelsportefeuille. De interne
modellen
zijn
volledig
geïntegreerd
in
de
risicomanagementinfrastructuur
indien zij met name worden
gebruikt voor: de meting en
beoordeling van het rendement
van de aandelenportefeuille (met
inbegrip van het voor risico’s
gecorrigeerde rendement), de
allocatie van economisch kapitaal
aan risicoposities op aandelen en
de evaluatie van de totale
kapitaaltoereikendheid en het
beleggingsbeheer;
a)
la pleine intégration du modèle
interne aux systèmes informatiques
de
gestion
globale
de
l’établissement, ainsi qu’à la
gestion du portefeuille d’actions ne
relevant pas du portefeuille de
négociation. Le modèle interne est
totalement
intégré
à
l’infrastructure de gestion des
risques dès lors qu’il est
notamment utilisé pour : mesurer
et évaluer la performance du
portefeuille d’actions (y compris la
performance ajustée aux risques),
allouer
des
fonds
propres
économiques aux expositions sous
forme d’actions et
évaluer
l’adéquation globale des fonds
propres ainsi que le processus de
gestion des investissements;
b)
beproefde managementsystemen,
procedures en controlefuncties die
een periodieke en onafhankelijke
analyse van alle onderdelen van
het interne modelleringsproces
waarborgen, met inbegrip van de
goedkeuring
van
modelherzieningen, de validatie
van modelinputs en de evaluatie
van modelresultaten, zoals directe
verificatie van risicoberekeningen.
In het kader van deze analyses
worden de juistheid, volledigheid
en adequaatheid van modelinputs
en -resultaten beoordeeld en gaat
de aandacht vooral uit naar,
enerzijds, het detecteren en
beperken van mogelijke fouten die
uit
bekende
gebreken
voortvloeien, en, anderzijds, het
opsporen van onbekende gebreken
van het model. Deze analyses
kunnen worden verricht door een
onafhankelijke eenheid of door
een onafhankelijke derde;
b)
des systèmes, procédures et
contrôles de gestion bien établis,
garantissant
la
révision
indépendante,
à
intervalles
réguliers, de tous les éléments du
processus de modélisation interne,
y compris l’approbation des
révisions du modèle, la vérification
de ses paramètres d’entrée et
l’analyse de ses résultats, sous la
forme, par exemple, d’un contrôle
direct des calculs de risque. Cette
révision
vise
à
évaluer
l’exactitude,
l’exhaustivité et
l’adéquation
des
paramètres
d’entrée et des résultats du modèle
et elle se concentre sur la détection
et la limitation des erreurs
potentielles liées aux carences
connues, ainsi que sur la recherche
des carences inconnues du modèle.
Ces
analyses
peuvent
être
conduites par une unité interne
indépendante ou par un tiers
indépendant;
394
c)
adequate systemen en procedures
voor de bewaking van de
beleggingsgrenzen en de risico’s
verbonden aan risicoposities op
aandelen;
c)
des systèmes et procédures adaptés
pour la surveillance des limites
d’investissement et des risques
liées aux expositions sous forme
d’actions;
d)
de voor het ontwerp en de
toepassing
van
het
model
verantwoordelijke eenheden zijn
functioneel onafhankelijk van de
voor het
beheer
van de
afzonderlijke
beleggingen
verantwoordelijke eenheden;
d)
des services chargés de la
conception et de la mise en œuvre
du modèle qui soient indépendants
de ceux à qui incombe la gestion
des différents investissements ; et
f) de voor enigerlei aspect van het
modelleringsproces
verantwoordelijke
partijen
beschikken
over
adequate
kwalificaties. Het bestuur wijst
voldoende
gekwalificeerd
en
competent personeel aan voor de
modelleringsfunctie.
e)
des responsables dûment qualifiés
pour chaque aspect du processus
de modélisation. La direction
alloue au service chargé de la
modélisation
un
personnel
suffisamment
compétent
et
qualifié.
§ 4. Validatie
documentatie
en
§ 4. Validation
documentation
et
Instellingen
beschikken
over
een
deugdelijk systeem om de juistheid en
consistentie van hun interne modellen en
modelleringsprocessen te valideren. Alle
wezenlijke onderdelen van de interne
modellen, het modelleringsproces en de
validatie zijn gedocumenteerd.
Les établissements mettent en place un
système robuste aux fins de valider, en
termes d’exactitude et de cohérence, leurs
modèles internes et leur processus de
modélisation.
Tous
les
éléments
significatifs de leurs modèles internes, de
leur processus de modélisation et de cette
validation sont consignés par écrit.
Instellingen maken gebruik van het
interne validatieproces om de werking van
hun interne modellen en processen op een
consequente en zinvolle wijze te
beoordelen.
Les établissements utilisent leur processus
de validation interne pour évaluer, de
manière cohérente et significative, la
performance de leurs modèles et
procédures internes.
De voor de kwantitatieve validatie
gehanteerde methoden en gegevens zijn
consistent in de tijd. Wijzigingen in de
raming- en validatiemethoden en in de
gegevens (zowel gegevensbronnen als
bestreken
periodes)
worden
gedocumenteerd.
Les méthodes et données utilisées aux fins
de la validation quantitative sont
cohérentes dans la durée. Toute
modification des méthodes et données
(aussi bien les sources de données que les
périodes couvertes) utilisées pour les
estimations et la validation est expliquée
par écrit.
395
Instellingen vergelijken de feitelijke
rendementen op aandelen (berekend van
de hand van gerealiseerde en nietgerealiseerde winsten en verliezen)
regelmatig met de modelramingen. Bij die
vergelijkingen wordt gebruik gemaakt van
historische gegevens die een zo lang
mogelijke
periode
bestrijken.
De
instelling documenteert de bij deze
vergelijkingen gehanteerde methoden en
gegevens. Dit onderzoek en deze
documentatie worden tenminste eenmaal
per jaar geactualiseerd.
Les
établissements
comparent
régulièrement le rendement effectif de
leurs investissements en actions (calculé
sur la base des gains et pertes réalisés et
non réalisés) à leurs estimations
modélisées. Ces comparaisons s’appuient
sur des données historiques couvrant une
aussi longue période que possible. Les
établissements consignent par écrit les
méthodes et données utilisées aux fins de
ces comparaisons. Leurs analyses et la
documentation y afférente sont actualisées
au moins une fois par an.
Instellingen maken tevens gebruik van
andere
kwantitatieve
validatieinstrumenten en van vergelijkingen met
relevante externe gegevensbronnen. Bij
het onderzoek wordt uitgegaan van
gegevens die passend zijn voor de
portefeuille,
geregeld
worden
geactualiseerd, en betrekking hebben op
een relevante waarnemingsperiode. Bij de
interne
beoordelingen
van
hun
ratingsystemen gaan de instellingen uit
van een zo lang mogelijke periode.
Les établissements recourent également à
d’autres instruments de
validation
quantitative et à des comparaisons avec
des sources de données externes. Leur
analyse est fondée sur des données qui
sont adaptées au portefeuille considéré, qui
sont actualisées régulièrement et qui
couvrent une période d’observation
adéquate. Leurs estimations internes de la
performance de leurs modèles reposent sur
une aussi longue période que possible.
Instellingen hebben deugdelijke interne
normen vastgesteld voor de gevallen
waarin de vergelijking van de feitelijke
rendementen op aandelen met de
modelramingen twijfel doet ontstaan
omtrent de juistheid van de ramingen of
van de modellen. In deze normen wordt er
rekening gehouden met conjunctuurcycli
en met een soortgelijke systematische
variabiliteit van de rendementen op
aandelen. Alle aanpassingen die naar
aanleiding van de onderzoeken aan de
interne modellen worden aangebracht,
worden gedocumenteerd en zijn in
overeenstemming met de normen voor de
evaluatie van modellen.
Les établissements de crédit disposent de
normes internes saines pour les cas dans
lesquels la comparaison entre le rendement
effectif de leurs investissements en actions
et leurs estimations modélisées met en
cause la validité de ces estimations, voire
du modèle. Ces normes tiennent compte
des cycles conjoncturels et de toute
variabilité systématique similaire du
rendement des investissements en actions.
Tout ajustement apporté à un modèle
interne à la suite de sa révision est
consigné par écrit et doit être conforme
aux normes de l’établissement concerné
en matière de révision de modèle.
Het
intern
model
en
het
modelleringproces worden schriftelijk
vastgelegd, met inbegrip van de
verantwoordelijkheden van de bij de
modellering betrokken partijen, de
goedkeuring van het model en de
Les modèles internes et le processus de
modélisation font l’objet de documents
explicatifs pertinents, qui précisent
notamment la responsabilité des parties
impliquées dans la modélisation, ainsi que
les processus d’approbation et de révision
396
procedures voor de evaluatie van het des modèles.
model.
Afdeling
IV
–
Specifieke
minimumvereisten voor de berekening
van de risicoweging volgens de
methoden bepaald voor de gekochte
kortlopende vorderingen.
Section IV – Exigences minimales
spécifiques pour le calcul de la
pondération des risques selon les
méthodes définies pour les expositions
sous forme de créances achetées.
Art. VI.99
Art. VI.99
Voor de bepaling van de risicoweging bij
de toepassing van de methodes
gedefinieerd voor de risicoposities in de
vorm
van
gekochte
kortlopende
vorderingen, dienen de volgende vereisten
voldaan te zijn:
Pour la détermination de la pondération
des risques par application des méthodes
définies pour les expositions sous forme de
créances achetées, les exigences suivantes
doivent être respectées:
1°. Sécurité juridique
1° Rechtszekerheid
De structuur van de faciliteit
waarborgt dat de instelling onder alle
voorzienbare
omstandigheden
de
effectieve eigendom van en de
beschikkingsmacht over alle overdrachten
van contanten ingevolge de kortlopende
vorderingen heeft. Wanneer de betalingen
van de debiteur rechtstreeks aan een
verkoper of beheerder geschieden,
verifieert de instelling regelmatig of deze
betalingen volledig en met inachtneming
van
de
contractuele
afspraken
plaatsvinden. Onder beheerder wordt een
entiteit verstaan die het dagelijkse beheer
verzorgt van een pool van gekochte
kortlopende
vorderingen
of
de
onderliggende
kredietvorderingen.
Instellingen beschikken over procedures
om te waarborgen dat de eigendom van de
kortlopende
vorderingen
en
kasontvangsten beschermd is tegen
concordataire uitstellen of juridische
verzetsprocedures die de leninggever
lange tijd kunnen beletten om de
kortlopende vorderingen te liquideren of
over te dragen, dan wel om de
beschikkingsmacht
over
de
kasontvangsten te verkrijgen.
2°
Doeltreffendheid
van
La structure de la facilité garantit
qu’en toute circonstance prévisible,
l’établissement a la propriété et le contrôle
effectifs de tout versement en espèces
effectué au titre des créances à recouvrer.
En cas de paiements directs du débiteur à
un vendeur ou un organe de gestion,
l’établissement vérifie régulièrement que
ces paiements sont effectués dans leur
totalité et conformément aux conditions
contractuelles. Par « organe de gestion »,
on entend une entité gérant, sur une base
journalière, un panier de créances achetées
ou
les
crédits
sous-jacents.
L’établissement dispose de procédures
visant à garantir que la propriété des
créances achetées et des rentrées de
trésorerie est protégée contre des mesures
telles qu’un sursis concordataire ou un
recours
juridictionnel,
susceptibles
d’entraver fortement la capacité du prêteur
à liquider ou à céder ses créances ou à
conserver le contrôle des rentrées de
trésorerie.
2°. Efficacité des systèmes de
397
bewakingssystemen
contrôle
L’établissement contrôle tant la
De instelling bewaakt zowel de
kwaliteit van de gekochte kortlopende qualité des créances achetées que la
vorderingen als de financiële positie van situation financière du vendeur et de
l’organe de gestion. En particulier :
de verkoper en beheerder. Met name:
a) beoordeelt de instelling de
correlatie tussen de kwaliteit
van de gekochte kortlopende
vorderingen en de financiële
positie van zowel de verkoper
als de beheerder en beschikt zij
over interne gedragslijnen en
procedures
die
voldoende
bescherming
bieden
tegen
onvoorziene omstandigheden,
waarbij onder meer ook een
interne rating aan elke verkoper
en beheerder wordt toegekend;
a) l’établissement
évalue
la
corrélation existant entre la
qualité des créances achetées et la
situation financière aussi bien du
vendeur que de l’organe de
gestion et il met en place des
politiques et procédures internes
offrant des garanties adéquates
contre d’éventuels aléas de cette
nature,
notamment
via
l’attribution
d’une
notation
interne du risque à chaque
vendeur et organe de gestion ;
b) bestaan er in de instelling
duidelijke
en
effectieve
gedragslijnen en procedures om
uit te maken of een verkoper of
een beheerder toelaatbaar is. De
instelling of haar lasthebber
onderwerpen verkopers en
beheerders
aan
periodieke
evaluaties om de juistheid van
hun verslagen na te gaan, fraude
of operationele tekortkomingen
op te sporen, en de kwaliteit van
het kredietbeleid van de
verkoper
en
van
het
inningsbeleid
en
de
inningsprocedures
van
de
beheerder te verifiëren. De
bevindingen van deze evaluaties
worden op schrift gesteld;
b) l’établissement
dispose
de
politiques et procédures claires et
efficaces
pour
déterminer
l’éligibilité du vendeur et de
l’organe de gestion. Lui-même ou
son mandataire soumet chaque
vendeur ou organe de gestion à
une évaluation périodique visant à
vérifier l’exactitude de leurs
rapports,
de
détecter
les
éventuelles fraudes ou faiblesses
opérationnelles et de contrôler la
qualité des politiques de crédit du
vendeur et celle des politiques et
procédures de collecte de l’organe
de gestion. Les conclusions de ces
examens sont consignées par
écrit ;
c) beoordeelt de instelling de
kenmerken van de pools van
gekochte
kortlopende
vorderingen, met inbegrip van
te veel betaalde voorschotten,
de precedenten van de verkoper
op het gebied van achterstallige
betalingen,
dubieuze
vorderingen en voorzieningen
c) l’établissement
évalue
les
caractéristiques des paniers de
créances achetées, y compris les
excédents d’avances, l’historique
des arriérés, créances douteuses et
provisions
pour
créances
douteuses du vendeur, les
conditions de paiement et les
éventuels
comptes
de
contrepartie ;
398
voor dubieuze vorderingen,
betalingsvoorwaarden
en
potentiële tegenrekeningen;
d) bestaan er in de instelling
effectieve gedragslijnen en
procedures voor de bewaking
van
concentraties
op
geaggregeerde
basis
op
eenzelfde
debiteur,
zowel
binnen pools van gekochte
kortlopende vorderingen als
voor alle pools van gekochte
kortlopende vorderingen samen;
d) l’établissement
dispose
de
politiques et de procédures
efficaces pour contrôler, sur une
base agrégée, les concentrations
de risques sur un seul débiteur,
tant au sein d’un panier donné de
créances
achetées
qu’entre
paniers;
e) ziet de instelling erop toe dat zij
van
de
beheerder
tijdig
voldoende
gedetailleerde
verslagen ontvangt over de
saldo-analyse en de verwatering
van kortlopende vorderingen
om de inachtneming van haar
toelatingscriteria
en
voorschotbeleid met betrekking
tot
gekochte
kortlopende
vorderingen
te
kunnen
waarborgen, en voorziet zij
tevens in een doeltreffend
instrument voor de bewaking en
bevestiging
van
de
verkoopsvoorwaarden van de
verkoper en de verwatering.
e) l’établissement veille à recevoir,
en temps opportun, des rapports
suffisamment
détaillés
de
l’organe de gestion concernant le
vieillissement et la dilution des
créances afin de pouvoir, d’une
part, assurer le respect de ses
critères d’éligibilité et politiques
d’octroi d’avances pour les
créances achetées et, d’autre part,
être effectivement à même de
contrôler et confirmer les
conditions de vente du vendeur et
la dilution.
van
3°. Efficacité des systèmes de
résolution de problèmes
De instelling beschikt over
systemen
en
procedures
om
verslechteringen in de financiële positie
van de verkoper en in de kwaliteit van de
gekochte kortlopende vorderingen in een
vroeg stadium te detecteren, alsook om
zich aandienende problemen pro-actief
aan te pakken. In de instelling bestaan met
name
duidelijke
en
effectieve
gedragslijnen,
procedures
en
informatiesystemen om inbreuken op
overeenkomsten vast te stellen, en tevens
duidelijke en effectieve gedragslijnen en
procedures om juridische stappen te
L’établissement
dispose
de
systèmes et procédures pour détecter à un
stade précoce toute détérioration de la
situation financière du vendeur et de la
qualité des créances achetées et pour
traiter les problèmes naissants de façon
proactive. En particulier, l’établissement
dispose de politiques, procédures et
systèmes informatiques clairs et efficaces
pour détecter toute violation de contrat,
ainsi que de politiques et procédures
claires et efficaces pour ester en justice et
gérer adéquatement les créances achetées
qui posent un problème.
3°
Doeltreffendheid
probleemoplossende systemen
399
ondernemen en om te gaan met gekochte
kortlopende vorderingen die problemen
opleveren.
4°. Efficacité des systèmes de
4°
Doeltreffendheid
van
systemen voor de controle van contrôle des sûretés, de l’accès au crédit
zekerheden, de beschikbaarheid van et de la trésorerie
krediet en contanten
De instelling volgt duidelijke en
effectieve gedragslijnen en procedures
voor de controle van gekochte
kortlopende vorderingen, krediet en
contanten. Met name worden in
schriftelijk
vastgelegde
interne
gedragslijnen alle wezenlijke onderdelen
van het programma voor de aankoop van
kortlopende vorderingen gespecificeerd,
met inbegrip van voorschotpercentages,
toelaatbare
zekerheden,
benodigde
documentatie, concentratiegrenzen, en de
wijze waarop kasontvangsten moeten
worden behandeld. Daarbij wordt op
passende wijze rekening gehouden met
alle relevante en belangrijke factoren, met
inbegrip van de financiële positie van de
verkoper
en
de
beheerder,
risicoconcentraties en de tendens van de
kwaliteit van de gekochte kortlopende
vorderingen en het klantenbestand van de
verkoper. Aan de hand van interne
systemen wordt gewaarborgd dat de
fondsen slechts tegen de gespecificeerde
zekerheden en bewijsstukken worden
verstrekt.
L’établissement
dispose
de
politiques et procédures claires et efficaces
pour contrôler les créances achetées, le
crédit et la trésorerie. En particulier, des
politiques internes consignées par écrit
précisent tous les éléments significatifs du
programme d’acquisition des créances,
notamment les taux d’avances, les sûretés
éligibles, les documents nécessaires, les
limites de concentration et le traitement à
réserver aux rentrées de trésorerie. Ces
éléments tiennent dûment compte de tous
les facteurs pertinents d’importance
significative, dont la situation financière
du vendeur et de l’organe de gestion, les
concentrations de risque et l’évolution de
la qualité des créances achetées et de la
clientèle du vendeur. Des systèmes
internes garantissent que les fonds ne sont
avancés que moyennant les sûretés et
documents correspondants spécifiés.
5° Inachtneming van de interne
gedragslijnen en procedures van de
instelling
5°. Respect des politiques et
procédures internes de l’établissement
de crédit
De instelling beschikt over een
effectieve interne procedure voor de
toetsing van de inachtneming van alle
interne gedragslijnen en procedures. De
procedure omvat geregelde audits van alle
kritieke fases van het programma van de
instelling voor de aankoop van
kortlopende vorderingen, verificatie van
de scheiding van taken, enerzijds, tussen
de beoordeling van de verkoper en
beheerder en de beoordeling van de
L’établissement met en place un
processus interne efficace pour contrôler le
respect de toutes ses politiques et
procédures internes. Ce processus prévoit
notamment un audit régulier de toutes les
phases critiques de son programme
d’acquisition de créances, la vérification
de la séparation des tâches entre, d’une
part, l’évaluation du vendeur et de
l’organe de gestion et l’évaluation du
débiteur et, d’autre part, l’évaluation et
400
debiteur en, anderzijds, tussen de
beoordeling van de verkoper en beheerder
en de audit ter plaatse van de verkoper en
beheerder, alsook toetsing van de
transactieverwerking, met bijzondere
nadruk op de kwalificaties, de ervaring,
het
personeelsbestand
en
de
ondersteunende automatiseringssystemen.
l’audit sur le terrain du vendeur et de
l’organe de gestion, ainsi qu’un évaluation
des opérations de post-marché, mettant
plus particulièrement l’accent sur les
qualifications,
et
l’expérience
du
personnel, le niveau des effectifs et les
systèmes bureautiques utilisés.
401
TITEL VII: EFFECTISERING
TITRE VII : TITRISATION
Hoofdstuk 1 : Algemene beginselen
Chapitre 1 : Principes généraux
Art. VII.1
Art. VII.1
Als
een
instelling
de
standaardbenadering van titel V hanteert
voor de berekening van de eigenvermogensvereisten
voor
het
kredietrisico in de risicopositiecategorie
waarin de geëffectiseerde risico’s zouden
zijn ondergebracht op basis van
artikel V.15, berekent zij het gewogen
risicovolume
voor
een
effectiseringspositie
buiten
handelsportefeuille op basis van
hoofdstuk 4, afdeling II, van deze titel.
Lorsqu’un établissement utilise
l’approche standard décrite au titre V pour
calculer les exigences en fonds propres
pour risque de crédit dans la catégorie
d’expositions où les risques titrisés
seraient classés en vertu de l’article V.15,
il calcule le volume pondéré des risques
de toute position de titrisation, hors
portefeuille de négociation conformément
à la section II du chapitre 4 du présent
titre.
In alle overige gevallen
berekent zij dat gewogen risicovolume
voor de effectiseringsposities buiten
handelsportefeuille op basis van
hoofdstuk 4, afdeling III, van deze titel.
Dans tous les autres cas, il calcule
ce volume pondéré des risques relatif aux
positions de titrisation hors portefeuille de
négociation conformément à la section III
du chapitre 4 du présent titre.
Art. VII.2
§ 1. Als een aanzienlijk deel
van het
aan de geëffectiseerde
risicoposities verbonden kredietrisico
door
de
initiërende
instelling
overeenkomstig de bepalingen van
hoofdstuk 2 van deze titel is overgedragen, mag die instelling :
Art. VII.2
§ 1. Lorsqu’un risque de crédit
important associé à des expositions
titrisées a été transféré par l’établissement
initiateur conformément aux dispositions
du chapitre 2 du présent titre, cet
établissement peut
a)
in geval van een traditionele
effectisering, de door haar
geëffectiseerde
risicoposities
buiten de berekening van het
gewogen risicovolume en indien van toepassing - van de
verwachte verliezen laten; en
a) dans le cas d’une titrisation
classique, exclure du calcul du
volume pondéré des risques et, le
cas échéant, des montants des
pertes anticipées, les expositions
qu’il a titrisées ; et
b)
in geval van een synthetische
effectisering,
het
gewogen
risicovolume en - indien van
b) dans le cas d’une titrisation
synthétique,
calculer,
conformément au chapitre 2, les
402
toepassing - de verwachte
verliezen voor de geëffectiseerde
risicoposities overeenkomstig de
bepalingen van hoofdstuk 2
berekenen.
montants du volume pondéré des
risques et, le cas échéant, des
pertes anticipées, relatifs aux
expositions titrisées.
De instellingen lichten de CBFA in over Les établissements informent la CBFA de
hun effectiseringen w